D09 00 Bestuursbegroting Aves Onderwijs 2026-2030.pdf
Tekst van het document
Werkveld Financiën
Datum 7 november 2025
Instemming/Advies gmr I/A – 26 november 2025
Vastgesteld cvb 12 november 2025
4-1 | Bestuursbegroting 2026-2030 Meerjarenbegroting
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
Inhoudsopgave
1.
Voorwoord ............................................................................................................................................. 3
2.
Begrotingsproces .................................................................................................................................. 4
3.
Actuele ontwikkelingen ...................................................................................................................... 5
4.
5.
3.1
We zijn gestart met het aanbieden van kinderopvang in eigen beheer ........................ 5
3.2
Minder tekorten, maar de druk blijft groot ......................................................................... 5
3.3
Scholen fuseren ........................................................................................................................ 6
3.4
Nieuwe kindcentra en nieuwbouw leiden tot extra uitgaven ......................................... 6
Cijfers ....................................................................................................................................................... 7 4.1
Meerjarenbegroting 2026-2030 ........................................................................................... 7
4.2
Begroting 2026 t.o.v. voorgaand jaar................................................................................... 8
Toelichting op afwijkingen & gevolgen beleidskeuzes Meerjarenbegroting ....................... 14 5.1
Afwijkingen .............................................................................................................................. 14
5.2
Gevolgen beleidskeuzes ....................................................................................................... 15
5.3
Kengetallen.............................................................................................................................. 17
5.4
Meerjarenbalans ..................................................................................................................... 18
6.
Bestuursformatieplan ........................................................................................................................ 20
7.
Allocatie van middelen ...................................................................................................................... 22
8.
Risicoparagraaf.................................................................................................................................... 23 8.1
Risico’s en risicobeheersing ................................................................................................. 23
Bijlage 1 Schoolformatieplannen ................................................................................................................. 27
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
2
1. Voorwoord Kalenderjaar 2026 is het laatste jaar van de strategische beleidsperiode 2022 – 2026. Met deze begroting sluiten we voor het laatst aan bij de doelen die we in 2022 hebben beschreven in ons strategisch beleid ‘Aves vliegt verder’. In 2026 wordt het nieuwe strategische beleidsplan geschreven. We geven de cijfers en een toelichting We starten dit document met een beschrijving van enkele, actuele ontwikkelingen. Daarna presenteren we de cijfers en geven we hier een toelichting op. We maken duidelijk welke formatie we inzetten en wat de financiële positie van Aves is. We sluiten af met het adresseren van de ingeschatte risico’s. We hebben een beleidsrijke begroting en de continuïteit blijft op orde Met deze begroting komt er een einde aan een periode waarin we als organisatie heel bewust met een negatieve begroting hebben gewerkt. We hebben het extra geld dat de overheid heeft geïnvesteerd tijdens de coronaperiode (de NPO middelen) ingezet. Samen met de wijziging waarmee wij de administratie van het onderhoud in onze gebouwen moeten voeren (de zgn. ‘componentenmethode’) zorgt dit ervoor dat het geld van de plank is. Onze vermogenspositie is weer teruggebracht naar normale waarden. Vanaf 2026 staat er weer een positief exploitatieresultaat gepland. In 2026 formuleren we nieuwe ambities in een vernieuwd strategisch beleidsplan.
We zijn blij dat we dit kunnen doen vanuit een gezonde financiële basis. Dirk-Peter van ‘t Sant Jos Timmermans College van bestuur
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
3
2. Begrotingsproces Elk najaar wordt de meerjarenbegroting opgesteld aan de hand van de begrotingen per school en op bestuursniveau. In dit proces worden strategische ambities geconcretiseerd en met inbreng van de Voorjaarsnotitie en het Bestuursjaarplan verder verfijnd. Door directeuren en adviseurs via de Voorjaarsnotitie en het Bestuursjaarplan mee te laten denken over de vertaling van de ambities naar een begroting wordt de organisatie zich meer bewust van de (meerjarige) financiële consequenties en planning. Lopende het begrotingsjaar wordt het aangaan van niet begrote financiële verplichtingen hierdoor beperkt, of ze worden bewuster aangegaan. Deze besprekingen geven voldoende ruimte om actuele ontwikkelingen nog in de begroting te kunnen verwerken. In het begrotingsproces nemen directeuren via de schoolbegroting eigen verantwoordelijkheid om beleidskeuzes te maken en concretiseren. Ook nemen zij de verantwoordelijkheid om medezeggenschap toe te passen. Onderdeel van het proces is een toetsing via individuele begrotingsgesprekken met de medewerker planning & control en het bestuur.
Meerjarenbegroting 2026-2030
Voorjaarsnotitie 2025 e.v.
Begroting 2026
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
4
3. Actuele ontwikkelingen 3.1 We zijn gestart met het aanbieden van kinderopvang in eigen beheer In februari 2025 zijn we gestart met het aanbieden van kinderopvang in eigen beheer via Stichting Aves Kinderopvang. Om dit juridisch correct te kunnen doen is de bestuursstructuur in 2024 aangepast. Onderwijsstichting Aves is hernoemd en heet nu formeel Stichting Aves Onderwijs. Daarnaast is Stichting Aves Kinderopvang opgericht. Beide stichtingen werken met een eigen begroting en eigen financiële administratie. In 2025 zijn drie locaties voor buitenschoolse opvang geopend. Deze basisscholen zijn daarmee doorontwikkeld naar kindcentra. Voor 2026 staan nog meer locaties gepland die deze doorontwikkeling gaan doormaken. Deze ontwikkeling heeft op bestuursniveau geleid tot hernieuwde gesprekken met Stichting Kinderopvang Noordoostpolder (SKN). Met hen is een intentieovereenkomst afgesloten waarmee een onderzoek is gestart om te komen tot intensievere samenwerking, zo een mogelijke fusie, tussen Stichting Aves Kinderopvang en SKN per 1 januari 2027. 3.2 Minder tekorten, maar de druk blijft groot De landelijke tekorten aan leraren en schoolleiders zijn afgelopen jaar iets afgenomen. Het lerarentekort is circa 7.730 fte (8,1% van de werkgelegenheid) en het tekort aan schoolleiders is circa 850 fte1. Dat de tekorten iets zijn afgenomen heeft meerdere oorzaken.
