CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage_2a._A1200-07_Stikstof_berekening_sloop_aanleg_gebruik_Douzastraat_2_Noordwijk

Gemeenteraadsvergadering 25 april 2024, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Ontwerpverklaring van geen bedenkingen en ontwerp-omgevingsvergunning bouw twee woningen Douzastraat 2 te Noordwijk2.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stikstofonderzoek Douzastraat 2, Noordwijk

Stikstofonderzoek Douzastraat 2, Noordwijk

Datum Kenmerk Auteur

: : :

29 november 2023 A1200-07/SRA/rap2 S. Ransijn MA & L.S. van der Vliet MSc

Opdrachtgever

:

Dhr. M. Zwart De Keuvel 43 2201 MB Noordwijk ZH

© IDDS b.v. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd bestand en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, elektronisch of anderszins zonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de uitgever.

Inhoudsopgave Inleiding ........................................................................................................................ 4 Wettelijk kader .............................................................................................................. 6

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Beoordeling planvoornemen ...................................................................................... 7 Bouwwerktuigen tijdens de sloop- en aanlegfase ......................................................... 8 Sloopfase (tijdelijke effect van 2 weken – start: januari 2024) ....................................... 9 Aanlegfase/Bouwfase (tijdelijk effect van 11,5 maanden – start januari 2024) ........... 10 Gebruiksfase ................................................................................................................ 11 AERIUS-modellen ........................................................................................................ 13 Rekenresultaten en conclusie projecteffect ........................................................... 14

Inleiding Het planvoornemen bestaat uit de sloop van huidige melk- en bollenschuur met daarbij horende schuren en de realisatie van twee woningen die passen bij de bestaande identiteit van het gebied. De woningen hebben een gelijke vorm als de bestaande melk- en bollenschuur, maar worden gespiegeld gebouwd. Dit wordt gedaan voor een beter woon- en leefmilieu en betere inpassing in het gebied. Met de sloop van de bestaande bijbehorende opslagplaatsen wordt er ook ruimte gemaakt voor de realisatie van een aantal tuinen voor woningen aan de Voorstraat. Voor het beoogde plan is een stikstofonderzoek nodig, omdat stikstofgevoelige Natura 2000gebieden in de omgeving liggen. Een stikstofberekening is uitgevoerd voor de sloop-, aanleg en gebruiksfase. In onderstaand figuur is een impressie van de toekomstige situatie weergegeven.

In dit rapport wordt eerst het wettelijk kader behandeld. Vervolgens wordt het planvoornemen in hoofdstuk 3 beoordeeld. Er wordt uiteengezet welke uitgangspunten gehanteerd worden als input voor de AERIUS Calculator. Vervolgens worden de rekenresultaten in hoofdstuk 4 beschreven.

Wettelijk kader De uitspraak van de Raad van State van 2 november 2022 heeft een streep gezet door de tijdelijke vrijstelling van de stikstofuitstoot als gevolg van de sloop-, aanleg- en bouwfase, zoals opgenomen in de Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn). Hierdoor dient het stikstofonderzoek net als voorheen niet alleen de gebruiksfase te beslaan, maar ook rekening te houden met (de mobiele voertuigen die ingezet worden bij) de sloop-, aanleg- en bouwfase. Bovendien zal met de intreding van de Omgevingswet ook een inspanningsverplichting gaan gelden om de stikstofuitstoot bij bouwprojecten te verminderen. Door deze uitspraak dienen stikstofberekeningen te worden uitgevoerd zoals voor 1 juli 2021 het systeem was. Dit betekent dat zoals onder de uitspraak van de Raad van State op 29 mei 2019 een project met een geringe depositietoename van 0,01 mol/ha/jaar al vergunningplichtig kan zijn (artikel 2.7 en 2.8 Wnb). Oftewel, ook relatief kleinschalige projecten dienen zorgvuldig op hun stikstofdepositie getoetst te worden om aan Europese regelgeving te kunnen voldoen (en stand te houden bij de Raad van State in geval van een beroep). Deze berekening is opgesteld met behulp van AERIUS Calculator versie 2023.0.1.

Eventuele vervolgstappen Bij een stikstofdepositie uitkomst boven 0,00 mol/ha/jr, zijn er verschillende mogelijkheden om te bepalen of een nieuwe ontwikkeling in aanmerking komt voor een positief besluit/vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming. De eerstvolgende stap hierin is intern salderen. Een belangrijke uitspraak hierover is gedaan door de Raad van State op 20 januari 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:71) in de zaak Logtsebaan. Kort gezegd komt het erop neer dat als gevolg van deze uitspraak bij gebruikmaking van intern salderen géén vergunningplicht geldt in het kader van de Wet natuurbescherming. Als intern salderen geen oplossing biedt kan met behulp van onder andere een ecologische voortoets gekeken worden of significante effecten op Natura 2000-gebieden uitgesloten kunnen worden.

