CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Rapportage verkennend bodemonderzoek Westeinde 86 (Perceel 961 D) te Noordwijkerhout

Gemeenteraadsvergadering 12 april 2022, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Ontwerpbestemmingsplan Westeinde perceel D 961, Noordwijkerhout14.672 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Westeinde 86 (Perceel 961 D) te Noordwijkerhout Milieuhygiënisch vooronderzoek Verkennend bodemonderzoek

Kenmerk Datum

: 1810L894/JSM/rap1 : 3 januari 2019

Opdrachtgever

: Van Reisen Bouwmanagement & Advies B.V. De heer W. Kraan Postbus 97 2200 AB Noordwijk

Auteur : Mevrouw J. Smeets MSc. Controle : De heer ing. B.B. Noyons / 3 januari 2019 / Vrijgave : De heer C. Brouwer BBA / 3 januari 2019 / BRL SIKB 2000 protocol 2001, 2002

Inhoudsopgave 1.

INLEIDING ........................................................................................................................................... 3

2.

MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK ......................................................................................... 5 2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK ................................................................................................. 5

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED .......................................................................................... 5

2.3

POTENTIELE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING ........................................................ 6

2.4

BODEMKWALITEIT EN ASBEST .................................................................................................... 6

2.5

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ..................................................................................... 7

2.6

BEINVLOEDING .............................................................................................................................. 7

2.7

BODEMVERONTREINIGING .......................................................................................................... 8

2.8

TERREINVERKENNING ................................................................................................................. 8

2.9

BEOORDELING .............................................................................................................................. 9

2.10 CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING ................................................................................... 10 3.

VERKENNEND BODEMONDERZOEK ............................................................................................. 11 3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE ......................................................................................................... 11

3.2

UITVOERING VELDONDERZOEK................................................................................................ 11

3.3

UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK ............................................................................ 13

3.4

BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN .............................................................................. 14

3.5

INTERPRETATIE .......................................................................................................................... 16

3.6

TOETSING HYPOTHESE ............................................................................................................. 16

3.7

CONCLUSIES ............................................................................................................................... 17

3.8

AANBEVELINGEN ........................................................................................................................ 17

4.

BETROUWBAARHEID ...................................................................................................................... 18

Bijlagen Milieuhygiënisch vooronderzoek 1 Kaarten en tekeningen 1.1 Topografische kaart 2 2.1 2.2

Informatie vooronderzoek Rapportage omgevingsdienst Fotoreportage

Verkennend bodemonderzoek 3 Situatietekeningen 3.1 Situatietekening met boorpunten 4.

Formulieren veldonderzoek

5.

Boorstaten en legenda

6. 6.1 6.2

Analysecertificaten Certificaten grond Certificaten grondwater

7 7.1 7.2

Toetsingstabellen Toetsingstabellen grond Toetsingstabellen grondwater

1810L894/JSM/rap1 Pagina 2 van 18

1.

INLEIDING

In opdracht van Van Reisen Bouwmanagement & Advies B.V. is een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie is een deel van het kadastrale perceel 961, D te Noordwijkerhout.

Afbeelding 1: Deel onderzoekslocatie.

Aanleiding en doelstelling Het onderzoek is uitgevoerd in verband met het opstellen van een bestemmingsplanwijziging en de daaruit (voortvloeiende) aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). In het kader van de Woningwet/Gemeentelijke Bouwverordening dient een omgevingsvergunningaanvraag (activiteit bouwen) vergezeld te gaan van een rapportage inzake de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De doelstelling van het verkennend bodemonderzoek is het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de landbodem (grond en grondwater) ter plaatse van de onderzoekslocatie. Verklaring onafhankelijkheid Uit oogpunt van onafhankelijkheid verklaart IDDS geen eigenaar te zijn, of in de nabije toekomst te worden, van het terrein waarop het bodemonderzoek en de advisering betrekking heeft. Milieuhygiënisch vooronderzoek Voorafgaand aan een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740+A1;2016 dient een milieuhygiënisch vooronderzoek te worden uitgevoerd conform de NEN 5725;2017. Op basis van de informatie uit het vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Het doel van het vooronderzoek is inzicht te verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen.

Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw, geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de locatie waar het vooronderzoek betrekking op heeft.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 3 van 18

Verkennend bodemonderzoek Ter bepaling van de milieuhygiënische bodemkwaliteit binnen de begrenzing van de onderzoekslocatie, is de norm NEN 5740+A1;2016 gehanteerd. Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek naar de (mogelijke) aanwezigheid van bodemverontreiniging en de werkwijze voor het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en eventueel vrijkomende grond. Op basis van de informatie uit het milieuhygiënisch vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Elke uit het milieuhygiënisch vooronderzoek resulterende onderzoekshypothese over de aan- of afwezigheid van bepaalde verontreinigende stoffen en de wijze van verspreiding wordt getoetst met een locatiespecifieke onderzoeksstrategie. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het milieuhygiënisch vooronderzoek stapsgewijs besproken. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bestaat achtereenvolgens uit het vaststellen van de aanleiding en de afbakening van het onderzoeksgebied. Vervolgens wordt informatie verzameld van de voorgeschreven onderzoeksaspecten en worden de onderzoeksvragen beantwoord. Op basis hiervan worden conclusies getrokken en wordt de hypothese voor de onderzoekslocatie vastgesteld. In hoofdstuk 3 wordt het verkennend bodemonderzoek stapsgewijs besproken.

Als eerste stap wordt, op basis van de bij het milieuhygiënisch vooronderzoek voor de locatie vastgestelde hypothese, de onderzoeksstrategie vastgesteld. Vervolgens worden de uitvoering en resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek apart besproken. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de vastgestelde hypothese getoetst en worden indien van toepassing, aanbevelingen gedaan met betrekking tot eventueel te nemen vervolgstappen. In hoofdstuk 4 wordt de betrouwbaarheid van het uitgevoerde onderzoek toegelicht.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 4 van 18

2.

MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK

2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK

Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van het vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal onderzoeksvragen. Als eerste stap in het vooronderzoek dient derhalve de aanleiding te worden vastgesteld. In de NEN 5725 zijn zeven aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Opgemerkt wordt dat er sprake kan zijn van een combinatie van meerdere aanleidingen. In dat geval dienen de onderzoeksvragen voor elke afzonderlijke aanleiding te worden beantwoord. Voor onderhavig onderzoek is de volgende aanleiding / zijn de volgende aanleidingen vastgesteld: A.

Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek.

De onderzoeksvragen, behorende bij de vastgestelde aanleiding, zijn in de navolgende paragrafen in tabelvorm aangegeven. Per onderzoeksvraag is, direct onder de betreffende vraag, het antwoord opgenomen.

