D05 01 Bijlage 1a -Rapportage_Coronapeiling_Flevoland_-_DEF.PDF
Tekst van het document
Datum
Respondenten
17 november 2020
7.206
In opdracht van
1)
Zorgen inwoners groter dan feitelijke impact op dit moment .................................... 5
2)
Toegenomen eenzaamheid .......................................................................................... 5
3)
Zorg voor elkaar ........................................................................................................... 6
4)
Verschillen gemeenten klein, uitzondering Urk ........................................................... 6
Huishouden en Gezin ........................................................................................................... 7 Sociale interactie ................................................................................................................ 11 Werk en inkomen ............................................................................................................... 16 Leefomgeving en mobiliteit ............................................................................................... 20 Vrije tijd, recreatie en vakantie .......................................................................................... 23 Contact met de gemeente ................................................................................................. 25 Toekomst ............................................................................................................................ 28 Verschillen tussen gemeenten ........................................................................................... 31
Methode ............................................................................................................................. 37
Pagina 2 | Citisens
De coronamaatregelen vanaf het voorjaar van 2020 leidden in extreem korte tijd tot aanpassing in gedrag bij een brede groep mensen. We weten dat veel van de maatregelen nog een tijd van kracht blijven en aanpassingen van inwoners blijven vragen. De provincie Flevoland heeft veel informatie over de impact van de coronacrisis en deelt dit middels de COVID-19 Monitor Flevoland met de samenleving en Provinciale Staten. Daarin staat ook informatie over de maatregelen die de provincie Flevoland treft om de gevolgen van de coronacrisis in Flevoland te verzachten. Gedeputeerde Staten van de provincie Flevoland willen graag inzicht in hoe het gaat met hun inwoners in deze periode. Hoe beleven inwoners van Flevoland de periode met de coronamaatregelen? Hoe beïnvloeden deze het dagelijks leven van de inwoners? En wie worden er in meer of in mindere mate door geraakt? Om antwoord op deze vragen te krijgen, heeft de provincie onderzoek laten uitvoeren onder inwoners van alle gemeenten in de provincie Flevoland. In deze rapportage leest u de uitkomsten van dit onderzoek. Het onderzoek is uitgevoerd tussen 28 september en 19 oktober 2020. In deze onderzoeksperiode - op 30 september en 13 oktober - waren er twee persconferenties waarin de Coronamaatregelen in stappen werden aangescherpt.
Op 30 september werd de oproep gedaan om mondkapjes te dragen in de openbare ruimte en op 13 oktober werden de strengere lockdownmaatregelen aangekondigd (o.a. sluiting horeca, bioscopen, theaters en bibliotheken). De meeste inwoners (82%) deden voor de persconferentie op 13 oktober mee. Uit analyse van de onderzoeksgegevens blijkt dat er geen significante verschillen zijn in de antwoorden die voor en na 13 oktober zijn ingezonden. Dat betekent dat het onderzoek een eenduidig beeld geeft van de opvattingen van de inwoners van Flevoland in de gehele onderzoeksperiode.
Via diverse kanalen is aan inwoners van Flevoland gevraagd om mee te doen aan het onderzoek. Zo zijn alle burgerpanels van de gemeenten in Flevoland uitgenodigd.1 Daarnaast hebben panelleden uit het Citisenspanel die woonachtig zijn in Flevoland een 1
Alleen de gemeente Urk heeft geen burgerpanel.
Pagina 3 | Citisens
uitnodiging ontvangen. Ook was het onderzoek beschikbaar via www.coronapeilingflevoland.nl. Deze open link is via zowel online als offline kanalen onder de aandacht gebracht. In Urk en Zeewolde zijn inwoners op het onderzoek gewezen door een ansichtkaart die zij in de bus kregen. In andere gemeenten is meer ingezet op online kanalen zoals advertenties op (social) media. In de onderzoeksverantwoording leest u meer over de precieze inzet van kanalen. Deze crossmedia campagne heeft uiteindelijk 7.206 respondenten opgeleverd, verdeeld over de zes gemeenten in Flevoland. Hiermee is het onderzoek representatief voor Flevoland in zijn geheel. Daarnaast zijn de uitkomsten ook voor vijf van de zes gemeenten representatief. In Urk deden relatief gezien minder inwoners mee, waardoor bij de resultaten voor deze gemeente een grotere foutmarge gehanteerd moet worden.
Deze rapportage bestaat uit een aantal onderdelen. Er wordt gestart met de belangrijkste resultaten, een management samenvatting van de meest opvallende resultaten uit het onderzoek. Vervolgens worden per thema de uitkomsten uit het onderzoek gepresenteerd. In verband met de toegankelijkheid van overheidsdocumenten zijn alle figuren tevens voorzien van een tabel, zodat ook screenreaders de informatie kunnen verwerken. Na de presentatie van de resultaten wordt kort stilgestaan bij de verschillen die tussen de gemeenten naar voren zijn gekomen in de resultaten. Als separate bijlage zijn alle uitkomsten van de afzonderlijke gemeenten als tabellen bijgevoegd. De rapportage wordt afgesloten met de onderzoeksverantwoording, waar dieper wordt ingegaan op de onderzoeksmethode en de respons.
Pagina 4 | Citisens
Het doel van het onderzoek was het in kaart brengen van de beleving van inwoners over de gevolgen van de coronamaatregelen. De onderzoeksvraag die centraal stond was: Welke invloed heeft het leven met coronamaatregelen op de inwoners van Flevoland en welke knelpunten zien inwoners in een omschakeling naar de 1,5m samenleving? Deze onderzoeksvraag is beantwoord op verschillende thema's. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek beschreven. In het algemeen kan gezegd worden dat de coronamaatregelen leiden tot een toename van zorgen van inwoners, bijvoorbeeld over de economische situatie of gezondheid. Naar de toekomst geven inwoners vaak aan dat ze knelpunten zien rondom de economie (de gevolgen voor horeca of winkels) en op sociaal vlak. De meerderheid van de inwoners denkt dat corona ook over een jaar nog invloed heeft op hoe zij met mensen afspreken.
Op elk van de thema's telkens op twee niveaus vragen gesteld: welke zorgen ervaren inwoners, en hoe is de feitelijke impact op hun eigen leven. Uit het onderzoek blijkt dat op deze twee niveaus een verschil zit in hoe inwoners de gevolgen beleven. Over het algemeen kan gezegd worden dat de zorgen die inwoners hebben groter zijn dan de feitelijke impact van de coronamaatregelen op dit moment. Dit wordt onder andere duidelijk bij de economie en ondermijning. Een groot deel van de inwoners maakt zich zorgen over de Nederlandse economie en over de kwetsbaarheid van inwoners voor kwaadwillenden, maar een kleine groep merkt daadwerkelijk dat eigen inkomsten gedaald zijn of heeft in zijn/haar omgeving gezien dat kwaadwillenden bekenden benaderen. Dit betekent niet dat de gevolgen voor inwoners niet aanwezig zijn: zo geeft ruim een op de tien inwoners aan dat hun inkomsten sinds het begin van de coronamaatregelen zijn gedaald.
