CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Verkennend bodemonderzoek zuidelijk deel

Gemeenteraadsvergadering 25 januari 2022, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplan Het Zilt, De Zilk18.364 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk

projectnummer 413311 definitief 15 mei 2017

Inhoudsopgave

Blz.

1

Inleiding

1

2

Vooronderzoek

2

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6

Algemeen Terreinbeschrijving Voormalig- en huidig gebruik Toekomstig gebruik Bodemopbouw en geohydrologie Conclusie vooronderzoek en hypothese

2 2 2 3 3 4

3

Verrichte werkzaamheden

5

3.1 3.2

Veldwerkzaamheden Laboratoriumonderzoek

5 5

4

Onderzoeksresultaten

7

4.1 4.2 4.2.1 4.3 4.3.1

Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen Analyseresultaten Toetsingskader Grond Grondwater

7 7 7 8 9

5

Conclusies

10

5.1 5.2

Toetsing hypothese Aanbevelingen

10 10

Bijlage 1 Toelichting op bodemonderzoek Bijlage 2 Profielbeschrijvingen en veldwaarnemingen Bijlage 3 Toetsing grondmonsters aan Wet bodembescherming Bijlage 4 Toetsing grondwatermonsters aan Wet bodembescherming Bijlage 5 Normen grond Wet bodembescherming Bijlage 6 Normen grondwater Wet bodembescherming Bijlage 7 Toetsing grondmonsters aan Besluit bodemkwaliteit

Bijlage 8 Normen Besluit bodemkwaliteit Bijlage 9 Analysecertificaten grond Bijlage 10 Analysecertificaten grondwater Bijlage 11 Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000 Bijlage 12 Tekening

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

1

Inleiding In opdracht van de gemeente Noordwijkerhout is door Antea Group in 29 maart 2017 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter hoogte de Zilkerduinweg te De Zilk. Aanleiding De aanleiding van het onderzoek is de voorgenomen aankoop van de locatie door de gemeente Noordwijkerhout. Doel Het doel van het verkennend onderzoek is het vastleggen van de kwaliteit van de bodem in het kader van de mogelijke aankoop. Hiermee kunnen toekomstige gebruiksmogelijkheden worden bepaald. Situatie De onderzoekslocatie is gelegen aan de Zilkderduinweg te De Zilk (gemeente Noordwijkerhout). De gemeente is voornemens om het de onderzochte percelen te kopen van de provincie ZuidHolland en deze te ontwikkelen tot woonlocaties.

Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het bodemonderzoek is gebaseerd op de richtlijnen uit de NEN 5740 (Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek). Met betrekking tot de kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek wordt verwezen naar bijlage 1. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden en worden de resultaten van het onderzoek beschreven.

Blad 1 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

2

Vooronderzoek

2.1

Algemeen Bij toepassing van de NEN 5740 moet een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/ afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725 (Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek). Aangezien er in 2014 nog bodemonderzoek heeft plaatsgevonden, waarbij ook een vooronderzoek is uitgevoerd, is bij de gemeente nagegaan in hoeverre er sindsdien bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden. Er is informatie verzameld over de volgende aspecten van de locatie: - voormalig gebruik - huidig gebruik - toekomstig gebruik - bodemopbouw en geohydrologie Voor het vaststellen van het voormalige en huidige gebruik van de locatie is informatie verkregen van de opdrachtgever. De volgende bronnen zijn gehanteerd: • www.topotijdreis.nl; • www.bodemloket.nl • Globespotter; • Grondwaterkaart van Nederland (DGV-TNO); • Door opdrachtgever aangeleverde informatie.

2.2

Terreinbeschrijving De onderzoekslocatie betreft een groenstrook gelegen op het talud van de N206. Deze is gelegen aan de Zilkerduinweg. Het terrein heeft een oppervlakte van ca. 2.100 m² en is onbebouwd.

2.3

Voormalig- en huidig gebruik Voor het vaststellen van het voormalige gebruik is de rapportage van het onderzoek uit 2014 geraadpleegd. Dit onderzoek was uitgevoerde op het naastgelegen perceel. Daarnaast is informatie ingewonnen bij de gemeente Noordwijkerhout en is gebruik gemaakt van de informatie van de website www.topotijdreis.nl. Uit de informatie blijkt dat de onderzoekslocatie voor zover bekend sinds het einde van de jaren ’80 in gebruik is als groenstrook naast de provinciale weg. Daarvoor maakte de locatie deel uit van het duingebied dat zich uitstrekte vanaf De Zilk tot aan de kust. De locatie is in het verleden

Blad 2 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

niet bebouwd geweest. Er hebben geen bodembedreigende activiteiten op de locatie plaats gevonden. Bodemonderzoeken In de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn eerder bodemonderzoeken uitgevoerd: Verkennend. bodem- en asfaltonderzoek Zilkerduinweg 105 te De Zilk, IDDS, 1002B886, 8 april 2010 Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van een voorgenomen eigendomsoverdracht. Deze locatie ligt ten (noord-)oosten van de huidige onderzoekslocatie. Tijdens het onderzoek zijn in enkele boringen zintuiglijk sporen tot maximaal matige bijmengingen aan slakken, baksteen en/of puin aangetroffen. In de bovengrond zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan lood en PAK. De ondergrond, waarin bodemvreemde bijmengingen zijn aangetroffen, bevat licht verhoogde gehalten aan lood, PAK en minerale olie. In de zintuiglijk schone ondergrond is verder geen overschrijding van de achtergrondwaarde gemeten voor de geanalyseerde parameters. Ter plaatse van de zoutopslag is geen cyanide gemeten. In het grondwater zijn verder geen verhoogde concentraties gemeten. In het onderzoek wordt verder geconcludeerd dat het asfalt ter plaatse niet teerhoudend is. Onder de asfaltverharding is geen puinhoudende funderingslaag aangetroffen. Verkennend- en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring De Egelantier en sportpark te De Zilk, Antea Group, projectnr.

264392.02, 27 juni 2014 De aanleiding tot het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen verkoop van de terreinen. Uit het verkennend bodemonderzoek zijn enkele aandachtspunten naar voren gekomen die nader onderzoek behoeven. Tijdens het onderzoek is een ophooglaag aangetroffen met matige tot uiterste bijmengingen met kolengruis en slakken. Hierin zijn sterk verhoogde gehalten aan PAK en nikkel gemeten. In het grondwater is een sterk verhoogde concentratie aan kwik gemeten. Verder zijn er over het algemeen licht tot matig verhoogde concentraties aangetroffen. Tankarchief De onderzoekslocatie komt niet voor in het tankarchief. De directe omgeving komt eveneens niet voor in het tankarchief. Bodemkwaliteitskaart (Bbk) Uit de bodemkwaliteitskaart van de Omgevingsdienst IJmond blijkt dat de onderzoekslocatie valt binnen de zone AW2000 (achtergrondwaarde). Volgens de bodemfunctiekaart voldoet de bodem ter plaatse aan de functie Wonen.

2.4

Toekomstig gebruik In de toekomst zal het terrein mogelijk geschikt worden gemaakt voor woningbouw.

Blad 3 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

2.5

Bodemopbouw en geohydrologie Voor de plaatselijke bodemopbouw wordt verwezen naar paragraaf 4.1. Ten aanzien van de bodemopbouw en geohydrologie kan het volgende worden vermeld: - freatische grondwaterstand: 2,5 á 3,0 m -mv. - regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: zuidoostelijk - voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: nee - voorkomen van brak/zout grondwater: nee - ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee De gegevens over de geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland (DGVTNO) en de actuele kaarten met grondwaterbeschermingsgebieden.

