CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

7.1 Getekend Raadsvoorstel VO-Campus 7 juni 2021.pdf

Gemeenteraad 17 november 2022, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 7: Aanvullende middelen nieuwbouw VO-Campus3.798 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente

NOORDOOSTPOLDER Emmeloord, 28 april 2021. Onderwerp

VO-Campus Advies raadscommissie

Debatstuk Aan de raad. Status: ter besluitvorming Voorgesteld besluit

1. 2.

3.

4. 5. 6.

Kennis nemen van Variantenstudie VO-Campus; Instemmen met de realisatie van variant ‘Alle VO op één locatie’, inclusief bijbehorende investeringsraming: Zuyderzee Lyceum en Emelwerda College (basisvariant) 27,8 miljoen ë 2,4 miljoen Internationale Schakelklassen (ISK) ë 5,6 miljoen Bonifatius Mavo ë 0,2 miljoen Tienercollege; Voor de realisatie van de VO-Campus een totaalbudget van ë 36 miljoen beschikbaar stellen en deze als volgt te dekken: ë 19,5 miljoen VIV-middelen (zoals opgenomen in exploitatiebegroting) ë 4,0 miljoen door incidentele aanpassing projectrente investering VO-campus ë 6,8 miljoen bijdrage scholen ë 5,7 miljoen aanvullende bijdrage gemeente uit bestemmingsreserve; Voor het uitvoeringsjaar 2021 een bedrag van ë 1 miljoen vanuit het totaalbudget beschikbaar stellen ten behoeve van kosten van voorbereiding en realisatie van de VO-Campus. De 18e wijziging van de programmabegroting 2021 vaststellen. Het college opdragen: * een Samenwerkingsovereenkomst aan te gaan; » vervolgstappen te nemen om de VO-Campus te realiseren; » voorafgaand aan de definitieve gunning van het project terug te komen bij de gemeenteraad voor een definitief besluit tot realisatie van de VO-Campus.

Doelstelling

De realisatie van een moderne, eigentijdse en duurzame VO-Campus om onze jonge inwoners een uitdagende en stimulerende leeromgeving te bieden voor hun ontwikkeling en het afronden van het Voorgezet Onderwijs. Inleiding

VariO Onderwijsgroep, het Emelwerda College en de gemeente hebben gezamenlijk gekozen voor de realisatie van een Onderwijscampus voor het voortgezet onderwijs (VO). De basis hiervoor wordt gevormd door het clusteren op één locatie van het Zuyderzee Lyceum (onderdeel van VariO Onderwijsgroep) en het Emelwerda College. Hierbij is ook een ambitie uitgesproken die verder gaat dan de basisvariant die aanvankelijk in het Uitvoeringsprogramma Voorzien in Vastgoed (VIV) (2018) is opgenomen. Het gelijktijdig realiseren van nieuwbouw voor beide scholen van het Voortgezet Onderwijs is een kans die theoretisch gezien maar eens in de 40/50 jaar voorbij komt. Dit is hét moment omdat er sprake van veroudering op technisch, functioneel en energetisch gebied. Renovatie is een optie, maar dit zal gepaard gaan met aanzienlijke kosten. En dit zal uiteindelijk niet leiden tot de gewenste en noodzakelijk geachte kwaliteitsimpuls voor het onderwijs. De nieuwe onderwijsconcepten die zowel de VariO Onderwijsgroep als het Emelwerda College graag willen implementeren, kunnen niet verwezenlijkt worden in de bestaande gebouwen zonder deze grondig te renoveren.

