Bijlage Verkennend bodemonderzoek - AVG
Tekst van het document
h) anteagroup
Verkennend en nader bodemonderzoek
Locatie sportpark/zoutopslag te De Zilk gemeente Noordwijkerhout projectnr. 264392.02 revisie 00
27 juni 2014
auteur
Opdrachtgever Gemeente Noordwijkerhout
datum vrijgave
beschrijving revisie 00
27 juni 2014
Resultaten NO toegevoegd
goedkeuring
vrijgave
oranjewoud
Verantwoording Project: Bodemonderzoek De Zilk/ Zoutopslag te Noordwijkerhout Projectnummer: 264392.02
Bij het onderzoek zijn de volgende protocollen gevolgd (aankruisen): B Plaatsen van handboringen en peilbuizen (protocol 2001)
PB Nemen van grondwatermonsters (protocol 2002) [] Milieuhygi nisch onderzoek waterbodems (protocol 2003)
U tocatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem (protocol 2018) Verklaring functiescheiding
Ik verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL 2000.
Protocol
Datum/Periode | Naam veldwerker
Veldwerkbureau**
2o0f Broos at Jeessee Bm Ke
toor | Zui}
Handtekening
Baasra
aje Srucsed Brabo Vv
Zoor |Z: ae Brussee | Svaleo
Je
5 Noam Fullen van de verstverantwoordehike veldwerker die op de beveffende datum/periode de werkzaamheden heeft uitgevoerd ++ Alleen invullen al het veldwerk niet door Oranowoud s uitgevoerd
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring.
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Colofon Aanvullend bodemonderzoek 26139202
het onderzoek zijnde volgende protocollen gevolgd (aankruisen }: Plaatsen van hondringen en petuize (rotocel 201) Nemen van grendvatermonstes (protocol 2002)
Meygi isch onderzoek waterbodems (ptotocn 2003)
Loantieinspecte en monstermaring van asbest In bedem (prctoca 2018) functiescheiding
verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL 2000
am tenvande
re deopde
leen vellen het veldwerkiet dor Aten Groups utgevoerd.
Bifreiedede
hee
blad 3 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Inhoud
blz.
1
Inleiding .
2
Vooronderzoek
21
Algemeen.
22
Terreinbesch
23
Voormalig en huidig gebruik
24
Toekomstig gebruik.
25
Bodemopbouw en geohydrolog
26
Conclusie vooronderzoek en hypothese
3
Verrichte werkzaamheden verkennend bodemonderzoek.
31 32
Veldwerkzaamheden Laboratoriumonderzoek
4
Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek
9
41
Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen
9
42
Analyseresultaten
9
421 _ Toetsingskader. 4.2.2 4.23
_Grond. Grondwater.
5
Conceptueel model nader bodemonderzoek
51
Bevindingen verkennend bodemonderzoek
5.2
Conceptueel model van de verontreiniging.
5.3
Onderzoeksvragen
54 55
Verrichte veldwerkzaamheden Laboratoriumonderzoek
5.6
Onderzoeksresultaten; lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen
9
57 Analyseresultaten 57.1 _ Toetsingskader. 572 Grond. 57.3 _ Grondwater. 57.4 _ Asbest
5.8
Beantwoording onderzoeksvragen
6
Conclusies,
blad 1van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Bijlagen
oNnuer
Profielbeschrijvingen en zintuiglijke waarnemingen Analyseresultaten grondmonsters met overschrijding normwaarden
Analyseresultaten grondwatermonsters met overschrijding normwaarden Normwaarden grond en grondwater Toelichting op normwaarden grond en grondwater
Analysecertificaten Indicatieve toetsing Besluit Bodemkwaliteit
Toelichting toetsingskader Besluit bodemkwaliteit Kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en strategie n en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek
10. Foto's asbestverdacht plaatmateriaal 11. Foto's depot en obstakels nabij schuurtjes
Tekeningen 264392-02-0-1
264392-02-5-3
___Overzichtstekening met ligging locaties
Situatietekening met boringen en peilbuizen (sportpark/zoutopslag DeZilk)
Copyright 2014 Antea Nederland B.V. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
blad 2 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Inleiding In opdracht van de gemeente Noordwijkerhout is door Antea Group in de periode november 2013 - april 2014 een verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en een indicatieve
partijkeuring uitgevoerd ter plaatse van een sportpark met zoutopslag. De locatie is gelegen in De Zilk, gemeente Noordwijkerhout.
Aanleiding De aanleiding tot het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen verkoop van het terrein.
Uit het verkennend bodemonderzoek zijn enkele aandachtspunten naar voren gekomen die nader onderzoek behoeven.
Doel
Het doel van het verkennend bodemonderzoek is de bodemkwaliteit vast te leggen om in het kader van de voorgenomen verkoop de gebruiksmogelijkheden van het terrein te bepalen.
Het doel van het nader bodemonderzoek is het vaststellen van de omvang en ernst van de verontreinigingen in de grond en het grondwater.
Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het verkennend bodemonderzoek is gebaseerd op de richtlijnen uit de NEN 5740 (Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek, NEN, 2009).
Voor de opzet van het bodemonderzoek zijn de richtlijnen uit de NTA 5755 (NNI, juli 2010) gevolgd. Het asbestonderzoek is gebaseerd op de NEN 5707: Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem (april 2003) . Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertifi caat voor veldwerk bij milieuhygi nisch bodemonderzoek). Antea Nederland B.V. is volgens dit SIKB-
procescertificaat erkend. Met betrekking tot de kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek wordt verwezen naar bijlage 9. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden en worden de resultaten van het onderzoek beschreven.
blad 3 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Vooronderzoek 2.1
Algemeen Bij toepassing van de NEN 5740 moet een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/ afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725 (Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, NNI, januari 2009). Op basis van de verzamelde basisinformatie, de aanleiding van het onderzoek en de mate van
verdachtheid van de onderzoekslocatie is gekozen voor een standaard vooronderzoek. Het standaard vooronderzoek richt zich op de onderzoekslocatie en de direct hieraan grenzende
percelen. Indien een direct aangrenzend perceel <10 meter breed is, worden ook de percelen hier weer aangrenzend meegenomen. Bij grotere aangrenzende percelen, wordt alleen het gedeelte van deze percelen binnen 25 meter vanaf de grens van de onderzoekslocatie in beschouwing genomen, tenzij
aanleiding bestaat het gehele aangrenzende perceel in het vooronderzoek te betrekken. Aansluitend is informatie verzameld over de volgende aspecten van de locatie:
-_
voormalig gebruik
-_huidig gebruik -_ toekomstig gebruik
-__bodemopbouw en geohydrologie Per onderdeel zijn n of meerdere informatiebronnen geraadpleegd. De verzamelde informatie is vastgelegd per bron en weergegeven in de volgende paragrafen. 2.2
Terreinbeschrijving
De onderzoekslocatie betreft een sportpark met zoutopslag, en is gelegen aan de GN Zilkerduinweg in het noordwesten van BW gemeente Noordwijkerhout. Het terrein heeft een
oppervlakte van 35.380 m . De oostzijde van het terrein is in gebruik als sportcomplex, de westzijde als opslagterrein. Een deel van het terrein is verhard met asfalt. Op het sportcomplex zijn verder onder andere een drietal tennisbanen, een sportveld (gras) en enkele
bijgebouwen aanwezig. In de noordwestelijke hoek van de locatie zijn enkele noodgebouwen ten behoeve van scholingsvoorzieningen geplaatst. De oostzijde van het terrein is onbebouwd en heeft veel
niveauverschillen, dichte bebossing en een water/moerassige vegetatie. De situering van de onderzoekslocatie is weergegeven in tekening 264392-02- 1. De regionale ligging van de onderzoekslocaties is weergegeven op 264392-02-0-1.
2.3
Voormalig- en h Voor het vaststellen van het voormalige en huidige gebruik is informatie verkregen van de
opdrachtgever en van de Milieudienst Waterland MM+. 14 november 2013). Onderstaand is per geraadpleegde bron de gevonden informatie omschreven. Voor zover bekend hebben er op de onderzoekslocaties geen calamiteiten of overtredingen van
voorschriften in het kader van de Wet milieubeheer en/of Wet bodembescherming en/of andere milieuregelgeving plaatsgevonden.
blad 4 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Bodemonderzoeken
Op het terrein van de zoutopslag en noodgebouwen aan de Zilkerduinweg is het volgende bodemonderzoek uitgevoerd:
Verkennend bodem- en asfaltonderzoek Zilkerduinweg 105 te De Zilk, IDS, 10028886, 8 april 2010 Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van een voorgenomen eigendomsoverdracht.
