Beantwoording toezeggingen Laadvisie - Commissie WO 17-03-2025.pdf
Tekst van het document
MEMO aan Raad Aan
:
De raad van gemeente Noordoostpolder
Van
:
B&W
Datum
:
25 maart 2025
Onderwerp
:
Technische vragen over de Laadvisie in uw commissie van 17 maart 2025
Inleiding In uw commissie Woonomgeving van 17 maart jongstleden zijn er twee technische vragen gesteld over de Laadvisie. Door middel van deze memo geven we daar antwoord op. 1) Hoe gaan we om met versie 4 van de Europese Energy Performance Building Directive (EPBD) en de daaruit voortvloeiende verplichting tot bijplaatsen van laadpalen bij bestaande kantoorgebouwen? 2) In vervolg hierop, is een actualisatie van de laadvisie niet eerder dan 2030 nodig? Antwoord vraag 1: In de laadvisie wordt versie 3 van de EPBD beschreven zoals deze gold ten tijde van het schrijven ervan. Het klopt dat ondertussen versie 4 van kracht is geworden. De hieruit voorvloeiende wijzigingen worden nog verwerkt in de Bbl. Conform wat we in de visie $4.3 hebben opgeschreven: Nederland en Europa bouwen aan wet- en regelgeving voor elektrisch laden. We vinden het belangrijk om deze ontwikkelingen te volgen en zodra er wijzigingen zijn, passen we onze werkwijze aan.” passen we onze werkwijze waar nodig aan versie 4 aan. Specifiek voor laadpalen vloeien uit versie 4 richtlijnen voort voor vereiste laadinfrastructuur bij bestaande en nieuwe kantoor- en woongebouwen. Het is een verplichting voor elk land om de richtlijn in lokale wetten en regels te vertalen. In Nederland gebeurt dit in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en is voor 2026 voorzien.
Alle plannen voor nieuwbouw of renovatie worden door de gemeente getoetst aan het vigerende Bbl. Indien uit deze nieuwe Bbl verplichtingen volgen voor bestaande gebouwen, zoals het aantal te plaatsen laadpalen, dan worden de (publiek/private) eigenaren van deze gebouwen geacht de benodigde maatregelen te treffen. Wij zien geen aanleiding om vanwege bovenstaande de Laadvisie aan te passen. Antwoord vraag 2: Zoals in de laadvisie en het raadsvoorstel is beschreven, zijn en zullen de ontwikkelingen rondom elektrisch rijden en laden de komende jaren volop in beweging blijven. Wij gaan dit uiteraard in de gaten houden en, zoals ook aangegeven bij vraag 1, passen we waar nodig onze werkwijze erop aan.
1
Mede vanwege het dynamische beleidsveld is reeds een relatief vlot actualisatiemoment voor de gehele laadvisie van 2030 voorgesteld. Het lijkt ons niet zinvol/effectief om dit vaker/eerder te doen.
2