D12 01 Bijlage 1 bij Nota - Bedrijfsplan ZLF versie december 2022.pdf
Tekst van het document
ZELFSTANDIGENLOKET FLEVOLAND BEDRIJFSPLAN 2022
Zelfstandigenloket Flevoland (ZLF) Bezoekadres: Ondernemersplein Lelystad / Ondernemersplein Almere Stadhuisplein 2a Lelystad / Stadhuisplein 1 Almere Postadres: Telefoon: E-mail: Website:
december 2021
Postbus 2236, 8203 AE Lelystad 0320 278111 ZLF@lelystad.nl www.zelfstandigenloketflevoland.nl
Inhoud 1 Inleiding 2 Opdracht ZLF 3. Nasleep maatregelen i.v.m. Coronacrisis 3.1 Rechtmatigheid en financiële verantwoording Tozo 3.2 Versoepeling Bbz periode 1 oktober t/m 31 december 2021 3.3 Controle 4. Extra tijdelijke ondersteuning voor gevestigde ondernemers 4.1 Ondernemers ondersteunen om zich te oriënteren op de toekomst 4.2 Waarschuwing VNO NCW: Schuldenberg bij ondernemers na coronacrisis 4.3 Innovatie Bbz 5 Uitvoering 2022 5.1 Producten en prognose uitvoeringskosten MKB Doorgaan 2022 per gemeente 5.2 Prognose uitvoeringskosten 2022 per gemeente 5.3 Afspraken over financiering van levensvatbaarheidsonderzoek Bijlagen 1. Prognose kosten deelnemende gemeenten 2022 2. Schuldenberg bij ondernemers na coronacrisis 3. Wijziging van het Bbz m.i.v. 1 oktober 2021
3 5 7 7 7 8 9 9 10 11 11 11 12 12
1
Inleiding
De zes gemeenten in Flevoland werken sinds 2003 samen bij de uitvoering van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) en aanverwante regelingen. Zij bieden een vangnet aan ondernemingen met tijdelijke financiële problemen, maar een goed toekomstperspectief. De uitvoering van het Bbz, de Wet inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en sinds 2020, de Tijdelijke overbruggingsregeling voor zelfstandig ondernemers (Tozo) is door de Flevolandse gemeenten belegd bij de gemeente Lelystad en van daaruit bij het Zelfstandigenloket Flevoland (ZLF). De frontoffice van het ZLF is gevestigd op het Ondernemersplein in Almere en Lelystad. Er wordt bijgedragen aan de organisatie van de Ondernemersacademie in Dronten. Het ZLF is een team binnen het Sociaal Domein van gemeente Lelystad en legt ook verantwoording af aan deze gemeente. Gemeente Lelystad legt verantwoording af aan de deelnemende gemeenten. Om de dienstverlening te laten aansluiten bij de belevingswereld van ondernemers is gekozen voor een frontoffice met een eigen naam en logo. De dienstverlening is gericht op gevestigde zelfstandigen, zelfstandigen die hun bedrijf beëindigen en starters. De dienstverlening via het ZLF bestaat uit: 1. coaching; 2. verstrekken van bedrijfskredieten eventueel met coaching en schuldhulpverlening; 3.
verstrekking van uitkeringen/leningen levensonderhoud eventueel met coaching en schuldhulpverlening; 4. ondersteuning bij beëindiging, eventueel met schuldhulpverlening en aanvraag IOAZ; 5. administratieve ondersteuning. Door de tijdelijke maatregelen van het Rijk om de verspreiding van het coronavirus te beteugelen hebben veel zelfstandigen noodgedwongen inkomsten moeten missen. Om deze groep te ondersteunen, kwam het kabinet met ingang van 1 maart 2020 met de Tozo. Vanuit deze regeling kon beroep worden gedaan op twee voorzieningen: 1. Bijstand voor levensonderhoud (algemene bijstand). 2. Bijstand ter voorziening in de bedrijfskapitaalbehoefte voor de vaste lasten van het bedrijf. De Tozo is viermaal verlengd onder verscherpte voorwaarden. Tozo 1: De Tozo aangevraagd in de periode van 1 maart tot 1 juni 2020. Tozo 2: De Tozo aangevraagd in de periode van 1 juni tot 1 oktober 2020. Tozo 3: De Tozo aangevraagd in de periode van 1 oktober 2020 tot 1 april 2021. Tozo 4: De Tozo aangevraagd in de periode van 1 april 2021 tot 1 juli 2021. Tozo 5: De Tozo aangevraagd in de periode van 1 juli 2021 tot 1 oktober 2021. Per 1 oktober 2021 is de Tozo stopgezet. Dit betekent dat met ingang van 1 oktober 2021 de bijstand aan zelfstandigen waar nodig uitsluitend nog wordt verstrekt op grond van het Bbz. Vanwege de aard van het Bbz is deze voor één kwartaal tijdelijk aangepast.