Een van de veel genoemde gevolgen van de coronamaatregelen is toegenomen eenzaamheid. Veel van de maatregelen zijn erop gericht om sociale contacten van mensen te beperken. Uit het onderzoek blijkt dan ook dat 36% van de inwoners zich eenzamer voelt. Vooral onder alleenstaanden (zowel jongeren als ouderen) is de eenzaamheid toegenomen. In deze groep geeft 49% aan dat zij zich eenzamer voelen door de
Pagina 5 | Citisens
coronamaatregelen. Uit het onderzoek blijkt echter geen relatie met de kwantiteit en kwaliteit van de contacten met dierbaren. Deze zijn veelal gelijk gebleven en worden ook gelijk beoordeeld ten opzichte van voor de maatregelen. Uit het onderzoek blijkt dan ook vooral een verschraling van het aantal contacten buiten dierbaren. Zo geven inwoners aan dat ze minder contacten hebben buiten de groep dierbaren.
De beperking van sociale contacten heeft nog een tweede gevolg dat in het onderzoek bevraagd is: de (informele) zorg die mensen aan elkaar bieden. We zien dat een klein deel van de inwoners afhankelijk(er) is geworden van anderen. Daar tegenover staat een kwart van de inwoners die aangeeft dat ze meer is gaan doen voor mensen in de omgeving, bijvoorbeeld het doen van boodschappen of contact op nemen met kwetsbaren/ouderen in de omgeving. Maar er is ook een belangrijk knelpunt in de zorg voor anderen: een op de vijf inwoners geeft aan dat ze voor de coronamaatregelen hulp gaven aan anderen, die zij door de coronamaatregelen niet meer kunnen geven.
Een van de doelen van het onderzoek was ook achterhalen welke verschillen er bestaan in beleving van de inwoners van de verschillende gemeenten in Flevoland. Over het algemeen kan, op basis van dit onderzoek, gesteld worden dat de verschillen tussen gemeenten relatief klein zijn. De gemeente Urk is daarop een uitzondering. Op veel van de gevraagde thema's wijken de antwoorden van inwoners van deze gemeente af van die van andere gemeenten en de provincie als geheel. Daarnaast zien we op sommige vlakken verschillen tussen de 'grote steden' Lelystad en Almere en de overige gemeenten. Dit verschil is bijvoorbeeld zichtbaar bij het veranderend gebruik van het openbaar vervoer. In Lelystad en Almere was het gebruik van het openbaar vervoer veel groter, en heeft verminder gebruik ervan grotere gevolgen dan in andere gemeenten, waar mensen sowieso al minder gebruik maakten van het openbaar vervoer.
Pagina 6 | Citisens
Op de volgende pagina’s vindt u de uitkomsten van de inwonersconsultatie. De resultaten zijn geclusterd volgens de thema's die in het onderzoek naar voren zijn gekomen. Hierbij worden telkens de resultaten voor de gehele provincie weergegeven. Het onderzoek startte met de vraag of inwoners zich zorgen maken over de gevolgen van de uitbraak van het coronavirus. Driekwart van de inwoners heeft aangegeven zich in meer of mindere mate zorgen te maken. In het vervolg van het onderzoek is ingegaan op deze zorgen, telkens per thema en onderdeel. Noot: per vraag kunnen verschillende aantallen invullers worden genoemd. Door routing in de vragenlijst is niet elke vraag aan iedere respondent voorgelegd. In verband met afrondingsverschillen kan het voorkomen dat percentages niet optellen tot 100%.
Binnen dit thema is aan inwoners gevraagd hoe de maatregelen rondom het coronavirus gevolgen hebben binnen het eigen huishouden en gezin. Allereerst is daarbij aandacht besteed aan de zorgen omtrent gezondheid, zowel van de Nederlandse bevolking, dierbaren (familie, vrienden, collega's) als de eigen gezondheid. We zien dat er een sterke samenhang (0.59) is tussen de zorgen die mensen hebben. Anders gezegd: inwoners die zich zorgen maken over eigen gezondheid maken zich ook vaker zorgen over gezondheid van dierbaren en de Nederlandse bevolking.
We zien dat inwoners zich relatief gezien het meest zorgen maken over dierbaren (68% eens). Het minst maken ze zich zorgen over de eigen gezondheid, 46% is het eens met de stelling 'ik maak me zorgen over mijn eigen gezondheid'. Rondom de zorgen over de eigen gezondheid zien we wel grote verschillen tussen inwoners. Van de inwoners die zichzelf tot de kwetsbare groep rekenen maakt 72% zich zorgen, terwijl dit van de groep inwoners die
Pagina 7 | Citisens
zich niet tot de kwetsbare groep rekent 26% is.2 Er is een significant verschil tussen opleidingsniveau van inwoners en de mate waarin ze zich zorgen maken over hun eigen gezondheid. Van de hoog- en middelbaar opgeleiden maakt een grotere groep zich geen zorgen dan onder de laagopgeleiden (resp. 35%, 32% en 23% van deze groepen is het oneens met de stelling). Ik maak me zorgen over de gezondheid van… (n=7.206) slider 34% 34% 26% 17% 7% 5%
10%9%
9%
9% 5% 5%
20%
18%
18%
14%
13%
16%
11%
8%
9% 1% 1% 1%
helemaal oneens
neutraal Nederlandse bevolking
Antwoord
helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
helemaal eens Dierbaren
Eigen gezondheid
Nederlandse bevolking
Dierbaren
Eigen gezondheid
7% 5% 10% 20% 34% 14% 8% 1%
5% 5% 9% 13% 34% 18% 16% 1%
9% 9% 17% 18% 26% 11% 9% 1%
Naast de gezondheidszorgen is binnen dit thema gevraagd of inwoners vanwege de coronamaatregelen extra spanningen in de omgang met anderen ervaren. Ruim de helft 2
Inwoners is gevraagd of zij zichzelf tot de kwetsbare groep rekenen. Middels de vraag: Het coronavirus heeft niet op alle mensen hetzelfde effect. Voor bepaalde groepen, die vaak kwetsbare groepen worden genoemd omdat ze al gezondheidsklachten hebben, zijn de gevolgen van het coronavirus voor hun gezondheid groter. Vindt u zichzelf tot de kwetsbare groep behoren? konden respondenten aangeven of zij zich tot de kwetsbare groep vonden horen. In de analyse is bij relevante vragen gekeken of deze groep een andere mening is toegedaan.
Pagina 8 | Citisens
weet ik niet / geen mening
(57%) van de inwoners ervaart extra spanning. Als men spanning ervaart is dat gemiddeld op twee verschillende terreinen, het vaakst komt de combinatie met familie en vrienden voor. Hoger opgeleiden ervaren iets vaker toegenomen spanningen dan lager opgeleiden (respectievelijk 48% en 44%). Vooral toegenomen spanningen op werk zijn voor deze groepen verschillend: bij lager opgeleiden ervaart 12% toegenomen spanningen op werk, voor middelbaar en hoger opgeleiden is dit 24% en 25%. Ervaart u door de coronamaatregelen extra spanningen in de omgang met anderen? (n=7.206) meerkeuze Nee, ik ervaar geen extra spanningen
43%
Ja, in mijn huishouden
16%
Ja, in mijn familie
27%
Ja, in mijn vriendenkring
22%
Ja, in mijn buurt of wijk
24%
Ja, op mijn werk Zeg ik liever niet
25% 1%
Antwoord Nee, ik ervaar geen extra spanningen Ja, in mijn huishouden Ja, in mijn familie Ja, in mijn vriendenkring Ja, in mijn buurt of wijk Ja, op mijn werk Zeg ik liever niet
Inwoners met kinderen is binnen dit thema ook gevraagd of zij zich zorgen maken over de leerontwikkeling bij hun kinderen vanwege de coronamaatregelen. De helft (49%) van de inwoners met kinderen geeft aan zich zorgen te maken. Vooral ouders met kinderen in de middelbare schoolleeftijd maken zich zorgen (66%). Bij ouders met kinderen onder de vier jaar zijn er veel minder zorgen.
