CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

D03 01 Evaluatie Deelplan Krachtig Noordoostpolder voor de Jeugd 2026.pdf

Gemeenteraad 16 februari 2026, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 4: Lijst ingekomen stukken8.242 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 1

Inhoudsopgave Inleiding ..................................................................................................................................2 Geldigheidsduur deelplan jeugd ..............................................................................................3 Evaluatie .............................................................................................................................3 Invloed van de coronacrisis ..................................................................................................3 Actualisatie deelplan jeugd ..................................................................................................3 Leeswijzer ...............................................................................................................................4 Samenvatting ..........................................................................................................................5 Behaalde resultaten ................................................................................................................6 Ingezette koers ....................................................................................................................6 Toelichting bij de gestelde ambities ......................................................................................7

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 2

Inleiding In juli 2019 werd het deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” gepresenteerd, hierna te noemen het deelplan jeugd. Dit deelplan maakt onderdeel uit van het Beleidsplan Sociaal Domein, dat in 2021 is geactualiseerd. Voor u ligt nu de evaluatie van het deelplan jeugd 2019. Deze evaluatie geeft een terugblik op de uitvoering, de behaalde resultaten en de belangrijkste leerpunten van de afgelopen jaren. Aanleiding voor het opstellen van het deelplan jeugd in 2019 was:  Het vastleggen van vernieuwingen in het sociaal domein rondom jeugdhulp in een beleidsplan jeugd.  Het realiseren van ambities uit het Coalitieakkoord 2018-2022: Noordoostpolder daagt uit!  Het opvolgen van aanbevelingen uit het Rekenkameronderzoek. Met deze evaluatie wordt inzicht geboden in:  De mate waarin de doelstellingen van het deelplan zijn behaald.  De e ecten van de ingezette maatregelen op jeugd en gezinnen.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 3

Geldigheidsduur deelplan jeugd Op basis van de Jeugdwet (art. 2.2, lid 1) heeft de gemeente de opdracht om het gemeentelijk beleid inzake preventie, jeugdhulp en de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering periodiek vast te leggen in een beleidsplan. In de Jeugdwet is hiervoor geen specifieke termijn opgenomen. Beleidsplannen moeten in principe eens per vier jaar worden herzien, maar dit kan vaker of juist minder vaak plaatsvinden. In het deelplan jeugd is het jaar 2025 als ijkpunt genomen. Het deelplan 2019 blijft echter van kracht totdat het wordt vervangen. Met dit document wordt het deelplan 2019 geëvalueerd.

Evaluatie Deze evaluatie geeft inzicht in de uitvoering van het deelplan jeugd. Er wordt teruggeblikt op de door de gemeente Noordoostpolder gestelde doelen, de resultaten die zijn behaald en de belangrijkste leerpunten. Daarnaast wordt aangegeven welke ontwikkelingen en aandachtspunten relevant zijn voor toekomstig beleid. Waar mogelijk zijn deze resultaten onderbouwd met cijfers. Ook wordt aangegeven wanneer een doel slechts gedeeltelijk is behaald of is bijgesteld. De gemeenteraad is de afgelopen jaren jaarlijks via de rapportage jeugdhulp geïnformeerd over de belangrijkste trends en beheersmaatregelen. In de afgelopen drie jaar is deze informatie toegelicht en gepresenteerd tijdens vergaderingen van de commissie Samenlevingszaken.

Invloed van de coronacrisis De looptijd van dit deelplan viel gedeeltelijk samen met de coronacrisis. Deze crisis heeft een negatieve invloed gehad op Nederlandse jongeren. Uit een studie van het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) blijkt dat het fysieke en mentale welzijn in die periode is afgenomen. Jongeren ervoeren meer eenzaamheid, schoolresultaten verslechterden en sociale contacten namen af. Bij het evalueren van het deelplan jeugd is het belangrijk om hiervan bewust te zijn. Om de negatieve e ecten van de coronacrisis op jongeren te beperken, heeft het Rijk de NPOmiddelen (Nationaal Programma Onderwijs) beschikbaar gesteld. Hoe deze middelen zijn ingezet en welke resultaten zijn behaald, wordt beschreven in de evaluatie NPO.

Actualisatie deelplan jeugd Op basis van deze evaluatie en landelijke en lokale ontwikkelingen is het streven om in Q3 2026 een geactualiseerd deelplan jeugd gereed te hebben. In dit nieuwe deelplan laten we thema’s die niet meer actueel zijn achterwege en voegen we relevante lokale, regionale en landelijke ontwikkelingen toe.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 4

Leeswijzer Om u als gemeenteraad een helder en gestructureerd overzicht te bieden van de uitkomsten van deze evaluatie, is het verslag als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 1: bevat de inleiding en schetst het kader waarbinnen de evaluatie van het deelplan heeft plaatsgevonden. Hoofdstuk 2: geeft een samenvatting, waarin in één oogopslag zichtbaar wordt welke doelen zijn gerealiseerd, bijgesteld of nog in uitvoering zijn. Hoofdstuk 3: bevat de inhoudelijke evaluatie van het deelplan. Hierbij is aangesloten bij hoofdstuk 5 van het deelplan jeugd 2019. Per daarin geformuleerde ambitie wordt teruggeblikt op de gestelde doelen. Deze doelen zijn in dit verslag steeds in het blauw weergegeven, waarna een beoordeling van de voortgang en resultaten volgt. Op deze wijze ontstaat een compleet en transparant beeld van de uitvoering en de bereikte resultaten van het deelplan.

In deze evaluatie wordt regelmatig het woord ‘we’ gebruikt. Hiermee wordt verwezen naar de gemeente Noordoostpolder, inclusief het college van burgemeester en wethouders en de ambtelijke organisatie.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 5

Samenvatting In de periode 2020–2024 zijn gerichte beheersmaatregelen uitgevoerd om de transformatie in de jeugdhulp te versnellen. Voor iedere maatregel zijn daarbij concrete doelstellingen geformuleerd. Hoewel het huidige deelplan deze uitvoeringsperiode omschrijft als 2020–2024, hebben we de ingezette aanpak in 2025 slagvaardig voortgezet. Ook in de komende jaren zetten we deze lijn door, zodat verdere structurele verbeteringen in de jeugdhulp kunnen worden gerealiseerd. Met de evaluatie van het deelplan jeugd blikken we terug op een beleidsperiode waarin, ondanks externe uitdagingen zoals de coronacrisis, veel doelstellingen zijn gerealiseerd en waardevolle stappen zijn gezet in de doorontwikkeling van de jeugdhulp in Noordoostpolder. Deze samenvatting biedt een overzicht van wat is bereikt en vormt het inhoudelijke vertrekpunt voor een geactualiseerd jeugdplan.

In 2020-2025 werd ingezet op de volgende beheersmaatregelen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Het optimaliseren van de lokale ondersteuningsstructuur. Een betere samenwerking in de keten. Het normaliseren en demedicaliseren van problemen. Extra preventie. Het verbinden van onderwijs en zorg. Het ontwikkelen van alternatieve vormen van jeugdhulp met verblijf. Het optimaliseren van sturingsinformatie, inkoop en contractmanagement.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 6

Behaalde resultaten Onderstaande tabel laat in één oogopslag zien welke ambities zijn behaald, zijn bijgesteld of nog lopen. In het volgende hoofdstuk wordt per ambitie het beoogde doel beschreven, gevolgd door een toelichting op dat doel. Overzicht behaalde resultaten per beheersmaatregel: Beheersmaatregel

Resultaat

Ambities

Optimaliseren van de lokale ondersteuningsstructuur

Lopend

Verdere versterking van lokale infrastructuur en samenwerking tussen partners.

Samenwerking in de keten

Behaald

Gezinsaanpak en gedwongen kader succesvol geïmplementeerd; betere afstemming en ondersteuning van gezinnen.

