CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

Rvst Opties voor het aanbieden van de begrotingsresultaten 2024 – 2027.pdf

Commissie Bestuur, Financien, Veiligheid en Economie 25 september 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 3: Opties voor het aanbieden van de begrotingsresultaten 2024 – 20274.336 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

No. 23.0001036-1

Emmeloord, 19 september 2023. Onderwerp Opties voor het aanbieden van de begrotingsresultaten 2024 – 2027. Advies raadscommissie […] Aan de raad. Status: ter besluitvorming Voorgesteld besluit Optie vier (4) te kiezen als uitgangspunt voor het aanbieden van de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. Doelstelling Het college wil de raad aan de “voorkant” betrekken bij de wijze van aanbieden van de meerjarenprogrammabegroting 2024 - 2027. Inleiding Beleidsreferentie 1. Perspectiefnota 2024 – 2027 en bijbehorende verhelderende uitleg op de memo ‘Proces van perspectiefnota 2024–2027 naar meerjarenprogrammabegroting 2024–2027’. 2. Door college overgenomen MOTIE 2023-07-13zk, Onderwerp: PN – Begrotingsproces. De raad van de gemeente Noordoostpolder, in vergadering bijeen op 10 juli 2023, gehoord de beraadslagingen, overwegende dat de Perspectiefnota nu niet-sluitend is, van mening dat de raad, vanuit het budgetrecht en de kaderstellende rol, voorafgaand aan het aanbieden van de begroting in november, hier keuzes in wil maken, verzoekt het college een raadsvoorstel aan te bieden in de maand september 2023 met daarin keuzes voor het ombuigen naar een sluitende begroting, zodat de raad zelf de afweging kan maken en de kaders kan stellen.

Inleiding Bij het aanbieden van de perspectiefnota 2024 – 2027 werd duidelijk dat er met de toen bekende informatie rekening gehouden moest worden met tekorten voor de komende meerjarenprogrammabegroting 2024 - 2027. Naast de al bekende informatie, waren er nog diverse onzekerheden in kostenontwikkelingen, waarbij het netto effect zou kunnen leiden tot een verder oplopend tekort of juist een kleiner tekort. In de zomervakantie zijn analyses en berekeningen gemaakt voor alle budgetten, waar met bijzondere aandacht gekeken is naar de terreinen waar op voorhand onzekerheid bestond over de mate van houdbaarheid van de hoogte van de budgetten. Het ging bijvoorbeeld om het contract voor groenonderhoud, kosten voor ICT, personele kosten en kosten voor grootonderhoud van gebouwen en wegen. Nader onderzoek heeft uitgewezen dat de kosten van deze onderdelen sterker stijgen dan het percentage dat u voor inflatiecorrectie vastgesteld heeft. Voor onderhoud groen is dat een gevolg van gestegen kosten van lonen, materiaal en brandstoffen. Bij de jaarstukken 2022 heeft u als raad een reservering ingesteld voor de grootonderhoud gemeentelijke gebouwen, Museum Schokland en grootonderhoud voor wegen, straten en pleinen. Die resultaatbestemming zag er als volgt uit: Voorgesteld besluit 3. De gemeenteraad voorstellen: - Het jaarverslag en jaarrekening over het dienstaar 2022 vaststellen.

- Hierbij het positieve rekeningresultaat over 2022 ad € 10.395.252 als volgt te bestemmen: d. Toevoeging aan de reserve beleidsplan, oormerk groot onderhoud gemeentelijke gebouwen € 2.252.000.

