CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage D1 Nota van beantwoording inspraakreacties - AVG

Gemeenteraadsvergadering 18 mei 2021, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Vervallen Raadsvoorstel Middengebied Landschapspark (overgeheveld naar bespreekstukkenagenda)3.313 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van beantwoording inspraakreacties voorontwerpbestemmingsplan ‘Middengebied-Landschapspark’ d.d. 11.12.2020

1. Inleiding Het voorontwerpbestemmingsplan ‘Middengebied-Landschapspark’ heeft van 27 juni tot en met 7 augustus 2018 ter inzage gelegen. Zowel in het gemeentehuis als via www.ruimtelijkeplannen.nl bestond de mogelijkheid om het plan te raadplegen. Gedurende de periode van zes weken hebben ingezetenen en belanghebbenden de mogelijkheid gehad om een inspraakreactie in te dienen. Tevens is het plan toegezonden aan Provincie Zuid Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland. Gedurende de termijn van zes weken zijn er 18 inspraakreacties ingediend. Daarvan zijn er 17 identiek. Van deze 17 zijn er 10 na afloop van de termijn ingediend. Deze zijn daarom formeel gesproken niet-ontvankelijk. Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft een vooroverlegreactie ingediend.

1

2. Vooroverleg- en inspraakreacties In de tabel hieronder worden de ingediende vooroverleg- en inspraakreacties samengevat (kolom 2) en beantwoord (kolom 3). De tabel eindigt met een conclusie. Daarin staat of de reactie leidt tot een aanpassing van het plan (kolom 4). Appellant 1. 1.1

1.2

2 2.1

Zienswijze Hoogheemraadschap van Rijnland Het Hoogheemraadschap heeft geen opmerkingen op het voorontwerpbestemmingsplan en geeft een compliment voor het groene karakter van het plan. Het vele groen en water vermindert hittestress in de omliggende gebieden en er is sprake van een robuust watersysteem. Het hoogheemraadschap geeft wel een aantal praktische aandachtspunten mee voor de uitwerking: -Geadviseerd wordt een onderhoudsplan op te stellen voor de natuurvriendelijke oevers. -Stilstaand water is slecht voor de waterkwaliteit, dus het water moet voldoende doorstroming hebben. - Bij de indeling van kadastrale percelen moet rekening gehouden worden met het feit dat de perceelseigenaar een onderhoudsplicht heeft voor aangrenzende watergangen. - Het hoogheemraadschap wijst op de eisen die de Legger stelt aan (het graven van) watergangen en taluds. Indieners wijzen erop dat het aan te leggen water van het Landschapspark hoger is gelegen dan het open oostelijk

Reactie gemeente

Gevolgen voor het bestemmingsplan

-

Geen.

Het betreffen inrichtings- uitvoeringsaspecten. Deze punten worden daarom meegenomen bij het inrichtingsplan.

Geen.

Het klopt dat de grond afloopt. Dat wil echter niet zeggen dat er grote hoogte verschillen tussen (het waterpeil in) de sloten zitten. De sloten in het gebied behoren tot hetzelfde peilgebied en kennen dus hetzelfde waterpeil.

Geen.

2

Appellant

2.2

Zienswijze

Reactie gemeente

gebied en de verderop aanwezige bebouwingen. Het gebied loopt van oost naar west af. Daarom verzoeken ondergetekenden de raad om te voorkomen dat er een directe cq. indirecte verbinding wordt gerealiseerd met de oost-west sloot gelegen naast het Dompad.

Het belang van een goed functionerend watersysteem wordt onderschreven. Eventueel kan het waterpeil in dit gebied door technische kunstwerken, zoals stuwen en overlopen, gecontroleerd worden, zodat, afgezien van extreme situaties, voorkomen wordt dat er wateroverlast ontstaat. Dit betreft echter (technische) inrichtingsmaatregelen, die buiten de reikwijdte van het bestemmingsplan vallen.

Voor dit laaggelegen gebied heeft de gemeente Noordwijk een grote verantwoordelijkheid om het klimaatbestendig te houden. De laagst gelegen sloot loopt langs het An van Gilsenhof/Duinzicht en eindigt aan de noordkant op particulier terrein. De overloop van het schoon waterriool van de Westerbaan, een circa 0,75 centimeter hoger gelegen straat loost op deze sloot. De indiener wil weten hoe de afvloeiing en continuïteit hiervan is.

