CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

A03 01 Programmabegroting 2026.pdf

Gemeenteraad 13 oktober 2025, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 4: Lijst ingekomen stukken17.514 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hoe gaan we deze speerpunten meten? Een opdracht van het programma UKB is het ontwikkelen van landelijk uniforme kwaliteitscriteria, waarmee inzicht gegeven kan worden over de kwaliteit van de Bevolkingszorgprocessen. De basiskwaliteitseisen zijn inmiddels beschikbaar. Deze worden nu verder uitgewerkt, dat vraagt daaropvolgend om landelijke overeenstemming. Vooruitlopend op de wettelijke opdracht om te rapporteren over de kwaliteit van Bevolkingszorg willen we in 2026 een eerste meting uitvoeren. Het van kracht worden van deze wetswijziging is nog niet bekend. In de planning & controlproducten zullen we rapporteren over de voortgang.

Wat mag het kosten? Saldo JR2024

Saldo PGB2025

Saldo PGB2026

Saldo PGB2027

Saldo PGB2028

Saldo PGB2029

Bevolkingszorg lasten

577

566

701

701

701

701

Bevolkingszorg baten

0

0

0

0

0

0

Overhead

0

68

84

84

84

84

577

634

785

785

785

785

Storting reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekking reserves

0

0

0

0

0

0

577

634

785

785

785

785

Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000)

Resultaat voor bestemming

Totaal resultaat na bestemming

Bijlagen

25

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

3.4 Crisisbeheersing Crisisbeheersing is een hoofdtaak van veiligheidsregio’s. Veiligheidsbureau FGV is gericht op het voorkomen, beperken en bestrijden van (de effecten van) crises in Flevoland en Gooi en Vechtstreek. In het veiligheidsbureau werken de kernpartners -brandweer, GHOR, bevolkingszorg- gezamenlijk met crisispartners als politie, Defensie, Rijkswaterstaat, waterschappen en de bedrijven in de vitale infrastructuur (zoals drinkwater-, gas- en elektraleveranciers) aan crisisbeheersing.

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026

Wat zijn de speerpunten?

3. Reguliere taken per kolom 3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Crisisbeheersing 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen

De financiële begroting

3.1 Brandweer

In 2026 zijn als speerpunten de eerder in deze programmabegroting beschreven onderwerpen te benoemen: versterken van de zelf- en samenredzaamheid en het uitvoeren van de doelen uit het programma Versterking Crisisbeheersing. Daarnaast gaan we aan de slag met de weerbare samenleving, versterken kwaliteitszorg en evalueren en gaan we naar verwachting ervaring opdoen met de nieuwe crisisstructuur voor dreigende en langdurige crises.

Hoe gaan we deze speerpunten meten? Over de voortgang wordt via de reguliere producten van planning & control gerapporteerd.

Wat mag het kosten? Saldo JR2024

Saldo PGB2025

Saldo PGB2026

Saldo PGB2027

Saldo PGB2028

Saldo PGB2029

Crisisbeheersing lasten

1.225

1.320

1.361

1.361

1.361

1.361

Crisisbeheersing baten

-145

0

0

0

0

0

0

163

168

168

168

168

1.080

1.483

1.530

1.530

1.530

1.530

Storting reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekking reserves

0

0

0

0

0

0

1.080

1.483

1.530

1.530

1.530

1.530

Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000)

Overhead Resultaat voor bestemming

Bijlagen

Totaal resultaat na bestemming

26

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

3. Reguliere taken per kolom

3.3 Bevolkingszorg 3.4 Crisisbeheersing 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen

De financiële begroting

3.2 GHOR

Algemene dekkingsmiddelen Saldo JR2024

Saldo PGB2025

Saldo PGB2026

Saldo PGB2027

Saldo PGB2028

Saldo PGB2029

Algemene dekkingsmiddelen lasten

537

0

0

0

0

0

Algemene dekkingsmiddelen baten

-37.834

-37.553

-42.801

-39.079

-39.079

-39.079

0

0

0

0

0

0

-37.297

-37.553

-42.801

-39.079

-39.079

-39.079

Storting reserves

6.777

0

0

0

0

0

Onttrekking reserves

-3.232

-280

-76

0

0

0

Totaal resultaat na bestemming

-33.752

-37.832

-42.877

-39.079

-39.079

-39.079

Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000)

Overhead Resultaat voor bestemming

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026

3.1 Brandweer

3.5 Dekkingsmiddelen

Bijdragen van de gemeenten 2026

Maatwerk

Oud

Nieuw

Totaal

Almere

523.836

0

16.600.627

17.124.463

Dronten

215.942

417.136

2.859.320

3.492.398

Lelystad

526.977

0

6.031.087

6.558.064

NOP

257.974

590.377

3.255.905

4.104.256

Urk

101.159

190.184

1.106.416

1.397.760

Zeewolde

449.413

268.812

1.699.931

2.418.156

2.075.301

1.466.509

31.553.286

35.095.096

Totaal

Bijlagen

Bijdrage van het Rijk De hoogte van de rijksbijdrage (BDuR) is gebaseerd op de decembercirculaire 2024 en bedraagt voor de jaarschijf 2026 € 7.705,847. Dit is inclusief de extra middelen voor het project Versterking Crisisbeheersing en Informatievoorziening en inclusief 10% korting.

27

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026 3. Reguliere taken per kolom

4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

4. Paragrafen

4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen Inleiding Het besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) vereist dat in de begroting en in de jaarrekening diverse paragrafen worden opgenomen die een dwarsdoorsnede bieden van de jaarstukken. In dit hoofdstuk treft u de paragrafen aan die relevant zijn voor VRF. Algemeen Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten schrijft voor dat gemeenten en gemeenschappelijke regelingen jaarlijks de weerstandscapaciteit en de risico’s inventariseren en hierover beleid formuleren. Artikel 11 van dat Besluit definieert het weerstandsvermogen als de verhouding tussen: a. De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover VRF beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. b. Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. c. Ongedekte risico’s. Gewenste weerstandscapaciteit Op grond van artikel 11 (zie hierboven) wordt een uitspraak over het weerstandsvermogen onderbouwd door een vergelijking van de resterende (i.c. niet-gedekte) risico’s met de beschikbare weerstandscapaciteit. Een dergelijke uitspraak wordt uitgedrukt in termen van gewenste weerstandscapaciteit, gelet op de aard en omvang van de resterende risico’s.

De gewenste weerstandscapaciteit is het bedrag waarover de organisatie zou moeten beschikken op grond van de resterende risico’s (risicoprofiel). Voor de financiële positie van de organisatie is het van belang in hoeverre daadwerkelijk weerstandscapaciteit beschikbaar is om het gewenste weerstandsvermogen te vormen.

Bijlagen

Beleid weerstandsvermogen Het beleid van VRF over het weerstandsvermogen is dat de niet-gedekte risico’s (met inachtneming van de beheersmaatregelen en de reeds opgenomen voorzieningen) worden gedekt door de algemene reserve. Het verstandig omgaan met risico’s betekent dat om vastgestelde doelstellingen te kunnen realiseren de organisatie risico’s mag lopen, zolang dit een bewuste (bestuurlijke) keuze is en de weerstandscapaciteit voldoende is om eventuele risico’s op te vangen.

