9.2 Concept begroting 2026 GR.pdf
Tekst van het document
IJSSELMEERGROEP
Begroting 2026
GEMEENSGHAPPELIJKE REGELING IJSSELMEERGROEP
Begroting
2026
We rkvoo rzi en i n gssc h ap
lJsselmeergroep
Statutair gevestigd te Emmeloord Postadres: Postbus 2032,8203 AA Lelystad Kantooradres: Vaartweg 67, 8243 PD Lelystad Telefoon . : 0320- 800000
BEGROTING 2026
lnhoudsopqave:
blz
Voonruoord
1
Uitgangspunten
2
Balans per 31-12-2026
4
Programmarekening 2026
5
Toelichting op de begrote programmarekening 2026
6
Risico- en Treasuryparagraaf
I I
Paragrafen
11
Uitgangspunten meerjarenraming
15
Meerjarenraming
17
Voorschotheffing gemeentelij ke bijdragen
'18
Vaststelling
19
Financiering kapitaalgoederen per 31 -1 2-2026
Bijlagen: 1.
'
Staat van vaste activa en afschrijvingen
2. Berekening venruacht rijksbudget 2026 3. Ontwikkeling loonkosten WSW versus rijkssubsidie 4. Berekening EMU-saldo 5. Notitie weerstandsvermogen 6. Ovezicht baten en lasten structureel of incidenteel
20 21
22 23 24 30
Voon¡voord
Voor u ligt de begroting 2026van de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep Deze begroting is ook dit jaar weer tot stand gekomen in een onzekere tijd. De onrust in de wereld en de daarmee gepaard gaande onzekerheid heeft zowel zijn beslag op de samenleving als op de economie. Dit maakt ook de voorspelbaarheid van het resultaat van de bedrijfsvoering van de deelneming ongewis. Hoewel de doorontwikkeling van de deelneming voldoende vertrouwen geeft zullen de beleidskeuzes die voorliggen over de toekomst en opdracht van de deelneming invloed hebben op het resultaat. Met name de te maken beleidskeuzes, met betrekking tot de opdracht welke doelgroepen door de deelneming begeleid zullen worden en onder welke voorwaarden dit zal gebeuren, zullen invloed hebben op de bedrijfsvoering.
Vanuit het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep heeft Concern voor Werk de opdracht gekregen om de bevindingen uit het rapport Berenschot te vertalen naar de situatie binnen het werkgebied waarvoor Concern voor Werk haar verantwoordelijkheid draagt. Als eerste zullen de gepresenteerde aantallen uit het rapport vertaald worden naar onze deelnemende gemeenten. Vervolgens zal binnen Concern voor Werk ondezocht worden wat de ontwikkeling van de doelgroep betekent voor de uitvoering van de verschillende activiteiten. Dit zal tevens financieel vertaald worden. De conclusies zullen gepresenteerd worden aan het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep en zullen het uitgangspunt zijn van verdere visieontwikkeling over het bedienen van de verschillende doelgroepen en de rolvan Concern voor Werk hierin. We zijn er wederom in geslaagd een verantwoorde en acceptabele begroting voor te leggen. Het exploitatieresultaat is geraamd op nihil en daarmee conform de eerder vastgestelde meerjarenraming. Het vertrouwen dat de deelnemende gemeenten, via de Gemeenschappelijke Regeling, in Concern voor Werk hebben is onlosmakelijk verbonden aan het resultaat. Het gunnen van gemeentelijke opdrachten in groenwerk, schoonmaakwerk en andere activiteiten is voonivaardelijk voor het realiseren van de taakstellende begroting.
Voor wie de reguliere arbeidsmarkt vooralsnog een brug te ver is, zijn werkplekken in een beschermde omgeving nodig. Werkontwikkelbedrijven bieden deze beschermde omgeving. Een beschermde werksituatie faciliteert en stimuleert om talenten en vaardigheden verder te ontwikkelen, bijvoorbeeld via praktijkleren. Zo zorgen Werkontwikkelbedrijven samen met sectoniverkgevers ervoor dat een deel van deze mensen de stap kan zetten naar de reguliere arbeidsmarkt. Gaat het werken bij een reguliere werkgever niet goed? Dan moeten werknemers en werkgevers kunnen terugvallen op het Werkontwikkelbedrijf, die daarmee dus een opstap- en terugvalfunctie vervult. Onverlet genoemde onzekerheden weten wij ons gesteund door een groep enthousiaste medewerkers en zien de toekomst vol vertrouwen tegemoet.
Uitgangspunten 0l
Begrotingskader
-
-
02
Personeel
-
03
04.
05
06
07
08 09
Uitgangspositie: de gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling (GR) na realisatie van de fusie tussen lJsselmeergroep en IMPULZ per 1 januari 2001 tot Concern voor Werk NV. Binnen deze vennootschap vindt onder andere de uitvoering van de Wsw- en de \Ä¡lrb-activiteiten plaats (Participatiewet) ln de GR blijven: de Wsw- en de huidige ambtelijke medewerkers, de onroerende zaken, de materiële zaken, de rijksbijdrage en de gemeentelijke bijdrage. De GR verhuurt onroerend goed aan Concern voor Werk NV en stelt haar Wswmedewerkers ter beschikking tegen de volledige loonkostenvergoeding, alsmede het daaraan gekoppelde rijksbudget. De ambtelijke loonkosten zijn voor gemene rekening en komen voor 99% t.l.v. de NV. Daarnaast kunnen over en weer diensten worden verricht, waarvoor een vergoeding verschuldigd is. Omdat de exploitatie van Concern voor Werk NV tot nu toe niet zonder gemeenschappelijke bijdrage kon plaatsvinden, verstrekt de GR een bijdrage aan de NV in de exploitatie. ln de begroting is gerekend met € I .594 per Wsw - fte. Wsw: op basis van de voorlopige budgetten per gemeente vanuit de septembercirculaire 2024 van het ministerie van BZK. Het totaalbedrag gedeeld door het fictieve subsidiebedrag per AJA leidt tot een fictieve taakstelling 2026; aantal te realiseren arbeidsplaatsen, uitgedrukt in arbeidsjaren (AJA): 345; dit is omgerekend naar verwachting: 335 fte.
Ambtelijk: de verwachte formatie: 3 personen = 2.6 fte.
Kostenstijgingen Verhoging Wsw-lonen/salarissen 3,0% voor 2O26 op basis salarisniveau ultimo januari 2025, alsmede de gebruikelijke periodieke verhoging. Andere prijsstijgingen tot maximaal 5Vo, indien absoluut noodzakelijk.
-
Bijdrage GR in NV
-
Bijdrage GR in exploitatie NV (in 2025 € 1.578 per Wsw-fte) te indexeren, met 1% in plaats van de vastgestelde (GR-overeenkomst) 2%. De bijdrage is derhalve € 1.594 per fte.
lnvesteringen Er worden voor 2026 geen grote investeringen verwacht.
-
Rijksbudget
-
De verwachte r'rjkssubsidie is gebaseerd op een subsidiebedrag, zoals berekend in de septembercirculaire 2024 van het ministerie van BZK, van circa € 39.555 per AJA. Hierin zit reeds een verhoging voor compensatie loonruimte 2026 van 1,0o/o.
Huuropbrengst Door te berekenen huur aan Concern voor Werk NV voor het in gebruik hebben van materiële vaste activa op basis van de vastgestelde huur over het jaar 2025, verhoogd met een indexatie van 2o/o.
-
Rentepercentage Voor rekening-courantkrediet en interne berekeningen: 2 o/o.
-
Meerjarenraming
-
Na realisatie 2024 is de meerjarenraming tot en met 2029 geactualiseerd
2
10.
