D06 07 Bijlage 7 bij Nota - Indieningsformat en bijlage 1 3 en 4 impulsregeling.pdf
Tekst van het document
Indieningsformat Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptatie 2021-2027 Dit format wordt gebruikt om een rijksbijdrage aan te vragen voor de Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 16 oktober 2020, nr. IENW/BSK2020/195119, houdende vaststelling van een tijdelijke regeling voor versnelling van maatregelen ten behoeve van klimaatadaptatie 2021-2027 (Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021–2027). De ingevulde en ondertekende aanvraag kunt u sturen naar ImpulsregelingKA@rws.nl
1. Totstandkoming 1.1 Ten behoeve van welke werkregio wordt dit voorstel ingediend? Werkregio Klimaatadaptatie Flevoland (KAF)
1.2 Welke partij fungeert als kassier en aanvrager en ontvangt daarmee de beschikking vanuit het Rijk (NB dit moet een gemeente of provincie uit de werkregio zijn)? Gemeente/Provincie: Gemeente Almere Postadres: Postbus 200, 1300 AE Almere Bankrekeningnummer: Account name: IBAN/ Account number: Currency: BIC/SWIFT Code: Bank name: Adress:
Gemeente Almere NL56 BNGH 0285 0152 22 EURO BNGHNL2G BNG Bank Koninginnegracht 2, 2514 AA, Den Haag
Contactpersoon bij de kassier (indien anders dan 1.3): 1.3 Wat zijn de contactgegevens van de contactpersoon? Naam contactpersoon: Jan Kuit E-mailadres: jkuit@almere.nl Telefoonnummer: 06 – 22 90 48 27 Organisatie: Gemeente Almere (Kassiersfunctie) 1.4 Wat is de adaptatie opgave? Welke prioriteiten kwamen naar voren uit de stresstesten en risicodialogen? Welke aanpak en maatregelen zijn prioritair in de uitvoeringsagenda? Almere: De gemeente Almere werkt op meerdere sporen met klimaatadaptieve maatregelen om wateroverlast door veranderende weersomstandigheden aan te pakken. In De Marken en De Hoven gaat bij grootschalig onderhoud een deel van de openbare ruimte op de schop. Om werk met werk te maken wordt gelijktijdig de wijk klimaatadaptief ingericht, omdat op basis van stresstesten is gebleken dat op deze locatie kans op wateroverlast bij piekbuien groter gaat worden. Ook is uit de stresstesten gebleken dat op een groot aantal plekken in Almere op de hoofdinfrastructuur bij grote piekbuien een dusdanige hoeveelheid water kan komen te staan dat bijvoorbeeld de toegankelijkheid voor hulpdiensten en urgent verkeer in het geding is. Hierdoor kunnen kritische bestemmingen onbereikbaar worden. Hier wordt, zoals bij het project De Marken en De Hoven, efficiënt met middelen en capaciteit
gewerkt door gelijktijdig met groot onderhoud op verschillende locaties in de gemeente. Klimaatadaptieve maatregelen worden in beide projecten om waterbergende capaciteit te vergroten en wateroverlast te beperken. Dronten: Uit de stresstest blijkt dat het centrum van Dronten gevoelig is voor wateroverlast bij toekomstige piekbuien. Dit uit zich in water op straat en water in panden met het vloerpeil gelijk aan het maaiveld, een typische situatie voor winkelpanden. Om het water af te vangen, lokaal te bergen en vertraagd af te voeren wordt daarom beoogd een viertal hemelwaterstructuren te realiseren die aan vier zijden van het centrumgebied als radialen het water afvangen, bergen en wegvoeren naar buiten het centrum. Dit project biedt, naast waterbergende capaciteit, ook kansen om groene aders in het centrum in te brengen. Lelystad: De gemeente Lelystad werkt door middel van een aantal projecten aan klimaatadaptieve herinrichting van de stad. Zo werken de projecten Campusgebied Lars en Lily en project Kreek en Haf aan het vergroten van de waterbergende capaciteit, afvoermogelijkheden en het toevoegen van extra groene voorzieningen. Deze gebieden komen uit stresstesten naar voren als knelpuntenlocaties. Vanwege geplande ruimtelijke herinrichting t.b.v.
groot onderhoud en/of transformatie van deelgebieden, waaronder Stationsgebied West, worden klimaatadaptieve maatregelen ingepast. Naast het behalen van klimaatadaptatiedoelen, sluit het project Campusgebied Lars en Lily bijvoorbeeld aan bij provinciale doelstellingen betreffend biodiversiteitsherstel. Dit is een voorbeeld van hoe in de plannen van gemeente Lelystad groen centraal wordt gesteld in ruimtelijke plannen en klimaatadaptatie. Noordoostpolder: De Europalaan is de hoofdader en een belangrijke toegangsweg voor de wijk de Espelervaart. In deze hoofdweg is de hoofdader voor het nieuwe hemelwaterriool ontworpen, zijnde het HWA-stamriool. Uit modellen en de stresstest komt naar voren dat juist op deze locatie veel wateroverlast kan optreden. Ook wordt het gemengde rioolstelsel vervangen door een gescheiden riool. Dit stamriool zorgt voor afvoer en berging van hemelwater voor de hele wijk Espelervaart. Om te voorkomen dat klimaatverandering wateroverlast verergert en dat water de woningen instroomt, worden klimaatadaptieve maatregelen genomen. Voor de maatregelen betreffend Westerrand te Espel, blijkt op basis van stresstesten dat de huidige technische staat van de openbare ruimte onvoldoende is. Hierdoor ontstaan water-opstraat situaties bij extreme buien.
Een hemelwaterrioolstelsel naast het huidige gemengde stelsel moet hemelwater vertraagd afvoeren en verbeterd opgevangen worden in de te vergroten waterpartij. Deze projecten laten de ambitie van gemeente Noordoostpolder om klimaatadaptieve vraagstukken op te pakken binnen bestaande projecten en vraagstukken in de publieke ruimte. Urk: De gemeente Urk streeft revitalisering, verbeteren water/groen kwaliteit en versterken biodiversiteit via verschillende projecten na. De gehele wijk rondom Molenkamp is in de jaren ’70 aangelegd en toe aan groot onderhoud in de openbare ruimte. Op basis van de stresstesten is deze locatie als knelpunt aangewezen. Daarom is gekozen hier gelijktijdig met het grote onderhoud in de wijk klimaatadaptieve maatregelen te realiseren, waarbij ook extra groen wordt toegevoegd en de speelstructuur verbeterd wordt. Een ander project dat een aantal doelen dient is de uitbreiding van de vijver ten noorden van de wijk Noorderzand. Het verbeteren van de waterkwaliteit is één van de doelen van het Waterschap en de gemeente, en om werk met werk te maken worden een aantal klimaatadaptieve maatregelen ingevoegd om waterbergende capaciteit van het ten zuiden gelegen wijk te vergroten, die als knelpuntenlocatie uit de stresstest is gekomen. Zeewolde: De gemeente Zeewolde heeft de ambitie rond 2042 een klimaatadaptieve gemeente te zijn.