28

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026

Daarnaast moet er een gefundeerde grondslag bepaald worden voor het berekenen van de gewenste weerstandscapaciteit. De organisatie is in beweging, wat resulteert in een dynamisch risicoprofiel. Continue aandacht en herijking van het risicoprofiel is daarom van wezenlijk belang voor een goed inzicht in de toereikendheid van de financiële positie van VRF. In deze begroting is een risicoprofiel gemaakt, zie hiervoor bijlage 2. Afspraken gemeenten: spelregels weerstandsvermogen verbonden partijen Met de gemeenten zijn afspraken gemaakt over hoe om te gaan met risico’s, (bestemmings)reserves en voorzieningen. Kort samengevat komen de afspraken erop neer dat VRF haar risico’s naar alle redelijkheid in kaart brengt bij de jaarrekening, de kadernota en de begroting en dat bestemmingsreserves en voorzieningen onderbouwd zijn.

3. Reguliere taken per kolom

4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

4. Paragrafen

Beschikbare weerstandscapaciteit 2026 In de inleiding is aangegeven wat onder weerstandscapaciteit wordt verstaan. Onderdeel van die capaciteit vormen de vrij aanwendbare reserves, die een bufferfunctie hebben voor onvoorziene risico’s. Voor de bepaling van de weerstandscapaciteit wordt hieronder een overzicht gegeven van de stand van de verschillende vrij aanwendbare reserves per 31 december: Weerstandsvermogen Algemene Reserve

JR 2024

PGB 2025

PGB 2026

3.912

156

156

Bedrag voor onvoorzien

0

0

0

Vrij aanwendbare bestemmingsreserves

0

0

0

Stille reserves

0

0

0

3.912

156

156

Totaal

Bijlagen

Risicoprofiel Een risico wordt gedefinieerd als ‘de kans op het optreden van een gebeurtenis met een negatief financieel gevolg voor VRF’. Het risicoprofiel komt uit op € 156.300. Dit is tevens de minimaal gewenste omvang van het weerstandsvermogen. De tabel is in bijlage 2 opgenomen.

29

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026 3. Reguliere taken per kolom

4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

4. Paragrafen

Ratio weerstandsvermogen Het ratio weerstandsvermogen ultimo 2024 is 25,0. Deze ratio valt hoog uit, maar zal in 2025 weer uitkomen rond 1,0. Dit komt omdat er is gekozen om Verplichtend karakter niet als risico op te nemen in het risicoprofiel. In 2024 is via een begrotingswijziging € 3.497.000 extra in de algemene reserve gestort om de verwachte kosten voor 2025 inzake Verplichtend karakter op te kunnen vangen. Hierdoor is de algemene reserve aanzienlijk hoger dan het risicoprofiel. Met de onttrekking aan de algemene reserve die in 2025 zal plaatsvinden, om de kosten voor Verplichtend karakter te dekken, komt de weerstandsratio weer richting de 1,0, conform bestuurlijke afspraak. We blijven in afwachting van landelijke besluitvorming op het onderwerp Verplichtend karakter. Ons uitgangspunt blijft dat alle kosten die verband houden met de afschaffing van het Verplichtend karakter door het Rijk vergoed zouden moeten worden. Financiële kengetallen Om inzicht in de financiële positie te verschaffen, nemen we een aantal relevante kengetallen op. Deze kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en de balans en bieden inzicht bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie. Financiele kengetallen

JR2024

PGB2025

PGB2026

PGB2027

PGB2028

PGB2029

1A. Netto schuldquote

31%

41%

34%

88%

69%

67%

1B. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

31%

41%

34%

88%

69%

67%

2. Solvabiliteitsratio

45%

45%

47%

32%

34%

35%

3. Structurele exploitatieruimte

10%

0%

0%

0%

0%

0%

Bijlagen

Conclusie De schuldquote neemt in 2027 toe door extra lening van € 10 mln. voor de aanschaf van nieuw materieel. De solvabiliteitsratio blijft in meerjarig kader op een gunstig niveau.

30

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

4.2 Bedrijfsvoering Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) beschrijft een aantal op te nemen prestatie-indicatoren. Deze zijn (op basis van inwonersaantal per eind november 2024) voor VRF als volgt: PGB 2025

PGB 2026

Fte per 1.000 inwoners (beroeps)

0,48

0,48

0,48

Bezetting

Fte per 1.000 inwoners (beroeps)

0,52

0,52

0,52

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026

Apparaatskosten

Kosten per inwoner

€ 33,62

€ 22,88

€ 26,31

3. Reguliere taken per kolom

Externe inhuur

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen

8,5%

5,0%

4,4%

4. Paragrafen

Overhead

% van de totale lasten

19,5%

20,9%

21,0%

4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

JR 2024

1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

Indicator

Eenheid

Formatie

4.3 Financiering Wettelijk kader De uitvoering van de financieringsfunctie dient plaats te vinden binnen de wettelijk kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). In de wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt tot uitdrukking in een verplicht treasurystatuut en een financieringsparagraaf in de begroting en de jaarrekening. Het geactualiseerde treasurystatuut van VRF is 6 juli 2022 vastgesteld. Ontwikkeling liquiditeitspositie In 2011 en 2012 heeft VRF twee lineaire leningen afgesloten voor de overname en inrichting van de brandweerkazerne in Zeewolde. De ene lening heeft een looptijd van 20 jaar tegen 4,43% rente, jaarlijks wordt er € 37.500 afgelost. De andere lening heeft een looptijd van 18 jaar tegen 2,75% rente, jaarlijks wordt er € 65.789 afgelost.

Bijlagen

In 2019 is een lening van € 6.500.000 afgesloten ten behoeve van het doen van investeringen en ter versterking van het werkkapitaal. De lening heeft een looptijd van 15 jaar tegen 0,855% rente, jaarlijks wordt er € 433.333 afgelost. Naar verwachting wordt in 2027 een nieuwe lening afgesloten voor 10 miljoen euro ten behoeve van de geplande investeringen.

31

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

Kasgeldlimiet Voor 2026 is het begrotingstotaal € 42,9 mln., dus is het toegestane kasgeldlimiet ruim € 3,5 mln. Berekening kasgeldlimiet in mln.

