RB Rekenkameronderzoek Armoedebeleid.pdf
Tekst van het document
gemeente
NOORDOOSTPOLDER Emmeloord, 12 maart 2024. Onderwerp Rekenkameronderzoek Armoedebeleid Advies raadscommissie PvdA neemt het mee terug naar de fractie De overige fracties adviseren positief GL en D66 waren afwezig Aan de raad. Status: ter besluitvorming Voorgesteld besluit De conclusies van het rekenkamerrapport Armoedebeleid te onderschrijven en de gedane aanbevelingen over te nemen. Doelstelling Het rekenkameronderzoek Armoedebeleid aanbieden aan de gemeenteraad ter behandeling en besluitvorming. In dit rapport is nagegaan hoe het armoedebeleid binnen de gemeente is georganiseerd, uitgevoerd en daarover is gerapporteerd aan de gemeenteraad. Inleiding Dit onderzoek richt zich op het armoedebeleid. De gemeente Noordoostpolder noemt in haar beleid de definitie van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), de lage inkomensgrens, als het meest passend. De gemeentelijke regelingen zijn gebaseerd op het wettelijk sociaal minimum (de bijstandsnorm). Het onderzoek betreft de beleidsperiode 2019 tot heden. Argumenten 1.1. Conclusies Voor de gemeente Noordoostpolder zijn de volgende conclusies opgesteld: 1. Het armoedebeleid van de gemeente Noordoostpolder is sociaal, ambitieus, maar niet zo toetsbaar 1a Het manifest uit 2023 is zeer ambitieus en zal veel van de gemeente en haar middelen vergen. 1b De definitie armoede wordt niet integraal in beleidsstukken gehanteerd.
1c Doelstellingen zijn niet toetsbaar en hebben onvoldoende samenhang met de visie. 2.
De sturing, monitoring, controle van het beleid kan beter 2a Kerngegevens worden niet structureel bijgehouden. 2b De rapportage in de jaarrekeningen heeft geen relatie met het Deelplan Minima. 2c Gemeentelijke regelingen sluiten niet volledig aan op de doelgroepen en voldoende monitoring ontbreekt.
3. Armoedeval treedt beperkt op in de Noordoostpolder 4. Het bereiken van inwoners uit de doelgroep kan beter 4a Communicatie en voorlichting over regelingen is niet optimaal. 4b De aanvraagprocedure wordt als (te) lastig ervaren. 4c De gemeente heeft goed zicht op de organisaties die actief zijn rond het thema armoede.».^
5. De effecten van de onderschrijding van de begroting kunnen beter inzichtelijk gemaakt worden voor de gemeenteraadjsEpj 5a De uitgaven voor het minimabeleid zijn de laatste jaren ruim binnen de begroting gebleven. 5b.De gemeenteraad krijgt geen rapportage op basis van het Deelplan Minima.
1.2 Aanbevelingen Op basis van de bevindingen en conclusies doet de rekenkamercommissie de volgende aanbevelingen aan het college: 1.
Maak een duidelijke keuze voor de definitie van armoede. Sluit aan bij het inkomensbegrip, omdat deze het meest is te objectiveren of bij de nieuwe landelijke definitie die in de loop van dit jaar bekend wordt.
2.
Ontwerp voor kerngegevens een systematiek, zodat periodiek kan worden geëvalueerd of de regelingen nog aansluiten op de doelgroep van de regeling en maak dit onderdeel van de beleidscyclus. Begin met een nulmeting: breng de actuele omvang van de doelgroep van het armoedebeleid in kaart en onderzoek of er daadwerkelijke verschillen zijn tussen Emmeloord en de omliggende dorpen. Bezie of de verschillen dienen te leiden tot een gebiedsgerichte aanpak (mede in het licht van het leidende principe ‘voorkomen staat voorop’). Actualiseer de inkomenseffectrapportage ook jaarlijks. Zeker ook omdat het rijksbeleid van grote invloed is op de inkomensontwikkeling. Denk daarbij aan de huur- en zorgtoeslag, maar ook de verschillende heffingskortingen.
3.
