Verkenning Coalitie 2026 fase 2 (VERSLAG VERKENNER).pdf
Tekst van het document
Verkenning Coalitievorming 2026 gemeente Noordoostpolder, fase 2
In de raadsvergadering van de gemeente Noordoostpolder van woensdag 1 april 2026 is het verkenningsverslag Coalitievorming 2026, fase 1, van 31 maart 2026, behandeld. Dit verslag heeft tot doel om vanuit de verkiezingsuitslag van 18 maart 2026 middels de verkenningsopdracht d.d. 23 maart 2026 - een stabiele en constructieve coalitie te verkennen. De daaruit voortvloeiende intensieve gesprekken met alle vertegenwoordigers van fracties in 2 à 3 ronden hebben duidelijk gemaakt dat de wil om tot een mogelijke coalitie te komen er is, namelijk bij de 3 grootste partijen - in volgorde van aantal stemmen en zetelaantal - CDA (5), PU (5), CU-SGP (5) en mogelijk ONS (4) of mogelijk VVD (3), samen 19 of 18 zetels. In de volgende ronde van informatie zou over deze 2 varianten resultaat bereikt kunnen worden. Zowel de fracties van Brede Horizon, FvD, ONS en VVD hebben hierop in de raadsvergadering van 1 april 2026 afwijkende appreciaties gegeven. Echter, zonder deze 2 varianten te laten vallen. Op verzoek heeft de fractie van PU aangegeven dat zij bereid zijn vanuit het gehoorde vertrouwen en bestuurbaarheid om in de volgende fase van informatie met de fractie van CU-SGP en CDA de coalitiebereidheid te onderzoeken, zonder op de uitkomst vooruit te kunnen lopen. De fracties van CU-SGP en CDA hebben ingestemd met deze 2 varianten.
In deze behandeling is op initiatief van de fracties van ONS en VVD, in zekere mate ondersteund door andere fracties, zoals Forum voor Democratie en Brede Horizon, aan de CDA-fractie verzocht om ook een andere variant in de verkenningsfase te onderzoeken, te weten: CDA, PU, ONS en VVD. Na enig overleg heeft de CDA-fractie de ruimte gevonden om in een verlengde verkenningsfase met dit verzoek te kunnen instemmen. Gespreksronde: Verlengde verkenningsfase Op donderdag 9 april 2026 zijn opnieuw alle fracties uitgenodigd om over deze variant CDA, PU, ONS en VVD als eerste hun opvatting te geven en daarbij de 2 varianten te betrekken. Wel wil de verkenner nog vermelden dat aan de hand van de volgende items de gesprekken zijn gevoerd: mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA; beoordeling van de 4 combinaties van de partijen; nadere duiding van eerdere gesprekken; mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname; beoordeling van combinaties door een niet genoemde partij en rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties).
Voor een uitgebreid verslag in deze verlengde verkenningsfase wordt verwezen naar bijgaande verslagen van de afzonderlijke gesprekken met de vertegenwoordigers van de fracties. De verkenner beveelt deze verslagen van harte aan, omdat fracties werkelijk een gedifferentieerd en ander beeld van argumenten laten zien in deze fase 2 ten opzichte van fase 1. In algemene zin zien ook in deze verlengde verkenningsfase alle fracties, PU, CU-SGP, ONS, FvD, PRO, VVD en Brede Horizon mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA. Hierbij gaat het om vanuit de eerste gesprekken om deze aanduidingen, namelijk de grootste partij van deze gemeenteraadsverkiezingen (alle fracties), inhoudelijk en constructieve partner en vertrouwen in kandidaat wethouder (Brede Horizon), zoeken naar inhoudelijke overeenkomsten (FvD), logische basis (VVD), openstaan voor samenwerking bij inhoudelijke ruimte (PRO), pragmatisch en bestuurlijk betrouwbaar (ONS), inhoudelijk dicht bij elkaar (CU-SGP) en programmatisch meest logisch (PU). Voor alle duidelijkheid volgen nu nog de diverse combinaties uit de eerste ronde gesprekken op een rijtje.
Resumé: 1. CDA, PU, CU-SGP, en mogelijk als 4de partij ONS of VVD: Deze combinatie wordt door partijen gedifferentieerd beoordeeld, voor het CDA, als het meest recht doen aan de verkiezingsuitslag met de grootste 3 partijen en VVD als ‘historisch dichtbij’ of ONS vanwege stemmenwinst, wel afhankelijk van bestuurlijke stabiliteit; voor PU anders, namelijk programmatisch logisch in de volgorde CDA, PU, VVD met daarin bovenop een 4de partij, namelijk CU-SGP is een reële optie of ONS indien bestuurlijke stabiliteit aanwezig is; voor CU-SGP met CDA, PU, als grootste 3 partijen en VVD als logisch en stabiel. Voor de VVD ligt deze combinatie voor de hand, waarbij er twijfels zijn bij ONS vanuit vorige periode, inhoudelijk past ONS wel goed. De fractie van FvD noemt ONS, als programmatisch dichtbij en zoekt inhoudelijke overeenkomsten met CDA. De FvD heeft wel harde randvoorwaarden (of breekpunten) op terrein van migratie, integratie en asielzoekers. De fractie van PRO ziet een andere ontwikkeling die van belang is om verder te kijken dan deze raadsperiode vanuit o.a. duurzaamheid en minimabeleid, als ook ruimte voor de Raad. Eveneens heeft PRO een zorgvuldig financieel afwegingskader gepresenteerd. PRO noemt 2 gelijkwaardige combinaties CDA, PU, CU-SGP en PRO óf CDA, CU-SGP, PRO, Brede Horizon en VVD.
Brede Horizon noemt als combinatie ook de 3 grootste fracties CDA en CUSGP (stabiliteit) en PU (vernieuwing) met eventueel Brede Horizon vanuit maatschappelijke ontwikkelingen als o.a. wendbaarheid. Tot zover de combinaties uit de eerste ronde gesprekken. Nu de feitelijke analyse van iedere fractie in de verlengde verkenningsfase met daarin de combinaties CDA-PU-CU/SGP-ONS of CDA-PU-CU/SGPVVD en CDA-PU-ONS-VVD. Brede Horizon: De combinatie CDA en CU-SGP als motorblok roept terughoudendheid op vanwege het verleden en te dominant wordt ervaren. Ondanks veranderingen bij het CDA en deels de CU-SGP blijft zorg over bestuursstijl, die traditioneel en weinig wendbaarheid wordt ervaren. Voor stabiliteit is vooral wendbaarheid verbonden, omgaan met onzekerheden en ruimte voor nieuwe perspectieven. Vanuit deze motivering volgt de richting, namelijk dat het CDA inhoudelijk als constructieve partner wordt gezien, heeft verkiezingen gewonnen en wordt gewaardeerd. De wethouder van de VVD wordt gewaardeerd zichtbaar, innovatief en open in functioneren en de VVD wordt gezien als een partij met vooruitstrevende ideeën en een goede reputatie, waardoor samenwerking perspectief biedt.
Gezien de vrees van een te traditionele benadering en kijk op de maatschappij door CU-SGP die onvoldoende aansluit bij de wendbaarheid van de komende jaren, verdient de bestuursstijl in combinaties van respectievelijk CDA, PU, CU-SGP, ONS of CDA, PU, CU-SGP, VVD de aandacht. Ten aanzien van ONS is er onvoldoende zicht op de beoogde wethouderskandidaat en wordt verwezen naar de eerdere coalitiebreuk, al ziet men programmatisch wel mogelijkheden. Alles afwegend ziet Brede Horizon combinaties van CDA en PU het meest aansluiten bij hun visie op wendbaarheid. Onmogelijkheden liggen bij combinaties waarin de bestuursstijl van CU-SGP te bepalend zou worden of waar onvoldoende duidelijkheid bestaat over de bestuurlijke invulling door ONS, terwijl de rol van de VVD als versterkend wordt beschouwd. In dat kader vraagt Brede Horizon in deze raadsperiode een bestuursstijl die ruimte laat aan de Raad. Een raadsakkoord, naast een coalitieakkoord wordt gezien als passend. Voorts staat Brede Horizon open voor deelname of gedogen, mits zij zich herkennen in het te vormen programma.