Daardoor is gekozen om naast efficiënt gebruik van middelen en capaciteit tijdens groot onderhoud en/of renovatie klimaatadaptieve maatregelen te nemen, óók projecten voor gepland onderhoud in de openbare ruimte uit te voeren. Met de drie voorgestelde projecten voor de aanvraag van 2023 wordt geambieerd
schade door wateroverlast te verminderen, bereikbaarheid van hulpdiensten te waarborgen tijdens piekbuien en het watersysteem te verbeteren. In de gemeente Zeewolde wordt door de aandacht voor het belang van klimaatadaptie via de impulsregeling consequent gewerkt aan het inbedden van klimaatadaptieve maatregelen bij werkzaamheden. Waterschap Zuiderzeeland: Het Waterschap Zuiderzeeland anticipeert met haar Waterbeheerprogramma 2022-2027 op het veranderende klimaat en daarbij behorende weerspatronen door te investeren in het watersysteem. Voor voldoende water bij langdurige droogte en voldoende bescherming bij hoog water. Bij bemaling zoekt het Waterschap naar de juiste balans tussen peilbeheer, waterkwaliteit en energieverbruik. Hierop aansluitend kan door automatisering van stuwen sneller gehandeld worden bij veranderende weersomstandigheden. In lijn met de ambities om beter te anticiperen op veranderende weersomstandigheden voert het Waterschap een vervanging van een wegduiker uit. Op basis van de verwachte weersextremen zal deze wegduiker een groter knelpunt in het watersysteem van de Noordoostpolder vormen dan het in de huidige situatie al is. Door deze vroegtijdig te vervangen wordt de te verwachten wateroverlast in het achterliggende agrarisch gebied voorkomen en een klimaatadaptieve achterland versterkt.
1.5 Er zijn enkele randvoorwaarden om in aanmerking te kunnen komen voor een bijdrage uit de impulsregeling klimaatadaptatie. Hieronder kunt u aangeven of deze aanvraag aan de voorwaarden voldoet. Indien één of meerdere vragen met “Nee” beantwoord is, voldoet de aanvraag niet aan de voorwaarden en wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. Voorwaarden
1. Alle voorgestelde maatregelen zijn gebaseerd op stresstesten en risicodialogen en terug te vinden in de klimaatadaptatie uitvoeringsagenda’s van de betrokken overheden. 2. De rijksbijdrage is nodig om adaptatiemaatregelen te versnellen. Versnellen kan gedaan worden door maatregelen in de tijd naar voren te halen, al geplande maatregelen uit te breiden om daarmee het effect te vergroten of nieuwe maatregelen op te pakken die wegens gebrek aan middelen tot het moment van aanvragen niet geprogrammeerd konden worden. 3. De kosten voor de opgevoerde maatregelen betreffen alleen kosten voor de realisatiefase (niet voor de voorbereidings- of onderzoeksfase). 4. De rijksbijdrage betreft alleen de (extra) kosten voor klimaatadaptatie maatregelen ter bestrijding van wateroverlast, droogte of gevolgenbeperking overstromingen. Bij bijvoorbeeld herstructurering van openbare ruimte, waarbij tevens klimaatadaptatie maatregelen worden getroffen, worden alleen de kosten van klimaatadaptatiemaatregelen opgenomen.
Voldoen het maatregelenpakket en het bijbehorende investeringsvoorstel aan de beschreven voorwaarde? (doorhalen wat niet van toepassing is) Ja/Nee
Ja/Nee
Ja/Nee Ja/Nee
Secundair mogen deze maatregelen natuurlijk bijdragen aan het oplossen van andere klimaatstressen (zoals hitte). 5. Alle voorgestelde maatregelen zijn haalbaar en uitgevoerd voor 31 december 2027. 6. De aangevraagde bijdrage wordt ingezet voor klimaatadaptatie maatregelen, het wordt niet ingezet voor regulier of achterstallig onderhoud (klimaatadaptatiemaatregelen kunnen uiteraard wel mee gekoppeld worden met onderhoudsprojecten). 7. Er wordt minimaal twee derde cofinanciering ingezet door de werkregio. 8. De cofinanciering bestaat niet uit andere rijksmiddelen (bijvoorbeeld Deltaprogramma Zoetwater of Deltaprogramma Hoogwaterveiligheid). 9. Het voorstel kan rekenen op bestuurlijk draagvlak en heeft commitment van tenminste twee bestuurslagen (gemeenten, provincie, waterschappen) 10. De voorgestelde maatregelen worden getroffen door overheden vanuit hun waterbeheertaken in de openbare ruimte. Waterschappen mogen ook op privaat terrein maatregelen uitvoeren, zolang het de eigen waterbeheertaken betreft en het algemeen belang gediend wordt. 11. De werkregio werkt mee met kennisdeling over behaalde resultaten en opgedane ervaring (bijvoorbeeld via het kennisprogramma klimaatadaptatie of de jaarlijkse monitoring van het Deltaprogramma).
Ja/Nee Ja/Nee
Ja/Nee Ja/Nee
Ja/Nee
Ja/Nee
Ja/Nee
2. Maatregelenpakket en investeringsvoorstel Hieronder volgen een aantal vragen over het maatregelpakket en de financiering daarvan. 2.1 Hoeveel rijksbijdrage wordt gevraagd (tot maximaal totaal beschikbare bedrag per werkregio)?
Met dit voorstel wordt € 1.965.418,96 (inclusief BTW) aangevraagd bij het Rijk als bijdrage. De werkregio financiert zelf € 6.501.348,00 (inclusief BTW). Voor de werkregio was via de verdeelsleutel in totaal € 6.835.414,00 beschikbaar en na de afgeronde aanvragen van 2021 en 2022 is dit nu: € 1.965.418,96 (inclusief BTW). Na deze impulsaanvraag blijft een restant van €0 (inclusief BTW) over op het totaal beschikbare impulsbedrag voor de werkregio.
