Bijlage 2 Geschiedenis Duin- en Bollenstreek
Tekst van het document
Bijlage 2 - Geschiedenis en aanleiding voor een Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek Sinds de jaren tachtig van de twintigste eeuw groeit de druk op het gebied van de greenportgemeenten binnen de Duin- en Bollenstreek. Er liggen talloze ruimteclaims op het gebied voor onder andere woningbouw en bedrijventerreinen. Daarnaast leidden, zoals genoemd, de aanleg van ondersteunend en gespecialiseerd glas en de bouw van grote handels- en exportbedrijven/centra tot een behoorlijke bebouwing van het oorspronkelijke open buitengebied. Verrommeling van het open bollengebied en claims ten behoeve van andere bestemmingen zijn ongewenste ontwikkelingen binnen de Greenport Duin- en Bollenstreek.
Pact van Teylingen Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw vinden steeds meer partijen, zowel overheden als marktpartijen, de verdergaande verrommeling binnen de Duin- en Bollenstreek een ongewenste ontwikkeling. Door de verrommeling verdwijnen specifieke landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van de streek en versteent het gebied. Die ontwikkelingen leidden ertoe dat maatschappelijke organisaties en overheden de handen ineen sloegen om het tij te keren. Deze samenwerking werd op 25 maart 1996 vastgelegd in het Pact van Teylingen. Dit pact was nadrukkelijk bedoeld om verdere aantasting van het gebied tegen te gaan en heeft daarom een defensief karakter. In de praktijk leidde dit naast een adequate bescherming tegen invloeden van buitenaf echter ook tot een vertraging van positieve en wél gewenste ontwikkelingen van het gebied.
Offensief van Teylingen In maart 2004 is in aanvulling op het Pact van Teylingen het Offensief van Teylingen vastgesteld. Dit offensief zet op initiatief van de greenportgemeenten in op het realiseren van gewenste ontwikkelingen en op het saneren van ongewenste ontwikkelingen door middel van gebieds- en bedrijfsmodules. Essentieel hierbij is de rol van de Stuurgroep Pact van Teylingen, waarin overheden, maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven zijn vertegenwoordigd. De stuurgroep heeft een afstemmende, adviserende en regievoerende rol. Mede door deze opzet zijn de ervaringen met het
Offensief van Teylingen positief. Kanttekening hierbij is dat snelheid, slagkracht en schaal beperkt zijn, waardoor nog onvoldoende resultaten zijn geboekt.
Nota Ruimte en Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer-Bollenstreek Tot 2004 bedreigden de genoemde sectorale ruimteclaims op het gebied het voortbestaan van de Duin- en Bollenstreek als mondiaal kennis-, teelt-, handels- en transportcentrum. Deze dreiging veranderde door: ▪ ▪ ▪ ▪
De gezamenlijke afspraken van de gemeenten in de nieuwe regio Holland Rijnland ten aanzien van woningbouw tot 2020. De aanduiding van het gebied van de Duin- en Bollenstreek als Greenport in de Nota Ruimte (januari 2006). Erkenning van de waarde van de Greenport Duin- en Bollenstreek door het kabinet (2005). Daarmee werd het economisch belang ook door het Rijk erkend. De constatering in de Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer-Bollenstreek dat er slechts ruimte is voor een beperkte woningbouwopgave (mei 2006).
De Nota Ruimte benoemde een gebiedsuitwerking voor de Haarlemmermeer en de Bollenstreek. Het Rijk verzocht de provincies Noord- en Zuid-Holland om op te treden als opdrachtnemers. Zij zijn hiermee aan de slag gegaan, in samenwerking met de gemeenten Haarlemmermeer en Bennebroek, Hoogheemraadschap van Rijnland, Holland Rijnland, private partijen en maatschappelijke organisaties. Gedeputeerde Staten van Noord- en Zuid-Holland stelden het definitieve rapport van de Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer-Bollenstreek met instemming van Provinciale Staten op 16 mei 2006 vast.