Pagina 9 | Citisens
% 43% 16% 27% 22% 24% 25% 1%
Ik maak me zorgen over de leerontwikkeling van mijn kind(eren) vanwege de coronamaatregelen (n=2.569, alleen inwoners met kinderen) slider
22% 13% 9%
14%
10%
16% 11% 6%
helemaal oneens
Antwoord helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Pagina 10 | Citisens
neutraal
helemaal eens
weet ik niet / geen mening
% 9% 10% 13% 14% 22% 11% 16% 6%
Veel van de geldende maatregelen zijn er op gericht om het aantal contactmomenten van mensen te beperken. Een van de thema's van het onderzoek was daarom de sociale interactie, en welke gevolgen de geldende maatregelen op dit gebied hebben.
Een op de drie (36%) van de inwoners geeft aan dat zij zich eenzamer voelen door de coronamaatregelen. De toename van eenzaamheid is het grootst onder de groep inwoners die alleenstaand zijn. Van hen geeft 49% aan eenzamer te zijn geworden. Op deze vraag zijn geen verschillen te zien op basis van leeftijd of het wel / niet behoren tot de kwetsbare groep. Ook blijkt de mate van eenzaamheid weinig samenhang te vertonen met het contact met dierbaren. Anders gezegd, de groep die zegt eenzamer te zijn heef niet significant minder vaak of slechter contact met dierbaren. Samenhang is er wel tussen eenzamer zijn en het minder de deur uit durven (0.4). Een derde van de inwoners geeft aan dat zij door corona minder vaak het huis uit durft te gaan. Voor de groep die zichzelf kwetsbaar acht geldt dit voor 49%, tegenover 24% van de inwoners die zichzelf niet kwetsbaar achten. Ik voel me eenzamer door de coronamaatregelen (n=7.206) slider 21%
21% 16%
12%
13% 8%
7% 1%
helemaal oneens
Antwoord helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Pagina 11 | Citisens
neutraal
helemaal weet ik niet / eens geen mening
% 12% 13% 21% 16% 21% 8% 7% 1%
Inwoners is ook gevraagd de contacten die zij hebben te beoordelen. 47% van de inwoners geeft aan zich niet te herkennen in de stelling 'ik heb door de coronamaatregelen minder contact met mijn buren'. 29% van de inwoners geeft aan het hier wel mee eens te zijn. Inwoners zijn verdeeld als het gaat om de mate van (digitaal) contact dat zij hebben met dierbaren. 30% geeft aan minder contact te hebben, 29% is neutraal en 39% geeft aan meer contact te hebben. Een groep die beduidend vaker (digitaal) contact heeft met dierbaren zijn de inwoners die zichzelf tot de kwetsbare groep rekenen (47%, tegenover 33% bij inwoners die niet tot de kwetsbare groep behoren). Ouderen geven vaker aan dat zij beter contact hebben met dierbaren dan voor de coronamaatregelen (47%), ten opzichte van de inwoners onder de 45 jaar. Ik heb vaker contact met mijn dierbaren, bijvoorbeeld via de telefoon of beeldbellen (n=7.206) slider 29%
26%
16% 8%
9%
7%
5% 2%
helemaal oneens
Antwoord helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Pagina 12 | Citisens
neutraal
helemaal eens
weet ik niet / geen mening
% 8% 7% 16% 29% 26% 9% 5% 2%
Het contact met mijn dierbaren is… (n=7.206) slider
58%
15% 3%
13%
5%
3%
slechter dan daarvoor
neutraal
2%
2%
beter dan daarvoor
weet ik niet / geen mening
Antwoord Slechter dan daarvoor
% 3% 5% 15% 58% 13% 3% 2% 2%
neutraal
Beter dan daarvoor weet ik niet / geen mening
De meerderheid van de inwoners geeft aan dat zij hun dierbaren minder vaak fysiek zien dan hiervoor (61%). Lager opgeleiden zien hun dierbaren relatief gezien vaker dan hoger opgeleiden (13% om 7%). Ongeveer een even grote groep (62%) geeft aan dat zij, naast dat zij hun dierbaren fysiek minder vaak zien, ook minder mensen spreken buiten goede familie en/of vrienden. De 'bubbel' van mensen is dus kleiner geworden. Ik zie mijn dierbaren fysiek… (n=7.206) slider
30%
28%
21% 10%
7% 2%
minder vaak
Pagina 13 | Citisens
neutraal
2%
1%
vaker
weet ik niet / geen mening
Antwoord Minder vaak
% 10% 21% 30% 28% 7% 2% 2% 1%
neutraal
Vaker weet ik niet / geen mening
Inwoners is gevraagd of zij sinds de coronamaatregelen afhankelijk(er) zijn geworden van anderen. 7% van de inwoners uit Flevoland geeft aan dat zij inderdaad afhankelijk(er) is geworden. Driekwart van de groep die aangeeft afhankelijk(er) te zijn geworden, is onderdeel van de kwetsbare groep. Tevens is een vraag de andere kant op gesteld: of mensen sinds de coronamaatregelen meer zijn gaan doen voor anderen in de omgeving. Een kwart (24%) van de inwoners geeft aan dat zij meer is gaan doen, bijvoorbeeld boodschappen doen voor anderen of vaker contact opnemen met kwetsbaren/ouderen in hun omgeving. Eén op de vijf (19%) inwoners geeft aan dat ze hulp gaven / vrijwilligerswerk deden dat ze niet meer kunnen uitvoeren vanwege de coronamaatregelen. Bent u sinds de coronamaatregelen afhankelijk(er) geworden van anderen? (n=7.206) slider 1%
7%
Antwoord Ja Nee Zeg ik liever niet
92% Ja
Nee
Pagina 14 | Citisens
Zeg ik liever niet / weet ik niet
% 7% 92% 1%
Bent u sinds de coronamaatregelen meer gaan doen voor anderen in uw omgeving? (n=7.206) slider
2% 24%
Antwoord Ja Nee Zeg ik liever niet
% 24% 74% 2%
74%
Ja
Nee
Zeg ik liever niet / weet ik niet