No. 23.0001036-2 e. Toevoeging aan de reserve beleidsplan, oormerk groot onderhoud Museum Schokland € 251.000 f. Toevoeging aan de reserve beleidsplan, oormerk groot onderhoud wegen, straten en pleinen € 475.000, en Een herbeoordeling van de grootonderhoudplannen hebben uitgewezen dat het niet houdbaar is om de extra lasten als incidenteel aan te merken. Voor 2023 zijn de extra benodigde budgetten met de derde clusterkwartaalbegrotingswijziging meegenomen en voor de jaren 2024 en verder zijn de extra lasten in de primitieve begroting 2024 – 2027 opgenomen. Het aandeel van de bestemmingsreserves grootonderhoud kan hierdoor vrijvallen voor de jaren 2024 en verder. Echter, tijdens het opstellen van de begroting bleek er ook sprake van onvoorziene meevallers. Doordat er nu ingezet wordt op het inschrijven van arbeidsmigranten in het BRP (Basis Registratie Personen) was een afname voorzien van de opbrengst toeristenbelasting. De jaarstukken 2022 en data voor de prognose voor 2024 en verder, laten geen afname, maar een toename zien, ondanks dat zich ook arbeidsmigranten inschrijven in het BRP. Voor de berekende opbrengsten voor de OZB geldt dat de jaarrekening 2022, de realisatie van de begroting 2023 en de verwachtingen voor 2024 een positievere bijstelling van de OZB-opbrengsten vanwege areaaluitbreiding opleveren dan eerder bekend en geschat was.

Bij de jaarstukken 2022 was een deel van het rekeningresultaat te verklaren door een verhouding inhuurmedewerkers versus medewerkers in gemeentelijke dienst en een grotere hoeveelheid toegerekend uren aan de grondexploitatie dan begroot. Voor de komende jaren wordt ook verwacht dat meer uren en overhead aan de grondexploitatie toegerekend moet worden, wat een lagere last voor de exploitatie betekent. Tenslotte geeft een gewijzigde opzet van de algemene uitkering een positief effect voor de verdeelmaatstaven van de algemene uitkering, met name voor 2026. De som van posten met een negatief effect wordt voor het grootste deel opgeheven door de som van de posten met een positief effect op het begrotingsresultaat. Het opstellen van de begroting heeft plaatsgevonden door scherp op de lasten voor de te realiseren ambities te letten. Hierbij zijn de bestaande door de raad vastgestelde kaders als basis genomen. Verder is naar de realisatiecijfers gekeken van de afgelopen vier jaren. Wanneer naar de analyse van de afgelopen jaarrekeningen wordt gekeken, heeft het college al aangegeven dat het aandeel van het sociaal domein in de positieve resultaten, voor de begroting van 2024 nodig zouden zijn om de extra lasten te dekken. Het college heeft dat ook gedaan.

Een vergelijking tussen de via de bij de perspectiefnota behorende memo gepresenteerde ‘Geactualiseerde resultaten begroting na verwerking meicirculaire’ die in de gemeenteraadsvergadering van 10 juli besproken is, en de voorlopige uitkomsten van de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027, laat geen opmerkelijke afwijkingen zien, anders dan hiervoor expliciet toegelicht. De opvallendste en hiervoor beschreven afwijkingen hebben wij in de volgende tabel opgenomen. Tabel: chronologische verloop totstandkoming begrotingsresultaten Omschrijving 2024 Uitgangspositie start perspectiefnota 2024 – 2027, (= meerjarenprogrammabegroting 2023 – 2026 inclusief wijzigingen). Ontwikkelingen en ambities perspectiefnota 2024 – 2027. Berekende begrotingsresultaat zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 -2027 Totaal aan ‘besparingen’ (= maatregelen) zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 – 2027. Specificatie besparingen/maatregelen € 1.040.000: - inflatiepercentage verlagen - begrotingsuitgangspunt hanteren van 50.000 inwoners. - groot onderhoud gebouwen/wegen - kostendekkendheid leges Omgevingswet - toerekening overhead aan Grondexploitaties

€

45.679

2025 €

307.679

2026 €

307.679

2027 €

307.679

€ 2.501.500-

€ 2.701.000-

€ 2.617.000-

€2.617.000-

€ 2.355.821-

€ 2.402.321-

€ 2.309.321-

€2.309.321-

€ 1.040.000

€ 1.040.000

€ 1.025.000

€1.010.000

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

€ 380.000 p.m. € 300.000 € 260.000

€ 380.000 p.m. € 300.000 € 260.000

€ 365.000 p.m. € 300.000 € 260.000

€ 350.000 p.m. € 300.000 € 260.000

No. 23.0001036-3 - Wet inburgering (uren toerekenen) Berekende begrotingsresultaat, zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 – 2027 Vervolg Gepresenteerd begrotingsresultaat na verwerking meicirculaire in de memo bij de perspectiefnota* Voorlopige uitkomst begroting 2024 - 2027 op basis van structurele baten en lasten. 18092023

