CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

D16 01 Bijlage bij Nota - Aanpak hervorming voorveld Q12023.pdf

Gemeenteraad 3 april 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 4: Lijst ingekomen stukken11.952 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Doelgroep: voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Gezinsondersteuning richt zich op kwetsbare en/of overbelaste gezinnen waarbij sprake is van een ondersteuningsvraag rondom de ontwikkeling of opvoeding van kinderen. Dit zijn veelal gezinnen die geen of te beperkt ondersteuning uit het eigen sociale netwerk kunnen ontvangen. Resultaat: welke resultaten willen we hiermee bereiken? De resultaten per subresultaatgebieden: •

Opvoed- en opgroeiondersteuning I. Na inzet opvoedondersteuning kan het gezin (bij gelijkblijvende omstandigheden) zelfstandig (of met ondersteuning uit sociaal netwerk) verder met de opvoeding van hun kind(eren) en wordt inzet van zwaardere hulp voorkomen.

•

Het ontlasten van gezinnen II. Ouders in kwetsbare situaties worden tijdelijk ontlast waardoor de draagkracht van de ouder wordt vergroot en zij beter in staat is verantwoordelijkheid te dragen over de opvoeding van het kind. Hierdoor wordt zwaardere inzet van hulp voorkomen.

Uitvoeringsrichtlijnen •

Opvoed- en opgroeiondersteuning ‒ Aanbieder doet onderzoek of er al lopende hulp is of eerder hulp is geweest. Vervolgens is na de intake, waarbij triage wordt toegepast, binnen 5 gesprek(ken) helder of de inzet van opvoedondersteuning passend is of niet. Gezinnen worden in een vroeg stadium doorverwezen naar passende ondersteuning wanneer de aanbieder dit niet kan bieden. ‒ De inzet van opvoedondersteuning wordt kortdurend ingezet (binnen 5 gesprekken, of binnen 6 maanden). Hierin kan een onderscheid worden gemaakt tussen de inzet van een vrijwilliger van 12 maanden en de inzet van een professional van een 5 aantal gesprekken. ‒ Bij de inzet van opvoedondersteuning wordt gebruik gemaakt van extra ondersteuning in het sociaal netwerk en/of wordt dit bevorderd. Bemiddelen naar vrijwillige ondersteuning. ‒ Opvoedondersteuning sluit aan bij de leefomgeving van gezinnen en daarom vindt de ondersteuning zoveel mogelijk in de thuissituatie plaats.

•

Het ontlasten van gezinnen 20 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

‒ ‒

Voor een langere tijd kan een vrijwilliger worden ingezet die een het kind of de kinderen 1 of 2 dagdelen per week een thuis biedt, zodat ouder(s) worden ontlast. Er is aandacht voor het organiseren van sociale steun in eigen omgeving zodat ondersteuning niet langer nodig is.

Zorgpiramide Opvoedondersteuning richt zich op zorgvragen op zorgniveau 3. Voor vragen op zorgniveau 1 en 2 kunnen ouders terecht bij de JGZ en voor zorgniveau 4 en 5 is maatwerk.

Integratie en participatie minderheden Omschrijving: wat verstaan we hieronder? Het resultaatgebied ‘Integratie en participatie minderheden’ richt zich op inwoners die zonder hulp niet kunnen integreren. Door hen in hun kracht te zetten, te werken aan emancipatie, integratie en participatie in de samenleving. Er is extra aandacht voor statushouders die zich huisvesten in onze gemeente en hier hun inburgering gaan doen. Ook is er extra aandacht voor mensen die zich in het kader van gezinshereniging vestigen in de gemeente. Ook het aanbod van NT2-lessen aan nieuwkomers valt hieronder. Doelgroep: voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Het onderdeel ‘Integratie en participatie minderheden’ richt zich op een brede doelgroep. Het gaat voornamelijk om inwoners met een niet-westerse achtergrond. Vluchtelingen, gezinsmigranten en arbeidsmigranten. Hierbij is extra aandacht voor vrouwen, omdat het risico op isolement bij vrouwelijke nieuwkomers groter is ten opzichte van mannelijke nieuwkomers. Dit komt o.a. door de grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Resultaat: welke resultaten willen we hiermee bereiken? I. De kennis over de Nederlandse maatschappij wordt vergroot en belemmerde factoren worden – waar mogelijk – weggenomen, waardoor de inburgering en/of integratie sneller verloopt. II.