VVD Ook in deze verlengde verkenningsfase meldt de VVD dat de combinatie van CDA, PU, VVD de logische basis vormt, het meest stabiel en inhoudelijk passend is. Onderligend motief is hierbij de inhoud en de bestuursstijl en
hecht zelf aan een pragmatische niet betuttelende bestuursstijl, waarbij zij zichzelf ziet als een betrouwbare partner die in meerdere varianten kan meebewegen, mits de inhoud klopt. Een kansrijke variant is de combinatie CDA, PU, VVD, ONS. In de afweging programmatisch en qua bestuursstijl staat ONS dichter bij dan CU-SGP, terwijl bij die partij grote verschillen zijn in programma en bestuursstijl. Eén andere opvatting over de rol van de overheid en autonomie wordt dan genoemd. Combinaties met PRO worden eveneens weinig passend gezien, ook die partij ligt programmatisch net zo ver weg als CU-SGP. Ten aanzien van FvD staat VVD neutraal. De VVD geeft aan geen blokkades richting andere partijen te hebben uitgesproken, maar dat er een groot verschil bestaat tussen hun voorkeursoptie en minder passende varianten. Samenwerking met CU-SGP is mogelijk, maar kent duidelijke belemmeringen vanwege grote inhoudelijke verschillen. Kort en goed: CDA-PU-VVD (basisvariant) met ONS (voorkeursvariant met 4de partij). PRO De door de raad genoemde variant CDA-PU-ONS-VVD ziet PRO niet als hun voorkeursoptie. PRO erkent wel dat deze variant ‘beweging’ laat zien en wil daarom breder kijken dan één raadsperiode. Van belang is om te weten wat de gezamenlijke stip op de horizon voor partijen wordt.
Stabiliteit is voor hen meer dan bestuurlijke rust het gaat om richting, lange termijn en inhoudelijke samenhang. PRO staat open voor samenwerking met CDA, maar benadrukt niet 4 jaar te willen ageren tegen een coalitie: Er moet inhoudelijk ruimte zijn. PRO maakt de volgende afweging per combinatie: CDA-PU-ONS-VVD kijkt vooral naar ‘hier en nu’, minder naar lange termijnopgaven, zoals duurzaamheid, ziet risico’s van verrechtsing. Wel wordt benadrukt dat ONS op sociaal beleid soms dichterbij staat dan VVD. De variant CDA-PU-CU/SGP-VVD wordt gezien als ‘veilig’, maar mogelijk te behoudend en weinig toekomstgericht. Zo ontstaat te weinig ruimte voor vernieuwing en bestaat het risico dat ‘een stap terug’ wordt gezet. Bij de varianten CDA-PU-CU/SGP-ONS/VVD zijn er vergelijkbare kanttekeningen. Wel ziet PRO dat CU-SGP dichter op minima beleid bij hen staat dan de VVD en dat ONS op sociaal beleid soms beter aansluit dan VVD. Gezien de inhoudelijke ruimte voor thema’s als duurzaamheid, sociaaleconomische gezondheidsverschillen, lange termijn visies en gezamenlijke ‘stip op de horizon’ ziet PRO samenwerking met CU-SGP
mogelijk. Met PU kan volgens hen een progressieve koers worden gevaren. Samenwerking met ONS is mogelijk, ondanks dat ONS traditioneler en conservatiever is op thema’s als statushouder, opvang en re-integratie. Ook met de VVD kan op thema’s goed worden samengewerkt, maar waar op financieel beleid zorgen bestaan. Deze afwegingen leiden voor PRO tot 2 gelijkwaardige voorkeurzopties met inhoudelijke ruimte, balans en mogelijkheden tot versterken van lange termijn beleid: CDA-CU/SGP-PU-PRO; en CDA-CU/SGP-PRO-Brede Horizon-VVD. Forum voor Democratie (FvD) Vanuit de verkiezingsuitslag ziet FvD het logisch dat CDA, die de grootste partij, dat varianten worden onderzocht waarin CU-SGP niet als vaste partner wordt meegenomen. FvD staat open voor samenwerking met CDA en geeft aan bereidheid te zoeken naar inhoudelijke overeenkomsten. FvD wil graag geraadpleegd worden bij schrijven van coalitieakkoord. In dat verband spreekt FvD een duidelijke voorkeur uit voor de combinatie van CDA-PU-ONS-VVD sluit het beste aan bij verkiezingsuitslag en bij inhoudelijke nabijheid. ONS staat het dichtste bij, gevolgd door VVD. Combinaties met CU-SGP worden beoordeeld als minder passend, staat te ver inhoudelijk van FvD af. Hetzelfde geldt voor PRO en Brede Horizon.
Naast deze voorkeursvariant ziet FvD vanuit de verkiezingswinst qua zetelstijging ook een combinatie van CDA-FvD-PU-ONS als recht gedaan te worden aan de kiezersuitslag. Kort en goed luidt de voorkeur voor FvD: 1. CDA-PU-ONS-VVD (uitgesproken voorkeur); 2. CDA-FvD-PU-ONS. ONS ONS geeft aan dat de verhoudingen inmiddels zijn besproken in informele gesprekken met PU en VVD, waarbij het vertrouwen is hersteld. ONS benadrukt dat de variant CDA-PU-VVD-ONS goed aansluit bij de programmatische afstand tot CU-SGP en bij de onderlinge pragmatische bestuursstijl van deze 4 partijen. Daarmee is het de meest logische combinatie, vooral door de levensbeschouwelijke en normerende insteek van CU-SGP, die een meer betuttelende bestuursstijl heeft. Combinaties met PRO worden weinig realistisch gezien en ‘ver weg’, onder meer vanwege ideologische verschillen. De variant VVD-PRO-CDA-CU/SGP wordt ‘veel succes en wijsheid’ toegewenst, omdat niemand PRO noemt als serieuze optie.
ONS staat open voor samenwerking met FvD, zowel programmatisch als eventueel in een gedoogconstructie, waarbij wel wordt aangegeven dat zij FvD nog onvoldoende kennen op politiek niveau. ONS wil benadrukken dat een coalitie moet aansluiten bij het geluid van de bevolking en recht doet aan de verkiezingsuitslag. Zij wijzen er op dat er 8 zetels op rechts zijn en met de VVD erbij 11, hetgeen pleit voor een combinatie aan de rechterkant van het spectrum. In dat kader komt ONS tot de volgende combinatie, recht doet aan de uitslag en aan de programmatische nabijheid: CDA-PU-VVD-ONS als voornaamste voorkeur. Mogelijke vervolgopties, doch geen specifieke ONS-voorkeur: CDA-PU-VVD als basis, waarna ONS of CU-SGP kan worden toegevoegd; CDA-PU-ONS-VVD, met Brede Horizon als gedoogvariant; CDA-PU-ONS-VVD-FvD als mogelijk, wel afhankelijk van nadere kennismaking. Combinaties met CU-SGP of PRO worden als minder passend gezien. CU-SGP Met een statement begint de fractie van CU-SGP, namelijk dat de raadsvergadering van 1 april 2026 als verwarrend en teleurstellend is ervaren. Verwacht werd dat op basis van de gespreksverslagen de 3 grootste partijen CDA-PU-CU/SGP logisch als eerste zou worden verkend, aangevuld met VVD of pas daarna met ONS. De plotselinge verschuiving richting de variant CDA-PU-VVD-ONS kwam onverwacht en gaf een ‘zure nasmaak’.
Van belang is dat CU-SGP openstaat voor constructieve samenwerking, waarbij zij het belangrijk vinden dat het CDA nu richting geeft. Voorts dat ONS qua mensbeeld, visie op de samenleving en bestuursstijl verder van hen af staat, maar niet uitsluit. PRO ligt inhoudelijk dichter bij dan ONS. Samenwerking met PRO is mogelijker dan met ONS, de visie en het mensbeeld van PRO staat dichter bij CU-SGP. In dat kader wijst CU-SGP de variant VVD-ONS-PU-CDA expliciet af, omdat deze variant niet past bij de verkiezingsuitslag, als instabiel wordt ervaren gelet op de afgelopen 4 jaar en inhoudelijk onlogisch is en daarmee risico’s kent vanwege de eerdere instabiliteit rond ONS.
Voorts constateert CU-SGP uit de gespreksverslagen dat hun kandidaatwethouder veel vertrouwen heeft, maar niet werd uitgesproken in het debat van de raadsvergadering van 1 april 2026. Onterecht ook dat zij zijn weggezet als ‘achterkamertjespolitiek’, zij het verkenningsproces zuiver hebben doorlopen en inbreng hebben geleverd.
