Amendement leden Kramer (D66) en Steenvoorden (PUUR) over Zienswijze begroting 2023 Holland Rijnland
Tekst van het document
AMENDEMENT Leden Kramer (D66) en Steenvoorden (PUUR) over Zienswijze begroting 2023 Holland Rijnland De gemeenteraad van Noordwijk; in vergadering bijeen op 31 mei 2022; wijzigt het besluit behorend bij het raadsvoorstel Zienswijze begroting 2023 Holland Rijnland en nummer raadsvoorstel 221172 als volgt: I) Als zienswijze aan het bestuur van Holland Rijnland te laten weten dat de raad instemt met de ontwerpbegroting 2023 van de gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland volgens bijgevoegde conceptbrief. Wordt gewijzigd in: I) Als zienswijze aan het bestuur van Holland Rijnland te laten weten dat de raad instemt met de ontwerpbegroting 2023 van de gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland volgens bijgevoegde conceptbrief, waarbij de opgenomen zienswijze is gewijzigd naar onderstaande zienswijze: Wij stemmen in met de conceptbegroting 2023. Daarbij brengen wij nog het volgende onder uw aandacht. 1. In 2021 blijkt de algemene reserve geheel te zijn gebruikt voor het opvangen van budgettaire tegenvallers, en lijkt er in de toelichting van het rekeningresultaat sprake van een zorgelijke situatie: “Zonder deze onttrekking was het resultaat niet €1,0 mln. voordelig, maar uitgekomen op een nadeel van €1,1 mln. Het nadeel van
€1,1 mln. bestaat voor een groot deel uit structurele kosten, die in latere jaren niet meer uit de algemene reserve gedekt kunnen worden aangezien deze in 2021 volledig is onttrokken.” Wij vragen ons af hoe we deze opmerking moeten duiden, enerzijds omdat de reserveonttrekking van (de tussenrapportage uit) 2021 grotendeels bestemmingsreserves betrof – dus geen reden tot zorg – en anderzijds omdat we in de begroting van 2023 verder geen tekenen van structurele middelenkrapte aantreffen. Ook niet in de meerjarenramingen, die overigens vrijwel gelijk zijn aan de begroting van 2023. Graag vernemen wij of wel of geen sprake is van financiële krapte. 2. We realiseren ons dat de voorliggende begroting, vanwege de nog lopende formaties, beleidsarm is. We begrijpen ook dat de meeste strategische doelen, zoals 30.000 extra woningen tot 2030, niet eenvoudig in jaarschijven zijn te vangen. Toch denken we dat ook in een beleidsarm jaar de begroting van een samenwerkingsorgaan als Holland Rijnland aan zeggingskracht kan winnen als per beleidsveld de belangrijkste te verwachten “deliverables” schematisch in een jaarof meerjarenoverzicht worden gepresenteerd. Voor gemeenteraden biedt dat enig extra houvast bij het monitoren van de voortgang op veelal complexe regionale dossiers.
In de huidige begrotingsopzet is het voor ons als gemeenteraad zeer moeilijk om te beoordelen of de plannen voor het komend jaar het juiste ambitieniveau hebben, en of een afgesloten jaar meer of minder succesvol is geweest. Graag gaan wij in het komend jaar het gesprek daarover met u aan. 3. De gemeente Noordwijk vindt het belangrijk om met de buurgemeenten in Holland Rijnland gezamenlijk te investeren in de ontwikkeling van onze regio. Het Regionaal Investerings Fonds Holland Rijnland (RIF) loopt ten einde in 2024 (onderdelen uitgezonderd). Met de gelden uit dit fonds zijn belangrijke successen geboekt, zoals de Rijnlandroute en het Groenprogramma. Toch wordt nog niet concreet voorgesorteerd op een nieuw RIF. Wij gaan graag in het komende jaar het gesprek met u aan over de wijze waarop wij hierop een vervolg kunnen geven: welke nieuwe mogelijkheden er zijn (op basis van de Omgevingsagenda, Mobiliteitsvisie en Regionale Energie Strategie) en wat dit betekent voor onze gemeentelijke financiën. Noordwijk is hierbij voorstander van een ambitieuze en kosteneffectieve samenwerking. Overigens zien wij, vooruitlopend op een nieuw RIF of soortgelijk initiatief, ook uit naar evaluaties van opgeleverde RIF-(deel)projecten. 4. Wij constateren dat het cofinancieringsfonds moeite lijkt te hebben met het vinden van nieuwe projecten, gezien de oplopende prognoses van beschikbare middelen.
Uit de gegeven toelichting kunnen wij echter niet opmaken of de pijplijn van potentiële projecten groot genoeg is, en in hoeverre een eventueel tekort aan projecten wordt veroorzaakt door hoge multipliersambities. Voor toekomstige
toelichtingen op ontwerpbegrotingen vragen wij hier uw aandacht voor, waarbij de raad geholpen is bij meer duiding van wat er in de pijplijn zit en wat de oorzaken zijn van eventuele tekorten.
Toelichting: Met de aanvullingen op de zienswijze geven we uitdrukking aan het voornemen van de Noordwijkse raad om deze gemeenschappelijke regeling met extra betrokkenheid te volgen. Het geeft de raad meer inzicht en mogelijkheden om haar controlerende taken uit te voeren.
Oscar Kramer, D66
Thomas Steenvoorden, PUUR