De belangrijkste is dat de overheid is gestopt met het verstrekken van extra middelen aan de sector voor herstel na de coronaperiode (NPO middelen). Met het wegvallen van deze middelen kiezen veel scholen voor het loslaten van het personeel dat bij het verstrekken van de middelen is aangenomen of uitgebreid in taakomvang. Dit verkleint de druk op de arbeidsmarkt tijdelijk. Een andere oorzaak is dat er een grotere instroom is via de Pabo en alternatieve routes (zijinstroom). Misschien is de werktevredenheid hier een oorzaak van. De baankans is zeer groot en 85% van medewerkers in het primair onderwijs is (zeer) tevreden over het werk. Om te kunnen anticiperen op het lerarentekort nemen we verschillende initiatieven. Samen met Pabo’s werken we aan een kwalitatief goed opleidingstraject voor studenten en als organisatie investeren we vanuit eigen middelen al een aantal jaar flink in traineeships. Dat is het op maat gemaakte traject waarmee zij-instromers direct bij ons in dienst komen. Zij starten als onderwijsondersteunend personeel en worden opgeleid tot leraar. Zesentwintig trainees zijn op dit moment al volledig afgestudeerd. Zij staan op dit moment als volledig bevoegd leraar voor de 1 Arbeidsmarktanalyse-2025-Arbeidsmarktplatform-PO.pdf
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
5
groep. Dit geeft het succes van deze aanpak aan. Daarnaast zijn er nog zevenentwintig in opleiding en is er in deze begroting opnieuw ruimte gemaakt voor vier nieuwe trainees. 3.3 Scholen fuseren In de afgelopen drie jaar is er een versnelling gekomen in de vorming van samenwerkingsscholen door fusies van de voormalige scholen. Deze tijdlijn geeft een overzicht: 2023
fusie tot De Leeuwerik in Rutten
2024
fusie tot De Akkerbloem in Creil
2025
fusie tot De Bunder in Bant en fusie tot De Trimaran in Marknesse
2026
fusie tot Samenwerkingsschool Ens (werktitel) staat gepland per 1 augustus 2026.
Fusies van scholen hebben op meerder manieren effect op de begroting. Allereerst omdat er bij fusie van scholen fusiemiddelen (officieel ‘aanvullende bekostiging bij samenvoeging’) worden toegekend door het Rijk. Dit zijn additionele middelen die zijn bedoeld om kosten die het samenbrengen van de scholen met zich meebrengt financieel op te kunnen vangen (frictiekosten). Deze samenvoegingscompensatie wordt twee jaar verstrekt. Na deze twee jaar krijgt de school de bekostiging op reguliere wijze, wat per saldo een lagere bekostiging is dan de bekostiging van de afzonderlijke scholen (voor de fusie). Dit komt door het wegvallen van de ‘vaste voet’ en Kleine Scholen Toeslag. Dit wordt na fusiedatum voor één school verstrekt. Verder wordt bij fusie de administratie in de begroting aangepast, wat betekent dat de afzonderlijke delen worden samengebracht tot één geheel onder de noemer van de nieuwe gefuseerde school. Dat gaat om inkomsten en uitgaven, maar ook om investeringen en vermogen dat eerder is opgebouwd. 3.4 Nieuwe kindcentra en nieuwbouw leiden tot extra uitgaven Met het ontstaan van nieuwe scholen (kindcentra) ontvangt de stichting bekostiging zodra er een BRIN-nummer is toegekend. In 2025 is er een BRIN-nummer toegekend aan Kindcentrum Emmelhage (Emmeloord) en in 2027 wordt er toekenning van een BRIN-nummer verwacht voor Kindcentrum Reevedelta (Kampen).
De kosten die in de aanloop naar de officiële toekenning van dit BRIN-nummer door het bestuur gemaakt worden zijn voor eigen rekening van het bestuur. Die moet dit voorfinancieren. Met de start van nieuwe kindcentra worden er ook nieuwe gebouwen aan de organisatie toegevoegd. In 2026 gaat dit om: KC Reevedelta: realiseren van tijdelijke (semi permanente) huisvesting. KC Emmelhage: realiseren van uitbreiding van de huidige tijdelijke huisvesting èn realisatie van nieuwe permanente huisvesting in 2027.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
6
4. Cijfers 4.1 Meerjarenbegroting 2026-2030 De leerlingenaantallen die de scholen bereiken op teldatum 1 februari vormen de basis van de bekostiging. Deze leerlingaantallen leiden tot inkomsten via de Rijksbijdragen. Daarnaast komen er extra inkomsten via Overige overheidsbijdragen en Overige baten. Dit zijn bijvoorbeeld subsidies die scholen ontvangen om de basisvaardigheden van leerlingen verder te verbeteren. Exploitatie
2026
2027
2028
2029
2030
48.258.166
47.315.359
45.762.707
45.402.519
45.248.556
Ov. overheidsbijdr
165.655
116.148
115.648
91.148
88.148
Overige baten
408.115
405.715
405.715
404.715
403.215
Subtotaal baten
48.831.936
47.837.223
46.284.070
45.898.383
45.739.920
Personeelslasten
-41.382.023
-40.371.359
-38.887.890
-38.388.956
-38.257.896
Afschrijvingen
-1.486.252
-1.519.111
-1.494.862
-1.579.180
-1.626.053
Huisvestingslasten
-2.453.935
-2.436.008
-2.430.634
-2.428.724
-2.397.792
Overige lasten
-3.537.226
-3.357.871
-3.328.221
-3.323.811
-3.303.221
Subtotaal lasten
-48.859.436
-47.684.349
-46.141.607
-45.720.671
-45.584.962
Financiële baten
119.912
117.994
115.979
113.860
111.636
Resultaat
92.412
270.868
258.442
291.572
266.594
Rijksbijdragen
In het begrote resultaat voor 2026 is rekening gehouden met een indexering van de bekostiging van 4,2%, ter dekking van de CAO-stijging en de prijsbijstelling. In deze indexering is rekening gehouden met een CAO stijging van 5,5% zoals de PO-raad adviseert. Een uitgebreidere toelichting op de begroting van dit jaar wordt gegeven in onderstaande paragrafen. Een toelichting op de afwijkingen en gevolgen van beleidskeuzes wordt gegeven in hoofdstuk 5.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
7
4.2 Begroting 2026 t.o.v. voorgaand jaar In de onderstaande tabel zijn de baten ten opzichte van de begroting 2025 weergegeven. 2025
2026
Verschil
3.1 Rijksbijdragen
46.329.990
48.258.166
1.928.176
3.1.1.1 OCW
42.038.134
44.061.997
2.023.863
3.1.2.2 Niet geoormerkte subsidies
2.570.856
2.520.292
-50.564