Nieuwkomers raken uit een isolement en worden actiever, zodat ze (psychisch) gezonder zijn en zij zich zelfstandig redden in Nederlandse maatschappij, zowel zakelijk als sociaal. Uitvoeringsrichtlijnen ‒ ‒

Door inzet van individuele maatschappelijke begeleiding wordt aan resultaat I gewerkt. Door de invoering van de Wet inburgering wordt ook aan resultaat I gewerkt.

Zorgpiramide De focus ligt op zorgniveau 3.

Maatschappelijk welzijn Omschrijving: wat verstaan we hieronder? Maatschappelijk welzijn richt zich op het aanjagen, ondersteunen en faciliteren van activiteiten en initiatieven die een bijdrage leveren aan de zelfredzaamheid en/of participatie van inwoners of de samenredzaamheid van een groep inwoners. Door de zelfredzaamheid en samenredzaamheid te vergroten voorkomen we dat inwoners in zwaardere hulp en/of ondersteuning terecht komen. De ondersteuning vindt plaats op zowel individueel niveau als op groepsniveau. Het resultaatgebied maatschappelijk welzijn omvat een aantal sub-resultaatgebieden: • Vrijwillige inzet Vrijwilligerswerk en vrijwillige inzet ten behoeve van een individu of een collectief is zeer waardevol voor de maatschappij. Bij veel initiatieven, verenigingen en instellingen zijn vrijwilligers niet meer 21 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

weg te denken. Daarmee is het van groot belang dat vrijwillige inzet nu en in de toekomst gewaarborgd blijft. Het is van belang dat mensen actief gestimuleerd worden zich vrijwillig in te zetten voor de samenleving op een manier die bij hen past en dat ze daarvoor goed toegerust zijn. Nieuwe allianties en samenwerkingsverbanden tussen vrijwilligers- en professionele organisaties en het bedrijfsleven worden waar mogelijk gestimuleerd. Op deze manier worden vraagstukken en knelpunten meer gezamenlijk aangepakt. • Mantelzorgondersteuning Mantelzorgers zijn van zeer grote waarde voor hun naasten en de maatschappij. Het is van belang dat zij erkenning en waardering voor hun werk voelen en bovenal in staat zijn de taken te combineren met hun dagelijks leven. Daarvoor is het van belang dat ze op de hoogte zijn van het ondersteuningsaanbod op dit gebied. Dat aanbod moet laagdrempelig zijn en indien nodig wordt men verwezen naar aanvullend ondersteuningsaanbod. Dit kan via het Sociaal Loket. Uitgangspunt hierbij is dat de ondersteuning in eigen kring en laagdrempelige ondersteuning door vrijwilligers wordt versterkt, zodat inzet van professionele zorg beperkt is.

• Vitaliteit De inzet van ondersteuning draagt bij aan het aankunnen en/of voorkomen van psychische en fysieke gezondheidsklachten en/of het kunnen omgaan met fysieke, sociale en/of emotionele uitdagingen in iemands leven (positieve gezondheid). De inzet draagt er ook aan bij dat de inwoners in de Noordoostpolder een prettiger en tevreden verblijf hebben waarbij ze het gevoel hebben erbij te horen. Hierbij wordt uitgegaan van zoveel mogelijk eigen regie en het train-detrainer principe. Dit laatste betekent dat de school of vereniging het geleerde stapsgewijs overneemt en vervolgens zelfstandig kan toepassen. • Cliëntondersteuning Cliëntondersteuning is een wettelijk opdracht binnen de Wmo. Artikel 1.1.1. van de Wmo 2015 definieert cliëntondersteuning als: “Onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen.” Daarmee is in één wet de cliëntondersteuning voor het gehele sociale domein (dus ook voor de Jeugdwet en de Participatiewet) én andere levensgebieden zoals schuldhulpverlening, onderwijs, gezondheidszorg, wonen, werk en inkomen geregeld.

