231123 - 466333 - B&W - Bijlage Leidsevaart Relevant deel Kadernota bestemmingsplannen Buitengebied - AVG
Tekst van het document
Greenport Duin- en Bollenstreek Kadernota
bestemmingsplannen Buitengebied
nadere uitwerking Structuurvisie: opstap naar regelgeving
Greenport Duin- en Bollenstreek Kadernota bestemmingsplannen
.
°
Buitengebied
nadere uitwerking Structuurvisie: opstap naar regelgeving
identificatie projectnummer:
datum:
planstatus
057600.16186.00
30-08-2012
projectieider:
(geanonimiseerd)
RBOI
- Rotterdam bv
Delftseplein 276
ì „‚,_……f‚;‚“f‚;…‘@ e
B
ENSP
+
=
Postbus
150
3000 AD Rotterdam
telefoon (010) 201 85 55
|Pm
E-mail: nfo@rboi.nl
Inhoud
1.
2.
3.
4.
Algemeen
blz. 3
1.1. 1.2.
De opgave Het speelveld
3 4
1.3.
Het planproces
4
1.4.
De status van de Kadernota
4
1.5.
Leeswijzer
5
De contouren van de Kadernota
7
2.1.
{nleiding
7
2.2.
De Structuurvisie: ambities en strategische hoofdlijnen
7
Sturingsfilosofie en planmethodiek
11
3.1.
Inleiding
11
3.2.
Sturingsfilosofie
11
3.3.
De planmethodiek
14
Het Afsprakenkader
19
4.1.
Inleiding
19
4.2.
De zonering van het buitengebied
20
4.3.
De agrarische sector: bollenteelt, veehouderij, glastuinbouw
22
4.3.1.
Kaderstellende uitspraken
22
4.3.2. 4.3.3.
Begrippen Grondgebruik
23 24
4.3.4,
Agrarische bouwvlakken
25
4.3.5. 4.3.6.
Bollenteeltbedrijven, gemengde teeltbedrijven en stekbedrijven Grondgebonden veehouderijbedrijven
28 31
4.3.7.
Glastuinbouwbedrijven
33
4.3.8.
Omschakeling, nieuwvestiging (verplaatsing en splitsing) en
4.3.9.
samenvoeging Toelaatbaarheid nevenfuncties
3537
4.3.10. Toelaatbaarheid vervolgfuncties op vrijkomende agrarische
bedrijfscomplexen
5.
41
4.3.11. Sanering
43
4.3.12. Ruimte voor Ruimteregeling
43
4.3.13. Regeling bollencompensatie
45
4.4.
Natuur, landschap en cultuurhistorie
46
4.5.
Landgoederen
47
4.6.
Agrarische handels- en exportbedrijven en overige aan het bollencomplex verwante niet-agrarische bedrijven
48
4.7.
Niet-agrarische bedrijven
53
4.8.
De recreatie
55
4.9. 4.10.
Het wonen Molenbiotoop
56 61
Handhavingskader
63
5.1.
Handhaving als onderdeel van de beleidscyclus
63
5.2.
De uitvoerings- en handhavingspraktijk
63
5.3.
Aanbevelingen voor de uitvoerings- en handhavingspraktijk
64
‘Adviesbureau RBOI
Rotterdam / Middelburg
-_
057600.16186.00
2
Inhoud
PONrW
agen: Nadere onderbouwing zonering.
Toelichting op de modelregels. Modelregels. Overzicht
stakeholders.
057600.16186.00 _
Adviesbureau ROT Rotterdam / Middelburg
54
4.7.
