CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. Verkennend bodemonderzoek

Gemeenteraadsvergadering 5 juni 2024, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Ontwerp-omgevingsvergunning en ontwerpverklaring van geen bedenkingen Randweg 6 Noordwijk13.255 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Duinrust 1a te Noordwijk Milieuhygiënisch vooronderzoek Verkennend milieukundig bodemonderzoek

Kenmerk Datum

: :

A2273/BJO/rap1 26-4-2023

Opdrachtgever

: : : :

Vakantiepark Duinrust F. van den Burg Randweg 6, 2204 AL Noordwijk, Zuid-Holland

Goedkeuring

Functie

Datum

De heer B.A. de Jong

Opsteller, auteur

26-4-2023

De heer C.V. Manuels (Projectleider)

2e lezerschap en vrijgave

26-4-2023

Handtekening

BRL SIKB 2000 protocol 2001, 2002

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING ........................................................................................................................................... 4

2.

MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK ......................................................................................... 6 2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK ................................................................................................. 6

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED .......................................................................................... 7

2.3

POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING ........................................................ 8

2.4

BODEMKWALITEIT EN ASBEST.................................................................................................... 8

2.5

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ..................................................................................... 9

2.6

BEÏNVLOEDING .............................................................................................................................. 9

2.7

BODEMVERONTREINIGING ........................................................................................................ 10

2.8

TERREINVERKENNING ............................................................................................................... 10

2.9

BEOORDELING............................................................................................................................. 11

2.10 CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING.................................................................................... 11 3.

4.

VERKENNEND BODEMONDERZOEK ............................................................................................. 12 3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE ......................................................................................................... 12

3.2

UITVOERING VELDONDERZOEK................................................................................................ 12

3.3

UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK ............................................................................ 14

3.4

TOETSINGSKADER ...................................................................................................................... 15

3.5

INTERPRETATIE........................................................................................................................... 16

3.6

TOETSING HYPOTHESE ............................................................................................................. 17

3.7

CONCLUSIES ............................................................................................................................... 17

3.8

AANBEVELINGEN......................................................................................................................... 18

BETROUWBAARHEID ...................................................................................................................... 19

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 2 van 19

BIJLAGEN 1. 1.1 1.2

Kaarten en tekeningen Topografische kaart Situatietekening

2. 2.1 2.2 2.3

Vooronderzoek Rapportage omgevingsdienst Rapportage Bodemloket Fotoreportage

3. 3.1 3.2

Veldonderzoek Formulieren veldonderzoek Boorstaten en legenda

4. 4.1 4.2

Laboratoriumonderzoek Certificaten grond Certificaten grondwater

5. 5.1 5.2

Toetsingstabellen Toetsingstabellen grond Toetsingstabellen grondwater

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 3 van 19

1.

INLEIDING

In opdracht van Vakantiepark Duinrust is door IDDS een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie staat bekend als Duinrust 1a te Noordwijk (afbeelding 1).

Afbeelding 1: Onderzoeksgebied (bron: OpenTopo)

Aanleiding en doelstelling Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen realisatie van drie vakantiewoningen op het terrein. In dit kader wenst de opdrachtgever inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De doelstelling van het onderzoek is het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de landbodem (grond en grondwater) ter plaatse van de onderzoekslocatie. Verklaring onafhankelijkheid IDDS verklaart hierbij onafhankelijk te zijn van de opdrachtgever en geen belang te hebben bij de resultaten van het uitgevoerde onderzoek. Milieuhygiënisch vooronderzoek Voorafgaand aan een verkennend bodemonderzoek conform de onderzoeknorm NEN 5740;2009+A1;2016 dient een milieuhygiënisch vooronderzoek te worden uitgevoerd conform de onderzoeknorm NEN 5725;2017. Op basis van de informatie uit het vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Het doel van het vooronderzoek is inzicht te verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 4 van 19

Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw, geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de locatie waar het vooronderzoek betrekking op heeft. Verkennend bodemonderzoek Ter bepaling van de milieuhygiënische bodemkwaliteit binnen de begrenzing van de onderzoekslocatie, is de onderzoeknorm NEN 5740;2009+A1;2016 gehanteerd. Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek naar de (mogelijke) aanwezigheid van bodemverontreiniging en de werkwijze voor het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en eventueel vrijkomende grond. Op basis van de informatie uit het milieuhygiënisch vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Elke uit het milieuhygiënisch vooronderzoek resulterende onderzoekshypothese over de aan- of afwezigheid van bepaalde verontreinigende stoffen en de wijze van verspreiding wordt getoetst met een locatiespecifieke onderzoeksstrategie. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het milieuhygiënisch vooronderzoek stapsgewijs besproken.

Het milieuhygiënisch vooronderzoek bestaat achtereenvolgens uit het vaststellen van de aanleiding en de afbakening van het onderzoeksgebied. Vervolgens wordt informatie verzameld van de voorgeschreven onderzoekaspecten en worden de onderzoeksvragen beantwoord. Op basis hiervan worden conclusies getrokken en wordt de hypothese voor de onderzoekslocatie vastgesteld. In hoofdstuk 3 wordt het verkennend bodemonderzoek stapsgewijs besproken. Als eerste stap wordt, op basis van de bij het milieuhygiënisch vooronderzoek voor de locatie vastgestelde hypothese, de onderzoeksstrategie vastgesteld. Vervolgens worden de uitvoering en resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek apart besproken. Op basis van de onderzoekresultaten wordt de vastgestelde hypothese getoetst en worden indien van toepassing, aanbevelingen gedaan met betrekking tot eventueel te nemen vervolgstappen. In hoofdstuk 4 wordt de betrouwbaarheid van het uitgevoerde onderzoek toegelicht.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 5 van 19

2.

MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK

2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK

Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van het vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal onderzoeksvragen. Als eerste stap in het vooronderzoek dient derhalve de aanleiding te worden vastgesteld. In de NEN 5725;2017 zijn zeven aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Opgemerkt wordt dat er sprake kan zijn van een combinatie van meerdere aanleidingen. In dat geval dienen de onderzoeksvragen voor elke afzonderlijke aanleiding te worden beantwoord. Voor onderhavig onderzoek is de volgende aanleiding: A. opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. De onderzoeksvragen, behorende bij de vastgestelde aanleiding, zijn in de navolgende paragrafen in tabelvorm aangegeven. Per onderzoeksvraag is, direct onder de betreffende vraag, het antwoord opgenomen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 6 van 19

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED

TABEL 2.2.1: Afbakening onderzoeksgebied Onderzoeksvraag Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? Uitwerking

Bronnen

Situering

Globale ligging: zie overzichtskaart 1.1 in bijlage 1. Begrenzing onderzoekslocatie: zie situatietekening 1.2 in bijlage 1.