€ 100.000

€ 100.000

€ 100.000

€ 100.000

€ 1.315.8212024

€ 1.362.3212025

€ 1.284.3212026

€1.284.321-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€1.406.085-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€1.700.000-

Opvallendste afwijkingen tussen perspectiefnota en totstandkoming begroting Toename lasten voor de exploitatie (negatief effect op begrotingsresultaten) Groencontract Concern voor Werk. Als gevolg van hogere inflatie voor loon- en brandstofprijzen voor een nieuw contract. € 408.370 € 408.370 € Huur/onderhoud Hardware. Als gevolg van inflatie die uitstijgt boven de begrotingsrichtlijn voor inflatiecorrectie en een toename van hardware. € 286.595 € 286.595 € Abonnementskosten/licenties applicatie en telecommunicatie. Als gevolg van inflatie die uitstijgt boven de begrotingsrichtlijn voor inflatiecorrectie en toename in aantal. € 281.215 € 281.215 € Voorziening groot onderhoud Schokland. Uit de analyse van de herijking van de voorziening voor grootonderhoud Schokland blijken de extra lasten structureel. De middelen die hiervoor bij de jaarrekening 2022 voor de jaren 2024 en verder als incidenteel gereserveerd waren, vallen daarmee vrij in de reserve beleidsplan. € 49.000 € 49.00 € 0 Voorziening groot onderhoud gemeentelijke gebouwen. Uit de analyse van de herijking van de voorziening voor grootonderhoud gemeentelijke gebouwen blijken de lasten structureel. De middelen die hiervoor bij de jaarrekening 2022 voor de jaren 2024 en verder als incidenteel gereserveerd waren, vallen daarmee vrij in de € 448.000 € 448.00 € reserve beleidsplan 0 Voorziening groot onderhoud wegen.

Uit de analyse van de herijking van de voorziening voor groot-onderhoud wegen blijken de lasten structureel. De middelen die hiervoor bij de jaarrekening 2022 voor de jaren 2024 en verder als incidenteel gereserveerd waren, vallen € 78.000 € 78.00 € daarmee vrij in de reserve beleidsplan 0 Salarisbegroting. Een effect van een hoger bedrag aan indexatie van salarissen. € 100.000 € 100.00 € 0

2027

408.370

€

408.370

286.595

€

286.595

281.215

€

281.215

49.000

€

49.000

448.000

€

448.000

78.000

€

78.000

100.000

€

100.000

Afname lasten/toename baten voor de exploitatie (positief effect op de begrotingsresultaten) Gemeentefonds. Maatstaven geactualiseerd. € 80.000 € 484.500 € 1.606.053 € OZB (areaaluitbreiding 2022 + 2023). Naar aanleiding van jaarrekening 2022 en cohier 2023. € 607.000- € 607.000 € 607.000 € 607.000Toerekening overhead aan grondexploitaties. In € 740.000 € 740.000 € 740.000 € 740.000 verband met meer toerekening salariskosten aan grondexploitaties en gewijzigde verhouding voor overhead als gevolg van groter aandeel inhuur die direct toegerekend wordt aan de producten. Toeristenbelasting. Verwachting was dat de opbrengst zou afnemen vanwege het inschrijven

No. 23.0001036-4 van arbeidsmigranten in het BRP. Een analyse leert dat zowel het BRP als de toeristenbelasting toeneemt als gevolg van een toename van arbeidsmigranten. Egalisatie stand begroting. Het incidentele deel van de algemene uitkering voor de jaren 2024, 2025 en 2026 is ten opzichte van de vigerende meerjarenprogrammabegroting afgenomen. Het structurele aandeel van de algemene uitkering is toegenomen. 2027 was nog niet opgenomen.

