9.1 Bestemmingsplan 'Emmeloord, De Munt B'.pdf
Tekst van het document
Ter plaatse van de olietanks is tevens in 2 boringen een olie-water reactie, dan wel een dieselgeur waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond licht verontreinigd is met kwik, kobalt, PAK en/of minerale olie. De ondergrond is over het algemeen niet verontreinigd. Uitzondering daarop is de boring bij de tanks waarbij ook een zwakke/sterke oliewater reactie werd waargenomen. De grond is hier van 1,0 tot 1,5 m-mv. sterk verontreinigd met xylenen, matig verontreinigd met minerale olie en licht verontreinigd met 3 tolueen en ethylbenzeen. Aanvullend is de omvang van de verontreiniging vastgesteld op 5 m . Het grondwater ter plaatse van de grondverontreiniging is matig verontreinigd met xylenen. Het grondwater op de andere delen van het erf is licht verontreinigd. Uit de PAK-markertest blijk dat er het asfalt niet teerhoudend is. Om definitief vast te stellen of er wel/geen PAK (teer) aanwezig is in het asfalt dient nog analyse conform DLC plaats te vinden. Resultaten Muntweg 8: Tijdens de veldwerkzaamheden is op het erf zwak puinhoudend materiaal aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond ter plaatse van twee boringen sterk verontreinigd is met PAK. Visueel is hier geen verklaring voor. Aangegeven wordt dat de verontreiniging mogelijk te relateren is aan het asfalt. De omvang van beide PAK verontreinigingen is niet vastgesteld.
De rest van de bovengrond en ondergrond (ook bij de bodembedreigende activiteiten) is maximaal licht verontreinigd met PAK, zware metalen en/of minerale olie. Het grondwater is niet verontreinigd. Uit de PAK-markertest blijkt dat het asfalt op het erf teerhoudend is. Resultaten landbouwpercelen: Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond ter plaatse van de landbouwpercelen niet verontreinigd is. Zeer lokaal is de ondergrond licht verontreinigd met kobalt, voor de rest is de ondergrond niet verontreinigd. Het grondwater is licht verontreinigd met barium, xylenen en/of naftaleen. 10. Asbest De gemeente geeft aan dat er geen (vermoeden van) asbest is in het gebied. Op basis van het uitgevoerde bodemonderzoek (zie paragraaf 10) blijken beide erven (muntweg 4 en Muntweg 8) verdacht op het voorkomen van asbest. Dit komt door de aanwezigheid van zwak/matig puinhoudend materiaal in de bodem. Tijdens het bodemonderzoek is het puinhoudende materiaal niet onderzocht op asbest, derhalve blijven beide erven verdacht op het voorkomen van asbest. 11. Conclusie Op basis van de huidige informatie is voldoende inzicht verkregen in het gebruik en de mogelijke aanwezigheid van bodembedreigende activiteiten en/of bodemverontreinigingen. Voor het wijzigen van het bestemmingsplan zijn op basis van het historisch onderzoek geen belemmeringen.
Projectnummer: 269515 Blad 5 van 6
-
Ten aanzien van een vervolgtraject zijn er wel een aantal aandachtspunten, te weten: Ter plaatse van het erf Muntweg 4 zijn een aantal bodembedreigde activiteiten aanwezig. Uit bodemonderzoek blijkt dat ter plaatse van de olietanks een sterke verontreiniging met xylenen in de 3 grond (1,0-1,5 m-mv) aanwezig is. De omvang van de verontreiniging bedraagt circa 5 m . Omdat verdere informatie ontbreekt wordt gesteld dat deze verontreiniging nog op de locatie aanwezig is. Mogelijk zal de verontreiniging bij de bouw van de datacenters verwijderd (moeten) worden, maar daarover kan pas zekerheid gegeven worden als er definitieve plannen zijn voor de bouw. In ieder geval dient tijdens graafwerkzaamheden ter plaatse van de verontreiniging rekening te worden gehouden met extra veiligheidsmaatregelen voor de werknemers, welke moeten worden vastgelegd in een V&G plan. Ter plaatse van erf Muntweg 4 is indicatief vastgesteld dat er geen teer in het asfalt aanwezig is. Om zekerheid te verkrijgen van de aan/afwezigheid van teer dient een DLC analyse uitgevoerd te worden. Indien het asfalt teerhoudend is kan deze niet hergebruikt worden. Ter plaatse van het erf Muntweg 4 is zwak/matig puinhoudend materiaal in de bodem waargenomen. Tijdens het bodemonderzoek is de puinhoudende grond niet geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest.