Met het oog op Bestuurlijke vernieuwing merkt CU-SGP op dat zij openstaan voor participatie-Instrumenten en het versterken van de burgerbetrokkenheid door ideeënmarkten en ruimte geven aan dorpen en wijken om zelf taken over te nemen. Van essentieel belang merkt CU-SGP nog op dat zij niet begrijpen waarom CDA en CU-SGP als te hecht worden gezien. Afgelopen 4 jaar heeft CU-SGP met alle partijen in de raad samengewerkt. Concluderend geeft de partij aan hoe dan ook betrouwbaar, stabiel en constructief te zijn naar wie dan ook, in welke samenwerking dan ook. Zo komt CU-SGP tot een duidelijke volgorde: CDA-PU-CU/SGP-VVD als voorkeursvariant; CDA-PU-CU/SGP-ONS (mogelijk, maar met duidelijke aandachtspunten); CDA-PU-ONS-VVD (instabiel, minst passend) Varianten met PRO zijn mogelijker dan varianten met ONS, maar worden niet als eerste keuze genoemd. PU Ook PU begint met de gebeurtenissen van de afgelopen week als ‘bijzonder’ en ongemakkelijk zijn ervaren. Wel inmiddels in informele gesprekken met VVD en ONS hebben uitgesproken. Ook door opmerkingen tijdens de raadsvergadering van 1 april 2026 van andere partijen over het vermeend ‘motorblok’ tussen CDA, CU-SGP en PU. Voor PU was het een nader te opzoeken scenario, wat ook is uitgesproken, geen voorkeursscenario. PU spreekt een duidelijke voorkeur uit voor CDA-PU-VVD met daarin boven een 4de partij, CU-SGP of ONS.
Deze variant wordt programmatisch het meest logisch gevonden, waarvan al acte in het eerste gesprek. Bij de laatste 2 partijen ziet PU verschillen. CU-SGP wordt geassocieerd met meer regie en regels, heeft een andere rolopvatting over wat de overheid in het leven van mensen moet doen, wat als betuttelend kan worden ervaren. ONS heeft enkele standpunten die PU niet zal overnemen, maar dit vormt geen belemmering voor samenwerking en wil duidelijkheid over de bestuurder. PU ziet PRO als een mogelijke samenwerkingspartner, vanwege goede ervaring in de laatste raadsperiode, meent echter wel dat meer moet denken in haalbaar en betaalbaar als het gaat over klimaat en duurzaamheid richting een eventueel coalitieakkoord. Naar het CDA toe wordt gevraagd welke combinaties voor hen logisch zijn. Vooral wanneer CDA en CU-SGP elkaar vasthouden en waarom CU-SGP dan onmisbaar is. Met CU-SGP is samenwerking niet uitgesloten, maar PU ziet meerdere programmatische verschillen.
Voorts is samenwerking met PRO mogelijk, maar vraagt tegemoetkomingen op klimaat en duurzaamheid. PU wil benadrukken dat zowel politiek als bestuurlijk belangrijke voorwaarden zijn. Hierbij komt PU tot een beoordeling van combinaties, waarbij zij het minst aansluiten bij CU-SGP, die zij programmatisch als ‘vreemde eend in de bijt’ zien in de combinatie PU-CDA-VVD. Weliswaar ziet PU dat ONS en CUSGP onderling van elkaar af staan, wat invloed heeft op de haalbaarheid van combinaties waarin beide voorkomen. Vier is stabieler dan vijf, maar dat vijf partijen mogelijk is wanneer het akkoord op hoofdlijnen wordt opgesteld. Resumerend geeft PU de volgende duidelijke rangschikking aan: CDA-PU-VVD als programmatische basis; CDA-PU-VVD-ONS of CDA-PU-VVD-CU/SGP, afhankelijk van inhoudelijke gesprekken. PU ziet CDA-PU-VVD-ONS als een haalbare variant, al eerder genoemd. CDA Het CDA begint eveneens met het toevoegen dat de combinatie van CDAPU-ONS-VVD in de afgelopen week veel onduidelijkheid heeft veroorzaakt, waardoor het lastig werd om het politieke speelveld helder te krijgen. Zij blijven achter hun uitgangspunt staan: een stabiele en constructieve coalitie. In dat kader vindt het CDA de variant CDA-PU-ONS-VVD onvoldoende recht doet aan de verkiezingsuitslag en het zetelaantal.
Het CDA wijst er op dat naast PU ook CU-SGP 5 zetels heeft en dat er inhoudelijke geen reden is om de VVD de voorkeur te geven boven CU-SGP. Tevens wordt benadrukt dat programmatisch zij met zowel VVD als CU-SGP kunnen samenwerken. Begrip bestaat voor het CDA dat de extra variant is ingebracht, maar kan deze niet goed uitleggen richting de kiezer. Voorts ziet het CDA CU-SGP als een partij waarmee zij programmatisch dicht bij elkaar staan en noemt de christelijke levensbeschouwing, die in de praktijk weinig tot geen belemmering vormt. ONS wordt eveneens programmatisch dichtbij genoemd, wel bestaan er vragen bij de bestuurlijke stabiliteit. Herkent wordt dat ONS zich heeft ingespannen om een geschikte wethouderskandidaat te vinden, in de vorige periode, en daarin bestuurlijke verantwoordelijkheid wil nemen. Bovendien heeft ONS stemmen gewonnen en daarom moet samenwerking worden verkend. Opgemerkt mag ook worden dat ONS heel duidelijk de ambitie heeft uitgesproken een constructieve bestuurderspartij te willen zijn. Verschillen bestaan op mensbeeld rond migratie en integratie. Ten aanzien van de VVD wordt gesteld dat die partij ideologisch dichtbij het CDA staat en wordt gezien als constructieve partner.
Inhoudelijk sterk wordt PRO genoemd, en ook dichterbij het CDA staat, maar minder passend bij de verkiezingsuitslag.
Over FvD wordt aangegeven dat samenwerking in de Raad wel mogelijk is, maar niet wordt gezien als coalitiepartner vanwege grote verschillen op migratie en uitvoering van wetten. Eveneens geeft het CDA verrast te zijn door de opstelling van Brede Horizon in de raadsvergadering van 1 april 2026 met de suggestieve beweringen over ‘achterkamertjes’. Daarnaast stelt het CDA dat er geen programmatische belemmering met Brede Horizon is om te samenwerken. Wel wil het CDA opmerken dat zij de opstelling van PU in het debat in diezelfde raadsvergadering als onverwacht en moeilijk te plaatsen hebben ervaren, omdat PU eerder expliciet had uitgesproken dat samenwerking met CDA en CU-SGP logisch was en zij wilden investeren in deze samenwerking. Ook vindt het CDA dat uit de gespreksverslagen toch duidelijk vertrouwen van andere partijen in CU-SGP als logische coalitiepartner blijkt en is daardoor verrast dat in het debat wat anders wordt gesuggereerd. Met de opvatting dat CU-SGP normatief of betuttelend zou zijn, herkent het CDA zich niet, want in het verleden heeft CU-SGP meebewogen op bijvoorbeeld de koopzondag. Resumerend: Het CDA ziet samenwerking met PU-CU/SGP-VVD en ONS als mogelijk, waarbij wordt benadrukt dat de democratische verkiezingsuitslag leidend moet zijn.
Partijen met vijf zetels kunnen niet zonder duidelijke reden worden uitgesloten, het CDA noemt dat bestuurlijk betrouwbaar, continuïteit en democratische waarden als belangrijke randvoorwaarden. Wat hier van belang is dat het CDA van opvatting is dat de samenleving pluriform is en zeker snel verandert, zodat inwoners eerder en breder dienen te worden betrokken. Een coalitieakkoord op hoofdlijnen met slechts enkele scherpe prioriteiten, zoals gezonde financiën, helpt om flexibel te blijven en biedt in de Raad ruimte om richting te geven, debat en samenwerking. Als rangschikking geeft het CDA aan dat de 4 partijen met de meeste zetels verantwoordelijkheid behoren te nemen, de voorkeursvariant is: CDA-PU-CU/SGP-ONS, wat de eerst te verkennen combinatie is in de informatiefase. Daarna volgt de optie met de VVD als 4de partij. Het CDA ziet om de combinaties als volgt te waarderen, langs de lijnen van stabiele en constructieve coalitie, recht doen aan de verkiezingsuitslag en
programmatische verschillen. De verwachting is dan dat de variant met CDAPU-CU/SGP-ONS als beste naar voren komt.