Dit voorstel gaat over de keuze voor de definitieve variant voor de VO-Campus. Beleidsreferentie

Coalitieakkoord 2018-2022 Uitvoeringsprogramma 2018-2029 Voorzien in Vastgoed Integraal Huisvestingsprogramma Onderwijs 2018-2029 Raadsbesluit VO Campus, 24 februari 2020 Perspectiefnota 2021-2024 Programmabegroting 2021-2024 Argumenten

1.1 De Variantenstudie VO-Campus is een uitwerking van de opdracht van de gemeenteraad Met het raadsbesluit VO-Campus, zie bijlage 1 (Campus voor het Voortgezet Onderwijs Noordoostpolder) van 24 februari 2020 heeft u het college de opdracht gegeven om, samen met de scholen, de mogelijkheden te onderzoeken om extra ambities voor de VO-Campus uit te werken. Het gaat om ambities qua omvang, kwaliteit en duurzaamheid. Deze zijn uitgewerkt en worden aan u voorgelegd zodat u een afweging kunt maken of u die ambities samen met de scholen wilt gaan realiseren. Bijlage 2 (Variantenstudie VO-Campus) is de uitwerking van uw opdracht aan het college. 2.1 De ambitievariant ‘Alle VO op één locatie’ sluit aan bij de onderwijsvisie van de scholen Emelwerda en VariO hebben allebei een duidelijke eigen visie op hoe zij onderwijs willen bieden. Dat onderscheid zal in de VO-Campus terugkomen. Leerlingen en ouders houden een keuze in de school die qua onderwijsmethode en identiteit het beste bij hen past. Daarnaast hebben de schoolbesturen een gezamenlijk ontwikkelde onderwijsvisie, gericht op doorgaande leerroutes en samenwerking op thema’s “Techniek S Innovatie”, “Kunst, Cultuur à Klassieken”, “Sport, Bewegen Ă Gezondheid” en op het creëren van een aantrekkelijke campusomgeving voor de Noordoostpolder. Dit is de meerwaarde van het realiseren van een campus.

Het bij deze onderwijsconcepten behorende voorzieningenniveau kan niet ontwikkeld worden door instandhouding van de bestaande - solitaire en technisch verouderde - gebouwen. Willen we voor onze jongeren een mooie, inspirerende en uitdagende leeromgeving realiseren, dan is nieuwbouw de meest optimale en toekomstbestendige optie. 2.2 De ambitievariant ‘Alle VO op één locatie’; een compleet en integraal onderwijsaanbod Alle leerlingen op één locatie heeft onderwijsinhoudelijk de voorkeur, dus geen dislocaties meer. Door ook de Internationale schakelklassen, de Bonifatius Mavo en het Tienercollege een plek te geven binnen de Campus ontstaat er een compleet en integraal onderwijsaanbod voor het reguliere VO met doorgaande leerlijnen. In de opdracht aan de architect zal nadrukkelijk worden opgenomen dat het complex zo ingericht moet worden dat het veilig en geborgen voelt voor alle leerlingen en docenten. 2.3 Door de ambitievariant is realisatie van het Onderwijsexpertisecentrum mogelijk Met de keuze om alle VO op één locatie te realiseren komt het gebouw van de Bonifatius vrij. Dit kan niet zonder een goede herbestemming. Dit gebouw is in 2008 volledig gerenoveerd en uitgebreid en is nog in prima staat. Hier zien we de kans om een wens van het primair onderwijs te realiseren, een Onderwijsexpertisecentrum.

Het Onderwijsexpertisecentrum is een clustering van scholen en aanvullende functies en deskundigheid rondom het speciaal basisonderwijs. Hoewel deze herbestemming van het Bonifatius gebouw voorwaardelijk en volgtijdelijk nauw samenhangt met de realisatie van de campus, kiezen we er voor om dit als twee separaten projecten te behandelen en ontvangt u een apart raadsvoorstel voor de verdere ontwikkeling. Met betrekking tot dit voorstel constateren we dat een keuze voor de ambitievariant van de VO-Campus leidt tot een leegstaand schoolgebouw waarvoor binnen het onderwijs een herbestemming mogelijk is. 2.4 De investeringsraming is gebaseerd op actuele uitgangspunten Voor een correct beeld van de kosten is een aanpassing noodzakelijk van het normbedrag van C 1.800 per m2 voor nieuwbouw waarmee in VIV (prijspeil 2018) rekening wordt gehouden. In VIV is al aangegeven dat met een aantal elementen geen rekening wordt gehouden, namelijk: » BENG: sinds begin 2021 geldt dat nieuwbouw moet voldoen de Bijna Energie Neutraal-norm; * BENG+: aanvullende maatregelen die duurzaamheid campus ten goede komen; * Kwaliteit: aanvullende maatregelen die kwaliteit campus ten goede komen; » Prijsontwikkelingen: prijzen stijgen sneller dan indexering; » Buitenruimte: kosten voor buitenruimten horen bij de totale investeringsraming.