Het doel van de tijdelijke aanpassingen is het verlichten van de uitvoeringslast voor de gemeenten (ZLF) en zoveel mogelijk inzet van de medewerkers van de gemeenten (ZLF) om inhoudelijke ondersteuning van ondernemers mogelijk te maken. De nadruk ligt op kansrijk ondernemen na Corona en ondernemers ondersteunen bij opnieuw het zelfstandig in het levensonderhoud kunnen voorzien. De Bbz regeling is er als vangnet. Veel ondernemers die geraakt waren door de coronamaatregelen zijn door het ZLF afgelopen maanden benaderd en met hen is besproken of zij zelfstandig of met hulp van de gemeente hun bedrijf of beroep weer kunnen oppakken. Ondernemers gaven aan: weer voldoende inkomen uit hun bedrijf te hebben, anderen hadden hun bedrijfsmode aangepast; gaven aan een opleiding te willen gaan volgen of werk in loondienst te hebben aanvaard. Toch wordt per 1 oktober een verhoogde instroom in de bijstand voor zelfstandigen verwacht. De overgang naar het Bbz vraagt veel van de uitvoeringskracht van de gemeenten (ZLF) door de verwachte hogere instroom. Om de overgang voor de uitvoering behapbaar te maken, en zelfstandig ondernemers die dat nodig hebben tijdig inkomensondersteuning te kunnen bieden, heeft het kabinet besloten het Bbz tijdelijk (gedurende het vierde kwartaal van 2021) te vereenvoudigen op drie punten:
• • •
Het buiten toepassing laten van de vermogenstoets. Het mogelijk maken van het aanvragen van de Bbz-uitkering met terugwerkende kracht (max. twee maanden). Het vaststellen van het inkomen en de hoogte van de Bbz-uitkering per kalendermaand (in plaats van per boekjaar) en de directe verstrekking van de Bbz-uitkering om niet (en niet als voorlopige lening).
In onderstaand Infographic is de ondersteuning vanuit het ZLF weergegeven.
Hoewel de ondersteuningsmaatregelen met ingang van 1 januari 2022 zijn stopgezet, zijn de gevolgen van de Coronamaatregelen ook in 2022 nog merkbaar. De nasleep van de Tozo en het vereenvoudigde Bbz worden in hoofdstuk 3 uiteengezet. Met ingang van 1 januari 2022 zal de Bbz weer zonder wijzigingen worden uitgevoerd. Naast de reguliere instrumenten uit de Bbz en de Participatiewet (waaronder inkomensondersteuning) zijn aanvullende ondersteuningsmogelijkheden beschikbaar voor ondernemers die nog hulp nodig hebben in de huidige transitiefase. Het ZLF heeft ondersteuning ontwikkeld in het kader van heroriëntatie op ondernemerschap voor zelfstandig ondernemers. Het gaat hierbij onder andere om coaching, scholing en schuldhulpverlening. Ook kan de dienstverlening van de regionale mobiliteitsteams (RMT’s) ingezet worden voor de doelgroep zelfstandig ondernemers, onder andere voor het inzetten van scholing en begeleiding naar werk. Op 18 januari jl. heeft het kabinet aangekondigd dat schulden bij de Belastingdienst en Toeslagen en andere publieke uitvoeringsorganisaties worden kwijtgescholden. Grondslag voor het kwijtschelden wordt opgenomen in de Verzamelwet hersteloperatie toeslagen. De beoogde inwerkingtreding is 1 januari 2022. Vooruitlopend op deze wet zijn gemeenten gevraagd om te anticiperen op de grondslag voor kwijtschelding en openstaande vorderingen kwijt te schelden.
Het verlenen van kwijtschelding van de vorderingen in het kader van Bbz, IOAZ en Tozo is inmiddels door het ZLF opgepakt en zal in 2022 vervolgd worden. Op 19 november 2021 is de Regeling specifieke uitkering kwijtschelding schulden SZW in verband met de hersteloperatie toeslagen verschenen. Het doel van deze regeling is het vergoeden van kosten die bij gemeenten ontstaan door het kwijtschelden van schulden binnen het SZW-domein van gedupeerden van de kinderopvangtoeslagaffaire. De vergoeding die gemeenten ontvangen bestaat uit twee componenten:
een vergoeding voor de gemiste inkomsten die het rechtstreekse gevolg zijn van het kwijtschelden van de schulden van de gedupeerden van de kinderopvangtoeslagaffaire. De vergoeding bedraagt 100% van de gederfde inkomsten in een begrotingsjaar. een vergoeding voor de uitvoeringskosten, zijnde een forfaitaire vergoeding van € 275,00 per gedupeerde die woonachtig is in de betreffende gemeente.