2025

2026

2027

2028

2029

  In procenten van de grondslag

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

  In bedrag

3,1

3,5

3,2

3,2

3,2

1. Toegestane kasgeldlimiet

3,3

3,3

3,3

3,3

3,3

3. Vlottende middelen

3,1

3,1

13,3

7,2

7,7

3. Reguliere taken per kolom

  Toets kasgeldlimiet 4. Totaal netto vlottende schuld (2-3)

0,2

0,1

-10,1

-4,0

-4,5

  Toegestane kasgeldlimiet

3,1

3,5

3,2

3,2

3,2

Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)

2,9

3,4

13,3

7,2

7,7

4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

2. Omvang vlottende schuld

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026

Renterisiconorm en renterisico’s vaste schuld Voor het beheersen van de renterisico’s op de lange termijn dient VRF de renterisico’s van de vaste schuld in relatie tot de renterisiconorm in beeld te brengen. Het renterisico op de vaste schuld wordt berekend door te bepalen welk deel van de portefeuille aan vaste schuld in enig jaar geherfinancierd moet worden door het aangaan van nieuwe leningen die tot de vaste schuld (herfinanciering) behoren, en voor welk deel van de vaste schuld de geldnemer een wijziging van de rente op basis van de leningsvoorwaarden niet kan beïnvloeden (renteherziening). De renterisiconorm wordt berekend door een, bij ministeriële regeling, vastgesteld percentage (20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld. Hierbij geldt een drempelbedrag van € 2.5 mln. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overschrijden.

Bijlagen

Berekening renterisiconorm (x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

2029

Begrotingstotaal

37.863

42.909

39.111

39.111

39.111

Renterisiconorm

20%

20%

20%

20%

20%

Toets renterisiconorm

7.573

8.582

7.822

7.822

7.822

0

0

0

0

0

Betaalde aflossingen

537

537

537

1.203

1.203

Renterisico

537

537

537

1.203

1.203

7.036

8.045

7.286

6.619

6.619

Renteherziening op leningen o/g

Ruimte onder renterisiconorm

Conclusie: Er wordt in 2026 voldaan aan de renterisiconorm.

32

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026 3. Reguliere taken per kolom

4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

4. Paragrafen

Rentetoerekening Bij de herziening van het BBV is het advies opgenomen om de rentekosten op één post in de begroting op te nemen. Om ervoor te zorgen dat in de begroting en verantwoording de totale rentelasten en de daaraan gekoppelde financieringsbehoefte inzichtelijk zijn, wordt in artikel 13 van het BBV voorgeschreven dat de paragraaf financiering voortaan ook in ieder geval inzicht geeft in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend. PGB 2025

PGB 2026

PGB 2027

PGB 2028

PGB 2029

a. Externe rentelasten over de korte en lange financiering

61

53

46

389

359

b. Externe rentebaten

0

0

0

0

0

61

53

46

389

359

c1. Rente over eigen vermogen (toevoegd aan exploitatie)

0

0

0

0

0

c2. Rente over voorzieningen

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

d. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

61

53

46

389

359

e. Renteresultaat op het taakveld Treasury

0

0

0

0

0

Renteschema ( x 1.000 euro)

Saldo rentelasten en rentebaten

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

4.4 Onderhoud kapitaalgoederen

Bijlagen

Meerjareninvesteringsplan materieel/materiaal Met de overdracht van de lokale brandweertaken van de zes gemeenten naar VRF zijn ook de voertuigen, materiaal, inrichting en dergelijke overgegaan naar de veiligheidsregio. De overname hiervan is per gemeente geregeld in het overdrachtsdossier. In de bijdragen van de gemeenten zijn ook budgetten voor kapitaallasten en onderhoud opgenomen. Afgelopen jaren is de onderhoudstoestand van het materieel en voertuigen geïnventariseerd. Inmiddels zijn nieuwe contracten afgesloten waarbij de tijdigheid en kwaliteit van het onderhoud, de actualisering van de certificeringen alsook de planning van de keuringen gewaarborgd worden. Voor 2026 staat onder andere op de planning om voor circa € 1.1 miljoen aan voertuigen te vervangen. Gebouwen Medio 2012 heeft VRF de brandweerkazerne in Zeewolde in eigendom en in gebruik genomen. In 2024 is het meerjarenonderhoudsplan voor deze kazerne geactualiseerd en is de voorziening voor het groot onderhoud hierop

33

Bestuurssamenvatting 2026 op hoofdlijnen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

aangepast. In 2016 is in Zeewolde het boothuis in gebruik genomen. De overige gebouwen zijn om niet in gebruik door de veiligheidsregio, conform het besluit van het bestuur uit december 2013. In 2015 en 2016 zijn overeenkomsten tussen de gemeenten en VRF afgesloten met nadere afspraken over beheer en onderhoud van de brandweerkazernes.

4.5 Verbonden partijen

2. Uitwerking beleidsthema’s 2026

Een verbonden partij is een privaatrechtelijke- of publiekrechtelijke organisatie waarin VRF een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging, hetzij uit hoofde van stemrecht. Van een financieel belang is sprake als aan een verbonden partij een bedrag ter beschikking is gesteld dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat.

3. Reguliere taken per kolom

In 2026 heeft VRF één verbonden partij, te weten het Nederland Instituut Publieke Veiligheid (NIPV).

1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan

4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid

De financiële begroting

4. Paragrafen

Naam: Nederland Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) te Arnhem. De geschatte financiële bijdrage aan het NIPV van VRF over het jaar 2026 is € 472.830.

4.6 Openbaarheid De Wet open overheid (Woo) heeft als doel overheden en semi-overheden transparanter te maken. In deze paragraaf lichten we toe welke stappen in 2026 worden genomen in het kader van transparantie en informatiedeling. Passieve openbaarmaking Er wordt ingezet op een verdere professionalisering van de organisatie op het gebied van de Woo. De verbeterde informatiehuishouding zorgt in grotere mate voor een snelle afhandeling van informatieverzoeken.

Bijlagen

Actieve openbaarmaking De veiligheidsregio blijft vasthouden aan de proactieve houding wat betreft de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. De veiligheidsregio volgt verder de landelijke ontwikkelingen rond de fasering van de wettelijk verplichte informatiecategorieën van de Woo. Verbetering van de informatiehuishouding Er worden continue stappen gezet in de informatiehuishouding van de veiligheidsregio. Er wordt gefocust op de optimalisering van systemen en processen, alsook op het sturen op een positieve interne cultuurverandering waarin openbaarheid centraal staat. Dit vraagt om meer bewustwording bij, en actieve opleiding van, de medewerkers van de veiligheidsregio.

34

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten Hieronder is de exploitatie van Programmabegroting 2026 en meerjarenbegroting 2027-2029 opgenomen. Programma-onderdeel

Saldo 2025

Saldo 2026

Saldo 2027

Saldo 2028

Saldo 2029

De financiële begroting

Brandweer

25.918.354

29.623.485

26.691.429

26.691.429

26.691.429

GHOR

2.133.620

2.180.559

2.180.559

2.180.559

2.180.559

Bevolkingszorg

566.245

701.411

701.411

701.411

701.411

Crisisbeheersing

1.319.644

1.361.424

1.361.424

1.361.424

1.361.424

Totaal

29.937.863

33.866.879

30.934.823

30.934.823

30.934.823

Bijdragen gemeenten

-29.843.674

-35.095.096

-31.373.564

-31.373.564

-31.373.564

Rijksbijdrage (BDuR)

-7.709.275

-7.705.842

-7.705.842

-7.705.842

-7.705.842

Totaal

-37.552.949

-42.800.938

-39.079.406

-39.079.406

-39.079.406

Overhead

7.894.600

9.010.527

8.144.583

8.144.583

8.144.583

Totaal

7.894.600

9.010.527

8.144.583

8.144.583

8.144.583

-279.514

-76.468

0

0

0

0

0

0

0

0

Mutaties reserves Totaal

Besluit Begroting en Verantwoording De begroting is opgesteld overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).