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED

Vraag: Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? De globale ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven op de overzichtskaart die in bijlage 1.1 is opgenomen. In tabel 2.1 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.1: Afbakening onderzoeksgebied Vraag

Bronnen

Locatie

Westeinde 86 (Perceel 961 D)

Plaats

Noordwijkerhout

Gemeente

Noordwijkerhout

Provincie

Zuid-Holland

RD-coördinaten

Omschrijving: globaal middelpunt onderzoekslocatie

#1

X: 91.566 Kadastraal

Gemeente

: Noordwijkerhout

Sectie

:D

Nummer

: 961

#3

Hoogte maaiveld

Circa 0,4 m NAP

Oppervlaktes (m²)

Circa 1.200

Totaal

0

Bebouwd

0

Verhard (asfalt/beton/tegels)

Noord

Bloembollenveld

Oost

Groen, tuin

Zuid

Groen en tennisbaan

West

Bloembollenveld

Belendingen

Afbakening VO Afbakening voldoende #1: noordwijkerhout.nl #2: www.nak.nl #3: perceelloep.nl #4: www.ahn.nl #5: bagviewer.kadaster.nl #6: GoogleEarth

#2

Y: 473.530

#4 #5 #6

25 m rond onderzoekslocatie Ja

1810L894/JSM/rap1 Pagina 5 van 18

2.3

POTENTIELE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING

Vraag: Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de verdachte parameters? In tabel 2.2 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.2: Potentiële bronnen van bodemverontreiniging Vraag

Bronnen

Huidig gebruik

Schuur en grasland Potentiële bronnen aanwezig?

Voormalig gebruik

Nee

Voor een onbekende periode was de locatie in gebruik als bloembollen- en bloemknollenkwekerij. Potentiële bronnen aanwezig?

Ja

Bron 1: bestrijdingsmiddelen

(kritische) stoffen: OCB’s en kwik

Bron 2: HBO-tank (bovengronds)

(kritische) stoffen: minerale olie

Bron 3: HBO-tank (ondergronds)

(kritische) stoffen: minerale olie

Toekomstig gebruik

Wonen met tuin

Conclusie van potentiele bronnen

Op basis van geen opslag, alleen mogelijk gebruik in het verleden, worden er maximaal licht verhoogde waarden verwacht.

2.4

ODWH

BODEMKWALITEIT EN ASBEST

Vraag: Is de bodem asbestverdacht? Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? In tabel 2.3 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.3: Bodemkwaliteit en asbest Vraag

Bronnen

Asbest

Tijdens eerder door derden uitgevoerd onderzoek (zie paragraaf 2.7) was spraken van zintuigelijke waarnemingen. Deze waren niet nader gespecificeerd.

ODWH

Bodemkwaliteit

Bovengrond (0,0 - 0,5 m-mv)

Achtergrondwaarde

Ondergrond (0,5- 2,0 m-mv)

Achtergrondwaarde

Gemeente Noordwijkerhout

Bodemfunctieklasse

Overige

Conclusie bodemkwaliteit en asbest

De bodem is niet verdacht op basis van de bodemkaart. Behoudens het puinpad (zie paragraaf 2.10) is de locatie niet verdacht op voorkomen van asbest.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 6 van 18

2.5

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE

Vraag: Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? In tabel 2.4 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.4: Bodemopbouw en geohydrologie Vraag

Bronnen

Bodemopbouw

0,0 - 2,0 m-mv

Zand

Grondwater (lokaal)

Grondwaterstand freatisch

Circa 1,5 m-mv

#1

Een eenduidige stromingsrichting van het grondwater is niet bekend. Voor zover bekend wordt het grondwater op en in de nabijheid van de onderzoekslocatie niet beïnvloed door menselijk handelen (drainage, bemalingen, etc). Geohydrologie

Bodemvreemde lagen

0,0 - 2,0 m-mv

Deklaag

15,0 - 45,0 m-mv

1e watervoerend pakket

Stijghoogte 1e WVP

Circa 2,0 m-mv (2 m-NAP)

Stromingsrichting 1e WVP

Oostzuidoostelijk

#1

Op de locatie zijn geen gedempte sloten of opgehoogde terreindelen aanwezig.

Conclusie ten aanzien Op locatie worden geen ophooglagen verwacht. van vigerende bodemonderzoek #1: Grondwaterkaart van Nederland, kaartbladen 24, 25 west, 25 oost (Zandvoort-Amsterdam). Uitgegeven door het Instituut van Grondwater en Geo-energie TNO (IGG, 1979).

2.6

BEINVLOEDING

Vraag: Is sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? In tabel 2.5 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.5: Beïnvloeding Vraag

Bronnen

Beïnvloeding

Er wordt op basis van de beschikbare informatie geen beïnvloeding vanuit de omgeving verwacht.

Conclusie

Er wordt geen beïnvloeding vanuit de omgeving verwacht.

Bodemloket

1810L894/JSM/rap1 Pagina 7 van 18

2.7

BODEMVERONTREINIGING

Vraag: Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? In tabel 2.6 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.6: Bodemverontreiniging Vraag

Bronnen

In het verleden is op de locatie bodemonderzoek verricht, waarbij de volgende verontreinigingen zijn aangetroffen: Westeinde 86 Verkennend onderzoek

IBOZO / 2018181575 / 20 juni 1994

Uit de resultaten blijkt dat de bovengrond licht verontreinigd is met cadmium en minerale olie. De ondergrond is niet verontreinigd met de onderzochte parameters. Het grondwater is licht verontreinigd met tolueen, ethylbenzeen, xylenen en fenolindex. Bij een herbemonstering van het grondwater zijn geen verontreinigingen aangetroffen met de onderzochte parameters.

ODWH

Voor zover bekend is in het verleden geen bodemonderzoek uitgevoerd in de nabije omgeving van de onderzoekslocatie. Conclusie Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn in het verleden geen noemenswaardig verhoogde waarden aangetroffen.

2.8

TERREINVERKENNING

De terreinverkenning heeft tot doel om te controleren of de gedocumenteerde informatie overeenkomt met de daadwerkelijke situatie ter plaatse en deze aan te vullen met relevante waarnemingen. De terreinverkenning is op 10 december 2018 uitgevoerd. Op basis van de terreinverkenning blijkt het navolgende: -

Op locatie is een puinpad aanwezig, visueel is geen asbest verdacht materiaal aangetroffen. Er zijn geen bijzonderheden waargenomen die van invloed kunnen zijn op het uit te voeren bodemonderzoek. Conclusie ten aanzien van terreinverkenning. Naar aanleiding van de terreinverkenning hebben zich geen wijzigingen of wel wijzigingen voorgedaan ten opzichte van de reeds verkregen gegevens uit het vooronderzoek.

De navolgende afbeeldingen geven een beeld van de onderzoekslocatie. Een fotoreportage is opgenomen in bijlage 2.

Afbeelding 2: Grasland

1810L894/JSM/rap1 Pagina 8 van 18

Afbeelding 3: Puinpad, grasland en schuur.

2.9

BEOORDELING

Vraag: Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Het vooronderzoek is beoordeeld op afwijkingen ten opzichte van de NEN 5725;2017. Indien er sprake is van afwijkingen zijn deze omschreven en is de reden van afwijking aangegeven. Beoordeeld is in hoeverre de afwijking gevolgen heeft op de betrouwbaarheid en in hoeverre er sprake is van beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen. Vervolgens is beoordeeld in hoeverre de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, afdoende bekend is, of in hoeverre bodemonderzoek noodzakelijk is. In tabel 2.7 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen.