3 t/m 19

Indieners 3 t/m 19 hebben allen dezelfde inspraakreactie ingediend. Indieners 10 t/m 19 hebben deze inspraakreactie echter te laat ingediend.

3.1

Er gaat een historisch stukje landschap verloren. Het karakter van het wandelpad (halfverhard en onverlicht) gaat verloren. Het weidse uitzicht op bloemenvelden, weitjes, hoge abelen verdwijnt.

Gevolgen voor het bestemmingsplan

Deze sloot is via twee duikers verbonden met de waterpartijen aan de andere kant van de Nieuwe Zeeweg. Dit is te zien op de openbare Legger van oppervlaktewateren op de website van het hoogheemraadschap.

Geen.

Er is een termijnverlenging gegeven tot en met 29 augustus 2018. Op 29 augustus 2018 is de aanvullende inspraakreactie ingediend. De aanvullende inspraakreactie was mede ondertekend door nieuwe indieners, hier genummerd 10 t/m 19. Dezen hadden de oorspronkelijke inspraakreactie niet ondertekend, en hadden geen recht op de termijnverlenging. De indieners 10 t/m 19 zijn dus niet-ontvankelijk. Via het antwoord dat de indieners 3 t/m 9 krijgen op hun inspraakreactie, krijgen de indieners 10 t/m 19 indirect echter ook een antwoord op hun inspraakreactie. In de Omgevingsvisie Noordwijk 2030 staat in paragraaf 20.1: “Het oorspronkelijke Middengebied speelt een belangrijke rol in het gescheiden houden van Noordwijk-Binnen en Noordwijk aan Zee en daarmee de twee verschillende identiteiten.” In paragraaf 20.2 van de Omgevingsvisie staat: “Het huidig beleid stuurt aan op het behouden en versterken van de landschapskwaliteiten inclusief de natuurwaarden waaronder:

Indieners 10 t/m 19 zijn niet-ontvankelijk.

3

Geen.

Appellant

Zienswijze

Reactie gemeente

Gevolgen voor het bestemmingsplan

- het versterken van de openheid van het Middengebied waardoor het contrast tussen strandvlakte en -wal behouden blijft […].” De manier waarop dit versterken van de landschapswaarden, inclusief de openheid van het landschap, kan gebeuren, staat goed omschreven in de verklarende tekst bij de Kwaliteitskaart (kaartlaag cultuur- en natuurlandschappen) behorend bij de Visie ruimte en mobiliteit van de provincie Zuid-Holland. Het ‘Bollenlandschap’, een aanduiding die van toepassing is op het Middengebied, wordt als volgt verklaard: "Het bollenlandschap is ontstaan door het vergraven van oude duinen en de aanleg van een fijnmazig vaartenstelsel ten behoeve van de bollenteelt. [...] De ruimtelijke structuur wordt bepaald door een afwisseling van parallel aan de kustlijn gelegen open en verdichte zones. De kwaliteit en herkenbaarheid van dit landschap komen steeds verder onder druk door toenemende bedrijfsbebouwing en verstedelijking die niet geënt is op een samenhangende en herkenbare ruimtelijke structuur. [...] Opgave hierbij is [...] een versterking van de landschappelijke structuur." Het in de inspraakreactie genoemde weidse uitzicht heeft te maken met de openheid en de ruimtelijke structuur van het landschap met de steilrand als karakteristiek landschappelijk element, dat de achtergrond vormt van het middengebied; in het middengebied is de kavelrichting van belang.

Dit is de reden dat het speeleiland ene langgerekt vorm heeft, parallel aan de steilrand en kust. Bij de inrichting van het landschapspark en het speeleiland zal aan de ruimtelijke structuur van het landschap veel aandacht worden besteed, zodat landschapskarakteristieken in stand blijven en zo mogelijk worden versterkt. Er zijn geen plannen om het huidige Dompad te verleggen. De karakteristieke steilrand blijft nadrukkelijk behouden. Met dat doel is hier de relatief zware bestemming ‘Natuur’ op gelegd. Ook moet erop worden gewezen dat het huidige bestemmingsplan de in de inspraakreactie genoemde zaken en kwaliteiten voor een groot deel niet beschermt. 3.2

De stilte (geen scooters, weinig fietsers) zal verdwijnen.