Bijlagen

Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage bestaat uit drie componenten: 1. Bijdrage gemeenten oude verdeelsleutel. 2. Bijdrage gemeenten maatwerk. 3. Bijdrage gemeenten nieuwe verdeelsleutel. Voor de gemeentelijke bijdragen is besloten om per 1 januari 2021 een nieuwe verdeelsleutel te hanteren op basis van de verhouding van het fictief budget Gemeentefonds met betrekking tot subcluster crisisbeheersing en brandweer (voorheen brandweer en rampenbestrijding) van de deelnemende gemeenten. Deze verdeelsleutel wordt voor

35

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

de voordeelgemeenten (Almere en Lelystad) in vijf jaar en voor de nadeelgemeenten in zeven jaar ingevoerd. De ’oude’ verdeelsleutel bestaat uit de historische inbreng per gemeente voor de lokale brandweer en voor de overige regionale taken de verhouding per gemeente op basis van 70% aantal inwoners en 30% hectaren. Daarnaast gelden maatwerkafspraken met gemeenten inzake onder andere functioneel leeftijdsontslag (FLO), risicobeheersing, wijkbrandweer en huisvesting. Deze maatwerkafspraken worden 100% doorbelast aan de betreffende gemeenten. De afbouw van de oude verdeelsleutel en de opbouw van de nieuwe verdeelsleutel is in 2027 afgerond. De verhoudingen in het Gemeentefonds inzake het subcluster crisisbeheersing en brandweer, zoals opgenomen in de septembercirculaire Gemeentefonds 2024, is in deze Programmabegroting 2026 verwerkt. Financiële effecten per begrotingsjaar

De financiële begroting Bijlagen

2026

2027

2028

2029

Looncompensatie 3,4%

888.265

888.265

888.265

888.265

Prijscompensatie 2,2%

258.225

258.225

258.225

258.225

-1.037

-1.037

-1.037

-1.037

Meerjarig effect Algemene uitkering (BDuR)

-561.704

-561.704

-561.704

-561.704

Subtotaal autonome ontwikkelingen:

583.750

583.750

583.750

583.750

Wijkbrandweer Lelystad en Zeewolde

49.784

49.784

49.784

49.784

Verplichtend karakter (taakdifferentiatie)

5.100.000

0

0

0

Verplichtend karakter temporisering (bijgesteld)

-1.302.000

0

0

0

Bijstelling versterking crisisbeheersing en informatievoorziening

-220.000

-220.000

-220.000

-220.000

Interne taakstelling organisatie

-230.500

-230.500

-230.500

-230.500

Korting BDUR 10%

833.910

833.910

833.910

833.910

Meldkamer Midden Nederland

230.000

230.000

230.000

230.000

pm

pm

pm

pm

Subtotaal overige bijstellingen:

4.461.194

663.194

663.194

663.194

Totale toename gemeentelijke bijdrage

5.044.944

1.246.944

1.246.944

1.246.944

203.046

279.514

279.514

279.514

5.247.989

1.526.457

1.526.457

1.526.457

Autonome ontwikkelingen loon-prijscompensatie

Indexatie inkomsten derden

Overige bijstellingen:

PTSS als beroepsziekte

Toename door ingroei gemeentelijke bijdrage 5-7 jaar Werkelijke toename gemeentelijke bijdrage

36

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

Looncompensatie Voor de ontwikkeling van de lonen en prijzen is gekeken naar de verwachtingen voor het jaar 2026 in de septembercirculaire Gemeentefonds 2024. Gezien het economische perspectief voor de komende jaren is er vanuit de septembercirculaire voor de jaarschijf 2026 een verwachte loonindexatie afgegeven van 3,4% voor prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers. Dit brengt een structurele stijging van de loonkosten met zich mee van € 888.265.

De financiële begroting

Prijscompensatie Om de prijsontwikkeling voor 2026 te bepalen is de septembercirculaire Gemeentefonds 2024 als uitgangspunt genomen. In het meerjarenperspectief voor 2026 is hierin een percentage opgenomen voor prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc) van 2,2%. De financiële stijging van deze inflatie is berekend op structureel € 258.225. Indexatie inkomsten derden Vanuit de brandweer wordt personeel ingezet bij hulp aan andere hulpdiensten. Hiervoor ontvangt de organisatie een vergoeding. Deze vergoeding wordt geïndexeerd voor loonontwikkeling. Dit resulteert in structureel hogere inkomsten vanuit derden van € 1.037 per jaar. Meerjarig effect algemene uitkering (BDuR) In 2024 is er een structurele aanpassing voor loon- en prijscompensatie geweest van de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR). Dit heeft geresulteerd in een structureel hogere bijdrage vanuit het Rijk van € 561.704. Dit bedrag wordt verrekend met de gemeentelijke bijdragen.

Overige bijstellingen:

Bijlagen

Wijkbrandweer In navolging van de eerdere succesvolle uitrol in Gooi en Vechtstreek (2019) heeft het algemeen bestuur op 28 juni 2023 besloten ook in Flevoland een traject met Wijkbrandweer uit te rollen. De implementatie van Wijkbrandweer geschiedt op basis van maatwerk. Dit betekent dat gemeenten ieder afzonderlijk besluiten of zij gebruik willen maken van de Wijkbrandweer. Inmiddels maken de gemeenten Lelystad, Zeewolde en Urk gebruik van Wijkbrandweer. De financiële effecten zijn voor Lelystad en Zeewolde verwerkt in de Programmabegroting 2026. Gemeente Urk gaat in 2025 de inzet van Wijkbrandweer evalueren en zal daarna een besluit nemen over de structurele inzet. Om deze reden zijn de kosten van de inzet van Wijkbrandweer voor de gemeente Urk niet verwerkt in de Programmabegroting 2026.

37

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

De wijkbrandweerman of -vrouw is zichtbaar in de wijk of gemeente waaraan hij/zij is toebedeeld. De toevoeging van de Wijkbrandweer aan de bestaande netwerkstructuur met onder meer de wijkagent, buurtcoördinator (gemeente), zorg en maatschappelijk gerelateerde organisaties vormt een belangrijke meerwaarde in de integrale veiligheid in de wijk. Door integrale samenwerking en informatiedeling kunnen onveilige situaties eerder worden gesignaleerd en aangepakt. De vastgestelde vier basisactiviteiten van de Wijkbrandweer zijn: 1. Samenwerken binnen het netwerk van sociale en fysieke veiligheid in de wijk; 2. Voorlichting en advies aan inwoners geven op openbare plekken in de wijk; 3. Voorlichting geven aan specifieke doelgroepen in de wijk; 4. Woningchecks doen op aanvraag van inwoners.