€ -

300.000

€ 1.178.489 -

€ -

300.000

€ -

300.000

€ -

€ 1.137.482 -

€ -

81.790

€

300.000

-

Opties voor aanbieden meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 Onderstaand zijn de vijf opties weergegeven met een globale toelichting en de te verwachten reactie hierop van de toezichthouder (provincie Flevoland) in het kader van haar toezichthoudende rol. Per opties is aangegeven wat de provincie verwacht voor oordeel te geven bij de verschillende opties en het verwachte effect voor het toezicht. Optie 1: Ongewijzigde voorlopige uitkomst begroting 2024 - 2027 op basis van structurele baten en lasten De uitkomst op basis van het hanteren van het BBV voor verdeling van structurele baten en lasten. Deze optie geeft een meerjarenprogrammabegroting met een structureel tekort van € 1,7 miljoen. Deze optie zal op basis van het theoretisch kader voor de provincie een reden zijn om de begroting niet goed te keuren (kleuraanduiding rood). Het minimumvereiste, onder bepaalde condities is dat het eerste jaar een ‘structureel evenwicht’ kent voor de lasten en baten en dat is met deze optie niet het geval. Deze optie is onlogisch omdat er voor de jaren 2024 en 2025 middelen aan de reserve beleidsplan toegevoegd worden in verband met incidentele positieve begrotingsresultaten voor deze jaren. Bij deze optie wordt conform het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) de laagste uitkering in 2027 aangemerkt als structureel.

Het niveau dat voor de jaren 2024 en 2025 uitstijgt boven het structurele niveau komen wordt als incidentele component conform het beleid van gemeente Noordoostpolder toegevoegd aan de reserve beleidsplan. Optie 2: mix van de ongewijzigde voorlopige uitkomst begroting 2024 - 2027 op basis van structurele baten en lasten waarbij dit uitgangspunt voor 2024 niet gehanteerd wordt De begroting ‘sluit’ voor het jaar 2024 en laat voor de jaren 2025 en verder een tekort zien van € 1,7 miljoen. De sluitende begroting voor 2024 is voor de provincie geen aanleiding om de begroting niet goed te keuren. Het is ook geen reden om de begroting zodanig goed te keuren dat de gemeente een kleuraanduiding groen krijgt, wat inhoudt dat de begroting een structureel duurzaam evenwicht kent en een positieve invloed heeft op de wijze waarop de provincie toezicht houdt. De provincie zal bij deze optie, de begroting voorzien van een kleuraanduiding oranje. Optie 3: VNG-Advies De begroting laat een structureel evenwicht in lasten en baten zien voor de begrotingsjaren 2024 en 2025. Voor de jaren 2026 en verder is dat niet het geval. De VNG heeft in een brief van 14 juli aan haar leden geadviseerd om geen sluitende begroting te maken voor de jaren vanaf 2026.

Deze uitzonderlijke maatregel is volgens het bestuur nodig omdat de gemeentelijke financiën onvoldoende zijn voor het uitvoeren van het huidige takenpakket. Tijdens de Algemene Ledenvergadering (ALV) van de VNG op 14 juni jongstleden bleek dat een meerderheid van de gemeenten inmiddels bereid is om taken terug te gaan geven aan het rijk. Als het rijk niet nog in september van dit jaar de aangekondigde opschalingskorting en een andere miljardenbezuiniging op het gemeentefonds schrapt, komen er wat de gemeenten betreft zogeheten teruggeefgesprekken. Naar aanleiding van de uitkomst van de ALV heeft het bestuur van de VNG het kabinet gevraagd om erkenning van de financiële opgave waar gemeenten zich nog steeds voor gesteld zien. Tot heden heeft het demissionaire kabinet, dan wel de Tweede Kamer, nog geen reactie gegeven aan de gemeenten en is er ook nog geen berichtgeving geweest vooruitlopend op Prinsjesdag en de septembercirculaire. De provincie zal bij deze optie de begroting voorzien van een kleuraanduiding oranje.