Het verbinden van onafhankelijke cliëntondersteuning met o.a. mantelzorg, vrijwilligerswerk, en andere laagdrempelige ondersteuning leidt tot synergievoordelen, met een positief effect voor onze inwoners. Waarbij de onafhankelijke positie gewaarborgd blijft. Inwoners ontvangen ondersteuning voor en bij gesprekken met o.a. het Sociaal Team, klantmanagers (op de verschillende taakgebieden zoals participatie, WMO en Jeugd) en instanties als de WerkCorporatie en het onderwijs. Dat stelt hen in staat beter hun ondersteuningsvraag te formuleren, keuzes te maken en deel te nemen aan de maatschappij. Doelgroep: voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Maatschappelijk welzijn richt zich op de zelfredzaamheid en vitaliteit van inwoners en de samenredzaamheid van een groep inwoners. Enerzijds richt het welzijn zich op de kwetsbaren in de samenleving. De samenredzaamheid draagt ertoe bij dat ‘de zwakkere’ beter weet te participeren in de samenleving. Anderzijds is de inzet van het welzijnswerk gericht op de doelgroep die bijdraagt aan de samenredzaamheid. Resultaat: welke resultaten willen we hiermee bereiken? De resultaten per subresultaatgebied: •

Vrijwillige inzet I. Kwetsbare inwoners die het zelf zonder hun sociale netwerk (tijdelijk) niet redden worden ondersteund door de inzet van een vrijwilliger; 22 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

II.

III. IV. V.

Inwoners die vrijwilligerswerk willen doen worden bereikt en gekoppeld aan vrijwillige (dus niet-professionele) vraagorganisaties (verenigingen, vrijwilligersorganisaties en bewonersinitiatieven) om hen op vrijwillige basis te ondersteunen. ‒ Hierbij is extra aandacht voor inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt; Organisaties worden ondersteund in het proces van het werven en trainen van vrijwilligers; Organisaties (vrijwillig en professioneel) zijn bekend met het geboden aanbod ondersteuning en zijn daar tevreden over; Inwoners die vrijwilligerswerk willen doen worden geschoold zodat zij beter toegerust zijn voor hun taak.

•

Mantelzorgondersteuning I. Mantelzorgers die het zelf zonder hun sociale netwerk (tijdelijk) niet redden worden ondersteund door de inzet van een (respijtzorg)vrijwilliger; II. Inwoners (van jong tot oud) voelen zich gewaardeerd voor hun rol als mantelzorger; III. Mantelzorgers van jong tot oud weten op eenvoudige wijze waar en waarvoor zij terecht kunnen voor ondersteuning en zijn toegerust voor hun rol, zodat zij in staat zijn hun rol te vervullen zonder zichzelf daarbij uit het oog te verliezen; ‒ Er is een inzichtelijk, laagdrempelig en snel toegankelijk respijtzorgaanbod, vrijwillig en professioneel, dat aansluit bij de wensen en behoeften van verschillende doelgroepen mantelzorgers. ‒ Het begrip respijtzorg en het bestaande aanbod is bekend bij mantelzorgers, zorgvragers, zorgaanbieders en ondersteuners; IV. Er is een toename in begrip bij werkgevers voor mantelzorg o.a. in combinatie met werken

•

Vitaliteit I. Bewegingsonderwijs ‒ Docenten hebben handvatten om goed bewegingsonderwijs te kunnen geven, zodat motorische vaardigheden van kinderen verbeterd worden; ‒ Het onderwijzend personeel leren signaleren en met intern begeleiders bespreekbaar maken van motorische achterstanden en gezonde leefstijl. II. Vitale sportaanbieders ‒ Sporttrainers van verenigingen zijn gecoached in de omgang en coaching van kinderen met een psychische belemmering; ‒ Sportaanbieders hebben het organisatorisch op orde en weten passende ondersteuning te vinden, zodat zij een toekomstbestendige organisatie zijn en blijven. III. Stimuleren inclusief sporten en bewegen ‒ Het mobiliseren van mensen tot beweegmogelijkheid waarbij specifieke aandacht is voor kwetsbare doelengroepen als: mensen met een beperking, kinderen/jongeren die zich ‘anders’ voelen, kinderen die in armoede leven en ouderen. Het creëren van sportaanbod, waar mogelijk samen met partners, maakt hier onderdeel vanuit. IV. Gezonde leefstijl ‒ In aangewezen focuswijken wordt de samenwerking tussen partners (o.a. sportverenigingen) die een gezonde leefstijl onder jeugd stimuleren ontwikkeld en/of versterkt om zo urgentie te creëren voor het belang van een gezonde leefstijl.