TABEL 2.7: Beoordeling Vraag Zijn er afwijkingen opgetreden ten opzichte van de NEN 5725;2017 Afwijking

Nee

Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Onvoldoende

De milieuhygiënische kwaliteit van de bodem is niet afdoende bekend. Informatie ontbreekt over de kwaliteit van de bodem.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 9 van 18

2.10

CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING

Vraag: Welke hypothese is van toepassing? Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn conclusies getrokken over de verwachting van de milieuhygiënische bodemkwaliteit en de aanwezige verontreinigende stoffen. Op basis van de getrokken conclusie is een hypothese geformuleerd. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie, in zowel het horizontale als het verticale vlak, de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Bij het vervolgonderzoek, zie hoofdstuk 3, dient de hypothesestelling als basis voor de onderzoeksstrategieën uit de desbetreffende normdocumenten. De hypothese en strategie zijn complementair aan elkaar. TABEL 2.8: Conclusie en hypothese Vraag (Deel)locatie

Westeinde 86 (Perceel 961 D)

Oppervlakte m2

1.200

Conclusie

Grond

Onverdacht, bovengrond is hooguit licht verontreinigd met bestrijdingsmiddelen

Grondwater

Onverdacht

Puinpad

Het aangetroffen puinpad is geen deel van de bodem

NEN 5740

Onverdacht

Hypothese

1810L894/JSM/rap1 Pagina 10 van 18

3.

VERKENNEND BODEMONDERZOEK

3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE

De onderzoeksstrategie is gebaseerd op de hypothese zoals deze is vastgesteld op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek, zie hoofdstuk 2. De onderzoeksstrategie is aangegeven in tabel 3.1. TABEL 3.1: Onderzoeksstrategie (Deel)locatie

Onderzoeksstrategie

1. Westeinde 86 (Perceel 961 D) NEN 5740; ONV-NL* *Aanvullend op de strategie wordt de toplaag aanvullend geanalyseerd op OCB (bestrijdingsmiddelen) in verband met mogelijke gebruik in het verleden.

Het puinpad (halfverharding) wordt, teneinde inzicht te krijgen in de verdachtheid op asbest, indicatief onderzocht op het voorkomen van asbest.

3.2

UITVOERING VELDONDERZOEK

Een samenvatting van de tijdens het veldonderzoek uitgevoerde werkzaamheden is opgenomen in de navolgende tabel. De posities van de genoemde meetpunten zijn weergegeven op de situatietekening die in bijlage 3 is opgenomen.

TABEL 3.2: Samenvatting veldonderzoek Uitvoeringsperiode

10-12-2018

Uitvoerende partij

VeldXpert

BRL SIKB / VKB protocol*

BRL SIKB 2000 protocol 2001, 2002

Onderzoeksaspect

Meetpunten

Codering

Bijzonderheden

4 1 1 1 1

01, 02, 04 en 06 07 08 05 03

-

1

08

-

Type

Diepte [m-mv]

Aantal

Gehele onderzoekslocatie

Boring Boring Boring Boring Peilbuis

0,5 0,7 0,8 2,0 2,5

Puinpad

Boring

0,8

Uitvoeringswijze Tijdens het veldonderzoek is niet afgeweken van de beoordelingsrichtlijn. Het veldverslag met daarin de gegevens van het veldwerkbureau en de namen van de veldwerkers is opgenomen in bijlage 4. Het procescertificaat en het hierbij behorende keurmerk zijn van toepassing op de activiteiten met betrekking tot het veldonderzoek en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of aan de opdrachtgever. Tijdens het verrichten van het veldonderzoek is de bodem zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen en is de bodemopbouw beschreven.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 11 van 18

Bodemopbouw Per meetpunt is de texturele, minerale en organische samenstelling van de bodem nauwkeurig beschreven. Op basis van deze beschrijving is per meetpunt een boorstaat vervaardigd. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 5. De globale opbouw van de bodem ter plaatse van de gehele onderzoekslocatie, gebaseerd op de boorstaten, wordt als volgt omschreven: -

De grond, vanaf het maaiveld tot de geboorde diepte van circa 2,5 m-mv, bestaat uit zand. Plaatselijk is een klei- en veenlaag aangetroffen.

Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Het opgeboorde en vrijgegraven bodemmateriaal is visueel geïnspecteerd op afwijkingen en op het voorkomen van bodemvreemde bijmengingen die kunnen duiden op een mogelijke verontreiniging van de bodem. Het materiaal is met name beoordeeld op de aard, grootte en gradatie van voorkomen. Sommige verontreinigingen die in de bodem aanwezig zijn, kunnen aan de geur herkend worden. Benadrukt dient te worden dat, indien tijdens de veldwerkzaamheden passieve geurwaarnemingen worden gedaan, deze gekarakteriseerd worden en per boorpunt worden beschreven. Indien er sprake is van afwijkingen en/of bijmengingen zijn deze, per meetpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 5. Op basis van de boorstaten blijkt in hoofdlijnen het navolgende: -

In de bovengrond zijn plaatselijk diverse bodemvreemde bijmengingen aangetroffen, waaronder baksteen, metselpuin en brokken beton.

Asbest Het veldonderzoek is uitgevoerd door veldwerkers welke zijn opgeleid voor het herkennen van asbestverdachte materialen. Tijdens de uitvoering van het bodemonderzoek is het maaiveld van de onderzoekslocatie, evenals het opgeboorde en vrijgegraven bodemmateriaal visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm). Indien asbestverdacht materiaal is aangetroffen is dit, per boorpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 2. Op basis van de visuele inspectie op asbest blijkt het navolgende: -

In de op asbest geïnspecteerde grond is geen asbestverdacht materiaal (fractie > 20 mm) aangetroffen. In het puinpad is geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Er is één indicatief mengmonster samengesteld van het verhardingsmateriaal.

Grondwater Voorafgaand aan de bemonstering van het grondwater is de actuele grondwaterstand opgenomen ten opzichte van het maaiveld. Van het bemonsterde grondwater is in het veld de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de mate van troebelheid (NTU) gemeten. Het bemonsterde grondwater is zintuiglijk beoordeeld op eventuele afwijkingen die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. In de navolgende tabel zijn de resultaten opgenomen van de uitgevoerde metingen en verrichtte waarnemingen.

TABEL 3.3: Metingen uitgevoerd aan het grondwater Peilbuis

03

Filterstelling

Monstername

Grondwaterstand

[m-mv]

d.d.

[m-mv]

1,5 – 2,5

17-12-2018

1,2

pH

7,75

EC

Troebelheid

[S/cm]

[NTU]

730

37

Zintuiglijke afwijkingen / overige bijzonderheden Geen bijzonderheden

1810L894/JSM/rap1 Pagina 12 van 18

Op basis van de veldwaarnemingen en metingen blijkt het navolgende: -

3.3

Aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten waarden voor de zuurgraad, het elektrisch geleidingsvermogen en de troebelheid duiden niet op een eventuele verontreiniging van het grondwater. Opgemerkt wordt dat de zuurgraad en de troebelheid licht verhoogd zijn.

UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK

Voor de verrichting van het chemisch onderzoek zijn de monsters overgebracht naar een (RvA) geaccrediteerd en AS3000 erkend laboratorium. De naam en contactgegevens van het betreffende laboratorium, alsmede de data waarop de monstervoorbehandeling en het analytisch onderzoek is uitgevoerd, zijn aangegeven op de analysecertificaten die in bijlage 6 zijn opgenomen. Analysestrategie Bij de selectie van de grond(meng)monsters is, voor het verkrijgen van een representatief beeld van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden met de bodemopbouw en eventuele zintuiglijk waargenomen afwijkingen. Voor het verkrijgen van een ruimtedekkend beeld is eveneens rekening gehouden met de situering van de boringen. In tabel 3.4 is een overzicht gegeven van de monsters, waar van toepassing de monstersamenstelling, de monstertrajecten en de uitgevoerde analyses. Samenstelling analysepakketten In het standaard pakket voor grond zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen). Minerale olie (GC). PCB (PolyChloorBifenylen).

Aanvullend is de toplaag ook geanalyseerd op OCB (bestrijdingsmiddelen). Ten behoeve van de toetsing van de analyseresultaten zijn van alle grondmonsters de percentages lutum en/of organische stof bepaald. In het standaard pakket voor grondwater zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). BTEXNS (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, naftaleen en styreen). VOCl (vluchtige organochloorverbindingen). Minerale olie.

Asbest Het mengmonster afkomstig van het puinpad is indicatief onderzocht op de aanwezigheid van asbest.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 13 van 18

3.4

BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN

De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven op de analysecertificaten, die in bijlage 6 zijn opgenomen. De analyseresultaten zijn, waar van toepassing, getoetst middels de Bodem Toets en Validatieservice (BoToVa). De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 7. Wet bodembescherming (Wbb) Voor de interpretatie van de resultaten van de chemische analyses van de grondmonsters zijn de meetwaarden, conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit, gecorrigeerd voor de gemeten percentages lutum en/of organische stof. De gecorrigeerde meetwaarden zijn vergeleken met het toetsingskader van de Wet bodembescherming. Dit toetsingskader bestaat uit de achtergrondwaarden, zoals opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit, en de interventiewaarden, zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 (Staatscourant nr. 16675, 27 juni 2013). Naast het wettelijk kader zijn de gecorrigeerde meetwaarden getoetst aan de tussenwaarden, zijnde het rekenkundig gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarden voor de betreffende stof. Indien de gecorrigeerde meetwaarde voor één of meerdere stoffen de tussenwaarde overschrijdt kan in potentie sprake zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging (Handhavingsuitvoeringsmethode Wbb, versie 7.5 van het SIKB) en is het uitvoeren van nader bodemonderzoek in veel gevallen noodzakelijk. In tabel 3.4.

zijn de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek opgenomen alsmede de resultaten van de uitgevoerde toetsingen. <AW / <S >AW / >S >T >I

niet verontreinigd: het gehalte / de concentratie is lager dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater), dan wel de rapportagegrens; licht verontreinigd: het gehalte overschrijdt de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) en is lager dan of gelijk aan de tussenwaarde, zijnde licht verontreinigd; matig verontreinigd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde en is lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; sterk verontreinigd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde.

Asbest Indicatief onderzocht: Indien in een monster asbest is aangetoond is het betreffende monster, ongeacht het gehalte, opgenomen in de in de overzichtstabel en is het type asbest en de hechtgebondenheid aangegeven. Indien de aanwezigheid van asbest niet is aangetoond is de detectiegrens aangegeven. Opgemerkt wordt dat geen asbestonderzoek conform de NEN 5707 is uitgevoerd. De resultaten geven louter een indicatie inzake de verwachting omtrent de aan- of afwezigheid van asbest. Om de aanwezigheid van asbest daadwerkelijk vast te stellen dient een asbestonderzoek conform de NEN 5707 te worden uitgevoerd.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 14 van 18

M03 = 03(50-100)+05(130-180)

03 (150-250)

MM01 = 8(0-30)

Ondergrond

Grondwater

Puinpad

: Niet geanalyseerd / onderzocht / getoetst

M02 = 08(0-30)

Bovengrond

Blanco

M01 = 01(0-50)+02(0-50)+04(0-50)+05(0-50)+06(0-50)

Bovengrond

1. Westeinde 86 (Perceel 961 D)

Monstercodes, deelmonsters en bodemlagen (bodemlagen in cm-mv)

Grond; uiterst baksteenhoudend, uiterst metselpuinhoudend, brokken beton

Grondwater; geen bijzonderheden

Grond; geen bijzonderheden

Grond; uiterst baksteenhoudend, uiterst metselpuinhoudend, brokken beton

Grond; geen bijzonderheden

Matrix en eventuele bijzonderheden

NEN 5898-asbest

Standaard grondwater

Standaard grond

Standaard grond

Standaard grond + OCB

Analyse

TABEL 3.4: Overzicht monsters, monstersamenstelling, analyses en toetsingsresultaten (GSSD)

1,34 58 0,152 0,020 0,41 0,100

-

-

Kwik: Lood: Zink: PAK: Minerale olie: Drins: Hexachloorbenzeen:

0,50 74 227 2,4 360 0,027 0,015

-

-

-

-

-

-

-

-

1810L894/JSM/rap1 Pagina 15 van 18

<2,1 mg/kg ds

Indicatief

Kwik : Lood: Drins: Chloordaan (cis + trans): OCB (som landbodem): Hexachloorbenzeen:

Asbest >I (sterk verhoogd)

> AW / > S (licht verhoogd)

>T (matig verhoogd)

Wbb

Toetsingsresultaten

3.5

INTERPRETATIE

Grond De grond ter plaatse van de onderzoekslocatie is overwegend opgebouwd uit zand. In de bovengrond zijn zintuiglijk plaatselijk bijmengingen met bodemvreemde materialen (baksteen, metselpuin en beton) waargenomen. In de bovengrond overschrijden de gehalten van enkele zware metalen en OCB’s de desbetreffende achtergrondwaarden. In de ondergrond zijn de gehalten van alle onderzochte parameters lager dan de betreffende achtergrondwaarden. Grondwater Tijdens het veldonderzoek zijn zintuiglijk geen afwijkingen waargenomen aan het bemonsterde grondwater. De concentraties van de onderzochte parameters zijn alle lager dan de betreffende streefwaarden. Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn hooguit licht verhoogde waarden aangetroffen. Deze waarden geven geen aanleiding tot verder onderzoek naar de grote en mate van de verontreinigingen.