No. 23.0001036-5

Optie 4: Structureel duurzaam sluitende meerjarenprogrammabegroting De begroting kent een structureel duurzaam evenwicht voor de gehele meerjarenbegrotingsperiode. De kanttekening is dat het college bij deze optie aan de raad voorstelt om in het jaar 2027 geen rente toe te rekenen aan de reserve beleidsplan. Zonder deze beleidsmaatregel sluit de begroting voor 2027 niet en ontstaat er een tekort van € 1,7 miljoen. Het college acht deze maatregel verdedigbaar voor de raad. Het is een keuze die de gemeenteraad mag maken. Of de gemeenteraad dat wil, is in afwachting van de plannen van het Rijk voor financiering van gemeenten en van de eigen ambities van gemeente Noordoostpolder in samenhang met de mogelijkheden de lasten daarvan structureel te dekken. Bij deze optie is er voor nu sprake van een ‘Simpsons paradox' met het oog op de trend van de algemene uitkering, die stelt dat er een positieve trend zou zijn met als vertrekpunt de huidige meerjarenprogrammabegroting 2023 – 2026 aangevuld met de voorlopige begrotingsresultaten voor 2024 – 2027. Echter, er is een negatieve trend waarneembaar wanneer de resultaten van alle jaren van de conceptbegroting 2024 – 2027, onderscheiden naar incidenteel en structureel, gecombineerd en integraal beoordeeld worden. Hiermee geven we aan dat het wel goed lijkt, maar feitelijk krijgen we steeds minder geld om de ambities uit te voeren.

Bij deze optie zal de provincie de begroting op basis van het theoretisch kader voorzien van een kleuraanduiding groen. Bij de perspectiefnota 2025 – 2028 zal op deze trend geanticipeerd worden door in te zetten op een integrale (her)beoordeling en weging van de doelstellingen in relatie tot de dekking van de lasten daarvan voor een structureel duurzaam begrotingsevenwicht. Het voorstel om geen rente toe te voegen aan de reserve beleidsplan is het inspelen op de situatie dat de reserve langdurig op een hoger peil blijft met de consequentie van een overeenkomende druk op de exploitatie om rente toe te voegen, die het laatste jaar voor het percentage relatief hoog is. De verklaring voor het hogere niveau van de reserve beleidsplan wordt voor het grootste deel gevonden in het later uitvoeren van ambities van de raad. De combinatie van de ontwikkeling van de begrotingsresultaten en de druk die deze rentetoevoeging legt op diezelfde exploitatie kan in het huidige tijdsgewricht als een oplossing gezien worden om enerzijds de bijeffecten van de cumulatie van uitgestelde ambities en anderzijds onzekerheid van de financiering van het Rijk op te heffen tot dat het Rijk duidelijkheid geeft voor de financiering van de begrotingsjaren 2026 en verder.

Gezien de omvang en verwachte ontwikkeling van de reserve beleidsplan acht het college de voorgestelde beleidsmaatregel om in 2027 geen rente toe te voegen robuust en verantwoord. Optie 5: Een structureel duurzaam sluitende begroting met een zekerheidsrisico Deze optie komt in grote lijnen op hetzelfde neer als optie vier. Het verschil zit in het begrotingsjaar 2027, waarbij voor 2027 gekozen wordt om evenwicht te presenteren door een onttrekking aan de reserve beleidsplan. Dit is een optisch evenwicht, in technische zin is er geen sprake van een evenwicht in structurele lasten en baten. Mogelijk zal de provincie bij deze optie, de begroting voorzien van een kleuraanduiding oranje, wat inhoudt dat het toezicht meer nabij is dan bij kleuraanduiding groen. De keuze is aan de raad; het college hanteert het coalitieaccoord: optie 4 Optie 1 is zowel politiek als financieel technisch niet uitlegbaar, omdat een hiermee meerjarenprogrammabegroting aangeboden wordt die niet voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording en niet past binnen het Coalitieaccoord. Het college presenteert de opties twee tot en met vijf aan de raad, en de raad vervolgens aan de provincie, als een meerjarenprogrammabegroting die ‘duurzaam sluitend’ is.

