BIJLAGE F. Vormvrij m.e..r. beoordelingsbesluit
Tekst van het document
Datum: 30 juli 2024 Ons kenmerk: D2024-093770 Zaaknummer 2024-008507
Wet milieubeheer Bestemmingsplan ͚Correctie Zeewaardig, fase 3 Noordwijk͛ Besluit vormvrije m.e.r.- beoordeling (art. 7.19 Wet milieubeheer)
Inleiding Het plan Correctie Zeewaardig, fase 3 , bestaat uit het realiseren van 2 gebouwen bestaande uit maximaal 83 appartementen en maximaal 1.290 m2 BVO commerciële functies in de plint op de locatie het Gat a Pala e e het raakligge de terrei Espla ade tusse de Ko i gi Wilhel i a oule ard e de Parallel oule ard i Noord ijk. Ter plaatste geldt het este i gspla Zee aardig . Dit bestemmingsplan biedt reeds een kader voor de ontwikkeling van verschillende woon- en commerciële functies op onder meer de locatie Gat van Palace. Echter, uit studie en onderzoek bleek dat op verschillende locaties andere ruimtelijk stedenbouwkundige en functionele mogelijkheden zijn geboden dan beoogd was. Het bestemmingsplan Correctie Zeewaardig, fase 3 Noord ijk , vormt nu het nieuwe juridisch kader waarbinnen de ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt. Op grond van artikel 7.19, lid 1 Wet milieubeheer (Wm) dient het bevoegd gezag - in het geval dat het bevoegd gezag eveneens degene is die een activiteit, aangewezen krachtens artikel 7.2, eerste lid, onder b Wm, wil ondernemen - in een zo vroeg mogelijk stadium voor de voorbereiding van het besluit dat krachtens het vierde lid van dat artikel is aangewezen, een beslissing te nemen omtrent de vraag of vanwege de belangrijke nadelige gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben, een milieueffectrapport moet worden gemaakt.
Artikel 7.17, lid 2 t/m 4 Wm, is overeenkomstig van toepassing. Hierbij wordt opgemerkt dat artikel 7.19 lid 2 Wm aangeeft dat onder een zo vroeg mogelijk stadium moet worden verstaan het stadium voorafgaand aan de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan. Wanneer het ontwerpbestemmingsplan reeds ter inzage ligt zonder een dergelijk besluit, hoeft dit niet per definitie fataal te zijn voor de definitieve vaststelling van het bestemmingsplan. Uit diverse uitspraken (zie bijvoorbeeld ECLI:NL:RVS:2016:2535, ECLI:NL:RVS:2018:1986 en ECLI:NL:RVS:2022:2453 en ECLI:NL:RVS:2024:1059) blijkt dat een later genomen vormvrije m.e.r.-beoordelingbesluit geaccepteerd wordt, mits de uitkomst hiervan niet anders zou zijn dan bij een tijdig besluit. (Vormvrije) m.e.r.-beoordeling Het pla etreft het realisere a ge ou e op het Gat a Pala e e op het deel Espla ade met maximaal 83 appartementen en maximaal 1.290 m² BVO aan commerciële functies. Dit is een stedelijk ontwikkelingsproject zoals bedoeld onder categorie D 11.2 uit onderdeel D van de bijlage behorende bij het Besluit m.e.r.