2.2 Welk deel van de kosten van de klimaatadaptatie maatregelen betreft compensabele BTW? Het Ministerie van IenW keert een nettobedrag uit aan de aanvrager en stort de BTW (procentueel overeenkomend met het BTW aandeel van kosten van de maatregelen) in het BTW compensatiefonds. Daar kunnen provincies en gemeenten de compensabele BTW terug vragen. Zie bijlage 3 voor een extra toelichting op de BTW.
De BTW over het totale bedrag is € 1.462.938 (dit is 21% van de totale kosten
klimaatadaptieve maatregelen €(121%) min de te betalen BTW door het waterschap). De te betalen BTW door het waterschap is niet compensabel. De rijksbijdrage van € 1.965.418,96 bestaat uit een netto component van € 1.651.503 en een BTW component van € 313.916. De netto component wordt direct overgemaakt aan de kassier, in dit geval de gemeente Almere
In Bijlage 1 dient u de projecten waar de klimaatmaatregelen genomen worden toe te lichten. De tabel in Bijlage 2 dient een overzicht te geven van het totale pakket aan maatregelen. Geef in de tabel aan welke type uitvoeringsmaatregelen (zie bijlage 4 voor voorbeelden) er worden voorgesteld en wanneer deze zijn afgerond. Hoe is de financiering van het maatregelenpakket opgebouwd? Welke organisatie draagt hoe veel bij aan het maatregelenpakket?
2.3 Hoe heeft u beoordeeld dat deze maatregelen kosten effectiever zijn dan andere te kiezen maatregelen om de klimaatstress te verminderen? Almere: Voor de Hoven zijn maatregelen beoordeeld via een afstudeeronderzoek naar de meest kosteneffectieve ingrepen. Op basis hiervan zijn maatregelen bepaald. Voor de hoofdinfrastructuur van Almere zorgt het nemen van dergelijke maatregelen ervoor dat het rioolsysteem dat pas over 60 tot 80 jaar vervangen hoeft te worden niet voortijdig een kostbare ingreep nodig heeft. Dronten: De te nemen maatregelen zijn beoordeeld op effectiviteit middels een modelberekening. Een aanvullende eis in de overwegingen is dat voor zowel groen, water, verkeer en verharding de maatregelen een positieve bijdrage moeten leveren voor het centrum van Dronten. Er zijn geen alternatieven beschikbaar die voor al deze disciplines een zelfde positieve bijdrage leveren, daarom zijn alternatieven niet getoetst. Lelystad: Door Aveco de Bondt zijn voor verschillende projecten meerdere varianten uitgewerkt om het gebied klimaatbestendig te maken. De meest effectieve varianten die bij eigenschappen van de plangebieden passen zijn gekozen. Dit is gedaan voor andere deelgebieden die als vertrekpunt dienen voor de rest van het totale plangebied voor verschillende projecten.
Voor het project Lars en Lily is met de Provincie afgestemd welke adaptieve maatregelen uitgevoerd kunnen worden in het gebied. Op basis hiervan zijn meerdere berekeningen gemaakt waarbij gezorgd is dat kosten en realisatie in verhouding is. Daarnaast is voor het project Stationsgebied West afgestemd met Waterschap Zuiderzeeland voor de beste locatie voor waterberging. Noordoostpolder: Na het uitvoeren van stresstesten is de huidige technische staat van de openbare ruimte beoordeeld. Het opbreken van de bestaande bestrating in de woonwijk Espelervaart is te rechtvaardigen voor het gelijktijdig uitvoeren van ondergrondse maatregelen. Door ‘werk met werk’ te maken bij het uitvoeren van klimaatadaptieve maatregelen wordt de bestaande openbare ruimte gereconstrueerd. Hierdoor kunnen de maatregelen kosteneffectief in uitvoering worden gebracht. Hetzelfde geldt voor de maatregelen Westerrand te Espel, waarbij opbreken van de bestaande bestrating te rechtvaardigen is door direct ondergrondse maatregelen uit te voeren. Urk: Voor de vergroting van een waterpartij is gebleken dat de waterbergende capaciteit van ondergrondse berging minder effectief is dan bovengronds. Hierdoor zijn bijbehorende kosten voor het vergroten van de waterpartij effectiever dan het nemen van andere maatregelen.
Voor de Molenstraat is gekozen voor een nieuwe methodiek van ophogen die bijdraagt aan het voorkomen van meerdere risicofactoren, terwijl traditionele maatregelen die genomen worden in de gemeente vaak niet meer dan één doel dienen. Hierdoor is het nemen van deze maatregelen effectiever in doelbereik,
daardoor ook kosteneffectiever. Zeewolde: Op basis van andere projecten is voor klimaatadaptieve maatregelen gekozen die effectiever zijn gebleken na praktische ervaring. Ook is voor een aantal projecten concreet advies vanuit Aveco de Bondt gewonnen betreffende de kosteneffectiviteit van te nemen maatregelen. Waterschap Zuiderzeeland:. Alternatieve maatregelen voor de automatisering van stuwen zijn kostbaarder dan het huidige voorstel, omdat deze o.a. vragen om complete herinrichting van het gebied. Voor de vervanging van de wegduiker is het watersysteem van de Noordoostpolder geconstateerd dat de waterafvoer van de watergang niet optimaal functioneert en een bottleneck zal vormen naarmate weersomstandigheden extremer worden. 2.4 Welke versnelling of extra adaptatiemaatregelen kunnen ten opzichte van de uitvoeringsagenda ontplooid worden door deze regeling? Probeer dit zo veel mogelijk te kwantificeren. Almere: Versnelling en extra maatregelen wordt met deze regeling behaald omdat op meer plekken klimaatadaptieve maatregelen genomen kunnen worden die anders pas na 25 tot 30 jaar worden gedaan. Voor het project de Maren en de Hoven kan door deze regeling ook extra maatregelen genomen worden. Dronten: Vanuit de verschillende disciplines is geen specifiek budget voor klimaatadaptatie voorzien.