2.6

Conclusie vooronderzoek en hypothese Op basis van de gegevens uit het vooronderzoek luidt de onderzoekshypothese dat de bodem op de onderzoekslocatie mogelijk verontreinigd is met PAK en/of zware metalen. De strategie die is gehanteerd VED-HE-NL (Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming). Op basis van het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat de locatie als onverdacht ten aanzien van asbest wordt aangemerkt omdat er geen aanwijzingen zijn voor bodembelastende activiteiten waarbij asbest op of in de bodem terecht is gekomen.

Blad 4 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

3

Verrichte werkzaamheden

3.1

Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd in maart en april 2017. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL 2000 en de onderliggende protocollen 2001 en 2002. In bijlage 11 is aangegeven welke veldmedewerkers de werkzaamheden hebben uitgevoerd. De verrichte werkzaamheden staan weergegeven in onderstaande tabel. Tabel 3.1: Uitgevoerde veldwerkzaamheden Locatie (m²)

Veldwerkzaamheden Grond Aantal boringen (diepte)

Groenstrook (2.120 m²)

11 x 0,5 m-mv 2 x 2,0 m-mv

Grondwater Aantal peilbuizen (filterdiepte m -mv.) 1 x 4,0 m-mv

De boorlocaties zijn weergegeven op situatietekening die als bijlage 12 is bijgevoegd bij deze rapportage. Tijdens het veldwerk zijn door de gemeente waar nodig struiken gerooid om de boringen te kunnen plaatsen.

3.2

Laboratoriumonderzoek In de onderstaande tabel is een overzicht van de uitgevoerde analyses weergegeven. Tabel 3.2: Laboratoriumond3erzoek Analysemonster

Traject (m -mv)

MMBG_01

0,00 - 0,50

MMBG_02

0,00 - 0,50

MMBG_03

0,00 - 0,50

MMOG_01

0,40 - 1,00

MMOG_02

0,90 - 1,60

MMOG_03

1,60 - 2,10

Deelmonsters 01 (0,00 - 0,50) 03 (0,00 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,40) 13 (0,00 - 0,30) 14 (0,00 - 0,50) 04 (0,00 - 0,50) 05 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,40) 07 (0,00 - 0,50) 02 (0,50 - 1,00) 06 (0,40 - 0,90) 11 (0,40 - 0,90) 02 (1,10 - 1,60) 06 (0,90 - 1,40) 11 (1,10 - 1,60) 02 (1,60 - 2,00) 06 (1,60 - 2,00) 11 (1,70 - 2,10)

1) Standaardpakketten:

Blad 5 van 10

Analysepakket

Standaardpakket incl LUOS

Standaardpakket incl LUOS

Standaardpakket incl LUOS

Standaardpakket incl LUOS Standaardpakket incl LUOS

Standaardpakket incl LUOS

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

grond:

zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB som 7), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 VROM), minerale olie (GC)

Blad 6 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

4

Onderzoeksresultaten

4.1

Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen De profielbeschrijvingen van de verrichte boringen met de bijbehorende veldwaarnemingen zijn opgenomen in bijlage 1. Uit de profielbeschrijvingen blijkt dat de bodem vanaf maaiveld tot maximale boordiepte van ca. 4,0 m-mv uit matig fijn zand bestaat. In boring 06 zijn plastic resten aangetroffen. Daarnaast is plaatselijk roest in de bodem waargenomen. Er zijn echter bij het uitvoeren van het veldonderzoek zijn geen waarnemingen gedaan die duiden op bodemverontreiniging. Tabel 4.1: Zintuiglijke waarnemingen Boring

Diepte boring (m -mv)

Traject (m -mv)

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

06

2,00

0,00 - 0,40

Zand

resten plastic, Geroerde grond

Tabel 3.3: Metingen en analyse grondwater Peilbuis

Filterdiepte (m -mv)

Grondwater-stand (m -mv)

pH (-)

EC (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

Analyse

11

3,00 - 4,00

2,61

7,2

1600

14,1

NEN-grondwater

grondwater:

zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, styreen en naftaleen), vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (17 stuks), minerale olie (GC)

4.2

Analyseresultaten

4.2.1

Toetsingskader De getoetste analyseresultaten van de onderzochte grond- en grondwatermonsters zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 2 en bijlage 3. De analysecertificaten zijn toegevoegd in bijlage 6. De resultaten zijn getoetst aan de actuele achtergrond-, streef- en interventiewaarden uit de Regeling Bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering. Hiervoor is gebruik gemaakt van BOTOVA-gevalideerde software. De achtergrond-/streef- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 4. Een toelichting op het toetsingskader is opgenomen in bijlage 5. In de tekst zal de term 'verhoogd' worden gebruikt bij gehalten hoger dan de achtergrond- of streefwaarden en lager dan de interventiewaarden. De term 'sterk verhoogd' wordt gebruikt bij gehalten hoger dan of gelijk aan de interventiewaarden. Tevens is bij de getoetste waarden een index opgenomen. Deze index is als volgt berekend: Index = (GSSD - AW) / (I - AW).

Blad 7 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

Een negatieve waarde voor de index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (= GSSD) lager is dan de achtergrondwaarde (= AW). Bij een index boven de 1 ligt de gestandaardiseerde meetwaarde boven de interventiewaarde (= I). Een index tussen de 0 en 0,5 betekent dat de gestandaardiseerde meetwaarde (ver) onder de interventiewaarde ligt. Een index tussen de 0,5 en 1 houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (dicht) bij de interventiewaarde ligt. Afhankelijk van de specifieke situatie geeft dit mogelijk aanleiding voor het uitsplitsen van een mengmonster en/ of het uitvoeren van een nader onderzoek.

4.3

Grond In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven, die de betreffende achtergrond- of interventiewaarde overschrijden. Daarnaast zijn de gemeten gehalten getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit. Hierbij is een toetsing uitgevoerd van de grond als zijnde ontvangende bodem. Tabel 4.2 Overschrijdingstabel grond (monsterconclusie Wbb Bbk) Monster Boring Waarneming Overschrijdingen (m -mv) (m -mv) > AW > AW & <= I (i <= 0,5) (0,5 < i <= 1) licht matig MMBG_02 10 (0,00-0,50), (0,00-0,50) 11 (0,00-0,40), 13 (0,00-0,30), 14 (0,00-0,50) MMBG_01 01 (0,00-0,50), Minerale olie (0,00-0,50) 03 (0,00-0,50), C10 - C40 08 (0,00-0,50), 09 (0,00-0,50) MMBG_03 (0,00-0,50)

Conclusie >I (i > 1) sterk -

-

04 (0,00-0,50), 05 (0,00-0,50), 06 (0,00-0,40), 07 (0,00-0,50) 02 (0,50-1,00), 06 (0,40-0,90), 11 (0,40-0,90)

resten plastic -

-

-

-

-

-

-

MMOG_02 (0,90-1,60)

02 (1,10-1,60), 06 (0,90-1,40), 11 (1,10-1,60)

-

-

-

-

MMOG_03 (1,60-2,10)

02 (1,60-2,00), 06 (1,60-2,00), 11 (1,70-2,10)

-

Cadmium, Kwik, Lood

Zink

-

MMOG_01 (0,40-1,00)

Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde Wbb: Overschrijding achtergrondwaarde, Bbk : Kwaliteitsklasse industrie Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde Wbb: Overschrijding achtergrondwaarde, Bbk : Niet toepasbaar > industrie

Vanwege de aangetoonde verontreiniging met zink in mengmonster MMOG_03 is dit monster uitgesplitst. De individuele monsters zijn geanalyseerd op de parameter zink. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de uitsplitsing weergegeven.