Derhalve is het erf Muntweg 4 verdacht op het voorkomen van asbest en dient een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 uitgevoerd te worden. Ter plaatse van het erf Muntweg 8 zijn een aantal bodembedreigde activiteiten aanwezig. Op twee plaatsen is in de bovengrond een sterk verhoogd gehalte aan PAK aangetoond. De omvang van de verontreiniging is niet bekend. Derhalve dient een nader onderzoek conform de NTA 5755 naar de beide PAK verontreinigingen uitgevoerd te worden. Het asfalt ter plaatse van Muntweg 8 is teerhoudend en is derhalve niet geschikt voor hergebruik. Ter plaatse van het erf Muntweg 8 is zwak puinhoudend materiaal in de bodem waargenomen. Tijdens het bodemonderzoek is de puinhoudende grond niet geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. Derhalve is het erf Muntweg 8 verdacht op het voorkomen van asbest en dient een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 uitgevoerd te worden. De landbouwpercelen direct ten zuiden van Muntweg 4 en 8 zijn onderzocht, hierbij zijn geen belemmeringen voor de toekomstige bestemming waargenomen. De overige landbouwpercelen zijn nooit onderzocht. Er hebben geen bodembedreigde activiteiten plaatsgevonden. De verwachting is dat de kwaliteit van deze percelen overeenkomt met de kwaliteit van de reeds onderzochte landbouwpercelen.
Om de daadwerkelijke bodemkwaliteit vast te leggen, wordt bodemonderzoek conform de NEN 5740 geadviseerd. De kanttekening dient geplaatst te worden dat de conclusies zijn getrokken op basis van een onderzoek dat is uitgevoerd in februari 2011. Op de website van de gemeente Noordoostpolder (zie bijlage 5) staat aangegeven dat zij stelt dat een bodemonderzoek 2 jaar geldig is. De gemeente stelt dat met een veldinspectie of een aanvullend onderzoek aangegeven kan worden of de resultaten van het bodemonderzoek na die 2 jaar nog kloppen.
Tot slot Opgemerkt wordt dat de geraadpleegde bronnen soms niet zonder fouten en niet volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelden historische informatie. Hoogachtend, Antea Group Deventer, december 2014
Projectnummer: 269515 Blad 6 van 6
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.