Het college schrijft in de aanbiedingsbrief van de begroting over haar ideeën en visie, vormgegeven in de context van de waarden, normen en overtuigingen van gemeente Noordoostpolder over reëel begroten.

No. 23.0001036-6

Tabel: vijf uitgewerkte opties Omschrijving Geactualiseerd begrotingsresultaat na verwerking meicirculaire* Voorlopige uitkomst begroting 2024 - 2027 op basis van structurele baten en lasten. 18092023

2024

2025

2026

2027

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€

46.000

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€

46.000

€

46.000

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€

46.000

€

46.000

€

46.000

€

46.000

€

46.000

€

46.000

€

46.000

€

46.000

Doorwerking opties 1 – 5 Optie 1: Ongewijzigde voorlopige uitkomst begroting 2024 - 2027 op basis van structurele baten en lasten. Rood. Preventief toezicht Optie 2: een mix van de ongewijzigde voorlopige uitkomst begroting 2024 - 2027 op basis van structurele baten en lasten waarbij dit uitgangspunt voor 2024 niet gehanteerd wordt. Oranje: repressief toezicht Optie 3: VNG-advies. Oranje: repressief toezicht Optie 4: structureel duurzaam sluitende meerjarenprogrammabegroting. Voor 2027 wordt het tekort structureel gedekt. Groen: preventief toezicht Optie 5: structureel duurzaam sluitende Meerjarenprogrammabegroting. Voor 2027 wordt het tekort incidenteel gedekt. Oranje: repressief toezicht

Proces perspectiefnota 2025 - 2028 Parallel aan de aanbieding van de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 presenteert het college zowel de visie en strategie voor de wijze waarop de perspectiefnota 2025 – 2028 opgesteld en gepresenteerd wordt als de wijze waarop het college de procesgang voor de perspectiefnota 2025 – 2028 ziet. Elementen die in de perspectiefnota aandacht zullen krijgen zijn: realiteitszin, logische en volgbare samenhang, nut en offer, en legitimiteit, in samenhang met eigen- en Rijksopgaven, gegeven de huidige en verwachte ontwikkelingen voor de exploitatie en financiële positie. Op dit moment is het proces voor het op en samenstellen van de perspectiefnota 2025 – 2028 nog niet gereed. De raad is meegegeven dat dit afgerond zal worden na doorrekening van de septembercirculaire. De planning is er op gericht de raad het proces tijdig aan te bieden om mee te kunnen wegen bij de behandeling van de begroting 2024 – 2027. In de perspectiefnota 2025 – 2028 zijn relatief veel zaken wel kwalitatief, maar niet kwantitatief opgenomen. Anders geformuleerd: deze onderwerpen hebben in de perspectiefnota 2024 – 2027 wel hun schaduw vooruitgeworpen waar het gaat om attentiewaarde, maar konden financieel nog niet op waarde (budget/investeringssom) gezet worden.

In de perspectiefnota gaat het om onderwerpen waar het soms bij een vooraankondiging is gebleven en in andere gevallen is er een duiding p.m. meegegeven. Afzonderlijke raadsbesluiten Vóór het opstellen en behandelen van de perspectiefnota 2025 – 2025 kunnen er onderwerpen aan de orde komen die een effect hebben op de exploitatie en financiële positie van gemeente Noordoostpolder, die nog niet in de voorliggende begrotingsresultaten verwerkt zijn. Deze onderwerpen waren ook opgenomen in de verhelderende uitleg op de memo ‘Proces van perspectiefnota 2024–2027 naar meerjarenprogrammabegroting 2024–2027 als bijlage bij de perspectiefnota 2024 – 2028. Het gaat om de volgende onderwerpen:

