CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Vogelaardreef 26

Gemeenteraadsvergadering 26 januari 2021, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Vogelaardreef 2622.618 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0055 0,0035 0,0265

*

0,007

0,02

0,51

1

<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,35

0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,35

-

0,35

1,5

20,8

40

Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa

T

84,5 1,2 98,8 <2,0

Gebruikte afkortingen *

AW

Uitgevoerd

Voldoet aan Achtergrondwaarde

-

RG

1,2 2

Legenda Nr.

Oordeel

1,4

BoToVa T12 Toetsing Wbb grond Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

8452.002 Vogelaarsdref 04-02-2019 Marc Timmermans 2019014999 04-02-2019 07-02-2019

Analyse

Eenheid

Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses % (m/m) Droge stof Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds mg/kg ds PCB 138 PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK mg/kg ds Naftaleen Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7)

2

GSSD

Analytico-nr

Monster

2

10536312

MM2 01 (80-130) 01 (130-180) 01 (180-200) 02 (40-80) 02 (80-100)

Eindoordeel:

kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde groter dan Achtergrondwaarde

**

groter dan Tussenwaarde

***

groter dan Interventiewaarde

GSSD

Gestandaardiseerd gehalte

RG

Vereiste Rapportagegrens

AW

Achtergrondwaarde

T

Tussenwaarde

I

Interventiewaarde

I

81,7 0,49

<20 <0,20 <3,0 <5,0 <0,050 <1,5 5,3 <10 <20

54,25 0,241 7,383 7,241 0,0502 1,05 15,46 11,02 33,22

-

20 0,2 3 5 0,05 1,5 4 10 20

190 0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140

555 6,8 103 115 18,1 95,8 67,5 290 430

920 13 190 190 36 190 100 530 720

<3,0 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0 <35

10,5 17,5 17,5 38,5 17,5 21 122,5

-

35

190

2600

5000

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0245

-

0,007

0,02

0,51

1

<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,35

0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,35

-

0,35

1,5

20,8

40

Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa

T

81,7 <0,7 99,5 <2,0

Gebruikte afkortingen *

AW

Uitgevoerd

Voldoet aan Achtergrondwaarde

-

RG

0,7 2

Legenda Nr.

Oordeel

1,4

BoToVa T13 Toetsing Wbb grondwater (ondiep) Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

8452.002 Vogelaarsdreef 11-02-2019 Marc Timmermans 2019018695 11-02-2019 14-02-2019

Analyse

Eenheid

Metalen Barium (Ba) µg/L Cadmium (Cd) µg/L µg/L Kobalt (Co) Koper (Cu) µg/L Kwik (Hg) µg/L Molybdeen (Mo) µg/L Nikkel (Ni) µg/L Lood (Pb) µg/L Zink (Zn) µg/L Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen µg/L Benzeen Tolueen µg/L Ethylbenzeen µg/L o-Xyleen µg/L m,p-Xyleen µg/L Xylenen (som) factor 0,7 µg/L µg/L BTEX (som) µg/L Naftaleen Styreen µg/L Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen Dichloormethaan µg/L µg/L Trichloormethaan Tetrachloormethaan µg/L Trichlooretheen µg/L µg/L Tetrachlooretheen 1,1-Dichloorethaan µg/L 1,2-Dichloorethaan µg/L 1,1,1-Trichloorethaan µg/L µg/L 1,1,2-Trichloorethaan µg/L cis 1,2-Dichlooretheen µg/L trans 1,2-Dichlooretheen CKW (som) µg/L Tribroommethaan µg/L Vinylchloride µg/L µg/L 1,1-Dichlooretheen 1,2-Dichloorethenen (Som) factor 0,7 µg/L µg/L 1,1-Dichloorpropaan 1,2-Dichloorpropaan µg/L 1,3-Dichloorpropaan µg/L Dichloorpropanen som factor 0.7 µg/L Minerale olie Minerale olie (C10-C12) µg/L Minerale olie (C12-C16) µg/L Minerale olie (C16-C21) µg/L Minerale olie (C21-C30) µg/L Minerale olie (C30-C35) µg/L Minerale olie (C35-C40) µg/L Minerale olie totaal (C10-C40) µg/L Extra parameters som 16 aromatische oplosmiddelen µg/L