Advies verlengde verkenningsfase van de verkenner: Graag wordt in het kort samengevat wat in de eerste verkenning voor de Raad van de gemeente Noordoostpolder essentieel van belang is om vanuit de verkiezingsuitslag mee te nemen in de nieuwe raadsperiode. Redelijk eensgezind is genoemd, de wijze waarop fracties constructief samenwerken in de Raad om op de inhoud programmatisch de bestuurbaarheid verder weet te dienen en weet te brengen. Deze attitude van samenwerking, respect en verbinding als duale bestuursstijl verdient voortgang in deze nieuwe raadsperiode. In de eerste verkenningsperiode lag vanuit de verkiezingsuitslag voor het CDA de taak om invulling te geven aan de verkenning. In die fase van gesprekken lag de nadruk op de inhoud, zoals wonen, jeugdzorg, minima beleid, 2040 als stip op de horizon, bewaking gezonde financiën en bestuursstijl tussen Raad, met de mogelijke coalitie en verhouding met het college. In die fase is geconcludeerd dat de combinatie CDA-PU-CU/SGP als de grootste 3 partijen met mogelijk ONS of mogelijk VVD verdere verkenning verdient. Door het debat in de raadsvergadering van 1 april 2026 werd door ONS en VVD, gesteund door andere fracties, zoals Forum voor Democratie en Brede Horizon een dringend verzoek aan het CDA om ook een andere variant toe te voegen, namelijk CDA-PU-VVD als basis met ONS als vierde partij.
Vanuit verkenningsoogpunt is met vertegenwoordigers van alle partijen opnieuw apart gesproken.In deze verlengde verkenningsfase is nagenoeg de volle nadruk komen te liggen op deze 3 combinaties of varianten van combinaties. In deze besprekingen heeft de verkenner waargenomen dat een significante wijziging heeft plaatsgevonden, namelijk van de ene combinatie van CDAPU-CU/SGP - met mogelijk ONS of - mogelijk VVD naar een variant zonder CU/SGP. Voor de duidelijkheid het gaat in de kern om de variant CDA, PU, VVD en ONS met als combinatie van CDA, PU, VVD, als basisvariant daarenbovenop een vierde partij als ONS. Wat door ONS evenals VVD respectievelijk duidelijk wordt uitgesproken als voornaamste voorkeur danwel als voorkeursvariant. Deze variant wordt gesteund door Forum voor Democratie. Wel merkt PU hierbij op dat het de voorkeursvolgorde heeft van CDA, PU, VVD als programmatisch basis en staat open voor zowel CU-SGP of als vierde partij ONS, maar ziet verschillen. In die voorkeursvolgorde noemt PU
de combinatie CDA, PU, VVD en ONS. Pas daarna CDA, PU, VVD en CUSGP, afhankelijk van inhoudelijke gesprekken.
Wel wil de verkenner uitdrukkelijk bij deze combinatie van CDA, PU, VVD en ONS, zonder mogelijk CU-SGP, nog aantekenen dat hierover door de fracties van PU, VVD en ONS geen overleg met het CDA is geweest. Overigens, evenmin om deze combinatie met CDA en CU/SGP rechtstreeks of direct aan de verkenningstafel elkaar hierover te informeren danwel te bespreken. Dat benoemt de verkenner niet het juiste uitgangspunt als het om een stabiele en constructieve coalitie gaat. Uiteraard heeft de verkenner deze door de Raad ingebrachte variant met de combinatie CDA-PU-VVD als basis variant met ONS als vierde partij besproken met alle fracties. In het eerder genoemde resumé van alle gesprekken met de vertegenwoordigers van de fracties zijn de argumenten in ruime mate belicht. Voor een uitvoerige verslaglegging zie de gespreksverslagen. De verkenner neemt hierbij waar dat 3 fracties CDA, CU-SGP en PRO de combinatie CDA-PU-VVD-ONS om aantal verschillende redenen er negatief uitkomt of expliciet afwijst, zoals vooral dat het onvoldoende recht doet aan de verkiezingsuitslag. Voorts dat er geen democratische reden is om een partij als de VVD met 3 zetels de voorkeur te geven boven een partij als CUSGP met 5 zetels. Dat is nauwelijks aan de samenleving uit te leggen. Voorts dat in afgelopen jaren de fractie van CU-SGP zich constructief en medewerking verlenend heeft opgesteld.
Vanuit PRO wordt opgemerkt dat deze combinatie vooral naar het kijkt naar ‘hier en nu’ en minder naar de lange termijn in algemene zin, met name als het gaat om duurzaamheid. De verkenner weegt bij deze combinatie CDA-PU-VVD-ONS ook af dat in aanmerking nemend de vorige raads- en collegeperiode een stabiele en constructieve coalitie met ONS, helaas nog niet in alle opzichten aantoonbaar is. Voorts dat een kenmerkend uitgangspunt in een stabiele en constructieve coalitie er juist bij bestaat dat in moeilijke issues en omstandigheden het overleg wordt gezocht en niet elkaar wordt verrast. In dat verband wijst de verkenner er op dat PU, VVD en ook ONS de variant CDA, PU, VVD en ONS niet met CDA en evenmin samen met CDA en CU-SGP hebben overlegd. Voorts dat in dit stadium van verkenning er wel programmatisch verschillen zijn, maar dat partijen geen blokkade benoemen of opwerpen. Kort en goed: Na ampele overwegingen ziet de verkenner voor deze combinatie van CDA, PU, VVD en ONS geen voorkeur. In dat verband is de al eerder aangegeven combinatie CDA-PU-CU/SGP met ONS of de VVD aan de orde.
Uit de bevindingen van de partijen merkt de verkenner op dat CDA-PUCU/SGP-ONS voldoen aan het recht van de verkiezingsuitslag. Immers, de grootste 3 partijen hebben ieder 5 zetels en ONS - met meer stemmen behaalde 4 zetels en vormen zo samen als mogelijke coalitie een reële meerderheid in de Raad met 19 zetels. Bovendien hebben de 3 grootste partijen aangegeven bestuursverantwoordelijkheid te willen nemen met kandidaat-wethouders en eerder bewezen een stabiele en betrouwbare partij, als ook een goede partner te zijn. Hiermee dienen de grootste 3 partijen in ieder geval het uitgangspunt van een stabiele en constructie coalitie. Voor ONS geldt dat in de overleggen aan en met de andere 3 fracties de ambitie getoond is om constructieve bestuurderspartij te willen zijn. Hiermee kan de samenwerking worden verkend. Weliswaar zijn er programmatische verschillen, maar geen van de partijen werpt in dit stadium obstakels op. Ook voor de PU niet als het om CU-SGP gaat, ondanks dat vertrouwen niet vanzelfsprekend blijkt. Wat de verkenner tot de conclusie en aanbeveling brengt: Om in de informatiefase deze eerste combinatie CDA-PU-CU/SGP-ONS echt te verkennen. Daarna volgt eventueel de optie met de VVD, 3 zetels, als vierde partij.
De verkenner wil bij de verdere gesprekken in alle fasen nadrukkelijk aangeven dat een stabiele en constructieve coalitie zich rekenschap dient te geven van de pluriforme en snel veranderende samenleving, waar wendbaarheid een bestuurlijke vaardigheid behoort te worden. Voorts dat een bestuursstijl wordt gehanteerd, die op samenwerking en met inwoners er eerder en breder erbij te betrekken gericht dient te zijn. Eveneens dat vanuit het oogpunt van de lange termijn, nadrukkelijk duurzaamheid haalbaar en realistisch aan de orde is. Graag mag de verkenner nog aangeven dat een coalitieakkoord op hoofdlijnen met scherpe prioriteiten helpt om flexibel te blijven en ruimte laat voor de Raad om richting te geven. Ik doe een appèl aan alle fracties om te kiezen voor het belang van de inwoners van uw gemeente en over uw grenzen heen te zien en recht te doen aan de verkiezingsuitslag in uw lokale democratie.
Tot zover. Noordoostpolder, 14 april 2026, Sjaak van der Tak, verkenner.