Maatregelen financieert de gemeente daarom grotendeels met budgetten op basis van afschrijving. Met deze financiering kan de afschrijftermijn verkort worden én zijn aanvullende maatregelen mogelijk t.o.v. sec. de vervangingsopgave na afschrijving. Lelystad: Vanwege de regeling wordt het project Kreek en Haf klimaatadaptief, omdat meer klimaatmaatregelen toegepast kunnen worden om water in het gebied te bergen. Voor project Lars en Lily zou zonder de impulsregeling aanvullende klimaatadaptieve maatregelen niet worden opgenomen in het standaard pakket van eisen. Ook maakt deze financiering het mogelijk om de klimaatambities van de gemeente zichtbaar en meetbaar te maken, en meerdere doelen te dienen. Stationsgebied West wordt méér klimaatadaptief, omdat er grotere waterbergende maatregelen genomen kunnen worden binnen een eerder ontworpen project. Noordoostpolder: De gereserveerde middelen voor de uit te voeren maatregelen om de rioleringsvoorziening te vervangen en de herinrichting van de openbare ruimte op de Espelervaart en Westerrand te Espel op te pakken zijn in de voorgenomen schaalgrootte onvoldoende toereikend om klimaatmaatregelen in te passen. Door de impulsgelden is het mogelijk dit project in zijn volledigheid uit te voeren. Urk: De voorgestelde projecten worden met de impulsregeling meer klimaatadaptief omdat er méér maatregelen genomen kunnen worden.
Er wordt meer verhard oppervlak omgevormd naar groen, extra waterberging gerealiseerd, en het rioolstelsel ontlast. Sneller klimaatadaptief omdat er bij de uitvoering gelijktijdig maatregelen worden uitgevoerd die anders later op de planning stonden. Zeewolde: Vanwege de impulsgelden zijn deze projecten getransformeerd van regulier groot onderhoud naar projecten met bewust en duidelijk aandacht voor klimaatadaptatie. Door het deltaprogramma en de impulsregeling is aandacht gekomen voor klimaatadaptatie waardoor deze als leidende principes in ruimtelijke ingrepen worden gebruikt. Deze projecten en bijbehorende maatregelen zullen als blauwdruk dienen voor volgende groot- en integrale onderhoudsprojecten. Daarbovenop stond voor knelpuntenlocatie De Corridor groot onderhoud niet gepland. Door de impulsgelden is een ingreep naar voren geschoven, waardoor de gemeente
sneller klimaatadaptief wordt ingericht. Waterschap Zuiderzeeland: Zonder de impulsgelden waren de projecten voor het Waterschap Zuiderzeeland niet financieel bereikbaar. Door de regeling worden de activiteiten van het Waterschap meer klimaatadaptief omdat accurater en sneller ingespeeld kan worden op weersverandering. Sneller omdat automatisering van stuwen anders pas bij de volgende onderhoudsronde over ca 30-40 jaar uitgevoerd kan worden en de vervanging en aanpassing van de wegduiker niet uitgevoerd zou worden. 3. Uitvoering 3.1 Hoe wordt door de werkregio gestuurd over de uitvoering van de maatregelen in dit pakket en eventuele wijzigingen? Hoe wordt binnen de werkregio besloten over eventuele veranderingen binnen het maatregelenpakket? Alle partijen die onderdeel uitmaken van deze werkregio, werken samen onder de noemer Klimaatadaptief Flevoland (KAF). KAF is een netwerkorganisatie om samen te werken op het gebied van klimaatadaptatie, waar ook de GGD onderdeel van is. In 2021 is de samenwerking verder geformaliseerd d.m.v. een samenwerkingsovereenkomst voor de impulsregelingsaanvraag. De Gemeente Almere vervult de kassiersfunctie voor de werkregio. KAF komt meerdere keren per jaar samen om over het werkveld te spreken, een werkbezoek te brengen en te netwerken. Op de ambtelijke overleggen van KAF staat minimaal tweemaal per jaar de impulsregelingsaanvragen op de agenda.
Op deze overleggen wordt inhoudelijk gerapporteerd over de projecten en wordt beslist over de (prioritering van) toekomstige aanvragen/maatregelen. De coördinator van het KAF zit dit overleg voor. Om ruimte te houden voor flexibiliteit in de verdeling van de impulsregelingsgelden, hebben de KAF-partners hun voorkeur uitgesproken voor een pragmatische invulling van de verdeling onderling. Per jaar wordt gekeken waar de meeste prioriteit ligt, en of de gelden eerlijk verdeeld worden over de werkregio. Op het overleg waar de aanvraag voor het komende jaar besproken wordt, moet consensus ontstaan tussen alle partners over de aanvraag. De uitkomst van het ambtelijk overleg wordt als advies aan de bestuurders voorgelegd. Bestuurlijke goedkeuring is de formalisering met een handtekening onder de aanvraag. De werkwijze gaat ervan uit dat elke KAF-partner tekent voor de jaarlijkse aanvraag, ook als de betreffende partner dat jaar zelf geen aanvraag doet. 3.2 Indien relevant, hoe en waarover vindt afstemming met beheerders van het Rijk (Zoals RWS, Pro-Rail, Staatsbosbeheer, Defensie, Rijksgebouwendienst) en/of over andere wel of niet vitaal en kwetsbare netwerken plaats? Voor project 18, vervanging wegduiker, wordt in 2025 overleg gevoerd met beheerder en nutsvoorzieningen (provincie Flevoland)
4. Ondertekening Bestuurlijke ondertekening door ten minste 50% van de partijen binnen de werkregio die deze aanvraag indient. Indien de provincie of waterschap niet binnen de werkregio voorkomen dient formele steunbetuiging georganiseerd te worden door een ‘Letter of
Support’. De provincie of waterschap spreekt daarmee goedkeuring uit over dit voorstel maar hoeft daar geen actief onderdeel van te zijn.