Gaf u hulp aan anderen die u door de coronamaatregelen niet meer kunt geven? (n=7.206) slider 2% 19%
Antwoord Ja Nee Zeg ik liever niet
78% Ja
Nee
Pagina 15 | Citisens
Zeg ik liever niet / weet ik niet
% 19% 78% 2%
83% van de inwoners maakt zich zorgen over de Nederlandse economie. Deze zorgen worden breed gedeeld en er zijn weinig verschillen, ook als gekeken wordt naar inwoners die zich wel of geen zorgen maken over hun eigen werk/inkomen of hun eigen inkomen hebben zien veranderen. Uit het onderzoek blijkt namelijk dat bijna één derde van de inwoners (29%) zich zorgen maakt over het eigen werk of inkomen. Zorgen over eigen werk en inkomen zijn het hoogst onder ZZP'ers (57%), ondernemers met personeel (56%) en werkzoekenden/werklozen (63%). Onder inwoners in loondienst (25%) of met een pensioen (20%) zijn deze zorgen een stuk minder groot. Van de mensen die in loondienst werken is gekeken of er opleidingsverschillen zijn. Hoger opgeleiden maken zich relatief gezien iets minder zorgen (23%) dan laag en middelbaar opgeleiden (29%). Voor de groep in loondienst is ook gekeken of er verschillen tussen sectoren zijn. We zien dat inwoners werkzaam in handel en administratie (34%) en andere sectoren (waarbij vaak horeca / winkels etc. genoemd worden) (35%) zich relatief gezien meer zorgen maken. In onder andere de sectoren openbaar bestuur, veiligheid en rechtspraak (13%) en gezondheidszorg (18%) zijn zorgen veel minder groot. Ik maak me zorgen over… (n=7.206) slider 36% 28% 18%
16%
15%
19%
17%
14%
9% 1% helemaal oneens
2%
4%
helemaal oneens
Pagina 16 | Citisens
7%
6%
1% neutraal
mijn eigen werk/inkomen
Antwoord
7%
helemaal weet ik niet / eens geen mening de Nederlandse economie
Mijn eigen werk / inkomen
De Nederlandse economie
15% 16%
1% 2%
18% 17% 14% 7% 7% 6%
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
4% 9% 36% 28% 19% 1%
12% van de inwoners geeft aan dat hun inkomsten sinds de coronamaatregelen zijn gedaald. Wanneer alleen gekeken wordt naar werkenden is dit 15%. Er zijn hierbij geen verschillen naar opleidingsniveau. Eerder bleek dat 29% zich zorgen maakt over de Nederlandse economie, van deze groep heeft een aanzienlijk deel (32%) op dit moment al te maken met een verminderd inkomen. Voor de grootste groep geldt echter dat de coronamaatregelen op dit moment niet hebben gezorgd voor een verandering van het inkomen (78%). Wat is het meest op u van toepassing (n=7.206) enkele keuze
Mijn inkomsten zijn sinds de coronamaatregelen gedaald en ik verwacht dat ze nog verder gaan dalen Mijn inkomsten zijn sinds de coronamaatregelen gedaald, maar ik verwacht dat ze snel weer zullen stijgen Mijn inkomsten zijn tijdens de coronamaatregelen hetzelfde gebleven Mijn inkomsten zijn tijdens de coronamaatregelen gestegen
9% 3% 78% 4%
Iets anders
3%
Zeg ik liever niet / weet ik niet
3%
Antwoord Mijn inkomsten zijn sinds de coronamaatregelen gedaald en ik verwacht dat ze nog verder gaan dalen Mijn inkomsten zijn sinds de coronamaatregelen gedaald, maar ik verwacht dat ze snel weer zullen stijgen Mijn inkomsten zijn tijdens de coronamaatregelen hetzelfde gebleven Mijn inkomsten zijn tijdens de coronamaatregelen gestegen Iets anders Zeg ik liever niet / weet ik niet
Pagina 17 | Citisens
De Nederlandse economie 9% 3% 78% 4% 3% 3%
Aan inwoners die aangeven te werken (3.739) zijn enkele vervolgvragen gesteld over de manier van werken sinds de coronamaatregelen3. Een kwart van de inwoners geeft aan dat zij sinds de maatregelen thuis zijn gaan werken, en dit nog steeds doen. Mensen die aangeven dat zij altijd op locatie zijn blijven werken doen dit vooral omdat ze niet anders kunnen, vanwege de aard van hun werkzaamheden. Van de lager opgeleiden geeft driekwart (74%) aan zijn werk niet thuis uit te kunnen voeren, bij hoger opgeleiden is dit slechts 30%. Bent u sinds de coronamaatregelen anders gaan werken? (n=3.739, alleen werkenden) enkele keuze
Ja, ik ben thuis gaan werken en werk nog steeds (bijna) altijd thuis Ja, ik ben blijven werken op locatie maar met aanpassingen Ja, ik ben thuis gaan werken maar werk inmiddels weer (bijna) altijd op locatie Nee, ik werkte (bijna) altijd al thuis en ben dit blijven doen Nee, ik werkte (bijna) altijd op locatie en ben dit blijven doen
25% 19% 7% 5% 34%
Iets anders Weet ik niet / geen mening
9% 1%
Antwoord Ja, ik ben thuis gaan werken en werk nog steeds (bijna) altijd thuis Ja, ik ben blijven werken op locatie maar met aanpassingen Ja, ik ben thuis gaan werken maar werk inmiddels weer (bijna) altijd op locatie Nee, ik werkte (bijna) altijd al thuis en ben dit blijven doen Nee, ik werkte (bijna) altijd op locatie en ben dit blijven doen Iets anders Weet ik niet / geen mening Ja, ik ben thuis gaan werken en werk nog steeds (bijna) altijd thuis
3
Gedurende de looptijd van het onderzoek waren er aanscherpingen van de coronamaatregelen afgekondigd. Eén van de aanscherpingen (n.a.v. persconferentie van 30 september) betrof het dringende advies om (weer) thuis te gaan werken.