Tijdens het onderzoek zijn in enkele boringen zintuiglijk sporen tot maximaal matige bijmengingen aan slakken, baksteen en/of puin aangetroffen. In de bovengrond zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan lood en PAK. De ondergrond, waar bodemvreemde bijmengingen zijn aangetroffen, bevat licht
verhoogde gehalten aan lood, PAK en minerale olie. In de zintuiglijk schone ondergrond is verder geen overschrijding van de achtergrondwaarde gemeten voor de geanalyseerde parameters. Ter plaatse van de zoutopslag is geen cyanide gemeten. In het grondwater zijn verder geen verhoogde concentraties
gemeten. In het onderzoek wordt verder geconcludeerd dat het asfalt ter plaatse niet teerhoudend is. Onder de asfaltverharding is geen puinhoudende funderingslaag aangetroffen.
Op- en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn verder geen bodemonderzoeken bekend. Tankarchief De onderzoekslocatie en de directe omgeving komen niet voor in het tankarchief. Bodemkwaliteitskaart (BKK)
De onderzoekslocatie is volgens de bodemkwaliteitskaart hoofdzakelijk gelegen in de zone schoon (Bodembeheerplan gemeente Noordwijkerhout, SCO, 07K123, 3 juni 2008).
Overige historische gegevens Verder zijn geen gegevens bekend over de (voormalige) aanwezigheid van kassen op (een deel van) de onderzoeksterreinen.
2.4
Toekomstig gebruik In de nabije toekomst zal ter plaatse woningbouw worden gerealiseerd.
2.5
Bodemopbouw en geohydrologie Voor de plaatselijke bodemopbouw wordt verwezen naar paragraaf 4. Ten aanzien van de bodemopbouw en geohydrologie kan het volgende worden vermeld: - freatische grondwaterstand: 2,5 3,0m -mv. - regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: zuidoostelijk
voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: nee voorkomen van brak/zout grondwater: nee ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee
De gegevens over de geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland (DGV-TNO) en de actuele kaarten met grondwaterbeschermingsgebieden.
blad 5 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partjkeuring
Sportpark/zoutopslagte DeZilk Projectnr. 264392.02 27 juni 2014, revisie 00
2.6
> anteagroup
Conclusie vooronderzoek en hypothese De verzamelde informatie geeft geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van (voormalige) bodembedreigende activiteiten op het onderzoeksterrein.
Op basis van het vooronderzoek is de in onderstaande tabel weergegeven onderzoeksstrategie toegepast. Tabel 2.1: Overzicht locatie
Locatie Hypothese _| Strategie (oppervlakte in m') 'De Zilk (locatie Zoutopslag, Sportlaan)
onverdacht | ONV-GR (35.380 m ) Troelichting gebruikte onderzoekstrategie n: ONV-GR__:
_Onderzoeksstrategie voor een grootschalig onverdachte locatie
blad 6 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Verrichte werkzaamheden verkennend bodemonderzoek 3.1
Veldwerkzaamheden
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 19, 20 en 27 november 2013 door de heren C.L. Brussee en J. Brussee van B-MKV. De werkzaamheden zijn uitgevoerd volgens de VKB-protocollen 2001 en 2002 en, eventuele aanvullende NEN-/NPR-normen conform de BRL SIKB 2000 (beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygi nisch bodemonderzoek). Verspreid over de onderzoekslocatie zijn de in tabel 3.1 weergegeven veldwerkzaamheden uitgevoerd. Tabel 3.1:
Deellocatie
Overzicht veldwerkzaamheden
[veldwerkzaamheden [aantal boringen o5m-mv__
|De Zilk (locatie Zoutopslag, Sportlaan)
18
[Lomm
[20mm
3
E
5
Tijdens de terreininspectie binnen het onderzoeksgebied en bij het uitvoeren van de boringen is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld of in het
opgeboorde materiaal. De boorlocaties zijn weergegeven op situatietekening 264392-02-5-3.
3.2
Laboratoriumonderzoek
In de volgende tabel is een overzicht gegeven van de uitgevoerde analyses. Tabel 3.2: Laboratoriumonderzoek
(Meng)monster __ [ Deelmonsters
Analyses 7
(traject m -mv) Grond
118-2(0,50-0,30) [1182 130-2(0,20-0,50) [1302 IMM (0,00 -0,55)_| 104-1; 1051;
Standaardpakket grond inclusief lutum en organisch stof Standaardpakket grond inclusief lutum en organisch stof 1061, 107-1, 108-1, 111-1 | Standaardpakket grond inclusief lutum en organisch stof
IMM2 (0,00 -0,50)_| 109-1; 116-1; 112-1; 127-1, 128-1; 129-1 | Standaardpakket grond inclusief tum en organisch stof IMM3 (0,00 0,52) | 114-1, 115-1; 116 1; 1191; 1231; 124 2 | Standaardpakket grond inclusief lutum en organisch stof 1MM4(0,50-1,60) | 104-3; 1063; 108-4; 120-2; 123-3; 127-3 | Standaardpakket grond inclusief lutum en organisch stof Grondwater
104-1-1(2,00 3,00) ]106-1-1(120-2,20) |= 18-1-1(5,50-4,50) |-
Standaardpakket grondwater. Standaardpakket grondwater. Standaardpakket grondwater.
120-11(3,00-4,00) |12711 (5,50-4,50) | -
Standaardpakket grondwater Standaardpakket grondwater
1)
Standaardpakketten: -_grond: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, load, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB
som 7), polyeyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 VROM), minerale olie (Gaschromatografie } -_
grondwater: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten,
(benzeen, tolueen, ethylbenzeen, wylenen, styreen en naftaleen), vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (17 stuks), minerale olie (Gaschromatografie (GC))
blad 7 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Afwijkingen op de BRL SIKB 2000 Op de volgende punten is afgeweken van de BRL SIKB 2000 c.q. de VKB-protocollen 2001 en 2002: -
Bij ingangscontrole in het laboratorium is gebleken dat de pH-waarde van de grondwatermonsters behorend bij certificaat 2013151973 niet voldoet aan de eis voor de voorbehandeling van vluchtige koolwaterstoffen. De genoemde afwijking wordt als niet-kritieke afwijking beschouwd, aangezien de
monsters geconserveerd zijn bewaard in de daarvoor bestemde gefiltreerde flesjes. De afwijking heeft geen gevolgen voor het analyseresultaat. -_Alle peilbuizen zijn geplaatst met behulp van een zuigerboor, waardoor er geen filtergrind is, toegepast rondom het filter. De genoemde afwijking wordt als niet-kritieke afwijking beschouwd, aangezien de zandige bodem voldoende toestroming van grondwater garandeert.
blad 8 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partjkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek 41
Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen De profielbeschrijvingen van de verrichte boringen met de bijbehorende veldwaarnemingen zijn opgenomen in bijlage 1. Uit de profielbeschrijvingen blijkt dat de bodem tot de maximaal geboorde diepte van 4,5 m -mv. hoofdzakelijk uit fijn zand bestaat. Ter plaatse van enkele boringen bestaat de bovengrond uit klei. In de ondergrond komen op wisselende diepten veenlagen voor.
De toplaag ter plaatse van de tennisbanen bestaat uit gravel, met daaronder een fundatie van lava tot een diepte van 0,15 tot 0,35 m -mv. Bij het uitvoeren van het veldonderzoek zijn waarnemingen gedaan die duiden op bodemverontreiniging. De betreffende veldwaarnemingen zijn weergegeven in tabel 4.1. Tabel 4.1: Veldwaarnemingen
[B inddiepte | veldwaarnemingen m-mv__
Diepte (m-mv.) |Waarneming
101
[1,00
zo2
[100
0,90-0,05 005 0,00 004
Gravel Volledig lava, zwak gravel Gravel Volledig lava, zwak gravel
0,50
Sporen puin
{100
000
Gravel
ue us 122
_|as0 _|osz |oso
008 0,50 0,00 0,00
volledig lava, zwak gravel Zwak baksteen, matig kolengruis [volledig asfalt Sporen puin
16 130
_|o7o [2,00
0,00-0,20 0,00-0,20 0,20-0,50)
Zwak puin Sporen puin Uiterst kolengruis
zo1
Grondsoort
Zand Zand Zand Kler Zand Zand
Zuidwestelijk van het sportveld is visueel een opslag van asbestverdacht plaatmateriaal aangetroffen. De situering van het betreffende plaatmateriaal is weergegeven op tekening 264392-02-5-1 en in de
foto's uit bijlage 10.