3.6

TOETSING HYPOTHESE

De op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek vastgestelde onderzoekshypothese is getoetst aan de resultaten van het verkennend bodemonderzoek. De toetsing van de hypothese is in onderstaande tabel opgenomen. Indien van toepassing is, bij een (gedeeltelijk) onjuiste hypothese de invloed op representativiteit van het onderzoek in relatie met de gevolgde onderzoeksstrategie aangegeven. TABEL 3.5: Hypothese en onderzoeksstrategie (Deel)locatie

Westeinde 86 (Perceel 961 D)

Hypothese

Onverdacht

Toetsing

Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese verworpen. Reden: in de bovengrond zijn licht verhoogde gehaltes OCB’s aangetoond, alsmede enkele zware metalen. Gezien het maximaal licht verhoogde gehaltes betreft is het niet noodzakelijk verder te onderzoeken.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 16 van 18

3.7

CONCLUSIES

Op basis van de onderzoeksresultaten is het navolgende geconcludeerd: De bodem is maximaal licht verontreinigd. De aangetoonde licht verhoogde gehalten geven met betrekking tot de algemene bodemkwaliteit geen aanleiding tot een vervolgonderzoek. Beperkingen inzake het verlenen van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen), alsmede de voortzetting van het huidige bodemgebruik, worden op basis van de onderzoeksresultaten uit milieuhygiënisch oogpunt niet voorzien.

3.8

AANBEVELINGEN

Op basis van de onderzoeksresultaten en conclusies wordt het navolgende aanbevolen: Er wordt aanbevolen om te zijner tijd bij herontwikkeling, ter plaatse van het puinpad, een asbestonderzoek uit te laten voeren teneinde de resultaten van de indicatieve analyse te verifiëren. Wij adviseren om de onderzoeksresultaten bij te voegen bij de aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). Indien op de onderzoekslocatie ten gevolge van graafwerkzaamheden grond vrijkomt en buiten de locatie wordt hergebruikt, vindt hergebruik veelal plaats binnen het kader van het Besluit bodemkwaliteit. In dat geval dient de chemische kwaliteit van de grond te worden getoetst aan de kwaliteitsnormen die door het Besluit bodemkwaliteit aan de betreffende toepassing worden verbonden.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 17 van 18

4.

BETROUWBAARHEID

Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Echter, een bodemonderzoek is gebaseerd op het nemen van een beperkt aantal monsters en chemische analyses. IDDS streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Toch blijft het mogelijk dat lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit of opbouw van het bodemmateriaal voorkomen, ten opzichte van de in onderhavig rapport beschreven situatie. IDDS acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade die als gevolg van deze afwijkingen zou kunnen ontstaan. Hierbij dient tevens te worden gewezen op het feit dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) zou plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek door, bijvoorbeeld het bouwrijp maken van de locatie, het aanvoeren van grond van elders, toevoeging van bodemvreemde materialen of het naar de onderzoekslocatie verspreiden van verontreinigingen van verder gelegen terreinen via het grondwater. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden.

In veel gevallen hanteren de beoordelende instanties termijnen (doorgaans maximaal 3 jaar voor een bedrijfslocatie en maximaal 5 jaar voor een woonlocatie) waarbinnen de onderzoeksresultaten representatief worden geacht te zijn. Bij het gebruik van de resultaten van dit onderzoek dient het doel van het onderzoek goed in ogenschouw te worden genomen. Zo zullen de resultaten van een onderzoek naar het voorkomen en/of verspreiding van één specifieke verontreinigende stof geen uitsluitsel bieden omtrent de aanwezigheid aan verhoogde concentraties van overige, niet onderzochte verontreinigende stoffen.

1810L894/JSM/rap1 Pagina 18 van 18

Bijlage 1 Kaarten en tekeningen 1.1 Topografische kaart

N

0

250

500

750

1000m

Omschrijving

Ligging onderzoekslocatie

locatie aanduiding

Bijlage nr. integrale expertise bij ruimtelijke ontwikkeling IDDS 's-Gravendijckseweg 37 2201 CZ Noordwijk IDDS.NL

Postbus 126 2200 AC Noordwijk info@idds.nl T 071 - 402 85 86

1.1 Formaat: Schaal:

A4 1:25000

Bijlage 2 Informatie vooronderzoek 2.1 Rapportage omgevingsdienst

bodeminformatie Perceel 961 D te Noordwijkerhout L894 Omgevingsrapportage

Pagina 1 van 10

-

20-11-2018

Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Westeinde 86 te Noordwijkerhout Kaarten Disclaimer Toelichting

Pagina 2 van 10

-

20-11-2018

Voor U ligt een rapportage van de Omgevingsdienst West-Holland met de beschikbare informatie over de milieu-hygiënische kwaliteit van grond van het door U opgevraagde perceel.

Dit rapport is een samenvatting van gegevens afkomstig uit het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland. Het bodeminformatiesysteem bevat gegevens met betrekking tot uitgevoerde bodemonderzoeken, aanwezige, gesaneerde en buiten gebruik gestelde ondergrondse brandstoftanks, historische bodembedreigende activiteiten en actuele bodembedreigende activiteiten.

Met nadruk wordt gesteld dat dit rapport een geautomatiseerde samenvatting is van het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland aanwezige gegevens. Voor nadere informatie over de in deze rapportage genoemde rapporten dienen de betreffende dossiers te worden geraadpleegd. Rapporten kunt u aanvragen bij ODWH via bip@odwh.nl. Er kan niet worden uitgesloten dat elders relevante informatie aanwezig is, die niet in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland en dus in deze samenvatting is opgenomen.

Dit rapport bestaat uit vier delen: 1. Deze pagina bevat een tekening van het geselecteerde gebied. 2. Informatie over het geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd (de in het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland aangetroffen informatie over locaties die zich binnen het geselecteerde gebied bevinden. 3. Disclaimer 4. Toelichting op de rapportage. Hier vindt u de uitleg van de gegevens die in dit rapport zijn vermeld.

Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens dan kunt u contact opnemen met de Omgevingsdienst West-Holland via email bip@odwh.nl

Pagina 3 van 10

-

20-11-2018

Locatie: Westeinde 86 te Noordwijkerhout Locatie Adres

Westeinde 86 2211XR Noordwijkerhout

Locatiecode

AA057600777

Locatienaam

Westeinde 86 te Noordwijkerhout

Plaats

Noordwijkerhout

Locatiecode bevoegd gezag WBB

Status Vervolg WBB

Voldoende onderzocht

Beoordeling

Status rapporten

Verkennend onderzoek NVN 5740

Beschikking

Status besluiten Is van voor 1987

Onverdacht/Niet verontreinigd

Status asbest Ja

Uitgevoerde onderzoeken Datum

Type

Verkennend 20-06-1994 onderzoek NVN 5740

Naam

Auteur Referentie

Archief Conclusie overheid

Verkennend DIV IBOZO 2018181575 Onderzoek MDWH

Asbest: onbekend Zintuiglijke waarnemingen: Aan de grond en het grondwater zijn zintuiglijk geen afwijkingen waargenomen die duiden op een eventuele verontreiniging. Bovengrond: cadmium en minerale olie > S Ondergrond: geen verontreiniging Grondwater: tolueen, ethylbenzeen, xylenen en fenolindex > S Na herbemonstering: geen verontreinigingen Conclusie: De oorzaak van de in eerste instantie aangetoonde verhoogde gehalten kan worden gezocht in de insteltijd van een geplaatste peilbuis. In de bovengrond zijn de gehalten cadmium en minerale olie licht verhoogd gemeten. De ondergrond is niet verontreinigd met een van de onderzochte parameters.

Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar

Verontreinigende activiteiten Activiteit

Start Einde Vervallen Benoemd Verontreinigd Spoed

bloembollen- en bloemknollenkwekerij

9999 8888

Nee

hbo-tank (bovengronds)

9999 8888

Nee

hbo-tank (ondergronds)

9999 8888

Nee

Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 4 van 10

-

20-11-2018

Voldoende onderzocht

Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar

Besluiten Geen gegevens beschikbaar

Sanering Geen gegevens beschikbaar

Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar

Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 5 van 10

-

20-11-2018

Pagina 6 van 10

-

20-11-2018

Deze rapportage betreft een geautomatiseerde samenvatting van de op het moment van de aanvragen aanwezige gegevens in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland. De basisgegevens uit de informatiesystemen zijn in de regel door derden aangeleverd.

Er kan niet worden uitgesloten dat elders relevante informatie aanwezig is, die niet in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland en dus in deze samenvatting is opgenomen. Ook is het vanzelfsprekend mogelijk dat na het moment van aanvragen aanvullende gegevens door de Omgevingsdienst West-Holland worden verkregen, of dat recent verkregen informatie nog niet in het informatiesysteem is ingevoerd. Deze rapportage dient derhalve te worden gezien als een momentopname.

Vanwege het mobiele karakter van sommige bodemverontreinigingen kan ook niet worden uitgesloten dat de verontreinigingssituatie sinds het uitvoeren van een bodemonderzoek is gewijzigd. Aangezien het invoeren van gegevens mensenwerk is, kan evenmin worden uitgesloten dat bij het invoeren invoer- en/of interpretatiefouten zijn gemaakt.

De Omgevingsdienst West-Holland is niet aansprakelijk voor enige directe schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade als blijkt dat in de praktijk de verontreinigingssituatie anders is dan in dit rapport is vermeld. In dit geval van koop/verkoop adviseert de Omgevingsdienst om bij twijfel representativiteit van de in dit rapport vermelde gegevens alsnog bodemonderzoek op de betreffende locatie te laten uitvoeren.

Deze rapportage kan in de regel niet worden gebruikt bij meldingen of vergunningsaanvragen waarvoor een bodemonderzoek is vereist. Kopieën van de in deze rapporten kunnen hier mogelijk wel voor worden gebruikt. Dit is afhankelijk van de onderzoekeisen vanuit de melding/vergunning en de aard, ouderdom en kwaliteit van het betreffende onderzoek.

Aan de totstandkoming van deze omgeving is uiterste zorg besteed. Desondanks is het gezien de aard van het gebruikte materiaal mogelijk dat kleine fouten in de exacte ligging van objecten voorkomen of dat de kaarten anderszins foutieve informatie afbeelden. De Omgevingsdienst West-Holland aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het gebruik van de informatie. Wel stelt de Omgevingsdienst West-Holland het op prijs dat onjuistheden aan haar worden gemeld. Dit kan door een e-mail te sturen naar bip@odwh.nl

Pagina 7 van 10

-

20-11-2018

Toelichting Samenstelling van bodeminformatie in het bodeminformatiesysteem (BIS) Verontreinigende activiteiten (HBB) Dat verontreinigende stoffen toch in de bodem terecht komen is vaak het gevolg van bedrijfsactiviteiten. Maar er kan ook sprake zijn van bodemverontreiniging door bijvoorbeeld het ophogen van terreinen voor het bouwrijp maken, het lekken van een brandstoftank of een ongeval. Op basis van (archief)onderzoek zijn potentiële verontreinigingen op basis van (voormalige)bedrijfsactiviteiten (UBI’s) en de bekende bodemverontreinigingen in beeld gebracht, het zgn. landsdekkend beeld (LDB, 2004). De potentiële verontreinigingen vormen het zgn. HistorischBodemBestand (HBB). Deze gegevens vormen de basis voor de werkvoorraad van de provincie. Afhankelijk van de score van de UBI behoort een locatie tot de werkvoorraad (potentiële)bodemverontreiniging die voor 2030 gesaneerd danwel beheerst moet zijn of de spoedeisende werkvoorraad die voor 2015 gesaneerd danwel beheerst moet zijn. Ook voor het bewaken van de voortgang van de bodemsaneringsoperatie van de locaties waar de provincie bevoegd gezag is en de eigen werkprocessen maakt de provincie gebruikt van het BIS.

Het Wbb-traject / vervolg Wbb (potentiële)bodemverontreinigingslocaties doorlopen een zgn. Wbb-traject van onderzoek en sanering totdat de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie behoort. De locatie is dan voldoende onderzocht of gesaneerd. Indien op de locatie na sanering nog een restverontreiniging achterblijft (bijv. indien een verontreiniging wordt afgedekt met een verharding of leeflaag) dan is sprake van nazorg. Nazorgmaatregelen worden vastgelegd en gecontroleerd. In dit rappor twordt per locatie aangegeven in welke fase van het Wbb-traject een locatie zich bevindt (Vervolg Wbb-traject):

Wbb traject starten De locatie behoort op basis van vooronderzoek of vanuit het HBB tot de werkvoorraad van de provincie maar er is nog geen (historisch)onderzoek uitgevoerd. Op enig moment zal onderzoek plaats moeten vinden.

Bodemonderzoek uitvoeren Vooronderzoek of historisch onderzoek geeft aanleiding om bodemonderzoek te doen. Daarbij kan sprake zijn van verkennend of nader onderzoek.

Saneringsonderzoek uitvoeren Op basis van nader onderzoek is bepaald dat gesaneerd moet worden. Het saneringsonderzoek is gericht op de inventarisatie van de mogelijke wijzen van sanering en zal uitmondend in een keuze van de wijze van sanering

Saneringsplan opstellen Als op is vastgesteld dan sanering moet worden uitgevoerd dient een saneringsplan opgesteld te worden. Het saneringsplan wordt door het bevoegd gezag beschikt. In de beschikking op het saneringsplan kan het bevoegd gezag nadere eisen stellen aan de sanering. De saneerder voert de sanering uit overeenkomstig het door het bevoegd gezag goedgekeurde saneringsplan en de voorschriften die zij aan de instemming hebben verbonden.

Sanering en/of evaluatie uitvoeren Als het bevoegd gezag heeft ingestemd met het saneringsplan kan de sanering worden uitgevoerd. Na afronding van de sanering stelt de saneerder een evaluatierapport op. Op basis van het evaluatierapport zal het bevoegd gezag beoordelen of een sanering voldoende is uitgevoerd. Voldoende gesaneerde locatie behoren daarmee niet meer tot de werkvoorraad van de provincie.

Pagina 8 van 10

-

20-11-2018

Zorgmaatregelen uitvoeren Na sanering kan sprake zijn van restverontreiniging (bijv. indien sprake is van een afdeklaag als saneringsmaatregel). Deze maatregelen kunnen bestaan uit beperkingen in het gebruik van de locatie of het voorkomen blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging.