Normaliseren en Deels demedicaliseren van problemen behaald

Stappen gezet om eigen kracht te versterken en medicalisering te voorkomen; verdere ontwikkeling nodig.

Extra preventie

Behaald

Steunouders en opvoedondersteuning volledig gerealiseerd; praktijkondersteuners POH Jeugd GGZ uitgevoerd.

Samenwerking met onderwijs

Deels behaald

Jeugdhulp op school gerealiseerd; kindcentra, terugdringen schooluitval en project sluitende aanpak deels uitgevoerd; opvanggroepen nog niet gerealiseerd.

Alternatieve vormen van verblijf Behaald

Passende voorzieningen ontwikkeld die aansluiten bij de behoeften van jongeren.

Sturingsinformatie, inkoop en contractmanagement

Onderzoek naar intensieve casuïstiek uitgevoerd; betere sturing en e iciëntere inzet van middelen.

Behaald

Ingezette koers De evaluatie laat zien dat de ingezette koers e ect sorteert: meer preventie, betere samenwerking, versterking van de lokale toegang en een bredere basis van ondersteuning in het voorveld. Veel doelen zijn behaald, sommige deels gerealiseerd en enkele maatregelen vragen nog extra aandacht. Het succes is mede te danken aan de inzet van betrokken verwijzers, ouders en jeugdigen, en door nauwe samenwerking met partners en een duidelijke visie op transformatie binnen het sociaal domein.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 7

Toelichting bij de gestelde ambities Noordoostpolder is een plek met veel verschillende mensen. Onze inwoners hebben verschillende achtergronden, overtuigingen, talenten en ervaringen. Wij vinden deze verschillen belangrijk. Door naar elkaar te luisteren en samen te werken, maken we onze gemeenschap sterker en vernieuwend. 1.1 Optimaliseren van de lokale ondersteuningsstructuur Inwoners van 0 tot 100 jaar die het alleen niet redden kunnen met hun hulpvraag terecht bij het Sociaal Loket. Het Sociaal Loket is gevestigd in het gemeentehuis en is het resultaat van de doorontwikkelingen van de vier lokale VIA punten, de Sociale Teams. Deze sociale teams zijn daarmee opgeheven in 2020. Binnen het Sociaal loket werken procesbegeleiders die werken volgens de ‘Nieuwe Route’ van Anke Siegers. Door te werken volgens deze methode wordt samenwerking tussen betrokken personen en organisaties rond de inwoner bevorderd; er wordt één integraal plan van aanpak gemaakt waarbij (het herstellen van) eigen kracht het uitgangspunt is, en waarbij één planbewaker, het liefst iemand uit het eigen netwerk, de situatie ondersteunt en de regie voert. Het optimaliseren van de lokale toegang richt zich op preventie en zorgt voor eenvoudige toeleiding tot specialistische hulp waar dat nodig is, vanuit het uitgangspunt één kind, één gezin, één plan.

Hiervoor is goede samenwerking tussen verschillende betrokken partijen van belang. In de volgende hoofdstukken wordt verder ingegaan op de verschillende aspecten die hiermee samenhangen. 2. Een betere samenwerking in de keten Er is op meerdere gebieden gewerkt aan een betere samenwerking in de keten om gezinnen de beste hulp te bieden. Hierbij stonden ook de gezinsaanpak en ketensamenwerking in het gedwongen kader op de agenda. In paragraaf 2.1 wordt ingegaan op de gezinsaanpak en in paragraaf 2.2 wordt ingezoomd op de ketenaanpak in het gedwongen kader. Daarnaast is het Manifest Sociaal Domein opgesteld. Het Manifest Sociaal Domein is een initiatief van maatschappelijke partners (Carrefour, GGD Flevoland, ZONL, Mercatus, Politie en Gemeente Noordoostpolder) en vertegenwoordigt de gezamenlijke visie en missie van deze partners op het Sociaal Domein. De werkgroep casuïstiek is gestart om op casusniveau te onderzoeken hoe patstellingen tussen organisaties kunnen worden opgelost in het belang van de inwoner. Ook is er gewerkt aan het concretiseren van het Manifest, wat in 2024 heeft geleid tot de integrale buurtaanpak, te beginnen in Ens en Revelsant-Zuid. 2.1 Gezinsaanpak Er is ingezet op de doelen: -

Integrale passende ondersteuning bieden voor het gezin met een hulpvraag

-

Het vergroten van de bekendheid en vindbaarheid van het Sociaal Loket (voorheen Sociaal Team Nop)

Gemeente Noordoostpolder helpt inwoners om zelfstandig oplossingen te vinden voor hun problemen en hen te ondersteunen bij het versterken van hun eigen sociale netwerk. De procesbegeleiders die werken bij het Sociaal Loket, ondersteunen hierbij. Om die reden is het belangrijk dat inwoners het Sociaal Loket kennen en makkelijk kunnen vinden.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 8 Procesbegeleiders in dienst van de gemeente ondersteunen mensen bij het behouden of terugkrijgen van de regie over hun eigen leven. Dit doen ze door samen met de betrokkenen een plan te maken dat aansluit bij hun behoeften en mogelijkheden. De procesbegeleider organiseert een planbijeenkomst waarin een integraal gezinsplan wordt gemaakt. Waar dat kan zoekt zij naar oplossingen binnen het eigen netwerk. Als het nodig is, betrekken zij een klantmanager jeugd of een andere vorm van expertise. Klantmanagers jeugd voeren procesregie over de geïndiceerde jeugdhulp en kunnen hulpverleners betrekken in het gezinsplan. Zo dragen zij bij aan een gezinsgerichte aanpak. De verbinding tussen het sociaal en medisch domein is daarnaast verstevigd door de inzet van een POH JGGZ bij alle huisartsen. Om de bekendheid en vindbaarheid van het sociaal loket te vergroten, is op verschillende manieren ingezet. Er is herhaaldelijk aandacht geschonken aan het sociaal loket in de krant en via social media. Er hebben bezoeken plaatsgevonden aan partners binnen het voorveld, zoals Carrefour, het vrouwencentrum, het Leger des Heils. Om de e ectiviteit te toetsen zijn er enquêtes gehouden. Uit deze enquêtes is gebleken dat in 2023 77,4% bekend was met het sociaal loket. In 2024 was dat 65,4%.

Hoewel de werkelijke cijfers rond de bekendheid van het sociaal loket uit 2024 niet bekend zijn, kunnen we op basis van de cijfers uit 2023 vaststellen dat de bekendheid van het sociaal loket groot is. De integrale gezinsaanpak is verder ontwikkeld door inzet van procesbegeleiders, die in samenwerking met interne en externe partijen samenwerken aan een gezinsgericht plan. 2.2 Optimaliseren van samenwerking in het gedwongen kader Er is ingezet op het doel: -

Gemeente Noordoostpolder zet zich blijvend in voor de regionale samenwerking binnen het gedwongen kader, om de veiligheid en zorgcontinuïteit voor inwoners duurzaam te borgen.

In samenwerking met regionale gemeenten en veiligheidspartners is op verschillende manieren ingezet op deze samenwerking: -

In 2019 is het regionale samenwerkingsprotocol ‘Samen werken aan veiligheid’ tot stand gekomen. Dit protocol is een samenwerking tussen de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK), Veilig Thuis Flevoland (VTF), Samen Veilig Midden Nederland (SVMN) en de gemeenten. Het beschrijft heldere afspraken, de rollen en de verantwoordelijkheden van de verschillende partners. In het tweede kwartaal van 2025 wordt het protocol geactualiseerd op basis van landelijke en regionale ontwikkelingen, zoals het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming.