Topografische kaart 1953 Overzicht locatieligging gegevens Bodemloket Belangrijkste gegevens 'Verkennend onderzoek De Munt/Tuinvallei' Informatie (email) afkomstig van gemeente Emmeloord Informatie geldigheid bodemonderzoek
bestemmingsplan Emmeloord, De Munt B
Bijlage 3 Inventariserend veldonderzoek archeologie
90
bestemmingsplan (ontwerp)
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD WITPAARD
14 juni 2011 075575265.0.2 B01033.171319.0600
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
Inhoud Samenvatting _________________________________________________________________________________________ 2 1
2
3
Inleiding en onderzoekskader _________________________________________________________________ 4 1.1
Aanleiding onderzoek ____________________________________________________________________ 4
1.2
Onderzoekslocatie _________________________________________________________________________ 4 1.2.1
Afbakening Plangebied ________________________________________________________ 4
1.2.2
Huidige situatie en toekomstig gebruik ______________________________________ 5
1.2.3
Onderzoeksdoel_________________________________________________________________ 5
Bureauonderzoek ________________________________________________________________________________ 6 2.1
Onderzoeksmethodiek ____________________________________________________________________ 6
2.2
Bodem en geomorfologie _________________________________________________________________ 7
2.3
Verwachtingskaarten______________________________________________________________________ 7
2.4
Archeologische monumentenkaart ______________________________________________________ 7
2.5
ARCHIS _____________________________________________________________________________________ 7
2.6
Verwachtingsmodel _______________________________________________________________________ 8
Veldwerk ___________________________________________________________________________________________ 9 3.1
Opzet verkennend booronderzoek ______________________________________________________ 9 3.1.1
3.2
Opzet Karterend booronderzoek _______________________________________________________ 10 3.2.1
4
Resultaten verkennend boordonderzoek ____________________________________ 9 Resultaten karterend booronderzoek________________________________________ 10
Conclusies en aanbevelingen ________________________________________________________________ 11 4.1
Conclusies _________________________________________________________________________________ 11
4.2
Aanbevelingen ____________________________________________________________________________ 11
Bijlage 1
Verklarende woordenlijst _____________________________________________________________ 12
Bijlage 2
Afkortingen _____________________________________________________________________________ 13
Bijlage 3
Bronnen _________________________________________________________________________________ 14
Bijlage 4
Archis waarnemingen,AMK, bodem, geomorfologie, gemeentelijke beleidsadvieskaart ________________________________________________________________________
Bijlage 5
Boorpuntenkaart __________________________________________________________________________
Bijlage 6
Boorstaten __________________________________________________________________________________
Colofon ___________________________________________________________________________________________________
075575265:0.2 - Vrijgegeven
ARCADIS
1
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
Samenvatting De gemeente Noordoostpolder is voornemens in het plangebied een bedrijventerrein te realiseren. Deze werkzaamheden zullen gepaard gaan met bodemverstoringen waardoor eventueel in de bodem aanwezige archeologische waarden vernietigd kunnen worden. In het kader hiervan is archeologisch onderzoek uitgevoerd. In acht boringen (de boringen 1 t/m 7 en 9) is een intacte bodem aangetroffen(B- en Chorizont, C-horizont bestaande uit dekzand), beginnend op een diepte variërend van 0,8 tot 1,3 m -mv. Deze intacte bodem bevindt zich onder een bouwvoor bestaande uit veen, klei of zand met een dikte van circa 0,4 m. Hieronder bevinden zich afwisselend laagjes klei, verspoeld zand en veen. De intacte bodems bestaan uit matig fijn, zwak siltig zand. In het overgrote deel van de boringen bestaat de bouwvoor uit een laag zandige klei. Hieronder bevinden zich afwisselend lagen veen en siltig, fijn zand. De C-horizont begint op een diepte van 1 – 1,65 m -mv. Uitzondering hierop zijn de boring 110, 113 en 114 waar de bouwvoor bestaat uit circa 0,4 m dikke laag matig zandig veen. In de boringen 31, 38, 39, 43 en 72 bestaat de bouwvoor uit zand. Ook in deze boringen is onder de bouwvoor een afwisseling van lagen zand en veen aangetroffen, tot einde boordiepte.
Al met al is de standaardopbouw van het bodemprofiel binnen het plangebied, vanaf het maaiveld, als volgt: klei, zand, veen en dekzand. Het karterend booronderzoek is uitgevoerd op 17 maart 2011 en betreft de boringen 201 229. De bodemopbouw laat een uniform beeld zien. Bovenop ligt een bouwvoor met een dikte van circa 0,4 m, bestaande uit kleiig zand. Hieronder bevinden zich lagen verspoeld zand, variërend van sterk tot uiterst siltig. Plaatselijk wordt dit zand doorsneden door een bandje zandig veen met een dikte van circa 0,1 m, beginnend op een diepte van 0,6 tot 1,1 m -mv. Op een diepte van 0,7 -1,4 m -mv. begint de B-horizont, bestaande uit sterk siltig rood/bruin zand. Op een diepte van circa 1,4 m -mv. tot einde boordiepte bevindt zich de C-horizont, bestaande uit sterk siltig zand. In boring 228 is een laag aangetroffen die gedefinieerd is als een E-horizont. Deze laag met een dikte van 0,1 m begint op een diepte van 1,1 m -mv. De overige opbouw in deze boring is gelijk aan de andere boringen. Met uitzondering van boringen 205 en 210 laten alle boringen een intact bodemprofiel zien. In geen van de boringen zijn archeologische indicatoren zoals houtskool of aardewerk aangetroffen en er zijn geen vindplaatsen aangetroffen. Het verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek is middels een booronderzoek getoetst. Tijdens het verkennend booronderzoek zijn 65 boringen gezet.