•

Cliëntondersteuning I. Inwoners worden (kortdurend) ondersteund bij het vinden en indien nodig behouden van passende ondersteuning. II. Cliëntondersteuning geldt als vraagbaak voor én werkt samen/is een verbindende schakel naar het gemeentelijke loket en de dienstverlening specialisten o.a. netwerkpartners, het onderwijs en de sociale teams

23 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

III.

•

Speelt in op collectieve vraagstukken waar cliëntondersteuners (lees ook; vrijwilligers en mantelzorgers) mee te maken krijgen en bijdragen aan de invulling van de primaire opdracht: het toeleiden naar passende ondersteuning.

Voedselbank I. Het gratis verstrekken van voedselpakketten aan inwoners die dat echt nodig hebben.

Uitvoeringsrichtlijnen •

Vrijwillige inzet ‒ Het stimuleren van allianties en samenwerkingsverbanden ‒ Een vast aanspreekpunt ‒ Er wordt gewerkt aan de hand van een inzichtelijk aanbod met als uitgangspunt het aansluiten op de algemene dagelijkse levensverrichtingen dat voortdurend aansluit bij de behoefte in de samenleving en daarmee ook bij de maatwerkvoorzieningen

•

Cliëntondersteuning ‒ Cliënt ondersteuning wordt zo passend mogelijk bij de complexiteit van de hulpvraag georganiseerd. ‒ Cliëntondersteuning is kortdurend van aard.

•

Vitaliteit ‒ De mogelijkheden van de meedoenregeling worden benut. ‒ Men is op de hoogte van aanbod gericht op sport, bewegen en gezondheid en verwijst door naar dit aanbod wanneer gewenst of nodig. ‒ Actieve deelname aan de werkgroepen van het lokaal sport- en beweegakkoord.

•

Voedselbank ‒ De organisatie moet aangesloten zijn bij de Landelijke Voedselbanken Nederland, waarmee het verstrekken van voedselpakketten gefaciliteerd wordt. ‒ De voedselveiligheid moet aantoonbaar gewaarborgd zijn.

Zorgpiramide Welzijn is gericht op zorgniveau 1, 2 en 3, waarbij de focus ligt op 2 en 3.

Sociaal Werk Omschrijving: wat verstaan we hieronder? Sociaal werk is een laagdrempelige basisvoorziening in de buurt, die met een lichte vorm van begeleiding inzet op het versterken van de sociale en mentale veerkracht van bewoners en buurten. Dat heeft een preventieve uitwerking op de gezondheid. Met een goed gesprek of een activiteit bevordert het sociaal werk gemeenschapszin, meedoen en verbinding met anderen. Laagdrempelige aandacht, ondersteuning en hulp op dagelijkse levensterreinen in de eigen buurt vermindert stress, voorkomt erger en verlaagt zorg- en andere maatschappelijke kosten. Sociaal werk bestaat op dit moment uit aanbod gericht op: • Het collectief → het huidige opbouwwerk • Het individu → het huidige algemeen maatschappelijk werk Het opbouwwerk richt zich op het verbeteren van de woon- en leefomstandigheden van kwetsbare buurt- en wijkbewoners. Door het initiatief/ de energie van zelfredzame inwoners te benutten. Het opbouwwerk ondersteunt hen om initiatieven te realiseren door onder meer de invloed van de bewoners bij het verbeteren van de leefbaarheid van hun woonomgeving te versterken. Je ondersteunt deze groep mensen en stelt hen in staat een effectieve ondersteuningsstructuur op te bouwen en/of te onderhouden. Wanneer er individuele ondersteuning nodig is, kan het maatschappelijk werk worden ingezet. Dit is ter voorkoming van zwaardere inzet van zorg.

Het gaat 24 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

om vaak acute problemen die zijn ontstaan door een tijdelijke disbalans in draagkracht en draaglast. Deze disbalans is ontstaan het samenkomen van problemen op meerdere vlakken. Het samenkomen van deze problemen is vaak door een life-event geïnitieerd. Het gaat om een kortdurende inzet van het maatschappelijk werk . Het doel van de kortdurende interventie is het stabiliseren van de situatie, waardoor men zelf verder kan en hulp niet langer nodig is. Doelgroep: voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Sociaal werk richt zich enerzijds op de samenredzaamheid van het collectief. Dit draagt bij aan de zelfredzaamheid van een individu. Anderzijds is er individuele aandacht voor (psychisch) kwetsbare mensen die op één of meerdere vlakken tijdelijk niet zelfredzaam zijn en niet of onvoldoende participeren. Resultaat: welke resultaten willen we hiermee bereiken? I. Gericht op collectief ‒ Inwoners met een initiatief worden ondersteund bij de realisatie van hun plannen, waarbij het initiatief van de inwoner blijft (elkaar ontmoeten, wandelgroepen, lotgenotencontact etc.); ‒ Inwoners worden geïnspireerd tot nieuwe initiatieven die de leefbaarheid van wijk en buurt bevorderen; II.