Deze elementen leiden tot een aanpassing van de kostprijs naar ē 2.400 per m2 voor nieuwbouw, prijspeil 2026. In de Variantenstudie (bijlage) vindt u nadere onderbouw van de berekende kostprijs. 2.5 In beide varianten is rekening gehouden met de actuele ruimtebehoefte De dalende trend in de leerling prognoses zet door. In overeenstemming met het onderwijsveld hebben we gekozen voor een realistische prognose op basis van huidige inzichten. Voor de ambitievariant gaan we uit van in totaal 2.700 leerlingen, hiervan zitten er ongeveer 2.250 in de basisvariant. Dit leidt tot een ruimtebehoefte van 15.000 m2 nieuwbouw voor de ambitievariant. 2.6 De investeringsraming voor de basisvariant is C 27,8 miljoen Deze investeringsraming is gebaseerd op realisatie van 11.572 m2 nieuwbouw. Gerekend wordt met een kostprijs van C 2.400 per m2 voor nieuwbouw. In VIV (2018) werd uitgegaan van een kostprijs van 6 1.800 per m2. Er werd toen al aangegeven dat met een aantal kosten geen rekening werd gehouden. Die kosten zijn nu wel becijferd zodat er een correct beeld van de kosten voorligt. In de kostprijs van 6 2.400 zijn meegenomen: BENG+ en aanvullende kwaliteitsmaatregelen, prijsontwikkelingen en doorberekening naar prijspeil 2026 en advies- en proceskosten zoals architect, installatieadviseur, projectmanagement en interne projecturen.

2.7 De investeringsraming voor de ambitievariant ‘Alle OV op één locatie’ is ť 36 miljoen Het realiseren van de ambitievariant vraagt een extra investering van 6 8,2 miljoen. Deze investeringsraming is gebaseerd op 15.000 m2 nieuwbouw en 6 2.400 per m2. Deze kosten zijn als volgt opgebouwd: 6 27,8 miljoen Zuyderzee Lyceum enEmelwerda College (basisvariant) 6 2,4 miljoen Internationale Schakelklassen (ISK) 6 5,6 miljoen Bonifatius Mavo ê 0,2 miljoen Tienercollege. 3.1 Dekking is deels gevonden door aanpassing van de rentelast op VIV-budget Met het Uitvoeringsprogramma VIV (2018) is budget beschikbaar gesteld voor de bijdrage van de gemeente aan de VO-Campus. In het Uitvoeringprogramma is rekening gehouden met een jaarlijkse indexering van +1,607o. Daarbij is gemeld dat het percentage jaarlijks wordt aangepast conform de gehanteerde percentages van de begrotingsrichtlijnen van desbetreffende járen. Het in het Uitvoeringsprogramma VIV genoemde gemeentelijke investeringssom is hierdoor aangepast van 6 19,397 miljoen naar 6 19,5 miljoen. In VIV is rekening gehouden met een projectrentelast van +2,2%, gebaseerd op de verwachte langjarige rentestanden in 2018. De huidige rentestand voor leningen op de kapitaalmarkt is lager dan +1%.

Voorstel is om de rente naar een geactualiseerd marktverwachtingsniveau van +1% te verlagen waardoor er meer investeringsruimte ontstaat, zonder dat de structurele lasten voor de gemeente toenemen. 3.2 Dekking is deels gevonden door een bijdrage van de scholen In VIV is gerekend met een eigen bijdrage van schoolbesturen van 20 tot 30 procent van de kosten voor nieuwbouw. Afgelopen jaar hebben scholen en gemeente gezamenlijk gekeken naar wat rechtmatig kan worden geïnvesteerd en wat verantwoord is voor de bedrijfsvoering van de scholen. In gezamenlijkheid zijn we uitgekomen op een bijdrage aan de investering door de scholen van 6 6.835.000. Dit is 1907o van de investeringskosten voor de ambitievariant. Een hogere bijdrage zou nadelige consequenties hebben voor een gebalanceerde bedrijfsvoering van de scholen. Daarnaast zullen beide schoolbesturen rekening moeten houden met een investering van ieder ongeveer C 1 miljoen voor de inventaris van hun nieuwe schoolgebouw. De Raden van Toezicht van Emelwerda College en VariO Onderwijsgroep hebben ingestemd met de ambitievariant voor de campus en de financiële bijdrage die de scholen leveren.