Gespreksverslagen op volgorde gesprekken Brede Horizon Wim van Wegen en Annet Schaap 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA Brede Horizon geeft aan dat een combinatie waarin CDA en CU/SGP als motorblok functioneren binnen hun achterban terughoudendheid oproept, vanwege ervaringen uit eerdere perioden waarin deze combinatie als te dominant werd ervaren. Hoewel men ziet dat zowel het CDA als deels de CU veranderd zijn, blijft er zorg over een bestuursstijl die als traditioneel en weinig wendbaar wordt ervaren. Voor Brede Horizon is stabiliteit vooral verbonden aan wendbaarheid, omgaan met onzekerheden en ruimte voor nieuwe perspectieven, en minder aan het vasthouden aan bestaande patronen. Het CDA wordt inhoudelijk als constructieve partner gezien; de partij heeft de verkiezingen gewonnen en wordt gewaardeerd. De VVD wordt gewaardeerd om de rol van wethouder Linda Verduin, die wordt beschreven als zichtbaar, innovatief en open in haar functioneren. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen Brede Horizon ziet CDA–PU–CU/SGP–ONS en CDA–PU–CU/SGP–VVD als combinaties waarin als de bestuursstijl en kijk op de maatschappij van CU/SGP te bepalend zou worden, dit aandacht verdient.
De partij vreest dat een te traditionele benadering door CU-SGP onvoldoende aansluit bij de opgaven die de komende jaren wendbaarheid vragen, hoewel er door Brede Horizon waardering is voor de verrichtingen van de CU-SGP in de gemeenteraad. Ook duidelijkheid over de bestuurlijke invulling door ONS is belangrijk In de varianten CDA–PU–ONS–VVD en CDA–CU/SGP–ONS–VVD speelt vooral de positie van ONS een rol: Brede Horizon heeft onvoldoende zicht op de beoogde wethouderskandidaat en verwijst naar de eerdere coalitiebreuk, al ziet men programmatisch wel mogelijkheden. De VVD wordt gezien als een partij met vooruitstrevende ideeën en een goede reputatie, waardoor samenwerking perspectief biedt. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken Brede Horizon benadrukt opnieuw dat de komende jaren vragen om een bestuursstijl die ruimte laat voor initiatief vanuit de raad. Een raadsakkoord, eventueel naast een kort coalitieakkoord, wordt gezien als passend bij de huidige fase en als middel om oude gevoeligheden tussen partijen te verminderen. De partij onderstreept dat vernieuwing, creativiteit, cultuur, jongeren en toekomstgericht beleid (richting 2040) belangrijke thema‟s zijn die in eerdere gesprekken al naar voren kwamen, net zoals de ideeënmarkt. 4.
Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname Brede Horizon staat open voor deelname of gedogen, mits zij zich herkennen in het te vormen programma. De partij vindt het essentieel dat iedere fractie in de raad een aandeel heeft, gezien de relatief gelijke grootte van de partijen. Randvoorwaarden zijn onder meer: een wendbare bestuursstijl, ruimte voor nieuwe perspectieven, en een coalitie die niet volledig dichtgetimmerd is. Onmogelijkheden liggen vooral bij combinaties waarin de bestuursstijl van CU/SGP te bepalend zou worden of waarin onvoldoende duidelijkheid bestaat over de bestuurlijke invulling door ONS. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij Brede Horizon geeft aan dat zij programmatisch met meerdere partijen uit de varianten uit de voeten kunnen, waaronder ONS en PRO, maar dat bestuurlijke betrouwbaarheid en duidelijkheid over wethouderskandidaten zwaar wegen. De VVD wordt positief beoordeeld, zowel inhoudelijk als bestuurlijk. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties) Hoewel Brede Horizon geen expliciete rangorde uitspreekt, blijkt uit de gesprekken dat combinaties met CDA en PU het meest aansluiten bij hun visie op wendbaar bestuur. Combinaties waarin CU/SGP een dominante rol speelt worden als minder passend gezien, terwijl de VVD als versterkend wordt beschouwd.
ONS is programmatisch mogelijk, maar bestuurlijk onzeker zolang de wethouderskandidaat onbekend is.
FVD Sandy IJntema en Jan van der Molen 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA Forum voor Democratie (FVD) ziet het als logisch dat, nu het CDA de grootste partij is, varianten worden onderzocht waarin CU/SGP niet automatisch als vaste partner wordt meegenomen. De partij verwijst naar de vorige periode, waarin PU de grootste was maar CDA en CU/SGP zich als blok opstelden. FVD vindt het daarom “fair” dat nu ook combinaties zonder CU/SGP worden bekeken. FVD staat open voor samenwerking met het CDA en geeft aan bereid te zijn te zoeken naar inhoudelijke overeenkomsten. De partij noemt daarnaast dat zij graag worden geraadpleegd bij het schrijven van een coalitieakkoord. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen FVD spreekt een duidelijke voorkeur uit voor de combinatie CDA–PU–ONS–VVD, omdat deze volgens hen het beste aansluit bij de verkiezingsuitslag en bij inhoudelijke nabijheid. ONS wordt gezien als de partij die het dichtst bij FVD staat, gevolgd door de VVD. Een alternatieve combinatie die FVD zelf aandraagt is CDA–FVD–PU–ONS, waarbij zij aangeven dat ONS qua kiezersmandaat en inhoudelijke nabijheid een logische partner is. Reden hier voor is omdat FVD gezien de uitslag de grootste is qua zetels stijging, daar mag niet aan voorbij gegaan worden en dan zou qua kiezersuitslag hieraan recht worden gedaan, vindt FVD.
Combinaties waarin CU/SGP voorkomt worden door FVD als minder passend beoordeeld, omdat deze partij volgens hen te ver van FVD af staat. Ook PRO en Brede Horizon worden genoemd als partijen die inhoudelijk verder van FVD af staan. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken FVD herhaalt dat het belangrijk is dat varianten zonder CU/SGP serieus worden onderzocht, mede vanwege de perceptie dat CDA en CU/SGP in eerdere perioden te veel als blok opereerden. De partij benadrukt dat het goed is dat de verkenner nu ook andere combinaties meeneemt. Daarnaast geeft FVD aan dat zij openstaan voor samenwerking met meerdere partijen, mits er inhoudelijke raakvlakken zijn en de coalitie recht doet aan de verkiezingsuitslag. 4. Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname FVD noemt bestuurlijke vernieuwing als belangrijk thema, waaronder bindende referenda, meer burgerbetrokkenheid en het verlagen van regeldruk. Daarnaast wordt opvang van asielzoekers als een zeer belangrijk onderwerp genoemd, waarbij FVD aangeeft dat dit goed in kaart moet worden gebracht en dat de mening van inwoners zwaar moet wegen. De partij ziet samenwerking met ONS en VVD als goed mogelijk, met PU eveneens. Onmogelijkheden liggen vooral bij CU/SGP, PRO en Brede Horizon, die volgens FVD te ver van hen af staan.
FVD wil bij het schrijven van een coalitieakkoord worden geraadpleegd, ook als zij niet deelnemen aan de coalitie. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij FVD geeft aan dat zij inhoudelijke raakvlakken zien met ONS op thema‟s als leefbaarheid, voorzieningen en veiligheid. De partij noemt dat er ondanks verschillen met CU/SGP op sommige onderwerpen wel samenwerking mogelijk is, bijvoorbeeld rond leefbaarheid in wijken, maar dat dit niet voldoende is om CU/SGP als logische coalitiepartner te zien. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties) Uit het gesprek blijkt dat FVD de volgende volgorde het meest logisch vindt: 1. CDA–PU–ONS–VVD (duidelijk uitgesproken voorkeur) 2. CDA–FVD–PU–ONS (door FVD zelf aangedragen als optie) 3. Varianten met VVD als alternatief wanneer ONS niet mogelijk is. Combinaties met CU/SGP worden als minst passend gezien.
PRO Lianne Mulder en Sandra Schrijver 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA PRO ziet dat de door de raad genoemde varianten (zoals CDA–PU–ONS–VVD) niet hun eigen voorkeursopties zijn, maar zij erkennen dat deze varianten “beweging” laten zien en dat het belangrijk is om breder te kijken dan één raadsperiode. De partij wil vooral weten waarom bepaalde varianten worden gekozen en welke gezamenlijke stip op de horizon partijen voor ogen hebben. Stabiliteit is voor hen meer dan bestuurlijke rust: het gaat om richting, lange termijn en inhoudelijke samenhang. PRO staat open voor samenwerking met het CDA, maar benadrukt dat zij niet vier jaar willen ageren tegen een coalitie; er moet inhoudelijke ruimte zijn. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen De variant CDA–PU–ONS–VVD wordt door PRO gezien als een combinatie die vooral naar het “hier en nu” kijkt en minder naar lange termijnopgaven zoals duurzaamheid. De partij ziet in deze variant risico‟s van “verrechtsing”, al benadrukken zij dat ONS op sociaal beleid soms dichter bij hen staat dan VVD. De variant CDA–CU/SGP–PU–VVD wordt als “veilig” gezien, maar mogelijk te behoudend en te weinig toekomstgericht. De partij vreest dat deze combinatie weinig ruimte laat voor vernieuwing en dat het risico bestaat dat er “een stap terug” wordt gezet.