-

In het regionale samenwerkingsprotocol is afgesproken dat iedere gemeente een lokaal addendum opstelt waarin de regionale samenwerkingsafspraken specifieker worden uitgewerkt. In 2019 is in de gemeente Noordoostpolder de eerste versie van dit lokaal addendum opgesteld, gericht op de portefeuille jeugd en met als doel het versterken van de jeugdbeschermingsketen. De regionale afspraken in het kader van Samen werken aan Veiligheid vroegen namelijk om een lokale vertaling, zodat alle betrokken partijen duidelijkheid hebben over hun rollen, taken en verantwoordelijkheden. In de jaren daarna is het addendum verbreed naar de gehele doelgroep van 0 tot 100 jaar. Daarmee beschikken we samen met onze ketenpartners over één integraal lokaal addendum dat geldt voor alle inwoners van de gemeente Noordoostpolder. Het document biedt houvast en dient als leidraad voor de lokale professionals en klantmanagers jeugd en Wmo. Om tot heldere en werkbare afspraken te komen, is goed inzicht in het lokale veld noodzakelijk.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 9 -

Het lokaal addendum is in 2023 herzien op basis van het kwaliteitskader Werken aan veiligheid voor lokale (wijk)teams en gemeenten. In het tweede kwartaal van 2026 wordt het opnieuw geëvalueerd.

-

Sinds 2020 voeren klantmanagers Jeugd in onze gemeente zelfstandig regie op onveiligheid via de TOP-3 methodiek. Deze aanpak, gebaseerd op de visie “Gefaseerd Samenwerken aan Veiligheid”, biedt een e ectieve werkwijze bij structureel huiselijk geweld en kindermishandeling. Waar voorheen SAVE werd geraadpleegd en ingezet, ligt de regie nu volledig bij de klantmanagers Jeugd, wat zorgt voor snellere besluitvorming en meer maatwerk in lokale casuïstiek.

Door deze samenwerking en duidelijke afspraken binnen het regionale samenwerkingsverband, zorgen we met elkaar voor een veerkrachtige en toekomstbestendige veiligheidsketen, zowel lokaal als regionaal. Als gemeente Noordoostpolder zijn we tevreden over de samenwerking met onze veiligheidspartners. De lijnen tussen de betrokken partijen in onze gemeente zijn kort, wat bijdraagt aan snel en e ectief handelen. Juist in ingewikkelde en kwetsbare situaties kunnen we hierdoor tijdig aanwezig zijn voor onze inwoners. We zien dat het thema veiligheid landelijk voortdurend in ontwikkeling is en regelmatig wordt bijgesteld of geoptimaliseerd. Tegelijk blijven wij ons, zowel lokaal als waar nodig regionaal, actief inspannen om te werken aan een goed functionerende lokale veiligheidsstructuur. Op die manier willen we de veiligheid en continuïteit van zorg voor onze inwoners zo goed mogelijk blijven waarborgen. 3. Normaliseren en demedicaliseren van problemen Er is ingezet op het doel: -

In 2024 wordt 25% van de aanmeldingen bij het Sociaal Loket (voorheen Sociaal Team Nop) worden opgelost door middel van een voorziening in het preventieve veld.

Als gemeente streven we ernaar dat meer jeugdigen en gezinnen tijdig en in de directe omgeving worden geholpen zonder dat daar een indicatie voor nodig is. De ambitie is dat het aantal aanmeldingen jeugd dat d.m.v. een voorziening in het preventieve veld wordt geholpen, toeneemt. Het aanbod van voorzieningen moet daarbij aansluiten bij de vraag van onze inwoners In het deelplan jeugd wordt nog gesproken over het sociaal team. In 2020 is het sociaal loket in de plaats gekomen van het sociaal team. Ook is in 2016 de pilot POH JGGZ gestart. Na een succesvolle pilot is in 2024 deze werkwijze aangepast en zijn de POH JGGZ onder werkgeverschap van een huisartsenpraktijk gekomen. Ook zijn de kosten voor inzet van de POH JGGZ gedeeld met zorgverzekeraar Zilveren Kruis. Jeugdigen en gezinnen kunnen zonder indicatie naar het sociaal loket en naar de POH JGGZ. Zij kunnen uiteraard ook gebruik maken van het aanbod opgroei- en opvoedondersteuning waaronder Jeugdhulp Op School. Omdat het Sociaal Team niet meer bestaat, kan de 25% doelstelling niet worden getoetst. Wat wel zichtbaar is, is een afname van het aantal afgegeven indicaties voor jeugdhulp door de gemeente. Dit komt omdat klantmanagers scherper indiceren. Er wordt ook veel gebruik gemaakt van voorzieningen in het voorliggend veld, zoals opvoedondersteuning.

De inzet van de POH JGGZ voorziet in een belangrijk deel in het beantwoorden van een hulpvraag in het preventief kader. Het aantal unieke jeugdigen dat gebruik maakt van geïndiceerde jeugdhulp liet hierdoor tot 2024 een dalende trend zien. De ambitie dat er een toename is van het aantal aanmeldingen jeugd dat d.m.v. een voorziening in het preventieve veld wordt geholpen, is daarmee behaald.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 10 4. Inzetten op extra preventie Er is ingezet op de volgende beheersmaatregelen: 1. Inzet POH Jeugd GGZ (POH JGGZ) 2. Meer inzet op informeel aanbod: steunouders. 3. Meer inzet op opvoedondersteuning. In de volgende paragrafen volgt de uitwerking op deze beheersmaatregelen. 4.1 Inzet praktijkondersteuners Huisartsen (POH) –Jeugd GGZ Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 is er een verschuiving zichtbaar van indicaties specialistische GGZ naar basis GGZ ten opzichte van 2020;

-

In 2024 is het beroep op de GGZ maatwerkvoorzieningen (cure) met 5% gedaald ten opzichte van 2020;

-

In 2024 heeft 90% van de jeugdigen direct passende zorg ontvangen;

-

In 2024 zijn de kosten van de GGZ (Cure) gestabiliseerd dan wel gedaald ten opzichte van 2020.

Als gemeente willen we inzetten op meer preventie, onder andere door het vergroten van de inzet van praktijkondersteuners Huisartsen (POH JGGZ). Deze POH-ers zijn laagdrempelig via de huisarts bereikbaar voor ouders en kinderen en de POH-er kan zelf hulpverlenen of gericht doorverwijzen. In 2016 is een pilot gestart met huisartsenpraktijk Marknesse, zorgverzekeraar Zilveren Kruis en gemeente Noordoostpolder. Vanuit de positieve resultaten uit deze pilot, is de inzet POH JGGZ in 2019 beschikbaar gekomen bij alle huisartsenpraktijken. In 2023 is de werkwijze aangepast. Het werkgeverschap is anders georganiseerd en de kosten voor de inzet van de POH JGGZ zijn gedeeld met zorgverzekeraar Zilveren Kruis. Deze wijzigingen zijn in een convenant vastgelegd en zijn per 1 januari 2024 van kracht. Er zijn 11 huisartsenpraktijken aangesloten bij de werkwijze en hebben zij laagdrempelig toegang tot een POH JGGZ. In evaluatiegesprekken wordt besproken welke trends en/of ontwikkelingen er spelen en waar verder op ingezet kan worden. Zo blijven we als gemeente op de hoogte van de behoeften van onze jeugdigen en ontwikkelingen binnen het zorglandschap. Dit versterkt een e iciënte aanpak van de lokale ontwikkelingen en behoeften. De huisartsen zijn blij met de inzet van de POH JGGZ.