No. 23.0001036-7 - Actualisatie Voorzien in Vastgoed (indicatie): € 16 mln. - Nieuwbouw VSO (waarop negatief geadviseerd was door het college): € 17 mln. - Cultuurbedrijf/theater € p.m. - Bezoekerscentrum Erfgoed Schokland € p.m. - Poldertoren (actuele schatting aanvullend benodigd krediet) € 1,1 mln. - Duurzaamheid/energietransitie, uitvoeringsbudgetten € p.m. - Risico loon- en prijsstijging/aanbesteding majeure projecten € p.m. Interpretatie provinciaal toezicht Interbestuurlijk toezicht is een wettelijke taak van de provincie waarbij zij toezicht houdt op de taakuitoefening door gemeenten. Het wettelijke uitgangspunt is dat de provincie voor alle beleidsterreinen de toezichthouder op gemeenten is met uitzondering van de terreinen waarop de provincie geen taken heeft. Dat wil zeggen, dat de provincie met name toezicht houdt op het fysiekruimtelijke terrein, aangevuld met het toezicht op de gemeentefinanciën. De wijze waarop de provincie een gemeentelijke begroting beoordeelt, welke kwaliteitsaanduidingen zij gebruikt en wat de bijbehorende vormen van toezicht zijn, treft u aan in de onderstaande tabel. Toezichtsregime GROEN Wanneer is regime groen van toepassing en hoe handelt de provincie bij regime groen

Toezichtsregime ORANJE Wanneer is regime oranje van toepassing en hoe handelt de provincie bij regime oranje

Toezichtsregime ROOD Wanneer is regime rood van toepassing en hoe handelt de provincie bij regime rood

REPRESSIEF

REPRESSIEF

PREVENTIEF

Financieel in evenwicht

Financieel in evenwicht (korte termijn) Pijler 1: begroting • De geraamde structurele lasten en baten zijn in het begrotingsjaar structureel en reëel in evenwicht (materieel evenwicht) of • Indien dit niet het geval is wordt het evenwicht wel binnen de termijn van de meerjaren begroting alsnog bereikt.

Financieel niet in evenwicht

Pijler 1: begroting • De geraamde structurele lasten en baten zijn in het begrotingsjaar structureel en reëel in evenwicht (materieel evenwicht) en • Uit de meerjaren begroting blijkt dat het aannemelijk is dat dit evenwicht jaarlijks wordt gecontinueerd.

Pijler 1: begroting • De geraamde structurele lasten en baten zijn in het begrotingsjaar niet structureel en reëel in evenwicht (geen materieel evenwicht). • Indien dit niet het geval is wordt het evenwicht niet binnen de termijn van de meerjaren begroting alsnog bereikt.

of en Pijler 2 en 3: weerstandsvermogen en schuldpositie • Geen van deze pijlers is ongunstig. • Geen sprake van bestuurlijk relevante onderwerpen, die de financiële positie substantieel nadelig kunnen beïnvloeden. Intensiteit toezicht: LAAG

Pijler 2 en 3: weerstandsvermogen en schuldpositie • De uitkomst van een van beide of beiden pijlers is/zijn ongunstig

De uitkomst van pijler 1 is bepalend of het rode toezichtsregime van toepassing is. Ongeacht de uitkomst van pijler 2 en 3.

Intensiteit toezicht: GEMIDDELD

Intensiteit toezicht: HOOG

Mate van overleg:

Mate van overleg:

Mate van overleg:

Bestuurlijk contact: niet noodzakelijk.

• Ambtelijk contact: frequent • Bestuurlijk contact: ca 1 - 2 maal per jaar • Monitoren begrotingswijzigingen • Opvragen nota’s • Bespreken voortgang aandachtspunten en gevolgen beleid

• Ambtelijk contact: intensief • Bestuurlijk contact: intensief • Monitoren begrotingswijzigingen • Opvragen nota’s • Bespreken voortgang aandachtspunten, gevolgen beleid en herstelmaatregelen

N.B.: in het kader van een goede relatie worden er twee maal per jaar bestuurlijke gesprekken gevoerd.

Gevolgen preventief toezicht: • GS keuren besluiten en begrotingswijzigingen goed voordat raadsbesluit geldig is.