Pagina 18 | Citisens
% 25% 19% 7% 5% 34% 9% 1% 25%
Werkenden voelen zich over het algemeen gesteund door hun werkgever als het gaat om de keuze voor de werkplek, een kleine groep van 12% geeft aan zich niet gesteund te voelen. 7% daarvan omdat ze verplicht zijn thuis te werken en dit niet willen, 5% omdat ze op locatie moeten werken en dit niet willen. Thuiswerkenden met kinderen (n=460) is ten slotte binnen dit thema gevraagd of zij hinder ondervinden doordat kinderen vaker thuis zijn. 37% van hen geeft aan dat ze inderdaad hun werk minder goed kunnen uitvoeren vanwege kinderen die vaker thuis zijn. Dit is vooral het geval bij ouders met kinderen onder de 4 jaar (54%) of kinderen in de basisschoolleeftijd (50%). Ik kan mijn werk thuis minder goed uitvoeren doordat mijn kinderen meer thuis zijn (n=460, alleen thuiswerkende ouders) slider 22% 17%
16%
19% 9%
8%
7% 3%
helemaal oneens
Antwoord helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Pagina 19 | Citisens
neutraal
helemaal eens
weet ik niet / geen mening
% 17% 16% 19% 9% 22% 8% 7% 3%
De meerderheid van de inwoners ziet sinds de coronamaatregelen weinig effecten in de eigen wijk. 58% van de inwoners geeft aan dat zij het niet onveiliger vinden in hun wijk. Op de vraag of inwoners het stiller vinden in hun eigen wijk sinds het begin van de coronamaatregelen, is de grootste groep (23%) neutraal, of de positie daar direct daaromheen. Ik vind het in mijn wijk onveiliger/stiller sinds het begin van de coronamaatregelen (n=7.206) slider
19%
21%
18%
9%
26%
24%23%
17% 9%
8%
8% 2%
helemaal oneens
neutraal onveiliger
2%
5%
5%
helemaal weet ik niet / eens geen mening stiller
Antwoord helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Onveiliger
Stiller
19% 18% 21% 24% 8% 2% 2% 5%
9% 9% 17% 23% 26% 8% 5% 3%
Er zijn zorgen over de toename van ondermijning sinds het begin van de coronamaatregelen, omdat groepen inwoners door bijvoorbeeld terugval van inkomsten kwetsbaarder zijn geworden. Aan inwoners is hier een aantal vragen over gesteld. Voorafgaand aan deze vragen kregen inwoners een kort tekstje te lezen waarin werd
Pagina 20 | Citisens
3%
toegelicht waarom sommige experts vrezen dat inwoners vanwege de effecten van de coronamaatregelen hier kwetsbaarder voor zijn geworden. Inwoners is gevraagd of zij deze zorgen hebben, en of zij geluiden hebben gehoord van mensen die hiervoor benaderd zijn. Bijna de helft van de inwoners (48%) geeft aan zich hierover zorgen te maken. We zien dat lager opgeleiden hier relatief gezien vaker zorgen over hebben dan hoger opgeleiden (respectievelijk 63% en 47%). De groep inwoners die het eens is met de stelling 'ik heb geluiden gehoord over mensen in mijn omgeving die benaderd zijn door kwaadwillenden' is een stuk kleiner. 13% is het in meer of mindere mate eens met deze stelling. 12% geeft aan dit niet te weten. De groep inwoners die eerder heeft aangegeven dat zij ervaren dat hun wijk onveiliger is geworden, hebben relatief gezien ook vaker deze geluiden gehoord (0.4). Ik maak me er zorgen over dat kwaadwillenden misbruik maken van inwoners in deze situatie (n=7.206) slider 29% 19% 11% 6%
helemaal oneens
Antwoord helemaal oneens
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Pagina 21 | Citisens
11%
6%
neutraal
8%
10%
helemaal eens
weet ik niet / geen mening
% 6% 6% 11% 19% 29% 11% 8% 10%
Tweederde van de inwoners van Flevoland geeft aan geen gebruik te maken van het openbaar vervoer (onafhankelijk van de coronamaatregelen). Voor de groep die normaal gesproken wel gebruik maakt van het openbaar vervoer geldt dat de meesten op dit moment minder gebruik maken. De belangrijkste redenen voor mensen om minder met het OV te reizen zijn 'ik vermijd plekken waar veel mensen zijn' en 'risicovol met het oog op besmetting' (46% en 45%). Beiden redenen worden ook relatief vaak samen genoemd, in combinatie met het antwoord 'ik ben bang dat het niet mogelijk is om voldoende afstand te houden'. Inwoners die minder gebruik maken van het openbaar vervoer is ook, middels een open vraag, gevraagd welke gevolgen dit voor hen heeft. Het meest wordt genoemd dat mensen minder mobiel zijn (bijvoorbeeld bezoeken van familie/vrienden of musea) dus mensen blijven vaker thuis of gebruiken de auto (wat duurder is) of fietsen/lopen. Opvallend is dat er relatief weinig genoemd wordt wat de impact op het leven is, maar vooral praktische gevolgen benoemd worden. Waarom maakt u minder gebruik van het openbaar vervoer (n=1.793, alleen inwoners die aangeven minder gebruik te maken) meerkeuze Ik vermijd plekken waar veel mensen zijn
46%
Ik vind het risicovol met het oog op besmetting
45%
Ik hoef geen gebruik te maken van het OV omdat ik…
32%
Ik ben bang dat het niet mogelijk is voldoende…
25%
Ik wil liever geen mondkapje gebruiken
22%
Iets anders Weet ik niet / geen mening
8% 1%
Antwoord Ik vermijd plekken waar veel mensen zijn Ik vind het risicovol met het oog op besmetting Ik hoef geen gebruik te maken van het OV omdat ik niet of minder hoef te reizen Ik ben bang dat het niet mogelijk is voldoende afstand te houden Ik wil liever geen mondkapje gebruiken Iets anders Weet ik niet / geen mening Ik vermijd plekken waar veel mensen zijn
Pagina 22 | Citisens
% 46% 45% 32% 25% 22% 8% 1% 46%
Vier op de vijf inwoners geeft aan dat zij op een andere manier omgaan met hun vrije tijd, vergeleken met voor de coronamaatregelen. Inwoners gaan minder winkelen (59%), spreken niet/minder af met vrienden (56%), gaan niet/minder naar horeca (54%), en/of niet of minder naar theater/bioscoop (45%)4. Voor de sportieve activiteiten van inwoners geldt dat een veel grotere groep hetzelfde doet als voor de coronamaatregelen, bijna de helft (46%) geeft aan dat hierin niets is veranderd. Voor de groep die aangeeft dat er wel iets veranderd is, is dit vaak minder sporten (17%), minder binnen (9%) of niet meer in groepsverband sporten (8%).
Inwoners is gevraagd wat zij vinden van de ontspanningsmogelijkheden in Flevoland, in de huidige situatie. vier op de tien inwoners geeft aan neutraal te zijn op de stelling 'In Flevoland zijn genoeg mogelijkheden voor ontspanning, ook met de coronamaatregelen' of geeft aan het antwoord niet te weten. Een op de drie inwoners is het eens, het laatste kwart is het niet eens met deze stelling. Er zijn op deze stelling geen verschillen tussen de groep die aangeeft de afgelopen periode in Flevoland te hebben gerecreëerd en de groep die dit niet gedaan heeft. In Flevoland zijn genoeg mogelijkheden voor ontspanning, ook met de coronamaatregelen (n=7.206) slider 25%
15%
12% 6%
helemaal oneens
21% 9%
6%
neutraal
6%
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Antwoord
%
helemaal oneens
6%
4
Gedurende de looptijd van het onderzoek waren aanscherpingen van de coronamaatregelen afgekondigd. In de persconferentie van 13 oktober werd een gedeeltelijke lockdown aangekondigd wat vooral grote effecten heeft op de mogelijkheden die inwoners hebben voor het besteden van hun vrije tijd, zoals de sluiting van de horeca.
Pagina 23 | Citisens
6% 12% 25% 21% 9% 6% 15%
neutraal
helemaal eens weet ik niet / geen mening
Een op de drie inwoners van Flevoland geeft aan dat zij sinds de coronamaatregelen in Flevoland hebben gerecreëerd. De grootste groep daarvan is alleen een dagje weggeweest (29%). een hele kleine groep heeft (ook) vakantie gevierd in Flevoland (6%). Hoger opgeleiden geven relatief gezien vaker aan dat ze in Flevoland gerecreëerd hebben dan lager opgeleiden (42% om 26%). Inwoners die aangeven dat ze in Flevoland een uitje of vakantie hebben gedaan, is gevraagd of dit omwille van de coronamaatregelen was. Voor de helft van de groep is dit inderdaad het geval. 20% van de inwoners die gerecreëerd hebben geeft daarnaast aan dat deze ervaring er voor zorgt dat ze dat vaker willen doen in de toekomst. Een derde zegt dat ze dat wel willen, maar alleen als ze vanwege de coronamaatregelen geen andere mogelijkheid hebben. Heeft u sinds de coronamaatregelen binnen Flevoland gerecreëerd? (n=7.206) enkele keuze Ja, zowel dagjes weg als vakantie Ja, alleen vakantie
4% 2%
Ja, alleen dagjes weg
29%
Nee Weet ik niet
64% 2%
Antwoord Ja, zowel dagjes weg als vakantie Ja, alleen vakantie Ja, alleen dagjes weg Nee Weet ik niet
Pagina 24 | Citisens
% 4% 2% 29% 64% 2%
De coronamaatregelen hebben een effect op manier waarop inwoners contact hebben met - en de mogelijkheid hebben om te participeren bij de overheid. Voor inwoners is de gemeente het overheidsorgaan waar ze het vaakst contact mee hebben. Daarom is in het onderzoek gevraagd of inwoners contact hebben gehad met de gemeente en hoe ze dit contact hebben ervaren.