Het maakt afstemming mogelijk, het vergroot de bredere kijk op casuïstiek en draagt bij aan het realiseren van een gezinsgerichte aanpak. Tot slot heeft het convenant erin geresulteerd dat de kosten voor de inzet van de POH JGGZ gedeeld worden met de zorgverzekeraar. De kosten van de GGZ zijn in de afgelopen jaren als gevolg van een toenemende vraag landelijk flink gestegen en dat is ook zichtbaar binnen de Noordoostpolder. Het doel van stabilisatie of afname van de kosten van de GGZ en minder vraag naar GGZ maatwerkvoorzieningen is weliswaar niet behaald, maar zonder de inzet van de POH JGGZ waren deze kosten harder gestegen.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 11 Deze inzet draagt namelijk bij aan de afname van verwijzingen naar geïndiceerde zorg. Van het totaal aantal jeugdigen dat in 2024 bij de POH-er terecht kwam, was 40% van hen voldoende geholpen met de gesprekken met de POH JGGZ. Het overige deel werd gericht en adequaat doorverwezen naar de lokale toegang, een voorliggende voorziening of naar geïndiceerde zorg. Het is door verandering van de toegang niet meetbaar dat 90% van de jeugdigen passende zorg ontvangt, maar jeugdigen worden wel adequaat doorverwezen en daarmee passend geholpen. 4.2 Meer inzet op informeel aanbod: steunouders Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 zijn er 2 pleegzorgtrajecten of jeugdhulp met verblijf-trajecten (uithuisplaatsingen) voorkomen per kalenderjaar en

-

In 2024 is er een afname zichtbaar van 20 trajecten dagbesteding ten opzichte van 2020.

Steunouders bieden ondersteuning aan gezinnen die zich in een kwetsbare positie bevinden. Zij ontlasten deze gezinnen door jeugdigen één of meerdere dagdelen per week op te vangen. Dit geeft ouders de ruimte om op adem te komen en tijdelijk minder belast te zijn in de opvoeding. Bij de start van het initiatief was het uitgangspunt dat deze vorm van informele ondersteuning zou bijdragen aan het voorkomen van escalatie en het vermijden van zwaardere vormen van hulp, zoals pleegzorg of 24-uurs jeugdhulp. Tot en met 2024 werd het steunouderschap uitgevoerd door Zorggroep Oude en Nieuwe Land. Vanaf 2025 is de uitvoering overgedragen aan Carrefour. Jaarlijks worden er tussen de vijftien en twintig matches tot stand gebracht. Er is sprake van een doorlopende instroom van nieuwe steunouders. In sommige gevallen blijven steunouders ook na afronding van het traject betrokken bij het gezin, wat bijdraagt aan het opbouwen van duurzame sociale netwerken en versterking van informele steunstructuren. In de praktijk blijkt dat steunouders vooral jeugdigen ondersteunen met lichtere hulpvragen. De aanvankelijke veronderstelling dat steunouders een alternatief zou kunnen vormen voor pleegzorg of andere vormen van 24-uurs jeugdhulp blijkt niet goed aan te sluiten bij de aard en zwaarte van de problematiek van deze doelgroep.

Gezinnen die aangewezen zijn op intensieve hulp kennen vaak complexe problematiek die de grenzen van het concept van steunouders overstijgt. Tegelijkertijd blijkt uit de praktijk dat steunouders wél een waardevolle bijdrage leveren aan het versterken van de draagkracht van gezinnen en het voorkomen van zwaardere hulpvragen. Daarmee past steunouderschap bij de bredere beweging in de jeugdhulp, waarin wordt ingezet op het versterken van de eigen kracht van gezinnen en het benutten van het netwerk De inzet van steunouders sluit aan bij de regionale transformatiegedachte, ook al is het geen direct alternatief voor pleegzorg of 24-uurs zorg. Hoewel de oorspronkelijke doelstelling niet volledig overeenkomt met de praktijk, zijn de resultaten van het initiatief positief. Er is een merkbare afname van de inzet van kortdurend verblijf en dagbesteding zoals zorgboerderijen. Dit laat zien dat steunouders bijdragen aan het vergroten van de veerkracht en zelfredzaamheid van gezinnen, en daarmee aan een e ectievere en meer toekomstbestendige jeugdhulp.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 12 4.3 Meer inzet op opvoedondersteuning Er is ingezet op het doel: -

In 2024 is er een gebundeld aanbod van opvoedondersteuning, waardoor er een passend en laagdrempelig aanbod aanwezig is.

Op 14 maart 2023 heeft het college ingestemd met de ‘aanpak hervorming voorveld’. Deze aanpak is het resultaat van een traject dat met partners in het voorveld is doorlopen. Vanuit deze aanpak ontstonden opdrachten, waaronder dat wij als gemeente in 2024 een gebundeld aanbod van opvoedondersteuning hebben.Gemeente Noordoostpolder beschikt over veel mogelijkheden tot opvoedondersteuning. Zo biedt Carrefour ondersteuning bij enkelvoudige opvoedvragen met inzet van onder andere de Nanny’s. Humanitas biedt Home-Start en Zorggroep Oude en Nieuwe Land (ZONL) bood tot 2025 school- en algemeen maatschappelijk werk. Vanuit de ‘aanpak hervorming voorveld’ heeft de ontwikkeling plaatsgevonden om de gezinsondersteuning naar twee aanbiedende partijen terug te brengen. Dit heeft ertoe geleid dat algemeen- en schoolmaatschappelijk werk van ZONL per 1 januari 2025 onder welzijnsorganisatie Carrefour valt. De jeugdgezondheidszorg 0-4 is vanuit ZONL overgegaan naar GGD Flevoland. Beide betreft voorliggende voorzieningen die zonder verwijzing laagdrempelig toegankelijk zijn en ouders kunnen ondersteunen bij opvoedvraagstukken. Dit draagt bij aan de opvoedvaardigheid.

Door het aanbod van ZONL onder te brengen bij welzijnsorganisatie Carrefour en jeugdgezondheidszorg van GGD Flevoland, is de ambitie om te zorgen voor een gebundeld, passend en laagdrempelig aanbod van opvoedondersteuning gerealiseerd. 5. Samenwerking met het onderwijs Als het gaat om de ontwikkeling van onze jeugd, is het onderwijs een belangrijke samenwerkingspartner. Het onderwijs is immers de plek waar jeugdigen en hun ouders bijna allemaal komen en gezien worden. Om de verbinding verder te verstevigen zijn er ambities opgenomen in het deelplan jeugd. Om de samenwerking tussen onderwijs en zorg te versterken, is binnen het onderwijs op een aantal scholen een brugfunctionaris ingezet. De brugfunctionaris slaat een brug tussen school, het gezin en als dat nodig is in de toeleiding naar zorg. De scholen waar al langere tijd een brugfunctionaris ingezet wordt, zijn heel positief over de e ecten hiervan. Zo merken ze dat moeilijk bereikbare ouders beter betrokken worden bij het onderwijs en ouders eerder met vragen komen richting de brugfunctionaris. Op alle basisscholen vinden inloopspreekuren van de jeugdverpleegkundige plaats, waar ouders laagdrempelig terecht kunnen met hun (opvoed)vraag. 5.1 Ontwikkeling kindcentra en samenwerking voorschoolse voorzieningen Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 maakt ongeveer 80% van het aantal geïndiceerde kinderen (2 tot 4 jarigen met een dreigende taal-/ ontwikkelingsachterstand) gebruik van een voorschoolse voorziening;

-

In 2024 voldoen de voorschoolse voorzieningen aan de landelijke kwaliteitseisen;

-

In 2024 werkt 80% van de voorschoolse voorzieningen samen met een kindcentrum.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 13 Het onderwijs is één van onze meest essentiële partners met betrekking tot jeugd. Binnen het onderwijs kunnen op een laagdrempelige manier al lichte hulpvragen of problemen worden gesignaleerd en opgelost. Een goede samenwerking tussen onderwijs en kinderopvangorganisatie is hierbij voorwaardelijk. Ook is het belangrijk dat kinderen met een dreigende taal-/ ontwikkelingsachterstand gebruik maken van een kwalitatief goede voorschoolse voorziening. De afgelopen jaren is de ontwikkeling rondom kindcentra voortgezet. In alle dorpen is er een bepaalde mate van samenwerking tussen de voorschoolse voorziening, opvang en het onderwijs gerealiseerd. In de dorpen zijn de afgelopen jaren steeds meer scholen gefuseerd om kwalitatief hoogwaardig onderwijs te continueren en verstevigen. Deze fusies worden in veel gevallen gecombineerd met verbouw of nieuwbouw van het schoolgebouw. Om de ontwikkeling van kindcentra te stimuleren wordt bij nieuwbouw gekeken of het meebouwen van kinderopvangruimte mogelijk is. Opvang en onderwijs in één gebouw is geen voorwaarde voor de ontwikkeling van een kindcentrum. Er zal ook altijd markt blijven voor opvang/ voorschools aanbod buiten het schoolgebouw. Ook in die situaties is de samenwerking tussen onderwijs, voorschoolse educatie (VE) en opvang de afgelopen jaren steeds intensiever geworden.