De financiële begroting

Verplichtend karakter Door de grotere vertraging op de landelijke besluitvorming inzake rijksfinanciering voor Verplichtend karakter duurt de periode van onzekerheid voort. Hierdoor duurt ook de tijdelijke versterking van de repressieve organisatie langer voort. Voor Flevoland betekent dit dat ook in 2026 tijdelijke gemeentelijke financiering nodig is om de brandweerzorg op peil te houden (vooruitlopend op de claim van deze kosten naar het Rijk). In tegenstelling tot voorgaande jaren, waarbij gekozen was voor stortingen en onttrekkingen aan de algemene reserve, is ervoor gekozen om de verwachte kosten 2026 voor Verplichtend karakter incidenteel op te nemen in de Programmabegroting 2026. Afgesproken is de aanvulling van beroepsmedewerkers te temporiseren waardoor ongeveer 1 miljoen euro tijdelijk bespaard wordt. Aanvullende temporiseringsmaatregelen leiden tot een extra besparing van € 302.000 in 2026.

Bijlagen

Bijstelling versterking crisisbeheersing en informatievoorziening Vanaf 2023 ontvangen alle veiligheidsregio’s vanuit de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) een extra bijdrage in het kader van de versterking van crisisbeheersing en informatievoorziening. Het Rijk heeft ook een doelenmatrix opgesteld waar de veiligheidsregio’s de extra middelen aan dienen te besteden. De korting van 10% op de BDuR betreft ook de versterkingsgelden. Het dagelijks bestuur heeft aangegeven de 10% korting op deze extra middelen ten laste van de gestelde doelen in de doelenmatrix te willen brengen. Dit leidt tot een bezuiniging van € 220.000 (gelijk aan 10% van de versterkingsgelden). Interne taakstelling organisatie Zoals eerder in deze programmabegroting is aangegeven heeft een bestuurlijke stuurgroep een financiële analyse gemaakt ter voorbereiding van de programmabegroting. Onderdeel van de analyse was een intern onderzoek naar de mogelijkheden om bezuinigingen te realiseren ter dekking van financiële nadelen. De stuurgroep heeft

38

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

de geïnventariseerde maatregelen onderverdeeld in drie scenario’s op basis van impact op de veiligheid van personeel, -veiligheid van burgers, -de organisatie en -de samenwerking met VRGV. Het algemeen bestuur heeft in navolging van het advies van de bestuurlijke stuurgroep gekozen voor het opleggen van een interne taakstelling aan de organisatie, met als criterium maatregelen te treffen die een lage en medium impact hebben. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dat de operationele dienstverlening, en daarmee de veiligheid voor zowel personeel als burgers niet wordt aangetast. De bezuinigingen resulteren gezamenlijk in een besparing van € 230.500.

De financiële begroting

Korting BDuR 10% De nieuwe regering heeft in haar hoofdlijnenakkoord opgenomen de specifieke uitkeringen terug te dringen. Deze worden integraal in het gemeentefonds verwerkt met een korting van 10%. De Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) valt hier ook onder. Inmiddels is duidelijk geworden dat de BDuR niet wordt overgeheveld naar het gemeentefonds, maar zoals gewoonlijk rechtstreeks door het Rijk wordt uitbetaald aan de veiligheidsregio. Echter, de 10% korting ad € 833.910, lijkt volgens de laatste signalen wel doorgang te vinden. Meldkamer Midden-Nederland Bij de overgang naar de Meldkamer Midden-Nederland hoort een nieuw kostenplaatje en een nieuwe verdeelsleutel tussen VRF, VRGV en VRU. Dit leidt voor VRF tot een structurele kostenverhoging van € 230.000 vanaf 2026, het eerste volledige jaar dat de nieuwe meldkamer actief is. De nieuwe meldkamer in Hilversum wordt duurder ten opzichte van de huidige situatie en ten opzichte van de Businesscase 2016. Dit heeft een aantal oorzaken, waaronder aanpassing van roosterfactoren voor centralisten en calamiteitencoördinatoren (CaCo’s), hogere inschaling centralisten en uitbreiding staffunctie. Ondanks de kostenverhoging vanaf 2026 blijven de totale kosten nog ruim onder het niveau van 2020 (vóór de samenvoeging van de meldkamer met de meldkamer van VRGV).

Bijlagen

PTSS als beroepsziekte Landelijk is er discussie of PTSS bij brandweermensen een ‘beroepsziekte’ is. Mocht het worden betiteld als een beroepsziekte dan kunnen brandweermensen aanspraak maken op een extra arbeidsongeschiktheidsvergoeding. Ook vraagt dit meer van veiligheidsregio’s aan de preventie-kant. De kosten die hiermee gepaard gaan worden landelijk geschat op € 15-20 miljoen structureel. De uitwerking, planning en de eventuele (financiële) effecten voor onze regio zijn nog niet bekend. Geprognosticeerde meerjarige balans De balanspositie is overgenomen vanuit de Jaarrekening 2024. Voor de jaren 2025 en verder is rekening gehouden met aantrekking leningen, aflossingen leningen, investeringen, kapitaallasten en mutaties reserves en voorzieningen.

39

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

x € 1.000

Balanspost

De financiële begroting

2024

2025

2026

2027

2028

2029

59

47

34

23

10

0

Materiële vaste activa

19.840

16.936

16.699

15.682

20.916

19.021

Vaste activa

19.899

16.983

16.733

15.705

20.926

19.021

Uitzettingen

1.629

2.329

2.358

12.602

6.494

6.997

Liquide middelen

220

220

220

220

220

220

Overlopende activa

525

525

525

525

525

525

Vlottende activa

2.374

3.074

3.103

13.347

7.239

7.742

Activa

22.273

20.057

19.836

29.052

28.165

26.763

Reserves

10.031

8.341

8.646

8.387

8.693

8.482

Voorzieningen

1.084

1.095

1.106

1.117

1.128

1.139

Leningen

5.056

4.519

3.982

13.446

12.242

11.039

Vaste passiva

16.171

13.955

13.734

22.950

22.063

20.661

Vlottende schulden

3.251

3.251

3.251

3.251

3.251

3.251

Overlopende passiva

2.851

2.851

2.851

2.851

2.851

2.851

Vlottende passiva

6.102

6.102

6.102

6.102

6.102

6.102

22.273

20.057

19.836

29.052

28.165

26.763

Immateriële vaste activa

Passiva

5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen x € 1.000

Bijlagen

Uitzetting financiële positie - investeringen

2025

2026

2027

2028

2029

0

167

0

0

0

1.219

1.356

30

7.001

325

Machines, apparaten en installaties

497

107

147

50

132

Overige

43

204

794

37

25

Totaal

1.759

1.834

971

7.087

482

Gebouwen Vervoersmiddelen

40

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

x € 1.000

Investeringen 2026

Afschrijving

Bedrag

De financiële begroting

Dienstauto's

10

650

Dienstbussen

10

490

Inventaris TS

7

216

Redvesten

10

50

Meubilair/inventaris

div.