Nadere onderbouwing
zonering
Niet-agrarische bedrijven
Kaderstellende uitspraken ISG Een voldoende ontwikkeling van de reguliere werkgelegenheid wichtige en gezonde ontwikkeling van de Greenport.
i van belang voor een even-
Er wordt ingezet op upgrading en 'ntensivering van het ruimtegebruik op verouderde delen van bestaande bedrijventerreinen (40 ha ruimtewinst n 2030). Tevens wordt ingezet op uitbreiding van bestaande bedrijventerreinen (33 ha in 2030) (blz. 45 ISG). Kaderstellende uitspraken
PVR
Bestaande niet-agrarische bedrijven en niet-volwaardige agrarische bedrijven mogen malig worden uitgebreid met ten hoogste 10% van de inhoud (zie artikel 2, lid 3.3)-
een-
Bouwvlakken
Maatwerk voor bestaande bedrijven
Van oudsher komen in het buitengebied niet-agrarische bedrijven voor. Deze bedrijven heb-
ben geen directe relatie met het bollencomplex en zijn ook niet grondgebonden. Omdat de middelen veelal ontbreken om deze bedrijven actief te verplaatsen of te saneren, worden de bestaande bedrijven overeenkomstig de vigerende regeling positief bestemd en voorzien van
een bouwvlak dat is afgestemd op het huidige bedrijfsperceel (richtlijn). Gegeven de aard van het buitengebied, wordt uitgegaan van een algemene toelaatbaarheid van bedrijven die gerekend worden tot de categorieën 1 en 2 van de Staat van 3edrijfsactiviteiten (SvB). Dit zetekent dat binnen deze categorieën een grote mate van flexibiliteit in gebruik mogelijk is, Bestaande bedrijven die gerekend worden tot een hogere categorie worden aanvullend voor-
zien van een specifieke functieaanduiding (richtlijn). Concentratie bebouwing binnen bouwvlak
Alle bedrijfsgebouwen,
inclusief de bedrijfswoning, dienen binnen het souwvlak
te worden
gerealiseerd (richtlijn). Uitbreiding van bebouwing binnen het bouwvlak is toegestaan rekening houdend met de vigerende bebouwingsregeling en als daarbij in voldoende mate wordt rekening gehouden met eisen ten aanzien van verkeer en arkeren, het milieu en de landschappelijke inrichting.
Overschrijden grenzen bouwvlak
Met een afwijking kan de mogelijkheid worden geboden om de grenzen van het bouwvlak in
beperkte mate te overschrijden (aanbeveling).
Bij het verlenen van de afwijking wordt in e-
der geval rekening gehouden met:
- _ de noodzaak (bedrijfseconomisch, bouwtechnisch, milieutechnisch); - _ de aanwezige waarden van natuur, landschap en cultuurhistorie. Schema 14
Overschrijden grenzen bouwvlak niet-agrarische bedrijven
1
z
3
4
5
A-A
A-A
A-A
A-A
A-A
Vergroten bouwvlak
Omdat deze bedrijven niet-grondgebonden zijn en geen directe relatie met het bollencomplex hebben, worden aan deze bedrijven geen mogelijkheden geboden om het souwvlak uit
te breiden (richtlijn).
0576001618600
Adviesbureau RBOL Rotterdam/ Middelburg
Nadere onderbouwing zonering
55
Bouwmogelijkheden Bedrijfsgebouwen
Bestaande niet-agrarische bedrijven mogen
binnen
het toegekend
bouwvlak eenmalig wor-
den uitgebreid met ten hoogste 10% van de bestaande inhoud (richtlijn). Indien er bedrijven zijn waar uitbreiding niet (meer) gewenst is wordt hiervoor een specifieke bouwaanduiding opgenomen.
Bedrijfswoningen
De
toelaatbaarheid
van
bedrijfswoningen
wordt
afgestemd
op de vigerende
regelingen,
Daarin is aangegeven of er bij recht één, geen of meerdere bedrijfswoningen is of zijn toege-
staan (richtlijn).
Bedrijven die nog niet beschikken over een bedrijfswoning, kunnen via afwijking alsnog een
bedrijfswoning realiseren (aanbeveling). Daarbij wordt rekening gehouden met: - _ de volwaardigheid van het bedrijf; -
_
de noodzaak
Zogenaamde
van extra toezicht.