Het doel om 80% van de voorschoolse voorzieningen te laten samenwerken met een school is behaald. De mate waarin er samengewerkt wordt, verschilt per school en organisatie. Op de meeste plekken zijn de VE-groepen gehuisvest in een schoolgebouw. Dit maakt samenwerken makkelijker en verkleint ook de overstap naar groep 1. Zowel opvang als onderwijs hebben de ambitie om de samenwerkingen de komende jaren te intensiveren zodat kinderen nog meer kunnen profiteren van deze doorlopende leerlijn. Daarnaast wordt er doorlopend gekeken hoe de kwaliteit van het voorschoolse en het vroegschoolse aanbod en de doorlopende leerlijn verbeterd kan worden. Het overleg tussen gemeenten, onderwijs, opvang en jeugdgezondheidszorg (LEA overleg) en de werkgroep voor- en vroegschoolse educatie zijn hiervoor belangrijke netwerken. Alle VE aanbieders worden door de toezichthouder kinderopvang jaarlijks onderzocht op de geboden kwaliteit. Wanneer niet aan de landelijke kwaliteitseisen voldaan wordt, volgt een handhavings- en hersteltraject. De kwaliteit van het aanbod in de Noordoostpolder is hoog. Toch zijn er ook VE aanbieders die kwalitatief nog wel een slag te maken hebben. Om onderwijsachterstanden te voorkomen en verkleinen zijn er ook een aantal andere interventies ingezet. Voorbeelden hiervan zijn boekenpret, opstap en opstapje.

Deze interventies maken integraal onderdeel uit van het aanbod binnen het onderwijsachterstanden beleid. Om zicht te houden op de bereikcijfers met betrekking tot het voorschoolse aanbod is de peutermonitor gerealiseerd. Dit is een dashboard waar zowel opvang, gemeente als jeugdgezondheidszorg data voor aanlevert. Uit de peutermonitor komt naar voren dat het bereikcijfer van 80% gerealiseerd is. De afgelopen jaren is er zelfs een stijging te zien in het bereik. 5.2 Opvanggroepen onderwijs Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 is het aantal (volledige) thuiszitters in het basisonderwijs nog steeds op 0%

-

In 2024 is het aantal (volledige) thuiszitters in het voortgezet onderwijs verminderd of gelijk gebleven aan 0,3%.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 14 Elk kind heeft recht op een veilige en stimulerende leeromgeving. Thuiszitten kan leiden tot sociale isolatie, achterstanden en een verminderd toekomstperspectief. Daarom wordt er stevig ingezet op het voorkomen en bestrijden van het aantal thuiszitters. In 2019 hebben we vanuit gemeente Noordoostpolder samen met De Zonnebloemschool, Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Noordoostpolder-Urk, Samenwerkingsverband Aandacht+ en ’s Heerenloo een opvanggroep opgericht om schooluitval en thuiszitten onder jongeren te voorkomen. Deze groep is er voor zowel het basis- als het voortgezet onderwijs. Om deel te kunnen nemen aan deze groep, zijn er voorwaarden: gezinnen moeten ondersteuning van een jeugdhulpaanbieder accepteren en voor elke leerling wordt maatwerk geboden met een pedagogische benadering en veel voorspelbaarheid en structuur. Sinds de start in 2019 hebben gemiddeld acht leerlingen per jaar vanuit het BO en VO gebruik gemaakt van deze opvanggroep. Meestal gaan deze jongeren daarna verder op het speciaal basisonderwijs (s(b)o), voortgezet speciaal onderwijs (vso) of het praktijkonderwijs. Na een evaluatie in 2023 is per 01-01-2024 een nieuwe overeenkomst gesloten voor één jaar, met de optie tot twee keer verlenging met één jaar (tot 31 december 2027).

De opvanggroepen zijn een succes, omdat ze voorkomen dat leerlingen langdurig thuis komen te zitten. Naast deze specifieke opvanggroep wordt vanuit de leerplichtambtenaren ook ingezet op het voorkomen en bestrijden van verzuim. Door goede samenwerking tussen leerplicht, het onderwijs en het sociaal domein, wordt tijdig geacteerd wanneer er sprake is van beginnend verzuim en zorg. Het is lastig om het succes van onze aanpak met cijfers te onderbouwen. De definitie van een thuiszitter wordt op verschillende manieren gebruikt in den lande. Uit onze eigen monitoring blijkt dat in het schooljaar 2023-2024 slechts vijf van de 8292 leerlingen langdurig thuis zaten, wat neerkomt op 0,06%. 5.3 Jeugdhulp op School Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 ligt het aantal (volledige) thuiszitters in het basisonderwijs nog steeds op 0%

-

In 2024 is er een afname van doorverwijzingen naar maatwerkvoorzieningen.

Om preventief in te kunnen spelen op schooluitval is Jeugdhulp op school (JOS) beschikbaar. Dit aanbod is er voor alle scholen basisonderwijs en voortgezet onderwijs in Noordoostpolder, die gekoppeld zijn aan het samenwerkingsverband PO Noordoostpolder en Urk en Aandacht+. JOS legt een verbinding tussen onderwijs en gezin. Zij ondersteunen in de eerste plaats het kind met een hulpvraag en leggen daarbij ook de verbinding met de thuissituatie. JOS kan helpen bij het voorkomen van zwaardere geïndiceerde jeugdhulp. Uit de halfjaarlijkse evaluaties blijkt dat ouders en andere professionals de Jos medewerkers goed weten te vinden. Vanuit de NPO middelen is er tijdelijke extra ureninzet van de JOS-medewerkers gerealiseerd. Om zo in te kunnen spelen op het toenemend aantal aanmeldingen. Met het wegvallen van de NPO-middelen is JOS weer teruggegaan naar de reguliere uren inzet. Omdat JOS aangeboden wordt door een gespecialiseerde jeugdhulp aanbieder liggen de kosten relatief hoog voor een preventieve interventie. De afgelopen tijd is daarom ook kritisch gekeken naar vergelijkbare alternatieven. Mede door de toenemende vraag van deze preventieve inzet wordt gekeken hoe bij gelijkblijvende middelen meer uren preventieve zorg ingezet kunnen worden.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 15 Bij aanvang van Jeugdhulp op School is afgesproken dat er binnen het basisonderwijs minimaal 35 gezinnen bereikt moesten worden en voor het voortgezet onderwijs minimaal 20. De afgelopen jaren zijn de aanmeldingen gegroeid en worden deze aantallen daardoor ruimschoots gehaald. Daarom wordt er bij aanmelding steeds kritischer gekeken of de aanmelding echt past binnen een JOS traject. Uit de jaarevaluatie van JOS blijkt dat in 2024 29 gezinnen geholpen zijn in het voortgezet onderwijs. Binnen het basisonderwijs gaat het voor 2024 zelfs om 61 gezinnen. De aangemelde gezinnen komen van alle scholen binnen de Noordoostpolder. Uit de evaluatie blijkt dat het aantal korte trajecten (4 maanden of minder) beperkt is. Bij het merendeel van de gezinnen is de JOS medewerker langere tijd betrokken. Dit is anders dan beoogd bij de inzet van deze interventie.. Het contact is soms ook langduriger omdat er een vinger aan de pols gehouden wordt. Hier zou toekomstig een rol kunnen liggen voor maatschappelijk werk, al dan niet in combinatie met schoolmaatschappelijk werk. Door de preventieve ondersteuning nog meer in te bedden in bestaande zorgstructuren is ook de nazorg en borging van de ondersteuning beter belegd. Door preventieve inzet is een afname van doorverwijzing naar maatwerkvoorzieningen gerealiseerd.