11
Bijdrage gemeenten
-
Gemeentelijke bijdrage inzake Wsw ten behoeve van het realiseren van jaarplaatsen
Resultaat deelneming NV Er wordt van uitgegaan dat er in 2026 een deelnemingsresultaatzal zijn van € nihil. Voorwaardelijk hieraan is echter de dienstverlening door Concern voor Werk NV aan het Werkbedrijf Lelystad BV gebaseerd op de nota Aanpak Sociaal Domein van de gemeente Lelystad. Tevens dient vanuit Concern voor Werk de dienstverlening aan de WerkCorporatie
-
Noordoostpolder gecontinueerd te worden. Naast de commerciële risico's is het verlies van bovengenoemde dienstverleningsovereenkomsten niet direct op een andere wijze op te vangen.
3
BEGROTING 2025 GR IJSSELMEERGROEP BALANS PER 3l DECEMBER (x€ l.ooo)
Begroting
2026
Begroting 2025*
Rekening 2024
Rekening 2023
Activa Materiele activa Financiräle activa Vlottende activa
774
893
944
1.035
2.253
2.253
2.253
2.253
5.500
3.500
5.672
4.1 00
Totaal
7.388
8.869
6.646
8.527
Passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vlottende passiva
Totaal
3.404
2.570
3.326
2.660
70 5.053
6o
55 5.488
4.663
4.016 8.527
6.646
" Balans begroting 2025 niet formeel vastgesteld.
4
65
8.869
7-388
BEGROTING 2026 GR IJSSELMEERGROEP PROGRAMMAREKENING ü € r.ooo)
Rekening 2024
Rekening
13.441 ,100
14.697 98
14.167 95
13.541
't4.795
14.262
Begroting
Begrot¡ng
2026
2025
13.635 102 13-737
2023
Bedrijfsopbrengsten Rijksvergoeding Wsw Huuropbrengsten Totaal
Bedrijfslasten Loonkosten Wsw Kosten Begeleid Werken Wsw subtotaal af: Verschil loonk.-subsidie Wsw t.l.v. NV Totaal loonkosten Wsw Loonkosten ambtelijk personeel af: Kosten ambt. pers. voor gemene rek. NV Ambtelijk personeel t.l.v. GR Bijdrage GR in NV
11.845 300
12.688 275
12.145 1.490
'12.963
478
240 -238
2s1 -248
286 13.487 680 14.167
14.697
13.441
13.635
13.201
13.587 313 13.900 797 291
361 -357
-288
4 621 82
3
2
3
534
584
0
84 -140 79 14.195
86 -65 75
-'t82 118
53
14.123
14.721
14.812
Bedrijfsresultaat
.458
-582
74
-550
Gemeentelij ke b ijd ra ge Resultaat deelneming
534
584
592
621
0
0
Resultaat uit gewone bedrijfsoefening
76
2
666
71
Diverse baten
0
0
0
0
Resultaat uit gewone bedrijfsoefening voor bestemming
76
2
666
71
Onttrekking/(dotatie) aan reserves
-76
-2
-666
-71.
0
0
0
0
Afschrijvingen Saldo financieringsfunctie Overige bedrijfskosten Totaal
Exploitatieresultaat
5
85
-'fi5
0
Toelichting op de begrote programmarekening 2026 (x € 1.000)
2025
2026
Bedriifsopbrenosten Rijksbijdrage Wsw Dit betreft de bijdrage van het Ministerie van SZW inzake Wsw Samenstelling: Veruvacht budget Venryachte bijstelling Loon PrijsOntwikkeling 2026 Totale rijksbijdrage Wsw
13.500 135
13.308 133 13.441
102
100
9.318
9.981
844
1.803 904 12.688
300
275
-12.145 13.635
-12.963 13.441
1.490
478
13.635
Voor berekening zie bijlage 2
Doorberekende huur €etreft de aan de NV door te berekenen huur voor het gebruik van de materiële vaste activa (één locatie) Huurverhoging 2o/o t.o.v. vastgestelde huur over 2025 Totaal doorberekende huur
Bedriifslasten Loon kosten Wsw-medewerkers Dit betreft de loonkosten van de Wsw-medewerkers Deze medewerkers zijn in dienst van de GR Samenstelling lonen Wsw: Brutolonen Sociale lasten Pensioenpremie Totale loon kosten Wsw-medewerkers
'1.683
11.845
Kosten Begeleid Werken Wsw-werknemers Loonkostensubsidie Betreft 25 fte à € 12.000 (2025. 25 à€.1 1.000) Versch i I loon kostensu bsid ie Wsw-werknemers De Wsw loonkosten worden doorberekend aan de NV onder aftrek van het rijksbudget. Als volgt samengesteld: de volledige loonkosten Wsw aftrek van het rijksbudget
. .
Doorberekende loonkosten Wsw (zie ook bijlage 3)
6
2025
2026
Loonkosten ambtelijk personeel Hieronder zijn verantwoord de salariskosten en sociale 180
Brutolonen Sociale lasten Pensioenpremie Totaal loonkosten ambtelijk personeel
89 32 30 251
29 240
Doorberekende loon kosten am btel ij k personeel De loonkosten ambtelijk personeel zijn voor gemene rekening van GR en NV; doorberekening aan de NV vindt dit jaar plaats tot 99%
-248
-238
Vergoeding Wsw-werknemers Dit betreft de aan de N.V. verschuldigde vergoeding voor de uitvoering van de Wsw-activiteiten. De GR-bijdrage € 1.594 per Wsw-werknemer Aantal fte 2026:335 x €. 1.594 (2Q25:370 x € 1.578) Totale vergoeding Wsw-werknemers
534
584
77
77
1
31
Afschrijving vaste activa Dit betreft de afschrijvingslasten van de (im)materiële activa en de onroerende goederen. Samenstelling. Gebouwen/voorziening terrei nen lnstallaties Totaal afschrijving vaste activa
7
I
84
86
Voor een specificatie zie bijlage 1
Saldo financieringsfunctie Samenstelling: Rentelast rekening-couranVkasgeldlen ing Rentebate Schatkistbankieren
10
10
-1 50
-75
Totaal rentelasten
-140
-65
Overige bedrijfskosten Dit betreft de diverse kosten die niet t.l.v. van de NV komen. Onder deze post worden o.m. verantwoord: Overige bedrijfskosten (w.o. bestuurskosten, accountantskosten)
79
75
Totale overige bedrijfskosten
79
75
534
584
Overiae bi i draqenlbaten Dit betreft de gemeentelijke bijdrage inzake de Wsw ten þehoeve van het realiseren van jaarplaatsen. Totaal gemeentelijke bijdrage Wsw
7
Financiering kapitaalgoederen per 31 december (x € 1.000) begroting 2026
begroting 2025
rekening 2024
Totale boekwaarde vaste activa materiele aktiva financiêle aktiva
774
893
2.253
2.253 3.027
944
2.253 3.197
3.146
Financiering vaste activa: eigen vermogen
3.404
2.570
voozieningen
70
60
Financieringstekort (overschot) per 3l december
3.326 55
3.474
2.630
3.381
447
516
-184
Risico- en Treasuryparagraaf Risico
Op grond van art. 11van het Besluit Begroting en Verantwoording dient in de toelichting bijde begroting een risicoparagraaf opgenomen te zijn. Het bestgur dient alle risico's, die op het moment van aanbieden van de begroting bekend zijn, te noemen en toe te lichten. Onder de risico's worden verstaan: alle voozienbare risico's waarvoor geen voorzieningen zijn gevormd of die niet tot afrruaardering van activa hebben geleid en die van materiêle betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of de financiële positie.