'papieren'
bedrijfswoningen,
bestemmingsplannen wel gebouwd
bedrijfswoningen
die op grond
zijn, kunnen conform de PVR alleen opnieuw als zodanig bestemd hiertoe zeer goed onderbouwd
van vigerende
hadden kunnen worden maar die nog niet gerealiseerd worden
als de noodzaak
is.
Tweede bedrijfswoningen worden niet mogelijk gemaakt (richtlijn:
De inhoudsmaat van een bedrijfswoning bedraagt maximaal 750 m> (aanbeveling). Per woning is maximaal 50 m? aan vrijstaande bijgebouwen toegestaan (aanbeveling). Het erf dat deel uit maakt van de bedrijfswoning heeft een oppervlakte van maximaal 1.000 m? (aanbeVoor deze maatvoeringen zijn aanbevelingen opgenomen, omdat in de vigerende regelingen afwijkende maten zijn opgenomen
die op deze wijze gehandhaafd
kunnen
worden. Dit maakt
het ook mogelijk om regels op te nemen met betrekking tot de landschappelijke positionering van de woning (al dan niet opgenomen in het bedrijfsgebouw). De goot- en bouwhoogte van bedrijfswoningen wordt afgestemd op de vigerende bestem-
mingsplannen (aanbeveling). Omschakeling
Binnen de algemene toelaatbaarheid van bedrijven die gerekend worden tot de categorieën 1
en 2 van de SvB wordt een grote mate van flexibiliteit geboden. Op een locatie waar een be-
drijf uit categorie 3 of hoger gevestigd is, is alleen een gelijksoortig bedrijf toegestaan al-
mede bedrijven uit de categorieën 1 en 2 (richtlijn).
Nieuwvestiging
In het buitengebied is nieuwvestiging van hiet-agrarisch bedrijven alleen toegestaan op specifieke daarvoor aangewezen bedrijventerreinen. Toelaatbaarheid nevenfuncties
Ten aanzien van nevenfuncties is grote terughoudendheid gewenst. Enerzijds omdat de bedrijfseconomische noodzaak veelal ontbreekt en anderzijds omdat de externe effecten gezien
de schaalgrootte van de bedrijven aanzienlijk kunnen zijn.
In de bestemmingsplannen voor
het buitengebied worden geen mogelijkheden opgenomen (richtlijn). Toelaatbaarheid vervolgfuncties
De praktijk leert dat het vinden van passende vervolgfuncties voor vrijkomende bedrijfscomplexen van niet-agrarische bedrijven een lastige opgave is. De igging van deze complexen,
Adviesbureau RBOI
Rotterdam / Middelburg
ë
957600.16186.00
56
Nadere onderbouwing zonering
de schaalgrootte en omvang en aard van de bebouwing leidden er vaak toe dat een zinvol ‘hergebruik binnen financieel-economische randvoorwaarden niet mogelijk is. Hergebruik door bollenteeltbedrijven is van zelfsprekend altijd mogelijk. Ook het gedeeltelijk
gebruik van aanwezige gebouwen is een optie en voorkomt dat elders nieuwbouw gerealiseerd
moet
worden.
Mogelijkheden voor ander hergebruik worden afgewogen in het kader van een wijzigingsbe-
voegdheid (aanbeveling) dan wel een afzonderlijke planprocedure (procesafspraak). aarbij In acht te nemen
criteria zijn:
- _ de vervolgfunctie s ruimtelijk en milieutechnisch inpasbaar, ook rekening noudend met toekomstige ontwikkelingen zoals een mogelijke uitbreiding van activiteiten; - _ omliggende bedrijven worden niet onevenredig beperkt in hun bedrijfsvoering en toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden;
- _ de inpassing van de vervolgfunctie gaat samen met een aanmerkelijke verbetering van de uimtelijke kwaliteit ter plaatse.
Bij het bepalen van de toelaatbaarheid van vervolgfuncties wordt een onderscheid gemaakt in!
- _ agrarische vervolgfuncties; agrarisch verwante vervolgfuncties; -
het wonen;
- _
niet-agrarische vervolgfuncties.