Analyseresultaten Toetsingskader De getoetste analyseresultaten van de onderzochte grond- en grondwatermonsters zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 2 en bijlage 3. De analysecertificaten zijn toegevoegd in bijlage 6.
De resultaten zijn getoetst aan de actuele achtergrond-, streef- en interventiewaarden uit de Regeling Bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. Hiervoor is gebruik gemaakt van
BOTOVA-gevalideerde software. De achtergrond-/streef- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 4. Een toelichting op het toetsingskader is opgenomen in bijlage 5.
In de tekst zal de term verhoogd worden gebruikt bij gehalten hoger dan de achtergrond- of streefwaarden en lager dan de interventiewaarden. De term sterk verhoogd wordt gebruikt bij
gehalten hoger dan de interventiewaarden. Tevens is bij de getoetste waarden een index opgenomen.
Deze index is als volgt berekend: Index = (GSSD - AW) / (l - AW). Een negatieve waarde voor de index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde lager is dan de achtergrondwaarde. Bij een index boven de 1 ligt de gestandaardiseerde meetwaarde boven de blad 9 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
interventiewaarde. Een index tussen de 0 en 0,5 betekent dat de gestandaardiseerde meetwaarde (ver) onder de interventiewaarde ligt. Een index tussen de 0,5 en 1 houdt in dat, op basis van de NEN 5740, de waarde voor nader onderzoek wordt overschreden. De gestandaardiseerde meetwaarde ligt (dicht) bij de interventiewaarde. Afhankelijk van de specifieke situatie geeft dit mogelijk aanleiding voor het uitsplitsen van een mengmonster en/ of het uitvoeren van een nader onderzoek. Grond
In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven, die de betreffende achtergrond- of interventiewaarde overschrijden.
Tabel 4.2: Overschrijdingstabel grond 'Analyemonster
[Traject
> AW (rindex)
>1 (einder)
(m -mv.)
Index <0,5
Index >0,5.
1182
0,50 -0,30
-
PAK 10 VROM (5,05)
1302
0,20 -0,50
PCB (som 7) (0,09) Minerale olie C10 - C40 (0,06) PCB (som 7) (0,04)
Nikkel [NI] (0,68)
PAK 10 VROM (3,94)
PAK 10 VROM (0,01)
-
-
-
-
B
Kobait [Co] (0,12)
1MM1
0,00-0,55
1MM4
0,50-1,50
1MM2 1MM3
4.23
Koper [Cu] (0,27) Molybdeen [Mo] (0,01)
0,00 -0,50 0,00 -0,52
PAK 10 VROM (0,04) -
--
--
>AW
> Achtergrondwaarde
>l
> Interventiewaarde
Index
(GsSD - Aw) /(1- AW)
-
Geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde
Grondwater
In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven, die de betreffende streef- of interventiewaarde
overschrijden. De zuurgraad (pH), het elektrische-geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid van de bemonsterde peilbuizen is ook in de tabel weergegeven. Tabel 4.3: Overschrijdingstabel grondwater Watermonster JFikerdiepte
_TGWS _
TEC
pH_Ttroebelheid [> (sindex]
>1 (vinder)
(mmv)
(m-mv.) | (S/em) |)
|(NTU)
Index <0,5
Index>05
10411
200-300
_|140
|i3o
|71
[36
-
Kwik [Hg] (0,88) |-
10611
120-220
|oao
|ois
[zoz
-
_|is
{69
[887
-
-
_|242
[71 [48
-
300-400
[937
[71
Koper [ou] 007)
|-
Kvik [HE] (1,24)
12711 >s
350-450 > streefwaarde
[300
[972
{72
[409
-
B
>
> Interventiewaarde
Index -
:(GSSD-S)/(1-S) Geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde
EEEREN 12011
350-450 _|270
-
De zuurgraad en het elektrische geleidingsvermogen van het grondwater uit de peilbuizen zijn niet
afwijkend van een natuurlijke situatie. In het bemonsterde grondwater uit de geanalyseerde peilbuizen, uitgezonderd peilbuis 120-1, is een
verhoogde troebelheid (> 10 NTU) vastgesteld. Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan organische parameters in het grondwater. Bij het voorliggende onderzoek is de index van geen enkele organische parameter groter dan 0,5. De eventuele
overschatting van de gehalten als gevolg van een verhoogde troebelheid heeft geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksgegevens en de conclusies van dit rapport. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd. blad 10 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Conceptueel model nader bodemonderzoek 51
Bevindingen verkennend bodemonderzoek In het verkennend bodemonderzoek zijn enkele bevindingen gedaan die aanleiding hebben gevormd tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek. De belangrijkste bevindingen uit het verkennend bodemonderzoek worden in deze paragraaf opgesomd.
De onderzoeksresultaten geven aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, omdat: het gehalte aan PAK ter plaatse van de boringen 118 en 130 de interventiewaarde overschrijdt;
__ het matig verhoogde gehalte aan nikkel ter plaatse van MNM 130 een indicatie geeft dat er mogelijk sprake kan zijn van een geval van bodemverontreiniging, aangezien de achtergrondwaarde voor nikkel ruim overschreden wordt (index van 0,68, waarbij een index van 1 overeenkomt met de interventiewaarde);
_
de sterk verhoogde concentratie aan kwik in het grondwater van peilbuis 120-1 de betreffende interventiewaarde overschrijdt en
__
de matig verhoogde concentratie aan kwik in het grondwater uit peilbuis 104-1 een indicatie
geeft dat er mogelijk sprake kan zijn van een geval van bodemverontreiniging, aangezien de betreffende streefwaarde ruim overschreden wordt (index van 0,88, waarbij een index van 1 overeenkomt met de interventiewaarde).
5.2
Conceptueel model van de verontreiniging Naar aanleiding van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek is een conceptueel model
opgesteld. In de grond op het terrein van de zoutopslag is op een tweetal plaatsen een kolengruishoudende
bodemlaag aangetroffen MM 118, traject 0,50 -0,80 m -mv. en MMM 130, traject 0,20 -0,50 m -mv.; beiden uit voorgaand onderzoek), waar analytisch sterk verhoogde gehalten aan PAK in zijn gemeten. Op een van de locaties BWN 30) is in hetzelfde traject tevens een gehalte aan nikkel met een index boven de 0,5 gemeten. De verontreinigingen met PAK en nikkel zijn vermoedelijk te relateren aan het kolengruishoudende
materiaal. Gezien de geringe diepte, mate en aard van de aangetroffen bijmengingen heeft in het verleden op de locaties mogelijk een oud pad (halfverharding) gelegen of is het terrein opgehoogd met
bodemvreemd materiaal. Met het oog op de verplichtingen vanuit de Wet Bodembescherming is het van belang om de omvang van de ophooglaag en het sterk verontreinigde volume in beeld te krijgen. Verder dient te worden getoetst of verspreiding naar het grondwater heeft plaatsgevonden.
In het grondwater ter plaatse van enkele peilbuizen zijn matig tot sterk verhoogde concentraties aan kwik gemeten. Aangezien uit de historische informatie geen mogelijke verontreinigingsbron(nen) voor
het aantreffen van kwik in het grondwater zijn gevonden betreft het hier mogelijk verhoogde waarden als gevolg van het plaatsingseffect (door verstoring van de bodemmatrix tot op het niveau van het peilfilter treden er ionomwisselingen op, waarbij zware metalen (kationen) in oplossing gaan). Herbemonstering van de peilbuizen zou hier uitsluitsel over moeten geven.
blad 11 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
5.3
Onderzoeksvragen Het doel van het nader bodemonderzoek is het vaststellen van de omvang, ernst en risico's van de verontreinigingen in de grond en het grondwater. Gelet op het conceptueel model zijn de onderstaande
onderzoeksvragen van belang: 1.
Iserter plaatse van
2._Iserter plaatse van
118 sprake van een geval van ernstige bodemverontrei
g met PAK?
130 sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PAK
en/of nikkel? Zijn de aangetroffen verontreinigingen bij boringen 118 en 130 immobiel?
4. _ Zijn de verhoogde concentraties aan kwik in peilbuizen 104 en 120 te relateren aan een (tijdelijke) verstoring van het natuurlijk evenwicht van de bodem als gevolg van de plaatsing van de peilbuis?