Bij de varianten CDA–CU/SGP–PU–ONS/VVD ziet PRO vergelijkbare kanttekeningen: te veel focus op het bouwen van een coalitie zonder voldoende aandacht voor de lange termijn. Wel ziet de partij dat CU/SGP op minimabeleid dichter bij hen staat dan VVD, en dat ONS op sociaal beleid soms beter aansluit dan VVD. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken PRO benadrukt dat vervolggesprekken moeten gaan over inhoud, niet alleen over combinaties. Zij willen weten hoe partijen kijken naar duurzaamheid, sociaaleconomische gezondheidsverschillen, lange termijnvisies en de gezamenlijke stip op de horizon. De partij verwijst naar eerdere samenwerking met ONS en VVD, waarbij op sommige thema‟s goed kon worden samengewerkt, zoals zondagsopening en lange termijnvisies. Zij benadrukken dat een coalitieakkoord ruimte moet laten voor de raad en dat keuzevarianten bij de uitwerking van het akkoord kunnen helpen om breder draagvlak te creëren. 4. Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname PRO is bereid tot deelname aan een coalitie en wil bij de onderhandelingen onderzoeken waar inhoudelijke ruimte is voor thema‟s als duurzaamheid, sociaal beleid, gezondheidsverschillen en lange termijnvisies. Zij willen niet in een coalitie die vooral korte termijn keuzes maakt of waarin de som der delen onvoldoende versterkend werkt.
De partij ziet samenwerking met CU/SGP als mogelijk, ondanks verschillen in traditionele waarden. Met PU kan volgens hen een progressievere koers worden gevaren. Samenwerking met ONS is mogelijk, maar de partij ziet ONS als traditioneler en conservatiever op thema‟s als statushouders, opvang en re-integratie. Toch zijn er in de vorige periode goede afspraken gemaakt. De VVD wordt gezien als een partij waarmee op sommige thema‟s goed kan worden samengewerkt, maar waar op financieel beleid zorgen bestaan. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij PRO noemt twee varianten die door andere partijen niet zijn genoemd: CDA–CU/SGP–PU–PRO CDA–CU/SGP–PRO–BrH–VVD
Volgens hen bieden deze varianten een bredere mix, meer balans tussen links en rechts, en meer mogelijkheden om beleid te versterken vanuit meerdere perspectieven. Zij benadrukken dat een brede coalitie (bijvoorbeeld 21 zetels) ook ruimte moet geven aan de raad en dat groot–klein verhoudingen geen probleem hoeven te zijn. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties) PRO geeft twee gelijkwaardige voorkeursopties: -CDA–CU/SGP–PU–PRO -CDA–CU/SGP–PRO–BrH–VVD Beide varianten bieden volgens hen inhoudelijke ruimte, balans en mogelijkheden om lange termijnbeleid te versterken. De partij benadrukt dat samenwerking met zowel CU/SGP als PU mogelijk is, maar dat de inhoudelijke koers per combinatie verschilt. Varianten die sterk naar rechts neigen worden als minder passend gezien.
PU Toon van Steen en Alex Tuinenga 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA PU geeft aan dat de gebeurtenissen van de afgelopen week als “bijzonder” en soms ongemakkelijk zijn ervaren. PU benadrukt dat aan de gesprekken op Schokland zij een kater overgehouden hebben en dat zij dit in informele gesprekken met VVD en ONS hebben uitgesproken. Ook door opmerkingen tijdens de raadsvergadering van andere partijen over het vermeend “motorblok” tussen CDA, CU/SGP en PU. Het was voor de PU een nader te onderzoeken scenario wat is uitgesproken, geen voorkeursscenario. PU was verheugd in de gesprekverslagen van andere partijen terug te lezen dat zij worden gezien als een stabiele en betrouwbare partij en goede partner. De PU ziet zichzelf ook zo, en kan in meerdere varianten van toegevoegde waarde zijn. De PU benadrukt dat het verkenningsproces zuiver moet verlopen en dat het aan CDA is keuzes te maken. PU wil vanuit de eigen inhoudelijke lijn blijven meedenken en niet worden meegesleept in beeldvorming vanuit het proces. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen PU spreekt een duidelijke voorkeur uit voor CDA–PU–VVD, met daarbovenop een vierde partij (CU/SGP of ONS). Deze variant wordt programmatisch het meest logisch gevonden zoals ook aangegeven tijdens het eerste gesprek.
PU staat open voor zowel CU/SGP als ONS als vierde partij, maar ziet verschillen: CU/SGP wordt geassocieerd met meer regie en regels en heeft een andere rolopvatting over wat de overheid in het leven van mensen moet doen dan de PU, dit kan als betuttelend worden betiteld. ONS heeft enkele standpunten die PU niet zal overnemen, maar dit vormt volgens hen geen belemmering voor samenwerking. PU ziet PRO als een mogelijke samenwerkingspartner, mede vanwege goede ervaringen in de afgelopen periode, maar PRO moet meer denken in haalbaar en betaalbaar als het gaat over klimaat en duurzaamheid richting een eventueel coalitieakkoord. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken PU geeft aan dat de kritiek op het vermeende motorblok niet overeenkwam met hun eigen beleving van de gesprekken. PU was bereid een samenwerking verder te onderzoeken zonder dit te duiden als voorkeursvariant. Zij waren verrast door de interpretatie van BrH, PRO en ONS hierover tijdens de raadsvergadering. PU benadrukt dat programmatische inhoud leidend moet zijn. Zij vinden dat het CDA moet aangeven waarom bepaalde combinaties voor hen logisch zijn, vooral wanneer CDA en CU/SGP elkaar vasthouden. Waarom is volgens het CDA de CU/SGP onmisbaar. PU herhaalt wat zij eerder in het proces al hebben aangegeven dat over alles te praten valt, inclusief onderwerpen zoals de coffeeshop, dat is zogezegd geen breekpunt. 4.
Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname PU ziet samenwerking met CDA en VVD als programmatisch het meest passend, een basis. Een vierde partij kan aansluiten. Samenwerking met ONS is mogelijk; PU ziet geen principiële belemmeringen, maar wil duidelijkheid over de bestuurder. Samenwerking met CU/SGP is niet uitgesloten, maar PU ziet meerdere programmatische verschillen. Samenwerking met PRO is mogelijk, maar vraagt tegemoetkomingen op klimaat en duurzaamheid. PU benadrukt dat stabiliteit zowel politiek als bestuurlijk belangrijke voorwaarden zijn. Zo zien andere partijen de PU, dit kunnen en willen zij bijdragen aan een mogelijke coalitie.
5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij PU geeft aan dat zij het minst aansluiten bij CU/SGP, die zij programmatisch gezien als “vreemde eend in de bijt” zien in de combinatie met PU-CDA-VVD. PU ziet dat ONS en CU/SGP onderling verder van elkaar af staan, wat invloed heeft op de haalbaarheid van combinaties waarin beide voorkomen. Vier is stabieler dan vijf, maar dat vijf partijen mogelijk is wanneer het akkoord op hoofdlijnen wordt opgesteld. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties) PU geeft nu een duidelijke voorkeursvolgorde: CDA–PU–VVD (programmatische basis) CDA–PU–VVD–ONS of CDA–PU–VVD–CU/SGP (afhankelijk van inhoudelijke gesprekken)
PU ziet CDA–PU–VVD–ONS als een haalbare variant die in het eerste gesprek al werd genoemd en nog steeds mogelijk is.