Blad 8 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

Tabel 4.3 Resultaten uitsplitsing MMOG_03 Monster Boring Waarneming Overschrijdingen (m -mv) (m -mv) > AW > AW & <= I (i <= 0,5) (0,5 < i <= 1) licht matig 02_5 02 (1,60-2,00) (1,60-2,00) 06_5 (1,60-2,00)

06 (1,60-2,00)

-

-

-

-

11_6 (1,70-2,10)

11 (1,70-2,10)

-

-

-

-

Toelichting : AW, I, i : *

4.3.1

Conclusie >I (i > 1) sterk -

:

Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde Wbb: Voldoet aan achtergrondwaarde, Bbk : Voldoet aan achtergrondwaarde

geen veldwaarneming/geen overschrijding AW = achtergrondwaarde, I = interventiewaarde, i = index, zie bijlage ‘Toelichting op bodemonderzoek’ voor uitleg bij AW, I en index geen index te bepalen door ontbreken van achtergrond- of interventiewaarde

Grondwater Tabel 4.3: Overschrijdingstabel grondwater Grondwatermonster

Parameters

(filterstelling in m -mv.)

> S en index =< 0,5

> S en 0,5 < index <= 1

>I

Conclusie

3,0-4,0 m-mv < Streefwaarde Verklaring tabel: : Geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde S, I : S : streefwaarde, I : interventiewaarde, index : zie bijlage ‘Toelichting op bodemonderzoek’

De zuurgraad (pH) en het elektrische-geleidingsvermogen (EC) zijn niet afwijkend van een natuurlijke situatie. In het bemonsterde grondwater uit de peilbuis is een verhoogde troebelheid (> 10 NTU) vastgesteld. Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan PAK, PCB, OCB, dioxines of andere matig/slecht oplosbare organische parameters. Bij het voorliggende onderzoek wordt voor geen enkele matig/slecht oplosbare organische parameter de interventiewaarde overschreden. De eventuele overschatting van de gehalten als gevolg van een verhoogde troebelheid heeft geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksgegevens en de conclusies van dit rapport. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd.

Blad 9 van 10

Rapport bodemonderzoek Zilkerduinweg De Zilk Verkennend bodemonderzoek Zilkerduinweg te De Zilk projectnummer 413311 15 mei 2017 revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout - Ruimtelijke Ordening

5

Conclusies In het uitgevoerde bodemonderzoek is overeenkomstig de NEN 5740 de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie vastgesteld. Grond De bodem bestaat tot de maximale boordiepte van 4,0 meter m-mv uit matig fijn zand. Zeer plaatselijk zijn resten plastic waargenomen (bovengrond boring 6). In de overige boringen zijn zintuiglijk geen bodemvreemde waarnemingen gedaan. In de bovengrond zijn plaatselijk licht verhoogde concentraties minerale olie aangetoond. Deze zijn niet te relateren aan huidige dan wel voormalige activiteiten op de locatie. Er zijn zintuiglijk ook geen waarnemingen gedaan die te relateren zijn aan de lichte verontreiniging. In de ondergrond zijn plaatselijk licht verhoogde concentraties zware metalen aangetoond. Daarnaast was in een mengmonster een matig verhoogde concentratie zink aangetoond. Na uitsplitsing bleek dat in de individuele monsters geen zink meer aanwezig was. Vanwege de aangetoonde verontreinigingen met minerale olie in de ondergrond gelden er gebruiksbeperkingen op de locatie. Deze zijn afhankelijk van het beoogde gebruik van de locatie. Grondwater In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties gemeten van de geanalyseerde parameters. Toetsing hypothese De vooraf opgestelde hypothese ‘verdachte locatie’ wordt formeel gezien aanvaard. Er zijn licht verhoogde concentraties in de bodem aangetoond.

De onderzoeksresultaten geven vanuit de Wet bodembescherming geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, omdat de gemeten concentraties kleiner zijn dan de betreffende interventiewaarde. Antea Group Capelle aan den IJssel, mei 2017

Blad 10 van 10

Over Antea Group Van stad tot land, van water tot lucht; de adviseurs en ingenieurs van Antea Group dragen in Nederland sinds jaar en dag bij aan onze leefomgeving. We ontwerpen bruggen en wegen, realiseren woonwijken en waterwerken. Maar we zijn ook betrokken bij thema’s zoals milieu, veiligheid, assetmanagement en energie. Onder de naam Oranjewoud groeiden we uit tot een allround en onafhankelijk partner voor bedrijfsleven en overheden. Als Antea Group zetten we deze expertise ook mondiaal in. Door hoogwaardige kennis te combineren met een pragmatische aanpak maken we oplossingen haalbaar én uitvoerbaar. Doelgericht, met oog voor duurzaamheid. Op deze manier anticiperen we op de vragen van vandaag en de oplossingen van de toekomst. Al meer dan 60 jaar.

Contactgegevens Rivium Westlaan 72 2909 LD CAPELLE A/D IJSSEL Postbus 8590 3009 AN ROTTERDAM T. 06 83168649 E. leonie.vantwisk@anteagroup.com

www.anteagroup.nl

Copyright © 2016 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Bijlage 1 Toelichting op bodemonderzoek

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Kwaliteitsaspecten van het onderzoek, de toegepaste methoden en strategieën en betrouwbaarheid/garanties Betrouwbaarheid/garanties Bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van al dan niet verdachte bodemlagen. Hoewel Antea Group conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving handelt, is het juist deze steekproefsgewijze benadering die het onmogelijk maakt garanties ten aanzien van de verontreinigingssituatie af te geven op basis van de resultaten van een bodemonderzoek. Het vorenstaande betekent dat Antea Group geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group. In dit kader kan ook worden opgemerkt dat de voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Certificatie/accreditatie Antea Group is gecertificeerd volgens NEN-ISO 9001. Ons bureau is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodemonderzoek (VKB).

Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-proces-certificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). Antea Group is volgens dit SIKB-procescertificaat gecertificeerd en erkend. Eventuele afwijkingen van de beoordelingsrichtlijn zijn in voorliggend rapport vermeld. In de bijlage 'Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000' staan de namen en parafen van de veldmedewerkers die de kritische functies binnen het veldwerk hebben uitgevoerd. De naleving van de kwaliteitseisen en procedures wordt periodiek getoetst door interne auditors en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie (RvA). De onderzochte locatie is niet in eigendom van Antea Group of gerelateerde zusterbedrijven. De in het bodemonderzoek benodigde analyses van grond en grondwater laat Antea Group verrichten door een RvA geaccrediteerd laboratorium. Deze accreditatie garandeert dat bij de analyses consequent de juiste en vastgelegde procedures worden gehanteerd zodat de analyseresultaten een hoge betrouwbaarheid hebben. Voor de analyses geldt dat deze conform het Accreditatieschema (AS)3000 zijn uitgevoerd. De analyseresultaten zijn gevalideerd getoetst middels BOTOVA. Toepassing grond Het bodemonderzoek geeft inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het kader van het gebruik en/of de bestemming van de onderzochte locatie.

Indien echter grond van de locatie wordt afgevoerd voor toepassing elders, volstaan de resultaten van het verrichte bodemonderzoek mogelijk niet. Afhankelijk van de omvang van de af te voeren partij(en) grond en de eisen die door de acceptant of het bevoegd gezag ter plaatse van de nieuwe toepassingslocatie worden gesteld (bijvoorbeeld aanwezigheid van een bodemkwaliteitskaart met bijbehorend bodembeheerplan), dient de grond eventueel nog conform de richtlijnen van het Besluit bodemkwaliteit te worden onderzocht.