154

Laptops

3

57

Mobiele telefoon

4

50

Boothuis

10

167

Totaal

1.834

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten Reserves (indicatief verloop) x € 1.000

Reserves per 31-12

2025

2026

2027

2028

2029

Algemene reserve

156

156

156

156

156

5.991

6.372

6.710

7.015

6.805

366

366

366

366

366

Ontvlechtingskosten Meldkamer

0

0

0

0

0

Egalisatie ingroei gem. bijdragen

672

595

0

0

0

Bestemmingsreserve 2e loopbaanbeleid

150

150

150

150

150

Bestemmingsreserve Versterkingsgelden

1.005

1.005

1.005

1.005

1.005

Totaal

8.341

8.646

8.387

8.693

8.482

Egalisatiereserve kapitaallasten Ongevallen personeel

Bijlagen

Algemeen Het overzicht is ter informatie om inzicht te geven in de dotaties en de onttrekkingen aan de reserves. Op de mutaties inzake de egalisatiereserve ingroei gemeentelijke bijdragen na, zijn de mutaties vooralsnog niet vertaald in de exploitatie van de meerjarenbegroting 2027-2029.

41

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

Algemene reserve De algemene reserve is ter dekking van de financiële risico’s vanuit de paragraaf weerstandsvermogen van VRF. Egalisatiereserve kapitaallasten De egalisatiereserve kapitaallasten heeft als doel een (in naam) ideaalcomplex te creëren voor onze investeringen in relatie tot de daarmee gemoeide kapitaallasten.

De financiële begroting

Reserve ongevallen personeel Veiligheidsregio Flevoland heeft voor het personeel een ongevallenverzekering afgesloten. Voor geleden schades kan zowel het (vrijwillig) personeel als hun werkgever VRF aansprakelijk stellen. Uitkeringen van de verzekering die niet tot uitbetaling leiden aan eerdergenoemden worden gestort in deze reserve om mogelijke toekomstige aanspraken te kunnen dekken. Reserve ontvlechtingskosten meldkamer Betreft de bestemmingsreserve voor de projectkosten en frictiekosten inzake de landelijke ontvlechting van de meldkamers. Besteding vindt naar verwachting plaats in 2025 voor de totstandkoming van de Meldkamer MiddenNederland (Flevoland, Gooi en Vechtstreek en Utrecht). Egalisatiereserve ingroei gemeentelijke bijdragen De egalisatiereserve ingroei gemeentelijke bijdragen is bedoeld om de ingroei naar de nieuwe verdeelsleutel geleidelijk, in 7 jaar, op te bouwen. In 2026 vindt de laatste onttrekking plaats waarna het restant van de reserve vrijvalt. Bestemmingsreserve tweedeloopbaanbeleid Conform het AB-besluit van 6-7-22 inzake bezwarendheid functies 24-uursdienst is een reserve gevormd voor toekomstige uitgaven in het kader van het tweedeloopbaanbeleid.

Bijlagen

Bestemmingsreserve versterkingsgelden Vanaf 2023 worden vanuit het Rijk extra middelen ter beschikking gesteld ter realisatie van de versterkingsdoelen voor crisisbeheersing en informatievoorziening. De gelden die in 2023 en 2024 niet besteed zijn, worden in een reserve geplaatst om alsnog benut te worden ter realisatie van de doelstellingen waar deze gelden specifiek voor bedoeld zijn. Aangezien nog niet bekend is wanneer de middelen besteed worden, blijft de reserve in de prognose gelijk staan.

42

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

Voorzieningen (indicatief verloop) x € 1.000

Voorzieningen per 31-12

2025

2026

2027

2028

2029

69

80

91

102

113

Voorziening verlofsparen

1.027

1.027

1.027

1.027

1.027

Totaal

1.095

1.106

1.117

1.128

1.139

3e jaar WW eigen medewerkers

De financiële begroting

Voorziening 3e jaar WW Vanaf 2018 zijn werkgevers verplicht om het derde jaar werkeloosheidswet (WW) zelf te betalen. Op het salaris wordt een klein percentage ingehouden en gestort in deze voorziening. Onbekend is of en wanneer er gelden aan deze voorziening onttrokken worden. Het betreft een artikel 44 lid 2 voorziening (door derden beklemde middelen). In 2024 t/m 2029 wordt per jaar circa € 11.000 gestort in deze voorziening. Voorziening verlofsparen Per 1 januari 2023 is de regeling verlofsparen vanuit de cao ingegaan. Hierbij is het openstaande verlof per 3112-2022 van alle medewerkers grotendeels in een spaarpot geplaatst. Aangezien deze verlofuren een waarde vertegenwoordigen dient conform BBV-richtlijnen een voorziening te worden aangelegd. Per eind 2022 is in deze voorziening een bedrag van € 487.250 gestort en per eind 2023 en 2024 is deze geactualiseerd. De actualisatie vindt jaarlijks blijven plaats.

Leningen x € 1.000

Bijlagen

Leningen per 31-12

2025

2026

2027

2028

2029

Stand leningen per 1 januari

5.056

4.519

3.982

13.446

12.242

Aflossing

-537

-537

-537

-1.203

-1.203

Opname

0

0

10.000

0

0

4.519

3.982

13.446

12.242

11.039

Eindsaldo per jaar

In 2011 en 2012 heeft VRF twee lineaire leningen afgesloten voor de overname en inrichting van de brandweerkazerne in Zeewolde. De ene lening heeft een looptijd van 20 jaar tegen 4,43% rente, jaarlijks wordt er € 37.500 afgelost. De andere lening heeft een looptijd van 18 jaar tegen 2,75% rente, jaarlijks wordt er € 65.789 afgelost.

43

5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten

In 2019 is een nieuwe lening van € 6.500.000 afgesloten ten behoeve van het doen van investeringen en ter versterking van het werkkapitaal. De lening heeft een looptijd van 15 jaar tegen 0,855% rente, jaarlijks wordt er € 433.333 afgelost. Naar verwachting wordt in 2027 een nieuwe lening afgesloten voor 10 miljoen euro ten behoeve van de geplande investeringen. Hiervan zal vanaf 2028 per jaar een bedrag van € 666.667 worden afgelost

Overzicht eigen vermogen en vreemd vermogen 2025-2029 x € 1.000

De financiële begroting

Stand per 31-12

2025

2026

2027

2028

2029

Reserves. = EV

8.341

8.646

8.387

8.693

8.482

Voorzieningen

1.095

1.106

1.117

1.128

1.139

Leningen

4.519

3.982

13.446

12.242

11.039

Lang VV

5.614

5.088

14.563

13.371

12.178

Vlottende passiva

3.251

3.251

3.251

3.251

3.251

Overlopende passiva

2.851

2.851

2.851

2.851

2.851

Kort VV

6.102

6.102

6.102

6.102

6.102

Totaal VV

11.716

11.190

20.665

19.473

18.280

Totaal

20.058

19.836

29.052

28.165

26.763

Bijlagen

44

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst

De financiële begroting

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Bijlage 1 Berekening algemene bijdrage gemeenten 2026