Ontwikkel voor de nieuwe beleidsperiode toetsbare en navolgbare doelstellingen met indicatoren. Vertaal deze naar de indicatoren waarmee de voortgang van het gemeentelijke beleid is te toetsen. Zet de geformuleerde doelstellingen en de te behalen resultaten op basis van indicatoren dan ook centraal in de verantwoording naar de gemeenteraad. Op dat moment kan er ook actief gestuurd worden op de resultaten van beleid. Stimuleer ook dat de rapportages over de uitvoering gericht zijn op de eerder afgesproken doelstellingen.
4.
Onderzoek de mogelijkheden om een regeling voor participatie voor volwassenen en een regeling voor hoge zorgkosten in te stellen. Betrek hierbij ook het functioneren van het Maatwerkbudget. Nu is deze alleen in te zetten voor participatie. Kijk daarvoor bij de wijze waarop andere gemeenten deze regelingen hebben ontwikkeld of sluit voor de participatieregeling voor volwassenen aan bij het Volwassenenfonds. Evalueer het Maatwerkbudget en bekijk of deze kan worden omgezet naar een regeling die toegankelijk is voor een bredere groep die vanwege omstandigheden buiten de bestaande regelingen vallen. Ook kan aansluiting bij een Stichting Urgente Noden (SUN) een overweging zijn. SUN is een landelijke stichting met regionale of lokale uitvoeringsorganisaties die giften verstrekt aan inwoners die geen aanspraak kunnen maken op een voorliggende voorziening. Hiermee krijgt het Maatwerkbudget een grotere impact.
5.
Verbeter de communicatie en voorlichting over de gemeentelijke regelingen, zodat de toegang en afstemming verbetert. De gemeente heeft de regelingen wel beschreven, toch geeft de doelgroep zelf aan dat de informatie beter kan. Maak een duidelijke informatiefolder over de regelingen en verspreidt deze ook onder de ketenpartners. De toegang tot de regelingen voor kinderen is nu zowel bij de gemeente als bij Stichting Leergeld belegd. Op zich hoeft dit geen probleem te zijn, maar door het verschil in de gehanteerde inkomensgrenzen kan dit tot onduidelijkheid leiden voor de doelgroep en over de beschikbare voorliggende voorzieningen. Zorg voor goede afstemming tussen beide organisaties op uitvoeringsniveau.
6.
Onderzoek en verbeter de werkwijze, de inrichting en de toegang van het Sociaal Loket a. Kijk opnieuw kritisch naar de inrichting van de werkwijze rond het Sociaal Loket. b. Evalueer de aanvraagprocedure. Neem daarbij ook de positie van het Sociaal Loket in ogenschouw en bekijk of de inwoner direct bij de aanvraag bij het Sociaal Loket ondersteund kan worden. De aanbeveling is om de hulp bij het invullen van formulieren en het afhandelen van de aanvraag op één plek te doen, zodat inwoners niet naar verschillende plekken hoeven te gaan. c. Bekijk ook of de ervaren complexiteit in het aanvraagproces kan worden verminderd. Kijk hierbij kritisch naar de verschillende gebruikte formulieren. d. Ook is een aanbeveling om te onderzoeken of de gemeente kan overgaan naar één beoordeling van een inwoner per jaar. Indien de inwoner dan recht heeft op een regeling, kunnen ook de vergoedingen vanuit andere regelingen worden toegekend.
7.
Geef uitvoering aan het plan om het maatschappelijk voorveld te hervormen en neem dit breder dan alleen voor het zorglandschap. Betrek hierbij ook de afspraken die gemaakt zijn in het kader van Krachtig Noordoostpolder 2.0. Laat de organisaties actief participeren in de uitwerking ervan en bespreek ook of een structurele vorm van netwerkoverleggen gewenst is door de gemeente en door het werkveld. Indien dit gewenst is, draag dan ook zorg voor de implementatie ervan. Werk het (zeer ambitieuze) manifest uit in concrete en haalbare doelstellingen en bezie of de uitgangspunten passen bij het beleid en de financiële mogelijkheden van de gemeente. Maak daarbij ook meer concrete werkafspraken over de integrale werkwijze. Maak duidelijk wat hier onder verstaan wordt en werk het proces nader uit. Dit zal leiden tot een meer uniforme werkwijze binnen de gemeente Noordoostpolder voor de inwoners. Ook zal dit leiden tot nog meer duidelijkheid over de onderlinge taakverdeling tussen organisaties.