Het beleid ten aanzien van de aanpak van financiële problemen bij zelfstandigen is vastgelegd in het beleidsplan "Zelfstandigenloket Flevoland: Een vangnet voor ondernemers in Flevoland. De rol van de gemeente bij de aanpak van financiële problemen bij ondernemers”. In 2021 is het beleidsplan geactualiseerd. In het nieuwe beleidsplan wordt de in 2016 ingezette lijn voortgezet. Opnieuw is er nadrukkelijk voor gekozen om naast de wettelijke taken ook niet-wettelijke taken uit te voeren om ondernemers zo goed mogelijk te ondersteunen. Het beleidsplan is voor onbepaalde periode vastgesteld. Dit betekent dat het beleidsplan geldig is totdat er een aanleiding is om deze te vervangen. Tot slot bevat het bedrijfsplan een prognose van de uitvoeringskosten per gemeente en de kosten voor deelname aan de stichting MKB doorgaan in samenhang met het MKB Doorstartfonds. De uitvoeringskosten zijn voor de deelnemende gemeenten gelijk gebleven. 2 Opdracht ZLF De samenwerking rondom het Bbz en aanverwante regelingen is sinds 2003 een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde. De samenwerkingsafspraken zijn vastgelegd in een bestuursovereenkomst. De beleidsaanpak voor de komende jaren is opgesteld in het beleidsplan "Zelfstandigenloket Flevoland: Een vangnet voor ondernemers in Flevoland.
De rol van de gemeente bij de aanpak van financiële problemen bij ondernemers”. De uitvoering ligt bij gemeente Lelystad en van daaruit bij het ZLF. In 2021 is het beleidsplan geactualiseerd voor onbepaalde tijd. Her ZLF voert naast de wettelijke taken ook niet-wettelijke taken uit om ondernemers zo goed mogelijk te ondersteunen. Daarnaast worden de extra taken in verband met de Coronacrisis door het ZLF opgepakt als het gaat om ondersteunen van zelfstandigen. Ook worden de extra taken in het kader
van de hersteloperatie toeslagenaffaire door ZLF opgepakt. Hieronder is een overzicht van de taken van ZLF. Wettelijke taken ZLF - Uitvoering tijdelijke Bbz van 1 oktober t/m 31 december 2021; - uitvoering van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz); - uitvoering van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ); - inkoop schuldhulpverlening (ex)-zelfstandigen bij één of meerdere uitvoeringsorganisaties; - het verrichten van rechtmatigheidsonderzoeken; - begeleiding van (gewezen) zelfstandigen naar de uitvoeringsorganisatie voor schuldhulpverlening; - Kwijtschelden Bbz- en Tozo-leningen bedrijfskapitaal van gedupeerden kinderopvangtoeslagaffaire. Niet wettelijke taken - Advisering (lokale) overheid over uitvoering en regelgeving op het gebied van het MKB (o.a. via deelname aan het Platform Ondernemersadviseurs); - bemiddeling en verwijzing naar de stichting MKB doorgaan en de regisseursrol voor de aanvragen voor het MKB Doorstartfonds van de provincie Flevoland en de Kredietbank Nederland; - beoordeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen voor de gemeenten Zeewolde en Lelystad; - Marginale zelfstandigen (Parttime Ondernemen); - Pre-start; - Administratieve ondersteuning via de Flevolandse Zaak.
Extra taken ivm Coronacrisis - Uitvoering van de Tijdelijke overbruggingsregeling voor zelfstandig ondernemers (Tozo); - het verrichten van rechtmatigheidsonderzoek t.a.v. toegekende ondersteuning in het kader van de Tozo; - debiteurenwerkzaamheden Tozo; - het controleren op rechtmatigheid en juiste hoogte van de in het vierde kwartaal verstrekte uitkeringen Bbz; - ondersteuning bieden aan zelfstandigen bij de heroriëntatie op aanvullende en/of andere activiteiten. Verslaglegging Het ZLF doet ieder jaar op de navolgende wijze verslag van de voor de deelnemende gemeenten geleverde producten: Bedrijfsverslag: het jaarlijkse verslag over de uitvoering inclusief de overzichten van de voor de verschillende gemeenten geleverde producten en de bijbehorende kosten. Deze gegevens, in combinatie met de kostprijs per product, maken het voor iedere gemeente inzichtelijk hoe de totale bijdrage in het betreffende jaar tot stand is gekomen. Bedrijfsplan: het jaarlijkse plan met de verwachtingen voor de nabije toekomst. Productenboek: de beschrijving van de door het ZLF op grond van de bestuursovereenkomst te leveren producten (i.c. de door het ZLF te verrichten werkzaamheden). In het Productenboek wordt ook de ‘kostprijs per product’ vermeld.
Uitvoeringsrichtlijnen: de uitvoeringsrichtlijnen die door het ZLF worden nageleefd bij de uitvoering van de op grond van de bestuursovereenkomst verrichte werkzaamheden. Beeld van de uitvoering: het jaarlijks in februari per gemeente te leveren “Beeld van de uitvoering” dat wordt afgegeven ten behoeve van de verantwoording aan het ministerie van SZW (uiterlijk 28 februari). IC-verslag: de halfjaarlijkse rapportage door de Interne Controle. Het IC-verslag is de weergave van de door de verbijzonderde interne controle functionaris van de gemeente Lelystad uitgevoerde onderzoeken naar de wijze waarop door het ZLF de onderhavige regelingen heeft uitgevoerd. Accountantscontrole: de jaarlijks per gemeente ten behoeve van de eigen jaarrekening afgegeven accountantsverklaring.