3.1.3 Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV
1.721.000
1.675.877
-45.123
3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies
359.926
165.655
-194.271
3.2.1 Gemeentelijke bijdragen en subsidies
34.788
34.548
-240
3.2.2 Overige overheidsbijdragen
325.138
131.107
-194.031
3.5 Overige baten
345.392
408.115
62.724
3.5.1 Verhuur
102.698
146.100
43.402
3.5.2 Detachering personeel
100.944
33.413
-67.530
39.500
39.500
141.750
189.102
88.156
47.035.308
48.831.936
1.796.628
3.5.5 Ouderbijdragen 3.5.6 Overige (overige baten) Baten
4.2.1 Rijksbijdragen De rijksbijdragen zijn 1,9 miljoen hoger dan voorgaand jaar. Dit wordt vooral veroorzaakt door normaanpassing van de bekostiging (indexering) en de hogere Rijksvergoeding (RV) samenvoegingsfaciliteiten. Onder de niet geoormerkte subsidies vallen o.a. de baten van de Onderwijsregio en de RV asielzoekers. Vooral de RV asielzoekers is hoger dan begroot in 2025. De baten van de Onderwijsregio hebben betrekking op de doorbetaling van de RV professionalisering en begeleiding starters. De doorbetaling vanuit het samenwerkingsverband is lager dan voorgaand jaar. 4.2.2 De overige overheidsbijdragen De overige overheidsbijdragen en subsidies komen lager uit. In 2025 waren hier de baten vanuit de Onderwijsregio begroot. Die zijn nu opgenomen onder rijksbijdragen. 4.2.3 De overige baten De overige baten hebben betrekking op huurbaten, detacheringsopbrengsten en overige instellingsbaten. Deze zijn per saldo 62k hoger dan voorgaand jaar. De huurbaten zijn hoger door
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
8
verhuur aan Aves Kinderopvang en het actualiseren van de huurprijzen. De begrote ouderbijdragen zijn hoger door het opheffen van ouderverenigingen op de scholen. Eerder incasseerden deze verenigingen de ouderbijdrage, inmiddels gaat dit op veel scholen weer via de school zelf. De detacheringsopbrengsten zijn lager dan voorgaand jaar. 4.2.4 Personeelslasten In de onderstaande tabellen worden de lasten uit de begroting 2026 per onderdeel vergeleken met de begroting van voorgaand jaar. 2025
2026
Verschil
4.1 Personeelslasten
-39.712.600
-41.382.023
-1.669.423
4.1.1.1 Salariskosten directie (schooldirectie en cvb)
-3.782.520
-4.041.562
-259.042
4.1.1.2 Salariskosten onderwijzend personeel
-25.998.249
-26.780.006
-781.757
4.1.1.3 Salariskosten onderwijs onderst. personeel
-4.421.929
-5.048.559
-626.630
4.1.1.4 Salariskosten vervanging en overig
-3.969.387
-4.049.016
-79.629
4.1.2.1 Dotaties personele voorzieningen
-85.000
-110.000
-25.000
4.1.2.2 Personeel niet in loondienst
-430.581
-380.140
50.441
4.1.2.3 Overige personele lasten
-792.057
-792.659
-603
4.1.2.4 Scholing en opleiding
-811.587
-776.237
35.350
4.1.3 Af: uitkeringen
578.709
596.156
17.447
De personele lasten bestaan uit de salariskosten personeel inclusief uitkeringen, de dotatie aan de personele voorziening (jubilea en werkloosheidsuitkering), personeel niet in loondienst (inhuur), de overige personele lasten, en scholing en opleiding. De hogere personeelslasten worden vooral veroorzaakt door een stijging van de salariskosten als gevolg van de CAO-stijging (+5,5%) en de hogere inzet. De hogere inzet heeft te maken met het hogere leerlingaantal. De omvang van het Aves Flexteam om de ziektevervanging op te kunnen vangen blijft gelijk. De inhuurkosten onder de post Personeel niet in loondienst zijn lager begroot dan voorgaand jaar omdat er afgelopen jaar sprake was van inzet van intern begeleiders vanuit externe dienstverleners. Inmiddels zijn deze vacatures vervuld. De dotaties aan de personele voorziening is opgehoogd door meer kosten aan werkloosheidsuitkeringen. De overige personele lasten hebben o.a. betrekking op BGZ en Arbo, begeleidingstrajecten Arbo, werving en selectie, de Avesdag en kerstpakketten. Deze kosten zijn per saldo gelijk aan
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
9
voorgaand jaar. De algemene scholingskosten zijn lager (-25k) ten opzichte van vorig jaar. Er worden hogere uitkeringen verwacht van het UWV ter dekking van de gestegen salariskosten. 4.2.5 Afschrijvingen Afschrijvingen
2025
2026
Verschil
4.2 Afschrijvingen
-1.569.506
-1.486.252
83.254
4.2.2.1 Gebouwen
-355.878
-280.857
75.021
-1.021.831
-1.033.731
-11.900
4.2.2.3 Overige materiele vaste activa
-21.007
-21.007
-
4.2.2.4 Leermiddelen afschrijving
-170.789
-150.656
20.133
4.2.2.2 Inventaris en apparatuur
De afschrijvingslasten vallen lager uit dan in 2025 als gevolg van de verwerking van de componentenmethode in de voorziening Groot onderhoud, waardoor eerdere technische investeringen zijn afgeboekt. 4.2.6 Investeringen Geplande
2026
2027
2028
2029
2030
ICT
470.175
919.082
890.832
558.374
700.253
Inventaris
340.550
238.000
390.750
277.700
308.800
Onderwijsleerpakket
189.300
138.300
186.260
207.750
244.238
Verbouwing
335.062
473.133
203.882
61.509
1.106.497
Duurzaamheid
35.000
-
-
200.000
-
-
101.540
-
-
-
1.370.087
1.870.055
1.671.724
1.305.333
2.359.788
investeringen
Vervoermiddelen Totaal
De ICT investeringen hebben betrekking op de (vervangings)investeringen voor leerlingdevices, medewerkerdevices en de digitale borden. De devices worden in 4 jaar afgeschreven, de digitale borden in 10 jaar. De investeringen in inventaris hebben vooral betrekking op inventaris lang. De volgende scholen hebben hierop grotere investeringen gepland: •
11QC De Triangel (2026)
•
99RE KC Reevedelta (2026)
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
10
•
04ZB De Trimaran (2028)
•
05KH Martinusschool (2029)
•
07VA Mgr. Zwijsenschool (2030)
De verbouwingsinvesteringen hebben vooral betrekking op: •
03RA De Horizon (i.v.m. de fusie)
•
05HU Schaepmanschool (onderbouwplein)
•
07VA Mgr. Zwijsenschool (schoolplein)
•
09JQ Kindcentrum st. Joseph (natuurlijk speelplein)
De duurzaamheidsinvesteringen hebben betrekking op: •
05KH Martinusschool (2029)
•
het bestuurskantoor (verduurzaming kantoor).