3.3 Keuze voor de ambitievariant leidt tot een extra investering door gemeente Om de ambitievariant ‘Alle VO op één locatie’ waar te maken is een extra investering door de gemeente van ê 5.665.000 noodzakelijk. Het voorstel is om deze aanvullende bijdrage te dekken uit de vrije ruimte binnen de bestaande bestemmingsreserves. Dit past binnen het beleid om autonome keuzes (de ‘plus’ variant bovenop de basisvariant) te dekken uit incidentele middelen. De ambitievariant valt niet binnen de zorgplicht van de gemeente. U treft een nadere onderbouwing van deze dekkingsvoorstellen aan in de Variantenstudie (bijlage). Hiermee is de totale dekking als volgt opgebouwd: 6 19.500.000 eerder beschikbaar gestelde VIV-middelen en zoals verwerkt in begroting; ē 4.000.000 door aanpassing projectrente naar +1% over beschikbaar gestelde VIV-middelen; 6 6.835.000 eigen bijdrage scholen; 6 5.665.000 aanvullende bijdrage gemeente uit niet beklemde ruimte binnen de bestemmingsreserves. 4.1 Hiermee stelt u budget beschikbaar in lijn met de voortgang van het project Het totale bedrag van 6 36 miljoen is niet al in 2021 nodig. In jaarschijven, die de verwachte realisatie van het project volgen, zal het budget tot en met 2026 beschikbaar komen en opgenomen worden in de primitieve programmabegrotingen van de komende járen.

Voor 2021 verwachten wij een bedrag van 6 1 miljoen nodig te hebben ten behoeve van kosten van voorbereiding. Na uw besluitvorming starten we met de selectie van projectmanagement en ontwerpende partijen. 6.1 In de Samenwerkingsovereenkomst leggen we uw kaders vast De eerstvolgende stap is het vastleggen van de kaders van dit raadsvoorstel in een Samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente en de beide scholen. Hierin leggen we vast hoe we gaan samenwerken om de VO-Campus te realiseren en wat onze verschillende rollen, taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden zijn. Ook worden de door uw raad gekozen ambities verwoord en wordt het bijhorende budget taakstellend gemaakt voor de totale realisatie. Hierbij hoort een risicoparagraaf (zie kanttekeningen), bijbehorende risico mitigerende maatregelen en een werkwijze hoe we omgaan met risico’s die we nu nog niet kunnen schatten. 6.2 De gemeente is bouwheer Gezien de omvang van dit project en de bijdrage van ruim 80o7o van de gemeente is met de scholen besproken dat de gemeente bouwheer wordt. Normaliter doen de scholen dit zelf. Dit betekent niet dat de gemeente alle besluiten zelfstandig kan nemen. Dat zal op basis van consensus tussen de drie partijen zijn. Met het bouwheerschap hebben we als gemeente beter positie als het gaat om de afwegingen van belangen dan wanneer wij slechts een financiële bijdrage zouden leveren.

Door bouwheer te zijn heeft de gemeente invloed op realisatie binnen het taakstellende budget en het beperken en mitigeren van risico’s. Dit geeft voor zowel de gemeente als de scholen een betere uitgangspositie voor een goed verloop van het realisatieproces en de te bijbehorende procedures. Kanttekeningen