Adres

Duinrust 1a

Postcode

2204 AL

Gemeente Provincie

Noordwijk Zuid-Holland

RDcoördinaten

Omschrijving

Globaal middelpunt onderzoekslocatie

X

92.490

#1 / #2

Y

476.484

Hoogte maaiveld

Z

Circa 2,1 m + NAP

Kadastraal

Gemeente

Noordwijk

Gemeentecode

NWK02

Sectie Nummer

C 1806

Totaal

Ca. 1.050 m2

Bebouwd

Ca. 75 m2

Verharding

Klinkers ca. 75 m2

Alle richtingen

Rondom de locatie is sprake van een vakantiepark met vakantiehuisjes en een natuurgebied. Ten noorden van de onderzoekslocatie loopt de Randweg.

Oppervlaktes

Belendingen

Afbeelding 2: Onderzoekslocatie en belendingen (bron: IDDS Projectenkaart) Afbakening

25 meter buiten onderzoekgrenzen

-

Conclusie Afbakening voldoende #1: Perceelloep.nl #2: AHNviewer.nl Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 7 van 19

2.3

POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING

TABEL 2.3.1: Potentiële bronnen van bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de verdachte parameters? Uitwerking

Bronnen

Voormalig gebruik

De locatie heeft tot circa de jaren 860 een agrarische functie gehad. In die tijd hebben er zover bekend geen kassen op het terrein gestaan. Hierna is het huidige vakantiepark gerealiseerd.

Potentiële bronnen

In het voormalig gebruik zijn geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging bekend.

Huidig gebruik

In de huidige situatie is de locatie in gebruik als receptie van het vakantiepark met naastgelegen speelplaats.

Potentiële bronnen Toekomstig gebruik

In de huidige situatie zijn geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging bekend. Op het terrein worden vakantiehuisjes gerealiseerd.

#1 / #2

#3

Conclusie Er is geen sprake van specifieke verdachte locaties en specifieke verdachte parameters. #1: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2) #2: Topotijdreis.nl #3: Informatie verkregen van de opdrachtgever

2.4

BODEMKWALITEIT EN ASBEST

TABEL 2.4.1: Bodemkwaliteit en asbest Onderzoeksvraag Is de bodem asbestverdacht? Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? Uitwerking Asbest

Bronnen Er is geen informatie beschikbaar omtrent een eventuele verdenking op de aanwezigheid van asbest in de bodem.

#1

Opgemerkt wordt dat, indien in de bodem sprake is van een puinbijmenging, de locatie, ongeacht de gradatie van het puin, dient te worden aangemerkt als asbestverdacht. Bodemkwaliteit

Bodemfunctieklasse Bodemkwaliteitszone

Wonen -

Ontgravingskaart boven- en ondergrond

-

#2

Conclusie De bodem is op voorhand niet asbestverdacht. Omgevingsdienst West-Holland heeft geen bodemkwaliteitskaart beschikbaar. #1: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2) #2: Bodemfunctieklassenkaart Gemeente Noordwijk Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 8 van 19

2.5

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE

TABEL 2.5.1: Bodemopbouw en geohydrologie Onderzoeksvraag Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? Uitwerking

Bronnen

Bodemopbouw (lokaal) Grondwater (lokaal)

0,0 - 1,8 m-mv

Zand

1,8 - 2,3 m-mv

Veen

Grondwaterstand freatisch

Circa 0,8 m-mv

#1

Een eenduidige stromingsrichting van het grondwater is niet bekend. Voor zover bekend wordt het grondwater op en in de nabijheid van de onderzoekslocatie niet beïnvloed door menselijk handelen (drainage, bemalingen, etc.). Geohydrologie

Bodemvreemde lagen

0,0 - 8,0 m-mv

Deklaag

8,0 - 50,0 m-mv

1e watervoerend pakket

50,0 - 50,0 m-mv

1e afsluitende laag

Stromingsrichting 1e WVP

Zuidoostelijk

Op de locatie zijn geen gedempte sloten of opgehoogde terreindelen aanwezig.

Conclusie Op de locatie wordt een afwisselende zand- en veengrond zonder bodemvreemde lagen verwacht. #1: DINOloket.nl #2: Archief IDDS

2.6

BEÏNVLOEDING

TABEL 2.6.1: Beïnvloeding Onderzoeksvraag Is sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? Uitwerking Beïnvloeding

Bronnen Er wordt op basis van de beschikbare informatie geen beïnvloeding vanuit de omgeving verwacht.

#1

Conclusie Er is voor zover bekend geen sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit en/of de kwaliteit van het grondwater. #1: Bodemloket.nl

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 9 van 19

2.7

BODEMVERONTREINIGING

TABEL 2.7.1: Bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? Uitwerking

Bronnen

Onderzoek ter plaatse van de locatie Verwachting o.b.v. eerder bodemonderzoek

Er is geen informatie beschikbaar/bekend. Voor zover bekend is er ter plaatse van de beoogde nieuwbouwlocatie tot op heden geen milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd.

#1 / #2

Onderzoek nabij de locatie Verwachting o.b.v. eerder bodemonderzoek

Er is geen informatie beschikbaar/bekend. Voor zover bekend is er nabij de beoogde nieuwbouwlocatie tot op heden geen milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd.

#1 / #2

Conclusie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is geen vermoeden van een geval van (ernstige) bodemverontreiniging. #1: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2) #2: Bodemloket.nl

2.8

TERREINVERKENNING

De terreinverkenning heeft tot doel om te controleren of de gedocumenteerde informatie overeenkomt met de daadwerkelijke situatie ter plaatse en deze aan te vullen met relevante waarnemingen. De terreinverkenning is op 03-4-2023 uitgevoerd. Op basis van de terreinverkenning blijkt geen sprake te zijn van aanvullende bijzonderheden en hebben zich geen wijzigingen voorgedaan ten opzichte van de reeds verkregen gegevens. Ter illustratie is in bijlage 2 een fotoreportage opgenomen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 10 van 19

2.9

BEOORDELING

Het vooronderzoek is beoordeeld op afwijkingen ten opzichte van de NEN 5725;2017. Indien er sprake is van afwijkingen zijn deze omschreven en is de reden van afwijking aangegeven. Beoordeeld is in hoeverre de afwijking gevolgen heeft op de betrouwbaarheid en in hoeverre er sprake is van beperkingen in relatie tot de onderzoeksvragen. Vervolgens is beoordeeld in hoeverre de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, op basis van de resultaten van het vooronderzoek, afdoende bekend is, of in hoeverre bodemonderzoek noodzakelijk is. In tabel 2.9.1 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.9.1: Beoordeling Onderzoeksvraag Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of is bodemonderzoek noodzakelijk? Beantwoording Afwijking

Omschrijving

Reden afwijking

Geen

-

Conclusie De milieuhygiënische bodemkwaliteit is niet afdoende bekend. Er is geen (actuele) informatie beschikbaar omtrent de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie.