De mobiliteit van de bestuurders wordt door de rvt gefaciliteerd met elektrische auto’s. Dit is zichtbaar in de investeringen vervoersmiddelen. 4.2.7 Huisvestingslasten 2025 4.3 Huisvestingslasten
2026
Verschil
-2.764.734
-2.453.935
310.799
4.3.1 Huur
-132.400
-52.000
80.400
4.3.3 Onderhoud
-611.548
-414.813
196.735
4.3.4 Energie en water
-570.100
-598.500
-28.400
4.3.5 Schoonmaakkosten
-760.445
-731.325
29.120
4.3.6 Heffingen
-52.950
-52.000
950
4.3.7 Dotatie overige onderhoudsvoorzieningen
-509.497
-509.497
-
4.3.8 Overige (huisvestingslasten)
-127.794
-95.800
31.994
De verlaging van de huisvestingslasten komt vooral door lagere, verwachte kosten herstelonderhoud. De kosten voor herstelonderhoud waren opgenomen op basis van € 5,- per m2 bruto vloeroppervlakte per school (183k in 2025), maar vallen in de realisatie fors lager uit. De volgende onttrekkingen uit de voorziening zijn gepland: Onttrekkingen
2026
2027
2028
2029
2030
Voorziening onderhoud
1.037.455
1.204.443
708.887
534.329
859.353
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
11
Deze onttrekkingen vinden in 2026 vooral plaats op deze locaties: -
04ZX De Kring
-
05CZ De Akkerbloem
-
11QC De Triangel
-
12KG De Lichtboei
Verder zijn de lasten voor huur lager voor 14KI Roderik van Voorst (verbouwing) en 32HG Emmelhage (nieuwe locatie). 4.2.8 Overige lasten 2025
2026
4.4 Overige lasten
-3.808.286
-3.537.226
271.060
4.4.1 Administratie- en beheerslasten
-1.487.565
-1.602.770
-115.205
-52.060
-42.360
9.700
4.4.2.2 Leermiddelen kleine aanschaffingen >1 jr
-1.086.881
-1.154.926
-68.045
4.4.4 Overige (overige lasten)
-1.181.780
-737.170
444.610
4.4.2.1 Inventaris en app. kleine aanschaffingen >1 jr
Verschil
De daling van de Overige lasten (271k) is vooral het gevolg van lagere overige instellingslasten (444k) door de verantwoording van de subsidie Verbetering basisvaardigheden en lagere kosten van het samenwerkingsverband. In 2025 was onder deze post ook de éénmalige kosten voor het opzetten van de personeelsvereniging (100k) opgenomen. De stijging van de administratie- en beheerslasten is het gevolg van de hoger opgenomen advieskosten voor o.a. bouwtrajecten en advies voor de ontwikkeling van Kindcentra. De kosten leermiddelen komen hoger uit door de stijging van de kosten voor licenties van leermethodes (59k). Er wordt steeds vaker gekozen voor ICT licenties bij leermethodes in plaats van een investering in hardcopy boeken. De ICT licenties zijn jaarlijkse kosten per leerling.
5.0 Financiële baten en lasten 5.1 Rentebaten 5.3.1 Koerswinst OLF
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
12
2025
2026
Verschil
50.000
119.912
69.912
-
19.912
19.912
50.000
100.000
50.000
Gezien de realisaties uit voorgaande jaren is de verwachte koerswinst op het Onderwijs Liquiditeiten Fonds hoger begroot dan voorgaand jaar. De ontvangen rentebaten hebben betrekking op de rentevergoeding op de uitstaande lening bij Aves Kinderopvang.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
13
5. Toelichting op afwijkingen & gevolgen beleidskeuzes Meerjarenbegroting 5.1 Afwijkingen Exploitatie
2026
2027
2028
2029
2030
48.258.166
47.315.359
45.762.707
45.402.519
45.248.556
Ov. overheidsbijdr
165.655
116.148
115.648
91.148
88.148
Overige baten
408.115
405.715
405.715
404.715
403.215
Subtotaal baten
48.831.936
47.837.223
46.284.070
45.898.383
45.739.920
Personeelslasten
-41.382.023
-40.371.359
-38.887.890
-38.388.956
-38.257.896
Afschrijvingen
-1.486.252
-1.519.111
-1.494.862
-1.579.180
-1.626.053
Huisvestingslasten
-2.453.935
-2.436.008
-2.430.634
-2.428.724
-2.397.792
Overige lasten
-3.537.226
-3.357.871
-3.328.221
-3.323.811
-3.303.221
Subtotaal lasten
-48.859.436
-47.684.349
-46.141.607
-45.720.671
-45.584.962
Financiële baten
119.982
117.994
115.979
113.860
111.636
Resultaat
92.412
270.868
258.442
291.572
266.594
Rijksbijdragen
In de meerjarenbegroting is een daling van de Rijksbijdragen zichtbaar. Dit heeft meerdere oorzaken. Eén daarvan is een afname van het geprognosticeerde leerlingaantal. Daarbij loopt de RV Samenvoegingsfaciliteiten van 1.112k in 2026 terug naar nul in 2029 op basis van de gerealiseerde en geplande scholenfusies in relatie tot de huidige regeling. Er is rekening gehouden met een normaanpassing van 4,2% op de rijksbekostiging. Vanaf 2026 is de RV Professionalisering starters en schoolleiders opgenomen in de RV Basisbekostiging. Vanaf 2027 gaan deze middelen naar de Onderwijsregio en zijn ze niet meer opgenomen in de meerjarenbegroting. Dit is gedaan om risico's te beperken. De Onderwijsregio kan met deze middelen eigen beleid ontwikkelen. Het zou kunnen dat de Onderwijsregio de beleidskeuze maakt om een deel van deze middelen alsnog door te zetten naar de aangesloten schoolbesturen, wat tot nu toe gedaan is. Maar omdat dit zou kunnen veranderen is daar geen rekening mee gehouden. In 2026 (1.208k) en in 2027 (318k) is de subsidie Verbetering basisvaardigheden opgenomen op basis van de afgegeven beschikkingen. Hier staan even hoge kosten tegenover.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
