8.5 Burgerpanelpeiling toetsing uiterlijk bouwwerken.pdf
Tekst van het document
Burgerpanel voorjaar 2023: Welstand (uiterlijk bouwwerken) In april 2023 is het burgerpanel gevraagd om deel te nemen aan de enquête over het uiterlijk van bouwwerken (welstand). 712 respondenten hebben deelgenomen. Dit is heel ruim boven ons streven van 500 respondenten. Figuur 1 laat zien dat ruim 4 op de 5 respondenten erfsingels een onderdeel vinden van het groene raamwerk van de Noordoostpolder en dat ze behouden moeten blijven. Van de respondenten die in het buitengebied wonen vindt zelfs bijna 90% dit.
Figuur 1: Erfsingels zijn onderdeel van het groene raamwerk van de Noordoostpolder en moeten behouden blijven. N=712 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Helemaal mee eens
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens
Figuur 2 laat zien dat 43% van de respondenten het niet belangrijk vindt waar een gebouw staat op een erf. Nog eens 28% is neutraal in dit opzicht. Van de respondenten in het buitengebied vindt 48% het niet belangrijk en nog eens 25% is neutraal.
Figuur 2: Het maakt niet uit waar een gebouw (dit gaat niet om de inrichting van de tuin met een tuinhuisje) op een erf staat. N=712 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens
In figuur 3 kunnen we goed zien dat ruim 7 op de 10 respondenten beeldbepalende panden, straten en erven wil behouden.
Figuur 3: Beeldbepalende panden, straten en erven moeten behouden worden. N=712 60%
50%
40%
30%
20%
10%
0% Helemaal mee eens
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens
Zoals te zien is in figuur 4, heeft variant 3 (Een welstandsbeleid dat enkele regels kent, en waarbij soms op verzoek (vooral al meedenkend) ook door een stadsbouwmeester getoetst wordt. Nog eens ruim 30% van de respondenten vindt optie 2 de beste optie, waarin er ook regels gelden, maar waarin er door een ambtenaar getoetst wordt.
Figuur 4: Welke variant heeft uw voorkeur? N=671 50% 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% OPTIE 4: Een OPTIE 3: Een OPTIE 2: Een OPTIE 1: Welstandsvrij. Dan zijn er geen regels, maar kan welstandsbeleid dat enkele welstandsbeleid dat enkele welstandsbeleid dat meer regels kent voor specifieke regels kent, en waarbij soms regels kent, en waarbij een de gemeente ook niet welstandscommissie, op verzoek (vooraf al ingrijpen als bebouwing niet onderdelen. Waarbij door achteraf, wanneer de past in de rest van de buurt. een ambtenaar getoetst meedenkend) ook door een wordt en de gemeente kan stadsbouwmeester getoetst aanvraag al ingediend is, de bouwaanvragen toetst. wordt. ingrijpen als dat nodig is.
Ruim driekwart van de respondenten (zie figuur 5) vindt dat de gemeente moet kunnen ingrijpen op bouwplannen als die enorm afwijken van de omgeving.
Figuur 5: De gemeente moet kunnen ingrijpen op bouwplannen als die enorm afwijken van de omgeving. N=656 8%
16%
Mee eens
Neutraal
Mee oneens
76%
Zoals figuur 6 laat zien, vindt 20% van de respondenten dat er geen onafhankelijke beoordeling door een externe partij nodig is bij nieuwbouw in een al bestaande straat. 2 keer zoveel respondenten vindt dit wel belangrijk.
Figuur 6: Bij nieuwbouw in een al bestaande straat is een onafhankelijke beoordeling door een externe partij belangrijk. N=656 20%
41%
39%
Mee eens
Neutraal
Mee oneens
De helft van de respondenten (zie figuur 7) vindt de vorm van het dak onbelangrijk. Een kwart van de respondenten vind die vorm wel belangrijk, de rest is neutraal.
Figuur 7: De vorm van het dak is niet belangrijk N=656 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
Figuur 8 laat zien dat slechts 7% van de respondenten vindt dat een dakkapel aan de voorzijde niet mag. Ruim 80% van de respondenten vindt dat dit wel moet kunnen.
Figuur 8: Een dakkapel aan de voorzijde mag N=656 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
In figuur 9 is geïllustreerd dat de respondenten heel erg verdeeld zijn over de vraag of aan de voorzijde van bebouwing regels moeten gelden. Iets meer respondenten vinden dat er wel regels moeten gelden.
Figuur 9: Voor de voorzijde van de bebouwing hoeven geen regels te gelden. Dit gaat niet over de inrichting van de tuin. N=656 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
Figuur 10 laat zien dat voor woonwijken uit de jaren 70, 80 en 90 respondenten iets vaker aangeven dat er wel welstand moet gelden voor die wijken, ondanks dat de wijken die daarna kwamen dit niet hebben. De respondenten uit de wijken in Emmeloord die uit de jaren 70, 80 en 90 komen zijn nog iets kritischer, 26% (helemaal) eens, over het niet nodig hebben van welstand voor hun wijken.
Figuur 10: Voor woonwijken uit de jaren 70, 80 en 90 is geen welstand nodig, net als voor de woonwijken die daarna zijn gebouwd. N=656 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
In figuur 11 zien we een vergelijkbaar beeld wat betreft welstand voor bedrijventerreinen.
Figuur 11: Voor bedrijventerreinen is geen welstand nodig. N=656 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
Opvallend genoeg vindt wel meer dan de helft van de respondenten dat er geen welstand nodig is voor nieuwbouwwijken. Figuur 12 laat zien dat slechts een kwart van de respondenten vind dat dat wel zou moeten.
Figuur 12: Voor nieuwbouwwijken is geen welstand nodig. N=656 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
Zoals in figuur 13 is te zien dat meer respondenten (50%) vinden dat de buurman zelf moet weten wat hij bouwt ten opzichte van de respondenten die dit niet vinden (26%).
Figuur 13: Wat mijn buurman bouwt moet hij zelf weten. N=656 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Helemaal mee eens (veel vrijheid)
Mee eens
Neutraal
Niet mee eens
Helemaal niet mee eens (minder vrijheid)
Ten slotte hebben we de respondenten gevraagd wat ze van windmolens bij het boerenerf vinden. Figuur 14 laat zien dat bijna de helft van de respondenten vindt dat een molen van 15 meter goed is. Bijna een derde van de respondenten vindt dat een molen van 35 meter ook goed is. Bijna een kwart van de respondenten vindt dat er helemaal geen windmolens bij de boerenerven moeten kunnen staan. Van de respondenten die in het buitengebied wonen, vindt ruim een vijfde dat windmolens niet toegestaan moeten zijn, twee vijfde (41%) vindt dat een molen tot 15 meter in orde is en bijna (38%) twee vijfde vindt dat een molen tot 35 meter OK is.
Figuur 14: Windmolens bij boerenerf N=653 50% 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Een windmolen moet niet toegestaan zijn bij een boerderij.
Een windmolen tot 15 meter moet kunnen bij een boerderij.
Een windmolen tot 35 meter moet kunnen bij een boerderij.
Figuur 15: Waar woont u? N=646 18% 16% 14% 12% 10% 8% 6% 4% 2% 0%
Figuur 16: Selecteer uw leeftijdscategorie N=623 25%
20%
15%
10%
5%
0% tot 29 jaar
30 tot 39 jaar
40 tot 49 jaar
50 tot 59 jaar
60 tot 69 jaar
70 tot 79 jaar 80 jaar of ouder