In het kader van het planproces is daarom een (vormvrije) m.e.r.beoordeling uitgevoerd, waarbij gebruik is gemaakt van de selectiecriteria zoals bedoeld in artikel 4, lid 3 van de Europese m.e.r.-richtlijn en opgenomen in bijlage III van de richtlijn 2011/92/EU en voor zover gewijzigd 2014/52/EU en geïmplementeerd in de Wet milieubeheer. Deze m.e.r.-beoordeling is er oord i de oor dit este i gspla opgestelde aa eldi gs otitie a eld otitie .e.r. orre tie Zee aardig, fase , Noord ijk , uro RO, 0 juni 2024, projectnummer P06034. Voor dit besluit is, naast de bovengenoemde aanmeldnotitie, tevens gebruik gemaakt van de volgende documenten: 1
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
este i gspla orre tie Zee aardig, fase Noord ijk , ersie ju i pla toeli hti g, regels en verbeelding) Notitie ERIUS- ereke i g Zee aardig fase , uro RO, d.d. ei , proje t u er P AERIUS-berekening gebruiksfase Gat van Palace en Esplanade, d.d. 7 mei 2024, kenmerk RXrZ3oPYYx7d AERIUS-berekening aanlegfase 1 Gat van Palace en Esplanade (2025), d.d. 14 mei 2024, kenmerk RmYbqP9SLZLL AERIUS-berekening aanlegfase 2 Gat van Palace en Esplanade (2026), d.d. 14 mei 2024, kenmerk RYNdN36WNF24 Rapport E ologis he oortoets stikstofdepositie Zee aardig fase , Noord ijk , IDDS, d.d. juli 2024, kenmerk A5880-03/BHO/rap1.1 Rapport koestis h o derzoek eg erkeersla aai Gat a Pala e Noord ijk , De Roe er Omgevingsadvies, d.d. 7 juni 2024, 20231211.V02
1. Kenmerken van het project Het planvoornemen bestaat uit de realisatie van 2 woongebouwen met maximaal 83 appartementen, commerciële functies met een maximum van 1.290 m2 BVO in de plint van beide gebouwen en een ondergrondse parkeergarage onder beide gebouwen, bestaande uit 2 lagen met ruimte voor circa 920 m2 aa ergi ge e i stallatierui te e parkeerplaatse . Het oo ge ou op het Gat a Pala e estaat uit ee pli t edoeld oor de o er iële fu ties et daarop tot erdiepi ge oor maximaal 61 appartementen (gelaagde bouw). Het woongebouw op Esplanade is een gebouw met de mogelijkheid van niet-woonfuncties in de plint en maximaal 22 appartementen over 5 woonverdiepingen. Het hele plangebied heeft een oppervlak van circa 4.900 m2. Bij het ontwerp is rekening gehouden met de begeleiding van de looproute langs het Palaceplein en de Koningin Wilhelmina Boulevard, het aansluiten van de nieuwbouw bij de bestaande bebouwing aan de Koningin Wilhelmina Boulevard en aan de Parallel Boulevard door onder andere het terug gelegen accent op de hoogste bouwdelen en geleding in de gevel aan de Koningin Wilhelmina Boulevard, ruimte voor terras/trottoir aan de zijde van de naastgelegen parkeerplaats Palaceplein. Het gebied tussen de woongebouwen (straat Olieburg) blijft een wegfunctie houden met ruimte voor trottoirs, draairuimte naar parkeergarages en de aanwezige ondergrondse infrastructuur.
De straat faciliteert zo in de noodzakelijke eisen van verkeer en uitzicht/ oriëntatie voor nieuwbouw. De verdere uitwerking van dit selectiecriterium is te vinden in paragraaf 1.1 en 2.2 van de aanmeldingsnotitie. 2. Plaats van het project Het pla ge ied etreft ee relatief groot plei het Gat a Pala e , de eg Olie urg e ee gedeelte braakliggende grond aan de noordzijde van de weg Olieburg (Esplanade) en kent een oppervlak van circa 4.900 m². Het plangebied wordt langs de noordzijden omsloten door woningbouw, retail, restaurants en dienstverlenende bedrijvigheid. Aan de oostzijde is de Parallelboulevard gelegen met aangrenzend bebouwing voor eveneens woningen, retail, restaurants en dienstverlenende bedrijvigheid. Ten zuiden van het plangebied is een parkeerplaats gelegen (Palaceplein) en ten westen van het plangebied bevinden zich de Koningin Wilhelmina Boulevard met de zeereep, het strand en de Noordzee. Aan de oostzijde aangrenzend aan het plangebied bevindt zich de Parallel Boulevard. Het projectgebied is niet gelegen in een kwetsbaar gebied en/of een gebied met beschermde status zoals grondwaterbeschermingsgebieden. Ook bevindt het projectgebied zich niet in een stiltegebied.