14
De daling van de personeelslasten is het gevolg van de daling in de bekostiging. De afloop van de inzet ten laste van de subsidie Verbetering basisvaardigheden wordt zichtbaar in 2027. Scholen zetten hier taakstellingen tegenover. Dat betekent dat de scholen voornemens zijn om de omvang van het personeelsbestand terug te brengen. Dit kan ook omdat medewerkers zijn aangenomen ten laste van de subsidie Verbetering basisvaardigheden. De stijging van de afschrijvingslasten wordt vooral veroorzaakt door de bovenschoolse vervangingsinvesteringen in devices (laptops) voor de medewerkers en de investeringen in duurzaamheid. Hierin wordt de afschrijvingscyclus gevolgd. De daling in de huisvestingslasten na 2026 wordt veroorzaakt door het samengaan van een aantal schoollocaties als gevolg van de fusies. De overige lasten zijn in 2026 hoger dan in de jaren erna door het maken van kosten ten laste van de subsidie basisvaardigheden. 5.2 Gevolgen beleidskeuzes •
Trainees Trainees worden bovenschools aangesteld. De kosten van dit traject, dat uit eigen middelen wordt bekostigd, staan ook bovenschools en zijn in deze meerjarenbegroting langjarig opgenomen. Aantal trainees
2025-2026
2026-2027
2027-2028
2028-2029
In dienst / in opleiding
23
17
11
7
Beschikbare plaatsen
4
4
4
0
Totaal
27
21
15
7
Loonkosten trainees
2025-2026
2026-2027
2027-2028
2028-2029
In dienst / in opleiding
1.085.845
866.247
569.914
240.810
Studiekosten*
91.800
71.400
51.000
23.800
Totale kosten
1.177.645
937.647
620.914
264.610
2025-2026
2026-2027
2027-2028
2028-2029
15,4
12,1
7,9
3,3
*Studiekosten per trainee € 3.400 Gem FTE trainees In dienst
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
15
•
Opstart Stichting Aves Kinderopvang Stichting Aves Onderwijs heeft in 2024 een lening verstrekt aan Stichting Aves Kinderopvang om de exploitatie van kinderopvang te kunnen opstarten. Deze lening kent een looptijd van 10 jaar en is verstrekt vanuit de private middelen die Stichting Aves Onderwijs tot haar beschikking heeft. Stichting Aves Kinderopvang betaalt hier rente en aflossing over.
•
Avesacademie en scholing In afstemming met het directeurenberaad en de gmr worden de scholingsmiddelen bovenschools beheerd en in onderling overleg over diverse onderdelen ingezet. De Avesacademie en de teamscholingen vormen een groot aandeel daarin. Daarnaast is er nog ruimte voor scholen om ook uit eigen middelen scholing in te kopen. De directeuren hebben een eigen budget voor de professionalisering binnen de schoolbegroting. Zij verantwoorden zich daarover naar het bestuur. In de CAO PO is vastgelegd dat elke werknemer naar rato van de werktijdsfactor recht heeft op een persoonlijk duurzame inzetbaarheid- en professionaliseringsbudget van € 525,- per jaar2. Terugrekenend naar het aantal FTE dat bij Aves in dienst is, komt het totale professionaliseringsbudget (excl. vervangingskosten) op € 1.942,- per jaar per FTE.
•
Vervanging ziekte bovenschools door Aves Flexteam Stichting Aves Onderwijs is eigenrisicodrager voor vervangingskosten. Op basis van ervaringscijfers wordt er een bovenschoolse pool van vervangers aangehouden van minimaal 20 fte; het Aves Flexteam.
•
Tienercollege Noordoostpolder Het Tienercollege is een initiatief van Aves en het Emelwerda College. Het is bedoeld om kinderen van 10-14 jaar meer kansen te geven en een passende onderwijsvorm in deze levensfase aan te bieden. De kosten voor het Tienercollege worden gedragen door beide organisaties via een vaste eerlijke verdeelsleutel.
•
Passend onderwijs, bovenschoolse kosten In het kader van Passend onderwijs wordt een aantal kosten bovenschools genomen. Dit zijn o.a. de kosten voor de directeur van het Samenwerkingsverband, de inrichting van het expertisenetwerk en gezamenlijk te maken kosten voor studiedagen en toerusting van IB-ers. De overblijvende middelen worden a.d.h.v. het leerlingaantal doorgegeven naar de scholen. De
2 Art. 9.4 CAO Primair Onderwijs 2024-2025
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
16
middelen van passend onderwijs worden binnen de meerjarenbegroting en de jaarrekening van het samenwerkingsverband verantwoord. Tot op schoolniveau is daar inzichtelijk hoe deze middelen doelmatig worden ingezet.