8.
Onderzoek de redenen waarom de uitgaven altijd binnen de begroting zijn gebleven. Heeft dit te maken met een weinig taakstellende of ambitieuze begroting of wordt er te ruim begroot? Pas daarop de systematiek van begroten aan en zorg dat deze taakstellend is en in relatie is tot de te bereiken doelstellingen vanuit het armoedebeleid. Een mogelijkheid is ook dat de raad de begrotingsruimte gebruikt voor verruiming van het beleid. Biedt de raad (op basis van het onderzoek) scenario’s aan voor het inzetten of afromen van de begrotingsruimte.
9.
Onderzoek verder in scenario’s hoe de gemeente de inkomensgrenzen en het normbedrag voor een regeling zodanig kan aanpassen om de demping van de groei van het inkomen voor haar inwoners te verzachten. De gehanteerde inkomensgrenzen en de bedragen zijn in vergelijking met andere gemeenten relatief laag. Neem dit mee in de herijking van het beleid door dit in verschillende scenario’s in kaart te brengen. Kijk daarbij ook naar de te hanteren inkomensgrens voor deze regeling. Voor een aantal regelingen hanteert de gemeente Noordoostpolder met 110 procent van het wettelijk sociaal minimum een relatief lage inkomensgrens.
Op basis van de bevindingen en conclusies doet de rekenkamercommissie de volgende aanbevelingen aan de gemeenteraad 10. Neem als gemeenteraad meer de regie op de sturing van het beleid. Maak duidelijke afspraken over de informatieproducten die in elke fase rond besluitvorming opgeleverd dienen te worden. Schematisch is in een figuur in het rapport een weergave opgenomen van de informatieproducten ten behoeve van besluitvorming door de gemeenteraad. Bezie ook op welke wijze het financiële overschot aangewend kan worden. 11. Het college op te dragen een plan van aanpak op te stellen voor de uitwerking van de bovenstaande aanbevelingen en dit binnen 6 maanden voor te leggen ter besluitvorming aan de gemeenteraad.
No. 24.0000398-2
cultuurhistorische verhaal van de polder aan de hand van eigen producten vertellen. Deze hoogwaardige vorm van plattelandstoerisme draagt bij aan het imago van de Noordoostpolder. De overnachtingsmogelijkheden passen bij het concept en trekken een nieuwe doelgroep naar de polder. De nabijheid van Schokland, Nagele en het Voorsterbos maken de plek, die ligt op korte afstand van de dijk, erg geschikt voor de beoogde invulling. 2.1 De ontwikkeling past niet in het geldende bestemmingsplan Met een wijziging van het bestemmingsplan kan een juridisch planologisch kader voor de realisatie van deze ontwikkeling worden gegeven. Dat is een besluit op grond van artikel 3.1. van de Wet ruimtelijke ordening. 2.2 Het bestemmingsplan voldoet aan een goede ruimtelijke ordening Het plan is voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing (zie bijlage 1) waarin een goede ruimtelijke ordening in voldoende mate wordt aangetoond. In de toelichting is onder meer te lezen dat het initiatief voldoet aan externe veiligheid en dat het zowel in de aanleg- als gebruiksfase stikstofdepositie geen problemen oplevert. 2.3 De ingediende zienswijzen zijn bij de afweging betrokken Het ontwerpbestemmingsplan lag zes weken ter inzage. Er zijn twee zienswijzen ontvangen. Door de zienswijze is het ontwerpbestemmingsplan in de toelichting aangepast.