Toelichting op het uitgevoerde onderzoek Verkennend asbestonderzoek Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een visuele inspectie uitgevoerd van het onverharde onderzoeksterrein. Hierbij is de toplaag van het onverharde deel van het terrein afgezocht naar asbestverdacht materiaal en puinrestanten. In voorkomende gevallen is visuele maaiveldinspectie zeer beperkt mogelijk vanwege de aanwezigheid van verharding en vegetatie (onverharde terreindelen). Het

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

uitvoeren van een maaiveldinspectie wordt gebruikt om te beoordelen of er binnen de onderzoekslocatie gedeelten aanwezig zijn die als meer of minder verdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest kunnen worden aangemerkt. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn gaten gegraven van 0,3 x 0,3 m tot 0,5 m -mv (meter beneden maaiveld). In deze gaten zijn boringen verricht tot circa 1 m -mv. De opgeboorde grond is beoordeeld op het voorkomen van verontreinigingen, beschreven en bemonsterd. Het opgegraven materiaal is uitgespreid, geharkt/gezeefd en visueel geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdachte materialen. Na inspectie en monsterneming zijn de gaten gedicht met het uitgegraven materiaal. De posities van de gaten met boringen zijn ingemeten en weergegeven op de situatietekening. Verkennend bodemonderzoek Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd met als richtlijn de NEN 5740/A1. Op basis van de quickscan is voor het onderzoeksgebied de strategie voor een onverdachte lijnvormige locatie (ONV-L) gekozen. Voor hele kleine graafbewegingen is deze strategie vanwege de beperkte lengte van het tracé niet van toepassing. De onderzoeksstrategie is voor deze situaties gebaseerd op de strategie 'verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern (VEP)'.

Omdat het onderzoek is uitgevoerd ter voorbereiding van dezelfde werkzaamheden als bij lijnvormige locaties, zijn de criteria voor boordiepte en plaatsing van een peilbuis conform de strategie voor lijnvormige locaties aangehouden. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn boringen verricht. De opgeboorde grond is beoordeeld op het voorkomen van verontreinigingen, beschreven en bemonsterd. Indien het grondwater zich nabij of binnen de ontgravingsdiepte van de werkzaamheden bevindt, is een peilbuis geplaatst ten behoeve van de monstername van het grondwater. De peilbuis is direct na plaatsing grondig afgepompt en minimaal één week later, na nogmaals goed afpompen, bemonsterd voor laboratoriumonderzoek. Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand opgenomen en zijn de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid gemeten. Voor het vaststellen van de algemene bodemkwaliteit is de grond onderzocht op het standaard stoffenpakket. Dit betreft analyses op: o zware metalen (barium, cadmium, kobalt, molybdeen, koper, kwik, lood, nikkel en zink); o polychloorbifenylen (PCB's; som 7); o minerale olie (GC; inclusief voorbehandeling); o polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK-totaal, 10 stuks volgens VROM); o percentages lutum, organische- en droge stof.

De selectie van de grond(meng)monsters is gebaseerd op monsterdiepte, bodemtype en veldwaarnemingen. Voor het vaststellen van de algemene bodemkwaliteit is het grondwater onderzocht op het standaard stoffenpakket. Dit betreft analyses op: o zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink); o vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, xylenen, styreen en ethylbenzeen) en naftaleen; o vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl); o minerale olie (GC).

Bepaling veiligheidsklassen De uit te voeren werkzaamheden in verontreinigde grond dienen te worden uitgevoerd met in acht name van de risicoklassen, vastgesteld aan de hand van de CROW-publicatie 132 en zijn nader ingevuld via branchepublicaties. Vooral hetgeen in branchepublicaties is aangegeven wordt door de Arbeidsinspectie beschouwd als 'de stand der techniek' en dient derhalve zorgvuldig te worden nagekomen. In de genoemde beleidsregels wordt het handvat gegeven op basis waarvan een verdeling kan worden gemaakt tussen werken met een hoog en werken met een laag risico. Daarnaast wordt een onderscheid gemaakt tussen toxiciteitsrisico's (T-klassen) en brand- c.q. explosierisico's (F-klassen). Er zijn vier T-klassen en twee F-klassen gedefinieerd. De risicoklassen zijn enerzijds gebaseerd op de schadelijke vermogens van de verontreinigende componenten (LD50, carcinogeniteit en grenswaarde) en voor de F-klassen op het vlampunt

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

van de componenten. Anderzijds zijn deze risicoklassen gebaseerd op de kans dat stoffen zich in hoge mate in de werkomgeving openbaren. Conform de CROW-publicatie 132 zijn op basis van de analyseresultaten de veiligheidsklassen vastgesteld. Indien een overschrijding van de interventiewaarde is aangetoond, is de bijbehorende T- en F-klasse bepaald. Indien geen gemeten gehalten aan onderzochte parameters de betreffende interventiewaarden overschrijden, worden de veiligheidsklassen bepaald aan de hand van de classificatie van de bodem conform het Besluit bodemkwaliteit. Indien de grond voldoet aan de Achtergrondwaarde of de klasse Wonen uit dit besluit, dan is het treffen van veiligheidsmaatregelen in relatie tot verontreinigde grond niet noodzakelijk. Indien de grond voldoet aan de klasse Industrie dan wel geclassificeerd wordt als Niet toepasbaar (en het gehalte is kleiner dan de interventiewaarde), dan is de basisklasse van toepassing. De indeling voor toxische en brandbare stoffen kan echter maar beperkt recht doen aan de uiteenlopende niveaus van risico's. De indeling is zo opgesteld dat met redelijke zekerheid kan worden gesteld dat de beoordeling aan de veilige kant ligt, waardoor de (wettelijke) grenswaarden voor inademing niet overschreden worden en geen voor de gezondheid risicovolle situaties zullen optreden.

De veiligheidsklasse die in dit onderzoek is vastgesteld, betreft de voorlopige veiligheidsklasse. Bij het vaststellen van de voorlopige veiligheidsklasse zijn aannamen gedaan met betrekking tot de omstandigheden tijdens de uitvoer van de werkzaamheden. Deze zijn hieronder toegelicht. Aanname geen open vuur Onder open vuur wordt een situatie verstaan waarbij vuur, een vlam of een vonk aanwezig is of kan ontstaan. Bij de bepaling van de veiligheidsklasse F is in dit onderzoek uitgegaan van een situatie zonder open vuur. Dit resulteert in een maximale voorlopige veiligheidsklasse van 1F indien de omgevingstemperatuur tijdens het werk hoger is dan het vlampunt van de betreffende stof. Indien de omgevingstemperatuur tijdens het werk lager is dan het vlampunt van de betreffende stof is er geen brand c.q. explosierisico. Aanname omgevingstemperatuur De omgevingstemperatuur (temperatuur van de buitenlucht) tijdens de uitvoer van de werkzaamheden is van belang bij het bepalen van de kans op brand c.q. explosie en de daarbij behorende veiligheidsklasse F. Bij de bepaling van de veiligheidsklasse F is in dit onderzoek uitgegaan van een omgevingstemperatuur van 18 °C. Dit komt overeen met de gemiddelde dagtemperatuur in juli (bron: KMNI).