2.10 CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn conclusies getrokken over de verwachting van de milieuhygiënische bodemkwaliteit en de aanwezige verontreinigende stoffen. Op basis van de getrokken conclusie is een hypothese geformuleerd. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie, in zowel het horizontale als het verticale vlak, de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Bij eventueel bodemonderzoek dient de hypothesestelling als basis voor de onderzoeksstrategieën uit de desbetreffende normdocumenten. De hypothese en strategie zijn complementair aan elkaar. TABEL 2.10.1: Conclusie en hypothese Hypothese Algemeen Locatie

Gehele terrein

Conclusie

Er is geen informatie beschikbaar omtrent de actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit van de locatie. Op basis van de resultaten van het milieuhygiënisch vooronderzoek worden in de bodem (inclusief de antropogene toplaag) geen noemenswaardige verontreinigingen verwacht.

Hypothese

Onverdacht

Opmerking

Op voorhand wordt er niet van uitgegaan dat in de grond sprake is van puinbijmengingen. Ingeval echter wel sprake blijkt te zijn van een puinbijmenging dient de locatie, ongeacht de gradatie aan bijmengingen, formeel als verdacht op asbest te worden aangemerkt.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 11 van 19

3.

VERKENNEND BODEMONDERZOEK

3.1

ONDERZOEKSSTRATEGIE

De onderzoeksstrategie is gebaseerd op de hypothese zoals deze is vastgesteld op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek, zie hoofdstuk 2. De onderzoeksstrategie is aangegeven in tabel 3.1.1. TABEL 3.1.1: Onderzoeksstrategie Locatie Onderzoeksstrategie Gehele terrein

3.2

NEN 5740;2009+A1;2016; Onderzoeksstrategie voor een onverdachte nietlijnvormige locatie (ONV-NL).

UITVOERING VELDONDERZOEK

Een samenvatting van de tijdens het veldonderzoek uitgevoerde werkzaamheden is opgenomen in de navolgende tabel. De posities van de genoemde meetpunten zijn weergegeven op situatietekening 1.2 die in bijlage 1 is opgenomen. TABEL 3.2.1: Samenvatting veldonderzoek Uitvoeringsperiode 3-4-2023, 11-4-2023 Uitvoerende partij

IDDS Milieu

BRL SIKB / protocol

BRL SIKB 2000 Protocol 2001, 2002

Onderzoekaspect

Meetpunten

Gehele terrein

Type

Diepte [mmv]

Aantal

Boring

0,5 2,0 2,3 2,3

2 4 1 1

Peilbuis

Codering

Bijzonderheden

06, 08 01, 02, 04, 05 03 07

-

Uitvoeringswijze Tijdens het veldonderzoek is niet afgeweken van de beoordelingsrichtlijn. Het veldverslag met daarin de gegevens van het veldwerkbureau en de namen van de veldwerkers is opgenomen in bijlage 3. Het procescertificaat en het hierbij behorende keurmerk zijn van toepassing op de activiteiten met betrekking tot het veldonderzoek en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of aan de opdrachtgever. Tijdens het verrichten van het veldonderzoek is de bodem zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen en is de bodemopbouw beschreven. Bodemopbouw Per meetpunt is de texturele, minerale en organische samenstelling van de bodem nauwkeurig beschreven. Op basis van deze beschrijving is per meetpunt een boorstaat vervaardigd. De boorstaten zijn opgenomen in bijlage 3. Ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat de bovengrond uit zand. De ondergrond bestaat tot de geboorde dieptes van maximaal 2,3 m-mv uit zand en/of veen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 12 van 19

Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Het opgeboorde bodemmateriaal is visueel geïnspecteerd op afwijkingen en op het voorkomen van bodemvreemde bijmengingen die kunnen duiden op een mogelijke verontreiniging van de bodem. Het materiaal is met name beoordeeld op de aard, grootte en gradatie van voorkomen. Sommige verontreinigingen die in de bodem aanwezig zijn, kunnen aan de geur herkend worden. Benadrukt dient te worden dat, indien tijdens de veldwerkzaamheden passieve geurwaarnemingen worden gedaan, deze gekarakteriseerd worden en per boorpunt worden beschreven. Indien er sprake is van afwijkingen en/of bijmengingen zijn deze, per meetpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 3. Op basis van de boorstaten blijkt dat in de grond is sprake van bijmengingen met bodemvreemde materialen. Het betreft met name zwakke bijmengingen met baksteen, plaatselijk plastic en resten aardewerk. Asbest Het veldonderzoek is uitgevoerd door veldwerkers welke zijn opgeleid voor het herkennen van asbestverdachte materialen. Tijdens de uitvoering van het bodemonderzoek is het maaiveld van de onderzoekslocatie, evenals het opgeboorde bodemmateriaal visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm).

Indien asbestverdacht materiaal is aangetroffen is dit, per boorpunt en per bodemlaag, aangegeven in de boorstaten die zijn opgenomen in bijlage 3. Op basis van de visuele inspectie op asbest blijkt dat op het maaiveld en in de opgeboorde grond visueel geen asbestverdacht materiaal (fractie > 20 mm) aangetroffen is. Grondwater Voorafgaand aan de bemonstering van het grondwater is de actuele grondwaterstand opgenomen ten opzichte van het maaiveld. Van het bemonsterde grondwater is in het veld de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de mate van troebelheid (NTU) gemeten. Het bemonsterde grondwater is zintuiglijk beoordeeld op eventuele afwijkingen die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. In de navolgende tabel zijn de resultaten opgenomen van de uitgevoerde metingen en verrichtte waarnemingen. TABEL 3.2.2: Metingen uitgevoerd aan het grondwater Peilbuis

07

Filterstelling

Grondwaterstand

pH

EC

Troebelheid

Monstername

[m-mv]

[m-mv]

[–]

[S/cm]

[NTU]

d.d.