Het betreft een bestaand openbaar wandel- en fietspad (incl. brommers), dat wellicht relatief weinig gebruikt wordt. Deze feitelijke situatie zal inderdaad 4

Geen.

Appellant

Zienswijze

Reactie gemeente

Gevolgen voor het bestemmingsplan

veranderen. Door het intensievere gebruik zal er ook meer geluid te verwachten zijn. Het wandel- en fietspad mag en kan ook in de huidige juridische situatie intensief gebruikt worden. De planologische wijziging verandert deze juridische situatie niet.

3.3

Er worden bomen gekapt, want de bestemming Natuur wordt omgezet in Groen.

3.4

Er wordt een fietspad aangelegd over/langs het Dompad, waardoor het karakter van het pad verdwijnt. Het fietspad zal verplicht worden, waardoor het minder donker zal zijn (lichtvervuiling).

3.5

Het fietspad komt uit in Breloftpark, waardoor de overlast, sociale onveiligheid en drukte toenemen. Als gevolg van het speeleiland zal de parkeerdruk toenemen.

3.6

3.7

Nut en noodzaak van een speeleiland worden betwijfeld, gezien de aanwezigheid van zwembad en zee.

In die zin leidt het bestemmingsplan op dit punt niet tot een andere juridische situatie. Bovendien zal dit niet tot overlast leiden en aanvaardbaar zijn, gezien de grootte van het plangebied en de afstanden tot omliggende bebouwing (ca. 50m tot de dichtstbijzijnde woning). Er wordt geen bestemming Natuur veranderd in Groen. De bestemming Natuur is in het huidige bestemmingsplan alleen aanwezig op de steilrand. In het nieuwe bestemmingsplan krijgt dit opnieuw de bestemming Natuur. Voor het overige is de huidige bestemming Agrarisch, bedoeld voor agrarische doeleinden, zoals boomteelt, veeteelt, akkerbouw en bollenteelt. Dat krijgt de bestemming Groen, Recreatie en Water. Het Dompad is al een wandel- en fietspad (incl. brommers). Het Dompad zal ook blijven liggen waar het ligt. Het bestemmingsplan bepaalt niet waar precies een wandel/fietspad aangelegd wordt, noch met welke materialen. Dit is een inrichtingsmaatregel. Het bestemmingsplan biedt slechts de mogelijkheid wandel- en fietspaden aan te leggen. Verlichting bij een wandel- of fietspad is ook een feitelijke inrichtingsmaatregel, die buiten het bestemmingsplan valt. Dergelijke inrichtingsaspecten komen aan bod bij het inrichtingsplan. Overigens kan ook het huidige wandel- en fietspad nu al verlicht worden. Zie 3.2

Geen.

Geen.

Zie 3.2

Wij constateren dat hieraan te weinig aandacht was besteed in de toelichting op Toelichting, paragraaf het voorontwerpbestemmingsplan. Daarom is de toelichting op dit punt 4.4 wordt aangepast. uitgebreid. Zie paragraaf 4.4 (‘Verkeer en parkeren’) van de plantoelichting. Op 20 april 2005 is er een visie voor het gehele Middengebied vastgesteld. Deze Geen. structuurvisie is inmiddels vervangen door de Omgevingsvisie Noordwijk 2030, waarin de inhoud en strekking is overgenomen. De visie is een waardevolle en 5

Appellant

Zienswijze

Reactie gemeente

Gevolgen voor het bestemmingsplan

toevoegende invulling van het gebied, om door die toegevoegde waarde, de geleidelijke en sluipenderwijze verstedelijking te voorkomen. Die visie houdt een mix in van o.a. recreatieve elementen, woningbouw, opwaarderen van bollengrond en creëren van recreatieve routes. De afgelopen jaren zijn er diverse projecten uitgevoerd. Nu is het landschapspark met het speeleiland aan de beurt. De speelgelegenheden in Noordwijk zijn overwegend klein van aard en dientengevolge beperkt in hun aanbod. Vanuit de gemeenteraad is er de wens voor diversiteit en voldoende speelplekken in Noordwijk. Dit is van belang zodat de kinderen zich kunnen blijven ontwikkelen zowel lichamelijk als in hun creatieve speelmogelijkheden. Een natuurlijk speeleiland met een diversiteit aan elementen draagt hier aan bij. Het speeleiland voorziet in de behoefte aan een grotere, afwisselende en bredere speelmogelijkheid.

