A05 00 Veiligheidsregio Flevoland - Wijziging gemeenschappelijke regelingen VRF en GGD Flevoland.pdf
Tekst van het document
Veiligheidsregio Flevoland Postbus 501, 8200 AM Lelystad Bezoekadres: Gordiaandreef 101, 8233 AB Lelystad
Aan de raden van de gemeenten Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde Uw kenmerk Ons kenmerk Inlichtingen bij Lelystad
: : VRF-223-3241 : Nathan de Boer : nathan.deboer@brandweergooivecht.nl : 23-01-2022
Betreft : Wijziging gemeenschappelijke regelingen
Geachte leden van het college en leden van de gemeenteraad,
Met deze brief willen we u informeren over het proces van wijzigen van de gemeenschappelijke regeling van Veiligheidsregio Flevoland en de gemeenschappelijke regeling van GGD Flevoland. Deze wijziging wordt gedaan naar aanleiding van recente wetswijzigingen. Zoals u wellicht al weet, is de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) onlangs gewijzigd. Deze wijziging heeft als doel de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden in relatie tot gemeenschappelijke regelingen te versterken. Met de wetswijziging krijgen volksvertegenwoordigingen meer mogelijkheden om invloed uit te oefenen op samenwerkingsverbanden. Welke wijzigingen dit concreet zijn kunt u aan het eind van deze brief lezen. De wijzigingen in de Wgr hebben ook gevolgen voor onze gemeenschappelijke regelingen, en daarom zullen we de regelingen binnenkort aanpassen. Hoewel de twee organisaties afzonderlijk de eigen gemeenschappelijke regeling wijzigen, trekken de twee organisaties samen op in de zin dat we leren van elkaars aanpak en resultaten. Ten behoeve van de overzichtelijkheid wordt de informatie over deze twee processen u in deze brief tegelijkertijd aangeboden.
Voor deze wijziging zal door de algemeen besturen het proces worden gefaciliteerd en uiteindelijk een wijzigingsvoorstel voor de gemeenschappelijke regeling worden aangeboden aan het college van burgemeesters en wethouders. Het voorstel zal tot stand komen door onder andere input van gemeenteraadsleden en gemeentelijke adviseurs van uw gemeente en de andere deelnemende gemeenten. In de onderstaande processtappen leest u hoe wij deze input zullen ophalen en zullen verwerken.
Voor het wijzigen van de gemeenschappelijke regelingen zullen we de volgende stappen doorlopen: 1. Informatiebijeenkomsten:
er
worden
in
dit
proces
twee
informatiebijeenkomsten
georganiseerd. De eerste is reeds georganiseerd op 7 december jl., hier waren de gemeentelijk adviseurs van de deelnemende gemeenten voor uitgenodigd. Een soortgelijke bijeenkomst wordt voor alle gemeenteraden georganiseerd in februari. Deze bijeenkomst zal op twee dagen worden georganiseerd: op 7 februari 2023 op de brandweerkazerne in Hilversum en op 8 februari 2023 op de brandweerkazerne in Lelystad. Tijdens deze informatiebijeenkomsten zullen we de wijzigingen bespreken van de Wet gemeenschappelijke regelingen, in relatie met onze regelingen. Leden van de gemeenteraad krijgen hier de mogelijkheid een mening te vormen dan wel te geven over de benodigde wijzigingen. De opbrengst van deze bijeenkomsten gaat mee in het opstellen van de wijzigingsvoorstellen voor de gemeenschappelijke regelingen. 2. Kerngroep juristen en beleidsadviseurs: uit de hiervoor genoemde informatiebijeenkomst voor gemeentelijk adviseurs van 7 december jl. is een kerngroep van juristen en beleidsadviseurs van de regio samengesteld. Met deze kerngroep zullen wij de verschillende stappen afstemmen om te komen tot een voorgestelde wijziging van de gemeenschappelijke regelingen. 3. Overige gemeentelijk adviseurs: Naast de kerngroep van juristen en beleidsadviseurs, worden ook de overige gemeentelijk adviseurs van alle deelnemende gemeenten meegenomen.