Gesaneerd Indien een sanering is uitgevoerd wordt door het bevoegd gezag het evaluatierapport beoordeeld. Indien met een beschikking wordt ingestemd met de uitgevoerde sanering (aan de saneringsdoelstelling is voldaan) behoort de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie. Wel kan nog sprake zijn van nazorg zoals bijvoorbeeld het in stand houden van een afdeklaag of het verplicht melden van gewijzigd gebruik.

Geen werkvoorraad (meer) De locatie behoort op basis van de UBI score niet tot de werkvoorraad of is voldoende onderzocht of gesaneerd.

Toelichting op de gerapporteerde informatie

Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn).

Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Op basis daarvan wordt bepaald of een locatie door het bevoegd gezag wordt opgepakt. Voordat het bevoegd gezag hierover in een beschikking een uitspraak doet wordt de beoordeling op basis van historisch- en/of verkennend onderzoek vastgelegd (beoordeling). Indien er een uitspraak is van het bevoegd gezag dan wordt dat vermeld bij het veld ‘Beschikking’.

Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan in fasen gebeuren of in delen van de verontreiniging. Indien het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Door het beoordelen van een evaluatierapport van de sanering wordt tevens de einddatum van de sanering bepaald.

Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb (provincie). Door uitwisseling van gegevens met gemeenten worden ook rapporten vermeld die in het bezit zijn van de betreffende gemeente maar die niet bij de provincie aanwezig zijn.

(mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van potentieel verontreinigende (bedrijfs)activiteiten die op de locatie (mogelijk) zijn uitgevoerd, worden vermoed (HBB) en/of zijn onderzocht. Met ‘vervallen’ wordt aangegeven of een activiteit werkelijk op de locatie heeft plaatsgevonden. Met ‘Benoemd’ wordt aangegeven of deze activiteit ook in de bodemonderzoeken zijn benoemd. Vervolgens wordt aangegeven of er een verontreiniging veroorzaakt door deze activiteit aanwezig is.

Pagina 9 van 10

-

20-11-2018

Geconstateerde Verontreinigingen Indien verontreinigingen in de grond of het grondwater zijn aangetroffen wordt in deze tabel aangegeven in welke mate overschrijding van de normen heeft plaatsgevonden. Tevens wordt vermeld welke omvang de verontreiniging heeft en op welke diepte deze zit.

Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie genomen besluiten vermeld.

Saneringscontouren Indien sprake is van sanering in delen of fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd.

Zorgmaatregelen Indien na sanering nog verontreiniging is achtergebleven, zullen maatregelen worden genomen om blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in stand houden van deze maatregelen.

Pagina 10 van 10

-

20-11-2018

2.2 Fotoreportage

Bijlage 3 Situatietekeningen 3.1 Situatietekening met boorpunten

D 1233

04

07 03

01

06

02

D 959

23

08

26

Tn

24

21

ruy

St

Bld

ks

tra

18

at

14

17

No rth

go

dre

12 10

ef

8

Bld

6 4

Bld

1c

Kas

Kas

Bld

Kas

94

Bos

Datum

Bos

92

Datum:

31-12-2018

Formaat: A4 Schaal: 1:500 Schaal situatie: 1:10000

HNA COB

Akkoord

Postbus 126 2200 AC Noordwijk info@idds.nl T 071 - 402 85 86

Getekend: Vrijgegeven:

IDDS 's-Gravendijckseweg 37 2201 CZ Noordwijk IDDS.NL

04

961

07

05

03

08

06

01

02

960

86

D 959

D

87

85

bos

bos

bos

81

W

es

nd tei

e

bos

80

bos

Ho

we

og

g

bos

44a

bos

5

10

15 Maatvoering in meters tenzij anders aangegeven

0

N

20m

1.1

Versie nr.

3.1

Bijlage nr.

1/1

Blad nr.

N:\IDDS MILIEU\3. PROJECTEN\L001-L999\L894\01 MILIEU - ONDERZOEK\TEKENWERK\L894 JOT.DWG

L832-BO-01

Tekeningnummer

Bodemonderzoek

Omschrijving

Westeinde 38, Noordwijkerhout

Locatie

1809L894/JTI

Projectnummer

Van Reisen Bouwmanagement & Advies B.V.

Opdrachtgever

Get. Wijziging

93

e nd tei es W

D 1233

D

Boring met peilbuis

X

82

Boring

X

integrale expertise bij ruimtelijke ontwikkeling

Kas

Bld

Straatnaam

Bebouwing

Projectlocatie

Legenda

Westeinde

7

2 Versie nr.

22

n

va

3

28

19

05

15

29

960

13

27

D

16

11

25

961

13

23

D

11

21

Huisnummer

9

19 17

86

5

Kadastraal nummer

3

D961

1

15 20

Bijlage 4 Formulieren veldonderzoek

Bijlage 5 Boorstaten en legenda

Boring:

01

Boring:

02

Datum:

10-12-2018

Datum:

10-12-2018

0

0 1

braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

-50

50

0

0 1

braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

-50

50

Boring:

03

Boring:

04

Datum:

10-12-2018

Datum:

10-12-2018

0

0 1

gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

50

0

0 1 50

gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

-50

2 -100

100

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Zuigerboor

3 150 4 200 5 250

-250

Projectcode: 1810L894

Projectnaam: Westeinde 86 te Noordwijkerhout

Pagina 1 / 2

Boring:

05

Boring:

06

Datum:

10-12-2018

Datum:

10-12-2018

0

0 1

gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

-50

50 2

-80

100

Klei, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

0

0 1

gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

-50

50

Veen, mineraalarm, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

3 -130

150

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Zuigerboor

4

5 -200

200

Boring:

07

Boring:

08

Datum:

10-12-2018

Datum:

10-12-2018

0

0 3 1

-20

50

2 -70

gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, zwak metselpuinhoudend, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

0

0 1

-30

50

2 -60

3 -80

Projectcode: 1810L894

Projectnaam: Westeinde 86 te Noordwijkerhout

puin Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, uiterst baksteenhoudend, uiterst metselpuinhoudend, brokken beton, geen olie-water reactie, neutraal bruingrijs, Ramguts Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

Pagina 2 / 2

Legenda (conform NEN 5104) grind

klei

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10 Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

>10000

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand

bentoniet afdichting

filter

Bijlage 6 Analysecertificaten 6.1 Certificaten grond

IDDS Milieu B.V. T.a.v. mevrouw J. Smeets Postbus 126 2200 AC NOORDWIJK ZH

Uw kenmerk : 1810L894-Westeinde 86 te Noordwijkerhout Ons kenmerk : Project 839870 Validatieref. : 839870_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : CYEJ-TSIO-LQVG-VIAF Bijlage(n) : 4 tabel(len) + 3 oliechromatogram(men) + 2 bijlage(n)

Amsterdam, 17 december 2018 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckbachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 839870 : 1810L894-Westeinde 86 te Noordwijkerhout : IDDS Milieu B.V.