Beoordeling planvoornemen In de nabijheid van het plangebied liggen de volgende Natura 2000- gebieden: Tabel 1: Natura 2000-gebieden in de omgeving van het plangebied Natura 2000-gebied

Afstand tot het Natura 2000-gebied

Stikstofgevoeligheid

Coepelduynen

1 kilometer

Zeer gevoelig

Kennemerland-Zuid

2 kilometer

Zeer gevoelig

Meijendel & Berkheide

5 kilometer

Zeer gevoelig

Beoordeeld wordt of als gevolg van het project de kwaliteit van het natuurlijke leefgebied of de habitat van soorten in een Natura 2000-gebied kan verslechteren. Met behulp van het voorgeschreven rekenprogramma AERIUS is de bouw- en gebruiksfase van het planvoornemen doorgerekend.

3.1

Bouwwerktuigen tijdens de sloop- en aanlegfase

Bij het definiëren van de bronkenmerken voor mobiele werktuigen in AERIUS Calculator wordt gekozen voor de sectorgroep Mobiele werktuigen en de specifieke sector Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning. Sinds de update van de AERIUS Calculator van 20 januari 2022 wordt gevraagd bij het invoeren van een mobiel werktuig naar de stageklasse, het brandstofverbruik per jaar, het aantal draaiuren per jaar en het AdBlue verbruik per jaar. Brandstofverbruik Voor het brandstofverbruik wordt uitgegaan van de input van de opdrachtgever. Indien deze niet voor handen is, wordt er gebruik gemaakt van het Excel document ‘tabellen bij rapport TNO 2021 R12305 AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik)’. Dit document is gepubliceerd op 13 december 2021 en bevat de gemiddelden van brandstofverbruik in liters per uur afhankelijk van het gemiddelde belastingspercentage (35% tenzij anders aangegeven) en kW. AdBlue verbruik Het AdBlue verbruik is op basis van het ‘Eindrapport data onderzoek mobiele machines in Nederland’ (Dellaert, et al., 2021) berekend. In dit rapport wordt uitgegaan van een verbruik van 7% AdBlue per liter diesel. Oftewel een fractie van 0,07 liter AdBlue per liter. Worstcase is in onderstaande berekening uitgegaan van een fractie van 0,06 liter AdBlue, omdat het SCRsysteem in bouwwerktuigen pas optimaal werkt bij een warme motor.

Onderstaande tabel geeft een weergave van de planning van de bouw zoals ingevoerd in AERIUS. In totaal zal de bouwfase inclusief de sloop 12 maanden duren. Tabel 2: Planning aanleg- en gebruiksfase voor invoer AERIUS Jaar 2024 2025

Fase

Termijn

Sloop

2 weken

Bouw

11,5 maanden

Gebruik

12 maanden

3.2

Sloopfase (tijdelijke effect van 2 weken – start: januari 2024)

De sloopfase bestaat uit de sloop van de bestaande bebouwing om zo ruimte te maken voor de nieuwbouw. In onderstaande tabel zijn de machines opgenomen die benodigd zijn tijdens de sloopfase. Tabel 3: Benodigd materieel tijdens de sloopfase (2024) Bouwjaar vanaf

Bron

Type motor

kW

Brandstof Stageklasse verbruik l/h

Totale draaiuren

Totaal Ad Totaal Blue brandstofverbruik gebruik l/j (0,06L per L diesel)

Graafmachine

2018 Diesel

125 Stage IV

12,11

80

969

58

Sloopkraan

2018 Diesel

200 Stage IV

19,43

80

1.554

93

Wegverkeer tijdens de sloopfase Daarnaast wordt er gebruik gemaakt van diverse transportbewegingen voor de afvoer van bouwmateriaal, de mobiele bronnen en het personeel. Op basis van een BVO van 240 m2 is uitgegaan van 20 vrachtwagenbewegingen voor de sloopfase voor de aan- en afvoer van materiaal. Ook wordt er gebruik gemaakt van 50 bestelbusjes voor de sloopperiode. Dit leidt dus in totaal tot 100 vervoersbewegingen in de categorie licht. Tabel 4: Inzet verkeersbewegingen gedurende de sloopfase Bron (verkeer)

Aantal voertuigen voor de hele sloopfase

Aantal bewegingen

Categorie

Vrachtwagens

10

20

Zwaar verkeer

Bestelwagen (toe- en afvoer materiaal en personeel), personenauto’s

50

100

Licht verkeer

Worstcase is gekozen om de genoemde getallen in te voeren als jaargemiddelde. Aangezien de sloop feitelijk gezien een tijdelijk effect betreft, zal de emissie na de sloopfase stoppen. Aansluitend bij de richtlijnen van BIJ12 rekeninstructie stationair emissies wegverkeer is er rekening gehouden met stationair emissie. De emissie is meegenomen in de volgende paragraaf. In paragraaf 3.4 Gebruiksfase is een verantwoording voor de route van het wegverkeer en de filevorming opgenomen.