Dit betreft de gemeentelijke adviseurs die nauw betrokken zijn bij de betreffende regelingen. Hiermee zullen de gemeentelijk adviseurs van uw gemeente de conceptteksten beoordelen en hun input en advies kunnen geven over de voorgestelde wijzigingen. Dit biedt ons de mogelijkheid om de teksten van de gewijzigde regelingen te verfijnen en te verbeteren voordat het naar de algemeen besturen, en vervolgens naar uw college, gaat. 4. Bestuurlijke agendering: met de input van de gemeentelijk adviseurs en de leden van de gemeenteraden (o.a. via de informatiebijeenkomsten), worden de wijzigingsvoorstellen voor de gemeenschappelijke regelingen aan respectievelijk het algemeen bestuur Veiligheidsregio Flevoland en het algemeen bestuur GGD Flevoland aangeboden. De algemeen besturen stellen vervolgens deze wijzigingsvoorstellen voor aan de colleges, waarop de colleges de respectievelijke gemeenteraden de mogelijkheid geven om een zienswijze te geven over de voorgestelde wijzigingen. 5. Burgerparticipatie: Tegelijkertijd met het proces van wijzigen van de gemeenschappelijke regelingen zullen de algemeen besturen stappen zetten om de mogelijkheden rondom participatie van ingezetene en belanghebbende binnen de veiligheidsregio en de GGD Flevoland te verkennen. Dit loopt parallel aan het proces van aanpassing van de regelingen en de regelingen zullen hier ook ruimte voor openhouden.
Zo kunnen we de mogelijkheden voor burgerparticipatie grondig onderzoeken, zonder druk van een naderende deadline. Dit proces wordt in maart door de algemeen besturen begonnen met een inspiratiesessie over dit thema.
6. Zienswijze gemeenteraden: gemeenteraden hebben het recht om binnen acht weken na ontvangst van de wijzigingsvoorstellen van de gemeenschappelijke regelingen, schriftelijk hun zienswijze kenbaar te maken. Dit doet de raad afzonderlijk voor de regeling van Veiligheidsregio Flevoland en voor de regeling van GGD Flevoland. Deze mogelijkheid is nieuw met de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen. Hiermee is de raad nogmaals betrokken en kan op dit moment wederom invloed uitoefenen op de wijzigingen. Het wijzigingsvoorstel van de gemeenschappelijke regelingen zal waarschijnlijk in april/mei 2023 voor zienswijze via de colleges aan de raden worden aangeboden. 7. Toestemming gemeenteraden aan colleges: volgens de wet moeten gemeenteraden toestemming geven aan colleges van burgemeesters en wethouders voordat er wijzigingen kunnen worden aangebracht in een gemeenschappelijke regeling. Dit betekent dat de colleges voor deze toestemming wederom een wijzigingsvoorstel voor de regeling bij de respectievelijke gemeenteraden moeten indienen. Dit kan hetzelfde of gewijzigd zijn t.a.v. het vorige voorstel, afhankelijk van de inbreng van de gemeenteraden in de zienswijzenprocedure. Vervolgens hebben de gemeenteraden dertien weken om te besluiten of aan de respectievelijke colleges toestemming wordt verleent voor het wijzigen van de regeling.
Deze termijn kan eenmaal worden verlengd met nog eens dertien weken. Ook de toestemming verleent de gemeenteraad afzonderlijk voor de regeling van Veiligheidsregio Flevoland en voor de regeling van GGD Flevoland. Indien door de gemeenteraad toestemming wordt verleend kan het college verdergaan met de wijzigingsprocedure. Gemeenteraden zullen waarschijnlijk in november 2023 van het eigen college een wijzigingsvoorstel van de gemeenschappelijke regeling voor toestemming ontvangen. 8. Bestuurlijke agendering: de bepalingen van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen dienen uiterlijk 1 juli 2024 te zijn geïmplementeerd. Om ervoor te zorgen dat we binnen de wettelijke termijnen kunnen blijven, is het belangrijk dat het voorstel voor de gewijzigde teksten in maart 2023 geagendeerd wordt voor de vergaderingen van de algemene besturen Veiligheidsregio en GGD. Het proces ziet er dan vanaf agendering bij het algemeen bestuur als volgt uit:
Bestuurssessie participatie
mrt-23 Aanbieden AB
apr-23
mei-23
jun-23
jul-23
aug-23
sep-23
okt-23
nov-23
dec-23
jan-24
feb-24
mrt-24
apr-24
mei-24
jun-24
Aanbieden colleges Zienswijze raden (8 weken) Nieuw voorstel GR (8 weken) optioneel
Goedkeuring raden (13 weken) Verlenging goedkeuring (13 weken) optioneel
Zomerreces
Treffen regeling (2 weken)
We hopen dat u hiermee voldoende geïnformeerd bent over de aankomende wijzigingen van onze gemeenschappelijke regelingen. Mocht u naar aanleiding van deze brief nog vragen hebben, dan kunt u contact opnemen via nathan.deboer@brandweergooivecht.nl. Tevens hopen wij zoveel mogelijk leden van de gemeenteraden te zien tijdens de informatiebijeenkomst op 7 of 8 februari 2023 en we kijken ernaar uit om input te vernemen.