De boringen bevatten onder de bouwvoor een verspoeld zandpakket boven het veen of dekzand zelf. In 57 van deze boringen zijn geen intacte bodemprofielen aangetroffen. Naar aanleiding van het aantreffen van een intacte bodem in acht boringen tijdens het verkennend booronderzoek is op deze locaties een aanvullend karterend booronderzoek
075575265:0.2 - Vrijgegeven
ARCADIS
2
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
uitgevoerd. Doel van het karterend booronderzoek is het vinden van vindplaatsen. Hiervoor zijn in de boringen echter geen aanwijzingen aangetroffen. De boringen bevatten wederom een verspoeld zandpakket boven het veen of dekzand zelf. De afwezigheid van een intacte bodem duidt erop dat de lagen waarin archeologische waarden worden verwacht niet (meer) aanwezig zijn. Ook zijn er geen vindplaatsen aangetroffen in de boringen. Op basis van bovenstaande conclusies wordt het plangebied niet behoudenswaardig geacht. Aanbevolen wordt geen nader archeologisch onderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor de geplande werkzaamheden. De implementaties van deze aanbevelingen zijn afhankelijk van het oordeel van het bevoegd gezag van de gemeente Noordoostpolder. Wanneer bij de uitvoering onverhoopt grondsporen en/of vondsten worden aangetroffen, dient hiervan direct melding te worden gemaakt bij de gemeente Noordoostpolder, mevrouw Jildou Bijlsma, telefoon 0527 633382.
075575265:0.2 - Vrijgegeven
ARCADIS
3
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
HOOFDSTUK
1
Inleiding en onderzoekskader
1.1
AANLEIDING ONDERZOEK De gemeente Noordoostpolder is voornemens in het plangebied een bedrijventerrein te realiseren. Deze werkzaamheden zullen gepaard gaan met bodemverstoringen waardoor eventueel in de bodem aanwezige archeologische waarden verstoord kunnen worden. In het kader hiervan is archeologisch onderzoek uitgevoerd.
1.2
ONDERZOEKSLOCATIE
1.2.1
AFBAKENING PLANGEBIED Het plangebied heeft een omvang van circa 73 ha en ligt aan de noord-oostkant van Emmeloord, net buiten de bebouwde kom. Het betreft een locatie gelegen tussen de A6 (westzijde), de Muntweg (noordzijde), de Kuinderweg (oostzijde) en het bestaande bedrijventerrein de Munt A (zuidzijde). Om tot een goed begrip van de aanwezige en te verwachten archeologische waarden, is een groter gebied onderzocht. Dit gebied, een zone van circa 1 km rondom het plangebied, wordt aangeduid met 'onderzoeksgebied' In het plangebied zijn bodemverstorende ingrepen gepland, namelijk de realisatie van een nieuw bedrijventerrein. Deze activiteiten kunnen eventueel aanwezige archeologische waarden in de bodem aantasten. Alleen het gedeelte van het plangebied dat op de Archeologische Beleidsadvieskaart van de gemeente Noordoostpolder met een gematigde verwachting op archeologische waarden staat aangegeven is archeologisch onderzocht. Het deel met een gemiddelde verwachting is circa 15 ha groot en wordt aangeduid met de boorlocatie. De rest van het plangebied heeft een lage verwachting en is vrijgesteld van onderzoek. De objectgegevens van het plangebied zijn weergegeven in tabel 1.1. Het plangebied en haar directe omgeving is weergegeven in afbeelding 1.2. Objectgegevens plangebied
Tabel 1.1 Objectgegevens
ARCADIS projectnummer
B01033.171319
Opdrachtgever
Gemeente Noordoostpolder
Projectnaam
Inventariserend Veldonderzoek archeologie bedrijventerrein Munt B/tuinvallei te Emmeloord
Plaats
Emmeloord
Gemeente
Noordoostpolder
Provincie
Flevoland
075575265:0.2 - Vrijgegeven
ARCADIS
4
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
Objectgegevens plangebied Kaartblad
16C
Centrumcoördinaten
181780 / 526131
Oppervlakte plangebied
Totaal circa 73 ha.