3.3

Aanlegfase/Bouwfase (tijdelijk effect van 11,5 maanden – start januari 2024)

Op basis van de planning en de benodigde mobiele bronnen, is de onderstaande tabel gebruikt als input voor de berekeningen. De mobiele bronnen worden op basis van het aantal draaiuren gemodelleerd in AERIUS. Tabel 5: Inzet mobiele bronnen gedurende de aanlegfase (2024)

Bron

Bouwjaar vanaf

Type motor

kW

Brandstof Stageklasse verbruik l/h

Totale draaiuren

Totaal Ad Totaal Blue brandstofverbruik gebruik l/j (0,06L per L diesel)

Telekraan

2016 Diesel

294 Stage IV

3,50

40

140

8

Mobiele kraan

2018 Diesel

114 Stage IV

7,20

50

360

21

Shovel

2016 Diesel

127 Stage IV

8,90

50

445

26

Trekker met kieper

2017 Diesel

114 Stage IV

11,62

24

279

17

Boorwerktuig

2015 Diesel

114 Stage IV

11,62

16

186

11

Wegverkeer tijdens de aanleg/bouwfase Daarnaast wordt gebruik gemaakt van diverse transportbewegingen voor de toevoer van bouwmateriaal, de mobiele bronnen en het personeel. Hiervoor is uitgegaan van 240 vrachtwagenbewegingen voor de hele bouwfase voor de af- en afvoer van materiaal. Ook wordt er gebruik gemaakt van 240 bestelbusjes voor de hele aanlegperiode. Dit leidt dus in totaal tot 480 vervoersbewegingen in de categorie licht. Tabel 6: Inzet verkeersbewegingen gedurende de bouwfase per jaar

Bron (verkeer)

Aantal voertuigen voor de hele bouwfase

Aantal Categorie bewegingen

Vrachtwagens

120

240

Zwaar verkeer

Bestelwagen (toe- en afvoer materiaal en personeel), personenauto’s

240

480

Licht verkeer

Worstcase is gekozen om de genoemde getallen in te voeren als jaargemiddelde. Aangezien de bouw feitelijk gezien een tijdelijk effect betreft, zal de emissie na de aanlegfase stoppen. In paragraaf 3.4 Gebruiksfase is een verantwoording voor de route van het wegverkeer en de filevorming opgenomen. Stationaire emissie wegverkeer Vrachtwagens die van en naar de projectlocatie rijden worden op locatie geladen en/of gelost, waarbij de motor regelmatig blijft draaien. Aansluitend bij de richtlijnen van BIJ12 Instructiegegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator-2022 is de emissie voor de vrachtwagens bepaald, bij stationair draaien. Per vrachtwagen wordt uitgegaan van een laad/lostijd van 5 minuten. De motor van vrachtwagens wordt uitgezet op locatie tijdens het laden en lossen. Er is uitgegaan van zwaar wegverkeer voor de laad- en losactiviteiten binnen het plangebied. Voor de invoering is gekozen om dit als los vlakbron in te voeren. De onderstaande gegevens zijn ingevoerd in

AERIUS op basis van de bovenstaande tabel. Hierin zijn ook de vrachtwagens die nodig zijn voor de sloop verwerkt. In totaal worden 130 vrachtwagens gebruikt. Dit komt neer op circa 11 uren aan stationair draaien. Tabel 7: Emissie berekening stationair wegverkeer (2024) Tijd stationair in uren Zwaar wegverkeer

Emissie stationair

NOx

71,0118 gram per uur

11

0,78 Kilogram NOx per jaar

NH3

0,9054 gram per uur

11

0,01 Kilogram NH3 per jaar

3.4

Invoer in AERIUS

Gebruiksfase

Sinds 2018 dienen nieuwe woningen gasloos te worden opgeleverd. Wel zijn de verkeersgegevens gebruikt als invoergegevens voor het AERIUS-rekenmodel. Op grond van de CROW-publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren – Van parkeercijfers naar parkeernormen’ (december 2018) is uitgegaan van de onderstaande gegevens als input voor in de Calculator. Voor de verkeersbewegingen wordt er uitgegaan van de norm per weekdag. Het vrachtverkeer naar en van woongebieden is doorgaans verwaarloosbaar, maar is in de CROWpublicatie wel in cijfers verwerkt. Als gemiddelde wordt in de publicatie gehanteerd: 0,02 vrachtautobewegingen per woning per werkdag-etmaal. Wij hanteren worstcase een percentage van 2% middelzwaar vervoer van de totale vervoersbewegingen per dag. Op basis van de omgevingsadressendichtheid van 2.065 adressen in de dorpskern van Noordwijk wordt er uitgegaan van een sterk stedelijk gebied. Gezien de ligging van het plangebied, aan de rand van het centrum wordt er uitgegaan van het centrum. De onderstaande gegevens zijn gebruikt als input in de Calculator. Tabel 8: Verkeersgegevens voor AERIUS-berekening 2024 Onderdeel