Als risico's van de lJsselmeergroep kunnen worden genoemd Sinds 1 januari 2001 heeft lJsselmeergroep een aandeel in de Concern voor Werk van €2.250.000. Daarmee is sprake van risicodragend kapitaal in een andere onderneming. De GR heeft een bedrijfsgebouw in Emmeloord in eigendom. Er bestaat een risico op onvooziene waardevermindering en kosten ter instandhouding. Voor laatstgenoemde is een vooziening getroffen of er zijn voor zover mogelijk assurantiën afgesloten Binnen de deelneming Concern voor Werk is sprake van een rijkssubsidie Wsw met name ter dekking van de loonkosten. Met betrekking tot de hoogte van deze rijkssubsidie is vooralsnog uitgegaan van het feit dat de omvang van deze subsidie gebaseerd wordt op het aantal werknemers binnen de voorziening. Daarbij is uitgegaan van de septembercirculaire 2024 gebaseerd op een fictieve taakstelling. ln de technische toelichting van de meicirculaire 2016 is aangegeven dat deze systematiek ook voor de komende jaren zal gelden. De bedragen in deze begroting, inclusief meerjarenraming, wijken daarom af van de door het ministerie geprognosticeerde blijfkans en daarmee corresponderende subsidiebedragen. Voorts opereert de deelneming Concern voor Werk op de commerciële markt door producten en diensten aan derden aan te bieden.
Hierdoor heeft Concern voor Werk te maken met het normale ondernemersrisico, zoals het debiteuren- en voorraadrisico. Concern voor Werk is op terreinen afhankelijk van enkele grote afnemers. Daarnaast dient Concern voor Werk voor haar werkzaamheden te kunnen beschikken over voldoende en adequaat toegerust personeel. Risico's die van invloed kunnen zijn op de deelneming Concern voor Werk NV: de Wet arbeidsmarkt in balans geeft extra financiêle risico's bij het beëindigen van de
arbeidsovereenkomst' onzekerheden als ge;otg van bezuinigingen op de uitvoering van gemeentelijke opdrachten zoals deze nu door Concern voor Werk worden verricht; uitkomsten van cao-onderhandelingen; teruglopende marges ten gevolge van businessactiviteiten in markten die onder druk staan; het vormgeven van de transitie tot een sociale onderneming beoogt nieuwe revenuen met zich mee te brengen welke tot stand zullen moeten komen na inrichting van deze sociale onderneming en realisatie van genoemde verwachtingen. onzekerheden o.a. vanwege de huidige onrust in de wereld, op de energiemarkt en op de markt van grond- en hulpstoffen. De risico's van Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep zijn gekwantificeerd. Het bedrag is bepaald op basis van risicobedragen en de kans dat het risico zich voordoet. Het bedrag aan weerstandsvermogen om de risico's te kunnen opvangen zou circa € 1.925.000 behoren te zijn. Dit bedrag is vastgesteld door het bestuur. Zie voor een nadere toelichting op het weerstandsvermogen bijlage 5 op bladz¡de 24.
I
Treasuryparag raaf De per 'l januari 2001 ingevoerde Wet FIDO verplicht de decentrale overheden een Treasuryparagraaf op te nemen in zowel de begroting als in de jaarrekening. Daartoe is een treasurystatuut ontwikkeld en vastgesteld in de vergadering van het bestuur van 6 december 2001. Aan de hand hiervan wordt het treasurybeleid gevoerd. Hier beperken wij ons tot de beheersing van de renterisiconormen, te weten: de kasgeldlimiet (korte schuld) en de renterisiconorm (lange schuld).
Kasqeldlimiet (x € 1.000) Toets: Beg rotingstotaal lasten
14.195
toegestane kasgeldlimiet (8,5%) totaal veruvachte netto vlottende schuld ruimte
1.207 1.000 207
Renterisiconorm (x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028
1. Renteheziening
î
2029
€
€ € €
€
€ €
€ € €
€ € €
€ € €
€ € €
€ €
€
€
€
€
€
€
4. Herfinanciering (laagste van 2 en 3)
€
€
€
€
€
€
5. Renterisico op vaste schuld (1 + 4)
€
€
€
€
€
€
6. Renterisiconorm Begrotingstotaal (lasten)
€.14.721 €14.123 € r4.195 € 13.587 € 13.049 c12.592
€ €
€ € €
€ €
2. Mutatie vaste schuld Nieuwe aangetrokken vaste schuld Nieuwe verstrekte lange leningen Netto nieuw aangetrokken schuld
€ € €
3. Betaalde aflossingen
Renteheziening op vast schuld o/g Renteherziening op vaste schuld u/g Netto renteheziening op vaste schuld
Percentage Renterisiconorm 7. Toets renterisiconorm Renterisiconorm Renterisico op vaste schuld (1 + 4) Ruimte
€
È,
€ €
€
20% 20% 20% 20o/o 20% 20o/o € 2.944 €. 2.825 € 2.839 € 2.717 €. 2.610 €. 2.518
€ 2.944 €. 2.825 € 2.839 € 2.717 € 2.610 € 2.518 î cc ¿ z c <. I
È.
I
E.
È.
€ 2.944 € 2.825 € 2.839 € 2.717 € 2.610 € 2.518
l0
Paraqrafen
I
lnleiding Weerstandsvermogen, risico's en bedrijfsvoering Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin lJsselmeergroep in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit aanpassing van het beleid vereist. Daarnaast vormt ook de algemene reserve een buffer tegen onverwachte financiële tegenvallers. ln deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het vermogen van lJsselmeergroep om risico's op te vangen die niet in de jaarrekening zijn veruverkt. Als risico's worden beschouwd alle redelijk voozienbare risico's, die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal c.q. het eigen vermogen en de omvang van het programma, c.q. het programmaresultaat. Het weerstandsvermogen nclusief bestemm ingsreserve bedraagt u lti m o 2024 €. 3. 326. 000 positief. i
Elke organisatie dient zich met enige regelmaat te beraden op haar vermogenspositie respectievelijk op de vraag welk ijkpunt zij moet hanteren voor het toetsen van haar huidige (financiële) situatie. Dat geldt zeer zeker ook voor lJsselmeergroep, die in een omgeving opereert die continue aan veranderingen onderhevig is. Hierbij valt te denken aan de veranderende wet- en regelgeving (Participatiewet), politieke ontwikkelingen bij de deelnemende gemeenten en de markt. ln 2015 heeft het bestuur besloten een weerstandsvermogen na te streven van 27o/o van het balanstotaal. Op basis van de jaarcijfers 2024 bedroeg dit een bedrag van € 2.395.000.
2 Weerstandsvermogen ln de paragraaf Weerstandsvermogen dienen de risico's te worden geïnventariseerd Als risico's van lJsselmeergroep kunnen worden genoemd:
Sinds 1 januari 2001 heeft lJsselmeergroep een aandeel in Concern voor Werk NV van €2.250.000. De waarde van de NV bedraagt ultimo 2024€.2.250.000. Tevens bestaat er een verhuurverplichting van een bedrijfsgebouw aan Concern voor Werk NV. Het relevante contract heeft een looptijd voor onbepaalde tijd. lJsselmeergroep beschikt vooralsnog over voldoende reserves. Het exploitatierisico van Concern voor Werk NV is een feitelijke en directe verantwoordelijkheid van lJsselmeergroep en in het verlengde daarvan van de deelnemende gemeenten. De weerstandscapaciteit van lJsselmeergroep lijkt conform de begrote resultaten in de meerjarenraming toereikend tot en met het jaar 2028. Daarna komt een eventueel tekort in principe voor rekening van de deelnemende gemeenten, overeenkomstig de Gemeenschappelijke Regeling. Na het ven¡verken van deze resultaten zal echter de eerdergenoemde Z7o/o-norm niet in het geding zijn. Voor een nadere toelichting ter zake het weerstandsvermogen verwijzen wij naar bijlage 5 op bladzijde 24.
3
Onderhoud
looederen
Toekomstig onderhoud en noodzakelijke verrichtingen van het pand Produktieweg te Emmeloord. Voor onderhoud is een voorziening gevormd.
11
4
Financierinq Voor de financiering verwijzen lvij u naar de Risico-en Treasuryparagraaf die op blz. 8 van dit verslag is opgenomen.