5.4
Verrichte veldwerkzaamheden
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 13, 25 en 27 maart 2014 door oe eer heden zijn uitgevoerd conform de VKBprotocollen 2001 en 2002 en eventuele aanvullende NEN-/NPR-normen conform de BRL SIKB 2000 (beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygi nisch
bodemonderzoek). De veldwerkzaamheden ter plaatse van een asbestverdacht depot zijn conform VKBprotocol 2018 uitgevoerd. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn de in tabel 3.1 weergegeven veldwerkzaamheden uitgevoerd. Vanwege het aantreffen van een ophooglaag met bodemvreemde materialen ter plaatse van boringen
118 en 130 is afgeweken van het oorspronkelijke boorplan, en zijn aanvullende boringen geplaatst om de ophooglaag zintuiglijk af te perken. Tabel 3.1: Overzicht veldwerkzaamheden
Deellocatie HBvoorgaandonderzoek 130 voorgaand onderzoek
[veldwerkzaamheden 11 73 herbemonstering pb's 1201 en 104-1 [Aantal boringen
05-06m-mv.
[09-13m-mv
Aantal pe lbuizen
[2,0m mv. | (nummer)
El-
Bu LIL) Toa)
plaatmateriaal schuurtjes 3) 1) Voor de bemonstering is gebruik gemaakt van de peilbuizen uit voorgaand onderzoek. 2)_Peilbuis 104-1 was tijdens de terreininspectie niet meer aanwezig en is herplaatst (104A-1). 3) Het uitvoeren van een verkennend asbestonderzoek ter plaatse van het maaiveld rondom de schuurtjes bleek niet mogelijk vanwege de aanwezigheid van onlangs aangebrachte obstakels en een partij grond ter plaatse van het onderzoeksterrein.
Tijdens de terreininspectie binnen het onderzoeksgebied en bij het uitvoeren van de boringen is
aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld of in het opgeboorde materiaal. Tijdens de herbemonstering van peilbuis 104-1 bleek deze niet meer aanwezig te zijn. Derhalve is een nieuwe peilbuis geplaatst (104A-1). Deze peilbuis is een week na plaatsing bemonsterd. Het uitvoeren van een verkennend asbestonderzoek ter plaatse van het maaiveld rondom de schuurtjes bleek niet mogelijk vanwege de aanwezigheid van opgeslagen materiaal en een partij grond ter plaatse van het onderzoeksterrein. Hierop is in overleg met de opdrachtgever besloten de partij grond in het
kader van afvoer onderzocht op de aanwezigheid van asbest en overige verontreinigingen. Gezien de beperkte omvang van de partij (zie foto's in bijlage 11) is geen formele partijkeuring uitgevoerd, maar is het depot verkennend onderzocht op asbest.
blad 12 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Middels een schep en een boor met een diameter van 12 cm is materiaal uit de partij opgeboord. Een van de boringen in het depot is doorgezet tot onderzijde depot. De hoogte van het depot bedroeg circa 1,5 m -mv.
Voorafgaande aan de bemonstering is ten behoeve van het asbestonderzoek een visuele inspectie van de partij uitgevoerd. Op basis van de veldcondities (zand, vochtig en geen vegetatie) wordt de
inspectie-effici ntie ingeschat op 70-90%. Na het uitvoeren van de visuele inspectie zijn vijf grepen genomen in de actuele contactzone van 0,3 x 0,3 m en 0,5 m -mv.
jn weergegeven op situatietekening 264392-02-5-3.
De boorlocaties
5.5
Laboratoriumonderzoek De verontreinigingen met PAK en nikkel zijn vermoedelijk te relateren aan de kolengruishoudende
bijmengingen, aangetroffen tijdens het verkennend bodemonderzoek. Derhalve is het analytisch onderzoek naar de verontreinigingen met PAK en nikkel ter plaatse van de boringen 118 en 130 uit het verkennend onderzoek gebaseerd op de zintuiglijke waarnemingen. Om een onderbouwing van deze
visie te verkrijgen zijn monsters van het ophoogmateriaal, de boven- en onderliggende bodemlaag en van materiaal direct naast de ophooglaag onderzocht op de aanwezigheid van PAK en/of nikkel. In de volgende tabel is een overzicht gegeven van de uitgevoerde analyses. Tabel 3.2: Laboratoriumonderzoek
(Meng)monster _[ Deelmonsters ] Analyses (traject m -mv.) Grond
[Me veorgeend onderzoek 200-1(0,00-0,30)_[ 2001 200-3(0,55-1,05) | 2003 201-2(0,40-0,65) | 2012
PAK {10 VROM), lutum en organisch stof PAK (10 VROM), lutum en organisch stof PAK (10 VROM), lutum en organisch stof
208-2(0,40-0,90)
PAK (10 VROM), lutum en organisch stof
|208-2
130 voorgaand onderzoek 209-4(1,00-1,15) [2094 211-1(0,00-0,30) | 2111
PAK (10 VROM), Nikkel (Ni), lutum en organisch stof PAK (10 VROM), Nikkel (Ni), lutum en organisch stof
211-3(0,45-0,65) | 2113 PAK (10 VROM), Nikkel (Ni), lutum en organisch stof 213-3(0,55-1,05) [2133 PAK (10 VROM), Nikkel (Ni), lutum en organisch stof 210-1(0,00-0,50) | 210-1 Nikkel (Ni), lutum en organisch stof 212-1(0,00-0,30) [2121 Nikkel (Ni), lutum en organisch stof 212-3(0,50-1,00) [2123 Nikkel (Ni), lutum en organisch stof 213-1(0,00-0,50) [2131 Nikkel (Ni), lutum en organisch stof Indicatieve partijkeuring nabij schuurtje depot (0,00-0,50) | Standaardpakket grond inclusief lutum en organisch stof AMM1(0,00-0,50)
|-
Asbest in bodem conform NEN 5707
Grondwater
[118 voorgaand onderzoek
118-1-1
jE
[zo veorzeend onderzoek 211-1-1(3,50 -4,50) |
[PAK (10 VROM) [Nikkel (Ni), PAK (10 VROM)
herbemonstering pb's 120-1 en 10441
10411 Kuik (He) 10-12 7 Kwik (He) 1} _ Standaardpakket grond: zware metalen (barium, cadmium, koba t, koper, kwik, Toad, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB som 7), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 VROM), minerale olie (GC).
blad 13 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
5.6
Onderzoeksresultaten; lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen De profielbeschrijvingen van de verrichte boringen met de bijbehorende veldwaarnemingen zijn opgenomen in bijlage 1.
Uit de profielbeschrijvingen blijkt dat de bodem tot de maximaal geboorde diepte van 4,5 m -mv. hoofdzakelijk uit fijn zand bestaat. In de diepere ondergrond komen sporadisch veenlagen voor.