1

GSSD

Analytico-nr

Monster

1

10547938

01-1-1 01 (130-230)

Eindoordeel:

kleiner dan of gelijk aan Streefwaarde groter dan Streefwaarde

**

groter dan Tussenwaarde

***

groter dan Interventiewaarde

GSSD

Gestandaardiseerd gehalte

RG

Vereiste Rapportagegrens

S

Streefwaarde

T

Tussenwaarde

I

Interventiewaarde

I

20 0,2 2 2 0,05 2 3 2 10

50 0,4 20 15 0,05 5 15 15 65

338 3,2 60 45 0,175 153 45 45 433

625 6 100 75 0,3 300 75 75 800

<0,20 <0,20 <0,20 <0,10 <0,20 0,21 <0,90 <0,020 <0,20

0,14 0,14 0,14 0,07 0,14 0,21

-

0,2 0,2 0,2

0,2 7 4

15,1 504 77

30 1000 150

-

0,2

0,2

35,1

70

0,014 0,14

-

0,02 0,2

0,01 6

35 153

70 300

<0,20 <0,20 <0,10 <0,20 <0,10 <0,20 <0,20 <0,10 <0,10 <0,10 <0,10 <1,6 <0,20 <0,10 <0,10 0,14 <0,20 <0,20 <0,20 0,42

0,14 0,14 0,07 0,14 0,07 0,14 0,14 0,07 0,07 0,07 0,07

-

0,2 0,2 0,1 0,2 0,1 0,2 0,2 0,1 0,1

0,01 6 0,01 24 0,01 7 7 0,01 0,01

500 203 5 262 20 454 204 150 65

1000 400 10 500 40 900 400 300 130

-

0,2 0,1 0,2

0,01 0,01 0,01

2,5 5 10

630 5 10 20

-

0,6

0,8

40,4

80

<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50

7 7 7 10,5 7 7 35

-

50

50

325

600

Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa

T

-

Gebruikte afkortingen -

S

14 0,14 1,4 1,4 0,035 1,4 2,1 1,4 7

Voldoet aan Streefwaarde

*

RG

<20 <0,20 <2,0 <2,0 <0,050 <2,0 <3,0 <2,0 <10

Legenda Nr.

Oordeel

0,14 0,07 0,07 0,14 0,14 0,14 0,14 0,42

0,77 Geen oordeel mogelijk

Bijlage 5

Toetsingskader Circulaire bodemsanering AW = achtergrondwaarde S = streefwaarde I = interventiewaarde t.b.v. sanering(-sonderzoek)

voorkomen in:

Grondwater (μg/l opgelost, tenzij anders vermeld)

Grond/sediment (mg/kg droge stof)

Stof/niveau AW

I

S

I

20 60 625 6 30 100 75 0,3 75 300 75 800

I.

Metalen antimoon (Sb) arseen (As) barium (Ba) cadmium (Cd) chroom (Cr) chroom III chroom VI cobalt (Co) koper (Cu kwik (Hg) kwik (anorganisch) kwik (organisch) lood (Pb) molybdeen (Mo) nikkel (Ni) tin (Sn) vanadium (V) zink (Zn)

4,0 20 0,60 55 15 40 0,15 50 1,5 35 6,5 80 140

22 76 920* 13 180 78 190 190 36 4 530 190 100 720

10 50 0,4 1 20 15 0,05 15 5 15 65

II.

Anorganische verbindingen chloride cyaniden-vrij cyaniden-complex thiocyanaat

3 5,5 6,0

20 50 20

100 (mg/l) 5 10 -

1500 1500 1500

III.