5
Bedriifsvoerinq Subsidieresultaat Het subsidieresultaat, het verschil tussen loonkosten en rijksbijdrage, kan per jaar sterk fluctueren als gevolg van landelijke factoren, afspraken met het ministerie over compensatie loonkosten en nieuwe wetgeving. Schommelingen in de subsidie kunnen het ene jaar leiden tot een overschot en het andere jaar tot een tekort. De resultaten van de deelneming Concern vqor Werk NV zijn de komende jaren als gevolg van bovengenoemde zaken en gewijzigde regelgeving moeilijk voorspelbaar. Voor 2026 wordt een resultaat van de deelneming venrvacht van € nihil tot (licht) negatief. Voor zover de reserves niet toereikend zijn, komt een eventueel programmatekort voor rekening van de deelnemende gemeenten. De prognose voor het jaar 2026laat een exploitatieresultaat van € nihil zien. ln de meerjarenraming tot en met2029 worden positieve exploitatieresultaten geprognosticeerd. Deze resultaten kunnen beïnvloed worden door met name reserveringen in het pand te Emmeloord ten behoeve van duurzaamheid. Eventuele tekorten kunnen worden gefinancierd vanuit de reserves. Jaarl ij ks teru g kerende arbeidskosten, gerelateerde verpl ichti n gen Volgens het BBV dienen de verplichtingen die gerelateerd zijn aan de jaarlijks terugkerende arbeidskosten niet als verplichting in de balans te worden opgenomen.
Dit geldt voor de verplichtingen inzake vakantiegeld en verloftegoeden.
6
Verbonden partiien Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee lJsselmeergroep een bestuurlijke en/of financiële band heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie of het hebben van stemrecht. Van een financieel belang is sprake wanneer de gemeenschappelijke regeling middelen ter beschikking heeft gesteld en die kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op lJsselmeergroep. lJsselmeergroep is als gemeenschappelijke regeling een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten. lJsselmeergroep heeft een 100o/o deelneming in Concern voor Werk NV.
7 Kenqetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt.dat gemeenten en ook gemeenschappelijke regelingen voortaan een basisset van financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening. Doel van deze kengetallen is u op eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie De volgende kengetallen zijn van toepassing op de gemeenschappelijke regelingen:
- Netto schuldquote - Solvabiliteitsratio - Structurele exploitatieruimte
12
Een overzicht van de kengetallen Begroting 2026 1,6% 39,5% 0,3%
Kengetal Nettoschuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitat¡eruimte
2.3o/o
Rekening 2024 -0,6%
39,0%
37,5,o/o
0,10/o
2.3%
Begroting 2Q25
Toelichting
Nettoschuldquote
Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.
Solvabiliteitsratio
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio geeft het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal weer Stru ctu rel e ex p I o itati eru i mte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging
van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.
8
Openbaarheidsparaqraaf
Per 1 mei 2022is de Woo (Wet open overheid) in werking getreden. Deze wet vervangt de Wob (Wet openbaarheid van bestuur). Binnen het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep is aandacht voor de beleidsvoornemens inzake de uitvoering van deze wetten zal in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering ervan. ln het boekjaar 2026 worden er vier bestuursvergadering gepland. De agenda en notulen ervan worden (in PDF-formaat) gepubliceerd op de website van de deelneming Concern voor Werk nv (https ://www. concernvoorwerk. n l/qr/). Vaste onderdelen zijn: o Opening, mededelingen en vaststellen agenda o Notulen vergadering . lngekomen stukken ¡ Financiële zaken . Algemene zaken . Rondvraag
ln 2025 zal het beleid nog verder worden uitgewerkt en geïmplementeerd
I
Duurzaamheid
De Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep hecht grote waarde aan duurzaamheid. ln voorgaande jaren zijn diverse projecten gerealiseerd waarmee we ons streven onderschrijven. -ln 2023 is er een energiescan uitgevoerd aan het pand Produktieweg 5 13
De bevindingen zijn besproken en er is actie ondernomen om de adviezen op te volgen. Naast kostenbesparing dragen de maatregelen bij aan een duuzamere wereld. -ln 2023 z'rjn ook de laatste ruimtes van het pand voorzien van LED-verlichting. Tevens is er op veel venrarmingsbuizen isolatie aangebracht om verlies van warmte te beperken. ' -ln 2021 is begonnen met het vervangen van al het materieel, voor de divisie Groen van de deelneming, naar elektrisch. ln 2025 en verder vindt er een maximale benodigde uitbreiding van laadpalen plaats waar de elektrische bedrijfswagens kunnen opladen. -ln 2023 ztln er op het magazijn aan de Produktieweg te Emmeloord 266 zonnepanelen geplaatst. De verwachte reductie CO2-uitstoot bedraagt 44.933 kilo. De komende jaren zal er verder worden gewerkt aan een bredere duurzaamheidsvisie voor met name de deelneming en het onroerend goed.
Voor het duuzaamheidsbeleid ter zake personeel venruijzen wij u naar de jaarstukken 2Q24 van de deelneming Concern voor Werk nv.
14
U itgangspu nten meerjaren ram i ng
01.
Toelichting Vertrekpunt is de begroting 2025, de realisatie 2024 en de uitvoering van de Participatiewet. Voorwaardelijk is echter de dienstverlening door Concern voor Werk NV aan het Werkbedr'rjf Lelystad BV gebaseerd op de Aanpak Sociaal Domein van de gemeente Lelystad en de uitgangspunten zoals venruoord in het businessplan "Social Firm". Daarnaast Tevens dient vanuit Concern voor Werk NV de dienstverlening aan de WerkCorporatie Noordoostpolder gecontinueerd te worden.
02.
Gehanteerde uitgangspunten Personeel
- Wsw: Fte en AJA's voor 2024,jaarlijks 6% dalend - ambtelijk: Fte 2,6 fte, voor 2026:2,6 en vanaf 2027:2,0 Vergoeding Wsw - werknemer
- vergoeding per Wsw - werknemer (fte) aan N.V. € 1.594 (2025: € 1.578) per jaar, jaarlijkse indexerin g van 1o/o.
Kosten
- lonen/salarissen stijgen per jaar, 2,0o/o-5,0o/o - verdere kostenstijging tot maximaal 5% Rijksbudget De bedragen zijn conform de septembercirculaire 2024 van het ministerie van BZK. Er is rekening gehouden met een aanpassing, voor de verwachte jaarlijkse stijging van loonkosten, van 1,0o/o. Huuropbrengsten Huuropbrengsten geïndexeerd met2Vo ten opzichte van het jaar 2025 Resultaat deelneming Het resultaat van de deelneming wordt voor de komende jaren 2026 tot en met 2029 geschat op € nihil tot licht negatief. Deze inschatting heeft het derhalve geen invloed op de waardering van de deelneming of het exploitatieresultaat van de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep.
03.
Overige toelichting De begroting2026 sluit met een exploitatiesaldo van € nihil.
ln het bestuur van Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep is vastgesteld dat de solvabiliteitsratio (verhouding eigen vermogen/totaal vermogen) minimaal 27o/o moelzi)n. Voor de jaren 2026 tot en met 2029 is het eigen vermogen van de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep toereikend om de tekorten te dekken. De solvabiliteitsratio zal over bovengenoemde periode naar verwachting niet in het geding komen. lndien er zich in enig jaar de situatie voordoet dat er vanuit de gemeenten een extra bijdrage benodigd is zal deze op basis van de ingeschatte verhouding fulltime-equivalent per gemeente verdeeld worden. De verdeling van deze extra bijdrage zal voor Lelystad 50o/o zr¡n, voor Noordoostpolder 39% voor Urk I 1% (inschatting 2025). 15
ln bovenstaande resultaatsprognoses is minimaal rekening gehouden met eventuele subsidiebijstellingen (LoonPrijsOntwikkeling 1,0%), afrekening SW-subsidie op basis van realisatie T-1. Daar er onzekerheid is over de omvang van deze bedragen ter zake is gekozen voor het
voozichtigheidsprincipe.