Organisatie Gemeente Almere
Naam en functie ondertekenaar Wethouder J. Luijendijk
Datum Datum:
Handtekening
Gemeente Dronten
Wethouder L. Hillebregt-de Valk
Datum:
Gemeente Lelystad
Wethouder S. Kruis
Datum:
Gemeente Noordoostpolder
Wethouder R. van Amersfoort
Datum:
Gemeente Urk
Wethouder W. Foppen
Datum:
Gemeente Zeewolde
Wethouder E.S.W. Bron
Datum:
Waterschap Zuiderzeeland
Heemraad J. Lodders
Datum:
Provincie Flevoland
Gedeputeerde S. Simonse
Datum:
Bijlage 1 Omschrijving projecten
B1. Geef een omschrijving van het project. Geef daarbij specifiek aan welk deel van het project klimaatmaatregelen betreffen. Gemeente Almere Project 1: Op basis van de stresstest blijkt dat op een groot aantal locaties in de gemeente Almere op de hoofdinfrastructuur bij grote piekbuien een dusdanige hoeveelheid water kan komen te staan dat de toegankelijkheid voor hulpdiensten en ander urgent verkeer in het geding is. Daardoor kunnen ook kritische bestemmingen zoals het ziekenhuis onbereikbaar worden. Hierdoor worden, gekoppeld aan groot onderhoud, maatregelen getroffen om water buiten de rijbaan te bergen. De te nemen maatregelen dragen bij aan het bergen van een extra 1220 m3 hemelwater, waardoor het regenwaterriool ontlast wordt. Door ingrepen in de openbare ruimte te maken hoeft dit rioolsysteem, met een resterende levensduur van ca 70 jaar, niet eerder vernieuwd te worden en worden kosten op een latere termijn bespaard. Ook dragen maatregelen zoals het toevoegen van groenelementen bij aan het tegengaan van hittestress, droogte en uiteindelijke bodemdaling. De Rijksbijdrage van de impulsregeling zorgt ervoor dat de beschikbare middelen toereikend zijn om de klimaatadaptieve maatregelen gelijktijdig met het groot onderhoud uit te voeren, die anders pas na 25 tot 30 jaar gedaan kunnen worden.
Project 2: De Marken en De Hoven behoren tot de eerste en oudste wijken van stadsdeel Almere Haven. Sinds de oplevering van de eerste woningen in 1976 is nog geen grootschalig onderhoud gepleegd. Na bijna 40 zal een groot deel van de openbare ruimte op de schop gaan. Door de Rijksbijdrage van de impulsregeling kan gelijktijdig met het onderhoud ook aan klimaatadaptieve herinrichting worden gewerkt. Zonder de impulsregeling zouden klimaatadaptieve maatregelen in De Marken en de Hoven pas over 25 tot 30 jaar kunnen worden uitgevoerd. De Marken en De Hoven kampen tijdens piekbuien met wateroverlast dat leidt tot schade aan woningen. De ambitie van deze maatregelen is om tot een situatie te komen waarbij neerslag van 70 mm in 1 uur geen overlast veroorzaakt en daardoor structureel te voorkomen dat water bij panden naar binnen stroomt en hoofdwegen permanent beschikbaar te houden. Daarnaast zullen de uit te voeren maatregelen bijdragen aan het tegengaan van hittestress en droogte, waardoor bodemdaling vertraagt. De uit te voeren maatregelen richting zich op twee sporen. 34.071 m2 aan ‘dichte’ parkeerbestrating wordt vervangen door waterdoorlatende bestrating. Dit betekent dat bij elke regenbui in de Hoven en de Marken waterinfiltratie bij parkeergelegenheden van 0 m3 verhoogd wordt naar maximaal 5.113 m3 per bui.
Daarnaast wordt een verbetering van de groenstructuren in de wijk uitgevoerd. In de huidige situatie wordt bij regenbuien geen vraag gedaan op de 2.884 m3 waterbergend vermogen doordat het water direct het riool in wordt geleid. In de nieuwe situatie worden de groenstructuren zo gevormd dat regenwater wordt gekanaliseerd naar kleine wadi’s gelegen in het openbaar groen. Het rioolsysteem is niet ingericht op de veranderende weersomstandigheden, maar is nog lang niet afgeschreven. Door maatregelen in de openbare ruimte te realiseren wordt schade en kosten door wateroverlast verminderd en worden ook de hoge kosten van een nieuw rioleringssysteem vermeden.
Gemeente Dronten
Project 3, 4, 5 en 6: Uit stresstesten blijkt dat het centrum (winkelgebied) van de gemeente Dronten gevoelig is voor wateroverlast bij toekomstige piekbuien. Dit uit zich in water op straat en in panden met het vloerpeil gelijk aan het maailveld. Binnen de huidige bebouwde en verharde structuur wordt ruimte voor maatregelen gezocht. Om het water af te vangen, lokaal te bergen en vertraagd af te voeren wordt daarom beoogd tussen 2024 en 2027 een viertal hemelwaterstructuren te realiseren die aan vier zijden van het centrumgebied als radialen het water afvangen, bergen en wegvoeren naar buiten het centrum. Het doel van deze maatregelen is om tot een systeem te komen waarbij bij een toetsbui 70 mm/h geen waterlast veroorzaakt binnen het projectgebied. Ook dragen deze maatregelen positief bij aan het groen, water en verkeer in het centrum van Dronten. Door de rijksbijdrage van de impulsregeling kunnen deze maatregelen eerder uitgevoerd worden dan vanuit de vervangingsopgave strikt noodzakelijk is. Dit omdat er vanuit bijbehorende disciplines geen specifiek budget voor klimaatadaptatie is voorzien, waardoor maatregen grotendeels gefinancieerd worden op basis van afschrijving. Met deze financiering wordt de afschrijftermijn verkort en zijn aanvullende maatregelen mogelijk.
Gemeente Lelystad Project 7: De woonwijken Kreek en Haf zijn gelegen in de Atolwijk in Lelystad en stammen uit de vroege jaren 70. Omliggende wijken zijn recentelijk heringericht, terwijl de bestrating in Kreek en Haf er gedateerd uitziet en de omgeving redelijk versteend is. Ook blijkt het plangebied uit de stresstesten risico op wateroverlast te lopen. De openbare ruimte wordt daarom opnieuw ingericht, waarbij klimaatadaptieve maatregelen ingepast worden. Deze maatregelen zijn gebaseerd op interne risicodialoog. Extra waterbergende maatregelen worden genomen op de parkeerplaatsen, die als tijdelijke ondergrondse berging voor overtollig regenwater zullen dienen. Hierdoor wordt in totaal 1020 m3 extra waterberging gerealiseerd. De gemeente Lelystad kiest ervoor in de Lokale Adaptatiestrategie voor maximale effectiviteit te gaan, door voor logische momenten om klimaatbestendig te worden te kiezen. Door de impulsregeling kunnen meer klimaatmaatregelen worden toegepast om water te bergen en piekbuien op te vangen. Zonder de impulsregeling was dit budget er niet. Project 8: Het Campusgebied Lars en Lily is een onderdeel van het langgerekt centrumgebied in Lelystad. Het is een woongebied dat ruimtelijk is ingericht als open veld, waardoor het ruimte biedt om klimaatadaptieve maatregelen te nemen en de stadsecologie te versterken. Maatregelen die genomen wordt zijn o.a.