Bij het uitvoeren van het veldonderzoek zijn waarnemingen gedaan die duiden op bodemverontreiniging. De betreffende veldwaarnemingen zijn weergegeven in tabel 4.1. Tabel 4.1: Veldwaarnemingen
(B [naren [veldwaameningen m-mv__
[bieptem-mv_[ Waameming
200
[20
030-055
arokken baeen bokken sl mal bun mat gnd
201
11
0,40-0,65
Matig grind, matig puin, matig asfalt
ENNE
030-050
| Matig grind-zwak puin zwak kolengr u
IM
voorgan onderzoek
204 13 0,30-0,80 205 0,5 0,40-0,50 MM 0 vooreen onderzoek
Matig grind, matig puin Matig grind, matig puin
209
080-100
[eenen
1,00-1,15
Sterk grind, matig puin, sterk asfalt
zo
112
[oe
211
4,5
212
10
ENNE:
145-120 000-050
[erst slokken | sporen grind
050-060 0,00-0,30 030-045 0,00-0,30 0,30-0,50__
| sterk puin sporen gnd Matig grind, matig puin | sterk grind sterk puin, Se Matig grind, matig puin, brokken baksteen | Sterk grind, sterk puin, sterk asfalt
000-055
[Matig puin, matig grind, brokken been
Ter plaatse van de deellocaties MMM 118 voorgaand onderzoek en WM 130 voorgaand onderzoek is in het veld ge nventariseerd wat de omvang is van de bodemlaag met matig tot uiterste bijmengingen
(waar in voorgaand onderzoek de verontreiniging met PAK in is gemeten). Tijdens de veldwerkzaamheden is gebleken dat ter plaatse van beide deellocaties sprake is van een ophooglaag met bijmengingen aan slakken, kolengruis, puin, baksteen, asfalt en grind. Ter plaatse van
de deellocatie MMM 118 voorgaand onderzoek heeft de ophooglaag een omvang van circa 40 m . De ophooglaag ter plaatse van de deellocatie BM 130 voorgaand onderzoek heeft een minimale omvang van circa 75 m . De ophooglaag loopt vermoedelijk door onder het terrein van de school. Tijdens het veldwerk is op het depot en in het opgeboorde materiaal geen asbestverdacht
plaatmateriaal aangetroffen. In het veld is een mengmonster van het depot (AMM1, 0,0 - 0,5 m -mv.) samengesteld voor een analyse op asbest. 5.7 571
Analyseresultaten Toetsingskader De getoetste analyseresultaten van de onderzochte grond- en grondwatermonsters zijn weergegeven in
respectievelijk bijlage 2 en bijlage 3. De analysecertificaten zijn toegevoegd in bijlage 6. De resultaten zijn getoetst aan de actuele achtergrond: streef- en interventiewaarden uit de Regeling
Bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013. Hiervoor is gebruik gemaakt van BOTOVA-gevalideerde software. De achtergrond-/streef- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 4. Een toelichting op het toetsingskader is opgenomen in bijlage 5. blad 14 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
In de tekst zal de term verhoogd worden gebruikt bij gehalten hoger dan de achtergrond- of streefwaarden en lager dan de interventiewaarden. De term 'sterk verhoogd wordt gebruikt bij gehalten hoger dan de interventiewaarden. Tevens is bij de getoetste waarden een index opgenomen.
Deze index is als volgt berekend: Index = (GSSD - AW) / {l - AW). Een negatieve waarde voor de index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde lager is dan de
achtergrondwaarde. Bij een index boven de 1 ligt de gestandaardiseerde meetwaarde boven de interventiewaarde. Een index tussen de 0 en 0,5 betekent dat de gestandaardiseerde meetwaarde (ver) onder de interventiewaarde ligt. Een index tussen de 0,5 en 1 houdt in dat de gestandaardiseerde
meetwaarde (dicht) bij de interventiewaarde ligt. Afhankelijk van de specifieke situatie geeft dit mogelijk aanleiding voor het uitsplitsen van een mengmonster en/ of het uitvoeren van een nader onderzoek.
572
Grond
In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven, die de betreffende achtergrond- of
interventiewaarde overschrijden. Tabel 4.2: Overschrijdingstabel grond Analye-
[Traject
Waarnemingen)
monster |(m-mv,)
> AW (vindex)
> Ginder)
Index 05
[nderos
PAK 10 VROM (0,06) _|PAK10VROM (0,06)
[IM
voorgaand onderzoek
200-1 2003
0,00 - 0,30 {055-105 _
||-
-
201-2 208-2_
0,40-0,65 ophooglaag PAK 10 VROM (0,19) |E[040-090 _ [schoon zand drect naast ophooglaag |-
z7
schoon zand boven ophooglaag [schoon zand onder ophooglaag
[Lo voorgaand onderzoek 209-4
1,00-1,15
ophooglaag
Nikkel [Ni] (0,31)
2111 2113
0,00 -0,30 0,45-0,65
zand boven ophooglaag schoon zand onder ophooglaag
PAK 10 VROM (0,09) |-
2133 210-1
[055-105 [000-050 _
[schoon zand onder ophooglaag [schoon zand boven ophooglaag
| |
-
E E
2121 [000-030 _ [zand boven ophooglaag 2123 [050-100 __ [schoon zand onder ophoogiaag 2131 [000-050 _ |ophoogtaar indicatieve partijkeuring nabij schuurtje
B | E
-
7
depot
PAK 10 VROM (-) Lood [Pb] (0,02)
Zink [Zn] (0,66)
0,00 - 0,50
-
SAW
> Achtergrondwaarde
>
> Interventiewaarde
Index -
(GSSD - AW) / (l- AW) Geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde
PAK 10 VROM (1,6)
Om te bepalen of de milieuhygi nische kwaliteit van de bodem voldoet aan de functie van de locatie, is het mengmonster van het depot nabij de schuurtjes indicatief getoetst aan de maximale waarden van het Besluit bodemkwaliteit.
De grond ter plaatse van het depot voldoet indicatief aan de bodemkwaliteitsklasse Industrie. Verder kan de partij als asbest onverdacht worden aangemerkt. De toetsing aan het Besluit Bodemkwaliteit is weergegeven in bijlage 7. Het toetsingkader is weergegeven in bijlage 8.
blad 15 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
57.3
Grondwater
In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven, die de betreffende streef- of interventiewaarde overschrijden. De zuurgraad (pH), het elektrische-geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid van de
bemonsterde peilbuizen is ook in de tabel weergegeven. Tabel 4.3: Overschrijdingstabel grondwater Watermonster [Fiterdiepte
[GW
[EC
[ph
[troebeheid [>S (vinder)
(m-mw)___[(m-mv.) |(as/em) |C) | (NTU)
5 inder)
Index <0,5 Tindex>05
De Zilk (locatie Zoutopslag, Sportlaan) 118 voorgaand onderzoek
ner [as4s Le [MM 220 voorgeond onderzoek et [35-45 Jae
De
Dew
L
E
E
[ee
[eas
E
LE
E
[75
[24
B
-
B
[75
[127
-
:
E
herbemonstering pb's 120-T en 1044-1 104A11 [20-30 1 12012
30-40
230
|100t
>s >
> streefwaarde > Interventiewaarde
Index -
(GSSD -S)/ (1-5) Geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde
De zuurgraad en het elektrische geleidingsvermogen van het grondwater zijn niet afwijkend van een natuurlijke situatie.
In het bemonsterde grondwater uit enkele van de geanalyseerde peilbuizen (211-1, 104A-1 en 120-1) is een verhoogde troebelheid (> 10 NTU) vastgesteld. Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan organische parameters in het grondwater. Bij het voorliggende onderzoek is de index van geen enkele organische parameter groter dan 0,5. De eventuele
overschatting van de gehalten als gevolg van een verhoogde troebelheid heeft geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksgegevens en de conclusies van dit rapport. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd. 574
Asbest
Het asbestverdachte depot, gesitueerd in de directe omgeving van de schuurtjes op het sportcomplex, is
indicatief onderzocht op de aanwezigheid van asbest. Op basis van de resultaten van het asbestonderzoek wordt geconcludeerd dat in de grond ter plaatse
van het depot geen asbest is gemeten. Daarnaast is er visueel ook geen asbestverdacht materiaal op het depot en in het opgeboorde materiaal van het depot aangetroffen. De partij is derhalve onverdacht op de aanwezigheid van asbest.
5.8
Beantwoording onderzoeksvragen Op basis van de verzamelde gegevens worden de onderzoeksvragen beantwoord: 1.
Iser ter plaatse van
118 sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PAK?
2. Iser ter plaatse van en/of nikkel?
130 sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PAK
Zijn de aangetroffen verontreinigingen bij boringen 118 en 130 immobiel?
4. _ Zijn de verhoogde concentraties aan kwik in peilbuizen 104 en 120 te relateren aan een (tijdelijke) verstoring van het natuurlijk evenwicht van de bodem als gevolg van het plaatsingseffect?
blad 16 van 19 reva2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
1. Iser ter plaatse van
118 sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PAI
In de grond rondom
118 bevindt zich een ophooglaag van circa 40 m over een oppervlakte van
circa 100 m? en met een gemiddelde dikte van 0,4 meter. In de ophooglaag, inclusief de boven- en onderliggende bodemlagen zijn verhoogde gehalten aan PAK gemeten. Tijdens onderhavig onderzoek
zijn echter geen sterk verhoogde gehalten aan PAK in de ophooglaag ter plaatse van MM 118 gemeten.
Op basis van visuele waarnemingen en het gegeven dat de betreffende bodemlaag tijdens het verkennend bodemonderzoek sterk verontreinigd was, is er mogelijk sprake van een geval van ernstige
bodemverontreiniging. Er zijn echter onvoldoende gegevens over de kwaliteit van het ophoogmateriaal bekend om hier een uitspraak over te kunnen doen. Geadviseerd wordt om enkele aanvullende analyses van het ophoogmateriaal uit te voeren.