Maatwerk

Oud

Onttrekking reserve

Nieuw

Totaal

Bijlagen

Almere

523.836

0

16.600.627

0

17.124.463

Dronten

215.942

417.136

2.859.320

0

3.492.398

Lelystad

526.977

0

6.031.087

0

6.558.064

NOP

257.974

590.377

3.255.905

0

4.104.256

Urk

101.159

190.184

1.106.416

0

1.397.760

Zeewolde

449.413

268.812

1.699.931

0

2.418.156

0

0

0

76.468

76.468

Totaal

2.075.301

1.466.509

31.553.286

76.468

35.171.564

2027

Maatwerk

Oud

Nieuw

Onttrekking reserve

Totaal

Almere

523.836

0

14.695.603

0

15.219.439

Dronten

215.942

0

2.968.963

0

3.184.905

Lelystad

526.977

0

5.338.983

0

5.865.960

NOP

257.974

0

3.380.755

0

3.638.730

Urk

101.159

0

1.148.843

0

1.250.002

Zeewolde

449.413

0

1.765.116

0

2.214.529

0

0

0

0

0

2.075.301

0

29.298.264

0

31.373.564

Egalisatie reserve

Egalisatie reserve Totaal

45

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst

De financiële begroting

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Maatwerk

Oud

Nieuw

Onttrekking reserve

Totaal

Almere

523.836

0

14.695.603

0

15.219.439

Dronten

215.942

0

2.968.963

0

3.184.905

Lelystad

526.977

0

5.338.983

0

5.865.960

NOP

257.974

0

3.380.755

0

3.638.730

Urk

101.159

0

1.148.843

0

1.250.002

Zeewolde

449.413

0

1.765.116

0

2.214.529

0

0

0

0

0

Totaal

2.075.301

0

29.298.264

0

31.373.564

2029

Maatwerk

Oud

Nieuw

Onttrekking reserve

Totaal

Almere

523.836

0

14.695.603

0

15.219.439

Dronten

215.942

0

2.968.963

0

3.184.905

Lelystad

526.977

0

5.338.983

0

5.865.960

NOP

257.974

0

3.380.755

0

3.638.730

Urk

101.159

0

1.148.843

0

1.250.002

Zeewolde

449.413

0

1.765.116

0

2.214.529

0

0

0

0

0

2.075.301

0

29.298.264

0

31.373.564

2028

Egalisatie reserve

Egalisatie reserve Totaal

Bijlagen

46

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

Hieronder vindt u een aantal risico’s die mogelijk kunnen optreden met daarbij de maximale financiële omvang, waarbij ook de kans hierop is meegenomen. Dit laatste is enigszins arbitrair, maar er is geprobeerd een zo reëel mogelijke kans in te schatten. Voor de horizon is twee jaren genomen, omdat als een risico zich in enig jaar voordoet, dit risico niet direct structureel is opgelost. Dit gebeurt doorgaans in de daarop eerstvolgende op te stellen begroting. Hierdoor is in ieder geval incidentele dekking (algemene reserve) nodig in het betreffende jaar en ook het daaropvolgende jaar.

3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst

De financiële begroting

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Bijlage 2 Toelichting risico’s

Risico's

Kans

Benodigde dekking (in €)

Horizon (in jaren)

Benodigde dekking gemeenten (in €)

900.000

15%

135.000

2

0

67.500

I

200.000

15%

30.000

2

0

30.000

S

294.000

10%

29.400

2

0

58.800

S

Financiële omvang risico (in €)

Benodigde dekking VRF (in €)

Structureel (S) / Incidenteel (I)

Veranderende wet- en regelgeving Meldplicht Datalekken Inkoop en facilitair Inventaris (niet verzekerd) Samenwerkingsverbanden Stoppen samenwerking met VRGV Totaal risicoprofiel Reserves (JR2024)

Bijlagen

Weerstandsratio

1.394.000

194.400

0

156.300 3.912.119 25,03

Bovenstaand overzicht is tot stand gekomen conform de bestuurlijk vastgelegde afspraken in de “Nota Weerstands­ vermogen 2021 VRF”. De risico’s zijn met een horizon van twee jaar opgenomen voor de periode 2025-2026. Naar aanleiding van overleg met de financieel toezichthouder bij de Provincie Flevoland zijn geen PM-posten meer opgenomen in het risicoprofiel.

47

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst

De financiële begroting

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Toelichting risico’s Hieronder zijn de risico’s omschreven. Daarbij zijn per risico de risicoafweging en beheersmaatregelen nader uitgewerkt.

Meldplicht Datalekken Omschrijving risico Vanuit de Wet bescherming persoonsgegevens zijn organisaties waar een datalek zich voordoet verplicht dit binnen 72 uur te melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Daarbij gaat het om een datalek waarbij gevoelige informatie op straat kan komen te liggen. Doet men dit niet, dan kan de Autoriteit Persoonsgegevens een boete opleggen van maximaal € 900.000. Beheersmaatregelen Binnen de veiligheidsregio zijn we bezig om bewustwording aangaande deze wet te vergroten. Daarnaast zijn we op informatisering en automatiseringsgebied bezig om onze ICT-omgeving hierop aan te passen. Daarnaast zet het IFV (NIPV) zich in op dit onderwerp. Restrisico en dekking Ondanks alle maatregelen is het niet ondenkbaar dat er een lek kan ontstaan. Indien dit zich voordoet, melden we dit conform de vereisten. Het kan echter voorkomen dat er onbewust is gelekt. Bij onbewust lekken is de termijn van 72 uur uiterst kort. Bij een te late aangifte kan er een boete worden opgelegd. De kans dat zich dat voordoet in de komende twee jaar schatten wij in op 15%. Omdat het gaat om een incidenteel financieel risico, delen we het percentage en daarmee het bedrag door twee, derhalve nemen we € 67.500 op.

Niet verzekerde inventaris gebouwen Omschrijving risico De inventaris die zich in de kazernes bevindt, is grotendeels overdragen door de gemeenten naar de veiligheidsregio. Deze inventaris is niet verzekerd.

Bijlagen

Beheersmaatregelen Overwogen wordt om de inventaris, zoals bij VRGV al het geval is, te verzekeren. Restrisico en dekking De veiligheidsregio heeft de afweging gemaakt om niet alle inventaris te verzekeren. De inventarissen in de kazernes vertegenwoordigen samen wel kapitaal, per individuele kazerne valt dit echter weer mee. Er wordt per onderdeel

48

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst

De financiële begroting

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

beoordeeld of het financieel aantrekkelijk is om het wel te gaan verzekeren of niet. Totaalwaarde van de nietverzekerde inventaris is ongeveer € 200.000, de kans dat er schade hieraan ontstaat schatten wij in op 15%. Het financieel risico is daarmee € 30.000.