Ruim driekwart van de respondenten (78%) heeft sinds het begin van de coronamaatregelen geen contact gehad met de gemeente waar ze wonen.5 Wanneer inwoners wel contact hebben gehad met de gemeente is dit vooral omdat ze een document hebben aangevraagd (8%) of vanwege een vraag die ze hadden aan de gemeente (7%). Aan de inwoners die sinds de coronamaatregelen contact hebben gehad met de gemeente (n=1.101) is gevraagd op welke manier zij contact met de gemeente hebben gehad. Het meest genoemd zijn hier de telefoon (45%), e-mail (37%) en website, of face to face (beiden 36%). Uiteraard hangt de manier waarop men contact heeft gehad met de gemeente sterk samen met het soort contact dat men heeft gehad. Zo zijn inwoners die een vraag hadden, vooral per e-mail of telefoon geholpen. Terwijl inwoners die een document hebben aangevraagd vaak toch ook een fysiek contactmoment hebben gehad.
5
In verband met de kleine groep inwoners die aangeeft contact te hebben gehad met de gemeente, zijn de uitkomsten in dit hoofdstuk niet verder uitgesplitst naar de verschillende gemeenten in Flevoland.
Pagina 25 | Citisens
Op welke manieren heeft u contact gehad met de gemeente? (n=1.011, alleen inwoners die sinds coronamaatregelen contact hebben gehad met gemeente) meerkeuze Telefoon
45%
37%
Website
36%
Face to face
36%
Sms/ WhatsApp
6%
Brief
5%
Fysieke informatiebijeenkomst
4%
Sociale media kanalen
4%
Online informatiebijeenkomst
2%
Op een andere manier
2%
Antwoord Telefoon E-mail Website Face to face Sms/ WhatsApp Brief Fysieke informatiebijeenkomst Sociale media kanalen Online informatiebijeenkomst Op een andere manier Geen van bovenstaande manieren
% 45% 37% 36% 36% 6% 5% 4% 4% 2% 2% 0%
Voor een meerderheid (55%) van de inwoners was het contact dat zij met de gemeente hebben gehad niet anders dan ze gewend waren. Voor 39% van de inwoners was het contact met de gemeente vanwege de coronamaatregelen wel anders. Aan de groep inwoners (n=427) voor wie het contact anders met de gemeente anders was dan normaal is gevraagd hoe ze dit contact met de gemeente beoordelen. Inwoners zijn verdeeld over de manier waarop het contact met de gemeente is bevallen. De groep die (licht) positief over deze wijze van contact is, is ongeveer even groot als de groep die hier (licht) negatief over is (resp. 43% en 39%). Daarbij zijn er grote verschillen zichtbaar
Pagina 26 | Citisens
tussen de reden waarom inwoners contact hebben gehad met de gemeente. Inwoners die een document hebben aangevraagd zijn hier overwegend positief over, 52% is positief over de andere manier van contact. Daarentegen is een kwart (23%) van de inwoners die een vraag had aan de gemeente positief over deze manier van contact. In de open toelichtingen wordt hierbij onder meer genoemd dat de reactietijd lang(er) is, het duurt langer voordat er wordt gereageerd op vragen van inwoners. Er is een sterk verband (0.79) tussen de mate waarin inwoners tevreden zijn over de manier waarop ze contact hebben gehad met de gemeente en de vraag of ze in de toekomst ook op deze manier contact willen hebben met de gemeente. In het algemeen zien we echter dat inwoners een lichte voorkeur hebben om in de toekomst weer op andere manieren contact te hebben met de gemeente. 46% van mensen die contact hebben gehad met de gemeente geven aan in de toekomst liever op een andere manier contact te hebben, tegenover 31% die deze manier van contact ook in de toekomst zou willen hebben. Of zoals een inwoner het aangaf: "Ik heb toch liever iemand voor mijn neus".
Pagina 27 | Citisens
Aan het eind van het onderzoek is inwoners gevraagd hoe zij naar de toekomst kijken, met de coronamaatregelen, en of de coronamaatregelen ook eventuele positieve gevolgen hebben.
Bijna de helft van de inwoners (45%) geeft aan dat de coronamaatregelen voor hen geen positieve gevolgen hebben. Voor inwoners die wel positieve gevolgen zien, zijn dit vaak 'tot rust komen' (25%) en 'tijd om te klussen/tuinieren' (24%). Gemiddeld genomen noemen inwoners twee positieve gevolgen. Er is een sterke samenhang tussen de antwoorden 'zelfreflectie' en 'tot rust komen', en de antwoorden 'nieuwe hobby leren en 'tijd besteden aan bestaande hobby's'. Lager opgeleiden geven relatief gezien vaker aan dat de huidige situatie geen positieve gevolgen voor hen heeft (49% ten opzichte van 40% van de hoger opgeleiden). De grootste verschillen zien we daarnaast bij de antwoorden 'mogelijkheden tot bezinning' en 'kans om tot rust te komen'. Van de lager opgeleiden kiezen respectievelijk 13% en 18% dat antwoord, ten opzichte van 24% en 28% van de hoger opgeleiden. Heeft de huidige situatie waarin we zitten positieve gevolgen voor u? (n=7.206) meerkeuze
De maatregelen rondom het coronavirus hebben geen positieve effecten voor mij
45%
Kans om tot rust te komen (doordat verplichtingen wegvallen)
25%
Tijd om te klussen/tuinieren
24%
Geeft gelegenheid tot bezinning/zelfreflectie
18%
Mogelijkheid meer tijd te besteden aan bestaande hobby’s
16%
Mogelijkheid om Nederland (opnieuw) te ontdekken
13%
Meer tijd om door te brengen met mijn familie
11%
Mogelijkheid om een nieuwe hobby/vaardigheid te leren Iets anders
Pagina 28 | Citisens
9% 6%
Antwoord
%
De maatregelen rondom het coronavirus hebben geen positieve effecten voor mij Kans om tot rust te komen (doordat verplichtingen wegvallen) Tijd om te klussen/tuinieren Geeft gelegenheid tot bezinning/zelfreflectie Mogelijkheid meer tijd te besteden aan bestaande hobby’s Mogelijkheid om Nederland (opnieuw) te ontdekken Meer tijd om door te brengen met mijn familie Mogelijkheid om een nieuwe hobby/vaardigheid te leren Iets anders
45% 25% 24% 18% 16% 13% 11% 9% 6%