Aromatische verbindingen benzeen ethylbenzeen tolueen xylenen styreen (vinylbenzeen) fenol cresolen (som) dodecylbenzeen aromatische oplosmiddelen (som)

0,20 0,20 0,20 0,45 0,25 0,25 0,30 0,35 2,5

1,1 110 32 17 86 14 13 -

0,2 4 7 0,2 6 0,2 0,2 -

30 150 1000 70 300 2000 200 -

1,5

40

0,01 0,0007 0,003 0,003 0,0001 0,003 0,0005 0,0003 0,0004 0,0004 -

70 5 5 1 0,5 0,2 0,05 0,05 0,05 0,05

Gechloreerde koolwaterstoffen vinylchloride dichloormethaan 1,1-dichloorethaan 1,2-dichloorethaan 1,1-dichlooretheen 1,2-dichlooretheen (cis- en trans-) dichloorpropanen trichloormethaan (chloroform) 1,1,1-trichloorethaan 1,1,2-trichloorethaan trichlooretheen (Tri) tetrachloormethaan (Tetra) tetrachlooretheen (Per)

0,10 0,10 0,20 0,20 0,30 0,30 0,80 0,25 0,25 0,3 0,25 0,30 0,15

0,1 3,9 15 6,4 0,3 1 2 5,6 15 10 2,5 0,7 8,8

0,01 0,01 7 7 0,01 0,01 0,8 6 0,01 0,01 24 0,01 0,01

5 1000 900 400 10 20 80 400 300 130 500 10 40

monochloorbenzeen dichloorbenzenen trichloorbenzenen tetrachloorbenzenen pentachloorbenzeen hexachloorbenzeen

0,20 2,0 0,015 0,0090 0,0025 0,0085

15 19 11 2,2 6,7 2,0

7 3 0,01 0,01 0,003 0,0009

180 50 10 2,5 1 0,5

monochloorfenolen(som) dichloorfenolen (som) trichloorfenolen (som) tetrachloorfenolen (som) pentachloorfenol

0,045 0,20 0,0030 0,015 0,0030

54 22 22 21 12

0,3 0,2 0,03 0,01 0,04

100 30 10 10 3

PCB's (som 7) chloornaftaleen (som) monochlooranilinen (som) dioxine (som I-TEQ)

0,020 0,070 0,20

1 23 50 0,00018

0,01 -

0,01 6 30 -

IV.

V.

Polycyclische aromatische waterstoffen (PAK's) naftaleen antraceen fenantreen fluoranteen benzo(a)antraceen chryseen benzo(a)pyreen benzo(ghi)peryleen benzo(k)fluoranteen indeno(1,2,3cd)pyreen PAK (som 10)

pentachlooraniline

kool-

0,000055 0,15

-

-

-

-

* De norm voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene bodemverontreiniging. Voor overige situaties is de norm voor barium tijdelijk buiten werking gesteld.

Bijlage 5

Toetsingskader Circulaire bodemsanering

voorkomen in:

Grondwater (μg/l opgelost, tenzij anders vermeld)

Grond/sediment (mg/kg droge stof)

Stof/niveau AW VI.

VII.

Bestrijdingsmiddelen chloordaan DDT (som) DDE (som) DDD (som) DDT/DDE/DDD (som) aldrin dieldrin endrin drins (som) -endosulfan -HCH -HCH -HCH (lindaan) HCH-verbindingen (som) heptachloor heptachloorepoxide (som) hexachloorbutadieen organochloorhoudende bestrijdingsmiddelen(som landbodem) azinfos-methyl organotin verbindingen (som) tributyltin (TBT) MCPA atracine carburyl carbofuran 4-chloormethylfenolen (som) niet-chloorhoudende bestr.mid. (som)

Overige verontreinigingen asbest cyclohexanon dimethyl ftalaat diethyl ftalaat di-isobutylftalaat dibutyl ftalaat butyl benzylftalaat dihexyl ftalaat di(2-ethylhexyl)ftalaat ftalaten (som) minerale olie pyridine tetrahydrofuran tetrahydrothiofeen tribroommethaan ethyleenglycol diethyleenglycol acrylonitril formaldehyde isopropanol (2-propanol) methanol butanol (1-butanol) butylacetaat ethylacetaat methyl-tert-butyl ether (MTBE) methylethylketon

I

S

I

0,0200 0,20 0,10 0,020 0,015 0,00090 0,0010 0,0020 0,0030 0,00070 0,0020 0,003 0,40