2.lser ter plaatse van WWW 130 sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PAK en/of nikkel?
In de grond ter plaatse van MMM 130 bevindt zich een ophooglaag van circa 75 m (oppervlakte van
circa 600 m* en een gemiddelde dikte van 0,3 meter). Deze laag loopt vermoedelijk nog door onder het terrein van de school.
In de ophooglaag is een sterk verhoogd gehalte met PAK en een licht verhoogd gehalte aan nikkel
gemeten. In de ophooglaag ter plaatse van WW 213 en in de boven- en onderliggende bodemlagen van de ophooglaag nabij WM 130 is verder nagenoeg geen verontreiniging aan PAK en nikkel gemeten. De ophooglaag is zeer waarschijnlijk heterogeen verontreinigd met PAK. Gezien het
heterogene verspreidingsbeeld binnen de ophooglaag kan niet worden uitgesloten dat in het ophoogmateriaal tevens zeer lokale verontreinigingen met nikkel aanwezig zijn.
Op basis van visuele waarnemingen wordt verwacht dat er ter plaatse van de ophooglaag bij WM 130 vermoedelijk sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Er zijn echter onvoldoende analytische gegevens over de kwaliteit van het ophoogmateriaal bekend om hier een uitspraak over te
kunnen doen. Geadviseerd wordt om enkele aanvullende analyses van het ophoogmateriaal uit te voeren.
3. Zijn de aangetroffen verontreinigingen bij boringen 118 en 130 immobiel? In het grondwater ter plaatse van de boringen 118 en 130 zijn geen verhoogde concentraties aan PAK en nikkel gemeten. Aangezien geen verspreiding naar het grondwater heeft plaatsgevonden is ook geen
sprake van een immobiele verontreinigingsituatie. 4. Zijn de verhoogde concentraties aan kwik in peilbuizen 104-1 en 120-1 te relateren aan een (tijdelijke)
verstoring van het natuurlijk evenwicht van de bodem als gevolg van het plaatsingseffect? Na herbemonstering is in het grondwater van de peilbuizen 120-1 en 104A-1 geen verhoogde concentratie aan kwik meer gemeten. Aangezien een mogelijke verontreinigingsbron niet aanwezig is
worden de resultaten van de herbemonstering representatief geacht. De oorzaak van de verhoogde concentraties, gemeten tijdens het verkennend bodemonderzoek, worden dan ook gerelateerd aan het plaatsingseffect van de peilbuizen.
blad 17 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Conclusies In het uitgevoerde bodemonderzoek is overeenkomstig de NEN 5740 de milieuhygi nische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie vastgesteld.
Verontreiniging met PAK in ophooglaag In de grond met matige tot uiterste bijmengingen aan kolengruis en slakken zijn sterk verhoogde gehalten aan PAK gemeten. Er is hier sprake van een ophooglaag met een omvang van respectievelijk
40 m rondom BM 118 en 75 m rondom boringen 130 en 209. De ophooglaag is heterogeen verontreinigd met PAK. Op basis van visuele waarnemingen kan niet uitgesloten worden dat er sprake is
van een geval van ernstige bodemverontreiniging (>25 m sterk verontreinigde grond). Het grondwater ter plaatse van boringen 118 en 130 bevat verder geen verhoogde concentraties aan PAK.
Verontreiniging met nikkel in ophooglaag
Ter plaatse van MMM 130 is in het traject van 0,20 - 0,50 m -mv. een matig verhoogd gehalte aan nikkel gemeten. Tijdens het nader onderzoek is maximaal een licht verhoogd gehalte aan nikkel in de
ophooglaag gemeten. Gezien het heterogene verspreidingsbeeld binnen de ophooglaag kan niet worden uitgesloten dat in het ophoogmateriaal zeer lokale verontreinigingen met nikkel aanwezig zijn.
Verontreiniging met kwik in het grondwater In het grondwater uit de peilbuizen 104-1 en 120-1 zijn in het verkennend onderzoek matig tot sterk
verhoogde concentraties aan kwik gemeten. Na herbemonstering is in het grondwater van de betreffende peilbuizen geen verhoogde concentratie aan kwik meer gemeten. Aangezien een mogelijke verontreinigingsbron niet aanwezig is worden de resultaten van de herbemonstering representatief
geacht.
Partij grond nabij de schuurtjes In het depot, gesitueerd in de directe omgeving van de schuurtjes op het sportcomplex, is geen asbest aangetoond. De parti is derhalve onverdacht op de aanwezigheid van asbest. In de partij zijn verder een matig verhoogd gehalte aan zink en licht verhoogde gehalten aan lood en
PAK gemeten. De partij voldoet indicatief aan de bodemkwaliteitsklasse Industrie.
Overige waarnemingen In de boven- en ondergrond ter plaatse van de locatie zijn verder maximaal licht verhoogde concentraties in grond en grondwater gemeten. Er is op de zuidoostelijke rand van de onderzoekslocatie geen aanwijzing gevonden van een eventuele verspreiding van de verontreiniging met minerale olie van
het aangrenzende perceel.
Toetsing hypotheses De vooraf opgestelde hypothese onverdachte locatie wordt verworpen, vanwege de licht tot sterk verhoogde gehalten in de grond en de licht verhoogde concentraties in het grondwater.
Aanbevelingen Er wordt aanbevolen om de partij grond nabij de schuurtjes af te voeren naar een erkend verwerker,
gezien het matig verhoogde gehalte aan zink en de beperkte hoeveelheid materiaal, Om de verifi ren of de omvang van de sterke verontreiniging met PAK in de ophooglagen meer of
minder dan 25 m betreft, wordt aanbevolen om aanvullende monsters van het ophoogmateriaal analytisch te onderzoeken op PAK.
blad 18 van 19 rev4.2
Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek, verkennend asbestonderzoek en indicatieve partijkeuring
Sportpark/zoutopslagt e DeZ i l k Projectnr. 264392.02
> anteagroup
27 juni 2014, revisie 00
Tijdens het nader onderzoek zijn in de ophooglaag matig tot sterke bijmengingen met puin aangetroffen. De aanwezigheid van puin is in beginsel aanleiding om een locatie als asbestverdacht aan te merken. Geadviseerd wordt om een asbestonderzoek (NEN 5707 of NEN 5897) uit te voeren. Aangezien tijdens het uitgevoerde onderzoek diverse handboringen gestaakt zijn in deze ophooglaag, wordt geadviseerd dit asbestonderzoek gelijk op te schalen naar een nader asbestonderzoek. Hierbij worden er met behulp van een kraan sleuven gegraven. De aanwezige bossage zal voorafgaand aan het
onderzoek verwijderd moeten worden. Om vast te stellen of de opslag van asbestverdacht materiaal bij de schuurtjes heeft geleid tot een
bodemverontreiniging, zal een verkennend dan wel nader asbestonderzoek volgens de NEN 5707 uitgevoerd moeten worden. Uitgangspunt hierbij is dat de aangebrachte obstakels en het gronddepot vooraf dienen te zijn verwijderd.
Voornoemde conclusies zijn gebaseerd op het vooronderzoek, de zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten van dit onderzoek. Antea Group Capelle aan de IJssel, juni 2014
blad 19 van 19 rev4.2
h) anteagroup Bijlage 1:
_Profielbeschrijvingen en zintuiglijke waarnemingen
VO De mmm > zie mmm Projectnr. 264392-02
anteagroup mmm 101
mmm 102
PE
one
ve
eraa
vaan ne
DE
Aad
voted once
ze
GA
menotevare
:
mmm
ae
Fer volediglavazwakgravel
oa\ geemen
Zand ma tin mates
DA,
heidens
zwak
| emee geensteanter reste,
Zand mag in, mates mat aman roken le sooren veen, geen leaner asc donker
Zand, mat ti
wok st zak
| seentoudeng geene mater
100
armes broken ie, sooren pn, geen lenerreac err, Edeimanvcer
geen oe-warer reactie, grijsblauw. Eaeimanvcer
mmm 103
mmm 104
xm
xs
vene ,
_
vase
met
ZE houdend
so
0
meinen zo
Da zn _ drenten react donker, Eelmanbaar Zand, matig tin, mat site mate
zand matin zakt geen oleum rectie bries Edeimanvcer
herme oge vee gen aleater veste doder zien
DA
dimmen
5 5
Bilsge: 1
Papa
scraatsss0
me
zand ma mat geen eemerence ener Zugeboor
getekend volgens nen 510t
VO De mmm > zie mmm Projectar. 264392-02
anteagroup mmm 105
mmm 106
oma
xe
can
.