Met hartelijke groet,
Mevr. A.T.B Bijleveld-Schouten
dhr. J.A. van der Zwan
Voorzitter Veiligheidsregio Flevoland
Secretaris Veiligheidsregio Flevoland
Dhr. R. Broekema
mevr. M. Vluggen
Voorzitter GGD Flevoland
Secretaris GGD Flevoland
Inhoud wijzigingen Wet gemeenschappelijke regelingen Bron: Brief Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
De wijzigingen van de Wgr zijn onder te verdelen in drie categorieën: 1.
De versterking van de positie van gemeenteraden bij besluitvorming in gemeenschappelijke regelingen.
2.
De introductie van aanvullende controle-instrumenten voor gemeenteraden.
3.
Het verbeteren van de positie van gemeenteraden met betrekking tot het functioneren van de regeling.
Ad. 1 Versterken positie raden bij besluitvorming in gemeenschappelijke regeling a. Zienswijze bij treffen regeling: Om de positie van de raad te verbeteren wordt de raad het recht toegekend om bij een ontwerpregeling een zienswijze naar voren te brengen. De raad kan zijn opvatting binnen acht weken kenbaar maken. Wanneer volgens de raad te weinig is gedaan met een zienswijze kan de raad ervoor kiezen geen toestemming te verlenen voor de gemeenschappelijke regeling. b. Zienswijze voor besluiten: Ook wordt een verplichting geïntroduceerd om in de gemeenschappelijke regeling afspraken te maken over welke besluiten van het bestuur van een gemeenschappelijke regeling vatbaar zijn voor een zienswijze aan de gemeenteraden. Hierdoor wordt het voor gemeenteraden mogelijk hun opvatting te geven over een voorgenomen besluit. In de gemeenschappelijke regeling kan ook worden afgesproken dat geen besluiten vatbaar zijn voor een zienswijze van de gemeenteraden, maar dat is dan een keuze waar de gemeenteraden bij het voorleggen van de wijzigingsregeling mee in dienen te stemmen (art. 1 Wgr). c.
Gemeenschappelijke
adviescommissie:
De
gemeenteraden
van
de
deelnemende
gemeenten krijgen de mogelijkheid om bij een gemeenschappelijke regeling zijnde een openbaar lichaam een gemeenschappelijke adviescommissie in te Iaten stellen bestaande uit raadsleden van de deelnemende gemeenten. Door middel van deze adviescommissie kunnen gemeenteraden in een vroeg stadium worden betrokken bij geplande besluiten van het bestuur van het openbaar lichaam. Daarnaast kan de adviescommissie het bestuur adviseren omtrent voorgenomen besluiten en (gezamenlijke) standpunten van de raden van de deelnemende gemeenten ten aanzien van de gemeenschappelijke regeling (openbaar lichaam) voorbereiden. De gemeenschappelijke adviescommissie is onderdeel van de gemeenschappelijke regeling en wordt daarom ingesteld door het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur van een gemeenschappelijke regeling (openbaar lichaam) is verplicht om de commissie in te stellen als
de raden hierom vragen. Er is geen sprake van delegatie van bevoegdheden aan de gemeenschappelijke adviescommissie. Uiteindelijk blijven de raden beslissingsbevoegd. d.
Afspraken over participatie: In elke regeling moet worden opgenomen of, en zo ja op welke wijze, burgers de mogelijkheid krijgen tot inspraak over bepaalde onderwerpen die bij de gemeenschappelijke regeling zijn belegd.
e.
Actieve informatieplicht: Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling heeft een actieve informatieplicht over wat er binnen de regeling speelt. Deze informatieplicht komt overeen met de informatieplicht die het college van B&W heeft ten opzichte van de gemeenteraad. In de gemeenschappelijke regeling moeten afspraken worden gemaakt over de wijze waarop deze informatie wordt aangeleverd.
f.