In dit onderscheid komt tevens een prioriteitsstelling tot uitdrukking. Bij het beoordelen van verzoeken om vervolgfuncties wordt verkend of en welke er mogelijkheden zijn om een
(meer) passende functie te ealiseren.
4.8.
De
recreatie
Kaderstellende uitspraken ISG
Inzetten op het verbeteren van de profilering van de Greenport als attractief gebied in samenhang met een breed, jaarrond aanbod door onder andere: - _ het beter zichtbaar, beleefbaar en toegankelijk maken van het landschap; - _ het ontwikkelen van een goede fiets-, wandel- en vaarinfrastructuur; - _ het opstellen van een integrale toekomstvisie toerisme; - _ het stimuleren van vele projecten (zie blz. 27 ISG). Kaderstellende uitspraken
PVR
In het buitengebied kan ruimte worden geboden voor kleinschalige bebouwing, uitgezonderd recreatiewoningen en bedrijfswoningen, bassend bij en ondersteunend aa de recreatieve
functie van het gebied. Bijvoorbeeld een testaurant, een café, een bed & breakfast, een manege, een centrum Vóör natuureducatie, een clubgebouw bij &&n golfbaan of voorzieningen bij een camping (zie artikel 2, lid 2.9). Dagrecreatieve voorziening&n Maatwerk voor bestaande voorzieningen
In het buitengebied zijn vele dagrecreatieve voorzieningen in velerlei vorm aanwezig: volkstuincomplexen, sportcomplexen, fiets- en wandelpaden, jachthavens en aanlegplaatsen, picknickplekken, golfbanen en grootschalige attracties zoals De Keukenhof.
Door de grote
verscheidenheid aan voorzieningen, heeft het opnemen van een generieke regeling weinig
tot geen meerwaarde. Bij net toekennen van maatbestemmingen worden de volgende uit-
gangspunten gehanteerd (procesafspraak):
- _ maatwerk wat betreft toegestaan grondgebruik;
057600.16186.00
ë
Adviesbureau RBOI
Rotterdam / Middelburg
Nadere onderbouwing zonering
57
- _ bouwvlakken afgestemd op bestaande en eventueel te ontwikkelen bebouwing; - _ uitbreiding bouwvlakken na planwijziging rekening houden met externe ruimtelijke en milieueffecten (onder andere verkeer, geluid etc.); aanwezige waarden van natuur, landschap en cultuurhistorie op de locatie en in het gebied waarin de ocatie gelegen is. Ruimte voor nieuwe voorzieningen De betekenis en potenties van de Duin- en Bollenstreek voor recreatie en toerisme worden
breed onderkend.
Het versterken van de toeristisch-recreatieve infrastructuur is een van de
doelstellingen van het ISG. Om dat mogelijk te maken worden er mogelijkheden geboden om nieuwe voorzieningen te realiseren,
Via afwijking (aanbeveling): - _ wandelpaden; - _
picknickplekken.
Via planwijziging (aanbeveling): -
fietspaden; _
parkeervoorzieningen.
Afhankelijk van de specifieke situatie, kunnen de regels hiervoor opgenomen worden in de bestemmingen van de gebieden waar deze voorzieningen gerealiseerd worden.
4.9.
Het wonen
Het buitengebied van de Duin- en Bollenstreek is in veel opzichten een aantrekkelijk woongebied. Er zijn vele burgerwoningen in velerlei vorm en kenmerkend zijn ook de woonschepen langs de Leidse Vaart en in de polders van Teylingen. Veel woningen zijn in vroegere tijden gebouwd als burgerwoning,
maar er zijn ook veel
voormalige agrarische bedrijfswoningen die nu als burgerwoning in gebruik zijn. Kaderstellende uitspraken ISG
Woningbouw buiten de rode streekplancontour vindt plaats conform de afspraken die zijn weergegeven
in hoofdstuk 2,
Kaderstellende uitspraken PVR
De PVR bevat de volgende richtinggevende uitspraken. Artikel 2 lid 1 Geen verstedelijking buiten de bebouwingscontouren
Bestemmingsplannen vóör gronden buiten de bebouwingscontouren (zoals aangegeven op kaart 1) siuiten bestemmingen Uit die nieuwvestiging of uitbreiding van stedelijke functies mogelijk maken.
