Bijlage Nota van Beantwoording Zienswijzen - AVG
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen Ontwerp omgevingsvergunning “Pauluslaan kavel 207 Sancta Maria Noordwijk” dd. 29 september 2021
1
1. Inleiding De ontwerpvergunning en ontwerpverklaring van geen bedenkingen voor het nieuwbouwproject op de locatie Pauluslaan kavel 207 Sancta Maria te Noordwijk heeft van 7 juli 2021 tot en met 18 augustus 2021 voor een ieder ter inzage gelegen. Binnen deze termijn van zes weken heeft een ieder de mogelijkheid gehad om zijn/haar zienswijze schriftelijk of mondeling kenbaar te maken.. Tevens is het plan voor advies toegezonden aan Provincie Zuid Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland. Dit heeft niet geleid tot opmerkingen of bezwaren ten aanzien van het bouwplan en/of het voorgenomen besluit tot planologische medewerking. Gedurende de bovengenoemde termijn is er één zienswijze ingediend. In hoofdstuk 2 is de binnengekomen zienswijze samengevat en beantwoord met daarbij de eventuele gevolgen voor de omgevingsvergunning.
2
2. Beantwoording zienswijzen De ingediende reactie is samengevat (kolom 2) en voorzien van een beantwoording (kolom 3). Elke beantwoording van de zienswijze eindigt met een conclusie (kolom 4) waarin inzichtelijk wordt gemaakt in hoeverre hetgeen naar voren is gebracht aanleiding geeft tot aanpassing van de ontwerp omgevingsvergunning cq. het bouwplan. Nr.
Samenvatting zienswijze
Beantwoording gemeente
Gevolgen voor de omgevingsvergunning
In artikel 5.2.1 onder f van de planvoorschriften is aangegeven dat bij een kavel met een oppervlak groter of gelijk aan 2600 m2 en kleiner dan 3900 m2 de afstand van het hoofdgebouw tot de erfgrens 6 m dient te bedragen. Dit is correct opgemerkt door de appellant.
In de voorschriften van de omgevingsvergunning hebben wij aanvullende voorschriften opgenomen “Plichten met betrekking tot bouwen nabij de bosstrook”
Zienswijze 1
1.a
De plaats van de “aanbouw” aan de woning heeft potentieel een groot nadelig effect op de reeds aanwezige bosranden. Appellant ziet graag de volgende maatregelen of planaanpassing om dit risico zo klein mogelijk te houden. Gevraagd wordt om verder uit de kavelgrens te bouwen (is nu 3 meter) en zou naar 6 m moeten voor wat betreft de aangebouwde entree van het hoofdgebouw. Tussen de kavels dient een bosrand van 6 meter te worden aangehouden, te weten 3 meter op beide kavels. Voor de hoofdwoning geldt bovendien dat er minimaal nog 3 meter afstand moet worden gehouden tussen de bosrand en de woning. Deze extra eis om 3 meter van de bosrand te mogen bouwen (dit is 6 meter vanaf de kavelgrens) is opgesteld om te waarborgen dat de bosrand ook daadwerkelijk in stand kan worden gehouden. Er zijn immers takken en wortels die ook buiten de 3 meter bosrand aanwezig zullen zijn. Indiener heeft in een aanvullende notitie aangegeven dat er geen bezwaar bestaat tegen de grootte van het bouwoppervlak of het bouwvolumen, maar dat het gaat om de bescherming van de bosranden.
In het deel dat aangeduid is als “In volume ondergeschikte vergunningsvrije uitbouw” zijn onder andere de entree, de meterkast en diverse installaties ondergebracht (o.a. de afzuiginstallatie van de keuken alsmede de hemelwaterafvoer) wat betekent dat deze uitbouw onderdeel is van het hoofdgebouw. Door de situering van het gebouw is een afstand van drie meter tot de bosrand niet haalbaar. Echter, door het treffen van de juiste maatregelen tast de situering de bosrand niet aan. Er is advies ingewonnen bij de boomdeskundige van de gemeente of het dichter bij de bosrand bouwen negatieve gevolgen heeft voor de bosrand. Hieruit blijkt dat door het stellen van nadere voorschriften in het kader van de zorg- meld- en herplantplicht (naast de instandhoudingsplicht uit het bestemmingsplan) voldoende gewaarborgd wordt dat de bosrand ook daadwerkelijk in stand kan worden gehouden. De aanvrager van de omgevingsvergunning heeft in een reactie op de zienswijze aangegeven de eis van het goed onderhouden van de bosranden te ondersteunen en zich daar zeker voor te willen inspannen. Ook zullen zij daarvoor de nodige maatregelen voor treffen, zoals ook gewaarborgd in de vergunningsvoorschriften. 3
Nr.