ISG 2009 en 2016 In 2009 sloten de zes Bollenstreek gemeenten de Samenwerkingsovereenkomst Duin- en Bollenstreek (SOK; 11 mei 2009). Hierin werden afspraken gemaakt over de verdere formalisering van het gezamenlijke ruimtelijkeordeningsbeleid en over het oprichten van een gezamenlijk herstructureringsbedrijf: Greenport OntwikkelingsMaatschappij (GOM). De Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek (ISG) werd vervolgens vastgesteld door de gemeenteraden in december 2009. De GOM werd in maart 2010 opgericht. In 2015 en 2016 is de ISG integraal geëvalueerd en geactualiseerd vastgesteld. De Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek (ISG) verschaft de noodzakelijke, regionale ruimtelijke ordeningsbeleidsbasis en ontwikkelstrategie voor het buitengebied. Het is een formele planfiguur conform de Wet ruimtelijke ordening en het is “zelfbindend” voor het ruimtelijkeordeningsbeleid van de gemeenten. De ISG biedt de grondslag voor toepassing van een systematiek van kostenverhaal en kostenverevening waarmee inkomsten verkregen kunnen worden voor de financiering van de gewenste ruimtelijke ordening.
De gemeenten hebben met betrekking tot de bekostiging van de herstructurering de principiële keuze gemaakt om niet te kiezen voor de inzet van publieke geldmiddelen, maar gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheid tot kostenverhaal (Wet Ruimtelijke Ordening en Grondexploitatiewet). Hierdoor is het
mogelijk “kosten van openbaar nut” binnen een ruimtelijk plan te verrekenen met grondeigenaren. In essentie komt dit erop neer dat er bij een bestemmingsplanwijziging met de betrokken grondeigenaren een “bijdrage ruimtelijke ontwikkeling” (bollengrondcompensatiebijdrage of een bouwtitel voor een Greenportwoning) wordt overeengekomen die wordt gebruikt ten behoeve van de herstructurering. De ISG zorgt hierbij voor de planologisch-juridische grondslag en is de bevoegdheid van de gemeenten. Het doel van de ISG Duin- en Bollenstreek is drieledig: 1. Het gedetailleerder dan in de Regionale Structuurvisie Holland Rijnland (RSV) vastleggen van het ruimtelijke ontwikkelingskader voor de vitalisering van de Duin- en Bollenstreek tot en met 2030. 2. Het, in tegenstelling tot de RSV, wettelijk verankeren van het ontwikkelingskader als zelfbindend ontwikkelingskader voor de Greenportgemeenten. 3. Het verschaffen van een planologisch juridische basis voor het verevenen van plankosten op basis van de Wet Ruimtelijke Ordening (WRO, 2008). Vanuit de Regionale Structuurvisie Holland Rijnland (RVS) is het doel voor het buitengebied in de Duin- en Bollenstreek geformuleerd als: herstructureren en versterken van een vitaal bollencomplex en de landschappelijke kwaliteit inclusief glastuinbouw.
De belangrijkste dilemma’s hierbij zijn de druk van woningbouw en overige ruimte- claims, zoals bedrijventerreinen, veeteelt en detailhandel op het open gebied als bedreiging van de bollenteelt. Daarnaast gaat het om de slechte bereikbaarheid. Met de vaststelling van de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (2016) hebben de gemeenten gekozen, conform Regionale Structuurvisie Holland Rijnland (RVS), voor economische structuurversterking van de Greenport Duin- en Bollenstreek. Dit houdt in dat gemeenten werken aan de ambities: ▪ ▪ ▪ ▪
▪
De economische herstructurering van de Greenport staat centraal. De herstructureringsopgave wordt gecombineerd met landschapsverbetering. Tegengaan van verdergaande verrommeling van het landschap. De maximale woningbouwbijdrage van de Duin- en Bollenstreek is bereikt met het uitvoeren van de woningbouwopgave, zoals in de Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer-Bollenstreek overeen is gekomen. Het duurzaam handhaven van het areaal aan 1e klas bollengrond van 2625 hectare.
Bij conflicterende ruimteclaims krijgen primaire greenportfuncties, zoals bollencluster, vaste planten, bloemencluster en toerisme (inclusief greenport gerelateerde handel en dienstverlening) prioriteit, boven niet primaire greenportfuncties, zoals overige landbouw en veeteelt. Voor de uitwerking van bovenstaande ambities hebben de gemeenten een aantal uitgangspunten geformuleerd (zie p. 16-17 ISG). Op basis van deze ambities en uitgangspunten, zijn vier pijlers voor het ruimtelijk beleid tot 2030 opgesteld: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Faciliteren van de herstructurering, versterking en vernieuwing van het gehele bollen-, vaste planten- en bloemencomplex in combinatie met verbetering van het landschap. Realiseren van de daarvoor benodigde ruimtelijke functiewijzigingen in de Duin- en Bollenstreek. Bijdragen aan de sociaaleconomische vitaliteit van de greenportgemeenten. Bijdragen aan de verbetering van de bereikbaarheid van de gehele regio Holland-Rijnland. Vervolgens worden in de ISG (2016) strategische hoofdlijnen benoemd en in hoofdstuk 4 worden bepaalde onderwerpen thematisch uitgewerkt.