Zandmaas mat
om
vam
, mn ed,
5e
olene
: FN = enen vee schap Dn
Edmai mates mole
Forman geene vaten,
\ onteren toemaraaar
:
mmm 107
mmm 108
xe
eommo
sms
von
ve
:
ee
:
z
aso
in
homes mati wortd gan
DA _emaboo eum brune
o
zo zoo
mn
5
Harma geen ie wate react
Ga io
Venaenmde mantel Benoite reac donker,
Conero, Edelmantaar EN
zand mati grof. mat st geen heumen reste ers geboor
150
5
zoo
mmm 109
mmm 110
zome
eoa
rossa
vas
:
DA
emoegncr z__domkrerun Eaemanboor
Bijzet
Paanaass
Sratsss0
Da
Senecio maor geroerd
gteend vlgns NEN 104
VO De mmm > zie mmm Projectnr. 264392-02
anteagroup mn 111
mmm 112
En
xm
vas
vase
TA volledi tegel
0
memtetnmmeen
5 __Edelmanboor
7
xm
vos
te
, ,
meenten
eenen
kn
ka ZE immersed _Edeimanboor 7 eer kad Bede
oa
50.
mmm 114
:
Zand, matig fijn, mati stie, matie
1
mmm 113 nn
.
enen
,
gaen
Da
zo
Vantaa chen zak wortelhoudend. geenolie-water
Viene,
Koe en ie arte oa
zoo
=
mmm 115
mmm 116
xs
EN
7,
verse
t
E zo
en DA Fm en od zak
en
Bilsge: 1
Papas 2/9
iehoudendgeen ivaner ete
scraatsss0
,
vase
:
DA
verend Vennen eert ke nan
getekend volgens nen 510t
VO De mmm > zie mmm Projectnr. 264392-02
anteagroup mmm 117
aman 115
PE
Xs
ve
ve
eros
rome
Zand, mai ak at
DA
TE
Sennie.
nd mat fn vet ma DA bemantbatentaudend
Bad
wo
oo
Eman
Zand maten mank lte geen
\ men
Dn etna oa | Semttedie mne 2)
zand man fi zakat sterk homes broken veen geen
5
Beemandon zo
zand mat tn matt ze Harmas gan ceaate reste,
\ ronEemanboor Zugeboor
BS aso
Bilsge: 1
Papnaa19
scraatsss0
getekend volgens nen 510t
VO De mmm > zie mmm Projectnr. 264392-02
anteagroup mmm 119
mmm 120
toma
xm
vans
vans
:
AN
la}
a
olen
a en Te tieimanbeer
ee
1
ca
ZENE
so
ote-water reactie, bruinbelge, Edeimanscer 100
150
9 hg zee
veen ster Weg sar zandoudend,
Da
kad EN pt a end orierrin Edeimanboor
ij ee ij jo
5
mmm 121
mmm 122
sms
sr
vas
beurre entre aigsoor
vs
ageren
,
5
humeus geendieter eat,
zand, mat in wak aj zak ron toerranbear
5
goest T
meus broikenie, soten pun,
Zand, mai jn zwa
tg matie
geen lenerreact rien, Edeimanvcer
Bilsge: 1
Paps 519
scraatsss0
getekend volgens nen 510t
VO De mmm > zie mmm Projectnr. 264392-02
anteagroup mmm 125
mmm 124
vans
.
oo
kid 100
Tand maa oC oe enden En Ean
Zand, matigfijn, zwaksati, geen Ad Edelmanboor = zand, ni sat antennes
var
kid
nen
Ga ommen me nen etn tn 5 \ ledemende
Edelmanboor
rene dunes
0
mm 125
mmm 126
xm
xs
NE
rn
ve seomzo
DA
zand manet
mates mate
a
leaner rectie Erjon,
humeus sporen won geen
en Da ve seraande matghamens,
ooren works zwak ginheudene, geen le water reach, riba,
zo-E
ZE
Bilage:1
Papa 619
scraatsss0
\ oeerreacte seimandoor bruingeel,
getekend volgens nen 510t
VO De mmm > zie mmm Projectnr. 264392-02
anteagroup mn 127
mmm 128
os
sma
vaar
D'
,
:
5e
:
ad
=
en
Zang, matin,
matige mat
rnkan
von
:
n
,
id
ea
nd, mai wakate geen
=
manna
ann eeen Edamanbooe
?
zoo
5
o
5 :
Dan 7 reza no \reniemnee
Ed
reren \ mano branded
Bj 200 Hi el
Bree de
fi
7
ut
oo:
>
e
zo
UE so
=
mmm 129
mmm 150
sro
ema
5
vans
,
: sok
. goensal zang, mai mei mat
, ars
ve
DA 2_emaboo Semen
N egen DA Zine matt sea ma
Pommes mat ahd oren
DA, \ iem
ad
MateDcrouded gan levar
wo, Leste wanris Edemanbeor Zand, mat ti, wok st geen
we
zand man zat tg zak hameus zaak oesthouderd geen gieter reactie drone,
ZE)
nd, matt wak stg zak
od
zool
humeus gene water reactie, brandon Edeimaneoar
Bilage:1
Papas 119
scraatsss0
getekend volgens nen 510t
NO De EN Oe Zie Projectnr. 264392.02
anteagroup
mmm 1044
mmm 200 fi
erook
Zand mat in vaktt
eens
mate
Zand, mate ti
humeus matig worehaudend, geen
Da
5
benner donna,
Da
wak tg mate
temeus erk wondhheuderd,
B ren Seep
armes broken ekseen brlden Zan mai ti, mais mat
bomencaterr eactie :
a
:
zoe
m
P&
ft, mate pannougens. mate
rndhoudend, geenolewater
5
Vence grin Shop
:
Sena amorma vervade,
of
Zand, matin mates zeen oieumerreacie brings
il
RE
Senate race erin. wo
8
Geimandoor
Da mes efanodegeen 5 edn knn. arterie
\ demos
a
mmm 201
mm 202
1
Ca
homes matig wotehoudend geen
2
Da, Zand, matigfijn, zwak satig,matig
zo | Edelmanboor ame geen dieter eat,
vedan, Ederanboor
Bilsge: 1
Papa 1/4
scraatsss0
DA pomeus sterkwortehouderd, geen
1e
3
Da
Zand, matig fijn, zwak stg,matig
kad
reactie, donkerbruin,Edelmanboor Senate reactie neuvaarun,
\ tdeimanscer
getekend volgens nen 510t
NO De mmm De Zi te mn Projectnr. 264392.02,
anteagroup mmm 203
mmm 204
e
rok
Da
had
:
home matgvorehauderd zeen
TJzij
zag, main meat zwak
:
lettri eimanbor
ereen
masterkworshouderd fi kt stergeenk DA, nd, homes DA
homes gen teren,
5
zand matt zaate mat
Zn moogen genaleeranc bomen mat gindtauderd mate
:
0
ind ma ti man gen
B temanoor
mmm 205
mmm 206
R
fi 1
n
5
Da
rok
Zang, mat
oren
in vkti mate
nd, mai vk at
homes matvorehaudend geen
DA
oai ET
en
Zag, mai mek ati mat
mes matinhoudend, mat
mmm 207
E zand mat tn zwatte ze
8
pumousend geen bete rectie,
Forman geene water este,
n__n demander
mmm 208
nd, mai ak at
:
za
DA =
,
Bijzet
tE
humeur mat vorenaudend geen
EA
mammoet
ee ZN
leien
Sratsss0
5
erk
bemarbear
Siere rani
nd, mai, wak ate geen
gteend vlgns NEN 104
NO De mmm De Zi te mn Projectnr. 26439202
anteagroup mmm 209
mmm 210
Da
sebengeenoienaterreck,
Zand matig tin mat site mate Harmas garen grind, zeen ole water
Da Das
on, DEE.
armas sterk inhouden sore gond geen evana risoun, Eeemanboar
Da \ nan broken beisteen, geen olemster acte grin, Edelmanbor rndroodend mat puintoadend,
reactie, donker zwargris, Edeimanbear
maman 21
ende
dh
mmm 212
-
.