Inwoners is gevraagd of zij verwachten dat corona een aantal situaties over een jaar nog anders maakt. Inwoners verwachten vooral invloed op de manier waarop ze op vakantie gaan of met mensen afspreken (respectievelijk 55% en 51%). Het minste invloed verwachten zij op de manier waarop ze van a naar b reizen. Over het algemeen verwachten inwoners met een hoger opleidingsniveau vaker dat corona over een jaar nog invloed heeft op de manier waarop we leven, dan mensen met een lager opleidingsniveau. Gemiddeld gezien zit de groep hoger opgeleiden 10% boven de groep lager opgeleiden. Inwoners die aangaven dat ze verwachten dat de situatie over een jaar nog anders is, is gevraagd of zij denken dat deze verandering positief of negatief is. Voor de situaties 'op vakantie gaan', 'met mensen afspreken' en 'van A naar B reizen' geeft de meerderheid aan dat ze verwachten dat dit negatief is. Voor 'vrije tijd' en 'werk' zijn deze groepen iets kleiner, maar nog steeds denken meer mensen dat de gevolgen negatief zijn dan positief. Denkt u dat corona over een jaar de volgende situaties nog anders maakt? (n=7.206) slider de manier waarop ik op vakantie ga
20%
25%
55%
de manier waarop ik met mensen afspreek
21%
28%
51%
de manier waarop ik werk
30%
25%
45%
de manier waarop ik mijn vrije tijd indeel
26%
32%
42%
de manier waarop ik van A naar B reis (helemaal) niet
Pagina 29 | Citisens
37%
31%
neutraal + weet ik niet
32% (helemaal) wel
Antwoord de manier waarop ik op vakantie ga de manier waarop ik met mensen afspreek de manier waarop ik werk de manier waarop ik mijn vrije tijd indeel de manier waarop ik van A naar B reis
(helemaal) niet 20% 21%
Neutraal + weet ik niet 25% 28%
(helemaal) wel 55% 51%
30% 26%
25% 32%
45% 42%
37%
31%
32%
Denkt u dat de verandering positief of negatief is? (n=7.206) meerkeuze de manier waarop ik mijn vrije tijd indeel (n=2.819)
42%
21%
36%
de manier waarop ik werk (n=295)
44%
20%
35%
de manier waarop ik van A naar B reis (n= 2.175)
52%
25%
23%
de manier waarop ik met mensen afspreek (n=3.405)
56%
23%
21%
de manier waarop ik op vakantie ga (n=3.681)
61% negatief
Antwoord de manier waarop ik mijn vrije tijd indeel (n=2.819) de manier waarop ik werk (n=295) de manier waarop ik van A naar B reis (n= 2.175) de manier waarop ik met mensen afspreek (n=3.405) de manier waarop ik op vakantie ga (n=3.681)
20%
neutraal + weet ik niet
(helemaal) niet 42% 44% 52% 56% 61%
19%
positief
Neutraal + weet ik niet 21% 20% 25% 23% 20%
(helemaal ) wel 36% 35% 23% 21% 19%
Als een van de laatste vragen in het onderzoek is gevraagd welke knelpunten inwoners zien als de maatregel waarbij we 1,5meter afstand moeten houden ook de komende jaren nog blijft gelden. Ruim 5.000 inwoners gaven een antwoord op deze vraag. Het meest genoemd zijn eenzaamheid, invloed op horeca/evenementen en winkels, gebrek aan fysiek contact met dierbaren, de handhaving van de maatregelen en dat mensen zich daar niet aan
Pagina 30 | Citisens
houden, economische gevolgen en dat 1,5meter afstand houden niet werkbaar is in veel situaties.
In de rapportage hebben we tot nu toe gekeken naar de beleving van inwoners in de hele provincie. Echter, een doel van het onderzoek was ook om inzichten op te doen over de beleving van inwoners in de verschillende gemeenten. Per gemeente hebben er tussen de 246 (Urk) en 2.444 (Almere) inwoners aan het onderzoek meegedaan. Door het aantal invullers per gemeente is het mogelijk om te kijken naar de verschillen tussen de gemeenten. In bijlage 1 is in tabelvorm weergegeven hoe de inwoners uit de gemeenten over de verschillende onderdelen denken. In het algemeen zijn de verschillen tussen de gemeenten, met uitzondering van Urk, niet heel erg groot. Hieronder wordt kort op elke gemeente ingezoomd, waarbij de belangrijkste en meest interessante verschillen tussen de gemeenten beschreven worden.
In Almere zijn meer grootstedelijke dynamieken zichtbaar dan in de andere gemeenten. Inwoners uit Almere geven vaker aan dat zij meer spanningen in hun wijk of buurt ervaren vanwege de coronamaatregelen. Dit is ook te zien in de mate waarin de inwoners van Almere aangeven dat de onveiligheid in buurt is toegenomen en de zorgen die ze zich maken over toegenomen misbruik door kwaadwillenden vanwege de coronamaatregelen. Hoewel deze zorgen in Almere dus relatief groter zijn, is er echter geen verschil in de mate waarin ze dit daadwerkelijk zien gebeuren. Daarnaast zien we in Almere, zoals ook in Lelystad opvalt, dat de coronamaatregelen meer effect hebben op het gebruik van OV. Het OV gebruik in Almere is normaal gesproken groter dan in andere gemeenten, en is ook het meest afgenomen.
Over het algemeen volgen inwoners uit Dronten het beeld dat we ook in de gehele provincie zien. Opvallend is dat inwoners uit Dronten, samen met de inwoners van de Noordoostpolder, vaker aangeven dat de coronacrisis voor hen ook positieve gevolgen
Pagina 31 | Citisens
heeft. Hierin noemen ze vooral vaker dat het de gelegenheid biedt om tot rust te komen, doordat veel verplichtingen wegvallen.
Lelystad laat een aantal overeenkomsten zien die we ook in Almere zien. Zo geven de inwoners van Lelystad het vaakst van alle inwoners aan dat ze zich zorgen maken over misbruik dat kwaadwillenden maken van deze situatie. Daarnaast is ook de situatie rondom het OV vergelijkbaar met wat we zien in Almere. Samen met de inwoners van Almere hebben de coronamaatregelen voor de inwoners van Lelystad veel effect op het gebruik van het OV. In beide gemeenten is het gebruik van OV normaal gesproken het hoogst en is het nu het meest afgenomen. Waarbij de effecten van de afgenomen mobiliteit in deze gemeenten dan ook het grootst zijn.
Inwoners uit de Noordoostpolder maken zich relatief gezien minder zorgen over de leerachterstand van hun kinderen. Daarnaast zijn de zorgen in Noordoostpolder over de gevolgen door kwaadwillenden kleiner dan in de provincie als geheel. In Noordoostpolder zien we, zoals ook in de andere kleinere gemeenten van de provincie, dat er weinig gebruik gemaakt wordt van het OV. De coronamaatregelen hebben hierop dan ook een relatief bescheiden impact. Zoals ook in Dronten, zien inwoners van de Noordoostpolder relatief vaker positieve gevolgen van het coronavirus. Daarbij geven ze voornamelijk aan dat het kans biedt om tot rust te komen.