Gericht op individu ‒ Het ondersteunen van organisaties die maatwerkvoorzieningen bieden, andere maatschappelijke partners en het sociaal loket bij het actief toeleiden van inwoners/cliënten naar het voorliggend veld. Het gaat om daadwerkelijke toeleiding naar een activiteit, zodat een maatwerkvoorziening wordt voorkomen of (deels) kan worden afgeschaald; ‒ Opbouwwerkers vormen de verbinding tussen de inwoners en de gemeentelijke toegang om ervoor te zorgen dat signalen over kwetsbare inwoners vroegtijdig worden opgepakt en passende ondersteuning kan worden ingezet. De inzet van maatschappelijke werk zorgt voor het duurzaam stabiliseren van de situatie van een inwoner om zo zwaardere inzet van ondersteuning te voorkomen. ‒ Bij afronding van de individuele trajecten geven inwoners aan zich zelfredzaam te voelen en op eigen kracht verder te kunnen. III.

Buurtbemiddeling ‒ Inwoners met een geschil weten buurtbemiddeling te vinden als ondersteunings- of oplossingsvorm; ‒ Buurtbemiddelaars voelen zich voldoende ondersteunt voor hun taken; ‒ Geschillen tussen buurtbewoners worden in 2/3 van de gevallen via buurtbemiddeling opgelost.

Specifieker per onderdeel: ‒ (Dreigende) huisuitzetting wordt duurzaam – dus zowel acuut als voor de langere termijn – voorkomen. ‒ Crisisinzet zorgt ervoor dat bij calamiteiten binnen (invullen) uur inzet van ondersteuning plaats vindt. ‒ Duurzame veiligheid creëren door onder andere vroegtijdig signalen te herkennen en samen te werken in de keten, zowel lokaal als regionaal. Uitvoeringsrichtlijnen ‒ ‒ ‒ ‒

Bij de inzet van het maatschappelijk werk is binnen (invullen) gesprekken helder of deze inzet de passend is of niet. De inwoner wordt in een vroeg stadium doorverwezen naar passende ondersteuning wanneer de aanbieder dit niet kan bieden. Een individueel traject binnen maatschappelijk werk is in 80% van de gevallen binnen een jaar afgerond. Maatschappelijke werkers hanteren een outreachend aanpak Maatschappelijke werkers zijn zich ervan bewust van hun positie in de zorgketen, zowel lokaal als regionaal. 25 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

‒ ‒

Professionals werken samen en verwijzen zij door naar een passende partij door wanneer zij signalen oppikken. Er is een duidelijk aanspreekpunt vanuit opbouwwerk en maatschappelijk werk voor aanbieders van maatwerkvoorzieningen en het sociaal netwerk beschikbaar, zodat zij snel een warme overdracht van een inwoner/cliënt kunnen verzorgen richting opbouwwerk voor de toeleiding naar het voorveld.

Zorgpiramide Sociaal werk richt zich op zorgniveau 3.

Preventieve schulddienstverlening Omschrijving: wat verstaan we hieronder? Preventieve schulddienstverlening richt zich op het voorkomen van schuldenproblematiek. Dit wordt gedaan door voorlichting en trainingen op het gebied van financiën. Ook wordt ingezet op vroegsignalering, zodat schuldhulpverlening wordt voorkomen. Tijdelijke lichte ondersteuning bij het op orde krijgen en leren houden van de financiële administratie, zodat inwoners (weer) zelfredzaam zijn op dat gebied, is een preventieve maatregel. Richtlijn bij deze trajecten is dat ze gemiddeld zes maanden tot maximaal één jaar duren. Doelgroep: voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Preventieve schulddienstverlening richt zich specifiek op laaggeletterden, statushouders en mensen die te weinig financiële mogelijkheden hebben om de minimaal noodzakelijke goederen en voorzieningen te bekostigen. Verder richt het zich op huishoudens bij wie sprake is van een verhoogd risico op problematische schulden. Dit verhoogde risico wordt vaak geïnitieerd door een life-event. Resultaat: welke resultaten willen we hiermee bereiken? I. Kortdurende praktische ondersteuning bij het op orde krijgen en leren houden van de financiële administratie moet leiden tot financiële zelfredzaamheid bij de inwoner. II.