het toevoegen van wadi’s en groenstructuren ten behoeve van Marterachtigen (zoals opgesteld in compensatieplan Marterachtigen). Het gebied grenst aan water, waardoor natuurvriendelijke oevers ook bij kunnen dragen aan waterberging. Groen wordt centraal gesteld. Waar mogelijk wordt waterpasserende bestrating gebruikt. Voorgestelde maatregelen dragen daarmee ook direct bij aan het verminderen van hittestress in en om de Campus. Door de impulsregeling is het inpassen van natuurvriendelijke oevers mogelijk. Deze dragen bij aan extra waterbergende capaciteit. Ook zijn vanwege de impulsregeling extra standaarden in het programma van eisen opgenomen, waardoor meer klimaatadaptieve maatregelen genomen worden. Vanwege de aansluiting op het compensatieplan Marterachtigen wordt met de Provincie afgestemd welke soorten groen opgenomen worden in het plangebied. Dat wordt in 2023 nog afgestemd.
Project 9: Het westelijke stationsgebied van Lelystad (project Herinrichting Lelystad Stationsgebied West) heeft de komende jaren te maken met verdichting. Hierdoor start in het gebied een woonprogramma gecombineerd met commerciële en zorgfuncties in de plint. Vanwege de duurzame en groene uitstraling van het gehele project en de wijze van ontwikkeling is gekozen om aanvullende klimaatadaptieve maatregelen te nemen tijdens uitvoering, om werk met werk te maken. Daarmee valt het project Herinrichting Lelystad Stationsgebied West onder de pijlers van Lelystad Next Level, waarbij groene urbanisatie een hoofddoel is. Dit wordt gedaan door o.a. bestaande waterpartijen te vergroten ten behoeve van waterbergend vermogen. De bestaande watergang wordt met 1 meter verbred, waardoor ca 450m2 aanvullend oppervlaktewater kan worden vastgehouden. Dit zal leiden tot ca 450 m3 extra waterbergend vermogen. Deze maatregel draagt o.a. bij aan het tegengaan van hittestress en een gezonde leefomgeving voor een snel verdichtende stationsgebied. Daarnaast wordt wateroverlast tijdens extreme weersomstandigheden tegengegaan, door de verbeterde waterafvoermogelijkheden. Lelystad kiest voor deze maatregel omdat deze met een simpele ingreep kosteneffectief veel waterbergend en waterafvoerend capaciteit oplevert.
De impulsregeling draagt bij aan meer en sneller klimaatadaptief Lelystad, door het mogelijk maken van een aanvullende maatregel ten behoeve van waterberging. Gemeente Noordoostpolder Project 10: In de woonkern van Espel ontstaat bij extreme buien veel wateroverlast. Op basis van uitgevoerde stresstesten en beoordeling van de technische staat van de openbare ruimte is besloten om een hemelwaterrioolstelsel naast het huidige gemengde stelsel aan te leggen, waardoor hemelwater vertraagd afgevoerd kan worden (o.a. via de te vergroten waterpartij in een aangrenzend bosperceel). Het aan te leggen hemelwaterrioolstelsel zal diameters variërend van 400 mm tot 600 mm bevatten, waarbij de afvoercapaciteit vregroot wordt. Hiermee worden ook water-op-straat situaties voorkomen. Aanvullende maatregelen bevatten o.a. het verhard oppervlak verkleinen, waardoor aanvullend waterbergend vermogen wordt gerealiseerd. Dit draagt o.a. bij aan het tegengaan van hittestress en verdroging in het omliggende gebied. Hierbij wordt ca. 3100 m2 verhard oppervlak en ca. 44 woningen afgekoppeld. Vanwege de impulsregeling kan gemeente Noordoostpolder werk met werk maken, door reconstructies in de openbare ruimte gelijktijdig met klimaatadaptieve maatregelen uit te voeren. Dit draagt mede bij aan de kosteneffectiviteit van het project.
De uit te voeren maatregelen beginnen in januari 2025 en zullen naar verwachting eind 2026 gerealiseerd zijn. Project 11: De Europalaan dient als hoofdweg voor verkeer in de woonwijk Espelervaart en gaat over in de Zwin. Op basis van uitgevoerde stresstesten in 2020 bleek dat deze hoofdader voor de wijk een locatie is waar veel wateroverlast kan optreden. De gemeente Noordoostpolder heeft daarom besloten effectief in te zetten op klimaatadaptieve maatregelen door de Europalaan/Zwin aan te pakken. Op basis daarvan is besloten het gemengde rioleringssysteem, met diameters variërend van 300 mm tot 600 mm, te vervangen door een nieuw aan te leggen gescheiden rioleringsstelsel met een grotere verzamelleiding met een diameter van 900 mm. Dit zal zorgen voor afvoer en berging van hemelwater voor de hele woonwijk de
Espelervaart. Door 5.700 m2 aan wegverharding af te koppelen en 620 m3 waterbergend vermogen te realiseren wordt de riolering verder ontlast. Om efficiënt om te gaan met de uit te voeren werkzaamheden worden drempels toegevoegd in de lager gelegen delen van de Europalaan om op wegdekniveau hemelwater tijdens extreme buien te bergen. De uit te voeren maatregelen beginnen in januari 2025 en zullen naar verwachting eind 2027 afgerond zijn. De gereserveerde middelen voor de uit te voeren maatregelen om de rioleringsvoorziening te vervangen en gelijktijdig de herinrichting van de openbare ruimte op te pakken waren niet toereikend. Door de Rijksbijdrage van de impulsregeling kunnen de twee opgaven gelijktijdig worden opgepakt, waardoor sneller en meer klimaatadaptieve maatregelen genomen kunnen worden. Gemeente Urk Project 12: De Molenstraat is een woonstraat in de wijk Top in de gemeente Urk. Deze is in beginjaren ’70 aangelegd. Inmiddels is de openbare ruimte van Molenstraat aan groot onderhoud toe en in het kader van revilatisering streeft de gemeente Urk een aantal doelen na: verbetering van openbare ruimte t.g.v. wateroverlast, verbetering van groen en speelstructuur, verbetering zettingen en/of zakkingen en verbetering verkeersveiligheid. Door de rijksbijdrage van de impulsregeling kunnen maatregelen t.b.v.