Aantal

Norm

Invoer in AERIUS

Koop, huis tussen/hoek

2

6,2 verkeersbewegingen per dag

12,4 verkeersbewegingen per dag 13 verkeersbewegingen per dag

Totaal

Verdeling categorie

-

Verdeling route

-

-

Circa 2% middelzwaar en 98% lichtverkeer. Dit leidt tot 12 verkeersbewegingen in de categorie licht en 1 verkeersbewegingen in de categorie middelzwaar verkeer.

-

Van de Douzastraat, via de Voorstraat naar de HH Geestweg en Gooweg.

Opgemerkt wordt dat vanwege de planologische realisatie sprake is van een toename van de verkeersbewegingen. De AERIUS-berekening gaat uit van het totale plan, niet het verschil met de bestaande situatie omdat dit het feitelijke projecteffect bepaalt. Verantwoording heersend verkeer en stagnatiefactor Om vast te stellen in hoeverre het verkeer vanuit het project opgaat in het heersende verkeer, is gebruik gemaakt van gegevens van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK). Hier zijn monitoringsgegevens van wegverkeer beschikbaar.

Voor de aan- en afvoerroute van het lichte verkeer in de gebruiksfase maakt het verkeer gebruik van de Douzastraat, die via de Voorstraat aansluit op de HH Geestweg. De HH Geestweg zorgt via de Schiestraat voor de aansluiting met de Gooweg. De Gooweg sluit aan op de N444. Vanaf de N444 is het verkeer qua rij- en stopgedrag niet meer te onderscheiden van het reguliere verkeer. Vanuit de CIMLK wordt een totale verkeersintensiteit geconstateerd van 9.040 verkeersbewegingen (licht/middel en zwaar verkeer) in noordelijke richting vanaf de rotonde de Gooweg op. Met een toename van 360 verkeersbewegingen per jaar gedurende de bouwfase en 13 verkeersbewegingen per dag gedurende de gebruiksfase genereert dit een te verwaarlozen effect op de verkeerstoename. Aansluitend bij de richtlijnen van BIJ12 wordt het verkeer opgenomen in het heersende verkeersbeeld bij enkele procenten. Worstcase is er uitgegaan van 1% filevorming.

3.5

AERIUS-modellen

Voor de sloop-, aanleg- en gebruiksfase zijn de gegevens ingevoerd in de AERIUS Calculator. Voor het rekenjaar is er uitgegaan van het jaar 2024. Voor de gebruiksfase is gerekend met het jaar 2025. Dit is worstcase het eerste jaar dat het volledige programma is gerealiseerd. De Calculator heeft de emissie en depositie van het plan berekend. De onderstaande uitsneden zijn opgenomen om weer te geven welke bronnen op welke locatie zijn voorzien.

Rekenresultaten en conclusie projecteffect Het projecteffect is berekend met behulp van de AERIUS Calculator. Hierbij is een berekening gemaakt voor de uitstoot van de bouwmachines en het verkeer in de sloop-, aanleg-, bouwfase en het verkeer in de gebruiksfase. De conclusie luidt dat geen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden worden getroffen door deze ontwikkeling. De rekentool geeft op basis van de opgestelde input, geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Als gevolg van het planvoornemen treedt daarom geen toename van de stikstofdepositie op in Natura 2000-gebied. Het Pdf-bestand van de berekening is bij deze notitie apart bijgevoegd, zodat het bevoegd gezag deze in kan voeren ter controle. Omdat het projecteffect niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jr, geldt er geen vergunningsplicht volgens de Wet stikstofreductie en natuurbescherming. Een nader onderzoek naar stikstofdepositie is daarom niet nodig. Het volgende Pdf-bestand is van toepassing op de deze notitie: • •

A1200-07 AERIUS_Bijlage – Douzastraat 2, Noordwijk – sloop- en bouwfase A1200-07 AERIUS_Bijlage – Douzastraat 2, Noordwijk – gebruiksfase

Conclusie stikstofdepositie Het planvoornemen leidt op basis van de ingevoerde gegevens niet tot extra stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden. Dit aspect vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=fa2dd936-64fb-49fe-a922-8223fb150b66