Extra vergoeding
voor lidmaatschap
nieuwe gemeenschappelijke
commissies:
Raadsleden die naast hun reguliere raadslidmaatschap lid zijn van een gemeenschappelijke adviescommissie of een gemeenschappelijke onderzoekscommissie, zoals geïntroduceerd met deze wetswijziging, kunnen aanspraak maken op een extra vergoeding. Voor de hoogte van de aanvullende vergoeding wordt aangesloten bij de hoogte van bestaande vergoedingen, zoals geregeld in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Ad. 2 De introductie van aanvullende controle-instrumenten voor gemeenteraden g.
Recht van onderzoek: Door het recht van onderzoek, ook wel recht van enquête genoemd, krijgen de gezamenlijke gemeenteraden de mogelijkheid om een gezamenlijke enquête uit te voeren naar de bestuursvoering van een gemeenschappelijke regeling. Voorwaarde voor de instelling van een gemeenschappelijke onderzoekscommissie is dat alle raden hiermee instemmen. Verder is het van belang dat een gezamenlijke enquête niet kan worden ingesteld als een gemeenschappelijke regeling getroffen of mede getroffen is door de raden.
h.
Onderzoeksmogelijkheden lokale rekenkamers: Rekenkamers zijn al bevoegd onderzoek te verrichten bij gemeenschappelijke regelingen, inlichtingen in te winnen, documenten te vorderen en indien nodig bij de betrokken instelling een onderzoek in te stellen. Met deze wijziging wordt verduidelijkt dat de lokale rekenkamers, waaronder gezamenlijke rekenkamers, de mogelijkheid hebben om onderzoek te doen naar het gevoerde bestuur van een gemeenschappelijke regeling waaraan een gemeente deelneemt.
Ad. 3 Het verbeteren van de positie van gemeenteraden met betrekking tot het functioneren van de regeling i.
Afspraken over evaluatie: Het wordt verplicht om afspraken te maken over evaluatie van de gemeenschappelijke regeling. De meerwaarde van een evaluatie is dat periodiek wordt stilgestaan bij het functioneren van de gemeenschappelijke regeling. Waar de evaluatie
specifiek op gericht moet zijn, hoe vaak die moet plaatsvinden en op welke wijze wordt niet voorgeschreven. Er kan dus ook worden gekozen voor de afspraak om de regeling niet te evalueren, maar dit is dan een bewuste keuze waar de gemeenteraad bij het voorleggen van de wijzigingsregeling mee dient in te stemmen. j.
Afspraken over uittreding: Met het oog op mogelijke uittreding uit een gemeenschappelijke regeling kan niet langer worden volstaan met de afspraak dat het (algemeen) bestuur de uittredingsvoorwaarden vaststelt. Voortaan moeten in ieder geval afspraken worden gemaakt over de gevolgen voor het vermogen voor de rechtspersoon, waarbij moet worden gedacht aan afspraken over personeel, contracten, huisvesting en investeringen.
k.
Aanpassing begrotingscyclus: Bijdragen aan een gemeenschappelijke regeling zijn verplichte uitgaven voor een gemeente die moeten worden verwerkt in de begroting van de gemeente zelf. Om gemeenteraden meer positie te geven in de begrotingscyclus van een gemeenschappelijke regeling is ervoor gekozen de termijnen voor de indiening van de kadernota, ontwerpbegroting en begroting aan te passen. De begrotingscyclus van gemeenschappelijke regelingen sluit daardoor beter aan op die van gemeenten, waardoor het voor gemeenteraden gemakkelijker wordt te overzien wat de gevolgen zijn van uitgaven aan regelingen voor de eigen gemeente. Ook krijgen gemeenteraden langer de tijd om een zienswijze op de conceptbegroting van een regeling te geven en ontvangen zij de kadernota later.
Van deze wijzigingen treden de zienswijze van de gemeenteraad bij het treffen, wijzigen, uittreden of beëindigen van een regeling, de bevoegdheid om een gemeenschappelijke adviescommissie in te (laten) stellen, de actieve informatieplicht, het recht van onderzoek, de onderzoeksmogelijkheden van lokale rekenkamer(commissie)s en de wijziging in de begrotingscyclus per 1 juli 2022 direct in werking. De overige wijzigingen vragen om een vertaling binnen elke gemeenschappelijke regeling, hiervoor is tot uiterlijk 1 juli 2024 de tijd om hierin te voorzien.