Deelnemers van trainingen en voorlichtingen geven aan bewuster te zijn van hun financiën, beter in staat hiermee om te gaan en weten waar ze terecht kunnen voor vragen. III. Signalen zijn vroegtijdig opgepakt en naar een passende oplossing geleidt om zo een schuldhulpverleningstraject voorkomen. IV. Mensen met verhoogde kans op schulden maken om vaste lasten te verlagen en optimaal gebruik van bestaande inkomensregelingen om zo problematische schulden te voorkomen. (voorzieningenwijzer) Uitvoeringsrichtlijnen ‒ Binnen vijf werkdagen na een eerste signaal wordt contact opgenomen met de inwoner over het vervolg. ‒ Signalen worden binnen tien werkdagen opgepakt en naar passende oplossing geboden. ‒ Samenwerking tussen organisaties in het voorliggend veld en schuldhulpverlenende partij is van belang ‒ Uitgangspunt: stress-sensitieve dienstverlening Zorgpiramide Resultaat I en III: zorgniveau 3 Resultaat II en IV: zorgniveau 2 of 3

Jeugdgezondheidszorg Omschrijving: wat verstaan we hieronder?

26 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

Het doel van de jeugdgezondheidszorg (JGZ) is bijdragen aan een gezonde en veilige opgroeisituatie van jeugdigen. Dit doet de JGZ door de uitvoering van de wettelijke basistaken dat onder andere bestaat uit voorlichting geven, vroegtijdig signaleren, waar nodig aanvullende hulp bieden en het coördineren van zorg. Daarbij ligt de nadruk op het versterken van het gewone leven. De JGZ hanteert een risicogerichte aanpak. Dit betekent dat de focus van de werkzaamheden ligt op de risicokinderen/kwetsbare gezinnen. Bij de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg 0-19 jaar is een doorgaande lijn van belang. Doelgroep: voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? In het kader van deze subsidie gaat het om de jeugdgezondheidszorg gericht op 0 tot 18-jarigen waarbij de focus ligt op kwetsbare gezinnen. Resultaat: welke resultaten willen we hiermee bereiken? I. In algemene zin draagt de JGZ bij aan het veilig en gezond opgroeien van kinderen van 018 jaar. II. De basistaken conform jeugdgezondheidszorg worden uitgevoerd. III. De JGZ signaleert risicogezinnen en ondersteunt waar mogelijk zelf bij hun vragen rondom opgroeien, opvoeden en ontwikkelen of verwijzen vroegtijdig door naar passende ondersteuning om zo verergering van problematiek te voorkomen. IV. De JGZ voert het vaccinatiebeleid uit en brengt de vaccinatiegraad naar minimaal landelijk gemiddelde. V.

De JGZ geeft voorlichting, informatie en advies aan (toekomstige) ouders van kinderen in de leeftijd van 0 tot 4 jaar. VI. De JGZ geeft voorlichting, informatie en advies aan jeugdigen van 5-18 en waar nodig hun ouders over leefstijlbevordering en het vergroten van de gezondheidsvaardigheden. Uitvoeringsrichtlijnen ‒ ‒ ‒ ‒ ‒ ‒

Periodiek in samenspraak onderwerpen bepalen voor voorlichting, informatie en advies afhankelijk De JGZ hanteert een risicogericht aanpak. De JGZ sluit in de uitvoering aan bij de behoefte van jeugdigen en/of (toekomstige) ouders. De JGZ hanteert een proactieve aanpak. De JGZ werkt samen en onderhoudt goed partnerschap met andere partners in de keten, zoals huisartsen, algemeen maatschappelijk werk, veilig thuis etc. De JGZ voert de indicatiestelling voor de voor- en vroegschoolse educatie uit.

Zorgpiramide De JGZ richt zich op zorgvragen op zorgniveau 1, 2 en 3.

27 Aanpak hervorming voorveld – Q1 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2008/documents/33863