Stoppen van de samenwerking met VRGV Omschrijving risico In december 2019 hebben de besturen van de veiligheidsregio’s en GGD’en van Flevoland en Gooi en Vechtstreek een samenwerkingsovereenkomst (SOK) ondertekend. De samenwerking heeft in 2020 geleid tot het samenvoegen van teams en afdelingen. Vanuit extern onderzoek is berekend dat de samenwerking voor VRF een structureel efficiencyvoordeel oplevert van € 294.000. Dit bedrag is taakstellend verwerkt in de begroting. Mocht de samenwerking stoppen dan vervalt het voordeel. Beheersmaatregelen Zowel ambtelijk als bestuurlijk wordt de draagkracht voor de samenwerking zo veel mogelijk ondersteund. Restrisico en dekking Mocht de samenwerking ten einde komen, dan vervallen de efficiencyvoordelen. De kans dat dit risico waarheid wordt is ingeschat op 10%. Over twee jaar gerekend is het financieel risico € 58.800.

Temporisering Verplichtend karakter Omschrijving risico Met de verdere temporisering van Verplichtend karakter zijn twee bestuurlijke risico’s gemoeid: namelijk het risico van juridische procedures van medewerkers die een beroep doen op gelijke betaling, in lijn met de uitspraken van het Europese hof, en 2e het risico dat er toch een groter verloop van vrijwilligers plaatsvindt waardoor de kwaliteit van de brandweerzorg onder druk komt.

Bijlagen

Beheersmaatregelen In het licht van het eerste risico dient het algemeen bestuur het besluit te nemen om, in tegenspraak met Europese wet- en regelgeving, tot en met 2028 nog niet volledig te voldoen aan de uitspraken van het Europese hof en het daarbij genoemde juridische risico te accepteren. Om het tweede risico maximaal te beheersen, wordt de kwaliteit en continuïteit van brandweerzorg specifiek gemonitord en gerapporteerd, in overeenstemming met het vastgestelde dekkingsplan. Deze monitoring zal worden gekoppeld aan de reguliere rapportage-instrumenten van de P&C-cyclus. Restrisico en dekking Door het ontbreken van vergelijkbare casussen wordt dit risico niet financieel verwerkt in het risicoprofiel.

49

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

Bijlage 3 EMU Enquête Vragenlijst Berekening EMU-saldo Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Veiligheidsregio Flevoland

3. EMU Enquête

Algemene gegevens:

4. Taakveldenlijst

De financiële begroting

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Overheidslaag:

Gemeenschappelijke Regeling

Berichtgevernummer:

050638

Jaar:

2026

Omschrijving

2025

2026

2027-2029

x € 1.000,-

x € 1.000,-

x € 1.000,-

Volgens realisatie tot en met sept. 2025, aangevuld met raming resterende periode

Volgens begroting 2026

Volgens meerjarenraming in begroting 2027

Bijlagen

1.

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

-732

-280

-137

2.

Mutatie (im)materiële vaste activa

5.500

-691

-546

3.

Mutatie voorzieningen

11

11

11

4.

Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

5.

Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa -6.221

422

420

Berekend EMU-saldo

50

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

Bijlage 4 Taakveldenlijst x € 1.000

Begroting 2026

Baten

Lasten

Saldo

Overhead

0

9.011

9.011

3. EMU Enquête

0.5

Treasury

0

0

0

4. Taakveldenlijst

0.10 Mutatie reserves

-76

0

-76

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

0.11 Resultaat van de rekening baten en lasten

0

0

0

-42.832

33.898

-8.934

-42.909

42.909

0

De financiële begroting

0.4

2. Toelichting risico’s

1.1

Crisisbeheersing en brandweer

Totaal

Bijlagen

51

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

Bijlage 5 Overzicht incidentele baten en lasten VRF x € 1.000

2027

2028

2029

Saldo baten en lasten

76

0

0

0

3. EMU Enquête

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

-76

0

0

0

4. Taakveldenlijst

Begotingssaldo na bestemming

0

0

0

0

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)

-76

0

0

0

Structureel begrotingssaldo

-76

0

0

0

76

0

0

0

Bijdrage gemeenten Verplichtend karakter

3.798

0

0

0

Totaal

3.874

0

0

0

Lasten Verplichtend karakter

3.798

0

0

0

Totaal

3.798

0

0

0

De financiële begroting

2026

2. Toelichting risico’s

Presentatie van het structureel begrotingssaldo

Voordelen Onttrekking reserves

Nadelen

Bijlagen

52

Bijlagen 1. Berekening algemene bijdrage gemeenten 2. Toelichting risico’s

De beleidsbegroting

Programma­ begroting 2026

X € 1.000

Financiele positie / begroting

W

PB

PB

MJR

MJR

MJR

Structureel evenwicht

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Totaal baten

38.793

37.583

39.034

39.111

39.111

39.111

Totaal lasten

-37.568

-37.863

-39.111

-39.111

-39.111

-39.111

1.225

-280

-76

0

0

0

Totaal

Resultaat exploitatie (voor mutatie reserves)

3.232

280

76

0

0

0

Dotatie reserves (lasten)

-6.777

0

0

0

0

0

4. Taakveldenlijst

Resultaat reserves

-3.545

280

76

0

0

0

5. Overzicht incidentele baten en lasten VRF

Totaal baten (na bestemming reserves)

42.025

37.863

-39.034

39.111

39.111

39.111

Totaal lasten (na bestemming reserves)

-44.345

-37.863

39.034

-39.111

-39.111

-39.111

Totaal resultaat (na mutatie reserves)

-2.320

0

0

0

0

0

Totaal baten

223

0

3.798

0

0

0

De financiële begroting

Onttrekking reserves (baten)

3. EMU Enquête

Incidenteel Totaal lasten

-328

0

-3.798

0

0

0

Incidenteel resultaat exploitatie (voor mutatie reserves)

-105

0

0

0

0

0

Onttrekking uit incidenteel reserves (baten)

3.232

280

76

0

0

0

Dotatie aan incidenteel reserves (lasten)

-4.274

0

0

0

0

0

Incidenteel resultaat reserves

-1.042

280

76

0

0

0

Totaal baten (na bestemming reserves)

3.455

280

3.874

0

0

0

Totaal lasten (na bestemming reserves)

-4.602

0

-3.798

0

0

0

Totaal incidenteel resultaat (na mutatie reserves)

-1.147

280

76

0

0

0

Totaal baten

38.570

37.583

-42.909

39.111

39.111

39.111

Totaal lasten

-37.240

-37.863

42.832

-39.111

-39.111

-39.111

1.330

-280

76

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Dotatie reserves (lasten)

-2.503

0

0

0

0

0

Structureel resultaat reserves

-2.503

0

0

0

0

0

Totaal baten (na bestemming reserves)

38.570

37.583

-42.909

39.111

39.111

39.111

Totaal lasten (na bestemming reserves)

-39.743

-37.863

42.832

-39.111

-39.111

-39.111

Totaal structureel resultaat (na mutatie reserves)

-1.173

-280

-76

0

0

0

Structureel

Bijlagen

Structureel resultaat exploitatie (voor mutatie reserves) Onttrekking reserves (baten)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2231/documents/42745