4 1,7 2,3 34 0,32 4 4 17 1,6 1,2 4 4 -

0,02 ng/l 0,004 ng/l 0,009 ng/l 0,1 ng/l 0,04 ng/l 0,2 ng/l 33 ng/l 8 ng/l 9 ng/l 0,05 0,005 ng/l 0,005 ng/l -

0,2 0,01 0,1 5 1 0,3 3 -

0,0075 0,15 0,065 0,55 0,035 0,15 0,017 0,60 0,090

2,5 4 0,71 0,45 0,017 -

0,05-16 ng/l 0,02 29 ng/l 2 ng/l 9 ng/l -

0,7 50 150 50 100 -

2,0 0,045 0,045 0,045 0,070 0,070 0,070 0,045 190 0,15 0,45 1,5 0,20 5,0 8,0 2,0 2,5 0,75 3,0 2,0 2,0 2,0 0,20 2,0

100 150 82 53 17 36 48 220 60 5000 11 7 8,8 75 -

0,5 0,5 50 0,5 0,5 0,5 -

15000 5 600 30 300 5000 630 -

Bodemtypecorrectie Anorganische verbindingen

Lb = Lst *

a + b * % lut.+ c * % org.st. a + b * 25 + c * 10

Lb is interventiewaarden geldend voor de te beoordelen bodem (mg/kg); Lst is interventiewaarde voor de standaardbodem (mg/kg);% lut. is gemeten percentage lutum in de te beoordelen bodem; % org. st. is gemeten percentage organisch stof in de te beoordelen bodem; A, B en C zijn constantenafhankelijk van de stof; Voor toepassing van de bodemtypecorrectie bij achtergrondwaarden wordt in de bovenstaande formule de interventiewaarde vervangen door achtergrondwaarde.

Bijlage 5

Toetsingskader Circulaire bodemsanering

STOF arseen barium beryllium cadmium chroom cobalt koper kwik lood nikkel tin vanadium zink

a 15 30 8 0,4 50 2 15 0,2 50 10 4 12 50

b

c

0,4 5 0,9 0,007 2 0,28 0,6 0,0034 1 1 0,6 1,2 3

0,4 0 0 0,021 0 0 0,6 0,0017 1 0 0 0 1,5

Organische verbindingen

Lb = Lst *

% org.st. 10

Lb is interventiewaarden geldend voor de te beoordelen bodem (mg/kg); Lst is interventiewaarde voor de standaardbodem (mg/kg); % org. st. is gemeten percentage organisch stof in de te beoordelen bodem; Voor bodems met gemeten organisch stofgehalten van meer dan 30% respectievelijk minder dan 2%, worden gehalten van respectievelijk 30% en 2% aangehouden. Voor toepassing van de bodemtypecorrectie bij achtergrondwaarden wordt in de bovenstaande formule de interventiewaarde vervangen door achtergrondwaarde.

Nader onderzoek De tussenwaarde (T) is het toetsingscriterium ten behoeve van een nader onderzoek. Wordt de tussenwaarde overschreden, dan is een nader onderzoek, op korte termijn, noodzakelijk

T = 0,5 * (AW + I)

T is de tussenwaarde; AW is de achtergrondwaarde en I is de interventiewaarde.

Bijlage 2

Quickscan flora en fauna

Toelichting

91

QUICKSCAN FLORA EN FAUNA VOGELAARDREEF 26 TE NOORDWIJK

Rapportage quickscan flora en fauna Vogelaardreef 26 te Noordwijk Opdrachtgever

Rombou Postbus 240 8000 AE Zwolle

Rapportnummer Versienummer

8452.003 D2

Status

Eindrapportage

Datum

20 juni 2019

Vestiging

Zuid-Holland Max Euwelaan 21-29 3062 MA Rotterdam 010 - 7640828 rotterdam@econsultancy.nl

Opsteller

I.K. Beijeman, MSc

Paraaf

Kwaliteitscontrole

drs. A.N. de Keijzer

Paraaf

Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van het Netwerk Groene Bureaus (NGB). Het NGB is een vereniging van ecologische advies- en onderzoeksbureaus die werkt aan de kwaliteit van advisering gericht op natuur, landschap, water, milieu en ruimte en die de belangen behartigt van groene adviesbureaus. Het Netwerk hanteert een gedragscode die opdrachtgevers en andere belanghebbenden een basis biedt om de leden aan te spreken op de kwaliteit van hun werk. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving ten aanzien van natuurwetgeving. Het onderzoek betreft een momentopname en geeft een inschatting van de geschiktheid van de onderzoekslocatie voor beschermde soorten en het al dan niet voorkomen van soorten. De gebruikte informatie omtrent verspreiding van soorten is deels afkomstig uit de NDFF en mag niet zonder toestemming worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden.

Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde onderzoek neemt. In het algemeen kan gesteld worden dat een quickscan geldig is voor een periode van 2 tot 3 jaar, tenzij in deze periode de ecologische omstandigheden wezenlijk zijn veranderd en/of de Wet natuurbescherming, dan wel inzichten hieromtrent zijn gewijzigd. Bij uitstel van de uitvoering van een project met meer dan 3 jaar verdient het de aanbeveling de resultaten van de quickscan opnieuw te toetsen.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................. 1

2

GEBIEDSBESCHRIJVING ......................................................................................................... 2 2.1 2.2

Huidig gebruik onderzoekslocatie en omgeving ............................................................... 2 Toekomstig gebruik van de onderzoekslocatie en voorgenomen ingrepen ..................... 4

3

ONDERZOEKSMETHODIEK ..................................................................................................... 5

4

OVERZICHT VAN DE NATIONALE NATUURWETGEVING ..................................................... 6 4.1 4.2 4.3 4.4

5

AANGETROFFEN EN TE VERWACHTEN BESCHERMDE SOORTEN .................................. 9 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8

6

Vogels ............................................................................................................................... 9 Vleermuizen .................................................................................................................... 10 Overige zoogdieren ........................................................................................................ 11 Reptielen ......................................................................................................................... 12 Amfibieën ........................................................................................................................ 13 Vissen ............................................................................................................................. 13 Ongewervelden............................................................................................................... 14 Vaatplanten..................................................................................................................... 14

TOETSING AAN SOORTENBESCHERMING ......................................................................... 15 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

7

Zorgplicht .......................................................................................................................... 6 Soortenbescherming ........................................................................................................ 6 Gebiedenbescherming ..................................................................................................... 7 Houtopstanden ................................................................................................................. 8

Broedvogels .................................................................................................................... 15 Vleermuizen .................................................................................................................... 15 Algemene grondgebonden zoogdieren .......................................................................... 15 Amfibieën ........................................................................................................................ 16 Overige soort(groep)en .................................................................................................. 16

TOETSING AAN GEBIEDENBESCHERMING ........................................................................ 17 7.1 7.2

Natura 2000 .................................................................................................................... 17 Natuurnetwerk Nederland ............................................................................................... 18

8

HOUTOPSTANDEN ................................................................................................................. 19

9

SAMENVATTING EN CONCLUSIES ....................................................................................... 20 9.1

Bijlage 1 Bijlage 2

Te treffen maatregelen ................................................................................................... 21

toelichting verbodsbepalingen Wet natuurbescherming verklarende woordenlijst 8452.003

1

INLEIDING

Econsultancy heeft van Rombou opdracht gekregen voor het uitvoeren van een quickscan flora en fauna aan de Vogelaardreef 26 te Noordwijk. De quickscan flora en fauna is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanwijziging en heeft als doel in te schatten of er op de onderzoekslocatie planten- en diersoorten aanwezig of te verwachten zijn, die volgens de Wet natuurbescherming een beschermde status hebben en die mogelijk negatieve invloed kunnen ondervinden door de voorgenomen ingreep. Tevens is beoordeeld of de voorgenomen ingreep invloed kan hebben op Natura 2000-gebieden, houtopstanden die middels de Wet natuurbescherming zijn beschermd, of op gebieden die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland. Econsultancy is lid van de branchevereniging "Netwerk Groene Bureaus" en werkt volgens de door het Netwerk opgestelde gedragscode en protocollen. In dat kader verklaart Econsultancy ten behoeve van de onderzoekslocatie niet eerder betrokken te zijn geweest voor ecologische advisering of ecologisch onderzoek.