Voorstel: Uitvoering van wettelijke, niet-wettelijke, extra taken i.v.m. Coronacrisis en de wijze van verslaglegging ook in 2022 voortzetten. 3. Nasleep maatregelen i.v.m. Coronacrisis De Tozo is per 1 oktober 2021 geëindigd. Vanaf die datum kunnen zelfstandig ondernemers die na de Tozo nog financiële ondersteuning nodig hebben een beroep doen op het Bbz. De verwachting is dat er minder ondernemers een beroep zullen doen op het Bbz dan op Tozo 5, maar dat de instroom in het Bbz vanaf oktober vele malen groter zal zijn dan de instroom gemiddeld genomen is. Of de instroom in 2022 ook hoger zal zijn is nog moeilijk aan te geven. De periode van steunpakketten voor het bedrijfsleven is achter de rug, overheidssteun hielp, maar veel ondernemers bouwden schulden op. Mogelijk kunnen gezonde bedrijven alsnog omvallen bij een beetje tegenwind. 3.1 Rechtmatigheid en financiële verantwoording Tozo Gemeenten worden volledig financieel gecompenseerd voor de uitkeringskosten en uitvoeringskosten in het kader van de Tozo. Op de SZW-begroting is hiervoor een bedrag van 3,8 miljard euro gereserveerd. Gemeenten ontvangen de benodigde middelen via een nieuwe specifieke uitkering. Gemeenten ontvangen op basis van deze verantwoording achteraf de volledige bestedingen voor de verstrekte uitkeringen voor levensonderhoud en de leningen voor bedrijfskapitaal vergoed.
Voor de uitvoeringskosten wordt de gemeente gecompenseerd via een vast bedrag. Gemeenten verantwoorden zich achteraf, na afloop van het uitvoeringsjaar, op de gebruikelijke wijze (via het systeem van Single Information Single Audit) aan het Rijk over de daadwerkelijke uitkeringskosten. De uitkeringskosten bestaan uit de uitkeringslasten verminderd met de baten uit uitkeringen, met name de baten uit aflossing en rente op de verstrekte leningen voor bedrijfskapitaal. Voor de vergoeding van de uitvoeringskosten geldt een vast bedrag per aanvraag. Op basis van deze gemeentelijke verantwoording wordt de hoogte van de vergoeding vastgesteld en – onder verrekening van de aan de gemeente verstrekte voorschotten – betaald aan de gemeente. 3.2 Versoepeling Bbz periode 1 oktober t/m 31 december 2021 De aanvraagprocedure bij het Bbz is intensiever en kost meer tijd dan die bij de Tozo en Participatiewet. Zo wordt het bedrijf op levensvatbaarheid getoetst en wordt het vermogen van de ondernemer bepaald. Om de uitvoering van deze aanvraagprocedure voor gemeenten (ZLF) en ondernemers te vergemakkelijken, heeft het kabinet besloten voor nieuwe aanvragen van bijstand voor levensonderhoud een aantal onderdelen van het Bbz tijdelijk buiten werking te stellen en daarvoor in de plaats enkele artikelen voor deze periode aan het Bbz toe te voegen.
In het Bbz wordt Hoofdstuk VIIa toegevoegd met als titel ‘Tijdelijke afwijkende regels voor instroom tijdens vierde kwartaal 2021’ (zie bijlage 1). Dit hoofdstuk is per 1 oktober 2021 in werking en vervalt per 1 januari 2022. Voor de ondernemers versoepelt hiermee de overgang van Tozo naar Bbz, omdat de aanvraagsystematiek voor hen grotendeels overeen zal komen met de aanvraag voor een Tozo-uitkering. En voor gemeenten (ZLF) neemt de piekbelasting en werkdruk bij de beoordeling van de aanvragen af. Het Bbz wijzigt van 1 oktober t/m december 2021 voor de aanvraag van (alléén) algemene bijstand voor levensonderhoud op 3 punten: 1. De uitkering voor levensonderhoud kan met terugwerkende kracht worden aangevraagd en toegekend; 2. Het recht op en de hoogte van de uitkering wordt per kalendermaand berekend. 3. Er wordt geen vermogenstoets gedaan. De uitkering wordt direct toegekend als uitkering ‘om niet’. Deze aanpassingen gelden in het 4e kwartaal van 2021 alléén voor nieuwe aanvragen. Voor ondernemers die vóór 1 oktober 2021 al een Bbz-uitkering ontvingen en waarbij deze mogelijk verlengd wordt in het 4e kwartaal, blijven de reguliere Bbz-artikelen gelden. De tijdelijke aanpassingen van het Bbz gelden alleen voor de aanvragen en toekenning van algemene bijstand voor levensonderhoud, niet voor aanvragen bedrijfskapitaal. Vraagt de ondernemer in het 4e
kwartaal naast een uitkering ook een bedrijfskapitaal aan (of enkel bedrijfskapitaal), dan geldt de reguliere Bbz-systematiek voor de vaststelling van de noodzaak en hoogte van dit bedrijfskapitaal. Doelgroep Naar verwachting zullen vooral gevestigde zelfstandigen die Tozo ontvangen een beroep doen op het Bbz, maar ook voor startende ondernemers en de andere doelgroepen binnen het Bbz gelden in het 4e kwartaal deze Bbz-tijdelijke wijziging. Voor een zelfstandige die 36 maanden een uitkering heeft ontvangen als startende zelfstandige, die eindigt per 1 oktober 2021, zou sprake moeten zijn van een levensvatbare onderneming. Het Bbz biedt hierin geen aanknopingspunten om deze verder te verlengen vanwege externe omstandigheden. Voor een gevestigde zelfstandige die 12 maanden een uitkering heeft ontvangen als gevestigde zelfstandige, die eindigt per 1 oktober 2021, kan worden overwogen deze te verlengen, omdat er sprake is van externe omstandigheden (Covid 19). Aanvragen en toekennen met terugwerkende kracht Voor het Bbz geldt dat de ingangsdatum van de uitkering niet vóór de datum van melding door de zelfstandige mag liggen (art. 44 lid 1 Pw).