De cijfers uit de jaarevaluatie van JOS over 2024 ondersteunen deze constatering. Zo geldt voor het basisonderwijs dat 72% van de casussen afgerond zijn zonder vervolg advies. In slechts 28% van de casussen is er na inzet van JOS een doorverwijzing geweest naar geïndiceerde zorg. Voor het voortgezet onderwijs zijn de cijfers vergelijkbaar, 39% is doorverwezen na inzet JOS en 61% is afgerond zonder vervolg hulp. De preventieve inzet heeft bijgedragen aan het voorkomen van thuiszitters in het basisonderwijs. Het is echter niet vast te stellen of het aantal thuiszitters 0% is gebleven. De reden daarvoor is dat er verschillende definities voor een thuiszitter worden gebruikt wat het meten ervan niet mogelijk maakt. Wel zijn alle jeugdigen die (tijdelijk) niet volledig naar school gaan of geen inschrijving hebben in beeld bij de leerplichtambtenaar. 5.4 Terugdringen en voorkomen voortijdig schoolverlaters (VSV-ers) Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 ligt het percentage VSV-ers van het voortgezet onderwijs onder het landelijk gemiddelde;

-

Het percentage VSV-ers in het middelbaar beroepsonderwijs ligt onder het landelijke streefnorm percentage.

De ambitie is om voortijdig schoolverlaten te voorkomen en terug te dringen conform de landelijke normen. Hiervoor wordt samengewerkt met andere gemeenten en het onderwijs in de regio. Om deze ambitie te bereiken, is sterk ingezet op preventie door leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches en gerichte programma’s in het onderwijs: intercultureel schoolmaatschappelijk werk, taalarrangementen voor leerlingen van de schakelklas, schoolmaatschappelijk werk, maatwerktrajecten en de MAZL methode. Ook wordt er succesvol gewerkt met de Educatiemeter waarbij een voortijdig schoolverlater inzicht krijgt in de eigen interesses envaardigheden. Totaal is 3,03% VSV-er. Landelijk ligt het percentage op 2,37% is. Dit percentage van gemeentelijke VSV-ers staat voor 125 VSV-ers. Al deze jongeren zijn in beeld bij de leerplichtambtenaar of doorstroomcoach, die een onderverdeling maakt van deze jongeren: de jongere krijgt hulpverlening, werkt, ontvangt een uitkering, is verhuisd of de jongere volgt geen opleiding, heeft geen baan en ontvangt geen uitkering.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 16 Uit de monitoring blijkt dat het niet gelukt is om in 2024 het percentage VSV-ers in het voortgezet onderwijs onder het landelijke gemiddelde te brengen. Landelijk verliet 0.69% van de leerlingen zonder startkwalificatie het voortgezet onderwijs, terwijl dit percentage binnen de gemeente Noordoostpolder 0,98% was. In de gemeente Noordoostpolder was het percentage VSV-ers in het MBO 6,1%. Dit percentage ligt iets onder het landelijke gemiddelde van 6,35%, maar wel boven de streefnorm van 5%. Hoewel de ambitie om onder het landelijk VSV-gemiddelde te komen cijfermatig nog niet behaald is, heeft deze werkwijze ervoor gezorgd dat alle voortijdig schoolverlaters, zowel nieuwe als de oud-VSV’ers, goed in beeld zijn. Dit vormt een stevige basis om voortijdig schoolverlaters structureel terug te dringen. 5.5 Project sluitende aanpak jongeren Er is ingezet op de doelen: -

In 2024 blijven we jongeren van 18-27 jaar begeleiden bij het vinden en houden van passende scholing en/of werk;

-

In 2024 is het aantal jongeren met een uitkering verminderd of gelijk gebleven in vergelijking met 2019;

-

In 2024 is de uitkeringsduur van jongeren verminderd of gelijk gebleven in vergelijking met 2018.

Het is belangrijk om jongeren te ondersteunen die niet in het doelgroepenregister staan, maar wel extra hulp nodig hebben. Dit verbetert hun toekomstperspectief en voorkomt dat ze zonder scholing of werk komen te zitten. Vanuit een samenwerking tussen gemeente Noordoostpolder, Firda, Aeres MBO en de WerkCorporatie is het project ‘Sluitende aanpak jongeren’ ontstaan. In dit project is ingezet op drie doelgroepen jongeren: schoolverlaters van het MBO die het op eigen kracht niet redden; jongeren die op 1 juli 2017 een bijstandsuitkering hadden; en jongeren die na 1 juli 2017 een bijstandsuitkering hebben aangevraagd. Voor de eerste groep zijn werkafspraken gemaakt waarbij de school signaleert dat een leerling een diploma gaat halen, maar daarna nog begeleiding nodig heeft. Samen met de leerling, ouders en eventuele hulpverlening wordt een plan gemaakt om de begeleiding te borgen. De WerkCorporatie zorgt samen met het MBO voor de uitvoering. Deze werkwijze is inmiddels opgenomen in de reguliere dienstverlening en in de aanpak van participatie, met een duidelijkere verdeling van het aanbod naar leeftijd (18- en 18+). Hierdoor wordt er niet langer gesproken over het ‘project Sluitende Aanpak Jongeren’. De samenwerking tussen gemeente, onderwijsinstellingen en de WerkCorporatie blijft hierbij wel essentieel.

De meeste jongeren die zich melden komen uit een kwetsbare situatie, waardoor een intensieve ondersteuning noodzakelijk is. Dankzij de inzet van de WerkCorporatie, inclusief begeleiding door de doorstroomcoaches en samenwerkingen met het onderwijs en buitengewoon werkgevers, lukt het in veel gevallen om passende trajecten te realiseren. De structurele inbedding van deze werkwijze onderstreept de kracht van de integrale samenwerking en vormt een stevig fundament voor aansluiting op het landelijke wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 17 Hoewel het aantal jongeren met een uitkering licht is gestegen, zijn er wel goede resultaten behaald in de aanpak. Door het afscha en van de zoektermijn voor jongeren – waarbij direct een uitkering wordt toegekend en sneller gesprekken over uitstroom kunnen plaatsvinden – is het mogelijk geworden om de begeleiding richting werk of scholing e ectiever en sneller op te starten. Van 136 in 2019 naar 143 in 2024 (hoogste punt) in absolute aantallen en relatief ten opzichte van het totaal aantal uitkeringsgerechtigden van 14,98% naar 17,33%. 6. Ontwikkelen van alternatieve vormen van verblijf Als regio hebben we in 2019 gezamenlijk een aanvraag ingediend voor het landelijke Transformatiefonds, gericht op de actielijnen "Meer kinderen zo thuis mogelijk laten opgroeien" en "Investeren in vakmanschap." Deze aanvraag sloot aan bij de regionale ambitie, zoals verwoord in de Stip op de Horizon: het terugbrengen van de capaciteit van behandeld wonen met 50%. Deze ambitie was ambitieus en vraagt veel van zowel gemeenten als zorgaanbieders. De hulpvraag naar intensieve zorgvormen neemt immers niet in dezelfde mate af als de capaciteit. De sleutel tot succes ligt in het ontwikkelen en versterken van betere, lichtere alternatieven, zoals intensieve ambulante hulp, deeltijdverblijf, gezinshuizen en pleegzorg.