5.3 Kengetallen Deze meerjarenbegroting en meerjarenbalans leiden tot de volgende kengetallen. De kengetallen van 2025 zijn gebaseerd op de prognose van het eindejaarsresultaat (oktober 2025). Norm
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Liquiditeit (VA/KS)
1,5% -
1,5%
1,6%
1,4%
1,4%
1,5%
1,4%
Solvabiliteit
< 30%
71,6%
76,3%
76,4%
77,0%
77,5%
77,5%
-1,6%
0,2%
0,6%
0,6%
0,6%
0,6%
5% -20%
21,0%
21,0%
22,0%
23,3%
24,1%
24,8%
1,00
0,73
0,73
0,73
0,73
0,75
0,73
2,0% (EV+VZ/TV) Rentabiliteit (RES/TB) 3- jarig < 0% 2-jarig < -0,05% 1-jarig < -0,10% Weerstandsvermogen (EV/TB) Signaleringswaarde Eigen Vermogen
Het kengetal Liquiditeit ligt op de ondergrens van de norm. In dit kengetal zijn alleen de vlottende activa meegenomen. Onder de post Financiële Vaste Activa zijn o.a. de middelen uit het OLF (Onderwijs Liquiditeitenfonds) opgenomen en deze worden vóór 31-12-2025 nog gedeeltelijk omgezet naar een spaarrekening. Participaties in het OLF kunnen op korte termijn liquide gemaakt worden. Als richtlijn houdt het bestuur aan dat er een evenwicht moet zijn in de omvang van de materiële vaste activa van de school en de omvang van de algemene reserve van de betreffende school. In elk begrotingsgesprek is deze verhouding aan de orde geweest en wordt hierop gestuurd. Het gezamenlijk resultaat van de scholen in 2026 is begroot op € 520.820, waarbij op schoolniveau rekening is gehouden met de RV samenvoegingsfaciliteiten van € 1.112.165 in 2026.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
17
Het streven naar een gezonde verhouding tussen materiele vaste activa en eigen vermogen zal het bestuur ook doen voor het eigen vermogen op stichtingsniveau, waarbij er een onderbouwing in de risicoparagraaf wordt gegeven voor het aanhouden van een reserve voor mogelijke toekomstige risico’s. Het gezamenlijk resultaat van de bovenschoolse kostenplaatsen is begroot op -€ 434.319. Dit is vooral het gevolg van de inzet van trainees, de inzet op Tienercollege en de ontwikkeling van nieuwe scholen in Emmeloord en Kampen. De overige kengetallen blijven langjarig binnen de huidige signaleringsgrenzen van het ministerie. Er is zicht op de te beïnvloeden onderdelen van de kengetallen èn de onderlinge verhouding van deze onderdelen. Daarbij is Aves “in-control”, waardoor aan alle voorwaarden wordt voldaan om dit gecontroleerd te laten plaatsvinden. 5.4 Meerjarenbalans In de onderstaande tabel is de meerjarenbalans weergegeven, gebaseerd op periode 9 van 2025. Balansprognose (x 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
Materiële vaste activa
10.087
10.438
10.615
10.341
11.075
Financiële vaste activa
4.916
4.976
5.035
5.091
5.146
Totaal vaste activa
15.003
15.415
15.650
15.433
16.221
Vorderingen
2.349
2.301
2.226
2.208
2.200
Liquide middelen
6.230
5.392
5.204
5.756
4.949
Totaal vlottende middelen
8.579
7.693
7.430
7.963
7.149
Totaal activa
23.582
23.108
23.080
23.396
23.370
Activa
De materiële vaste activa muteren als gevolg van de geplande investeringen en de afschrijvingen op de huidige investeringen. De financiële activa hebben betrekking op het Onderwijs Liquiditeiten Fonds en de uitstaande lening bij Aves Kinderopvang. De daling van de liquide middelen is het gevolg van lagere afschrijvingskosten dan geplande investeringen èn een lagere dotatie aan de personele en onderhoudsvoorziening dan onttrekkingen uit deze voorzieningen.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
18
Balansprognose (x 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
Algemene reserve
7.729
7.987
8.231
8.509
8.763
Best. reserve publiek
1.451
1.451
1.451
1.451
1.451
Best. reserve privaat
1.068
1.081
1.096
1.110
1.123
Totaal eigen vermogen
10.248
10.519
10.778
11.069
11.336
Voorzieningen
7.742
7.132
7.004
7.060
6.782
Langlopende schulden
-
-
-
-
-
Kortlopende schulden
5.592
5.456
5.298
5.267
5.252
Totaal overige passiva
13.334
12.588
12.303
12.327
12.034
Totaal passiva
23.582
23.108
23.080
23.396
23.370
Passiva
De mutaties op de algemene reserve en op de bestemmingsreserve publiek en privaat zijn het gevolg van de verwachte resultaten over de komende boekjaren. De personele bestemmingsreserve publiek blijft door de jaren gelijk op de hoogte van € 1.450.500. De stand van de voorzieningen muteert met de verwachte dotaties en onttrekkingen uit de jubileumvoorziening, de voorziening werkloosheidsuitkering en de onderhoudsvoorziening.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
19
6. Bestuursformatieplan Binnen de CAO PO en WMS (wet medezeggenschap scholen) is het verplicht gesteld om de (p)gmr vóór 1 mei instemming te vragen op het bestuursformatieplan. Daarom wordt aan de (p)gmr, ook dit jaar, bij het indienen van deze begroting tegelijkertijd instemming gevraagd op het bestuursformatieplan 2026-2027. In de bijlage zijn de formatie-overzichten van de scholen opgenomen. In het overzicht hieronder is te zien welke formatie gepland is, verdeeld over de verschillende functiecategorieën in de komende jaren. Formatie
2026
2027
2028
2029
2030
Directie
Gem. WTF
28,02
27,51
27,57
27,57
27,57
OOP
Gem. WTF
88,80
75,70
66,44
60,72
57,38
OP
Gem. WTF
311,13
298,68
284,71
279,55
277,06
427,95
401,89
378,73
367,84
362,01
Totaal WTF Directie = schooldirecteuren + cvb OOP
= onderwijsondersteunend personeel
OP
= onderwijsgevend personeel
De planning van de inzet is als volgt te verdelen over de organisatieonderdelen: Formatie in wtf
2026
2027
2028
2029
2030
Bovenschools
61,53
61,00
56,54
51,83
49,09
Scholen
366,42
340,89
322,19
316,01
312,92
Totaal
427,95
401,89
378,73
367,84
362,01
bovenschools = fte trainees, fte flexteam, vervangingskosten verlof, fte bestuurskantoor
De daling is dan als volgt weer te geven: Daling formatie in wtf
2026
2027
2028
2029
2030
Bovenschools
-0,53
-4,47
-4,70
-2,74
Scholen
-25,54
-18,69
-6,19
-3,09
Totaal
-26,07
-23,16
-10,89
-5,83
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
20
Terugloop op schoolniveau De terugloop in aantallen is te verklaren door: •
de afloop van de fusiemiddelen die op schoolniveau binnenkomen
•
de planning van de directeuren ten aanzien van de omvang van de formatie in de scholen in de komende jaren, mede gebaseerd op het geprognosticeerde dalende leerlingenaantal
•
het wegvallen van de inzet ten laste van de subsidie basisvaardigheden.