Om ondernemers iets meer tijd te geven om te beoordelen of zij ondersteuning nodig hebben, maar vooral ook om de gemeentelijke uitvoering te ontlasten, kunnen ondernemers de uitkering in het 4e kwartaal van 2021 met terugwerkende kracht tot de 1e van de voorafgaande maand aanvragen (art. 56 lid 1 Bbz). Dit houdt het volgende in: • De zelfstandige kan de uitkering alleen aanvragen – en de gemeente toekennen - per 1e van de maand; • In de maand oktober is dat per 1 oktober (of per 1 november of 1 december); • In november per 1 oktober of 1 november (of per 1 december); en • In de maand december per 1 november of 1 december. De Bbz-uitkering kan in de periode oktober tot en met december 2021 alléén voor deze periode – en dus voor maximaal 3 maanden - worden aangevraagd en toegekend. Voor een uitkering vanaf januari 2022 moet de ondernemer een nieuwe aanvraag indienen. Buiten deze periode van 3 maanden om, daarvoor of daarna, kan van deze tijdelijke regeling geen gebruik worden gemaakt. In januari 2022 kan dus niet meer met terugwerkende kracht worden aangevraagd. Het advies is om dit ook duidelijk te communiceren in de media die de gemeente hiervoor gebruikt. De mogelijkheid bestaat om, zoals ook binnen het reguliere Bbz, voorschotten te verlenen voor algemene bijstand. 3.3 Controle In 2022 zullen controles plaatsvinden t.a.v.
de in 2021 verstrekt Tozo-uitkeringen en de in het vierde kwartaal verstrekte Bbz-uitkeringen. Controles Tozo Voor de Tozo hebben gemeenten (ZLF) de mogelijkheid om de nodige controle- c.q. herstelacties direct uit te voeren voor afgifte van de beschikking, of bij een eventuele verlenging van de uitkering en/of om aanvullend op de eigen inspanningen daarvoor gebruik te maken van landelijke dataanalyses uitgevoerd door het Inlichtingenbureau (IB). Het herstellen van onvolkomenheden in de rechtmatigheid is dus mogelijk. Gemeenten (ZLF) kunnen een bestuurlijke afweging maken met het oog op de daaraan verbonden administratieve lasten, voor zowel de gemeente zelf als mogelijk de zelfstandige. Aan niet (volledig) herstellen kunnen wel consequenties verbonden zijn. Naar aanleiding van de input vanuit het IB kunnen gemeenten, in aanvulling op controles aan de toegangspoort, opvolging geven aan binnengekomen signalen. Voor de accountant van de gemeente is alleen de opvolging van signalen (die volgen uit de bestandskoppelingen door het IB) voor de herstelacties door de gemeente niet voldoende bewijs voor de rechtmatigheid van een uitkering. Daarom wordt van gemeenten verwacht dat ze ook eigen herstelacties uitvoeren en niet enkel gebruik maken van de bestandskoppelingen van het IB.
Controles Bbz Na afloop van het 4e kwartaal 2021 zullen gemeenten (ZLF) alle verstrekte uitkeringen Bbz op rechtmatigheid en juiste hoogte ervan moeten controleren. Er geldt geen steekproefsgewijze controle achteraf, zoals bij de Tozo. Dat betekent dat de ondernemer per uitkeringsmaand moet verklaren wat de inkomsten zijn. Er hoeft dus niet naar inkomen in het gehele boekjaar te worden gekeken. De zelfstandige geeft bij de aanvraag een verklaring van de te verwachten inkomsten in de betreffende maanden waarvoor inkomensondersteuning wordt aangevraagd. Bij de beoordeling van het recht op en de hoogte van de bijstand kan worden uitgegaan van de verklaring van de zelfstandige. Voorstel: Uitvoering van rechtmatigheidsonderzoeken Tozo en controles Bbz (ook) in 2022 voortzetten. 4. Extra tijdelijke ondersteuning voor gevestigde ondernemers Naast de financiële steun in de vorm van de Tozo en het Bbz, worden ondernemers ook op andere gebieden ondersteund, om de gevolgen van de coronacrisis het hoofd te kunnen bieden. De focus ligt op heroriëntatie. 4.1 Ondernemers ondersteunen om zich te oriënteren op de toekomst Het kabinet wil zelfstandig ondernemers graag waar nodig ondersteunen om zich voor te bereiden op een nieuwe toekomst, hetzij als zelfstandig ondernemer, hetzij als werknemer.