Deze aanname leidt ertoe dat gecombineerd met de aanname van geen open vuur, stoffen met een vlampunt van maximaal 18 graden (bijvoorbeeld 1,2-dichloorethaan, vlampunt 13 °C) tot voorlopige veiligheidsklasse 1F kunnen leiden en stoffen met een hoger vlampunt (bijvoorbeeld ethylbenzeen en xylenen, vlampunt 21 °C) tot geen veiligheidsklasse leiden. In het kader van artikel 5 van het Bouwprocesbesluit-Arbeidsomstandighedenwet c.q. het Arbeidsomstandighedenbesluit (artikel 2.23 t/m 2.39), dient door de opdrachtgever een veiligheids- en gezondheidsplan (V&G-plan) te worden uitgewerkt. Het doel van het V&G-plan is het informeren van alle betrokken personen en instanties over de mogelijke risico's voor veiligheid en gezondheid als gevolg van de uitvoering van het werk. Daarnaast worden betrokken personen en instanties geïnformeerd over de te nemen maatregelen ten behoeve van de veiligheid en gezondheid. De maatregelen die dienen te worden genomen zijn beschreven in de CROW-publicatie 132 en worden bepaald door de hoogst gevonden T- en F-klasse. Wanneer het werk een geraamde duur van meer dan 30 mensdagen beslaat en er meer dan 20 werknemers op de locatie tegelijk werkzaam zijn, of indien de geraamde duur van het werk meer dan 500 mandagen beslaat, dan dient eveneens via een kennisgeving aan de Arbeidsinspectie het voornemen tot het tot stand brengen van het werk te worden gemeld.

De aannemer dient voorafgaand aan de uitvoering van de sanering een V&G-plan (uitvoeringsfase) c.q. een saneringsdraaiboek te overleggen. Eén en ander dient in overleg met de Arbeidsinspectie en haar gecertificeerde Arbodienst te geschieden.

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

De reeds vastgestelde (voorlopige) veiligheidsklassen (risicoklassen) conform de CROW-publicatie 132 vormen een vast onderdeel van het V&G-plan. Daarnaast dient ook aandacht te worden besteed aan overige risico's en voorschriften. De rapportage ten aanzien van de veiligheids- en gezondheidsaspecten worden vastgelegd in het V&G-dossier.

Toelichting op de toetsingskaders Toetsingskader achtergrond-, streef- en interventiewaarden Hieronder wordt uitgebreider op de begrippen achtergrond-, streef- en interventiewaarden en hun betekenis ingegaan. Bij de toetsing wordt een uitspraak gedaan op parameterniveau én op monsterniveau. Met betrekking tot het bepalen van de achtergrondwaarden kan in sommige gevallen de overall-conclusie op monsterniveau afwijken ten opzichte van de conclusie op parameterniveau als gevolg van de toetsregel die in artikel 4.2.2 van de Regeling bodemkwaliteit staat. In dit artikel wordt beschreven wat onder het overschrijden van de achtergrondwaarden wordt verstaan. De achtergrondwaarden (AW) zijn landelijk geldende waarden voor een multifunctionele bodemkwaliteit en geven de bovengrens aan voor wat in de dagelijkse praktijk 'schone grond' wordt genoemd. Deze achtergrondwaarden zijn vastgesteld op basis van gehalten zoals deze voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden. Dit omdat in dergelijke gronden geen belasting door lokale verontreinigingsbronnen aanwezig wordt geacht. De streefwaarde (S) geeft het concentratieniveau in grondwater aan waarboven wel en waaronder geen sprake is van een aantoonbare verontreiniging.

De interventiewaarde (I) geeft het concentratieniveau in de grond, waterbodem of grondwater aan waarboven de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, plant en dier heeft, in ernstige mate kunnen zijn verminderd. In het overheidsbeleid wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging, indien de gemiddelde concentratie aan één stof de interventiewaarde overschrijdt in tenminste 25 m³ grond/slib of voor het grondwater in tenminste 100 m³ bodemvolume. Over de hoeveelheid grond/slib of grondwater waarop een eventuele overschrijding van de interventiewaarde zich voordoet kan in een eerste onderzoek meestal nog geen betrouwbare uitspraak worden gedaan. Daarom kunnen op basis van de resultaten van dit eerste onderzoek dan ook geen conclusies worden getrokken ten aanzien van het al dan niet ernstig zijn van het verontreinigingsgeval. Bij de getoetste waarden is tevens een index opgenomen. Deze index is als volgt berekend: Index = (GSSD - AW (of S) ) / (I - AW (of S) ). Een negatieve waarde voor de index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD) lager is dan de achtergrondwaarde. Bij een index boven de 1 ligt de gestandaardiseerde meetwaarde boven de interventiewaarde. Een index tussen de 0 en 0,5 betekent dat de gestandaardiseerde meetwaarde (ver) onder de interventiewaarde ligt.

Een index tussen de 0,5 en 1 houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (dicht) bij de interventiewaarde ligt. Afhankelijk van de specifieke situatie geeft dit mogelijk aanleiding tot het uitsplitsen van een mengmonster en/of het uitvoeren van een nader onderzoek. Met een nader bodemonderzoek kunnen de ernst en de spoedeisendheid van het geval worden vastgesteld. Een nader onderzoek kan worden uitgevoerd als er een duidelijke indicatie bestaat dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Een geval van ernstige bodemverontreiniging kan zich ook voordoen zonder dat de interventiewaarden worden overschreden. Als een verontreiniging zich zodanig in een ander milieucompartiment (bijv. het grondwater) of objecten (bijv. consumptiegewassen) verspreidt dat daar schadelijke effecten kunnen optreden, is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Ook als het bij puntbronnen van verontreinigingen (bijv. op grond van berekeningen) waarschijnlijk is dat zonder maatregelen op korte termijn (binnen maximaal enkele maanden) een verontreiniging van eerder genoemde 25 of 100 m³ bodemvolume kan optreden, is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

Bij de toetsing worden de gemeten gehalten in grondmonsters aan de hand van geanalyseerde of geschatte gehalten organisch stof en lutum gevalideerd omgerekend middels BOTOVA naar zogenaamde standaardbodemcondities (bodem met 10% organische stof en 25% lutum). Indien de gehalten of

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

concentraties in grond- en grondwatermonsters lager zijn dan de gerapporteerde rapportagegrens worden deze gevalideerd herberekend middels BOTOVA tot een gestandaardiseerde meetwaarde (gerapporteerde rapportagegrens maal 0,7). Deze gestandaardiseerde meetwaarden (GSSD) worden vergeleken met de normwaarden. Barium In de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 is aangegeven dat de norm voor barium tijdelijk is ingetrokken. Gebleken is namelijk dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 920 mg/kg ds (voor standaardbodem). Analyses op barium dienen wel nog te worden uitgevoerd, maar de resultaten hoeven dus niet meer getoetst te worden, tenzij een duidelijke antropogene bron aanwezig is. Het gemeten gehalte aan barium is conform de circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, niet getoetst aan de voormalige interventiewaarde. Dit in verband met het voor deze parameter ontbreken van een aanwijsbare antropogene bron. Toetsingskader asbest De resultaten van het NEN 5707 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de interventiewaarde uit de Circulaire bodemsanering.

De interventiewaarde voor asbest in bodem, grond en baggerspecie bedraagt 100 mg/kg d.s., uitgaande van een gewogen gehalte (het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest). Indien onderzoek is gedaan naar respirabele vezels, wordt de gemeten concentratie getoetst aan de risicogrenswaarde van 10 mg/kg (gewogen). Indien deze concentratie niet wordt overschreden is er geen sprake van onaanvaardbare risico’s. Voor het bepalen van de spoedeisendheid van een sanering van een bodemverontreiniging met asbest die is ontstaan voor juni 1993 dient gebruik te worden gemaakt van het protocol 'Milieuhygiënisch Saneringscriterium Bodem - protocol asbest'. Dit protocol is opgenomen als bijlage 3 van de Circulaire bodemsanering. Op basis van het fysische en chemische karakter is er voor asbest geen sprake van verspreidingsrisico's en ecologische risico's, maar wel van humane risico's. In dit kader worden twee categorieën van (humane) risico's onderscheiden: Acceptabele risico's Hierbij dienen de plaats, mate en omvang van de bodemverontreiniging nauwkeurig geregistreerd te worden bij het Kadaster. Ook kan het bevoegd gezag voorschrijven om beheersmaatregelen te treffen om blootstelling aan de verontreiniging te voorkomen. Als de inrichting van de locatie wijzigt, dienen de locatiespecifieke risico's opnieuw te worden beoordeeld.