Rapport 8452.003 versie D2

Pagina 1 van 22

2 2.1

GEBIEDSBESCHRIJVING Huidig gebruik onderzoekslocatie en omgeving

De onderzoekslocatie (± 1.855 m²) ligt aan de Vogelaardreef 26, circa 8 kilometer ten noorden van de kern van Noordwijk. In figuur 1 is de topografische ligging van de onderzoekslocatie weergegeven. Het perceel, waar de onderzoekslocatie deel van uitmaakt, is kadastraal bekend bij de gemeente Noordwijk, sectie O, nummer 231. Volgens de topografische kaart van Nederland, kaartblad 24 H (schaal 1:25.000), zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 952.90, Y = 478.38.

Figuur 1. Topografische ligging van de onderzoekslocatie.

De onderzoekslocatie betreft een rijbaan, een longeerbak en een loods. Zowel de rijbaan als de longeerbak zijn onbebouwd en onbegroeid en worden omringd door een hekwerk. Het oppervlak van de rijbaan en longeerbak bestaat vooral uit zand en op het terrein is geen losliggend materiaal aanwezig. De te slopen loods betreft een oude paardenstal en opslagruimte. De loods is opgebouwd uit hout met een enkellaags golfplatendak en heeft geen spouwmuur. In de loods zijn veel kieren en gaten aanwezig in de wanden en het dak, waardoor het een open en tochtige ruimte is. Er is veel opslagmateriaal aanwezig zoals houten palen, buizen en kabels. Ten noorden van de onderzoekslocatie bevindt zich het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’. Het Natura 2000-gebied wordt omringd door een hekwerk. Tevens bevindt zich een weg tussen de onderzoekslocatie en het Natura 2000-gebied. Het oosten, zuiden en westen van de onderzoekslocatie wordt omringd door bollenvelden en velden met agrarische doeleinden.

Rapport 8452.003 versie D2

Pagina 2 van 22

In figuur 2 is een luchtfoto van de onderzoekslocatie en de directe omgeving weergegeven. De figuren 3 t/m 8 geven een impressie van de onderzoekslocatie, middels foto’s die zijn genomen tijdens het veldbezoek.

Figuur 2. Luchtfoto onderzoekslocatie en directe omgeving.

Figuur 3. Perceel voor toekomstige woonbestemming.

Figuur 4. Perceel voor toekomstige rijbaan.

Figuur 5. Te slopen loods.

Figuur 6. Te slopen loods. Veel kieren aanwezig, die zorgen voor tocht in de ruimte.

Figuur 7. Te slopen loods. Veelal opslag voor materiaal.

Figuur 8. Zijkant van de te slopen loods.

Rapport 8452.003 versie D2

Pagina 3 van 22

2.2

Toekomstig gebruik van de onderzoekslocatie en voorgenomen ingrepen

De initiatiefnemer is voornemens een woning met tuin te realiseren op het perceel dat op dit moment in gebruik is als paardenrijbaan. Een gedeelte van dit perceel zal worden gebruikt voor de bouw van 2 2 de woning (ca. 600 m , lichtblauw omcirkeld) en een deel voor de tuin (ca. 325 m, oranje omcirkeld ). 2 Ook wordt een paardenbak gerealiseerd (800 m , oranje stippellijn omcirkeld) op het terrein dat nu in 2 gebruik is als longeerbak. Daarnaast is de initiatiefnemer voornemens de loods (130 m , grijsgroen omcirkeld) te slopen (figuur 9).

Figuur 9. Voorgenomen ingreep op de onderzoekslocatie.