Samenvatting zienswijze
Beantwoording gemeente
1.b
Meer aarde op wortels van bomen verstoort het evenwicht waardoor de bomen het moeilijk gaan krijgen. Gevraagd wordt om de bosrand niet op te hogen.
Uit advies van de boomdeskundige blijkt dat het ophogen van de bosrand nadelige effecten kan hebben op met name de bestaande bomen. Voor nieuwe aanplant geldt dit in mindere mate. Hiervoor is aanvullend een voorschrift in de vergunning opgenomen.
2.
Met de bouw van de aanbouw zo dicht op de bosrand wordt ook de waterhuishouding in de bosrand nadelig beïnvloed. De bosrand wordt een geul (laagste punt) waar water zich in zal verzamelen, waardoor bomen en verdere beplanting ook geen kans hebben te overleven.
3.
Gevraagd wordt om in de vergunning op te nemen dat het hemelwater niet direct in de bosrand wordt afgevoerd maar dat het hemelwater naar de watergang wordt afgevoerd. Tijdens de bouw zullen er bouwactiviteiten plaatsvinden in de bosrand om de bouw van de woning (+ aanbouw) mogelijk te maken, waardoor de overlevingskansen voor onze houtopstanden verder worden gereduceerd.
De aanvrager van de omgevingsvergunning heeft in een reactie op de zienswijze aangegeven dat zij niet van plan zijn de bosrand op te hogen. In de vergunning is een voorschrift opgenomen dat het hemelwater niet direct in de bosrand wordt afgevoerd maar dat het hemelwater naar de watergang wordt afgevoerd. De aanvrager van de omgevingsvergunning heeft in een reactie op de zienswijze aangegeven dat de hemelwaterafvoer via de sloot zal worden afgewatert.
Gevolgen voor de omgevingsvergunning In de voorschriften van de omgevingsvergunning hebben zijn aanvullende voorschriften opgenomen “Plichten met betrekking tot bouwen nabij de bosstrook”
In de voorschriften van de omgevingsvergunning hebben wij aanvullende voorschriften opgenomen “Plichten met betrekking tot bouwen nabij de bosstrook”
Verwezen wordt hier naar het standaard voorschrift in het besluit.
Extra bijlage toegevoegd bij het besluit: “Bomenposter – werken rond bomen” van het Norminstituut Bomen.
Uit de bij de aanvraag aangeleverde EPC-berekening blijkt dat er bodemwarmtepomp wordt toegepast. De exacte locatie voor de aanleg van dit gesloten WKO-systeem is niet aangegeven in de bij deze aanvraag aangeleverde situatietekening en zal na overleg met de installateur worden bepaald.
geen
Gevraagd wordt om in de vergunning op te nemen dat beschadiging aan de bosrand tijdens de bouw voorkomen dient te worden. Met name van belang tijdens de funderingswerkzaamheden en graafwerkzaamheden. 4.
Gevraagd wordt om in de vergunning op te nemen dat er dat er geen bronnen, tbv. een warmtepomp, mogen worden geboord in de bosrand.
4
Nr.
Samenvatting zienswijze
Beantwoording gemeente
Gevolgen voor de omgevingsvergunning
In het besluit is reeds opgenomen dat tenminste 4 weken voordat het gesloten bodemenergiesysteem wordt gerealiseerd, een melding op grond van het Blbi moet worden ingediend via het Omgevingsloket online (OLO). Hierbij zullen nadere gegevens over de locatie moeten worden aangeleverd. 5.
In de huidige bouwplannen wordt er op het “0-vlak” gebouwd. Deze overschrijding achten wij beperkt van omvang en heeft naar verwachting geen groot nadelig effect voor ons (indiener)
Is feitelijk geen zienswijze maar een mededeling ten aanzien van het “0-vlak”. Wij hebben deze mededeling voor kennisname aangenomen.
geen
6.
Gevraagd wordt een globaal beplantingsplan op te nemen in de vergunning voor het aanplanten en in standhouden van 55% bos.
Dit is reeds als voorschrift, onder nader in te dienen gegevens, in het besluit opgenomen en volgt ook uit de rechtstreekse werking van het bestemmingsplan. Er wordt vastgehouden aan het voorschrift dat 55% van het kavel bos moet zijn. Artikel 1.20 begripsbepalingen. Onder bos wordt verstaan: een vegetatie die voornamelijk uit bomen bestaat met de daarbij behorende ondergroei van planten en struiken waarbij de instandhouding van landschappelijke waarden wordt nagestreefd. De kruidlaag is de laag planten tot 135 cm hoog, de struiklaag is een laag planten tot 800 cm hoog en daarboven wordt over een bomenlaag gesproken.
geen
Dit perceel (kavel 207) heeft overeenkomstig het kavelpaspoort een oppervlakte van 2600 m2: 55% van 2600 m2 = 1480 m2.
5
6