Zo kunnen meer jeugdigen opgroeien in een zo normaal mogelijke, gezinsgerichte omgeving. De weg naar het realiseren van passende alternatieven voor behandeld wonen is complex gebleken. Waar in 2019 nog werd gekozen voor taakgerichte bekostiging via een consortium – als stap in de transformatie – is in 2021 overgegaan op een P x Q-bekostiging. Het realiseren van een structurele afname van 24 uurs jeugdhulp vereist intensieve samenwerking tussen gemeenten en zorgaanbieders, op zowel inhoud als uitvoering. Denk hierbij aan het gezamenlijk ontwerpen van nieuwe zorgvormen, het bouwen van vertrouwen en het versterken van de flexibiliteit in het zorglandschap. Sinds april 2022 is daarom in Flevoland de Versnellingsaanpak Jeugd actief, met als doel het aantal en de duur van uithuisplaatsingen te verminderen. In samenwerking met gezinnen, gemeenten, lokale toegangen, gecertificeerde instellingen en zorgaanbieders wordt gewerkt aan het voorkomen van uithuisplaatsingen en het ondersteunen van kinderen bij een veilige terugkeer naar huis. Door in te spelen op actuele hulpvragen ontstaat inzicht in wat er nodig is om structureel minder uithuisplaatsingen te realiseren.

De Versnellingsaanpak Jeugd Flevoland richt zich op drie trajecten die bijdragen aan het verminderen van uithuisplaatsingen: het inzetten van intensieve ambulante hulp via Team AnderS, het verbeteren van besluitvorming rond verblijfplaatsingen, en het stimuleren van terugkeer naar huis door met gezinnen en professionals concrete uitstroomplannen te maken. Zoals gepresenteerd tijdens de commissie Samenlevingszaken in 2023 en 2024, tonen de interne dashboardcijfers jeugd van de afgelopen jaren een duidelijke afname van het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van 24-uurs jeugdhulp. Deze daling is deels het gevolg van de nieuwe wetgeving rondom het woonplaatsbeginsel, maar ook van de inspanningen die zijn geleverd om de transformatie richting gezinsgerichte zorg te versnellen. De focus ligt hierbij op het zoveel mogelijk thuis laten opgroeien van jeugdigen, met passende ondersteuning waar nodig.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 18 Met betrekking tot het ontwikkelen van alternatieve vormen van verblijf, is er ingezet op de doelen zoals die hieronder zijn weergegeven: Jeugdigen worden geholpen in -of zo nabij mogelijk de thuissituatie. Als gemeente zetten we stevig in op het ondersteunen van jeugdigen in hun eigen leefomgeving. Waar mogelijk wordt hulp geboden binnen het gezin, met inzet van intensieve ambulante ondersteuning en versterking van het netwerk. Zo voorkomen we uithuisplaatsingen en behouden we zoveel mogelijk de stabiliteit van het gezin. Als verblijf buiten het gezin onvermijdelijk is, zoeken we naar oplossingen dichtbij huis, bij voorkeur kleinschalig en gezinsgericht, zoals pleegzorg of een gezinshuis. Deze koers sluit aan bij wat breed wordt onderkend als in het belang van jeugdigen: opgroeien in de vertrouwde omgeving, tenzij dit niet verantwoord is. Het is een inhoudelijk gewenste ontwikkeling die bijdraagt aan betere ontwikkelingskansen, maar alternatieven voor 24-uurs jeugdhulp, zoals intensieve ambulante hulp, vragen ook om een aanzienlijke inzet van middelen. Daarom is het belangrijk te onderstrepen dat deze keuze niet direct leidt tot lagere uitgaven, maar wél tot e ectievere en meer passende hulp voor kinderen en gezinnen.

Verblijfszorg bij voorkeur in gezinsgerichte context (pleegzorg of gezinshuis) 24-uurs jeugdhulp wordt steeds vaker georganiseerd in een gezinsgerichte context, zoals pleegzorg of gezinshuizen, om jeugdigen een stabiele en veilige plek te bieden. Hoewel er nog uitdagingen zijn, wordt verblijf zoveel mogelijk dichtbij in de eigen regio georganiseerd om de afstand tot ouders te minimaliseren en sociale structuren te behouden. Gezinshuizen en behandellocaties gespreid over de regio (zo nabij mogelijk bij thuissituatie) Gezinshuizen en behandellocaties worden evenwichtig gespreid over de regio om jeugdigen zo dicht mogelijk bij hun thuissituatie te helpen, wat bijdraagt aan continuïteit in zorg en behoud van sociale structuren. Vanaf 2025 wordt van aanbieders verwacht dat zij maatwerk leveren en gezinshuizen en behandellocaties zoveel mogelijk verspreid organiseren, met actieve werving van gezinshuisouders en pleegouders binnen lokale gemeenschappen. Vestigen van een JeugdzorgPlus-locatie in Flevoland Flevoland heeft momenteel geen JeugdzorgPlus-locatie, waardoor jeugdigen die gesloten jeugdhulp nodig hebben buiten de provincie worden geplaatst. Dit past binnen de landelijke trend om het aantal JeugdzorgPlus-locaties te verminderen en de zorg te concentreren.

Gemeenten richten zich op gezinsgerichte alternatieven en intensieve ambulante hulp om het aantal gesloten plaatsingen te verminderen, met als doel JeugdzorgPlus op termijn te vervangen door kleinschalige, open voorzieningen. Ontwikkelen van ambulante alternatieven voor jeugdhulp met verblijf/Verhoogde inzet van Volledig Pakket Thuis als alternatief voor verblijf in de instelling Vanaf 2025 bieden nieuwe jeugdhulpaanbieders in de regio 24-uurs jeugdhulp met flexibele en integrale zorg onder de naam Thuis op Maat (TOM). TOM richt zich op het voorkomen van uithuisplaatsingen en het ondersteunen van jeugdigen om snel terug te keren naar hun eigen gezinsomgeving of een lichtere vorm van verblijf. Opbouw van capaciteit Begeleid Wonen De capaciteit voor 'begeleid wonen' wordt afgebouwd ten gunste van alternatieve zorg dichter bij de thuissituatie van jongeren, met een sterke nadruk op ambulante hulp en preventie. Daarom is er geen behoefte aan verdere uitbreiding van capaciteit. De term 'begeleid wonen' wordt vervangen door 'woon- en leefgroepen' om beter aan te sluiten bij de vernieuwde benadering van zorg.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 19 Ontwikkelen van Begeleid Wonen 16+ gericht op zelfstandigheid Vanaf 2025 biedt onze gemeente, in samenwerking met de regio, jeugdhulp in de vorm van kamertrainingcentra (KTC) en fasehuizen om jeugdigen voor te bereiden op een zelfstandig bestaan. Deze voorzieningen bieden begeleiding en ondersteuning, met 24/7 bereikbare professionals, en omvatten ook specifieke voorzieningen zoals moeder-kind huizen. Verkorten van trajecten In onze gemeente wordt 24-uurs jeugdhulp alleen als uiterste optie ingezet en altijd zo kort mogelijk, met het belang van de jeugdige centraal. Klantmanagers jeugd en jeugdbeschermers spelen een cruciale rol in het proces, waarbij zij actief sturen op de kortste duur van 24-uurs jeugdhulp en voortdurend de voortgang monitoren om schadelijke e ecten van langdurige uithuisplaatsingen te voorkomen. Afschalen in zorgzwaarte waar mogelijk Het doel van afschalen in zorgzwaarte is om de intensiteit van de zorg voor jeugdigen te verminderen zodra hun situatie dit toelaat, zodat zij meer regie over hun leven krijgen en de betrokkenheid van het gezin wordt versterkt. Klantmanagers jeugd spelen hierbij een cruciale rol door continu te monitoren en bij te sturen en te zorgen voor een soepele overgang naar minder ingrijpende zorgvormen.