Onacceptabele risico's Naast kadastrale registratie dienen spoedig saneringsmaatregelen te worden genomen op het betreffende deel van de locatie. De termijn 'spoedig' dient uitgewerkt te worden door het bevoegd gezag in een beschikking. Puin De resultaten van het NEN 5897 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de regelingeving zoals opgenomen in het Productenbesluit asbest. In het Productenbesluit asbest is vermeld dat het verboden is om asbest of asbesthoudende producten te vervaardigen, in Nederland in te voeren, voorhanden te hebben, aan een ander ter beschikking te stellen, toe te passen of te bewerken. Een product wordt niet als asbesthoudend beschouwd als aan het product geen asbest opzettelijk is toegevoegd en het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest niet hoger is dan 100 mg/kg ds. Deze waarde wordt in voorliggende rapportage aangeduid als restconcentratienorm. Hergebruik van grond en puin

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Indien de grond en het puin worden hergebruikt, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. In dit besluit is opgenomen dat voor asbest in grond en puin een gewogen gehalte van 100 mg/kg ds (het gehalte serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal het gehalte amfiboolasbest) als maximale samenstellingswaarde geldt. Toetsingskader Besluit bodemkwaliteit De gemeten gehalten in een partij grond worden getoetst aan de maximale waarden en rekenregels uit het Besluit- en de Regeling bodemkwaliteit, specifiek de regels die gelden voor het volgens het generieke kader toepassen op landbodem. De mate van overschrijden van de bovengenoemde maximale waarden bepaalt tot welke klasse een toe te passen partij grond of de ontvangende landbodem behoort. Deze classificatie is echter alleen mogelijk indien de monsterneming en het laboratoriumonderzoek zijn uitgevoerd door bij regeling van Onze Ministers bepaalde methoden alsmede door een persoon of instelling die daarvoor beschikt over een erkenning. De op basis van de bovenstaande maximale waarden in te delen klassen zijn: Achtergrondwaarde De landbodem dan wel een toe te passen partij grond wordt geclassificeerd als 'altijd toepasbaar' (oftewel schoon), wanneer de gemeten gehalten de achtergrondwaarden niet overschrijden. In artikel 4.2.2 van de Regeling is beschreven wat onder het overschrijden van de achtergrondwaarden wordt verstaan.

Kwaliteitsklasse 'wonen' De kwaliteit van een partij grond die op landbodem wordt toegepast, wordt beoordeeld als de kwaliteitsklasse 'wonen', wanneer de gemeten gehalten de bovengenoemde achtergrondwaarden overschrijden maar lager zijn dan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse 'wonen' (zie artikel 4.4.1 van de Regeling). De kwaliteit van de ontvangende landbodem wordt beoordeeld als de kwaliteitsklasse 'wonen', wanneer de gemeten gehalten de bovengenoemde achtergrondwaarden overschrijden maar lager zijn dan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse 'wonen'. In artikel 4.10.2 van de Regeling is beschreven wat onder het overschrijden van de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse 'wonen' wordt verstaan. Kwaliteitsklasse 'industrie' De kwaliteit van de ontvangende landbodem alsmede van een partij grond die op landbodem wordt toegepast, wordt beoordeeld als de kwaliteitsklasse 'industrie' wanneer de gemeten gehalten de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse 'wonen' overschrijden, maar lager zijn dan de maximale waarden voor de bodemkwaliteitsklasse 'industrie' (zie artikel 4.4.1 en 4.10.2 van de Regeling).

Niet toepasbare grond Wanneer de gemeten gehalten in een partij grond de maximale waarden voor de kwaliteitsklasse 'industrie' overschrijden (en wordt geclassificeerd als 'niet toepasbaar > industrie' of 'niet toepasbaar > interventiewaarde'), dan komt deze grond niet in aanmerking voor hergebruik volgens het generieke toetsingskader of verwerking in een grootschalige bodemtoepassing. In dat geval dient te worden nagegaan of mogelijk wordt voldaan aan de voorwaarden voor het gebiedsspecifieke toetsingskader (art. 44 t/m 53 van het Besluit).

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Bijlage 2 Profielbeschrijvingen en veldwaarnemingen

Zilkerduinweg Projectnr. 413311

Boring:

01

Boring:

02

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

0 1

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken klei, resten wortels, grijsbeige, Edelmanboor, Geroerde grond

50

50

0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, resten wortels, grijsbeige, Edelmanboor

1 50

groenstrook

(110)

2 100

110

Zand, matig fijn, zwak siltig, resten wortels, licht beigebruin, Edelmanboor

4 150

(90)

5 200

200

Boring:

03

Boring:

04

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

0 1

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, resten wortels, donker grijsbeige, Edelmanboor

50

50

0 1

05

Boring:

06

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

1 50

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor

50

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, resten wortels, sporen roest, lichtbruin, Edelmanboor

50

50

Boring:

0

0

0

0 1

(40) 40

50

groenstrook Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak wortelhoudend, resten plastic, donker grijsbeige, Edelmanboor, Geroerde grond Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken klei, bruinbeige, Edelmanboor

2 (120)

100 3

150

160

5 200

(40)

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor

200

Projectleider: Joos Dekker Schaal: 1: 50

getekend volgens NEN 5104

Zilkerduinweg Projectnr. 413311

Boring:

07

Boring:

08

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

0 1

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, resten wortels, bruinbeige, Edelmanboor

50

50

0 1

09

Boring:

10

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

1

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak wortelhoudend, grijsbruin, Edelmanboor

50

50

0 1

11

Boring:

12

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

05-04-2017 Alwin Kluijt

0

1

40

(70)

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, resten wortels, donker grijsbeige, Edelmanboor

50 2

100

groenstrook Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sterk wortelhoudend, donkerbruin, Edelmanboor

(40)

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, resten wortels, bruinbeige, Edelmanboor

0

0 1 50

Zand, matig fijn, zwak siltig, resten wortels, bruinbeige, Edelmanboor

50

50

Boring:

0

groenstrook

(50) 50

50

Boring:

0

0

(40) 40 (10) 50

groenstrook Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, resten wortels, grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen schelpen, lichtbruin, Edelmanboor

110

4

(60)

150

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak roesthoudend, licht beigebruin, Edelmanboor

170

200

6

7 250

210

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, grijsbeige, Edelmanboor

(40)

260

Zand, matig fijn, matig siltig, sporen schelpen, grijsbeige, Zuigerboor handmatig

8 300

9

(150)

350

400

410

Projectleider: Joos Dekker Schaal: 1: 50

getekend volgens NEN 5104

Zilkerduinweg Projectnr. 413311

Boring:

13

Boring:

14

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

Datum: Boormeester:

29-03-2017 Jeffrey Glasbergen

0 1 50

2

0

groenstrook

(30)

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, resten wortels, grijsbruin, Edelmanboor

30 (20) 50

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen schelpen, lichtbruin, Edelmanboor

0 1 50

0

groenstrook

(50)

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor

50

Projectleider: Joos Dekker Schaal: 1: 50

getekend volgens NEN 5104

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Bijlage 3 Toetsing grondmonsters aan Wet bodembescherming