No. 23.0001036-8

Argumenten 1. De definitief door het college aan de raad aan te bieden meerjarenprogrammabegroting voldoet aan de criteria die de wetgever stelt en aan de criteria waaraan de toezichthouder toetst vanuit haar toezichthoudende rol. 2. Vóór het voorleggen van de vijf opties voor het aanbieden van de begroting aan de raad, heeft het college gesprekken gevoerd met de toezichthouder. In deze gesprekken is gesproken over: - de wijze waarop de provincie Flevoland toezicht houdt op haar gemeenten; - het Rijks- en provinciebeleid voor toezicht in relatie tot de discussie over de verlaagde algemene uitkering per 2026; - het advies van de VNG over het aanbieden van de begroting 2024 – 2027, en; - over de vijf opties die het college opgesteld heeft en welke invloed de afzonderlijke opties hebben op het oordeel van de provincie voor goedkeuring van de begroting en de vorm van toezicht op de gemeente. 3. In dit raadsvoorstel heeft het college vijf verschillende opties gepresenteerd waaruit de raad kan kiezen om van de resultaten van de conceptbegroting naar de definitief aan de raad aan te bieden begroting te komen. Enerzijds geeft het college hiermee invulling aan de toezegging om u door middel van een extra moment te betrekken in het proces naar de totstandkoming van de begroting 2024 – 2027.

Anderzijds heeft u hiermee als raad de mogelijkheid om kennis te nemen van het effect ontwikkelingen op de begroting en kunt aangeven hoe u deze effecten voor het aanbieden van de begroting verwerkt wilt hebben voor de te presenteren begrotingsresultaten. 4. Voor het uitwerken van de opties van de afzonderlijke begrotingsuitkomsten waren de omvang van de begrotingsresultaten en de aard van de begrotingsresultaten voor de jaren 2024, 2025, 2026 en 2027 en de trend voor de meerjarenprogrammabegrotingsperiode 2024 – 2027 van belang. De trend is van belang om het onderscheid te kunnen maken voor welk deel van de uitkomsten als structureel aangemerkt worden en welk deel van de begrotingsuitkomst incidenteel is. Immers, tegenover structurele lasten dienen structurele baten te staan. 5. Conform toezegging, heeft het college opties uitgewerkt, waaruit gekozen kan worden voor het aanbieden van de definitieve meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027, waarbij het college het coalitieaccoord als uitgangspunt houdt. In ambitie 9 van het coalitieaccoord, is opgenomen: ‘Wij werken met een sluitende meerjarenbegroting. Daarbij maken we bewuste keuzes. We zetten de resultaten of reserves in voor incidentele uitgaven. We ontwikkelen pas nieuw beleid wanneer er financiële ruimte is of wanneer oud beleid vervalt. We nemen weloverwogen beslissingen over grote, nieuwe investeringen.

Met het belastinggeld van onze inwoners gaan we zorgvuldig om. Daarom gaat verlaging van structurele lasten vóór verhoging van de lokale belastingen. We sluiten aan bij de inflatiecorrectie van het Rijk’. 6. Verder heeft het college de criteria passendheid bij gemeente Noordoostpolder, robuustheid/ houdbaarheid en haalbaarheid gehanteerd met aandacht voor de voor- en nadelen en effecten van de verschillende opties voor gemeente Noordoostpolder. Kanttekeningen Geen. Planning/uitvoering 02 oktober: behandeling in de raad. 13 november: behandeling meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. Bijlagen Geen.

No. 23.0001036-9

Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester,

Portefeuillehouder Steller

: S. Werkman : de heer Th.J. Stigt, (0527) 63 34 15; r.stigt@noordoostpolder.nl

No. 23.0001036-10

De raad van de gemeente Noordoostpolder, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 september 2023, no. 23.0001036; gelet op artikel gelet op artikel 189 Gemeentewet B E S L U I T: Optie vier (4) te kiezen als uitgangspunt voor het aanbieden van de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. Aldus besloten in de openbare vergadering van 02 oktober 2023. De griffier, de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2079/documents/35724