1,30 - 2,30

0,78

6,9

1174

8

11-4-2023

Zintuiglijke afwijkingen / overige bijzonderheden Geen bijzonderheden

Op basis van de veldwaarnemingen en metingen blijkt dat aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten waarden voor de zuurgraad en het elektrisch geleidingsvermogen duiden niet op een eventuele verontreiniging van het grondwater.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 13 van 19

3.3

UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK

Voor de verrichting van het chemisch onderzoek zijn de monsters overgebracht naar een (RvA) geaccrediteerd en AS3000 erkend laboratorium. De naam en contactgegevens van het betreffende laboratorium, alsmede de data waarop de monstervoorbehandeling en het analytisch onderzoek is uitgevoerd, zijn aangegeven op de analysecertificaten die in bijlage 4 zijn opgenomen. Analysestrategie Bij de selectie van de grond(meng)monsters is, voor het verkrijgen van een representatief beeld van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, rekening gehouden met de bodemopbouw en eventuele zintuiglijk waargenomen afwijkingen. Voor het verkrijgen van een ruimtedekkend beeld is eveneens rekening gehouden met de situering van de boringen. In tabel 3.4.1 is een overzicht gegeven van de monsters, waar van toepassing de monstersamenstelling, de monstertrajecten en de uitgevoerde analyses. De bovengrond is aanvullend geanalyseerd op organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB9s). Samenstelling analysepakketten In het standaardpakket voor grond zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). PAK (polycyclische aromatische koolwaterstoffen). Minerale olie (GC). PCB (PolyChloorBifenylen).

Ten behoeve van de toetsing van de analyseresultaten zijn van alle grondmonsters de percentages lutum en/of organische stof bepaald. In het standaardpakket voor grondwater zijn de volgende analyses opgenomen: -

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink). BTEXNS (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, naftaleen en styreen). VOCl (vluchtige organochloorverbindingen). Minerale olie.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 14 van 19

3.4

TOETSINGSKADER

De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven op de analysecertificaten, die in bijlage 4 zijn opgenomen. De analyseresultaten zijn, waar van toepassing, getoetst middels de Bodem Toets en Validatieservice (BoToVa). De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. Wet bodembescherming (Wbb) Voor de interpretatie van de resultaten van de chemische analyses van de grondmonsters zijn de meetwaarden, conform bijlage G van de Regeling bodemkwaliteit, gecorrigeerd voor de gemeten percentages lutum en/of organische stof. De gecorrigeerde meetwaarden zijn vergeleken met het toetsingskader van de Wet bodembescherming. Dit toetsingskader bestaat uit de achtergrondwaarden, zoals opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit, en de interventiewaarden, zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 (Staatscourant nr. 16675, 27 juni 2013). Naast het wettelijk kader zijn de gecorrigeerde meetwaarden getoetst aan de tussenwaarden, zijnde het rekenkundig gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarden voor de betreffende stof. Indien de gecorrigeerde meetwaarde voor één of meerdere stoffen de tussenwaarde overschrijdt kan in potentie sprake zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging (HandhavingUitvoeringsMethode Wbb, versie 7.5 van het SIKB) en is het uitvoeren van nader bodemonderzoek in veel gevallen noodzakelijk.

In tabel 3.4.1 zijn de resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek opgenomen alsmede de resultaten van de uitgevoerde toetsingen. <AW / <S niet verontreinigd: het gehalte / de concentratie is lager dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater), dan wel de rapportagegrens; >AW / >S licht verontreinigd: het gehalte overschrijdt de achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) en is lager dan of gelijk aan de tussenwaarde, zijnde licht verontreinigd; >T matig verontreinigd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde en is lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; >I sterk verontreinigd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 15 van 19

TABEL 3.4.1: Overzicht monsters, monstersamenstelling, analyses en toetsingsresultaten Monstercodes, deelmonsters en bodemlagen (bodemlagen in cm-mv)

Matrix en eventuele bijzonderheden

Analyse

Toetsingsresultaten

Wbb (index) > AW / > S (licht verhoogd)

>T (matig verhoogd)

>I (sterk verhoogd)

Grond MM01 07 (0-50) 08 (0-50)

Zand, resten baksteen

#1

PCB (0,01)

-

-

MM02 01 (0-50) 02 (0-50) 04 (0-50) 05 (8-58) 06 (050)

Zand, resten leisteen en resten plastic

#1

-

-

-

MM03 01 (80-130) 04 (50100)

Zand, resten aardewerk en resten baksteen

#1

-

-

-

Grondwater

#2

-

-

-

Grondwater Peilbuis 07 (130-230) Blanco #1 #2 > AW >I Index

: Niet geanalyseerd / onderzocht / getoetst : Standaardpakket grond : Standaardpakket grondwater : > Achtergrondwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - AW) / (I - AW)

3.5

INTERPRETATIE

Bovengrond De bovengrond bestaat uit matig fijn, zwak siltig zand. In de bovengrond zijn bijmengingen met baksteen en plastic aangetroffen. Visueel is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Op basis van de analyse- en toetsingsresultaten blijkt de bovengrond licht verontreinigd te zijn met PCB. Ondergrond De ondergrond bestaat tot de geboorde dieptes van maximaal 2,3 m-mv uit matig fijn, zwak siltig zand en veen. In de ondergrond zijn bijmengingen met baksteen waargenomen. Visueel is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Op basis van de analyse- en toetsingsresultaten blijkt de ondergrond niet verontreinigd te zijn met alle onderzochte parameters. Grondwater Aan het bemonsterde grondwater zijn geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op een eventuele bodemverontreiniging. De gemeten waarden voor de zuurgraad en het elektrisch geleidingsvermogen duiden niet op een eventuele verontreiniging van het grondwater. Op basis van de analyse- en toetsingsresultaten blijkt het grondwater niet verontreinigd te zijn met alle onderzochte parameters.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 16 van 19

3.6

TOETSING HYPOTHESE

De op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek vastgestelde onderzoekshypothese is getoetst aan de resultaten van het verkennend bodemonderzoek. De toetsing van de hypothese is in onderstaande tabel opgenomen. Indien van toepassing is, bij een (gedeeltelijk) onjuiste hypothese de invloed op representativiteit van het onderzoek in relatie met de gevolgde onderzoeksstrategie aangegeven. TABEL 3.6.1: Hypothese en onderzoeksstrategie Algemeen Hypothese

Onverdacht

Toetsing

Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese: Verworpen (formeel) Reden: in de grond komt een lichte verontreiniging voor.

3.7

CONCLUSIES

In opdracht van Vakantiepark Duinrust is door IDDS een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie staat bekend als Duinrust 1a te Noordwijk. Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen realisatie van drie vakantiewoningen op het terrein. In dit kader wenst de opdrachtgever inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Algemene bodemkwaliteit Op basis van de onderzoeksresultaten blijkt het volgende: • • •

In de grond zijn bijmengingen met baksteen, plastic en aardewerk aangetroffen. Visueel is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen; De bovengrond is licht verontreinigd met PCB. De ondergrond is niet verontreinigd met de onderzochte parameters; Het grondwater is niet verontreinigd met de onderzochte parameters.