Rapport 8452.003 versie D2

Pagina 4 van 22

3

ONDERZOEKSMETHODIEK

Het onderzoek is uitgevoerd middels het verrichten van een veldbezoek en een bureauonderzoek. Op deze wijze is inzicht verkregen in de aanwezigheid van geschikt habitat en de daarbij te verwachten beschermde soorten, gesitueerd op of nabij de onderzoekslocatie. Het veldbezoek is afgelegd op 23 januari 2019. Tijdens dit veldbezoek is de gehele onderzoekslocatie, alsmede de directe omgeving beoordeeld. Gedurende het veldbezoek is gelet op de mogelijke aanwezigheid van beschermde en bedreigde soorten op basis van het aanwezige habitat. Verder is aan de hand van verspreidingsatlassen, andere standaardwerken en op basis van “expert judgement” nagegaan welke bijzondere planten- en diersoorten er voor kunnen komen op de onderzoekslocatie en zijn omtrent gebiedsbescherming gegevens van de provincie Zuid-Holland opgevraagd. Actuele verspreidingsgegevens van flora en fauna zijn uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) opgevraagd. De quickscan flora en fauna is een toets van de ecologische potenties van de onderzoekslocatie en betreft geen volwaardig soort(en) specifiek onderzoek. Er zijn in het onderhavige onderzoek geen inventarisaties uitgevoerd van soorten en soortgroepen. Een ecologische inventarisatie beslaat meerdere veldbezoeken gedurende de voor de soortgroep meest gunstige periode van het jaar.

Rapport 8452.003 versie D2

Pagina 5 van 22

4

OVERZICHT VAN DE NATIONALE NATUURWETGEVING

Dit hoofdstuk geeft achtergrondinformatie over de natuurwetgeving waaraan de voorgenomen ingreep op de onderzoekslocatie wordt getoetst. Er wordt een globale toelichting gegeven ten aanzien van potentiële overtredingen van de Wet natuurbescherming bij de meest voorkomende soorten en soortgroepen. Dit hoofdstuk is niet toegespitst op de situatie op de onderzoekslocatie, maar geeft enkel een beschrijving van de vigerende wetgeving. De Wet natuurbescherming is gericht op:   

het beschermen en ontwikkelen van de natuur, mede vanwege de intrinsieke waarde en het behouden en herstellen van de biologische diversiteit; het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de natuur ter vervulling van maatschappelijke functies; het verzekeren van een samenhangend beleid gericht op het behoud en beheer van waardevolle landschappen, vanwege hun bijdrage aan de biologische diversiteit en hun cultuurhistorische betekenis, mede ter vervulling van maatschappelijke functies.

De bevoegdheid voor het verlenen van ontheffingen en vrijstellingen bij soortenbescherming ligt grotendeels bij de provincies. De provincie is bevoegd gezag voor de toetsing van handelingen met mogelijke gevolgen voor beschermde dier- en plantensoorten (de soortenbeschermingsbepalingen) én voor Natura 2000-gebieden (de gebiedenbeschermingsbepalingen). Alleen bij ruimtelijke ingrepen waarmee grote nationale belangen zijn gemoeid, blijft het Rijk bevoegd gezag. 4.1

Zorgplicht

Het eerste artikel in de Wet natuurbescherming heeft betrekking op de zorgplicht en heeft betrekking op het voorkomen of beperken van schade aan soorten en gebieden, voor zover deze niet middels overige verbodsbepalingen zijn gereguleerd. Het gaat daarbij in de praktijk vooral om minder streng beschermde soorten, waarbij het onnodig doden, verwonden of beschadigen dient te worden vermeden. In bijlage 1 wordt dit artikel nader toegelicht. 4.2

Soortenbescherming

Bij een quickscan flora en fauna wordt in beeld gebracht of er (potentiële) vaste rust- of verblijfplaatsen aanwezig zijn van de soorten uit de verschillende beschermingsregimes. Vervolgens wordt beoordeeld of de voorgenomen ingreep verstorend kan zijn en of nader onderzoek noodzakelijk wordt geacht. De Wet natuurbescherming onderscheidt beschermingsregimes voor soorten op grond van internationale verdragen, aangevuld met soorten die vanuit een nationaal oogpunt beschermd worden. Hierdoor zijn er in de Wet natuurbescherming drie verschillende verbodsartikelen per categorie soorten;   

soorten van de Vogelrichtlijn (artikel 3.1); soorten van de Habitatrichtlijn en de verdragen van Bern en Bonn (artikel 3.5); andere soorten (artikel 3.10).

In bijlage 1 worden deze artikelen nader toegelicht.

Rapport 8452.003 versie D2

Pagina 6 van 22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=1a99925f-a04a-4d26-a2d1-3ac2409916df