Terugloop op bovenschools niveau In de formatieplanning is op dit moment opgenomen dat het aantal nieuwe trainees vanaf 2025 gereguleerd wordt afgebouwd. Dat is gedaan om te kunnen voorzien in voldoende adequate begeleiding. In de huidige omvang zitten we hierin op de maximale inzet. In de toekomst kunnen we eventueel op basis van evaluatie opnieuw extra inzet vrijmaken. Sturing op personeelsplanning Tijdens het begrotingsproces in het najaar èn tijdens de bespreking van de formatieplanning voor het nieuwe schooljaar in het voorjaar wordt gestuurd op de personeelsplanning die aansluit bij de meest actuele leerlingprognoses en ontwikkelingen in bekostiging en subsidies. De verwachte terugloop in formatie wordt opgevangen door het natuurlijk verloop (circa 4%) en de afloop van tijdelijke contracten. De beslissingsbevoegdheid en bijbehorende accordering van personeelsaanstellingen is bij het bestuur belegd, niet op de scholen. Daarmee blijft er ook steeds tussentijds sturing mogelijk op de personeelsplanning. Binnen de afdeling hrm op het bestuurskantoor wordt het aangaan van verplichtingen en de overgang van tijdelijke naar vaste aanstellingen gemonitord.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
21
7. Allocatie van middelen Het financiële resultaat van de scholen voor wat betreft de personele bezetting wordt niet beïnvloed door inschaling van personeelsleden. Binnen het allocatiemodel worden scholen hiervoor gefaciliteerd. De rijksvergoeding (RV) komt bovenschools binnen op basis van de leerlingenaantallen (teldatum 1 februari). Deze budgetten worden vervolgens op basis van de vastgestelde normen in het allocatiemodel aan de scholen ter beschikking gesteld. Overige specifieke rijksvergoedingen zoals RV achterstandsmiddelen, RV samenvoegingsfaciliteiten en RV asielzoekers worden rechtstreeks naar de betreffende scholen gebracht. De kosten die niet door de schooldirecteuren beïnvloed kunnen worden, worden bovenschools genomen. Hierbij moet o.a. gedacht worden aan de vervangingskosten, overige algemene personele lasten, scholingskosten, kosten van het administratiekantoor, de identiteitsbegeleiding, de contributies van de besturenbonden Verus, VosAbb en de PO-raad, verzekering IPAP (financieel vangnet bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid) en de schoolongevallenverzekering.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
22
8. Risicoparagraaf 8.1 Risico’s en risicobeheersing 8.1.1 Intern risicobeheersingssysteem Twee keer per jaar, in de begroting en in het jaarverslag, analyseert het cvb de risico’s waarmee Aves te maken heeft. De risico’s worden nagelopen om ze vervolgens te actualiseren en opnieuw vast te stellen. Op deze manier zorgen we ervoor dat de benoemde risico’s in verhouding blijven met de buffer die we nodig hebben om de risico’s op te vangen: de bestemmingsreserve publiek. Door het cvb zijn 31 risicogebeurtenissen benoemd. Deze zijn ondergebracht in 7 risicogebieden. Per risicogebeurtenis is de impact berekend. Dit is gedaan door een inschatting te maken van de netto kans dat een gebeurtenis zich voordoet, gekoppeld aan de financiële omvang die de risicogebeurtenis kan hebben. 8.1.2 Belangrijkste risico’s en onzekerheden Risicogebied
Berekend bedrag
Automatisering / IT
92.500
Financiën
2.584.250
Huisvesting
246.500
Identiteit
40.000
Onderwijs
52.500
Personeel
2.162.191 375.000
Vertegenwoordiging
5.552.941
Totaal
8.1.3 Automatisering / IT Binnen Aves wordt zoveel mogelijk digitaal gewerkt. De impact op de werkprocessen op het moment dat het ICT netwerk (wifi / internet) uitvalt of besmet raakt met een virus is groot. Eenzelfde situatie ontstaat als de organisatie te maken krijgt met uitval van elektriciteit, een cyberaanval of hackaanval. Dit zijn de grootste risico’s die in het risicogebied automatisering / IT zijn ingeschat. Het risico dat hieraan is gerelateerd schat het cvb lager in dan vorig jaar, omdat er een eigen Linux back-up server is geïnstalleerd die fysiek op een eigen locatie staat.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
23
8.1.4 Financiën In de risico-inventarisatie is rekening gehouden met de herwaardering van de materiele vaste activa. Het fluctueren van de leerlingaantallen is een risico met flinke financiële impact, omdat dit direct samenhangt met de geplande inkomsten en uitgaven. De beheersing van dit risico zit in het nauwgezet volgen van de planning & controlcyclus en het voorzien in managementrapportages. Leerlingaantallen In onderstaande tabel staat de leerlingprognose die is opgenomen binnen de bestuursbegroting. Deze prognose komt tot stand op aangeven van de directeuren. Directeuren wegen de beschikbare prognoses van de gemeenten, DUO en Pronexus mee in de eigen inschatting. Het maken van een inschatting voor scholen in kleine kernen is eenvoudiger dan voor scholen in de grotere plaatsen zoals Vollenhove, Kampen en Emmeloord. 1-2-2025
1-2-2026
1-2-2027
1-2-2028
1-2-2029
BAO
4.784
4.949
4.885
4.875
4.849
SBAO
160
163
165
165
165
totaal
4.944
5.112
5.050
5.040
5.014
-27
168
-62
-10
-26
Daling/stijging
De stijging van het aantal leerling per 1-2-2026 wordt vooral veroorzaakt door 15QD De Floreant, 15XA De Wissel en 32HG KC Emmelhage. De verwachte leerlingen van KC Reevedelta zijn opgenomen onder 05HU Schaepmanschool. Vanaf 2027 is een lichte krimp van leerlingenaantallen aan de orde. Dit zal per school verschillend worden ervaren, maar op de langere termijn leidt dit theoretisch tot een afname van werkgelegenheid. In de begroting is deze terugloop meegenomen in de personeelsplanning op de scholen. 8.1.5 Huisvesting Voor onderhoud werken we met meerjaren onderhoudsplanningen (MJOP). Zo wordt achterstallig onderhoud voorkomen. Het risico hierop schatten we laag in. Maar als scholen geconfronteerd worden met gebreken, dan krijgen we te maken met onvoorziene kosten.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
24
8.1.6 Identiteit Als de identiteit en het imago van de school of van Aves als organisatie niet overeenkomen kan dit leiden tot andere keuzes. Keuzes van ouders met (potentiële) leerlingen en keuzes van (potentiële) medewerkers. Hier zijn we ons bewust van. Risicobeheersing op dit onderwerp vindt bijvoorbeeld plaats door structureel te werken aan reflectie en feedback d.m.v. tevredenheidsonderzoeken onder ouders en onder medewerkers. 8.1.7 Onderwijs Prestaties van de school bepalen voor een belangrijk deel het imago. Bij een negatief oordeel van de Inspectie van Onderwijs kan dit leiden tot andere keuzes van ouders met (potentiële) leerlingen. Een herstelopdracht vanuit de Inspectie van Onderwijs heeft ook andere effecten. Zo zou het kunnen leiden tot meer personeelsinzet. Het succes van de samenwerking met kinderopvang en de beschikbaarheid van kinderopvang is mede bepalend voor het succes van de school. Dat gaat zowel om inhoud als om aantallen leerlingen. Ouders die kinderopvang nodig hebben kiezen minder vaak voor een school waar geen kinderopvang aan verbonden is of waar wachtlijsten voor kinderopvang zijn. Een vloeiende en beredeneerde overgang tussen onderwijs en kinderopvang versterkt het aanbod en draagt bij aan het succes van de school. Met de ontwikkelingen die zijn ingezet door Aves Kinderopvang te starten hebben we dit proces grotendeels in eigen hand.