Ombouw van capaciteit Behandeld Wonen met 50% In 2019 werd als doelstelling geformuleerd om de capaciteit van ‘behandeld wonen’ (basis en specialistisch) met circa 50% terug te brengen. In de praktijk is deze afbouw niet in deze mate gerealiseerd. Dat is ook logisch en verantwoord: de regionale en gemeentelijke inzet is de afgelopen jaren vooral gericht geweest op het uitgangspunt dat jeugdigen zo thuis mogelijk moeten kunnen opgroeien. De focus lag daarmee niet op het behalen van een specifiek afbouwpercentage, maar op het realiseren van passende alternatieven voor 24-uurs jeugdhulp, waar dat mogelijk is. Tegelijkertijd werd erkend dat er situaties blijven waarin intensieve, 24 uurs jeugdhulp wél noodzakelijk is. De regio blijft verantwoordelijk voor het beschikbaar hebben van voldoende passende plekken voor jeugdigen bij wie 24-uurs jeugdhulp wél noodzakelijk is. Daarmee is enerzijds ruimte gecreëerd voor lichtere, preventieve hulpvormen, terwijl anderzijds de toegang tot intensieve zorg voor de meest kwetsbare jeugdigen gewaarborgd blijft. 7. Optimaliseren van sturingsinformatie, inkoop en contractmanagement In de afgelopen jaren hebben we belangrijke stappen gezet in het versterken van onze sturingsinfrastructuur, die vanuit Grip op sociaal domein in gang is gezet. Het doel is om steeds beter zicht te krijgen op kwalitatieve en kwantitatieve cijfers m.b.t.

de jeugdhulp en de bijbehorende financiën. Zo kan in samenhang tussen uitvoering, beleid, inkoop- en contractmanagement en financiën, breed gestuurd worden op de jeugdhulp. We hebben een digitaal dashboard dat inzicht biedt in belangrijke gegevens. Dit betreft de (jaarlijkse) financiën, het gebruik van jeugdhulp, instroom en uitstroom, verwijzers, gebruik van zorgaanbieders en meer. Dit dashboard maakt het mogelijk om trends en ontwikkelingen over de korte en lange termijn te analyseren. Op basis van de gegevens vanuit het dashboard: -

vindt maandelijks het monitoringsoverleg van de jeugdcijfers (in de driehoek beleid, uitvoering en financiën) plaats. Dit maakt het mogelijk om direct in te zoomen op opvallendheden of onregelmatigheden.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 20 -

vindt maandelijks overleg plaats rondom de duurste jeugdhulpcasuïstiek waarbij wordt gekeken of de procesregie adequaat wordt uitgevoerd binnen de complexe jeugdhulpcasuïstiek en/of er verantwoord afgeschaald kan worden in intensiteit. Zie hiervoor ook paragraaf 7.1.

-

vindt het gesprek plaats met onze jeugdhulpaanbieders, op basis van feitelijke informatie en wordt contractmanagement passend georganiseerd.

-

worden de wachttijden van ons gecontracteerde jeugdhulpaanbieders gemonitord.

-

wordt jaarlijks de gemeenteraad geïnformeerd door middel van een presentatie van de cijfers.

-

wordt zowel beleid als contractmanagement voorzien van inhoudelijke ontwikkelingen, op grond waarvan passende en benodigde keuzes kunnen worden gemaakt.

Naast het dashboard wordt lokaal ook actief gestuurd op verwijzingen. Wettelijke verwijzers, zoals een huisarts of een Gecertificeerde Instelling, mogen zelf verwijzen naar jeugdhulp. Dat is wettelijk bepaald. Wel mogen we als gemeente samenwerkingsafspraken met deze verwijzers maken. In gevallen waarin een jeugdbeschermer wil afwijken van het gecontracteerde aanbod, wordt er altijd samengewerkt met de lokale kwaliteitsmedewerkers jeugd. Dit geldt ook voor de huisarts. De afspraak is dat er contact is met de gemeente wanneer een wettelijk verwijzer wil afwijken van het gecontracteerde aanbod. Bovenstaande voorbeelden stellen ons in staat om jeugdhulp e ectiever en e iciënter te monitoren en beter inzicht te krijgen in de lokale resultaten, wat ons helpt om voortdurend te verbeteren. 7.1 Onderzoek naar de meest intensieve casuïstiek Er is ingezet op de doelen: -

een e ectiever aanbod van hulpverlening rondom de cliënt;

-

kostenverlaging en versnelling van het leren door op een andere manier naar complexe gezinssituaties en de e ectiviteit van interventies te kijken.

In 2020 voerde Hogeschool Windesheim, in opdracht van de gemeente, onderzoek uit naar de veertig duurste/ intensieve jeugdhulpcasussen. Het onderzoek toonde aan dat deze jeugdhulpcasussen vaak bestonden uit complexe, meervoudige problematiek, zonder duidelijke hoofdoorzaak. Om die reden hebben we de voornoemde ambitie gesteld. Windesheim constateerde diverse verbeterpunten, waarop de gemeente al concrete stappen had gezet. Er was geïnvesteerd in het versterken van de regie door klantmanagers jeugd, met nadruk op 'stepped care' en 'matched care'. Er werd ook meer focus gelegd op resultaatgericht werken, met expliciete aandacht voor meetbare resultaten om de e ectiviteit te verhogen en onnodige zorg te reduceren. De samenwerking binnen de zorgketen was geïntensiveerd, zodat interventies beter aansloten bij de specifieke gezinssituatie en er sneller van geleerd kon worden. Binnen de gemeente is stevig ingezet op de monitoring van cijfers en financiën m.b.t. jeugd casuïstiek. Maandelijks vinden twee vormen van monitoringsoverleg plaats: het overleg monitoring cijfers jeugd, waarin de totale jeugdhulpcijfers en kosten worden gevolgd. Daarnaast is er het maandelijks overleg intensieve casuïstiek. In dit overleg worden de meest intensieve casussen gemonitord door een gezelschap van deskundigen, waaronder een gedragswetenschapper en de brandpuntfunctionaris.

Beide overlegvormen vormen een belangrijke bijdrage om in gezamenlijkheid te kunnen werken aan duurzame en betaalbare jeugdhulp, waarbij de jeugdige centraal staat.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 21 Tussen 2019 en 2024 is het aantal unieke jeugdigen dat jeugdhulp ontvangt gedaald, waarna vanaf 2024 een lichte stijging zichtbaar is. Ondanks de eerdere daling van het aantal jeugdigen zijn de uitgaven niet verminderd; deze blijven juist stijgen, vooral door hogere tarieven, loon- en prijscompensaties en een intensievere inzet van hulp per jeugdig Deze lokale ontwikkeling is in lijn met de landelijke trend: gemeenten zien hun kosten oplopen, ondanks een stabiel of zelfs afnemend aantal jeugdigen. Er is stevig ingezet op de wijze waarop complexe casuïstiek periodiek wordt gemonitord en besproken, zowel inhoudelijk als financieel. Dit heeft ertoe geleid dat wij zicht hebben op de duurste casussen en met elkaar kritisch kijken naar de beschikkingen die worden afgegeven.

Evaluatie deelplan “Krachtig Noordoostpolder voor de jeugd” 22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2317/documents/43924