Zoals eerder beschreven zijn de verschillen tussen Urk en de andere gemeenten op veel vlakken het grootst. Zo geven inwoners van Urk aan dat zij zich in veel mindere mate zorgen maken over dierbaren dan gemiddeld in de provincie en de afzonderlijke gemeenten (27% in Urk tegenover 68% in Flevoland). Ook over de eigen gezondheid maken inwoners van Urk zich minder zorgen dan inwoners van andere gemeenten. Ruim tweederde van de inwoners van Urk geeft aan dat de coronamaatregelen niet geleid hebben tot een andere manier van werken, zij werken nog steeds op locatie. In Urk maken inwoners zich daarnaast het minst zorgen over kwaadwillenden, en hebben zij de minste aanpassingen gedaan rondom hun vrije tijdsbesteding.
In Zeewolde zien we dat inwoners zich relatief meer zorgen maken over het eigen werk en inkomen, in vergelijking met de andere gemeenten. Deze zorgen gaan in Zeewolde ook
Pagina 32 | Citisens
gepaard met een relatieve grotere groep die aangeeft dat zij sinds de coronamaatregelen hun eigen inkomsten hebben zien teruglopen. Inwoners van Zeewolde maken in het algemeen al weinig gebruik van het OV, waardoor hier weinig verschil is opgetreden sinds de coronamaatregelen. Ten slotte is er in Zeewolde een kleinere groep inwoners die aangeeft dat ze het stiller vinden op straat, in vergelijking met andere gemeenten. Zij maken zich ook minder zorgen over kwaadwillenden dan gemiddeld.
Pagina 33 | Citisens
Het onderzoek is uitgevoerd tussen 28 september en 19 oktober 2020. In deze periode zijn een twee persconferenties gehouden waarin extra coronamaatregelen werden aangekondigd. Zo werd op 30 september het dringend advies gegeven om een mondkapje te dragen in publieke ruimtes, en werd nogmaals de oproep gedaan zoveel mogelijk thuis te werken. Op 13 oktober was de persconferentie waarop de nieuwe gedeeltelijke lockdown werd aangekondigd, met onder andere de sluiting van de horeca tot gevolg. In totaal hebben 7.206 inwoners van Flevoland meegedaan aan het onderzoek. In verband met de persconferenties is gekeken hoeveel respondenten meededen voor en na de verschillende ijkpunten. Er blijken geen grote verschillen te zijn hoe vragen zijn beantwoord tussen deze groepen. Anders gezegd, de ervaringen van inwoners die het onderzoek na 13 oktober invulden, wijkt op relevante factoren niet af van de mening van inwoners die het onderzoek eerder invulden. •
Tot en met 30 september – 2.796 (39%)
•
1 oktober tot en met 13 oktober - 3.102 (43%)
•
Na 13 oktober – 1.307 (18%)
Pagina 34 | Citisens
Met een respons van 7.206 kunnen representatieve uitspraken gedaan worden over de inwoners van Flevoland en de afzonderlijke gemeenten. Daarbij is een foutmarge van 5% gehanteerd, met een betrouwbaarheidsinterval van 95%. Indien vragen aan kleinere groepen zijn gesteld, neemt de foutmarge toe. Uitzondering hierin is Urk. De respons in deze gemeente is relatief gezien lager, waardoor uitkomsten uit deze gemeente met meer voorzichtigheid moeten worden geïnterpreteerd. In het onderzoek worden alleen verschillen tussen groepen (gemeenten, opleidingsniveau, leeftijd of kwetsbare groep) gerapporteerd indien deze statistisch significant zijn. Voor de vergelijking tussen groepen zijn ongewogen resultaten gebruikt. Gemeenten Almere Dronten Lelystad Noordoostpolder Urk* Zeewolde
Respondenten Percentage 2.444 1.038 1.851 699 246 927
34% 14% 26% 10% 3% 13%
In het onderzoek zijn een aantal achtergrondkenmerken bevraagd. Onderstaande achtergrondkenmerken zijn gebruikt voor de weging van de resultaten. Dit betekent dat de verhoudingen zijn teruggebracht naar de werkelijk bestaande verhoudingen in de provincie. Groepen die in het onderzoek zijn oververtegenwoordigd krijgen een kleiner gewicht, terwijl groepen die zijn ondervertegenwoordigd een groter gewicht krijgen. Op deze manier zijn de resultaten representatief voor de provincie Flevoland wat betreft deze achtergrondkenmerken. De maximale weegfactor die is gebruikt is 56. Hierbij dient vermeld te worden dat, zoals uit onderstaande tabellen blijkt, er sprake is van een ondervertegenwoordiging van jongeren en een oververtegenwoordiging van hoger opgeleiden. Geslacht man vrouw anders
6
Flevoland Respons 50% 48% 50% 49% 0% 0%
Meer dan 99% van de respondenten kregen een weegfactor die ruim onder de 5 lag.
Pagina 35 | Citisens
zeg ik liever niet
Leeftijd 18 t/m 44 45 t/m 64 65+ onbekend
0%
3%
Flevoland Respons 47% 15% 35% 36% 18% 28% 0% 21%
Opleidingsniveau Flevoland Respons laag 30% 10% middelbaar 47% 33% hoog 23% 54% overig 0% 1% zeg ik liever niet 0% 3% onbekend 0% 0%
Pagina 36 | Citisens
Om zoveel mogelijk inwoners uit de provincie te bereiken, is het onderzoek uitgezet via een open link. Via www.coronapeilingflevoland.nl konden alle inwoners hun mening geven en meedoen aan het onderzoek. In de volgende paragraaf staat uitgebreid beschreven welke campagnemiddelen zijn ingezet om het onderzoek onder de aandacht van inwoners te brengen. Naast de campagne zijn ook panelleden van de afzonderlijke burgerpanels van de gemeenten op het onderzoek geattendeerd. Graag willen we de gemeenten bedanken voor het verlenen van de medewerking. Mede door de medewerking van de burgerpanels hebben we de respons behaald, waardoor de onderzoeksresultaten aan kracht en representativiteit hebben gewonnen. Ten slotte hebben we het onderzoek ook onder de panelleden van het Citisenspanel in Flevoland uitgezet. In de antwoorden van de panelleden waren geen significante verschillen ten opzichte van de niet-panelleden. Een open link betekent ook dat mensen buiten Flevoland kunnen meedoen aan het onderzoek. Voordat de analyse van het onderzoek is gestart, is daarom een verificatieronde uitgevoerd. Door controle op diverse aspecten zijn dubbele invullers en invullers van buiten de provincie uit de dataset gefilterd. Het onderzoek is ingevuld door 7.330 mensen.
Na verificatie zijn 124 respondenten uit de dataset gehaald, en is de nettorespons van 7.206 inwoners meegenomen in de analyse en deze rapportage.
Om het onderzoek onder de aandacht van inwoners van provincie Flevoland te brengen zijn diverse campagnemiddelen ingezet. Deze middelen zijn afgestemd op de verschillende typen inwoners die in de afzonderlijke gemeenten van Flevoland wonen. Zo hebben inwoners van Urk en Zeewolde een ansichtkaart ontvangen die huis aan huis bezorgd is. Daarnaast is via advertenties op social media (Facebook en Instagram) en NU.nl aandacht gevraagd voor het onderzoek. Een voorbeeld van een banner voor Instagram is hiernaast ter illustratie opgenomen. De advertentie op NU.nl heeft 250.000 impressies, de advertenties op Facebook en Instagram zijn 107.000 keer bekeken.
Pagina 37 | Citisens