2.1 Keuze voor ENG is financieel een extra opgave De extra kosten om van de VO-Campus een Energie Neutraal Gebouw te maken bedragen 6 1,5 miljoen. Het voorstel is om dit niet te doen, maar te kiezen voor een aantal maatregelen bovenop BENG, die veel rendement en kwaliteit opleveren. Deze aanvullende maatregelen zijn verwerkt in de totale investeringsraming van 6 36 miljoen. 2.2 In het voorstel is nog geen Voortgezet Speciaal Onderwijs op de campus opgenomen In het raadsvoorstel van vorig jaar hebben we aangegeven dat er op gezamenlijk initiatief van het VO en VSO onderzocht wordt of het mogelijk is om ook deze scholen een locatie te geven op de campus. Het delen van faciliteiten en kennis wordt als een grote meerwaarde gezien. De huidige schoolgebouwen van de VSO moeten de komende 5 jaar gerenoveerd worden, hiervoor zijn middelen in VIV gereserveerd. Onderzocht wordt of aansluiting bij de VO-Campus niet een betere optie is. Hiervoor kunt u komend halfjaar een apart raadsvoorstel verwachten, zodat bij een eventuele keuze hiervoor dit direct betrokken kan worden in het ontwerpproces. Wanneer deze keuze wordt gemaakt zal dit vertaald worden naar een addendum bij de Samenwerkingsovereenkomst.

2.3 Belang VO-Campus en Onderwijsexpertisecentrum wederzijds De realisatie van de VO-Campus en de realisatie van een Onderwijsexpertisecentrum hebben een afhankelijkheidsrelatie. Indien de keuze valt op de basis-variant VO-Campus zal een Onderwijsexpertisecentrum in deze omvang niet meer tot de mogelijkheden behoren. En wanneer er gekozen wordt om het Onderwijsexpertisecentrum niet te realiseren in het gebouw van de Bonifatius Mavo, dan moet er gekeken naar andere invulling voor deze locatie om de ambitievariant van de VOCampus toch mogelijk te maken. 3.1 Ambitievariant heeft grotere financiële consequenties Keuze voor de ambitievariant leidt tot een aanvullende investering van de gemeente die gedekt worden uit bestemmingsreserves. Deze keuze leidt in principe tot een beperking van de keuzen in de integrale afweging van de opgaven waar de gemeente voor staat. Uitgaand van de huidige stand van de vrije ruimte van de bestaande bestemmingsreserves betekent deze extra investering in de VOCampus geen uitputting van die ruimte die we mogelijk nodig hebben voor andere ambities. 3.2 Keuze voor basisvariant leidt tot herberekening Bij een keuze voor de basisvariant zullen we opnieuw met de scholen om tafel moeten. Zij kiezen nadrukkelijk voor de ambitievariant.

Een keuze voor het uitvoeren van alleen de basisvariant, al dan niet aangevuld met een aantal ambitieonderdelen (bijvoorbeeld wel ISK maar geen Bonifatius), heeft gevolgen voor de dekking van de investering. De eigen bijdragen van scholen zullen voor de basisvariant lager uitvallen. We zullen dan opnieuw afspraken gemaakt moeten worden wat de scholen in dat geval kunnen en willen bijdragen. 3.3 Aan een groot project kle ven risico ’s Aan een ambitieus groot project als de VO-Campus kleven financiële risico’s: ambities kunnen groter en daardoor duurder worden, de uiteindelijke aanbesteding kan tegenvallen, de prijsontwikkelingen kunnen nog harder gaan dan geraamd of de opgenomen post onvoorzien kan ontoereikend blijken te zijn. Voor deze financiële risico’s maken we in de Samenwerkingsovereenkomst afspraken met de scholen. In de overeenkomst is de totale investeringsraming van 6 36 miljoen taakstellend. Dit betekent dat als een van deze risico’s zich voordoet er een heroverweging moet plaats vinden binnen het taakstellend budget voor het project. In bijlage 4 (Risicoparagraaf VO-Campus) vindt u een nadere uitwerking van verwachte risico’s Een drietal risico’s benoemen we hier apart: » Daling of stijging leerlingenaantallen. Het aantal leerlingen is bepalend voor de ruimtebehoefte.