Beperkingen ten aanzien van de voorgenomen herontwikkeling, worden (vooralsnog) op basis van de huidige onderzoeksresultaten uit milieuhygiënisch oogpunt niet voorzien. Gelet op de onderzoeksresultaten, te weten de aangetoonde overschrijdingen van de betreffende achtergrondwaarden (grond) dient de hypothese onverdacht voor de onderzoekslocatie formeel te worden verworpen. Echter, de gemeten waarden zijn dermate gering dat aanvullend onderzoek naar het voorkomen van deze stoffen in de bodem op het perceel ingevolge de Wet bodembescherming, niet noodzakelijk is.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 17 van 19

3.8

AANBEVELINGEN

Wij adviseren u om onderhavige rapportage voor te leggen aan het bevoegd gezag, zijnde Gemeente Noordwijk, ter formalisering van de onderzoeksresultaten en conclusies. Indien op de onderzoekslocatie ten gevolge van graafwerkzaamheden grond vrijkomt en buiten de locatie wordt hergebruikt, vindt hergebruik veelal plaats binnen het kader van het Besluit bodemkwaliteit. In dat geval dient de chemische kwaliteit van de grond te worden getoetst aan de kwaliteitsnormen die door het Besluit bodemkwaliteit aan de betreffende toepassing worden verbonden.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 18 van 19

4.

BETROUWBAARHEID

Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Echter, een bodemonderzoek is gebaseerd op het nemen van een beperkt aantal monsters en chemische analyses. IDDS streeft naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek. Toch blijft het mogelijk dat lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit of opbouw van het bodemmateriaal voorkomen, ten opzichte van de in onderhavig rapport beschreven situatie. IDDS acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade die als gevolg van deze afwijkingen zou kunnen ontstaan. Hierbij dient tevens te worden gewezen op het feit dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) zou plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek door, bijvoorbeeld het bouwrijp maken van de locatie, het aanvoeren van grond van elders, toevoeging van bodemvreemde materialen of het naar de onderzoekslocatie verspreiden van verontreinigingen van verder gelegen terreinen via het grondwater. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden.

In veel gevallen hanteren de beoordelende instanties termijnen (doorgaans maximaal 3 jaar voor een bedrijfslocatie en maximaal 5 jaar voor een woonlocatie) waarbinnen de onderzoeksresultaten representatief worden geacht te zijn. Bij het gebruik van de resultaten van dit onderzoek dient het doel van het onderzoek goed in ogenschouw te worden genomen. Zo zullen de resultaten van een onderzoek naar het voorkomen en/of verspreiding van één specifieke verontreinigende stof geen uitsluitsel bieden omtrent de aanwezigheid aan verhoogde concentraties van overige, niet onderzochte verontreinigende stoffen.

Milieuhygiënisch vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek Locatie: Duinrust 1a te Noordwijk Kenmerk rapportage: A2273/BJO/rap1

Pagina 19 van 19

BIJLAGE 1.1 Topografische kaart

BIJLAGE 1.2 Situatietekening

BIJLAGE 2.1 Rapportage omgevingsdienst

A2273 Omgevingsrapportage

Pagina 1 van 9

-

30-03-2023

Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Kaarten Disclaimer Toelichting

Pagina 2 van 9

-

30-03-2023

Voor U ligt een rapportage van de Omgevingsdienst West-Holland met de beschikbare informatie over de milieu-hygiënische kwaliteit van grond van het door U opgevraagde perceel.

Dit rapport is een samenvatting van gegevens afkomstig uit het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland. Het bodeminformatiesysteem bevat gegevens met betrekking tot uitgevoerde bodemonderzoeken, aanwezige, gesaneerde en buiten gebruik gestelde ondergrondse brandstoftanks, historische bodembedreigende activiteiten en actuele bodembedreigende activiteiten.

Met nadruk wordt gesteld dat dit rapport een geautomatiseerde samenvatting is van het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland aanwezige gegevens. Voor nadere informatie over de in deze rapportage genoemde rapporten dienen de betreffende dossiers te worden geraadpleegd. Rapporten kunt u aanvragen bij ODWH via bip@odwh.nl. Er kan niet worden uitgesloten dat elders relevante informatie aanwezig is, die niet in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland en dus in deze samenvatting is opgenomen.

Dit rapport bestaat uit vier delen: 1. Deze pagina bevat een tekening van het geselecteerde gebied. 2. Informatie over het geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd (de in het bodeminformatiesysteem van de Omgevingsdienst West-Holland aangetroffen informatie over locaties die zich binnen het geselecteerde gebied bevinden. 3. Disclaimer 4. Toelichting op de rapportage. Hier vindt u de uitleg van de gegevens die in dit rapport zijn vermeld.

Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens dan kunt u contact opnemen met de Omgevingsdienst West-Holland via email bip@odwh.nl

Pagina 3 van 9

-

30-03-2023

Binnen het aangegeven zoekgebied is geen informatie aangetroffen.

Pagina 4 van 9

-

30-03-2023

Pagina 5 van 9

-

30-03-2023

Deze rapportage betreft een geautomatiseerde samenvatting van de op het moment van de aanvragen aanwezige gegevens in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland. De basisgegevens uit de informatiesystemen zijn in de regel door derden aangeleverd.

Er kan niet worden uitgesloten dat elders relevante informatie aanwezig is, die niet in de informatiesystemen van de Omgevingsdienst West-Holland en dus in deze samenvatting is opgenomen. Ook is het vanzelfsprekend mogelijk dat na het moment van aanvragen aanvullende gegevens door de Omgevingsdienst West-Holland worden verkregen, of dat recent verkregen informatie nog niet in het informatiesysteem is ingevoerd. Deze rapportage dient derhalve te worden gezien als een momentopname.

Vanwege het mobiele karakter van sommige bodemverontreinigingen kan ook niet worden uitgesloten dat de verontreinigingssituatie sinds het uitvoeren van een bodemonderzoek is gewijzigd. Aangezien het invoeren van gegevens mensenwerk is, kan evenmin worden uitgesloten dat bij het invoeren invoer- en/of interpretatiefouten zijn gemaakt.

De Omgevingsdienst West-Holland is niet aansprakelijk voor enige directe schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade als blijkt dat in de praktijk de verontreinigingssituatie anders is dan in dit rapport is vermeld. In dit geval van koop/verkoop adviseert de Omgevingsdienst om bij twijfel representativiteit van de in dit rapport vermelde gegevens alsnog bodemonderzoek op de betreffende locatie te laten uitvoeren.