Echter de ervaring leert dat: -er in enig boekjaar een hogere bijstelling van de SW-subsidie geldt dan begroot. De basis voor de gehanteerde LPO-stijging is de stijging van het wettelijk minimumloon. -De door de overheid vastgestelde (geprognosticeerde) uitstroom van 6,5% (waarop de voorlopige subsidie wordt bepaald) is hoger dan de gemiddeld gerealiseerde uitstroom van 5o/o - 60/o. Hierdoor zijn er meer medewerkers in dienst ultimo jaareinde dan waar vooraf rekening mee werd gehouden in de subsidieberekening. De subsidie wordt bijgesteld op basis van de eerder vastgestelde norm. De inschatting lijkt gerechtvaardigd om de resultaten te corrigeren met de bovengenoemde correctie. Voor 2026 zou voor de Wsw-subsidie een extra positieve bijstelling van minimaal€ 150.000 kunnen gelden. Met ingang van 2025 is de LIV (LagelnkomensVoordeel) afgeschaft. Voor de Wsw-formatie zal er middels de rijkssubsidie een compensatie van kracht zijn van € 400 per fte. lndien bovenstaande correcties meegenomen zouden worden in de begroting/meerjarenraming zou dit leiden tot een gunstiger beeld voor wat betreft het resultaat van de deelneming Concern voor Werk NV. Medio 2029 blijft de solvabiliteitsratio nog boven de gestelde 27o/o-eis uitkomen.
Gemeenten zouden hierdoor in eerste instantie niet genoodzaaklzijn om een extra bijdrage te verlenen, immers het eigen vermogen is toereikend om de tekorten op te vangen. Uiteraard blijven de bovenstaande cijfers een prognose.
16
BEGROTING 2026 GR IJSSELMEERGROEP
Meerjarenraming (x € 1.000) 2024
2025
2026
2027
2028
379,3 391,6
370,0 378,0 2,6
335,0 345,0
290,0 302,0
2,6
310,0 323,0 2,6
13.441
13.635
13.061
12.546
100
102
104
106
Personeel Wsw in fte Wsw in AJA ambtelijk in fte
3,2
2,0
Exploitatie (x € 1000) Rijksbijdrage Wsw Huuropbrengsten
14.697 98
Bedrijfsopbrengsten
14.795 13.541 13.737 13.165
Loonkosten/8.W. Wsw-werknemers Doorberekende loon k. Wsw-werknemers Loonkosten ambtelijk personeel Doorberekende loonk. am btelijk personeel
13.452 1.245 291 -288
Bijdrage GR in NV
Afschrijving vaste activa Saldo financieringsfunctie Overige bedrijfskosten
Bedrijfslasten
12.963
12.145
478
1.490
240
251 -248 534
-238 584
0 85
11.626 1.435
12.652 11.243 1.303
259
210
-256 499
-208 472
86
84
82
82
-182
-65
-140
-140
-140
118
75
79
83
14.721 ',14.123 14.195 13.587
87
13.049
Bedrijfsresultaat
74
-582
-458
422
-396
Gemeentelijke bijdrage
592
584
534
499
472
Resultaat deelneming
0
0
0
0
0
666
2
76
76
74
0
0
0
0
0
Saldo van baten en lasten
666
2
76
76
74
Onttrekking (dotatie) aan reserves
-666
-2
-76
-76
-74
0
0
0
0
0
Resultaat uit gewone bedrijfsoefen ing Diverse baten
Exploitatieresultaat
17
BEGROTING 2026 GR IJSSELMEERGROEP
Voorschotheffing gemeentelijke bijdragen (in €) Gemeenten
Verwachte Wsw-bezetting in fte
Gemeentelijke bijdrage in het exploitatieresultaat
Voorschot per
16.02.2026 16.08.2026
Lelystad
145
231.130
1 15.565
115.565
Noordoostpolder
125
199.250
99.625
99.625
Urk
37
58.978
29.489
29.489
Steenwijkerland
11
17.534
8.767
8.767
Dronten
7
11.158
5.579
5.579
Zeewolde
10
15.940
7.970
7.970
Totaal
335
533.990
18
266.995 266.995
Vaststelling Aldus vastgesteld, in de openbare vergadering van het bestuur van het werkvoorzieningsschap lJsselmeergroep, de dato 4 aprtl 2025.
Secretaris
Voozitter
19
-ló,l
õl
.úl
ml
cF-
oo oo oo (.i .f (f)
oooo ooc) ooo ñdñ ¡9-CO
t-
o o
o
b9r sN
Og õo 6= 6E
(o
(o
ã8
õo oe dt-
o
8.&
gR 8õ >t o.g om
l'-
ooo ooo ooo ñcioilf) c\¡
q@
oo o ON EcN
Eg,Þ >.çÈ 'õ.¿h
oq\f
Ëçë Oó
o
gå gt3'F6#R E€eË
oo oo
c
cq t-
o o .Eo .¿N '-o
f.-
CN o
Él
0,l
õt EI
>l
'--t
-cl .-rl
attl
aúl
cO
cqq (r) f'-
:þ O
L.= >.2ü= oc¿ -Ëdy
۟ Fo
ôl
H
rfi
00
o o
ooo ooo
rìc@
o o o
\,û l'-
c ß?
N
E.
trl
ol
oooo oooo
aúl
>t
€l
aJl
õl
o,l aDl
r!l
>I
cl
.úl
>t
¡l
aúl
ñl
o
I -9¿ :-okN õ.çä--
cqqq |.* l.-
(oN@O)
í)
-ts
(.)
N
=Þo¡ eÈpE
âË$H O G >E
oc
o
.nl
I
gñ I;.=ñ o-
o c
o o .Eo
bT øN o
s o,
ã Þ gä ÈEo= oËÞo
ãE EË oG>.-
oooo oooo oooo ññc"ic.j (oN@O) -f$
c{
o o q o ñ Ít
o6
c o c 'õ
6 o
't
E
o
(t
c o
Ð Ê
to Ø
o c(t
É c 6
õ=d
'õ_ G
P''.n '=O(t)
bÈE Yõ(l)Ú, =Hãg
õ'ñi:
cl
CD
F
aú
o
20
Bijlage 2
Berekening verwacht rijksbudget 2026
Prijs:
Verwachte subsidie per arbeidsjaar (= 4¡4¡
€
39.163
venvachte bijstelling in mei 2026: LoonPrijsOntwikkel ing 2026
€
392
€
39.555
€
13.635.000
Volume: 344,7 AJA Budget:
De verwachte subsidie per AJA en het verwachte AJA-volume zijn ontleend aan de septembercirculaire 2024 i.c.m. de realisatie 2024. De verwachting is dat de realisatie hoger zal z¡n. Dit heeft echter een marginale invloed op de hoogte van het budget. Bedragen en aantallen zijn afgerond:
21
(Ð
o
Et
s m
< --8 s l,'<
-ao c!.Y o -l/Dt
Í
S.¿ côÊ< r
-O -oo rJ CL Ø
Ost(Or@tO
t-(osí)roro F* l'\ r lf) tO lO atcisfñrrroi N (f) (a ca (f) cf) C\IOl-lf)S$ (o(Ðoo)or(a
(qfqnc!ci
o)oc!rosflf) c!(f)(ococÐcf)
gï* oro?q\cl1 oõE ro'*
\i€(\F(\€ N\!O)Aq)\ù 'l-(\l\\ù tttt
ti o@rosc\o oÊå oqec!\a?\ O)rlf)@(OO O)¡-O@l:r
*$ú,
I
c!co(f)(f)(f)$
rt-@(olOS ôi.E (.)srr,s(ato \qqqcc! (Ð (Ð ú) (r) :;!Ð Oî(O(Olf)(O cÐ
l-l
O)OO)(OOl'O q- CO <-(ort-o)l-$
(oË
@roo)(aoo l.c) S Jo, o ro SôlOl-l\í,
c CO
N
o (\ I
(\ o ol .9
p
o
-a
o o J L Q
o o
$Ës .i .ct>
s dE o> .¡É
É,
r! (,
iËs o
i
dl¡ c!trlt
.g= o
=tro
-*g o
o o c o o ctt
c
o .Y .Y
'=
o
oooooo ooooaa ooooao
o
rt> o
o)
o)
o E
p L
ñ¡NON60 l\\t6q)Nct) \ùl\lol\\È\Û tll¡
oooooo oooooo oooooo or<ciÑÑ-rfj @(a(oo)$(f) (\l|l)r(O-.1(O
o)
.q !