3.8

Er wordt bebouwing toegestaan waar nu groen is.

3.9

De begraafplaats ligt op gehoorafstand van de speelplaats, waardoor de rouwenden lawaaioverlast zullen ervaren.

3.10

Indiener doet de suggestie er een stiltepark van te maken.

Het speeleiland komt op een stuk grond terecht dat op de Kwaliteitskaart van de provincie (onderdeel van de Visie ruimte en mobiliteit) is aangeduid met ‘Recreatie’ (kaartlaag: beleving). Planologisch is er geen sprake van groen, maar van onbebouwde agrarische grond. Er wordt binnen de bestemming Groen en Recreatie zeer beperkt voorzien in bebouwing. De bebouwing beperkt zich tot speeltoestellen en ondersteunende voorzieningen t.b.v. recreatie voorzieningen zoals fietsparkeervoorzieningen . Op begraafplaatsen die in stedelijk gebied liggen, zullen altijd in meer of mindere mate de geluiden van de levendige omgeving te horen zijn. In dit specifieke geval ligt de begraafplaats in stedelijk gebied en langs een drukke doorgaande autoroute. Om de begraafplaats staat een hoge muur, die zorgt voor (gevoel van) rust en stilte. Bovendien ligt de begraafplaats hoger en op ruime afstand (ca. 50 m) van het speeleiland. Bovendien kan ook door inrichtingsmaatregelen, zoals beplanting in het park, zowel zicht als geluid verder beïnvloed worden. Door de vele natuur- en duingebieden aan zuid- en noordkant van Noordwijk, zijn er genoeg plekken waar in stilte en rust gewandeld kan worden en waar men de natuur kan beleven. In die gebieden zijn geen mogelijkheden voor intensief gebruik.

Juist dat intensievere recreatieve gebruik kan een plek vinden in het Middengebied, dat ligt in een stedelijke omgeving en waar woningbouw, sportparken, fiets/wandelpaden en een zwembad ook al een plek heeft. 6

Geen.

Geen.

Geen.

Appellant 3.11

Zienswijze Aanvulling In de structuurvisie uit 2005 wordt meermalen gesproken over: “De gemeente wil met de structuurvisie de laatste kans benutten om dit, voor vele functies zeer aantrekkelijke gebied, open te houden.” “Het open karakter dient versterkt te worden;” “Grote waarde wordt gehecht aan: het terugbrengen (behoud) van het open karakter (lange zichtlijnen) en de herkenbare overgang tussen ´Zee´ en ´Binnen´ moet blijven;” “Minimale bebouwing (noodzakelijk voor de bekostiging van deze ambitie) mag deze uitgangspunten niet aantasten;” Voor Noordwijk Centraal wordt in de integrale benadering rekening gehouden met de karakteristiek van het gebied, zeker wat betreft het Dompad. Versterking van het open karakter is daarbij een van de randvoorwaarden. Duineveld en het zwembad maken volgens indieners voldoende inbreuk op deze doelstellingen.

Reactie gemeente

Gevolgen voor het bestemmingsplan

De aangehaalde teksten vertellen slechts een klein en selectief deel van wat er in de Structuurvisie 2005 staat. In de Structuurvisie 2005 staat duidelijk dat op lange termijn het Middengebied niet geschikt is voor bollenteelt en dat een andere functie met meerwaarde voor bewoners en bezoekers gezocht moet worden, die ervoor zorgt dat het gebied open blijft, zichtlijnen behouden blijven en voorkomt dat Noordwijk Binnen en Zee aan elkaar groeien. Daarom is het Middengebied aangewezen als recreatief landschap. Daarin moet dan wel het watersysteem moet verbeterd worden, de strokenverkaveling (van zuidoost naar noordwest) behouden blijven, de steilrand prominent in beeld zijn.

Geen.