Op basis van het plan van aanpak heroriëntatie ondernemers initieert en coördineert het ZLF de dienstverlening en schakelt daarbij diverse partijen in. Zo wordt voor de begeleiding naar werk en/of opleiding samengewerkt met het Leerwerkloket Flevoland en het Regionale Mobiliteitsteam (RMT) dat in oktober operationeel is geworden. Het ZLF inventariseert met de ondernemer of en zo ja welke ondersteuning nodig is. Dit betekent: Versterken van de onderneming. Kiezen om (gedeeltelijk) te stoppen en begeleiding naar loondienst. Ondersteuning bij schulden. Ondersteuning bij sociaal- emotionele problematiek. Met het heroriëntatietraject wordt beoogd dat ondernemers niet blijven hangen in hun drang om de huidige werkzaamheden te blijven uitvoeren, maar zich breder te oriënteren op het ondernemen, bedrijfsvoering en de arbeidsmarkt. Hiermee wordt voorkomen dat ondernemingen die nu niet (meer) levensvatbaar zijn en alleen nog staande worden gehouden door financiële steun van de overheid na afloop van deze steunperiode failliet gaan. Tijdige bijsturing in een periode waarbij het inkomen (deels) is gegarandeerd kan leiden tot nieuwe impulsen, innovatie en ander werk. Dit kan zowel in loondienst als ook binnen de eigen of andere branche zijn.
Het ZLF heeft tot oktober 2021 met 543 ondernemers adviesgesprekken gevoerd en indien nodig de ondernemer door verwezen naar andere partijen zoals het Leerwerkloket. Een ondernemer kan meerdere hulpvragen hebben. Onderstaand tabel geeft een overzicht van de hulpvraag van ondernemers. hulpvraag hulp bij schulden Eenmalig advies of gesprek met een sparringpartner Hulp bij bijscholing of omscholing Andere hulp Begeleiding bij mijn bedrijf of beroep door een coach Hulp bij mentale problemen Hulp bij de boekhouding of administratie Hulp bij het oriënteren op betaald werk of het vinden van een baan in loondienst
Totaa Almer Lelysta N.O.P Dronte Zeewold l e d . n e Urk 157 114 31 5 3 3 1 133 126 118
94 103 80
26 12 27
4 3 6
4 5 4
5 3 1
0 0 0
104 90 85
75 68 57
21 15 16
1 4 5
3 3 3
4 0 3
0 0 3
68
52
9
4
2
1
0
Hulp bij beëindiging van mijn bedrijf
13
6
3
1
0
3
0
Aantal ondernemers met hulpvraag
543
392
97
19
18
14
3
Voorstel: Het ZLF heeft het initiatief genomen om met de arbeidsmarktregio en de gemeenten de heroriëntatie voor ondernemers af te stemmen en zal dit voortzetten in 2022. 4.2 Waarschuwing VNO NCW: Schuldenberg bij ondernemers na coronacrisis Het VNO NCW waarschuwt dat de gevolgen van de coronacrisis voor veel ondernemers nog lang niet voorbij zijn. Het afgelopen jaar was uitstel van betaling van allerlei soorten overheidsbelastingen cruciaal om de liquiditeit in bedrijven op peil te houden, maar aangezien uitstel nog geen afstel is, vormt deze 16 miljard aan belastingschuld nu een molensteen om de nek van veel ondernemers. Veel ondernemers gingen acute liquiditeitsproblemen te lijf door ook bij private partijen ruimte te zoeken. Uit een enquête van Inretail bleek twee derde van hun leden privéspaargeld te gebruiken, een derde leningen in de privésfeer aan te gaan, een overgrote meerderheid betaalafspraken met leveranciers te maken zoals het oprekken van de betalingstermijnen (meer dan 80 procent) en uitstel of kwijtschelding van huurkosten te krijgen (meer dan de helft). Allemaal schulden die dus nog bovenop de belastingschulden komen. Schulden terugbetalen gaat soms jaren duren Uit onderzoek van ABN AMRO blijkt dat in veel sectoren een groot deel van de winst de komende jaren zal gaan naar het afbetalen van hun belastingschulden.