¡
c"j çrj .ü sf c"j c"j
rr-
oooooo ooc)ooo oooooo ;otñoc"irrj o@@o(o\f
\a?foìqr (f)(f)Í)(ac{N
srrrrr
o L o o o
E
È ) L
(5
cf
o) att
(U
c
o L o c) q)
o)
oooooo oooooo
cqqqqq o)o(ocolf)o (OtO@rl:O
C\¡ C\¡ C\¡ (O ôl (Ð
o
Y
c
sssl(o(o(Ð
o
ì o .Y
c o E o
sss(a(o(Ð
În
(lt,
(f)
oooooo oooooo oooooo ñoi;ñccirrj co(f)0@@s A.:c!qqoq CO(f)(f)(ÐNr o) o) (') o) ECCC
'Ë'-'-'E o¡ o¡ oooocc l¿ .¡¿ l¿ l¿ 'F F oooooo (Ú (t (U x'x' õ (õ(ú(ú(5xx LLgLLL LLLL^R
r(\(Y)\ftr)(o C! ô¡ C\t N ôt C! oooooo Nôlc{c{ô¡ôt
þE -o
c) Þ .(t) C\¡ C\t
o N c
c)
N
o C\¡ 3
U'
.o = p
a
-o f
a U'
l¿ L
þ(¡) L
o) Þ c
o 22
Bijlage 4 Êareke*ing EfãU-saldo
Centraal Bureau voor de Statist¡ek
Se¡neente GR lJsselrneergroep (50?4Ê;
Sector F¡nanc¡ële ¡nstellingen en Overheid Antwoordnummer 25000, 2490 XA Den Haag
GR lJsselmeerqroep
50246 2026
1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
2
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
3
Bruto dotaties aan de post voozieningen ten laste van de exploitatie
lnvesteringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
5
Baten u¡t bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en over¡gen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesieringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover n¡et op exploitatie vèrantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonr¡jp maken e.d (alleen transacties met derden die niet op de explo¡tatie staan) Baten bouwg rondexploitatie: Baten voozover transacties n¡et op exploitatie verantwoord Lasten op balanspost Voozieningen voorzover deze transact¡es met derden betreffen
10 Lasten ivm transact¡es met derden, die niet via de onder post
1
genoemde explo¡tatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog n¡et vallen onder één van bovenstaande posten
11 Verkoop van effecten: a Gaat u effecten verkopen? (jalnee) b Zo ja wât ¡s bij verkoop de veMachte boekwinst op de exploitatie? Berekend EMU-saldo
voor
23
Biilaqe 5
Notitie inzake weerstandsvermogen van de lJsselmeergroep 1. lnleiding De Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep (verder: de lJsselmeergroep) en haar 100% dochteronderneming Concern voor Werk nv (verder: Concern voor Werk) zijn o.a. belast met de uitvoering van de Participatiewet (Wsw, Beschut Werk en Banenafspraak) voor de deelnemende gemeenten. Zoals bekend omvat deze uitvoering een sociaal en een bedrijfseconomisch aspect. Om deze beide aspecten zo goed mogelijk in te vullen is indertijd besloten om deze taken in verschillende juridische entiteiten onder te brengen. De sociale taak is neergelegd bij de lJsselmeergroep. Concern voor Werk en haar dochterondernemingen zijn belast met de bedrijfseconomische taak ofwel met de dagelijkse uitvoering van de werkzaamheden. Hoewel de lJsselmeergroep en Concern voor Werk aparte juridische entiteiten z'tjn, bestaat er een zeer sterke (flnanciële) verwevenheid tussen de beide organisaties. Voor een goede beoordeling van het weerstandsvermogen van de lJsselmeergroep moeten daarom ook de activiteiten en de financiële positie van Concern voor Werk in ogenschouw worden genomen. Er is immers sprake van een groep waarbij de lJsselmeergroep aan het hoofd staat. Vanuit deze groepsgedachte is deze notitie opgesteld.
Waar in het vervolg van deze de notitie de lJsselmeergroep wordt genoemd wordt daarmee bedoeld de lJsselmeergroep inclusief Concern voor Werk en haar dochterondernemingen Elke organisatie dient zich met enige regelmaat te beraden op haar vermogenspositie respectievelijk op de vraag welk ijkpunt zij moet hanteren voor het toetsen van haar huidige (financiële) situatie. Dat geldt zeer zeker ook voor de lJsselmeergroep, die in een omgeving opereert die continue aan veranderingen onderhevig is. Hierbij valt te denken aan de veranderende wet- en regelgeving, politieke ontwikkelingen bij de deelnemende gemeenten en de markt. De lJsselmeergroep biedt mensen werk en ontwikkelingsmogelijkheden aan om de afstand tot betaalde arbeid te verkleinen of weg te nemen. Het aanbieden van deze mogelijkheden vindtzijn oorsprong als productiebedrijf voormensen meteen psychisch of lichamelijke handicap. De nadruk is de laatste jaren echter meer en meer komen te liggen bij mensontwikkeling waarbij de lJsselmeergroep werkervaring aanbiedt en personen de mogelijkheid biedt om zich verder te ontwikkelen, met name via montage en verpakking, detacheringen, schoonmaak en groen. Daarnaast worden inmiddels mooie resultaten behaald met re-integratieactiviteiten voor de deelnemende gemeenten.
Deze activiteiten komen voort uit een samenwerking met het Werkbedrijf Lelystad en de Werkcorporatie Noordoostpolder waarmee een dienstverleningsovereenkomst voor meerdere jaren is afgesloten. Hoewel deze ontwikkelingen volop de steun genieten van de organisatie leert de realiteit dat een gedeelte van de doelgroep niet elders geplaatst zal kunnen worden. Dat betekent dat de lJsselmeergroep over een infrastructuur dient de beschikken die aan deze groep van medewerkers een gevarieerd aanbod van werk kan bieden. (De investering in de kwekerij is daar een goed voorbeeld van) De verdere doorontwikkeling richting sociaal ontwikkelbedrijf geeft hieraan een vervolg. De hiervoor genoemde ontwikkelingen vragen om een doorlopende en zorgvuldige afrrueging van inzet van middelen en mensen. Bij die añrueging spelen de omvang van het vermogen een de jaarlijkse gemeentelijke bijdrage een belangrijke rol.
24
2. Theoretisch kader Het weerstandsvermogen wordt gedefinieerd als het vermogen dat nodig is om tegenvallers op te vangen zonder dat de continuiTeit van de organisatie in gevaar komt. Daarbij wordt niet alleen rekening gehouden met mogelijke tegenvallers, maar ook met de flexibiliteit die een organisatie heeft om haar uitgavenpatroon aan te passen aan haar nieuwe inkomstenniveau en met de kans dat tegenslagen zich tegelijkertijd voordoen. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico's. Door zowel de weerstandscapaciteit te bepalen als de bekende risico's te wegen op de kans van voordoen ontstaat een meer onderbouwd inzicht in het aanwezige weerstandsvermogen.
til r:' t.l';i:r'.:.;
i:i:;¿[;i¡ti:e,t;i "t.t1 i] itilt,l(!i-)la,fj )r') int;:](:i.í':tii.ri t.a.t)i.1i:i.