De structuurvisie uit 2005 is inmiddels vervangen door de Omgevingsvisie Noordwijk 2030. Wat betreft inhoud is de visie voor het Middengebied ongewijzigd gebleven. In de Omgevingsvisie staat over het Middengebied: “In het bijzonder moet de regenval in het hogere deel van Noordwijk beter worden afgevoerd. Daarom zoeken we naar oplossingen in het Middengebied en mogelijkheden voor waterberging. Door die te koppelen met bestaande watergangen, in combinatie met enkele technische maatregelen, ontstaat een goed werkend watersysteem. Het openbaar groen vervult hier ook een rol in. Bomen en planten houden neerslagoverschotten na extreme buien vast in de grond en stellen dit water weer beschikbaar tijdens droge perioden. Daarnaast hebben bomen en planten een verkoelend effect in een gebouwde omgeving (afname hittestress).” “Waar mogelijk moet het Middengebied nog bijdragen aan een herkenbare overgang tussen ‘Zee’ en ‘Binnen’. Daartoe is het behoud van een aantal duidelijke zichtlijnen essentieel, bijvoorbeeld naar de watertoren en landschappelijke open vensters richting de bollengebieden. Het bollengebied willen we behouden, evenals de steilrand. Die moet een belangrijke overgang blijven tussen het hogere duingebied en het lager gelegen open middengebied.

Wel is een verbetering van het watersysteem noodzakelijk, om bij te dragen aan de oplossing van het waterprobleem van Noordwijk aan Zee.”

7

Appellant

3.12

3.13

3.14

3.15

3.16

Zienswijze

Reactie gemeente

Gevolgen voor het bestemmingsplan

“Voor het versterken van de levendigheid en identiteit van de Noordwijkse samenleving wordt is het wenselijk een prominente ontmoetingsplek voor Noordwijkers te creëren. Hierbij wordt gedacht aan een plein of een park in het Middengebied.” De Visie Ruimte en Mobiliteit wijst het In de Visie ruimte en Mobiliteit, bijlage 1 (kwaliteitskaart), uitwerking IV Middengebied aan als stedelijk groen. De (beleving) is dit gebied aangegeven als Recreatie: dagrecreatie, landschap, inrichting dient hierbij te passen door: 1) recreatie, langzaam verkeer, natuur, ruimtelijke kwaliteit. Ook valt dit gebied in ruige, spontane vegetatie en natuurlijke beschermingscategorie 2 (gebieden met een specifieke waarde) (3.2.2), slootoevers toe te passen 2) een bijdrage hieronder vallen: te leveren aan bijzondere -openbare recreatiegebieden, vanwege hun onmisbare bijdrage aan de leef- en landschappelijke en natuurlijke kwaliteit vestigingskwaliteit in zowel het stedelijk als het landelijk gebied; en behoud van duinen en 3) zicht -groene buffers, vanwege hun belang voor de identiteit, geleding en leefkwaliteit houden op en handhaven van de van het stedelijk gebied. aantrekkelijkheid van het Dit wordt uitgewerkt in 3.6 van de Visie. Het landschapspark met speeleiland bollenlandschap. sluiten daarmee naadloos aan op de Visie Ruimte en Mobiliteit.

Het bestemmingsplan voldoet aan artikel 2.2.1. van de ‘Verordening ruimte’ van de provincie Zuid-Holland. Wij constateren dat hieraan te weinig aandacht was besteed in de plantoelichting van het voorontwerp. Daarom is aan paragraaf 3.2 van de plantoelichting hierover het nodige toegevoegd. De bestemming ‘Groen’ is hier voldoende De bestemming ‘Groen’ zou geen recht doen aan het beoogde speeleiland, om enkele speeltoestellen te kunnen omdat de hoofdfunctie van het speeleiland het spelen is. Sport en spel valt plaatsen. binnen de bestemming Recreatie. Ook i.vm. de hoogte van bepaalde speelvoorzieningen dient dit onder de bestemming recreatie te vallen. Een toeristische trekker is ongewenst. Toeristen kunnen wel gebruik maken van het speeleiland, maar vormen niet de doelgroep. Het zal daarom zeker geen toeristische trekker worden. In paragraaf 3.2. van de plantoelichting staat: “De aanleg van het landschapspark en het speeleiland versterkt de landschappelijke en recreatieve waarde van het stedelijk groen door te fungeren als recreatiegebied voor de bewoners van de stadsrand.” De gebruikte termen komen uit de provinciale Visie ruimte en mobiliteit; de crux is dat bewoners van het omringende gebied de doelgroep vormen. Een speeleiland is een vreemde eend in Dit bestemmingsplan heeft als doel een landschapspark met speeleiland de bijt van dit bestemmingsplan. mogelijk te maken.