ONS Bert-Jan Aling en Berthoo Lammers 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA ONS geeft aan dat het door de verkenner gearrangeerde informele gesprek op Schokland als onplezierig en ongemakkelijk is ervaren. Het voelde als een “tribunaal”. Zij voelden zich “uitgehoord” door drie partijen tegelijk en vonden dat er te vroeg om een wethouderskandidaat werd gevraagd. Dit zou pas bij de formatie aan de orde moeten komen. Dit heeft bij ONS een “kater” achtergelaten. De verkenner heeft aangegeven dat het voor de andere deelnemende vertegenwoordigers aan dit overleg moeilijk was om vanuit de vorige raadsperiode, beweegredenen naar deze periode te bespreken en de kaarten wat „bedekt werden gehouden‟. Desondanks ziet ONS dat de verhoudingen inmiddels zijn besproken in informele gesprekken met PU en VVD, en dat dit vertrouwen heeft hersteld. ONS benadrukt dat de variant CDA–PU–VVD–ONS goed aansluit bij de programmatische afstand tot CU/SGP en bij de onderlinge pragmatische bestuursstijl van deze vier partijen. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen ONS ziet CDA–PU–VVD–ONS (variant C) als de meest logische combinatie. Zij noemen dat CU/SGP programmatisch verder van hen af staat, vooral door de levensbeschouwelijke en normerende insteek.
Combinaties waarin CU/SGP voorkomt worden door ONS als minder passend gezien, omdat CU/SGP volgens hen een meer betuttelende bestuursstijl heeft (“wij weten wat goed voor u is, waarbij zelfredzaamheid bij de CU SGP minder hoog in het vaandel staat”). Combinaties met PRO worden als weinig realistisch gezien; ONS noemt PRO “ver weg”, onder meer vanwege ideologische verschillen. De variant VVD–PRO–CDA–CU/SGP wordt door ONS afgedaan als “veel succes en wijsheid”, omdat niemand PRO noemt als serieuze optie. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken ONS herkent zich niet dat in het eerste gesprek weinig is gezegd over mogelijke coalitie deelname. In het informele gesprek op Schokland zijn ze min of meer gedwongen om o.a. hun wethouders kandidaat op tafel te hebben gelegd om zo aan te kunnen tonen, dat ze bestuurlijke verantwoordelijkheid konden nemen. Ook is het dualisme om schokland nadrukkelijk aan de orde gekomen. Zij vinden dat dit te vroeg gebeurde, en niet thuishoort in de fase van de verkenning. De partij benadrukt dat de eerdere coalitiebreuk met PU en VVD volledig is besproken en dat dit geen belemmering meer vormt. ONS wijst erop dat zij in de vorige vergadering een motie hadden voorbereid voor CDA–PU–ONS–VVD, medeondertekend door Brede Horizon en FvD, wat volgens hen laat zien dat deze combinatie eerder al breed werd in de raad gezien als logisch. 4.
Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname ONS ziet samenwerking met CDA, PU en VVD als goed mogelijk. Zij noemen deze partijen pragmatisch en bestuurlijk betrouwbaar. Samenwerking met CU/SGP is lastiger vanwege de levensbeschouwelijke insteek en de normerende toon in het programma. Samenwerking met PRO is volgens ONS vrijwel uitgesloten, omdat PRO volgens hen ideologisch te ver af staat (“in de laatste vergadering sprak de fractieleider van PRO nog over “wij zijn woke”). ONS staat open voor samenwerking met FvD, zowel programmatisch als eventueel in gedoogconstructie, maar geeft aan dat zij FvD nog onvoldoende kennen op politiek niveau. Randvoorwaarden zijn: pragmatische samenwerking, geen normerende bestuursstijl, en een coalitie die recht doet aan de verkiezingsuitslag. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij ONS benadrukt dat een coalitie moet aansluiten bij het geluid van de bevolking en recht doet aan de
verkiezingsuitslag. Zij wijzen erop dat er 8 zetels op rechts zijn, en met VVD erbij 11, wat volgens hen pleit voor een combinatie aan de rechterkant van het spectrum. Zij vinden dat CDA–PU–VVD–ONS recht doet aan de uitslag en aan de onderlinge programmatische nabijheid. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties) Uit het gesprek blijkt de volgende voorkeur: CDA–PU–VVD–ONS (duidelijk uitgesproken als voornaamste voorkeur) Mogelijke vervolgopties, doch geen specifieke ONS voorkeur: CDA–PU–VVD (basis, waarna ONS of CU/SGP kan worden toegevoegd) CDA–PU–ONS–VVD–BrH (als gedoogvariant, eerder genoemd in motie) CDA–PU–ONS–VVD–FvD (mogelijk, maar afhankelijk van verdere kennismaking) Combinaties met CU/SGP of PRO worden als minder passend gezien.
VVD Linda Verduin en Jasper van Os 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA De VVD heeft in het eerste gesprek al aangegeven dat CDA–PU–VVD voor hen de logische basis vormt. In de afgelopen weken, mede door de gebeurtenissen op Schokland en de raadsvergadering, heeft de VVD opnieuw naar het speelveld gekeken. Zij concluderen dat deze basisvariant nog steeds het meest stabiel en inhoudelijk passend is. De VVD benadrukt dat zij vooral vanuit inhoud en bestuursstijl redeneren. Zij zien zichzelf als een partij die goed kan samenwerken met CDA en PU, en die waarde hecht aan een pragmatische, niet-betuttelende bestuursstijl. De VVD ziet zichzelf als een betrouwbare partner die in meerdere varianten kan meebewegen, mits de inhoud klopt. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen De VVD ziet CDA–PU–VVD–ONS als een kansrijke variant. Zij noemen dat ONS programmatisch en qua bestuursstijl dichter bij hen staat dan CU/SGP. Combinaties met CU/SGP worden als moeilijker beoordeeld, vanwege grote verschillen in programma en bestuursstijl. De VVD noemt dat CU/SGP een andere opvatting heeft over de rol van de overheid en autonomie. Combinaties met PRO worden eveneens als weinig passend gezien; PRO ligt volgens de VVD programmatisch net zo ver weg als CU/SGP.
De VVD ziet geen belemmeringen in de door hen aangedragen variant PU–ONS–VVD–CDA, die zij als inhoudelijk logisch beschouwen. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken De VVD geeft aan dat de gebeurtenissen op Schokland en in de raad hen hebben aangezet tot heroverweging, maar dat dit hun inhoudelijke lijn heeft bevestigd. Zij vinden dat de basis van CDA– PU–VVD consistent naar voren komt in gesprekken en verslagen. De VVD geeft aan dat zij in het eerste gesprek al hebben aangegeven dat ook een combinatie met ONS programmatisch prima passend zou zijn. De recente ontwikkelingen hebben dit beeld versterkt. De partij geeft aan dat zij geen blokkades hebben uitgesproken richting andere partijen, maar dat er een groot verschil bestaat tussen hun voorkeursoptie en de minder passende varianten. 4. Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname De VVD ziet samenwerking met CDA, PU en ONS als goed mogelijk. Zij noemen dat deze partijen programmatisch dicht bij elkaar liggen en een vergelijkbare bestuursstijl hebben. Samenwerking met CU/SGP is mogelijk, maar kent duidelijke belemmeringen vanwege grote inhoudelijke verschillen. Samenwerking met PRO is volgens de VVD zeer lastig, omdat PRO programmatisch ver van hen af staat. De VVD vindt dat een coalitieakkoord niet te veel moet worden dichtgetimmerd en dat ruimte voor de raad belangrijk is.
Zij zien weinig in een raadsakkoord als onderdeel van coalitieonderhandelingen, maar vinden de ideeënmarkt een goed instrument voor burgerbetrokkenheid. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij De VVD ziet dat CDA–PU–VVD–ONS zowel programmatisch als bestuurlijk kansrijk is. Zij benadrukken dat CU/SGP en PRO inhoudelijk verder van hen af staan. De VVD geeft aan dat zij geen belemmeringen zien in samenwerking met ONS, mede door de recente gesprekken en de pragmatische houding van ONS. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties)
De VVD geeft een duidelijke voorkeursvolgorde: CDA–PU–VVD (basisvariant) CDA–PU–VVD–ONS (voorkeursvariant met vierde partij) Varianten met CU/SGP of PRO worden als minder passend gezien.
