CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

E. Was-wordt Afstemmingverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2022

Gemeenteraadsvergadering 27 september 2022, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 20221.393 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage E: Was-wordt Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2022 Nieuw

Oud

Artikel 1

Artikel 1

1.

1.

In deze verordening wordt verstaan onder: a. bijstandsnorm: 1° van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de PW, of

Artikel 2

In deze verordening wordt verstaan onder: a. bijstandsnorm: 1° toepasselijke bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de PW, of

Artikel 2

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 3

Artikel 4

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 4

Artikel 5

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 5

Artikel 3

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 6

Artikel 6

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 7

Artikel 7

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 8

Artikel 8

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 9

Artikel 9

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 10

Artikel 10

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 11

Artikel 11

Als een belanghebbende een verplichting als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet niet of onvoldoende nakomt, bedraagt de verlaging 100 % van de bijstandsnorm gedurende één maand

1.

Het niet of onvoldoende nakomen van verplichtingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de PW, wordt onderscheiden in de volgende categorieën: a. eerste categorie: 1° het niet uitvoering geven aan de door het dagelijks bestuur opgelegde verplichting om ingeschreven te staan bij een uitzendbureau; 2° het niet naar vermogen verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid in een andere dan de gemeente van inwoning, alvorens naar die andere gemeente te verhuizen; 3° het niet bereid zijn om te reizen over een afstand met een totale reisduur van 3 uur per dag, indien dat noodzakelijk is voor het naar vermogen verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid; 4° het niet bereid zijn om te verhuizen, indien het dagelijks bestuur is gebleken dat er geen andere mogelijkheid is voor het naar vermogen verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, en een belanghebbende een arbeidsovereenkomst met een duur van tenminste 1 jaar en een netto beloning die tenminste gelijk is aan de voor de belanghebbende geldende bijstandsnorm, kan aangaan; 5° het naar vermogen verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid belemmeren door kleding, gebrek aan persoonlijke verzorging of gedrag; 6° het niet gebruik maken van door het dagelijks bestuur aangeboden voorzieningen, waaronder begrepen sociale activering, gericht op

2.

arbeidsinschakeling en het niet meewerken aan onderzoek naar zijn of haar mogelijkheden tot arbeidsinschakeling. b. tweede categorie: 1° het niet aanvaarden of behouden van algemeen geaccepteerde arbeid; 2° het niet bereid zijn om te reizen over een afstand met een totale reisduur van 3 uur per dag, indien dat noodzakelijk is voor het aanvaarden of het behouden van algemeen geaccepteerde arbeid; 3° het niet bereid zijn om te verhuizen, indien het dagelijks bestuur is gebleken dat er geen andere mogelijkheid is voor het aanvaarden of het behouden van algemeen geaccepteerde arbeid, en een belanghebbende een arbeidsovereenkomst met een duur van tenminste 1 jaar en een netto beloning die tenminste gelijk is aan de voor de belanghebbende geldende bijstandsnorm, kan aangaan; 4° het niet verkrijgen en behouden van kennis en vaardigheden, noodzakelijk voor het naar vermogen verkrijgen, het aanvaarden of het behouden van algemeen geaccepteerde arbeid. 5° het aanvaarden of het behouden van algemeen geaccepteerde arbeid belemmeren door kleding, gebrek aan persoonlijke verzorging of gedrag; De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in het eerste lid wordt vastgesteld op: a. 100 % van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie; b. 100 % van de bijstandsnorm gedurende twee maanden bij gedragingen van de tweede categorie.

Artikel 12

Artikel 12

1.

1.

Het bedrag van de verlaging, bedoeld in artikel 11, wordt toegepast over de maand van oplegging van de maatregel en de volgende één of twee maanden als bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. a. Bij een verlaging als bedoeld in artikel 11 kan de verlaging worden toegepast over twee maanden als de bijzondere omstandigheden ertoe leiden dat de maatregel niet in één maand kan worden gedragen, waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de daaropvolgende maand de helft van de verlaging wordt toebedeeld. b. Bij een verlaging als bedoeld in artikel 11 kan de verlaging worden toegepast over drie maanden, als de bijzondere omstandigheden ertoe leiden dat de maatregel niet in twee maanden kan worden gedragen, waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de

2.