Hier is op meerdere manieren risico aan verbonden. Ten eerste doordat er vanuit private middelen geld is uitgeleend voor de opstart, waarbij in terugbetaling van deze lening de rente voor een deel het risico afdekt. Ten tweede omdat de prestaties en geleverde kwaliteit van Aves Kinderopvang voor een belangrijke manier invloed heeft op het imago. Dat geldt zowel op het niveau van het kindcentrum als op het niveau van de totale organisatie. 8.1.8 Personeel Op personeelsgebied zijn er meerdere risico’s gedefinieerd die potentieel leiden tot kosten. Aves is eigenrisicodrager (ERD) voor vervangingskosten. Hiermee heeft de organisatie een risico op zich genomen dat niet is ondervangen door een verzekering. Het Aves Flexteam werkt als een flexibele schil. De vervangingsbehoefte is op basis van landelijk bekende ervaringsgegevens ingeschat op de helft van de benodigde loonkosten. Bij het eventuele ontslag van medewerkers is Aves verplicht om transitievergoedingen uit te keren. Als werkgever wordt Aves ook aangeslagen voor een aanzienlijk deel van de ww-kosten van werknemers die in de ww terechtkomen door ontslag. De regeling dat de werkgever
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
25
gecompenseerd wordt voor de transitievergoeding van een langdurig zieke medewerker vervalt vanaf 1 augustus 2026. In de begroting is hiermee rekening gehouden door jaarlijks 50k te reserveren. 8.1.9 Vertegenwoordiging Op een aantal beleidsterreinen is Aves afhankelijk van externe partijen, zoals gemeentelijke besluitvorming of afspraken in samenwerkingsverbanden. Dit betekent niet dat we geen invloed hebben op besluitvorming, want dat hebben we in onze partnerschappen wel degelijk. Het kan echter zijn dat spelregels en afspraken veranderen. Het risico dat dit gebeurt hebben we zo goed mogelijk ingeschat. 8.1.10 Conclusie Aves kent voor € 5.551.941 aan belangrijkste risico’s op basis van een actuele risico- inschatting. Dit is gedekt binnen de algemene reserve.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
26
Bijlage 1 Schoolformatieplannen School 03QP DS De Fladderiep 03RA RK De Horizon* 04ZB De Trimaran 04ZX SWS De Kring 05CZ De Akkerbloem 05HU KBS Dr Schaepmanschool 05KH KBS St. Martinusschool 06YL OecBS De Ark 07VA KBS Mgr. Zwijsenschool 08JS KBS A. Schweitzerschool 09JQ Kindcentrum St. Joseph 10OF CBS de Koperwiek 11QC CBS De Triangel 11QN De Leeuwerik 12KG CBS De Lichtboei 12ST CBS 't Kompas 13TJ CBS Op de Wieken 14CA De Bunder 14DL CBS Het Lichtschip* 14HT OBS De Carrousel 14KI KC Roderik van Voorst 14MX OBS De Keerkring 14YR OJS De Zevensprong 15FD ODS Windkracht 10 15IL OBS De Regenboog* 15QD SWS De Floreant 15XA Azs De Wissel 15ZC SWS De Sprang 16TH SBO De Klimboom 32HG KC Emmelhage 99RE KC Reevedelta TC10-14 Tiener College Totaal
Gem wtf 2025 7,46 8,83 17,82 10,24 12,09 16,37 11,27 9,74 8,90 17,09 14,46 14,05 11,37 8,16 17,98 10,87 10,06 11,35 8,56 7,90 12,58 9,75 24,79 9,42 4,16 12,37 30,38 7,87 25,95 4,81 0,21 2,76 379,62
Gem wtf 2026 7,46 12,81 17,55 10,04 11,49 15,77 10,54 9,40 8,60 16,67 14,32 13,08 11,17 8,03 16,55 9,87 9,70 10,79 4,87 8,07 12,01 9,36 24,40 8,82 2,33 12,05 29,45 7,29 24,95 4,85 1,36 2,76 366,42
Gem wtf 2027 7,46 18,27 16,98 9,20 9,81 14,94 9,93 8,57 8,06 15,41 13,66 11,32 10,45 7,81 14,74 8,16 9,04 10,00 8,01 11,50 8,66 22,28 7,95 11,78 25,40 6,05 23,69 5,94 3,26 2,56 340,89
Gem wtf 2028 7,25 17,39 15,35 8,61 8,27 14,94 9,50 8,04 7,46 14,38 13,12 10,61 9,85 7,62 14,57 7,68 8,44 9,24 7,60 11,35 8,19 20,31 7,77 11,48 20,65 5,72 23,69 6,45 4,11 2,56 322,19
Gem wtf 2029 6,95 15,86 14,16 8,48 7,79 15,37 8,90 8,04 7,29 13,36 12,70 10,39 9,85 7,62 14,57 7,42 8,44 8,16 7,36 11,35 8,19 19,89 7,77 11,48 19,80 5,42 23,69 7,59 5,56 2,56 316,01
*De scholen in Ens fuseren per 1-8-2026. Bij de formatieplanning van De Horizon is vanaf 1-8-2026 de geplande formatie van de fusieschool Ens opgenomen.
Financiën/4-1 Bestuursbegroting 2026-2030
27