De planlocatie maakt geen deel uit van een beschermd gebied en/of locatie betreffende Natura 2000, Beschermd natuurmonument, Wetland, Nationaal Park, Nationaal Landschap, provinciaal belangrijk weidevogelgebied of het Natuurnetwerk Nederland. Het dichtst bijgelegen Natura 2000-gebied Kennemerland Zuid ligt op een afstand van ongeveer 1.020 m tot het plangebied. Het Natura 2000gebied Coepelduynen ligt op circa 1.230 m van het plangebied. Andere Natura 2000-gebieden liggen op grotere afstand. Verdere uitwerking van dit selectiecriterium is te vinden in paragraaf 2.3 van de aanmeldingsnotitie.
2
3. Kenmerken van het potentiële effect In paragraaf 2.4 van de aanmeldingsnotitie wordt, aan de hand van de selectiecriteria zoals bedoeld in artikel 4, lid 3 van de Europese m.e.r.-richtlijn en opgenomen in bijlage III van de richtlijn 2011/92/EU en voor zover gewijzigd 2014/52/EU, de kenmerken van het potentiële effecten van dit plan beschouwd en beoordeeld. Daarnaast is voor dit besluit ook gekeken naar Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten in de plantoelichting. Tezamen met de, ten behoeve van het bestemmingsplan, uitgevoerde onderzoeken, blijkt dat er geen sprake is van bijzondere omstandigheden die zouden kunnen leiden tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu als gevolg van het plan. Ook blijkt uit de getoetste milieuaspecten dat er geen significant negatieve effecten optreden. Voor wat betreft het maatgevende aspect stikstof wordt, naast het gestelde in de aanmeldnotitie, paragraaf 4.8 van de plantoelichting, het stikstofonderzoek en ecologische voortoets, nog het volgende opgemerkt: Stikstof Het bouwproces neemt naar verwachting circa 2 jaar in beslag. Het eerste jaar (2025) zal bestaan uit grondwerkzaamheden en het bouwrijp maken van het terrein. Daarnaast wordt in 2025 de parkeerkelders gerealiseerd. Het tweede jaar (2026) zal bestaan uit de bouw van de gebouwen en de realisatie van de woningen. In 2026 zullen de gebouwen ook in gebruik worden genomen.
Voor het bestemmingsplan is door BRO een onderzoek uitgevoerd naar de stikstofdepositie, waarbij gebruik is gemaakt van het rekenmodel AERIUS Calculator, versie 2023.2. Uit de uitgevoerde AERIUS-berekeningen blijkt dat de bouwfase 2025 en bouwfase 2026 leidt tot een stikstofdepositie van 0,01 mol/ha/jr op het Natura 2000-gebied Kennemerland Zuid. De gebruiksfase 2026 levert geen stikstofdepositie op. Omdat er sprake is van een, weliswaar tijdelijke, depositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr, is door IDDS een ecologische voortoets opgesteld (versie 8 juli 2024). Uit deze voortoets blijkt het volgende: ▪ De tijdelijke en geringe toename van de stikstofdepositie op een zeer klein areaal (0,66 ha) van het habitattype H2120 witte duinen van maximaal 0,01 mol/ha/jr (0,14 g N) als gevolg van de werkzaamheden, leidt niet tot veranderingen in de oppervlakte en kwaliteit van het habitattype. De KDW wordt rondom het plangebied daarbij niet overschreden. Het habitattype kan de eenmalige en zeer lage depositie verwerken. Doordat de depositie eenmalig en zeer laag is heeft dit geen invloed op de huidige ingezette trend van de stikstofdepositie of permanente invloed op het habitattype en de instandhoudingsdoelen voor verbetering van het oppervlak en het verbeteren van de kwaliteit van het habitattype.