Deze rapportage kan in de regel niet worden gebruikt bij meldingen of vergunningsaanvragen waarvoor een bodemonderzoek is vereist. Kopieën van de in deze rapporten kunnen hier mogelijk wel voor worden gebruikt. Dit is afhankelijk van de onderzoekeisen vanuit de melding/vergunning en de aard, ouderdom en kwaliteit van het betreffende onderzoek.

Aan de totstandkoming van deze omgeving is uiterste zorg besteed. Desondanks is het gezien de aard van het gebruikte materiaal mogelijk dat kleine fouten in de exacte ligging van objecten voorkomen of dat de kaarten anderszins foutieve informatie afbeelden. De Omgevingsdienst West-Holland aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het gebruik van de informatie. Wel stelt de Omgevingsdienst West-Holland het op prijs dat onjuistheden aan haar worden gemeld. Dit kan door een e-mail te sturen naar bip@odwh.nl

Pagina 6 van 9

-

30-03-2023

Toelichting Samenstelling van bodeminformatie in het bodeminformatiesysteem (BIS) Verontreinigende activiteiten (HBB) Dat verontreinigende stoffen toch in de bodem terecht komen is vaak het gevolg van bedrijfsactiviteiten. Maar er kan ook sprake zijn van bodemverontreiniging door bijvoorbeeld het ophogen van terreinen voor het bouwrijp maken, het lekken van een brandstoftank of een ongeval. Op basis van (archief)onderzoek zijn potentiële verontreinigingen op basis van (voormalige)bedrijfsactiviteiten (UBI’s) en de bekende bodemverontreinigingen in beeld gebracht, het zgn. landsdekkend beeld (LDB, 2004). De potentiële verontreinigingen vormen het zgn. HistorischBodemBestand (HBB). Deze gegevens vormen de basis voor de werkvoorraad van de provincie. Afhankelijk van de score van de UBI behoort een locatie tot de werkvoorraad (potentiële)bodemverontreiniging die voor 2030 gesaneerd danwel beheerst moet zijn of de spoedeisende werkvoorraad die voor 2015 gesaneerd danwel beheerst moet zijn. Ook voor het bewaken van de voortgang van de bodemsaneringsoperatie van de locaties waar de provincie bevoegd gezag is en de eigen werkprocessen maakt de provincie gebruikt van het BIS.

Het Wbb-traject / vervolg Wbb (potentiële)bodemverontreinigingslocaties doorlopen een zgn. Wbb-traject van onderzoek en sanering totdat de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie behoort. De locatie is dan voldoende onderzocht of gesaneerd. Indien op de locatie na sanering nog een restverontreiniging achterblijft (bijv. indien een verontreiniging wordt afgedekt met een verharding of leeflaag) dan is sprake van nazorg. Nazorgmaatregelen worden vastgelegd en gecontroleerd. In dit rappor twordt per locatie aangegeven in welke fase van het Wbb-traject een locatie zich bevindt (Vervolg Wbb-traject):

Wbb traject starten De locatie behoort op basis van vooronderzoek of vanuit het HBB tot de werkvoorraad van de provincie maar er is nog geen (historisch)onderzoek uitgevoerd. Op enig moment zal onderzoek plaats moeten vinden.

Bodemonderzoek uitvoeren Vooronderzoek of historisch onderzoek geeft aanleiding om bodemonderzoek te doen. Daarbij kan sprake zijn van verkennend of nader onderzoek.

Saneringsonderzoek uitvoeren Op basis van nader onderzoek is bepaald dat gesaneerd moet worden. Het saneringsonderzoek is gericht op de inventarisatie van de mogelijke wijzen van sanering en zal uitmondend in een keuze van de wijze van sanering

Saneringsplan opstellen Als op is vastgesteld dan sanering moet worden uitgevoerd dient een saneringsplan opgesteld te worden. Het saneringsplan wordt door het bevoegd gezag beschikt. In de beschikking op het saneringsplan kan het bevoegd gezag nadere eisen stellen aan de sanering. De saneerder voert de sanering uit overeenkomstig het door het bevoegd gezag goedgekeurde saneringsplan en de voorschriften die zij aan de instemming hebben verbonden.

Sanering en/of evaluatie uitvoeren Als het bevoegd gezag heeft ingestemd met het saneringsplan kan de sanering worden uitgevoerd. Na afronding van de sanering stelt de saneerder een evaluatierapport op. Op basis van het evaluatierapport zal het bevoegd gezag beoordelen of een sanering voldoende is uitgevoerd. Voldoende gesaneerde locatie behoren daarmee niet meer tot de werkvoorraad van de provincie.

Pagina 7 van 9

-

30-03-2023

Zorgmaatregelen uitvoeren Na sanering kan sprake zijn van restverontreiniging (bijv. indien sprake is van een afdeklaag als saneringsmaatregel). Deze maatregelen kunnen bestaan uit beperkingen in het gebruik van de locatie of het voorkomen blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging.

Gesaneerd Indien een sanering is uitgevoerd wordt door het bevoegd gezag het evaluatierapport beoordeeld. Indien met een beschikking wordt ingestemd met de uitgevoerde sanering (aan de saneringsdoelstelling is voldaan) behoort de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie. Wel kan nog sprake zijn van nazorg zoals bijvoorbeeld het in stand houden van een afdeklaag of het verplicht melden van gewijzigd gebruik.

Geen werkvoorraad (meer) De locatie behoort op basis van de UBI score niet tot de werkvoorraad of is voldoende onderzocht of gesaneerd.

Toelichting op de gerapporteerde informatie

Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn).

Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Op basis daarvan wordt bepaald of een locatie door het bevoegd gezag wordt opgepakt. Voordat het bevoegd gezag hierover in een beschikking een uitspraak doet wordt de beoordeling op basis van historisch- en/of verkennend onderzoek vastgelegd (beoordeling). Indien er een uitspraak is van het bevoegd gezag dan wordt dat vermeld bij het veld ‘Beschikking’.

Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan in fasen gebeuren of in delen van de verontreiniging. Indien het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Door het beoordelen van een evaluatierapport van de sanering wordt tevens de einddatum van de sanering bepaald.

Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb (provincie). Door uitwisseling van gegevens met gemeenten worden ook rapporten vermeld die in het bezit zijn van de betreffende gemeente maar die niet bij de provincie aanwezig zijn.

(mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van potentieel verontreinigende (bedrijfs)activiteiten die op de locatie (mogelijk) zijn uitgevoerd, worden vermoed (HBB) en/of zijn onderzocht. Met ‘vervallen’ wordt aangegeven of een activiteit werkelijk op de locatie heeft plaatsgevonden. Met ‘Benoemd’ wordt aangegeven of deze activiteit ook in de bodemonderzoeken zijn benoemd. Vervolgens wordt aangegeven of er een verontreiniging veroorzaakt door deze activiteit aanwezig is.

Pagina 8 van 9

-

30-03-2023

Geconstateerde Verontreinigingen Indien verontreinigingen in de grond of het grondwater zijn aangetroffen wordt in deze tabel aangegeven in welke mate overschrijding van de normen heeft plaatsgevonden. Tevens wordt vermeld welke omvang de verontreiniging heeft en op welke diepte deze zit.

Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie genomen besluiten vermeld.

Saneringscontouren Indien sprake is van sanering in delen of fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd.

Zorgmaatregelen Indien na sanering nog verontreiniging is achtergebleven, zullen maatregelen worden genomen om blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in stand houden van deze maatregelen.

Pagina 9 van 9

-

30-03-2023

BIJLAGE 2.2 Fotoreportage

BIJLAGE 3.1 Formulieren veldonderzoek

FV11 Bodem veldwerkformulier uitvoer Projectnummer Projectlocatie Uitvoerend instantie

A2273 Duinrust 1A, 2204 CV Noordwijk IDDS Milieu

Gecertificeerde veldmedewerker: Datum 3-4-2023

Veldmedewerker(s) Jeroen Verkade

Protocol van toepassing 2001

Overige medewerkers: Assistenten Martijn Handgraaf Contact/voorinformatie/problemen: Vraag Contact gehad met adviseur of projectleider? Voorinformatie correct en volledig? Problemen opgetreden?

Ja / Nee Ja Ja Nee

Toelichting

Boorplan: Vraag Is afgeweken van het boorplan

Ja / Nee Nee

Nummer pH/EC-lijst: Is er een peilbuis geplaatst? Ja

Nummer pH/EC-lijst: Qu-271

Bodem veldwerkformulier uitvoer BRL SIKB 2000 Versie 2022-06-20 Projectnummer: A2273

Pagina 1 van 2

Asbest: Vraag Is asbest aangetroffen Zo, aantal stukjes Bij welk boorpunt Getroffen maatregelen

Ja / Nee Nee

Protocol: Vraag Is het onderzoek volgens de aangegeven protocollen uitgevoerd? Indien afwijking geef toelichting.

Ja / Nee Ja

Opmerkingen: Geen

Hierbij verklaren de erkend veldwerker en de projectleider: - dat het onderzoek is uitgevoerd binnen de reikwijdte en conform de eisen van de BRL-SIKB 2000 en het daarbij behorende protocol 2001 - het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd. IDDS Milieu heeft geen belangen bij de resultaten van het uitgevoerde onderzoek. IDDS Milieu en haar medewerkers zijn geen eigenaar van de locatie of in de nabije toekomst te worden waar de veldwerkzaamheden worden uitgevoerd. - Het procescertificaat van IDDS Milieu en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever.

Ondertekening Erkend veldmedewerker

3-4-2023 Jeroen Verkade

Geregistreerde projectleider

14-4-2023 Haval Nazar

De formulieren zijn digitaal ondertekend. Het moment van tekenen, de data weergegeven in het formulier en de verificatie van de personen die hebben getekend zijn vastgelegd in het kwaliteitssysteem van IDDS.

Bodem veldwerkformulier uitvoer BRL SIKB 2000 Versie 2022-06-20 Projectnummer: A2273 BRL SIKB 2000 BRL SIKB-protocollen: 2001

Pagina 2 van 2

FV21 Grondwatermonstername veldwerkformulier uitvoer Projectnummer Projectlocatie Uitvoerend instantie

A2273 Duinrust 1A, 2204 CV Noordwijk IDDS Milieu

Gecertificeerde veldmedewerker: Datum 12-4-2023

Veldmedewerker(s) Marco Voorbij

Protocol van toepassing 2002

Overige medewerkers: Datum 12-4-2023

Assistenten Martijn Handgraaf

Nummer pH/EC-lijst: Nummer XP-911 Contact/voorinformatie/problemen: Vraag Staat de peilbuis op de aangegeven plaats? Contact gehad met adviseur of projectleider? Voorinformatie correct en volledig? Problemen opgetreden?

Ja / Nee Ja Nee (toelichten) Ja Nee

Toelichting 4

Protocol: Vraag Is het onderzoek volgens de aangegeven protocollen uitgevoerd? Indien afwijking geef toelichting. Opmerkingen:

Ja / Nee Ja

4-

Hierbij verklaren de erkend veldwerker en de projectleider: - dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd. Het onderzoek is uitgevoerd conform de eisen van de BRL-SIKB2000 en het daarbij behorende protocol 2002

Grondwatermonstername veldwerkformulier uitvoer BRL SIKB 2000 Versie 2022-06-22 Projectnummer: A2273 Pagina 1 van 2

- het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd. IDDS Milieu heeft geen belangen bij de resultaten van het uitgevoerde onderzoek. IDDS Milieu en haar medewerkers zijn geen eigenaar van de locatie of in de nabije toekomst te worden waar de veldwerkzaamheden worden uitgevoerd. - Het procescertificaat van IDDS Milieu en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever.

Akkoord

Ondertekening Erkend veldmedewerker

12-4-2023 Marco Voorbij

Geregistreerde projectleider

14-4-2023 Haval Nazar

De formulieren zijn digitaal ondertekend. Het moment van tekenen, de data weergegeven in het formulier en de verificatie van de personen die hebben getekend zijn vastgelegd in het kwaliteitssysteem van IDDS.