Daar komen de private schulden dus nog eens bovenop. Economen bij ABN AMRO constateren dat te hoge schulden ondernemers danig in de weg kunnen zitten. Zo blijkt uit de conjunctuurenquête van het CBS dat het vertrouwen in de toekomst bij veel van hen is afgenomen. 'De laatste financiële crisis leerde ons dat bedrijven met een hoge schuldenlast minder investeerden in de jaren van herstel. Zodra een onderneming voornamelijk bezig is met het afbetalen van zijn verplichtingen blijft er eenvoudigweg minder ruimte over voor ondernemerschap en groei', schrijven zij in hun analyse van de belastingschuld per branche van 17 mei. Afbetalen betekent: geen ruimte voor investeringen 'De mogelijkheden om uit te breiden of te investeren worden beperkt, wat op termijn gevolgen kan hebben voor de werkgelegenheid in deze sectoren die vrij arbeidsintensief zijn.' Ook wijzen ze op uitstralingseffecten. 'Het feit dat deze sectoren worden geremd, sorteert weer effecten in de keten die achter deze bedrijven zit, zoals bijvoorbeeld voor toeleveranciers van cafés.' Met name achterblijvende investeringen in innovatie hebben een sterk negatief effect. Een investering van 1 euro levert namelijk maar liefst 2 euro en 60 cent op aan toegevoegde waarde van de samenleving, zo berekende de Rabobank in 2019. Minder groei dus, en als gevolg ook minder nieuwe banen en een kleinere bijdrage aan de staatskas.
Minder investeringen en minder innovatie betekent ook slechter kunnen inspelen op nieuwe ontwikkelingen. Allemaal factoren die maken dat ogenschijnlijk weer gezonde bedrijven alsnog kunnen omvallen bij een beetje tegenwind. In bijlage 2 is het vorenstaande schematisch weergegeven in een infographic. Voor het ZLF betekent dit dat het van groot belang blijft om de schuldhulpverlening aan ondernemers aan te bieden en bekendheid te geven. De normale betaalverplichtingen gaan weer lopen en een aanzienlijk deel van het klein MKB en de ZZP-ers hebben schulden overgehouden, zoals schulden bij de belastingdienst, UWV en private schuldeisers.
4.3 Innovatie Bbz Om de toename van het aantal Bbz aanvragen in de verdere toekomst te kunnen verwerken zet het ZLF in op drie hoofdlijnen: 1. de verdere digitalisering van het Bbz (aanvraag)proces; op 1 oktober is het digitale aanvraagproces voor de tijdelijke Bbz regeling gerealiseerd door middel van een clientportaal en verwerking van de gegevens door robotisering. Deze zijn de basis voor de doorontwikkeling per 1 januari 2022. In 2022 zal ook worden ingezet op de digitalisering van de overige producten Bbz. Hierbij wordt landelijk samengewerkt met GBI/VNG 2. het door ontwikkelen van het levensvatbaarheidsonderzoek als onderdeel van het digitale aanvraagproces. 3. vergroten van expertise bij de medewerkers gericht op trainingen. 5 Uitvoering 2022 Ook in 2022 zal het ZLF het Bbz 2004 en de IOAZ uitvoeren voor de Flevolandse gemeenten en daarmee een vangnet bieden aan ondernemingen met een goed toekomstperspectief met tijdelijke financiële problemen. In dit hoofdstuk worden de producten en de daarmee samenhangende kosten weergegeven. 5.1 Producten en prognose uitvoeringskosten MKB Doorgaan 2022 per gemeente Het MKB Doorstartfonds en evaluatie door de provincie.
Op basis van de evaluatie heeft de provincie Flevoland in 2020 besloten een bedrag van € 650.000,-- beschikbaar te stellen voor het MKB Doorstartfonds met als voorwaarde dat de Flevolandse gemeenten zorg dragen voor de uitvoeringskosten. Hiervoor en om de ondernemers vroegtijdig te bereiken wordt samengewerkt met de stichting MKB Doorgaan.nl. In het beleidsplan is de rol van MKBDoorgaan.nl beschreven als een voorliggende voorziening voor het inschakelen van de Bbz regeling. Het MKBDoorstartfonds wordt ingezet als er sprake is van een levensvatbaar bedrijf, maar financiering via private partijen en het Bbz (vanwege doelgroep bepalingen) niet mogelijk is. Het ZLF heeft de afgelopen 5 jaar een sleutelrol vervuld bij de inrichting en aanwending van het MKBDoorstartfonds. Hiervoor is bewust gekozen door de provincie omdat het ZLF onafhankelijk is en veel ervaring heeft met het begeleiden van ondernemers. De Gedeputeerde Staten heeft ingestemd met de continuering van het MKB Doorstartfonds waarbij een kredietfaciliteit van maximaal € 650.000 beschikbaar zal worden gesteld voor de periode tot 1 juni 2030. De dienstverlening van de stichting MKB Doorgaan bestaat uit de volgende producten: Ook in 2022 willen we de dienstverlening van Stichting MKB Doorgaan blijven inzetten. De geleverde producten blijven: - Intakegesprek.
- Quick-scan (eenvoudig of uitgebreid) - Bijstellen strategie (eenvoudig of uitgebreid) Nazorg. In 2020 is de stichting MKBDoorgaan.nl aangesloten bij Geldfit Zakelijk. Dit is een onderdeel van de Nederlandse schuldhulproute (NSR). De NSR is één weg naar passende schuldhulp, voor alle mensen in Nederland. In de NSR werken bedrijven – waaronder banken -, gemeenten en partners uit het schuldendomein samen, met als doel: voorkomen dat betalingsproblemen uitgroeien tot schuldzorgen. MKB-doorgaan. Naast consumenten kunnen ook ondernemers gebruik maken van een dienst die hen ondersteunt bij financiële problemen. Dat betekent dat banken en verzekeraars ondernemers die dreigen in problematische schulden terecht te komen op het spoor gaan zetten naar passende hulp. De betrokken partners vanuit de financiële sector hebben tot deze uitbreiding besloten, mede met het oog op de impact van de coronacrisis. Geldfit Zakelijk is een uitbreiding van de online test Geldfit.nl.