Recente onderzoeken en evaluaties m.b.t. de ISG De voorloper van de ISG 2016, de ISG 2009 is geëvalueerd in 2015. Aan de aanbevelingen is opvolging gegeven in de ISG 2016. In 2020 is notitie Loep op GOM opgesteld door de GOM in nauwe samenspraak met bestuurder, raad van commissarissen en aandeelhouders. Deze notitie had als doel meer inzicht en transparantie te verschaffen in de achtergronden van de ISG en de oprichting van GOM, in de ISG doelstellingen, in de werkwijze van GOM en in de bereikte resultaten alsmede de perspectieven, ambities en toekomstige opgaven. De notitie laat zien hoe de GOM uitvoering geeft aan de herstructureringsopdracht die zij van haar aandeelhouders opgedragen heeft gekregen en dat zij doet dit binnen het mandaat en de governance die bij de oprichting zijn vastgelegd. De Rekenkamercommissie van gemeente Teylingen heeft in 2020 onderzoek laten uitvoeren naar de beïnvloedingsmogelijkheden van de gemeenteraad op de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij. De kernconclusie van het onderzoek is dat er met betrekking tot sturing op de GOM sprake is van verlengd lokaal bestuur. “Bij verlengd lokaal bestuur heeft de gemeenteraad grip op de GOM in de zin dat de gezamenlijke regionale, en daarmee de eigen gemeentelijke doelen, centraal staan.
De gemeenteraad heeft dan voldoende instrumenten om de doelen en kaders voor de GOM te bepalen, de uitvoering door de GOM te controleren en daar waar nodig bij te sturen.” Het onderzoek concludeert daarnaast dat er mogelijkheden zijn om de grip op het eigen ISG-beleid en de uitvoering door de GOM verder te verstevigen. In 2021 heeft dit onderzoek een vervolg gekregen om zo volledig als mogelijk beeld te krijgen van de effecten van het ISG-beleid en de uitvoering daarvan door GOM. Het onderzoek concludeert dat de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bolllenstreek (ISG) er als planologisch instrument voor heeft gezorgd dat het 1ste klas bollenareaal in de Duin- en Bollenstreek is behouden. Het behouden van 1ste klas bollengrond is een prestatie van de vijf samenwerkende gemeenten. Het ISG-beleid gaat namelijk uit van een integrale gebiedsgerichte opgave en regionale aanpak. Daarmee worden maatschappelijke opgaven in samenhang en over de gehele regio bezien, in plaats van verkokerd vanuit verschillende beleidsterreinen of individuele gemeenten. Met betrekking tot de realisatie van het doel ‘verbeteren van de landschapskwaliteit’ is het beeld diffuus, hiervan zijn de resultaten moeilijk te duiden. Daarnaast wordt gesteld dat het ISG-beleid en beleidsinstrumentarium niet voldoende hanteerbaar is voor de raad om zijn controlerende rol goed in te kunnen vullen.
En het voor de samenleving moeilijk te doorgronden is. Ook wordt gesteld dat er sprake is van negatieve bijeffecten en dat deze onvoldoende slagvaardig worden opgepakt. Sinds de vaststelling van de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek (in 2009, evaluatie en actualisatie 2016) (ISG) zijn goede stappen gezet. Echter gaven de maatschappelijke, economische en ruimtelijke ontwikkelingen in de Duin- en Bollenstreek en daarbuiten, ons een natuurlijk moment om terug te kijken en te bezien of de toekomst andere keuzes vergt. Daarvoor heeft bureau Wing in 2022/2023 een evaluatie uitgevoerd en een eindrapport ‘Vitalere Greenport en vitaler landschap’ opgeleverd. Daarvoor hebben zij veel partijen geraadpleegd. Door Wing wordt geconcludeerd, dat er veel resultaten zijn behaald onder de ISG, maar dat dit beleid ook enigszins gedateerd is en aangepast moet worden aan nieuwe opgaven, zoals het NPLG, in een veranderende tijdgeest. Deze Evaluatie is in juni 2023 door alle 5 gemeenteraden vastgesteld en wordt geconcludeerd dat de ISG 2016 aan herziening toe is en dat GOM zijn taak naar behoren en binnen de kaders uitvoert.
Daarna is een vervolg gegeven aan dit Programma Landelijk Gebied & Duurzame Greenport, waarbij de conclusies en aanbevelingen van de recente evaluatie voor de 5 gemeenten mede het uitgangspunt zijn.