klimaatadapatatie in hogere maten worden ingepast in het onderhoud van de Molenkamp. Zo zal aanvullend verhard oppervlak worden omgevormd tot groen, extra waterberging worden gerealiseerd (90 tot 95% vrij volume boven de grondwaterstand) door afkoppeling bovengrondse HWA en ontlasting van het gemengde rioolstelsel. Vertaald betekent dit dat bij een oppervlakte van 1300 m2 ongeveer 600 m3 extra waterberging gerealiseerd. Naast aanvullend waterberging, dragen deze maatregelen bij aan de vergroeningsopgave van de gemeente, evenals het tegengaan van hittestress in de wijk en het verbeteren van de sociale functies van de openbare ruimte. Door de Rijksbijdrage kan gelijktijdig met het regulieren onderhoud van de wijk klimaatadaptieve maatregelen worden ingepast. Hierdoor kan efficiënt omgegaan worden met materialen en capaciteit en worden klimaatadaptatie maatregelen sneller uitgevoerd.
Project 13: Aan de noordzijde van woonwijk Noorderzand in gemeente Urk ligt een vijverpartij waar overstort van het gemengde rioolstelsel terecht kan. Het verbeteren van de waterkwaliteit van deze vijverpartij staat op de agenda van gemeente en waterschap en mede door de gelden van de impulsregeling kunnen aanvullende klimaatadaptieve maatregelen worden ingepast die bijdragen aan waterkwaliteit, algemene gezondheid, biodiversiteit en waterberging. De voorgestelde maatregelen, die worden uitgevoerd in 2024, centreren om de in eerste instantie vergroten van de waterpartij. Dit leidt tot een extra buffer opensysteem, waarbij water vertraagd wordt afgevoerd en kan worden vastgehouden. Zo wordt aanvullend ca. 7500 m3 extra waterberging gerealiseerd. Ook wordt de HWA afgekoppeld, wat zal leiden tot ontlasting van het rioolsysteem. Door de Rijksbijdrage van de impulsregeling kunnen de aanvullende klimaatadaptieve maatregelen worden gerealiseerd, zoals het vergroten van de waterbergende capaciteit en het afkoppelen van het bovengrondse HWA. Gemeente Zeewolde
Project 14: De Botenbuurt is één van de eerste wijken in de gemeente Zeewolde. Deze is eind jaren ’80 / begin jaren ’90 gebouwd. Daarom staat renovatie van de openbare ruimte op de planning. Uit de stresstest blijkt dat op meerdere locaties in de Botenbuurt wateroverlast kan ontstaan bij piekbuien. Ook wordt de Almereweg als hotspot aangewezen. Vanwege het beleid in Zeewolde om bij groot onderhoud klimaatadaptieve maatregelen mee te nemen is gekozen werk met werk te maken bi jde renovatie van de buurt. De gekozen maatregelen zorgen voor extra waterbergende capaciteit door een aan te leggen wadi van ca. 200m2. Voor verbeterde afvoercapaciteit naar waterbergende voorzieningen wordt gewerkt naar een capaciteit van 30 mm per uur, een stijging van 10 mm. Ook wordt het wegprofiel van ca. 800m aangepakt voor verbeterd oppervlakkig afvoeren. Deze maatregelen zorgen voor bijna volledige afname van water dat woningen instroomt bij maatgevende buien en dat doorgaande wegen bereikbaar blijven voor veiligheidsdiensten. Vanwege de aandacht die voor het belang van klimaatadaptatie is ontstaan door de impulsregeling wordt nu consequent in de gemeente gewerkt aan het inbedden van klimaatadaptieve maatregelen. Zonder de impulsgelden zou dit project niet verder gaan dan groot onderhoud. Project 15: De Edelstenenbuurt in de gemeente Zeewolde is eind jaren ’90 gebouwd.
Voor het vuilwaterriool is een Gres gebruikt, die door scheurvorming moet worden vervangen. Om werk met werk te maken staat een renovatie van de openbare ruimte op de planning. Vanwege de beschikbaarheid van de impulsgelden kunnen klimaatadaptieve maatregelen in deze renovatie geïntegreerd worden. Uit de stresstest blijkt dat op meerdere locaties in de Edelstenenbuurt wateroverlast tijdens maatgevendbuien kan worden verooorzaakt. Ca. 300m aan wegprofiel wordt aangepast, 300m ontharding van parkeerplaatsen en een aanvullende 50m2 ontharding ten behoeve van vermindering van wateroverlast en de verbetering van oppervlakkig waterafvoer. Het hemelwaterriool wordt aangepast naar ca. 2200m ten behoeve van verbeterde waterafvoer. Verder is er bij de herinrichting ook aandacht voor hitte en biodiversiteit.
Project 16: Uit stresstesten blijkt dat de Corridor één van de knelpunten in de gemeente Zeewolde is. Waar anderen aansluiten bij regulier onderhoud, is hier gekozen om dit knelpunt direct aan te pakken. Vanwege de impulsgelden is het vooruitschuiven van het nemen van klimaatadaptieve maatregelen in de Corridor mogelijk. De te nemen maatregelen voor dit project zijn o.a. het verkorten van de tot de lozingsput, ondergrondse afvoer naar oppervlaktewater en zal er aandacht zijn voor waterberging, hitte en biodiversiteit. Door deze maatregelen wordt risico op wateroverlast bij piekbuien verminderd, waardoor voorkomen wordt dat regenwater woningen instroomt en dat doorgaande wegen onbereikbaar worden voor veiligheidsdiensten. Waterschap Zuiderzeeland Project 17: Het Waterschap Zuiderzeeland voert binnenkort regulier onderhoud uit van twee stuwen. Vanwege de veranderende weersomstandigheden en berekenende maatgevende buien kan automatische besturing leiden tot verbeterde klimaatbeheersing en gerichter inspelen op weersomstandigheden. Hierdoor kan benedenpand water op de juiste momenten sneller en beter worden vastgehouden en
bovenpand verbeterd afgevoerd worden voor betere beheersing van waterhoeveelheid. Dit leidt ook tot verminderd risico op schade (in agrarisch gebied). De impulsgelden versnellen klimaatadaptief handelen van het Waterschap, omdat deze automatisering van stuwen mogelijk maakt. Als dit niet tijdens deze ronde regulier onderhoud wordt meegenomen zal het een aantal tientallen jaren duren voordat automatisering wel kan worden ingepast.