Prognose van de kosten per gemeente:
5.2 Prognose uitvoeringskosten 2022 per gemeente Gezien de economische ontwikkelingen en de ontwikkelingen rondom de steunmaatregelen, kunnen wij de verwachting voor 2022 van de aantallen Bbz aanvragen moeilijk aangeven. Daarom wordt voorgesteld de prognose van 2021 te handhaven voor 2022. Voorgesteld wordt het uurtarief te handhaven op € 80,00. Het uurtarief is gebaseerd op de uitgaven voor salarissen, ontwikkelingen, overhead, inhuur, beleid, applicatiebeheer, IC en de accountant. De formatie bestaat uit 18,5 fte. Daarnaast wordt gewerkt met een flexibele schil, afhankelijk van de hoeveelheid aanvragen en ontwikkelingen. Voor de uitvoering van de Tozo is naast de inzet van medewerkers van het ZLF voor het verwerken van de kredietaanvragen Tozo gebruik gemaakt van inhuur en extra inzet collega’s van aangesloten gemeenten. Ook in 2022 zal extra worden ingezet op het mogelijk maken van Robotisering. Deze ontwikkeling wordt mogelijk gemaakt door inzet uit het team, interne specialisten, Cap Gemini en bureau Lost Lemon. Hiervoor worden extra uitgaven gedaan. Deze kosten worden betaald uit de exploitatiekosten ZLF en worden niet afzonderlijk in rekening gebracht bij de aangesloten gemeenten. De producten en kostprijzen zijn in het overzicht (zie bijlage 1) opgenomen en verwerkt in het productenboek 2022.
De verwachting is dat de uitgaven van de uitvoeringskosten binnen de begrotingen van de deelnemende gemeenten blijven. De nota’s worden achteraf per kwartaal gedeclareerd bij de deelnemende gemeenten. Door inzet van het Bbz zit de besparing voor de gemeenten vooral in het behoud van ondernemerschap, werkgelegenheid, het voorkomen van instroom en het bevorderen van uitstroom in de Participatiewet. De medewerkers van de deelnemende gemeenten zijn geïnformeerd over de uitgaven en opbrengsten van het Bbz. In 2022 zal het ZLF deze informatie ook weer per kwartaal aan de gemeenten verstrekken. 5.3 Afspraken over financiering van levensvatbaarheidsonderzoek Gemeenten kunnen de kosten van levensvatbaarheidsonderzoeken niet meer declareren. De middelen zijn toegevoegd aan het gemeentefonds en worden via de algemene uitkering, op basis van de maatstaven, verdeeld over de gemeenten. Gemeenten zullen de verwachte kosten moeten opnemen in hun begroting. Door deze wijziging is het levensvatbaarheidsonderzoek vormvrij en de verplichte vorm vervalt. Het ZLF gaat inzetten op het minder aan derden uitbesteden van de levensvatbaarheidsonderzoeken. Ook zal worden ingezet op andere vormen, zoals het inzetten van workshops en coaching na financiering, waardoor de levensvatbaarheid kan worden vergroot. Voor de aanvragen levensonderhoud zullen geen externe onderzoeken ingezet worden.
Doordat de medewerkers van het ZLF gespecialiseerd zijn in de uitvoering van het Bbz kunnen zij deze taak goed uitvoeren. Er is ingezet op extra scholing om deze taken goed uit te kunnen uitvoeren. Om de ondernemer ook ondersteuning te kunnen bieden in de bedrijfsvoering wordt er in de lijn van het sociaal domein nog meer samengewerkt met andere partijen zoals het Ondernemersklankbord, waarbij (oud-) ondernemers andere ondernemers coachen.
Hieronder is een overzicht van het beschikbare budget voor levensvatbaarheidsonderzoeken en het budget per gemeente opgenomen. Het ZLF verzoekt de gemeenten deze budgetten ter beschikking te stellen. De benodigde bedragen leiden niet tot een kostenverhoging voor de gemeente.
Benutting participatiebudget Als aan de voorwaarden van de Participatiewet en de re-integratieverordening van de gemeente wordt voldaan, bestaat de mogelijkheid de kosten voor workshops en coaching uit het participatiebudget te bekostigen. Dit geldt voor de beoordeling tot toelating in de voorbereidingsperiode, de begeleiding van starters en gevestigde zelfstandigen. Voorstel: Instemmen met het voorgestelde uurtarief en de uitvoeringskosten van het ZLF en MKBDoorgaan.nl voor de deelnemende gemeenten.
Bijlage 1 Prognose kosten deelnemende gemeenten 2022
Bijlage 2 Schuldenberg bij ondernemers na coronacrisis
Bijlage 3 Wijziging van het Bbz m.i.v. 1 oktober 2021