Bouwen we teveel, dan bouwen we voor leegstand en dat heeft zijn neerslag op de bedrijfsvoering van de scholen. Bouwen we te weinig, dan zal er later bijgebouwd moeten worden, wat dan extra investeringen vraagt. De komende twee jaar zullen we de actuele leerlingenprognoses goed monitoren, zodat we bouwen volgens de meest actuele prognose. Aan de architect en installateur zal in ieder geval opdracht worden gegeven om de VO-Campus zo te ontwerpen dat wanneer nodig er relatief eenvoudig extra lokalen bijgebouwd kunnen worden. » Bijstellen rente is risico. Over de reële rentestand voor dit project kunnen we pas in 2026 (einde werk) definitieve percentages geven. In de berekeningen gaan we nu uit van '\0A rente, dat is hoger dan de huidige marktrente. Het is vooral de lange looptijd van de realisatie die inschatting van het risico bemoeilijkt. In de Samenwerkingsovereenkomst zal worden vastgelegd dat een stijging van de rente zal leiden tot een heroverweging die moet borgen om binnen het totale investeringskrediet te blijven. » Nog niet alle bijkomende incidentele kosten zijn helder. In de investeringskostenraming is het gebouw en de terreininrichting meegenomen, maar nog niet alle andere kosten zijn helder. Zo zullen de gymzalen van het Emelwerda in stand blijven, maar wel gerenoveerd moeten worden.

Ook hebben we nog geen concreet beeld of en in welke omvang er tijdelijk huisvesting aan de orde is, in de Perspectiefnota is hier 6 200.000 voor opgenomen. Hierbij is er van uitgegaan dat in bestaande gebouwen tijdelijke huisvesting gerealiseerd kan worden. Ook hebben we rekening gehouden met een ingreep in de verkeersdoorstroming van de Espelerlaan, daar is in de primitieve begroting 2021 een bedrag van 6 500.000 voor beschikbaar gesteld. Er vindt onderzoek plaats hoe dit het beste kan worden vormgeven. Mogelijk komen hier nog extra kosten uit voort. 3.4 Vrijvallende locaties vormen geen dekking van lasten Met het realiseren van de ambitievariant ‘Alle VO op één locatie’ vallen de schoolgebouwen van het Zuyderzee Lyceum en de Internationale Schakelvoorziening aan de Nagelerweg vrij. Beide locaties bieden potentie en mogelijkheden voor herontwikkeling. Voor de locaties aan de Professor Ter Veenstraat zou een herbestemming wonen passen en voor de Nagelerweg een bestemming bedrijven. De dekking van de investeringskosten voor de VO-Campus heeft geen relatie met mogelijke opbrengsten uit deze herontwikkelingen. Beide locaties worden toegevoegd aan het

Ontwikkelperspectief Emmeloord dat u in de tweede helft van 2021 ontvangt. Na herontwikkeling zullen de resultaten hiervan via de grondexploitaties tot uitdrukking komen. 3.5 Motie Normbedragen heeft vooralsnog geen effect Uw raad heeft in 2020 bij de VNG een motie ingediend die de rijksoverheid oproept om, gelijk aan de stijging van de investeringskosten voor scholen, de bijdrage vanuit het Rijk voor onderwijshuisvesting in het Gemeentefonds te verhogen. De verrekening in het Gemeentefond en de extra kosten voor duurzaamheidseisen en prijsontwikkelingen houden geen gelijke pas met elkaar. Met andere woorden als u de keuze maakt voor de ambitievariant betaalt de gemeente naar verhouding meer vanuit haar eigen vrij besteedbare middelen. Wanneer onze lobby succesvol is en de komende járen de rijksoverheid overgaat tot een hogere vergoeding voor onderwijshuisvesting binnen het gemeentefonds, dan zal dit geen effect hebben op het investeringsbudget voor de VO-Campus. Het effect zal tot uitdrukking komen in de interne dekking danwel de ruimte in de eigen vrij besteedbare middelen. Planning/uitvoering