In artikel 2 lid 2 van de BVR worden in afwijking van deze regeí ontwikkelingen mogelijk gemaakt ter zake van onder andere: - _ tuimte voor tuimte, toepassing ter biekke;
- _ nieuwe landgoederen;
- _ vrijkomende agrarische bebouwing; > _ noodzakelijke bebouwing; * _ 600 Greenportwoningen Duin- en Bollenstreek;
+ _ woningen in bebouwingslinten.
Adviesbureau RBOI
Rotterdam / Middelburg
ë
ë
0576001618600
58
Nadere onderbouwing
zonering
Begrippen
Voor de eenduidigheid worden voor het 'wonen' de volgende begrippen gehanteerd. - _
bedrijfswonin
een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die slechts is bestemd voor bewoning door (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar noodzakelijk is, vanwege de bestemming van het gebouw of het terrein. + _ woning of wooneenheid!
een complex van ruimten, dat blijkens zijn indeling en inrichting bestemd is voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden. -
_
huishouden:
persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuiteit in de samenstelling ervan;
bedrijfsmatige kamerverhuur wordt
daaronder niet begrepen. -
pension:
een woning, waarin op kleine schaal tegen vergoeding nachtverblijf al dan niet met ontbijt wordt verstrekt, zonder exploitatie van zaalaccommodatie; een en ander mits niet meer dan één of twee
kamers door de bewoner
of eigenaar/bewoner van een woning
aan niet meer
dan in totaal vier personen worden verhuurd, dit mits de gezamenlijke woonvloeroppervlakte niet meer bedraagt dan 3U% van totale woonvloeroppervlakte van de woning, zulks met een maximum -
_
van 40 m?
kamerverhuur:
a.
een samenstel van verblijfsruimten, uitsluitend of mede bestemd of gebruikt om daarin anderen dan aan de rechthebbende en de personen behorende tot diens huishouden, woonverblijf, niet in de zin van zelfstandige woongelegenheid, te verschaffen, al dan
b.
een en ander kan onder meer blijken uit het feit dat voor de kamers afzonderlijk huur
niet met gehele of gedeeltelijke verzorging:
wordt berekend en/of betaald en elke kamer zelfstandig wordt bewoond, waarbij al dan niet sprake is van enkele gemeenschappelijke voorzieningen; onder de definitie van kamerverhuur valt niet:
1. de verhuur van één of twee kamers door de bewoner of eigenaar/bewoner van een
woning aan niet meer dan in totaal vier personen, dit mits de gezamenlijke woon-
vioeroppervlakte niet meer bedraagt dan 30% van totale woonvloeroppervlakte van de woning, zulks met een 24 maximum van 40 m?; door het gemeentebestuur wordt
degene aangewezen die in het kader van deze tegels als bewoner wordt 8ngemerkt;
2. de verhuur van {een gedeelte van) de woning ten behoeve van verblijfsrecreatie; - _ kíeinschalig kampeerterrein:
een kampeerterrein voör kampeermiddelen, niet zijnde permanente kampeermiddelen waaronder tenthuisjes € stacaravans, gedurende de beriode van 15 maart tot €f met 3i oktober.
Arbeidsmigrantent
Sinds de openstelling van de Europese grenzen ©p 1 juli 2007 staat het vóor inwoners van de Europese Unie vrij om in de gehele Europese Unie te verblijven en tevens te werken. Dit
heeft ais gevoig dat ef diverse groepen Zuropeanen naar Nederland komen 6m hier tijdelijk te werken. Deze tijdelijke migranten verblijven vóor een korte beriode in Nederland en zoeken daarbij een onderkomen (iat zij vóor
957600.16186.00
deze tijd kunnen bewonen. Bovenstaande begrip-
ë
Adviesbureau RBO!