3.

Het bedrag van de verlaging, bedoeld in artikel 11, wordt toegepast over de maand van oplegging van de maatregel en de volgende twee maanden als bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. Bij een verlaging als bedoeld in artikel 11, tweede lid onder a, kan de verlaging worden toegepast over twee maanden waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de daaropvolgende maand de helft van de verlaging wordt toebedeeld. Bij een verlaging als bedoeld in artikel 11, tweede lid onder b, kan de verlaging worden toegepast over drie maanden waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de twee daaropvolgende maanden een derde van de verlaging wordt toebedeeld.

twee daaropvolgende maanden een derde van de verlaging wordt toebedeeld. Artikel 13

4.

Als sprake is van een verlaging op grond van artikel 18, vierde lid, onderdeel a, van de PW, vindt geen verrekening als bedoeld in het eerste lid plaats.

Artikel 13

Geen tekstuele wijzigingen Artikel 14 1.

2.

Geen artikel

Indien een belanghebbende, na te zijn geïnformeerd over het belang, de verplichting en de consequenties die samenhangen met de ontzorging, niet of onvoldoende medewerking verleent die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van de wet als bedoeld in artikel 56a Pw, dan wordt de verlaging vastgesteld op 15 % van de bijstandsnorm gedurende één maand. Van het niet of onvoldoende medewerken als bedoeld in het eerste lid is in elk geval sprake indien: a. belanghebbende geen machtiging ondertekent tot het inhouden van de vaste lasten zoals benoemd in artikel 56a Pw. b. belanghebbende anderszins weigert mee te werken of informatie te verstrekken, waardoor het ontzorgen wordt bemoeilijkt danwel onmogelijk wordt gemaakt.

Artikel 15

Artikel 14

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 16

Artikel 15

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 17

Artikel 16

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 18 Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen

Artikel 17

Artikel 19

Artikel 18

1.

1.

2.

Als een belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarmee een verlaging is toegepast vanwege een gedraging als bedoeld in de artikelen 8, 9, 14, 15 eerste lid, 16 of 17 opnieuw schuldig maakt aan eenzelfde verwijtbare gedraging, wordt telkens de duur van de oorspronkelijke verlaging verdubbeld. Als een belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarmee een verlaging is toegepast vanwege het schenden van een verplichting als bedoeld in artikel 11 van deze verordening, opnieuw schuldig maakt aan het schenden van een verplichting als bedoeld in artikel 11 (verwijzend naar artikel 18, vierde lid, van de PW), bedraagt de verlaging 100 % van de bijstandsnorm gedurende twee maanden

Artikel 20

2.

Als een belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarmee een verlaging is toegepast vanwege een gedraging als bedoeld in de artikelen 8, 9, 14, eerste lid,15 of 16 opnieuw schuldig maakt aan eenzelfde verwijtbare gedraging, wordt telkens de duur van de oorspronkelijke verlaging verdubbeld. Als een belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarmee een verlaging is toegepast vanwege een gedraging als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de PW, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de PW, bedraagt de verlaging: 100 % van de bijstandsnorm gedurende twee maanden voor gedragingen bedoeld in artikel 11aanhef en sub a. 100 % van de bijstandsnorm gedurende drie maanden voor gedragingen als bedoeld in artikel11 aanhef en sub b.

Artikel 19

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 21

Artikel 20

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 22

Artikel 21

Vernummering: Geen tekstuele wijzigingen Artikel 23

Artikel 22

De Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2019 wordt ingetrokken per datum van inwerkingtreding van de Afstemmingsverordening PW, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2022.

De Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2017 wordt ingetrokken per datum van inwerkingtreding van de Afstemmingsverordening PW, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek2019.

Artikel 24

Artikel 23

1. 2.

1.

Deze verordening treedt in werking op de dag volgend op publicatie. Deze verordening wordt aangehaald als: Afstemmingsverordening PW, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2022.

Deze verordening treedt in werking op de dag volgend op publicatie.

2.

Deze verordening wordt aangehaald als: Afstemmingsverordening PW, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2019.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=b7195ec7-db3d-462e-bec4-4cbfa60d387b