Eerste stap na uw besluitvorming is het definitief maken van de Samenwerkingsovereenkomst waarin we de kaders van dit raadsvoorstel borgen. Deze zal u ter informatie worden aangeboden. Vervolgens start de selectie van projectmanagement en ontwerpende partijen, die ons na een jaar een voorlopig ontwerp zullen voorleggen. In deze fase onderzoeken we de mogelijkheden om ook het VSO op de campus te realiseren, waarvoor u een apart raadsvoorstel kunt verwachten. We zullen partijen zoals zorgaanbieders, bedrijfsleven, bibliotheek, Cultuurbedrijf, sportverenigingen betrekken die met hun activiteiten kunnen aansluiten bij de VO-Campus. Verder zal er aandacht zijn voor ruimtelijke vraagstukken, fiscale borging en afspraken met de scholen hoe zij de nieuwe huisvesting gezamenlijk gaan beheren en exploiteren. Uw raad wordt in deze ontwerpfase via periodieke rapportages van de voortgang op de hoogte gehouden. Nadat het ontwerp definitief is, over ruim een anderhalf jaar, gaan we de bestekfase in. Het resultaat hiervan leggen we ter definitieve goedkeuring aan u voor, voor dat de opdracht wordt gegund. Daarna begint pas de bouwfase die naar verwachting ruim 2 jaar zal duren. In bijlage 3 (Vervolgproces VOCampus) treft u een nadere beschrijving van de vervolgstappen. Bijlagen: 1. Raadsbesluit VO-Campus, 24 februari 2020 2. Variantenstudie VO-Campus 3.

Vervolgproces VO-Campus 4 Risicoparagraaf VO-Campus

Portefeuillehouder Steller

: H. Wijnants : mevrouw E.T.M. Müller; 06 48 13 46 13; e.muller@noordoostpolder.nl

gemeente

NOORDOOSTPOLDER RAAD

De raad van de gemeente Noordoostpolder, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 april 2021, no. 21.0001449;

BESLUIT:

1. 2.

3.

4. 5. 6.

Kennis nemen van Variantenstudie VO-Campus; Instemmen met de realisatie van variant ‘Alle VO op één locatie’, inclusief bijbehorende investeringsraming: ē 27,8 miljoen Zuyderzee Lyceum en Emelwerda College (basisvariant) 6 2,4 miljoen Internationale Schakelklassen (ISK) ē 5,6 miljoen Bonifatius Mavo ê 0,2 miljoen Tienercollege; Voor de realisatie van de VO-Campus een totaalbudget van ē 36 miljoen beschikbaar stellen en deze als volgt te dekken: ê 19,5 miljoen VIV-middelen (zoals opgenomen in exploitatiebegroting) ē 4,0 miljoen door incidentele aanpassing projectrente investering VO-campus ê 6,8 miljoen bijdrage scholen ê 5,7 miljoen aanvullende bijdrage gemeente uit bestemmingsreserve; Voor het uitvoeringsjaar 2021 een bedrag van 6 1 miljoen vanuit het totaalbudget beschikbaar stellen ten behoeve van kosten van voorbereiding en realisatie van de VO-Campus. De 18e wijziging van de programmabegroting 2021 vaststellen. Het college opdragen: « een Samenwerkingsovereenkomst aan te gaan; « vervolgstappen te nemen om de VO-Campus te realiseren; » voorafgaand aan de definitieve gunning van het project terug te komen bij de gemeenteraad voor een definitief besluit tot realisatie van de VO-Campus.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 7 juni 2021.

GEMEENTE NOORDOOSTPOLDER 2021

No. 21.0000

De raad van de gemeente Noordoostpolder besluit: de programmabegroting voor het dienstjaar 2021 te wijzigen zoals hierna is aangegeven. 18e wijziging van de programmabegroting 2021.

Aldus vastgesteld in de openbare vergade­ ring van 07-06-2021.

Ter kennisneming ingezonden Op 14-07-2021 aan gedeputeerde staten van Flevoland te Lelystad.

GEMEENTE NOORDOOSTPOLDER 2021

No. 21.0000

PROGRAMMA

VERHOGING

VERLAGING

NIEUWE RAMING

Nr. Omschrijving In deze begrotingswijziging zijn de financiële consequenties verwerkt voortvloeiende uit het raadsvoorstel inzake VO-campus.

LASTEN

Voor het begrotingsjaar 2021 vloeien hier geen financiële consequenties uit voort. 0

0

0

0

0

0

Mutaties reserves TOTAAL

BATEN

Mutaties reserves

0

TOTAAL

0

0

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/1964/documents/32390