Er is geen sprake van dat één van beide elementen vreemd is aan de opzet van het gehele plan. Uit de Verordening Ruimte blijkt dat een Recreatie-bestemming hier niet in past.

8

Geen.

Toelichting wordt aangepast.

Geen.

Geen.

Geen.

Appellant 3.17

Zienswijze

Reactie gemeente

Ontsluiting van en naar het Breloftpark is ongewenst.

3.18

Er wordt stelling genomen tegen het door het middengebied leiden van een recreatief fietspad.

Uitgangspunt is dat het plangebied oostelijk wordt ontsloten vanaf een vrijliggend fietspad aan de Nieuwe Zeeweg. Aan de westzijde zullen fietsers die komen van, of gaan naar, dit fietspad mogelijk door het Breloftpark rijden. Uiteraard zal de gemeente erop toezien dat de verkeerssituatie voor iedereen veilig blijft. Zie beantwoording 3.4 In het inrichtingsplan zijn geen fietspaden voorzien.

Gevolgen voor het bestemmingsplan Geen.

Geen.

3. Ambtshalve wijzigingen en wijzigingen n.a.v. zienswijzen De voorgestelde aanpassingen voor het vast te stellen bestemmingsplan die ambtshalve worden aangebracht worden in dit hoofdstuk behandeld. Dit zijn wijzigingen die in de regel niet voortkomen uit zienswijzen, maar die in de loop van de procedure door de gemeente zijn geconstateerd. Deze wijzigingen houden verband met veranderd of nieuw beleid, verleende vergunningen of omissies in het ontwerp. Daarnaast worden onderschikte tekstaanpassingen doorgevoerd.

3.1 Wijzigingen op de verbeelding De bestemming ‘Recreatie’ is deels aangepast ten gunste van bestemming ‘Groen’ naar aanleiding van het participatietraject over de inrichting (ontwerp) van het landschapspark met speeleiland.

3.2 Wijzigingen in de regels Diverse ondergeschikte technische wijzigingen, zoals opmaak, nummering, verwijzingen en tekstuele correcties. De inhoud van artikel 1 (begrippen) is aangepast aan artikel 1 van het bestemmingsplan ‘Middengebied’. Het bestemmingsplan ‘Paraplu Bestemmingsplan Parkeren’, vastgesteld op 15 maart 2018, is verwerkt.

9

3.3 Wijzigingen in de toelichting 1) In paragraaf 1.1 wordt niet meer gesproken van de ‘wettelijke actualisatieplicht’. Deze bestaat immers niet meer sinds 1 juli 2018. In plaats daarvan wordt verwezen naar het feit dat de oude planregeling (uit 1984) die ter plaatse van het plangebied nog geldt, inmiddels niet meer aansluit op de regelingen die zijn opgenomen in de actuele aangrenzende bestemmingsplannen. 2) In paragraaf 3.2.1 wordt er uitgebreider – ook met afbeeldingen van de kaarten in kwestie – ingegaan op de vier kaartlagen van de Kwaliteitskaart: ondergrond, cultuur- en natuurlandschappen, stedelijke occupatie, beleving. Conclusies aangaande de passendheid op deze locatie (gezien het provinciale beleid) van het speeleiland en van de recreatieve fietsroute zijn toegevoegd. 3) Aan paragraaf 3.2 van de plantoelichting is het nodige toegevoegd over artikel 2.2.1. van de ‘Verordening ruimte’ van de provincie Zuid-Holland. Zo wordt positief vastgesteld dat het bestemmingsplan voldoet aan dit artikel van de Verordening. 4) Aan paragraaf 3.3.1, in de eerste alinea, is toegevoegd: de datum van vaststelling van de Regionale Structuurvisie 2020 Holland-Rijnland door de gemeenteraad van Noordwijk. Die datum is de geldende datum, niet de datum waarop het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland de structuurvisie heeft vastgesteld.

De gemeenteraad is op grond van de Wet ruimtelijke ordening het bevoegd gezag. 5) Paragraaf 4.6 is aangepast. Want de bijlage waar paragraaf 4.6 naar verwijst, het archeologisch onderzoeksrapport, is inmiddels beschikbaar. Het

rapport is ook toegevoegd aan de bijlagen bij de plantoelichting.

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=b3722b28-bece-4038-81b1-c705586322c0