Lìt:l /ltl, rl.' i¡r;,r q¡.:'r¡ ;L;¡.1¡.:: 1tr.!:;i1t:,,,11:.t¿.ti:,ttti¡rli (:! i I 7frc i ii(.:i' 1,'€f:,t )i.! :) :: a .)'ti i.t: ? i ),, ) i i t'i {) i t :)
lri.;rrr'1. fli' ¡ri r:rr ê, r': la.l ( ( ) t : p ( ) i il i ) l C i i :.,..:: t, i r t:',:i.:
)
A.,'ì.\,;\+i.',t,i.:¿i.'it.:i.r; L)() 'ai:ta:ji¿tùita)lì 1..:c::::i+,:,,.,'..,' ,' i t:ì ; ::t i t :.' i) i :t l< t t ¡ t ¡ t :.t ¡t ('l ì' 1., | : i r
)
3. Weerstandsvermogen 3.1. Wat is weerstandvermogen? Het weerstandsvermogen bestaat uit het eigen vermogen (reserves)
ln dit hoofdstuk wordt het begrip vermogen nader gedefinieerd.
3.1.1. Eigen vermogen Allereerst dient de vraag te worden beantwoord wat het begrip 'eigen vermogen' precies inhoudt. Het eigen vermogen is het verschil tussen de bezittingen en de schulden (inclusief de voozieningen) Bij de lJsselmeergroep bestaat het eigen vermogen uit : - algemene reserve - bestemmingsreserves De algemene reserve is volledig vrij vermogen.
Bestemmingsreseryes zijn reserves die door het bestuur voor een bepaald doel zijn gevormd.
25
Daarnaast kunnen eventueel nog sf//e reseryes aanwezig zijn. De lJsselmeergroep beschikt bijvoorbeeld over een bedrijfsgebouw. Bij het opstellen van deze notitie is verondersteld dat er ter zake geen stille reserves aanwezig zt1n.
3.1.2.Yoorzieningen Voozieningen worden gevormd voor verplichtingen, verliezen of te verwachten tegenvallers waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, maar die redel'tjkerwijs valt in te schatten. Daarnaast mogen ook voorzieningen worden gevormd voor kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van de kosten zijn oorsprong mede vindt in het (voorafgaand) begrotingsjaar en de vooziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. De voozieningen moeten nominaal gewaardeerd worden. Er mag geen rente worden toegevoegd aan voozieningen tenzij de vooziening is gewaardeerd tegen contante waarde. De voorzieningen vallen onder vreemd vermogen en maken derhalve geen onderdeel uit van het weerstandsvermogen. 3.2. Waarom weerstandsvermogen? De lJsselmeergroep heeft te maken met een grote verscheidenheid aan risico's. Aansprakelijkheid, tegenvallende inkomsten door een verslechterende economie, nieuwe wetten en regelingen en de normale bedrijfsmatige risico's, om er slechts een aantal te noemen. Om risico's te kunnen kwantificeren is informatie vereist over de kansen en de omvang van daarmee samenhangende bedragen. ln de praktijk blijkt dat de omvang van de totale risico's veelal moeilijk is te kwantificeren.
Het is voor de lJsselmeergroep van belang dat er een zeker weerstandsvermogen wordt opgebouwd, en wel om de volgende redenen:
1. Op basis van de bedrijfsactiviteiten loopt de organisatie economische risico's. Deze
risico's maken het noodzakelijk een financiële buffer op te bouwen zodat de organisatie zelfstandig in staat is om tegenslagen op te vangen zonder dat daarvoor extra middelen vanuit de gemeenten noodzakelijk zijn.
2. Actieve financiering; met eigen vermogen kunnen bestaande (vaste) activa worden
gefinancierd. Daarnaast geeft eigen vermogen ruimte voor nieuw beleid/investeringen, zodat de organisatie kan blijven meegroeien met de wensen en eisen van de klanten.
3. Ook dient er een buffer te zijn waarmee calamiteiten kunnen worden opgevangen.
Een calamiteit bijvoorbeeld in de vorm van het verlies van belangrijke klanten, de uitvoering van specifieke projecten en/of andere onvooziene omstandigheden, die een grote impact hebben op de omzet of kosten van de organisatie.
4. Het opvangen van een negatief exploitatieresultaat. Een goede eigen
vermogenspositie betekent, dat bij een negatief resultaat niet direct om een extra gemeentelijke bijdrage hoeft te worden gevraagd met alle gevolgen van dien. Tot op zekere hoogte dient het eigen vermogen bij wijze van "buffe/' negatieve resultaten op te kunnen vangen.
¿6
4. Welke risico's zijn er voor de lJsselmeergroep?
Er kunnen vier risico-categorieën worden onderscheiden
A. Te vooziene risico's die via vezekeringen kunnen worden afgedekt
B. Te vooziene risico's die via procedures kunnen worden afgedekt C. Risico's die zijn afgedekt door voozieningen D. Risico's die kunnen optreden bij het uitvoeren van een onderneming
Categorie A, B en C zijn afgedekt middels verzekeringen, procedures en voozieningen zovet gebruikelijk binnen de richtlijnen voor overheidsorganen (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten). Het is vooral categorie D die de omvang van het benodigde weerstandscapaciteit bepaalt. Binnen de Categorie D is het volgende onderscheid aangebracht:
ri Economische en marktrisico's 'i Maatschappelijke risico's ù Bedrijfs- en ondernemingsrisico's 4.1. Economische en marktrisico's De economische ontwikkelingen als gevolg van bijv. crisis. De druk op de marges nemen dan verder toe. Daar komt nog bij dat de regio, waarin de lJsselmeergroep actief is weinig industrie kent, waardoor de mogelijkheden voor het generen van omzet voor de doelgroep verder worden beperkt. I
Concurrentie uit lagelonenlanden en bedrijven die zich in toenemende mate begeven op de markt voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt; lngeval van o.a. teruggang van de economie zal tijdelijk en gedetacheerd personeel als eerste worden ontslagen.
t
Periodiek worden opdrachten opnieuw aanbesteed. Tevens zijn de marges (brutowinst) steeds kleiner. De concurrentie neemt daarbij toe. ln sommige gevallen is nog sprake van inbesteding, maar het komt vaker voor dat opdrachten aan derden worden toegewezen.
4.2. Maatschappelijke en bestuurlijke risico's De ontwikkeling van de rijksbijdrage compenseerde de afgelopen jaren onvoldoende de salariskosten. De rijksbijdrage is in grote lijnen voor de komende vier jaar bekend Onduidelijk is hoe hoog de compensatie loonprijsontwikkeling is met daartegenover de loonkostenstijging conform de cao.
De "taakstelling" zal de komende jaren verder afnemen. Doordat de uitstroom niet langer opgevuld mag worden met nieuwe instroom. Met de intrede van de Participatiewet is instroom in de Wsw niet meer mogelijk.
27
De verdere invulling naar een leer-werkbedrijf vraagt een intensievere begeleiding van de doelgroep. Dit legt een druk op de productiviteit van de medewerkers en daarmee op het resultaat.