Rotterdam / Middelburg
Nadere onderbouwing zonering
pen worden opgenomen om ongewenste situaties te voorkomen vullend wordt de volgende algemene gebruiksregel opgenomen:
59
en tegen te kunnen,
Aan-
- _ het gebruik van woningen anders dan voor één huishouden is niet toegestaan. Bouwvlak en bouwmogelijkheden woningen
Alle bestaande woningen worden voorzien van een maatwerk bouwvlak afgestemd
op de vi-
gerende regeling (richtlijn). Per bouwvlak wordt aangegeven hoeveel woningen hier gebouwd mogen worden. Als dat gegeven de gewenste omgevingskwaliteit ruimtelijk relevant is, wor-
den nadere eisen gesteld ten aanzien van (aanbeveling): - _ de bouwvorm (vrijstaand, aaneengebouwd, gestapeld, etc.); - _ de situering van de woning binnen het bouwvlak (afstand tot erfgrenzen); - _ de inrichting van het perceel (voor- en achtererf/tuin); -
_
de bouwmogelijkheden op het erf en in tuinen.
Er wordt uitgegaan van een uniforme regeling (richtlijn) voor wat betreft: de inhoudsmaat van de woning inclusief aanbouwen: maximaal 750 m3; - _ de oppervlakte van vrijstaande bijgebouwen: maximaal 50 m?. Als dat, gegeven de gewenste omgevingskwaliteit, ruimtelijk relevant is, kan gebruikgemaakt worden van een gestaffelde regeling die erop gericht s te voorkomen dat kleine (ka-
rakteristieke) woningen zonder meer vergroot kunnen worden tot de maximale inhoudsmaat. In een aantal vigerende bestemmingsplannen voor het buitengebied is een regeling opgenomen voor landhuizen, grote woningen met afwijkende inhouds- en hoogtematen. Voor deze
landhuizen wordt ook in de nieuwe bestemmingsplannen maatwerk geleverd {aanbeveling). Ondergronds bouwen Om
te voorzien
in de behoefte aan ondergrondse
(woon)vertrekken
worden
hiertoe
moge-
lijkheden geboden onder de volgende voorwaarden (aanbeveling): - _ de ondergrondse vertrekken zijn alleen van binnenuit toegankelijk; - _ de ondergrondse vertrekken komen niet voorbij de buitenmuren van de woning;
- _ het gaat om maximaal één bouwlaag; - _ de inhoud van de ondergrondse vertrekken telt niet mee bij de inhoudsmaat van de woning;
»
het peil rond de woning wordt niet kunstmatig verhoogd.
Bouwvlak en bouwmogelijkheden woonschepen
Woonschepen
die op basis van provinciale verordeningen of een ontheffing daarvan over
zen
legale ligplaats beschikken, worden positief bestemd en voorzien van een bouwvlak (richt-
lijn). Jitbreiding van het aantal woonschepen is niet toegestaan
.
Op de naastgelegen oever wordt, indien daarvoor de ruimtelijke zijn, ruimte geboden voor het realiseren van een berging.
mogelijkheden
aanwezig
Nieuwbouw woningen
De nieuwbouw
van
burgerwoningen
gebonden.
nu
wordt de
Ook
in het buitengebied
nieuwbouw
van
woningen
is al
ange
tiijd aan strenge regels
niet toegestaan,
uitgezonderd
de
bestemmingsplannen
en
Greenportwoningen en de Ruimte voor Ruimtewoningen (richtlijn). Voor
beroepen
gemeentelijke
en bedrijven handboeken.
wordt Indien
aangesloten
bij de vigerende
in beide documenten
geen regeling
is opgenomen
wordt
de volgende specifieke gebruiksregel gehanteerd (aanbeveling):
‘Adviesbureau RBOI Rotterdam / Middelburg
ë
D
957600.16186.00
60
Nadere onderbouwing zonering
- _ de vloeroppervlakte ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten bedraagt ten hoogste 25% van de vloeroppervlakte van de betrokken woning
met een maximum
van 40 m2.