Oppervlakte boorlocatie
Circa 15 ha.
Onderzoeksmeldingen
43976
Onderzoeken (afmelding)
35840
Bevoegd Gezag
Gemeente Noordoostpolder
Archeoregio
10, Flevolands kleigebied
Beheerder en plaats documentatie
ARCADIS, vestiging Assen. Na deponering het Noordelijk Archeologisch Depot te Nuis.
Contactpersonen ARCADIS
E. N. Akkerman
Afbeelding 1.1 Ligging van het plangebied en de boorlocatie (rood).
1.2.2
HUIDIGE SITUATIE EN TOEKOMSTIG GEBRUIK Het plangebied is momenteel in gebruik als landbouwgrond. De gemeente is van plan een bedrijventerrein te realiseren. De aanleg van dit bedrijventerrein zal gepaard gaan met bodemverstoringen, zoals het ontgraven van grond.
1.2.3
ONDERZOEKSDOEL Het archeologisch onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek en een booronderzoek. Het onderzoeksdoel van het bureauonderzoek is het vormen van een gespecificeerd verwachtingsmodel. Het booronderzoek beoogt deze gespecificeerde verwachting aan te vullen en te toetsen. Hiertoe wordt gekeken of de lagen waarin archeologische resten worden verwacht intact en aanwezig zijn. Aangezien deze in het veld intact bleken te zijn, is ook een karterend booronderzoek uitgevoerd. De conclusies van het IVO zijn richtinggevend voor eventueel vervolgonderzoek. Op deze manier kunnen eventueel aanwezige archeologische waarden worden meegenomen in de verdere ruimtelijke ontwikkeling.
075575265:0.2 - Vrijgegeven
ARCADIS
5
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
HOOFDSTUK
2.1
2
Bureauonderzoek
ONDERZOEKSMETHODIEK In het kader van het bureauonderzoek zijn diverse bronnen geraadpleegd. De belangrijkste bron is in dit geval de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Noordoostpolder. Daarnaast zijn historische, geologische, geomorfologische en bodemkundige bronnen, in combinatie (digitale) databestanden zoals de Archeologische Monumentenkaart (AMK) en het ARCHeologisch Informatie Systeem II (Archis II) geraadpleegd. Relevant kaart- en bronnenmateriaal is terug te vinden in bijlage 4. De door Vestigia opgestelde archeologische verwachtingskaart van de gemeente Noordoostpolder koppelt voor de gehele gemeente de archeologische verwachtingen aan het uit te voeren beleid. Zo is voor de gehele gemeente duidelijk aan welke voorwaarden moet worden voldaan als het gaat om archeologisch onderzoek. Archis II is beschikbaar gesteld door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) te Amersfoort. Archis II is het centrale databestand dat in Nederland het meest compleet voorhanden zijnde bestand inzake archeologische vondsten (waarnemingen) en monumenten is. Alle bekende behoudenswaardige terreinen/ monumenten in Nederland zijn weergegeven op de Archeologische Monumenten Kaart (AMK). De AMK onderscheidt terreinen van archeologische, hoge archeologische en zeer hoge archeologische waarde al dan niet beschermd.
In onderstaande tabel zijn de verschillende archeologische perioden weergegeven.