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grond

MMBG_02

MMBG_01

MMBG_03

Boringnummer Monstertraject (m -mv) Analysedatum Monsterconclusie Wbb

10, 11, 13, 14 0,00-0,50 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

01, 03, 08, 09 0,00-0,50 29-03-2017 Overschrijding achtergrondwaarde

04, 05, 06, 07 0,00-0,50 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

BODEMKUNDIG Droge stof Lutum Organische stof

% % ds % ds

82,20 2,7 7,9

89,40 3,0 2,0

METALEN Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Molybdeen Nikkel Zink

Eenheid mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

Meetw 21 < 0,2 3,4 6,3 < 0,05 23 < 1,5 10 54

75(6) 0,200 11,100 10,600 0,050 32 1,100 28 108

Meetw < 20 < 0,2 3,4 <5 < 0,05 12 < 1,5 7,3 35

GSSD

Meetw 27 < 0,2 <3 <5 < 0,05 < 10 < 1,5 4,9 < 20

GSSD

Index

102(6) 0,200 7 7 0,050 11 1,100 14,100 33

-0,03 -0,05 -0,22 0,00 -0,08 0,00 -0,32 -0,18

PAK Anthraceen

Eenheid mg/kg ds

Meetw < 0,05

GSSD 0,040

Meetw < 0,05

GSSD 0,040

Meetw < 0,05

GSSD 0,040

Benzo(a)anthraceen

mg/kg ds

0,11

Benzo(a)pyreen

mg/kg ds

0,098

0,110

0,061

0,098

0,065

0,061

< 0,05

0,040

0,065

< 0,05

Benzo(g,h,i)peryleen

mg/kg ds

0,092

0,092

0,040

0,081

0,081

< 0,05

Benzo(k)fluorantheen

mg/kg ds

0,069

0,040

0,069

< 0,05

0,040

< 0,05

Chryseen

mg/kg ds

0,040

0,13

0,130

0,082

0,082

< 0,05

0,040

Fenanthreen Fluorantheen

mg/kg ds

0,084

0,084

< 0,05

0,040

< 0,05

0,040

mg/kg ds

0,21

0,210

0,084

0,084

< 0,05

0,040

Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen

mg/kg ds

0,077

0,077

0,087

0,087

< 0,05

0,040

Naftaleen PAK 10 VROM PAK 10 VROM (0,7 factor)

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

< 0,05 0 0,95

0,040 0,940 0

< 0,05 0 0,6

0,040 0,600 0

< 0,05 0 0,35

0,040 0,350 0

OVERIGE (ORG.) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C10 - C40 Minerale olie C12 - C16

Eenheid mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

Meetw <3 81 <5

3 103 4(6)

Minerale olie C16 - C21

mg/kg ds

6,2

7,800(6)

Minerale olie C21 - C30 Minerale olie C30 - C35 Minerale olie C35 - C40

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

32 30 7,7

GSSD

Index

91,50 2,2 1,5

GSSD

-0,03 -0,02 -0,20 0,00 -0,04 0,00 -0,11 -0,06 Index

-0,01

Index

(6)

41

(6)

38

(6)

9,700

-0,02

GSSD: Gestandaardiseerde meetwaarde 6: Heeft geen normwaarde

<5

18(6)

95

(6)

< 11

39(6)

90

(6)

19

TOELICHTING Wet bodembescherming (Wbb) Gehalte kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde Gehalte groter dan de achtergrondwaarde, maar index maximaal gelijk aan 0,5 Gehalte groter dan de achtergrondwaarde en index groter dan 0,5, maar maximaal gelijk aan 1 Gehalte groter dan de interventiewaarde

-0,02

18(6)

<5

8,9

Index

11 123 18(6)

11 270 18(6)

18

-0,03 -0,02 -0,22 0,00 -0,06 0,00 -0,24 -0,11

Meetw <3 < 35 <5

Meetw <3 54 <5

(6)

Index

48(6) 0,200 10,800 7 0,050 19 1,100 19,700 79

GSSD

Index

(6)

44,500

0,02

7,2 (6)

<6

GSSD

Index

-0,03

Index

(6)

36(6) 21(6)

-0,01

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grond

MMBG_02

MMBG_01 Meetw 0 0,0049

GSSD 0,025 0

0,004

< 0,001

0,004

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

0,001

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,001

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,001

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

PCB`S PCB (som 7) PCB (som 7, 0,7 factor)

Eenheid mg/kg ds mg/kg ds

Meetw 0 0,0049

GSSD 0,006 0

Meetw 0 0,0049

GSSD 0,025 0

PCB 101

mg/kg ds

< 0,001

PCB 118

mg/kg ds

< 0,001

0,001

< 0,001

0,001

< 0,001

PCB 138

mg/kg ds

PCB 153

mg/kg ds

< 0,001

0,001

< 0,001

0,001

PCB 180

mg/kg ds

< 0,001

PCB 28

mg/kg ds

PCB 52

mg/kg ds

Index -0,01

TOELICHTING Wet bodembescherming (Wbb) Gehalte kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde Gehalte groter dan de achtergrondwaarde, maar index maximaal gelijk aan 0,5 Gehalte groter dan de achtergrondwaarde en index groter dan 0,5, maar maximaal gelijk aan 1 Gehalte groter dan de interventiewaarde GSSD: Gestandaardiseerde meetwaarde

MMBG_03 Index 0,01

Index 0,01

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grond

MMOG_01

MMOG_02

MMOG_03

Boringnummer Monstertraject (m -mv) Analysedatum Monsterconclusie Wbb

02, 06, 11 0,40-1,00 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

02, 06, 11 0,90-1,60 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

02, 06, 11 1,60-2,10 29-03-2017 Overschrijding achtergrondwaarde

BODEMKUNDIG Droge stof Lutum Organische stof

% % ds % ds

91,60 2,0 1,6

METALEN Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Molybdeen Nikkel Zink

Eenheid mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

Meetw < 20 < 0,2 <3 <5 0,054 12 < 1,5 4,6 30

GSSD

PAK Anthraceen

Eenheid mg/kg ds

Meetw < 0,05

GSSD 0,040

Benzo(a)anthraceen

mg/kg ds

0,1

Benzo(a)pyreen

mg/kg ds

0,076

Benzo(g,h,i)peryleen

mg/kg ds

Benzo(k)fluorantheen

93,70 2,0 0,7 Meetw < 20 < 0,2 <3 <5 < 0,05 < 10 < 1,5 4,7 < 20

GSSD

Meetw 53 2,7 4 18 0,32 63 < 1,5 9 240

GSSD

Index

205(6) 4,600 14 37 0,460 99 1,100 26 569

0,32 -0,01 -0,02 0,01 0,10 0,00 -0,14 0,74

Meetw < 0,05

GSSD 0,040

Meetw < 0,05

GSSD 0,040

0,100

< 0,05

0,076

< 0,05

0,040

0,15

0,150

0,040

0,12

0,073

0,073

0,120

< 0,05

0,040

0,085

mg/kg ds

0,056

0,085

0,056

< 0,05

0,040

0,078

Chryseen

mg/kg ds

0,078

0,13

0,130

< 0,05

0,040

0,18

0,180

Fenanthreen Fluorantheen

mg/kg ds

< 0,05

0,040

< 0,05

0,040

0,23

0,230

mg/kg ds

0,17

0,170

< 0,05

0,040

0,39

0,390

Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen

mg/kg ds

0,084

0,084

< 0,05

0,040

0,1

0,100

Naftaleen PAK 10 VROM PAK 10 VROM (0,7 factor)

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

< 0,05 0 0,8

0,040 0,790 0

< 0,05 0 0,35

0,040 0,350 0

< 0,05 0 1,4

0,040 1,400 0

OVERIGE (ORG.) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C10 - C40 Minerale olie C12 - C16