CU-SGP Sjoerd de Boer en Yosef van der Horst 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA CU-SGP geeft aan dat de raadsvergadering als verwarrend en teleurstellend is ervaren. Zij hadden op basis van de gespreksverslagen verwacht dat de drie grootste partijen (CDA, PU, CU-SGP) logisch als eerste zouden worden verkend, aangevuld met VVD of ONS. De plotselinge verschuiving richting de variant CDA–PU–VVD–ONS kwam voor hen onverwacht en gaf een “zure nasmaak”. CU-SGP benadrukt dat zij openstaan voor constructieve samenwerking, maar dat zij het belangrijk vinden dat het CDA nu richting geeft. In dit gesprek geeft de verkenner informatie uit eerdere gesprekken met de opbrengst van de 3e gespreksronde. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen CU-SGP ziet als voorkeursvolgorde nog steeds de varianten waarin de drie grootste partijen samen starten, aangevuld met eerst VVD en pas daarna ONS. Zij noemen dat ONS qua mensbeeld, visie op samenleving en bestuursstijl verder van hen af staat, maar sluiten ONS niet uit. PRO ligt volgens CU-SGP inhoudelijk dichter bij hen dan ONS. De variant VVD–ONS–PU–CDA wijzen zij expliciet af, omdat zij deze niet vinden passen bij de verkiezingsuitslag, als instabiel wordt ervaren gezien afgelopen vier jaar en inhoudelijk onlogisch zien.
CU-SGP benadrukt dat de combinatie CDA–PU–VVD–ONS risico‟s kent, onder meer vanwege de eerdere instabiliteit rond ONS in de afgelopen bestuursperiode. 3. Nadere duiding van eerdere gesprekken CU-SGP geeft aan dat zij in de gespreksverslagen veel vertrouwen lazen van andere partijen in hun wethouderskandidaat, maar dat dit in het debat niet werd uitgesproken. Zij vinden dat zij onterecht zijn weggezet als “achterkamertjespolitiek”. Zij vinden dat ze tot nu toe het verkenningsproces zuiver hebben doorlopen en hun inbreng hebben geleverd. De verkenner wijst CU-SGP er op dat ONS hen stil vond op Schokland, maar leggen uit dat dit kwam door de setting en de manier waarop het gesprek verliep. CU-SGP benadrukt dat zij continuïteit belangrijk vinden: PU en VVD hebben bewezen wethouders, en CU-SGP ziet zichzelf als stabiele partner met bestuurlijke ervaring. 4. Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname CU-SGP ziet samenwerking met CDA, PU en VVD als logisch, mits het CDA deze richting kiest. Samenwerking met ONS is mogelijk, maar kent duidelijke aandachtspunten: -eerdere instabiliteit in de vorige periode -verschillen in mensbeeld en maatschappijvisie Samenwerking met PRO is mogelijker dan met ONS, omdat PRO volgens CU-SGP dichter bij hen staat op visie en mensbeeld.
CU-SGP benadrukt dat zij vertrouwen hebben in dit proces en dat het verkenningsadvies zorgvuldig moet worden opgebouwd op basis van gevoerde gesprekken: maar door inbreng van de nieuwe combinatie (CDA-PU-ONS-VVD) deelname door CU-SGP onzeker is geworden. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij CU-SGP vindt dat de drie grootste partijen (CDA, PU, CU-SGP) een democratisch en mathematisch logisch startpunt vormen. Zij zien dat andere partijen CU-SGP minder vaak noemen, maar begrijpen niet waarom CDA en CU-SGP door sommige partijen als “te hecht” worden gezien. Afgelopen vier hebben heeft CU-SGP met alle partijen in de raad samengewerkt.
CU-SGP benadrukt dat zij openstaan voor bestuurlijke vernieuwing, zoals participatie-instrumenten en het versterken van burgerbetrokkenheid door middel van de ideeënmarkt en ruimte geven aan dorpen en wijken om zelf taken over te nemen. Concluderend geeft de partij aan hoe dan ook betrouwbaar, stabiel en constructief te zijn naar wie dan ook in welke samenwerking dan ook. 6. Rangschikking naar voorkeur (inhoudelijke indicaties) CU-SGP geeft een duidelijke volgorde: CDA–PU–CU-SGP–VVD (voorkeursvariant) CDA–PU–CU-SGP–ONS (mogelijk, maar met duidelijke aandachtspunten) CDA–PU–VVD–ONS (instabiel, minst passend) Varianten met PRO zijn mogelijker dan varianten met ONS, maar worden niet als eerste keuze genoemd.
Gesprek CDA Marien van der Slikke en Hennie Bogaards 1. Mogelijkheden voor een stabiele en constructieve coalitie met het CDA Het CDA geeft aan dat het toevoegen van de combinatie CDA–PU–ONS–VVD in de afgelopen week veel onduidelijkheid heeft veroorzaakt, waardoor het lastig werd om het politieke speelveld helder te krijgen. Zij blijven echter achter hun uitgangspunt staan: een stabiele en constructieve coalitie. Het CDA vindt dat de variant CDA–PU–ONS–VVD onvoldoende recht doet aan de verkiezingsuitslag. Zij wijzen erop dat naast PU ook CU-SGP vijf zetels heeft, en dat er “inhoudelijk geen reden is om de VVD de voorkeur te geven boven CU-SGP”. Het CDA benadrukt dat zij programmatisch met zowel VVD als CU-SGP kunnen samenwerken. 2. Beoordeling van de vier combinaties van partijen Het CDA begrijpt dat de extra variant is ingebracht, maar kan deze niet goed uitleggen richting de kiezer. Zij vinden dat de combinatie CDA–PU–CU-SGP–ONS/VVD logischer aansluit bij zetelaantallen en inhoud. Het CDA ziet CU-SGP als een partij waarmee zij programmatisch dicht bij elkaar staan, en noemt dat de christelijke levensbeschouwing in de praktijk weinig tot geen belemmering vormt.
ONS wordt programmatisch dichtbij genoemd, maar het CDA heeft vragen bij de bestuurlijke stabiliteit, zij heeft gezien dat ONS zich heeft ingespannen om een geschikte wethouderskandidaat te vinden in de vorige periode en herkent daarin dat ONS bestuurlijke verantwoordelijkheid wil nemen. Daarnaast heeft ONS stemmen gewonnen en dat samenwerking daarom moet worden verkend. ONS heeft heel duidelijk de ambitie uitgesproken een constructieve bestuurderspartij te willen zijn. VVD staat ideologisch dicht bij het CDA en wordt als constructieve partner gezien. PRO wordt inhoudelijk sterk genoemd, maar minder passend bij de verkiezingsuitslag. FvD wordt niet als coalitiepartner gezien vanwege grote verschillen op migratie en uitvoering van wetgeving, maar samenwerking in de raad is wel mogelijk. CDA geeft aan verrast te zijn door de opstelling van BrH in de raadsvergadering met de suggestieve beweringen over achterkamertjes. Het CDA ziet geen programmatische belemmering in de samenwerking met BrH. Het CDA geeft aan dat zij de houding van PU in het debat als onverwacht en moeilijk te plaatsen hebben ervaren, omdat PU eerder expliciet had uitgesproken dat samenwerking met CDA en CU-SGP logisch was en zij wilden investeren in deze samenwerking. 3.
Nadere duiding van eerdere gesprekken Het CDA was verrast dat in het debat plotseling werd gesuggereerd dat CU-SGP geen logische coalitiepartner zou zijn. In de gespreksverslagen lazen zij juist vertrouwen van andere partijen in CU-SGP. Het CDA herkent zich niet in het beeld dat CU-SGP normatief of betuttelend zou zijn. Zij noemen dat CU-SGP in het verleden meebewoog, bijvoorbeeld bij de koopzondag. 4. Mogelijkheden, onmogelijkheden en randvoorwaarden voor deelname Het CDA ziet samenwerking met PU, CU-SGP, VVD en ONS als mogelijk, maar benadrukt dat de democratisch verkiezingsuitslag leidend moet zijn. Zij vinden dat partijen met vijf zetels niet zonder duidelijke reden kunnen worden uitgesloten. Het CDA noemt dat bestuurlijke betrouwbaarheid, continuïteit en democratische waarden belangrijke randvoorwaarden zijn. Het CDA benadrukt dat de samenleving pluriform is en dat een coalitieakkoord op hoofdlijnen nodig is, met ruimte voor samenwerking en debat in de raad. 5. Beoordeling van combinaties door een niet-genoemde partij Het CDA vindt dat de drie grootste partijen (CDA, PU, CU-SGP) een logisch startpunt vormen. Zij zien dat andere partijen CU-SGP minder vaak noemen, maar begrijpen niet waarom. Zij benadrukken dat