Monsterreferenties 5842883 = 01 (0-50) 02 (0-50) 04 (0-50) 05 (0-50) 06 (0-50) 5842884 = 08 (0-30) Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Matrix

: : : : :

Monstervoorbewerking S AS3000 (steekmonster) S gewicht artefact S soort artefact S voorbewerking AS3000

g

10/12/2018 11/12/2018 11/12/2018 5842883 Grond

10/12/2018 11/12/2018 11/12/2018 5842884 Grond

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

Algemeen onderzoek - fysisch S droge stof (asbest verdacht) % S organische stof (gec. voor lutum) % (m/m ds) S lutumgehalte (pipetmethode) % (m/m ds)

81,8 2,0 3,3

87,6 1,6 2,1

Anorganische parameters - metalen S barium (Ba) mg/kg ds S cadmium (Cd) mg/kg ds S kobalt (Co) mg/kg ds S koper (Cu) mg/kg ds S kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds S lood (Pb) mg/kg ds S molybdeen (Mo) mg/kg ds S nikkel (Ni) mg/kg ds S zink (Zn) mg/kg ds

27 < 0,20 < 3,0 7,0 0,95 38 < 1,5 4 38

67 < 0,20 < 3,0 8,5 0,35 47 < 1,5 6 96

Organische parameters - niet aromatisch S minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds

< 35

72

Organische parameters - aromatisch Polycyclische koolwaterstoffen: S naftaleen mg/kg ds S fenantreen mg/kg ds S anthraceen mg/kg ds S fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)antraceen mg/kg ds S chryseen mg/kg ds S benzo(k)fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)pyreen mg/kg ds S benzo(ghi)peryleen mg/kg ds S indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds S som PAK (10) mg/kg ds

< 0,05 < 0,05 < 0,05 0,11 0,05 0,09 < 0,05 0,06 < 0,05 < 0,05 0,52

< 0,05 0,23 < 0,05 0,56 0,26 0,33 0,24 0,29 0,22 0,24 2,4

Organische parameters - gehalogeneerd Polychloorbifenylen: S PCB -28 mg/kg ds S PCB -52 mg/kg ds S PCB -101 mg/kg ds S PCB -118 mg/kg ds S PCB -138 mg/kg ds S PCB -153 mg/kg ds S PCB -180 mg/kg ds S som PCBs (7) mg/kg ds

< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005

< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: CYEJ-TSIO-LQVG-VIAF

Ref.: 839870_certificaat_v1

Tabel 2 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 839870 : 1810L894-Westeinde 86 te Noordwijkerhout : IDDS Milieu B.V.

Monsterreferenties 5842883 = 01 (0-50) 02 (0-50) 04 (0-50) 05 (0-50) 06 (0-50) 5842884 = 08 (0-30) Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Matrix

: : : : :

Organische parameters - bestrijdingsmiddelen Organochloorbestrijdingsmiddelen: S 2,4-DDD (o,p-DDD) mg/kg ds S 4,4-DDD (p,p-DDD) mg/kg ds S 2,4-DDE (o,p-DDE) mg/kg ds S 4,4-DDE (p,p-DDE) mg/kg ds S 2,4-DDT (o,p-DDT) mg/kg ds S 4,4-DDT (p,p-DDT) mg/kg ds S aldrin mg/kg ds S dieldrin mg/kg ds S endrin mg/kg ds S telodrin mg/kg ds S isodrin mg/kg ds S heptachloor mg/kg ds S heptachloorepoxide (cis) mg/kg ds S heptachloorepoxide (trans) mg/kg ds S alfa-endosulfan mg/kg ds S alfa -HCH mg/kg ds S beta -HCH mg/kg ds S gamma -HCH (lindaan) mg/kg ds S delta -HCH mg/kg ds S hexachloorbenzeen mg/kg ds S endosulfansulfaat mg/kg ds S hexachloorbutadieen mg/kg ds S chloordaan (cis) mg/kg ds S chloordaan (trans) mg/kg ds som DDD mg/kg ds som DDE mg/kg ds som DDT mg/kg ds S som DDD /DDE /DDTs mg/kg ds S som drins (3) mg/kg ds S som c/t heptachloorepoxide mg/kg ds S som HCHs (3) mg/kg ds S som chloordaan mg/kg ds som OCBs (waterbodem) mg/kg ds som OCBs (landbodem) mg/kg ds

10/12/2018 11/12/2018 11/12/2018 5842883 Grond

10/12/2018 11/12/2018 11/12/2018 5842884 Grond

< 0,001 < 0,001 < 0,001 0,002 0,009 0,009 < 0,001 0,029 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,020 < 0,002 < 0,001 0,002 0,002 0,001 0,003 0,018 0,022 0,030 0,001 0,002 0,004 0,066 0,083

< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,001 0,003 < 0,001 0,004 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,003 < 0,002 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,001 0,001 0,004 0,007 0,005 0,001 0,002 0,001 0,023 0,023

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: CYEJ-TSIO-LQVG-VIAF

Ref.: 839870_certificaat_v1

Tabel 3 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 839870 : 1810L894-Westeinde 86 te Noordwijkerhout : IDDS Milieu B.V.

Monsterreferenties 5842885 = 03 (50-100) 05 (130-180)

Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Matrix

: : : : :

Monstervoorbewerking S AS3000 (steekmonster) S voorbewerking AS3000

10/12/2018 11/12/2018 11/12/2018 5842885 Grond uitgevoerd uitgevoerd

Algemeen onderzoek - fysisch S droge stof (asbest verdacht) % S organische stof (gec. voor lutum) % (m/m ds) S lutumgehalte (pipetmethode) % (m/m ds)

71,0 2,9 <1

Anorganische parameters - metalen S barium (Ba) mg/kg ds S cadmium (Cd) mg/kg ds S kobalt (Co) mg/kg ds S koper (Cu) mg/kg ds S kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds S lood (Pb) mg/kg ds S molybdeen (Mo) mg/kg ds S nikkel (Ni) mg/kg ds S zink (Zn) mg/kg ds

< 20 < 0,20 < 3,0 < 5,0 < 0,05 < 10 < 1,5 4 < 20

Organische parameters - niet aromatisch S minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds

< 35

Organische parameters - aromatisch Polycyclische koolwaterstoffen: S naftaleen mg/kg ds S fenantreen mg/kg ds S anthraceen mg/kg ds S fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)antraceen mg/kg ds S chryseen mg/kg ds S benzo(k)fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)pyreen mg/kg ds S benzo(ghi)peryleen mg/kg ds S indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds S som PAK (10) mg/kg ds

< 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,35

Organische parameters - gehalogeneerd Polychloorbifenylen: S PCB -28 mg/kg ds S PCB -52 mg/kg ds S PCB -101 mg/kg ds S PCB -118 mg/kg ds S PCB -138 mg/kg ds S PCB -153 mg/kg ds S PCB -180 mg/kg ds S som PCBs (7) mg/kg ds

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=0239f377-aa17-4d21-93f6-f4d22e55d1af