Grondwatermonstername veldwerkformulier uitvoer BRL SIKB 2000 Versie 2022-05-25 Projectnummer: A2273 BRL SIKB 2000 BRL SIKB-protocollen: 2002

Pagina 2 van 2

BIJLAGE 3.2 Boorstaten en legenda

Boring:

01

Boring:

02

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

0

0

braak

1

0

0

Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, resten leisteen, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

50

1

50

50

Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

2 2

80

100

Zand matig fijn matig siltig matig humeus, resten baksteen, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

3

braak Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, resten plastic, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

100

3 4 150

150

5

200

200

150

150 Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraal bruingrijs, Edelmanboor

Zand matig fijn matig siltig zwak humeus, brokken veen, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

4

200

200

Boring:

03

Boring:

04

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

0

0

strooisel

1

Zand matig fijn matig siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

2

50

50

Zand matig fijn matig siltig matig humeus, zwak schelphoudend, resten aardewerk, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

2

100

100

100

3

Zand matig fijn matig siltig matig humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

3

150

150

150

4

Zand matig fijn matig siltig, neutraalgrijs, Zuigerboor

4 180

180

Veen, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor 200

Veen zwak zandig, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

5 200

5

braak Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

1

30

50

0

0

Matig houthoudend, matig wortelhoudend, Edelmanboor, Strooisel

200

230

Projectcode: A2273

Projectnaam: Duinrust 1A, Noordwijk

Pagina 1 / 2

Boring:

05

Boring:

06

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

0

0

klinker

8

Edelmanboor, Klinker Zand matig fijn zwak siltig, geen olie-water reactie, lichtbruin, Edelmanboor

1

0

0

50

braak Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

1

50

50 2 80

100

Zand matig fijn matig siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor

3

4 150

150 5

180

Zand matig fijn matig siltig zwak humeus, brokken veen, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor Veen, neutraalbruin, Edelmanboor

6 200

200

Boring:

07

Boring:

08

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

Datum: Boormeester:

3-4-2023 Jeroen Verkade

0

0

braak

1

50

50

0

0

Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, resten baksteen, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

1

50

braak Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, resten baksteen, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Zand matig fijn matig siltig zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

2

100 3 130

150

200

Zand matig fijn zwak siltig zwak humeus, brokken veen, geen olie-water reactie, licht grijsbruin, Edelmanboor

4

5

230

Projectcode: A2273

Projectnaam: Duinrust 1A, Noordwijk

Pagina 2 / 2

Legenda (conform NEN 5104)

klei

grind Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

BIJLAGE 4.1 Certificaten grond

IDDS Milieu B.V. T.a.v. de heer B. de Jong s-Gravendijckseweg 37 2201CZ NOORDWIJK ZH

Uw kenmerk : A2273-Duinrust 1A Noordwijk Ons kenmerk : Project 1523121 Validatieref. : 1523121_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : QTXX-XGEQ-ECOH-TRUX Bijlage(n) : 4 tabel(len) + 2 bijlage(n)

Amsterdam, 17 april 2023 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckebachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1523121 : A2273-Duinrust 1A Noordwijk : IDDS Milieu B.V.

Uw Monsterreferenties 7657663 = MM01 07 (0-50) 08 (0-50) 7657664 = MM02 01 (0-50) 02 (0-50) 04 (0-50) 05 (8-58) 06 (0-50) Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Uw Matrix

: : : : :

Monstervoorbewerking S AS3000 (steekmonster) S gewicht artefact S soort artefact S voorbewerking AS3000

g

03/04/2023 03/04/2023 03/04/2023 7657663 Grond

03/04/2023 03/04/2023 03/04/2023 7657664 Grond

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

Algemeen onderzoek - fysisch S droge stof % S organische stof (gec. voor lutum) % (m/m ds) S lutumgehalte (pipetmethode) % (m/m ds)

86,5 2,1 1,3

89,1 1,5 1,4

Anorganische parameters - metalen S barium (Ba) mg/kg ds S cadmium (Cd) mg/kg ds S kobalt (Co) mg/kg ds S koper (Cu) mg/kg ds S kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds S lood (Pb) mg/kg ds S molybdeen (Mo) mg/kg ds S nikkel (Ni) mg/kg ds S zink (Zn) mg/kg ds

< 20 < 0,20 < 3,0 < 5,0 0,07 15 < 1,5 5 42

< 20 < 0,20 < 3,0 < 5,0 < 0,05 < 10 < 1,5 5 32

Organische parameters - niet aromatisch S minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds

< 35

< 35

Organische parameters - aromatisch Polycyclische koolwaterstoffen: S naftaleen mg/kg ds S fenantreen mg/kg ds S anthraceen mg/kg ds S fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)antraceen mg/kg ds S chryseen mg/kg ds S benzo(k)fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)pyreen mg/kg ds S benzo(ghi)peryleen mg/kg ds S indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds S som PAK (10) mg/kg ds

< 0,05 < 0,05 < 0,05 0,07 < 0,05 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,40

< 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,35

Organische parameters - gehalogeneerd Polychloorbifenylen: S PCB -28 mg/kg ds S PCB -52 mg/kg ds S PCB -101 mg/kg ds S PCB -118 mg/kg ds S PCB -138 mg/kg ds S PCB -153 mg/kg ds S PCB -180 mg/kg ds S som PCBs (7) mg/kg ds

< 0,001 < 0,001 0,001 < 0,001 0,001 0,001 < 0,001 0,006

< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: QTXX-XGEQ-ECOH-TRUX

Ref.: 1523121_certificaat_v1

Tabel 2 van 4 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1523121 : A2273-Duinrust 1A Noordwijk : IDDS Milieu B.V.

Uw Monsterreferenties 7657663 = MM01 07 (0-50) 08 (0-50) 7657664 = MM02 01 (0-50) 02 (0-50) 04 (0-50) 05 (8-58) 06 (0-50) Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Uw Matrix

: : : : :

Organische parameters - bestrijdingsmiddelen Organochloorbestrijdingsmiddelen: S 2,4-DDD (o,p-DDD) mg/kg ds S 4,4-DDD (p,p-DDD) mg/kg ds S 2,4-DDE (o,p-DDE) mg/kg ds S 4,4-DDE (p,p-DDE) mg/kg ds S 2,4-DDT (o,p-DDT) mg/kg ds S 4,4-DDT (p,p-DDT) mg/kg ds S aldrin mg/kg ds S dieldrin mg/kg ds S endrin mg/kg ds S telodrin mg/kg ds S isodrin mg/kg ds S heptachloor mg/kg ds S heptachloorepoxide (cis) mg/kg ds S heptachloorepoxide (trans) mg/kg ds S alfa-endosulfan mg/kg ds S alfa -HCH mg/kg ds S beta -HCH mg/kg ds S gamma -HCH (lindaan) mg/kg ds S delta -HCH mg/kg ds S hexachloorbenzeen mg/kg ds S endosulfansulfaat mg/kg ds S hexachloorbutadieen mg/kg ds S chloordaan (cis) mg/kg ds S chloordaan (trans) mg/kg ds S som DDD mg/kg ds S som DDE mg/kg ds S som DDT mg/kg ds som DDD /DDE /DDTs mg/kg ds S som drins (3) mg/kg ds S som c/t heptachloorepoxide mg/kg ds som HCHs (3) mg/kg ds S som chloordaan mg/kg ds som OCBs (waterbodem) mg/kg ds som OCBs (landbodem) mg/kg ds

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=e73a2d19-602b-4d16-b067-40ef4ce3a125