EN
2 2 B
ca,
DA \ Beumers pijnen Sten Bs : Ean geband, a domein sen
7 100
BURNT,
DA \ Serrie rds and maten zkt ste so | eemnes A Eter ed
Zand, mag in, wak a geen oleum recta kemer Edeimanvcer
veen sertzanda denker zwarten. Zand ma in wak a geen viene race neun,
la)
Bilsge: 1
Papa 2/4
Zuigersoor
scraatsss0
getekend volgens nen 510t
NO De mmm De Zi te mn Projectnr. 26439202
anteagroup mmm 215
Zand moie in, mates mat humeus matig inhoudend, mate gradroadeng Braken sissen, ENE
5
a
oleum rnc enor,
zoo
Bilsge: 1
Papas
scraatsss0
getekend volgens nen 510t
Legenda (conform NEN 5104) ind
S Grind, sig
O_ geen geur zwakke geur
fj re zwakzandig
& matige geur sterke geur uiterste geur
Grind, matig zandig
men
Grind, sterk zandig
Grind, uiterst zandig
>
zand
Zand, kleig Zj
EEEN Zand,zwaksitig NSN Zand, matig sig S Zand, sterk sinig
AAN) eres AN eer serkzandig
ens
geen olie-water reactie, zwakke olie-water reactie
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie uiterste olie-water reactie
we
Ei
8
10
100 1000 10000
monsters
NN 2e erstatig overige toevoegingen
En: zwak humeus
veen
== Veen,mineraalarm. ==) Veen,zwakklelig Veen, sterk klelig
== Veen,zwakzandig sl Veen,sterk zandig peilbuis blinde buis
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand
bentoniet afdichting
tier
CE etoromeas CE secar Cp eere
| enen overig
A_ bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand
grondwaterstand he Gemiddeld laagste grondwaterstand. slib
matig grindig sterk grindig
EE water
h) anteagroup Bijlage 2:
__Analyseresultaten grondmonsters met overschrijding normwaarden
Tabel: Aangetoonde gehaltes in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Toetsmonster
182
130-2
1MMT
Humus (% ds) Lutum (% ds) Datum van Monsterconclusie Monst
44
81
2,
20
28
2,0
METALEN Barium Cadmium Kobalt [Co)
(cul Kuik Lood Nikkel Zink PAK Naftaleen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen (a)anthraceen ch: Benzo(k)fluorantheen (a)
h. 1,2,3-cd)
[
PAK_10 VROM
Pak-totaal (10 van VROM)
EI
IE
0.7 OVERIGE
(ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C12- C16
Minerale olie C16 - C21 Minerale olie C21 - C30 Minerale olie C30 - C35 Minerale olie C35 - C40 Minerale olie C10 - C40 OVERIG Gloeirest stof PCBS PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138
PCB 153 PCB 180 PCB (som
PCB (7) (som, 0.7 factor)
Projectcode: 264392-02
IE
3-12-2013 Overschr
3-12-2013 Interventiewaarde _ | Overschri
Interventiewaarde
Meetw
GSSD
GSSD
24
93
Index | Meetw
140
493
Index
3-12-2013 Voldoet aan Acht
Meetw <20
GSSD <54
Tabel: Aangetoonde gehaltes in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Toetsmonster Humus (% ds) Lutum (% ds) Datum van Monsterconclusie Mons!
1MM2
1MM3
1MM4
9
0
0,90
2,0
3,5
2,0
3-12-2013 Overschi
3-12-2013 Voldoet aan Acht
3-12-2013 Voldoet aan
Meetw METALEN Barium Cadmium Kobalt [Co)
(cul Kuik Lood Nikkel Zink PAK Naftaleen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen (a)anthraceen ch: Benzo(k)fluorantheen (a)
h. 1,2,3-cd)
[
PAK_10 VROM
Pak-totaal (10 van VROM)
EI N
<20
Index | Meetw
<20
IE
0.7 OVERIGE
(ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C12- C16
Minerale olie C16 - C21 Minerale olie C21 - C30 Minerale olie C30 - C35 Minerale olie C35 - C40 Minerale olie C10 - C40 OVERIG Gloeirest stof PCBS PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138
PCB 153 PCB 180 PCB (som
PCB (7) (som, 0.7 factor)
Projectcode: 264392-02
87
IE
<0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001
<0,001 <0,001 <0,0049
GSSD
<46
Index
Meetw
<20
Monsternummer Boringnummer
Eenheid
Diepte (em -mv.)
200-1
200-3
200 0-30
200 55-105
13-03-2014
13-03-2014
ALGEMEEN
Analysedatum Droge stof
(0%)
Lutum gehalte
06 ds)
Organische stof gehalte
06 ds)
Monsterconclusie PAK
Anthraceen
Benzofa)anthraceen Benzofalpyreen Benzofg,h.lperyleen Benzolkfluorantheen Chryseen Fenanthreen Fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Naftaleen PAK 10 VROM (0,7) PAK 10 VROM
mg/kg ds
ma/keds ma/keds mg/kgds ma/keds ma/keds ma/keds ma/keds ma/keds ma/keds mg/kg ds ma/keds
79,50 94,80 ar 20 9,6 10 Overschrijding achtergrondwaarde _ Overschrijding achtergrondwaarde
Meetw018 GSSD0180 Index
Meetw025 GSSD0250 Index
047
0470
oa
0440
049
0490
052
0520
037 027
0370 02710
036 o2s
0360 0250
oss
02
0550
_ 0540
076
0200
054
0760
og6
_ osc0
o4s <oos
0450 000
042 <oos
0420 ooo
38
o
0
7 380
036 0360 005
h
o
0
4
005
Gemeten gehalte Kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde.
=.Gemeten in het laboratorium
Gemeten gehalte groter dan de achtergrondwaarde en Kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde Gemeten gehalte groter dan de interventiewaarde Gemeten gehalte groter dan de achtergrondwaarde en de index groter dan 0,5 en Kleiner of gelijkaan 1
4: Geschatte waarde door middelen van agen. : Geschatte waarde uit laagbeschrijving. &: Handmatig ingevoerd $: Standaard bodem,
ess: Gestandaardiseerde meetwaarde
(@): Enkele parameters ontbreken in de soms
(5): Norm ontbreekt (6,7): Heeft geen normwaarde, zorgplicht van toepassing
Monsternummer Boringnummer
Eenheid
201-2 201
Diepte (cm -mv.)
ALGEMEEN
208-2 208
40-65
40-90
13-03-2014 91,70
13-03-2014 93,20
Analysedatum Droge stof
0
Lutum gehalte
@ ds)
2,0
2,0
Organische stof gehalte
06 ds)
22
15
Fenanthreen
ma/ke ds
053
0,530
<o05
0040
make ds
88
o
047
0
makeds
o
WB
Monsterconclusie PAK Anthraceen Benzo(a)anthraceen Benzola)pyreen Benzolg,h,ijperyleen Benzo(k)fluorantheen chryseen Fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen naftaleen PAK 10 VROM (0,7)
Pak 10 VROM
Overschrijdingachtergrondwaarde _ Voldoetaan achtergrondwaarde Meetw GSSD Index Meetw GSSD Index ma/keds 045 0,450 <oos 0040 me/kgds 12 1,200 0,053 0,053 ma/keds os 0,500 0052 0,052 mg/kg ds 0,33 0,830 <0,05 0,040 me/kgds 061 0,610 <0,05 0,040 ma/keds 12 1,200 0,066 0,066 me/kgds 19 1,900 0,091 0,001 mg/kgds 1 1 <oos 000 mgAgds __ <025 0,180 <o05 0040 or
omm
oe:
Gemeten gehalt Kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde
igemeten in het laboratorium
Gemeten gehate groter dan de achtergrandwaarde en einer dan of gek aan de interventiewaarde Gemeten gehalte groter dan de interventewaarde Gemeten gehate groter dan de achtergrondwaarde en de index groter dan 0,5 en keiner of gelijk aan 1 6550: Gestandaardiseerde meetwaarde (@): Enkele parameters ontbreken in de soms
4 Geschatte waarde door middelen van lagen. : Geschatte waarde uitlagbeschriving _&r Handmatig ingevoerd $- Standaard bodem
(5): Norm ontbreekt (6,7): Heeft geen normwaarde, zorgplicht van toepassing
Monsternummer Boringnummer
Eenheid
209-4 209 100-115
Diepte (em -mv.) ALGEMEEN
Analysedatum Droge stof
(0%)
Lutum gehalte
06 ds)
Organische stof gehalte
06 ds)
Monsterconclusie METALEN
Nikkel
mg/kgds
PAK
Anthraceen
13-03-2014
13-03-2014
91,90 20 +59 Overschrijding interventiewaarde