Project 18: De waterafvoer van de watergang Wrakkenweg – Ruttensetocht functioneert niet optimaal en vormt een knelpunt in het watersysteem van de Noordoostpolder. De hydroloog van het Waterschap Zuiderzeeland heeft geconstateerd dat de ligging en afmeting van duiker Wrakkenweg – Ruttensetocht een bottleneck zal vormen naarmate klimaatverandering de weerspatronen verder beïnvloedt. De voorgestelde maatregel pakt deze duiker aan door de huidige diameter van 1.60 te vergroten en de ligging te verbeteren, waardoor de optimale doorgang van 2/3 e water en 1/3e lucht behaald kan worden. Hierdoor kan het achterliggende agrarisch gebied van 700 ha beter afwateren. De impulsregeling draagt bij aan een sneller klimaatadaptief Flevoland, omdat het Waterschap met de rijksbijdrage de vervanging van de duiker zelf kan uitvoeren. De duiker is technisch gezien nog niet aan vervanging toe. Doordat wij deze echter vroegtijdig vervangen, kan wateroverlast in het achterliggende agrarisch gebied in de toekomst voorkomen worden en wordt het achterland klimaatadaptief versterkt.
Bijlage 2 Maatregelenoverzicht (Excel-bestand)
Bijlage 3 BTW en BTW Compensatiefonds
Het Ministerie van IenW keert een nettobedrag uit aan de aanvrager en stort de BTW (procentueel overeenkomend met het BTW aandeel van kosten van de maatregelen) in het BTW compensatiefonds. Daar kunnen provincies en gemeenten de compensabele BTW terug vragen.
Indien sprake is van BTW dan maakt deze onderdeel uit van de kostenraming. Het is van belang dat de BTW afzonderlijk wordt gespecificeerd in deze kostenraming, waarbij duidelijk wordt gemaakt hoe het gemiddeld BTW-percentage is opgebouwd. Hierbij ligt het in de rede om te specificeren welke kosten zijn belast met 0%, 6% en 21% BTW of geheel zijn vrijgesteld van BTW.
De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het aanleveren van een deugdelijke BTW-raming. In beginsel wordt een dergelijke raming opgesteld door de initiatiefnemer.
Er is sprake van compensabele BTW wanneer:
Het een overheids-/niet-ondernemerstaak betreft, waarbij niet in concurrentie kan worden getreden met marktpartijen; Aan de gemeente of provincie de BTW in rekening wordt gebracht; Aan de gemeente of provincie de prestatie wordt geleverd; Het géén verstrekking aan een individuele derde betreft, zoals bijvoorbeeld het geven van een televisie aan een bijstandsgerechtigde; Het géén kosten betreft die gebruikt zijn voor vrijgestelde prestaties, zoals zorg, schuldhulpverlening, onderwijs, verhuur, ed.
In alle overige gevallen is sprake van niet-compensabele BTW. Bijvoorbeeld: Wanneer de kosten door een waterschap worden betaald. Als een regio meebetaalt aan het aanleggen van een extra perron of asfalt op rijkswegen. Er is dan geen sprake van een belaste prestatie aan de regio; Verstrekken van subsidies in natura. In het geval van niet-compensabele BTW is het BTW bedrag onderdeel van het bedrag dat direct aan de inititatiefnemer beschikbaar wordt gesteld.
Om over te kunnen gaan tot betaling zal duidelijk moeten zijn welk bedrag er direct wordt overgeheveld naar de desbetreffende decentrale overheid en welk bedrag er wordt afgestort in het BCF. De bijdrage van het Rijk wordt namelijk gesplitst in een deel compensabele BTW (welke wordt afgestort in het BCF) en het restant, die rechtstreeks aan de desbetreffende decentrale overheid wordt overgeheveld.
De afstorting in het BCF geschiedt op basis van een raming van de BTW. Doordat wordt gewerkt met een raming is er sprake van een bepaalde onzekerheidsfactor, waardoor het mogelijk is dat het feitelijke beroep op het BCF af kan wijken van de initiële afstorting. Er vindt echter geen nacalculatie plaats op basis van gerealiseerde BTW-kosten. Dit betekent dat de BTW-raming niet met terugwerkende kracht kan worden aangepast of herberekend.
Bijlage 4 Voorbeeldlijst maatregelen Impulsregeling klimaatadaptatie
De maatregelen waarvoor financiering toegekend kan worden dienen te voldoen aan de kaders van en de scope van het Deltafonds en DPRA. Dat betekent dat alleen maatregelen tegen wateroverlast, droogte of ter beperking van gevolgen van overstromingen, getroffen door overheden in het kader van hun waterbeheertaken in de openbare ruimte gesubsidieerd kunnen worden. Om wateroverlast, droogte of de gevolgen van overstromingen te verminderen kunnen maatregelen getroffen worden in de volgende categorieën:
Ruimtelijke inrichting Water vasthouden en benutten Water bergen (capaciteitsvergroting) Vergroten van de afvoercapaciteit
Onderstaande lijst bevat voorbeelden van dit type maatregelen.
Soort maatregel Inrichtingsmaatregelen Laagte aanbrengen in openbare ruimte
droogte
Slimme inrichting buitenruimte gericht op gebiedskenmerken Beekherstel en/of herprofilering leggerwaterlopen
x
wateroverlast
gevolg beperking
x
x
x
x
x
Plaatsen stuwen detailwaterlopen Groenblauwe structuren
x
x
Vasthouden en benutten Ontstenen verhard oppervlak
x
x
Vergroening (met als doel water vasthouden)
x
x
Infiltratievoorziening Hergebruik regenwater
x x
x x
Onderwaterdrainage Waterconservering/vasthouden
x
Flexibel grondwaterbeheer
x
Vernatting
x
Greppels afsluitbaar maken
x
Bergen Oppervlaktewater aanleggen
x
Bufferzones rondom natuur/kwelgebieden
x
Duikers verhogen of verkleinen
x
Bergingscapaciteit creëren waterberging vergroten Vergroten boezemcapaciteit Sloten verdiepen of afdammen Afvoercapaciteit vergroten
x
x x x
x x x x
x
Pomp(over)capaciteit vergroten (riool)
x
Afvoercapaciteit van de riolering vergroten (bovennormatief)
x
Peilbeheersing door stuw/dam Vergroten afvoercapaciteit van watersysteem
x
x x
x