Eenheid mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

Meetw <3 < 35 <5

11 123 18(6)

Minerale olie C16 - C21

mg/kg ds

<5

18(6)

< 11

39

(6)

28

(6)

21

(6)

Minerale olie C21 - C30 Minerale olie C30 - C35 Minerale olie C35 - C40

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

5,6 <6

54(6) 0,200 7 7 0,078 19 1,100 13,400 71

GSSD

Index

90,00 2,0 1,6

-0,03 -0,05 -0,22 0,00 -0,06 0,00 -0,33 -0,12 Index

-0,02

Index

(6)

-0,01

Index

-0,03

18(6)

<5

18(6)

39

(6)

< 11

39(6)

18

(6)

21

(6)

<5 < 11 <6

-0,03 -0,05 -0,22 0,00 -0,08 0,00 -0,33 -0,18

11 123 18(6)

11 123 18(6)

<5

Index

Meetw <3 < 35 <5

Meetw <3 < 35 <5

TOELICHTING Wet bodembescherming (Wbb) Gehalte kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde Gehalte groter dan de achtergrondwaarde, maar index maximaal gelijk aan 0,5 Gehalte groter dan de achtergrondwaarde en index groter dan 0,5, maar maximaal gelijk aan 1 Gehalte groter dan de interventiewaarde GSSD: Gestandaardiseerde meetwaarde 6: Heeft geen normwaarde

54(6) 0,200 7 7 0,050 11 1,100 13,700 33

GSSD

Index

(6)

-0,01

6,6 <6

GSSD

Index

0,00

Index

(6)

33(6) 21(6)

-0,01

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grond

MMOG_01

MMOG_02 Meetw 0 0,0049

GSSD 0,025 0

0,004

< 0,001

0,004

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

PCB`S PCB (som 7) PCB (som 7, 0,7 factor)

Eenheid mg/kg ds mg/kg ds

Meetw 0 0,0049

GSSD 0,025 0

Meetw 0 0,0049

GSSD 0,025 0

PCB 101

mg/kg ds

< 0,001

PCB 118

mg/kg ds

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

< 0,001

PCB 138

mg/kg ds

PCB 153

mg/kg ds

< 0,001

0,004

< 0,001

0,004

PCB 180

mg/kg ds

< 0,001

PCB 28

mg/kg ds

PCB 52

mg/kg ds

Index 0,01

TOELICHTING Wet bodembescherming (Wbb) Gehalte kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde Gehalte groter dan de achtergrondwaarde, maar index maximaal gelijk aan 0,5 Gehalte groter dan de achtergrondwaarde en index groter dan 0,5, maar maximaal gelijk aan 1 Gehalte groter dan de interventiewaarde GSSD: Gestandaardiseerde meetwaarde

MMOG_03 Index 0,01

Index 0,01

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grond

02_5

06_5

11_6

Boringnummer Monstertraject (m -mv) Analysedatum Monsterconclusie Wbb

02 1,60-2,00 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

06 1,60-2,00 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

11 1,70-2,10 29-03-2017 Voldoet aan achtergrondwaarde

BODEMKUNDIG Droge stof Lutum Organische stof METALEN Zink

% % ds % ds Eenheid mg/kg ds

93,30 2,0 1,4 Meetw < 20

GSSD 33

93,40 2,0 0,7 Index -0,18

Meetw < 20

TOELICHTING Wet bodembescherming (Wbb) Gehalte kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde Gehalte groter dan de achtergrondwaarde, maar index maximaal gelijk aan 0,5 Gehalte groter dan de achtergrondwaarde en index groter dan 0,5, maar maximaal gelijk aan 1 Gehalte groter dan de interventiewaarde GSSD: Gestandaardiseerde meetwaarde

GSSD 33

83,10 2,0 7,2 Index -0,18

Meetw < 20

GSSD 29

Index -0,19

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Bijlage 4 Toetsing grondwatermonsters aan Wet bodembescherming

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grondwater

11-1-1

Filter (m -mv) Analysedatum Monsterconclusie Wbb

3,00-4,00 05-04-2017 Voldoet aan streefwaarde

BODEMKUNDIG Grondwaterstand pH EC Troebelheid

µS/cm NTU

METALEN Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Molybdeen Nikkel Zink

Eenheid µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

Meetw 33 < 0,2 <2 2,2 < 0,05 <2 <2 10 27

GSSD 33 0,100 1 2,200 0,040 1 1 10 27

Index -0,03 -0,05 -0,24 -0,21 -0,04 -0,23 -0,01 -0,08 -0,05

AROMATISCHE VERBINDINGEN Benzeen BTEX (som) Ethylbenzeen meta-/para-Xyleen

Eenheid µg/l µg/l µg/l µg/l

Meetw < 0,2 < 0,9 < 0,2 < 0,2

GSSD 0,100 0 0,100 0,100

Index 0,00

ortho-Xyleen

µg/l

< 0,1

0,100

Som 16 Aromatische oplosmiddelen Styreen Tolueen Xylenen (som) Xylenen (som, 0,7 factor)

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

0 < 0,2 < 0,2 0 0,21

0,770(2,14) 0,100 0,100 0,210 0

-0,02 -0,01 0,00

Eenheid µg/l -

Meetw < 0,02 0

GSSD 0,010

Index 0,00

PAK Naftaleen PAK 10 VROM

m -mv

2,61 7,22 1.600 14

-0,03

0(11)

TOELICHTING Wet bodembescherming (Wbb) Concentratie kleiner dan of gelijk aan de streefwaarde Concentratie groter dan de streefwaarde, maar index maximaal gelijk aan 0,5 Concentratie groter dan de streefwaarde en index groter dan 0,5, maar maximaal gelijk aan 1 Concentratie groter dan de interventiewaarde GSSD: Gestandaardiseerde meetwaarde 2: Enkele parameters ontbreken in de som 11: Enkele parameters ontbreken in de berekening van de somfractie 14: Streefwaarde ontbreekt zorgplicht van toepassing

Verkenned bodemonderzoek Zilkderduinweg te De Zilk projectnummer 413311 21 april 2017, revisie 00 Gemeente Noordwijkerhout

Analyseresultaten grondwater GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1,1-Trichloorethaan 1,1,2-Trichloorethaan 1,1-Dichloorethaan 1,1-Dichlooretheen 1,1-Dichloorpropaan 1,2-Dichloorethaan 1,2-Dichlooretheen (som cis + trans) 1,2-Dichloorpropaan

11-1-1 Eenheid µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

Meetw < 0,1 < 0,1 < 0,2 < 0,1 < 0,2 < 0,2 0 < 0,2

GSSD 0,100 0,100 0,100 0,100 0,100 0,100 0,140 0,100

1,3-Dichloorpropaan

µg/l

< 0,2

0,100

1.2-Dichloorethenen

µg/l

0,14

cis-1,2-Dichlooretheen

µg/l

< 0,1

0,100

CKW Dichloormethaan Dichloorpropanen Dichloorpropanen (som) Monochlooretheen (Vinylchloride) Tetrachlooretheen (Per) Tetrachloormethaan (Tetra) trans-1,2-Dichlooretheen

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

< 1,6 < 0,2 0,42 0 < 0,1 < 0,1 < 0,1 < 0,1

0 0,100 0 0,420 0,100 0,100 0,100 0,100

Tribroommethaan Trichlooretheen (Tri) Trichloormethaan

µg/l µg/l µg/l

< 0,2 < 0,2 < 0,2

0,100(14) 0,100 0,100

-0,05 -0,01

Eenheid µg/l µg/l µg/l

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=5abd7b0a-f15a-4e32-80fd-b846c6abd7d2