Voorzieningen bij de woningen
Binnen de woonbestemming is het hobbymatig houden van dieren, waaronder paarden, toegestaan. In dit kader worden ook paardenbakken binnen de bestemming Wonen toegestaan
onder de volgende voorwaarden (richtlijn): - _ paardenbakken zijn uitsluitend binnen het bouwvlak/bestemmingsvlak toegestaan; - _ het oppervlak bedraagt ten hoogste 800 m2;
- _ paardenbakken worden gerealiseerd op een afstand van ten minste 25 m van woningen van derden; - _ lichtmasten zijn niet toegestaan; - _ voorzien moet worden in een passende landschappelijke inpassing. Regeling Greenportwoningen In de PVR is ten aanzien van de Greenportwoningen het volgende opgenomen.
Artikel 2 lid 2 sub i 600 Greenportwoningen Duin- en Bollenstreek Buiten de
bebouwingscontouren
uitwerking
Haarlemmermeer-Bollenstreek
kunnen
600
nieuwe woningen
(Gedeputeerde
zoals bedoeld in de Gebieds-
Staten,
16
mei
2006)
mogelijk
gemaakt onder de volgende voorwaarden: de openheid van het landschap en de zichtlijnen worden niet significant aangetast;
- _ de woningen worden niet opgericht binnen het Kroonjuweel Landgoed Keukenhof zoals opgenomen in de provinciale Structuurvisie; de bouw van de woningen mag niet ten koste gaan van de zichtbaarheid en ervaarbaarheid van het gebied in net OV-panorama langs het spoor, zoals opgenomen in de provinciale Structuurvisie; de opbrengst van de bouw van de woningen wordt afgedragen aan de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij ten behoeve van de projecten uit het meerjarenprogramma.
-
-
Omdat niet bekend is waar Greenportwoningen tot stand komen, worden voor de realisering
van deze woningen procesafspraken opgenomen afgestemd op de voorwaarden die in de PVR zijn opgenomen.
In de bollenzone 1
(uitgezonderd
waardevolle graslanden
de
locatie Vinkeveld
Noord
te Noordwijk)
en
de zone
mogen geen Greenportwoningen tot stand komen. In de overige
zones kunnen wel Greenportwoningen gerealiseerd worden.
Bij
de
toetsing
van
de
landschappelijke
inpasbaarheid
van
Greenportwoningen
wordt
gebruikgemaakt van de uitkomsten van het landschapsonderzoek dat heeft plaatsgevonden in het kader van het opstellen van het Landschapsbeleidsplan Duin- en Bollenstreek en de studie Open Geest (zie bijlage 1 Nadere onderbouwing zonering)Schema
15
Toelaatbaarheid
Greenportwoningen
1
2
3
4
niet toegestaan, uitgezonderd
p
P
niettoegestaan
Vinkeveld
5
|
niettoegestaan
Noord
De bovenstaande regeling is afgestemd op de ISG en met name op 1et streven om bollenzone 1 'actief open te maken'. Onderkend wordt dat daarmee in bollenzone 1 geen Greenportwoningen gerealiseerd kunnen worden en dat locaties voor Greenportwoningen gezocht moeten worden in de bollenzones 2 en 3, op gemeentelijk en regionaal niveau. Anderzijds
Rotterdam / Middelburg
Nadere onderbouwing zonering
61
wordt ook onderkend dat het realiseren van Greenportwoningen een bijdrage kan leveren aan het actief open maken van bollenzone 1. Inzet van dit instrument is denkbaar en na afweging van alle aan de orde zijnde belangen aanvaardbaar, als er nadrukkelijk sprake is van meerwaarde en een bijdrage wordt geleverd aan het realiseren van de eerder geformuleerde
doelstellingen inzake openheid en ruimtelijke kwaliteit.
Adviesbureau RBOÌ Rotterdam / Widdelburg