Tabel 2.1 Archeologische perioden. Bron: ABR.
Periode
Begin
Einde
Nieuwe tijd
1500
heden
Late middeleeuwen
1050
1500
Vroege middeleeuwen
450
Romeinse tijd
12
v. Chr.
Late ijzertijd
250
v. Chr.
12
v. Chr.
Midden ijzertijd
500
v. Chr.
250
v. Chr.
Vroege ijzertijd
800
v. Chr.
500
v. Chr.
Late bronstijd
1.100
v. Chr.
800
v. Chr.
Midden bronstijd
1.800
v. Chr.
1.100
v. Chr.
Vroege bronstijd
2.000
v. Chr.
1.800
v. Chr.
Laat neolithicum
2.850
v. Chr.
2.000
v. Chr.
Midden neolithicum
4.200
v. Chr.
2.850
v. Chr.
Vroeg neolithicum
5.300
v. Chr.
4.200
v. Chr.
laat mesolithicum
6.450
v. Chr.
4.900
v. Chr.
midden mesolithicum
7.100
v. Chr.
6.450
v. Chr.
vroeg mesolithicum
8.800
v. Chr.
7.100
v. Chr.
laat paleolithicum
35.000
v. Chr.
8.800
v. Chr.
075575265:0.2 - Vrijgegeven
1050 450
ARCADIS
6
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK ARCHEOLOGIE BEDRIJVENTERREIN DE MUNT B/TUINVALLEI EMMELOORD
2.2
BODEM EN GEOMORFOLOGIE Op de bodemkaart ligt het onderzoeksgebied op kalkhoudende vlakvaaggronden met zeer sterk lemig, kleiig, uiterst fijn zand (Sn14A). In de directe omgeving bevinden zich veldpodzolbodems, met leemarm en zwak lemig zand (Hn21) en kalkrijke poldervaaggronden met zware zavel (Mn25Av). Het gebied bevindt zich op een vlakte van zee- of meerbodem afzettingen (2M33) en vlakte van ten dele verspoelde dekzanden (2M9). Verwacht wordt dan ook een bodemprofiel aan te treffen dat bestaat uit klei, veen en dekzand.
2.3
VERWACHTINGSKAARTEN De archeologische verwachtings- en advieskaart van de gemeente Noordoostpolder is een kaart waarop bekende archeologische vindplaatsen en terreinen die door de provincie en rijksoverheid zijn geoormerkt als terreinen met een archeologische status, zijn weergegeven. Daarnaast geeft de kaart een zo actueel mogelijk overzicht van de nog te verwachten archeologische waarden binnen de gemeente Noordoostpolder met daaraan gekoppeld uitvoeringsgerichte adviezen ten aanzien van het gemeentelijke Archeologische Monumentenzorg beleid (AMZ). Het plangebied valt binnen twee zones op deze kaart. Het grootste deel valt binnen een zone met een lage verwachting waar geen onderzoek hoeft te worden uitgevoerd. Circa 15 ha valt in een zone me een middelhoge verwachting op archeologische waarden. Dit is het gedeelte dat in dit rapport besproken wordt.
2.4
ARCHEOLOGISCHE MONUMENTENKAART Zowel in het plangebied als in het onderzoeksgebied zijn geen AMK-terreinen gelegen.
2.5
ARCHIS Binnen het onderzoeksgebied zijn vier waarnemingen in Archis II opgenomen. Het gaat om vondsten gedateerd tussen het neolithicum en de nieuwe tijd. De vondsten zijn gedaan in de omgeving van de Kuinderweg in het onderzoeksgebied.
Tabel 2.2. Waarnemingen Waarnemingsnummer
Periode
Beschrijving
29475
Onbekend
Vuursteen, afslag
28011
Nieuwe Tijd A
Gouden dukaat
27942
Nieuwe Tijd A-B
Keramieken muziekinstrument, vogel/waterfluit
27591
Neolithicum laat
Vuursteen, kling
075575265:0.2 - Vrijgegeven
ARCADIS
7