Het project heeft daarom geen invloed op het behalen van de instandhoudingsdoelen voor dit habitattype en leidt niet tot verdere successie met duindoorn en versnelde groei van grassen. Zie verder paragraaf 5.2 van de voortoets. ▪ De tijdelijke en geringe toename van de stikstofdepositie op een klein areaal (7,36 ha) van het habitattype H2130A grijze duinen (kalkrijk) van maximaal 0,01 mol/ha/jr als gevolg van de werkzaamheden, leidt niet tot veranderingen in de oppervlakte en kwaliteit van het habitattype. Doordat de depositie eenmalig en zeer laag is heeft dit geen invloed op de huidige ingezette trend van de stikstofdepositie of permanente invloed op het habitattype en de instandhoudingsdoelen voor verbetering van het oppervlak en het verbeteren van de kwaliteit van het habitattype. Het project heeft daarom geen invloed op het behalen van de instandhoudingsdoelen voor dit habitattype en leidt niet tot verdere verzuring van de bodem. Zie verder paragraaf 5.3 van de voortoets. ▪ Het tijdelijke en geringe toename van de stikstofdepositie op H2180A (Duinbossen (droog), H2180C Duinbossen (binnenduinrand) op een klein areaal (1,6 resp. 5 ha) van maximaal 0,01 mol/ha/jr als gevolg van de werkzaamheden, leidt niet tot veranderingen in de oppervlakte en kwaliteit van deze habitattypen.
De tijdelijke stikstofdepositie toename is eenmalig en zeer laag en heeft daarmee geen permanente invloed op deze habitattypen en de instandhoudingsdoelen voor behoud van het oppervlak en behoud van de kwaliteit. Het project leidt niet tot aantasting van de natuurlijke kenmerken van deze habitattypen en heeft daarom geen invloed op het behalen van de instandhoudingsdoelen voor deze habitattypen. Zie verder paragraaf 5.4 en 5.5 van de voortoets. Het plan zorgt weliswaar voor een stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jr in zowel 2025 als in 2026 als gevolg van de werkzaamheden. Maar het gaat hier om een zeer lage tijdelijke stikstofbijdrage die niet leidt tot meetbare gevolgen voor de samenstelling, structuur en functie van vegetatietypen die behoren tot stikstofgevoelige habitattypen. De hoeveelheid stikstof die als gevolg van het project aan de 3
habitattypen wordt toegevoegd (0,01 mol/ha/jr in 2025 en 0,01 mol/ha/jr in 2026) is dermate gering dat meetbare veranderingen in biomassa van planten niet optreden. Ook effecten van verzuring die kunnen leiden tot veranderingen in de groei van planten zijn uitgesloten. Het aspect stikstof leidt niet tot een belangrijk negatief gevolg voor het milieu. Conclusie Op basis van de beoordeling aan de hand van de drie selectiecriteria uit bijlage III van de Europese m.e.r.-richtlijn, kan uitgesloten worden dat het plan belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu heeft. Er is daarom geen aanleiding om een milieueffectrapport op te stellen. Besluit Wij besluiten: I.
op grond van artikel 7.19 eerste lid, van de Wet milieubeheer dat geen milieueffectrapportage behoeft te worden opgesteld voor het bestemmingsplan Correctie Zeewaardig, fase 3 Noord ijk , omdat het plan niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, zoals bedoeld in het Besluit milieueffectrapportage.
Ondertekening Burgemeester en wethouders van de gemeente Noordwijk namens dezen,
De heer M.R. Rietberg Afdelingshoofd Omgevingstaken van de Omgevingsdienst West-Holland
4