In de paragrafen verkeer, geluid en luchtkwaliteit zijn aanvullingen gedaan. Voor een uitgebreide toelichting op de zienswijzen wordt verwezen naar de bijlage ‘reactienota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen’ in bijlage 2 bij dit voorstel. 2.4 Er was nog een aantal ambtshalve wijzigingen nodig Vanwege het doorvoeren van verduidelijking, verschrijvingen en actualisatie, is een aantal ambtshalve wijzigingen doorgevoerd. Deze aanpassingen staan in de ‘reactienota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen’ in bijlage 2 bij dit voorstel. 3.1 Het bestemmingsplan moet in elektronische vorm samen met de ondergrond vastgesteld worden Het nieuwe bestemmingsplan is volgens de verplichte standaarden opgesteld. Het zal te zien zijn op de landelijke voorziening omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart/ (en/of www.ruimtelijkeplannen.nl). Het unieke planidentificatienummer, met bijbehorende ondergrond moet daarvoor worden vastgelegd. Het bestemmingsplan voldoet daarmee aan de digitaliseringseisen van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). 4.1 De kwaliteit voor deze ontwikkeling moet geborgd worden Deze beeldkwaliteitseisen voor dit plan leveren een bijdrage aan het beleefbaar houden van het verhaal van de inpoldering van de Noordoostpolder. In bijlage 2 van de toelichting van het bestemmingsplan zijn de beeldkwaliteitseisen opgenomen.
4.2 De beeldkwaliteitseisen zijn toetsingskader voor de omgevingsvergunning De beeldkwaliteit is deels geborgd via de kaders van het bestemmingsplan (zoals hoogtebepalingen). Aanvullend hierop zijn beeldkwaliteitseisen opgesteld. U wordt gevraagd deze vast te stellen, zodat het onderdeel uit gaat maken van de gemeentelijke Beleidsregel uiterlijk bouwwerken. Op deze manier vormt het een toetsingskader voor aanvragen voor een omgevingsvergunning. De wettelijke grondslag hiervoor is artikel 4.19 en artikel 17.9 van de Omgevingswet. De beeldkwaliteitseisen lagen als ontwerp ter inzage (tegelijkertijd met het bestemmingsplan). Hierop zijn geen zienswijzen binnengekomen. De beeldkwaliteitseisen zijn opgenomen in bijlage 2 van de toelichting van het bestemmingsplan. 5.1 Met initiatiefnemer zijn afspraken gemaakt over de kosten De initiatiefnemer betaalt leges en er is een planschadeverhaalovereenkomst gesloten. Daarom mogen we afwijken van de verplichting om een exploitatieplan vast te stellen. Dit staat in artikel 6.12 van de Wro.
No. 24.0000258-4
Kanttekeningen Rekenkamerrapporten zijn er om de controlerende rol van de gemeenteraad te versterken en het beleid en bestuur van de gemeente Noordoostpolder te helpen verbeteren. Dat vraagt van alle betrokkenen een kritische, onderzoekende en lerende houding. Voorgesteld wordt de gedane aanbevelingen, zoals deze in het raadsvoorstel staan beschreven en nader zijn gespecificeerd, over te nemen. Aan het eind van het rapport is de bestuurlijke reactie van het college opgenomen en het sluit af met een nawoord van de voorzitter. Planning/uitvoering In de beeldvormende behandeling op 8 april 2024 krijgt u gelegenheid de opstellers van het rapport vragen te stellen. Op 21 mei 2024 is vervolgens de oordeelsvormende bespreking tijdens de raadscommissie en in de raadsvergadering van 3 juni 2024 is de besluitvorming over de conclusies en aanbevelingen. Bijlagen Rekenkameronderzoek Armoedebeleid Onderzoek Armoedeval
Portefeuillehouder Steller
: R. van Amersfoort : namens de rekenkamer Noordoostpolder Mevr. E.M.L. Fogl (secretaris rekenkamercommissie); 06 30 92 69 65; Esther.foql@mac.com;
No. 24.0000258-5
gemeente
NOORDOOSTPOLDER RAAD
De raad van de gemeente Noordoostpolder, gelezen het voorstel van de rekenkamer van 12 maart 2024, no. 24.0000258; gelet op artikel artikel 81 Gemeentewet BESLUIT: De conclusies van het rekenkamerrapport Armoedebeleid te onderschrijven en de gedane aanbevelingen over te nemen. Aldus besloten in de openbare vergadering van 3 juni 2024. De griffier,