Een belangrijk risico dat uit de Participatiewet voortvloeit is de vraag hoe de deelnemende gemeenten in de toekomst de regie gaan voeren over de Wsw en gebruik gaan maken van de infrastructuur en knowhow van de lJsselmeergroep voor andere doelgroepen en de vraag hoe de lJsselmeergroep in staat is hierop in te spelen. Fiscale en wettelijke ontwikkelingen (wijziging in de cao's, pensioenpremies, wegvallen van bepaalde subsidies, invoering vennootschapsbelasting voor (semi-) overheden) 4.3. Bedrijfs- en ondernemingsrisico's Verplichtingen inzake vakantiegeld, vakantiedagen en RVU. Deze verplichtingen mogen volgens de geldende verslaggevingsvoorschriften niet worden opgenomen in de balans van de lJsselmeergroep. Niettemin heeft de lJsselmeergroep jegens haar medewerkers deze verplichtingen. Een aantal bedrijven heeft voor deze verplichtingen een bestemmingsreserve gevormd. ln de SW-cao is een seniorenregeling opgenomen. Deze regeling houdt in dat medewerkers vanaf 60 jaar en ouder korter mogen werken met behoud van 92,5 o/o (na62jaar en ouder 10oo/ol van het salaris. De medewerkers bouwen gedurende hun dienstverband deze rechten op. De uit deze rechten voortvloeiende verplichtingen zijn in lijn met de vigerende verslaggevingsvoorschriften niet opgenomen in de balans van de lJsselmeergroep.
lndien de hiervoor geschetste risico's zich voordoen zal het verlies aan inkomsten waarschijnlijk leiden tot teruglopende liquiditeiten. Deze dienen d.m.v. externe financiering te worden opgelost en zullen de rentelasten derhalve toenemen. Er dient rekening te worden gehouden met de kosten van onvoorziene omstandigheden.
Voor het bepalen van de theoretische hoogte van het weerstandsvermogen is een inschatting gemaakt van het risicobedrag met daarbij de kans dat het risico zich gaat voordoen. Deze inschatting zal twee keer per jaar beoordeeld en geüpdatet worden. Te weten bij het opstellen van het jaarrapport en de begroting. Een berekening van dit risicobedrag kan opgevraagd worden bij de organisatie.
28
5. Beschikbare weerstandscapaciteit de lJsselmeergroep De diverse vermogensposten van de lJsselmeergroep ultimo 2026 en 2025 zr¡n onderstaand opgenomen. (x € 1.000)
2.662
2.660
Bestemmingsreserves
666
666
Verwacht resultaat
76
2
Algemene reserve
6. Samenvatting en conclusie
De hiervoor gegeven uitzetting kan schematisch als volgt worden weergegeven \1i\'1çE¡r5 j¡¿.¡¡ p s.e;.lr: ar::t:i:lrlt
l-i¡glrc ç'¡:
€2fi,Ð0C0,
t r.il.r5 1]pi¡
Þ
Bij de berekening van de weerstandscapaciteit zijn de bestemmingsreserves buiten
beschouwing gelaten. De solvabiliteitsratio (eigen vermogen / totaal vermogen ) per 31 december 2O24 bedraagl 37,5o/o; te weten € 3.326.000/€ 8.869.000 De verwachting voor 2O25 en 2026 is dat de ralio zal bewegen rond de tussen de 35% en 40%.
Een absoluut harde norm voor de solvabiliteit is niet te geven. Voor commerciële bedrijven wordt veelal een solvabiliteit gevraagd door stakeholders, met name banken, van tussen de 25 en 35o/o, mede afhankelijk van de branche waarin de onderneming actief is. Uit diverse benchmarks blijkt dat de gemiddelde solvabiliteit in de SW-sector tussen de 25% en 35% ligt. Voor de Gemeenschappelijke Regeling lJsselmeergroep heefr het bestuur gekozen voor een norm van 27o/o. Duidelijk is in ieder geval dat een norm niet een absoluut bedrag, maar'relatief moet zijn, dat wil zeggen gerelateerd aan de actuele financiële omvang van de lJsselmeergroep en aard en de omvang van de (bedrijfs)activiteiten. Daarbij moet ook nog worden betrokken de afhankelijke relatie met de subsidiegever en de onzekerheid over de toekomst van de Wsw, Voeg daarbü dat de flexibiliteit van de lJsselmeergroep beperkt is omdat een zeer groot gedeelte van de kosten een vast karakter heeft. Een nadere analyse laat zien dat 50% van de risico's minder dan 260/o kans heeft dat het risico zich gaat voordoen.
29
!'io
(0
o
o o @ o o
Et .E
o
..;
c
n
! c
@
o
õ
è
F. .=o i@ oiE T-o
o o
c
ã.8
@
3 6
o
o
cO
c
=ú
ço
Eõ
6 o
ú o 3
U ç6 6 c o o
Þi oE
o
¡=
5
o'õ
å€
co à¡ c
o È E c o o
o
f f
OO
o
_9õ
!c
=e .eË
g o ! o o
söËi -@P
.=-!@: ", > > ¡j
F'i;
o
OL Lo
30 Ë> cE '-o cu oc to 91
¡
6L='-
9b
ß., ot =o a=
¡f o E .F 6 .9 o ñ o =o a o c c o o ,a c o U c è o o o ,o E ! 'õ o 6
r'¿-õ O o oõ
Èo 6õ E! ;o iô
EO ot !j
!
8EF3
=-o Eã
o
E
bä5s
JO
eeË
T)
>4È c= iõ õ>
9hõ oy qË
c o
E
ç a
õç=+ Løþ< =Ë.F-0 s.9ü--
c)
õo !! c'i q@ ÈF 6O
Ð
g
> 9 qY cù9j>' +!õÊ
_JH
q o
ñ ñ
s€
oo '-È:o
o
E
.ø3
CL
o
:s 9c Yc
C
o
OE !!
ñl Eg õc
=o
õL
È o (J
ê
o
o
c
!
.=> oc
ç= @o
C
=
E
èc -_a õ@9 >d
N o N
ç
!
@
! f
E
c"Ë ãú co<!¿<
! 5
!
É
ô
;
ots
Ðõ oc
!õ co õ!
õ=
o
ú!9 Ll !Ø
ûú
@
o co
x
x
!
E
o o
x
f q f
x
x><
xx
xxxx
xx
x><
ø
(o
(\
o ôt ct
'd tú
E)
.E
o
E)
o
(\¡
o
f--
(f)
¡.fJ
¡.f)
@
ô¡ ô¡
o rl)o lr)|f) \ts so @(r)
E o E o
ññ
o
00
ro
rt
-1 **oo) r)
\to (9
(o l\
ro
(o
¡-
ct
lf) lo (f)
(9co!+F-
qq (oÍ) af)
aû
o
tt o
z
o o c o
.g
I
o)
c
d)
E
8,ø
g
5o Oc:
v,
c
õ= =E õ9
o tr o rú
c
¡t
o
tr (!
an ED
tr
.9= Nõ LO o)q¿ O.l'
Ê
:>
o ah
E
o
tr
o
.l¡
CL
o U'
t
o
t0
c
g ø
ED
c,
rto. o
É
o tn (g
(¡)
o
o)
tto
o)
o
lo
=
*_v olc ì= Øp I
>o E I -@ b E_ ì; (Ú0 ;o ,-
9aËãr äããEg 59dËP
ç'g Ë fll Ë38 ü ø*o ñ
= = .q p
Y CLÈ
o)
U)
o¡
>
s-*E ÊË=É
cO E ø
l5
=9õ.Ec ;FgxË'EÈ
äCvv.=¿D-O
ß.9=91,19 o¡ È ë Ë gÈ p RE ! r E b=Ë Æ ð F
o
.c)
o (ú
=lt, o tt E
oo
ø
>€
õE >
>o .19 .o€ E O';o(Ú
-õÞg f il o ØiúF
30
Ë {¡)
H' E
Ès OL
a¡9 YY
:Pg (¡)
(ú (¡)
o'F c(Ú crf (r>
a!
o
I(ú tt
(ú (ú
oÊ eo
EE
Ës aú¡
Eõ EE
ø
o È
c)
a d)
(ú (ú
o
(g
= ttt 6,
q)
E
g Y
.9,
o) c,
o
o o
E 0'
(,o