7.0 Rvst Voorzien in Infra.pdf
Tekst van het document
No. 25.0000367-1
Emmeloord, 18 maart 2025 Onderwerp Voorzien in infra Advies raadscommissie […] Aan de raad. Status: ter besluitvorming Voorgesteld besluit 1. Het rapport ‘Voorzien in infra – inzicht in vervangingen voor wegen en kunstwerken’ vast te stellen als basis voor het te kiezen scenario. 2. Te kiezen voor scenario ‘0 - Prioriteren’ als uitgangspunt voor het Uitvoeringsplan Voorzien in infra. Doelstelling Vaststellen richtinggevend kader voor het Uitvoeringsplan Voorzien in infra. Inleiding Als gemeente zijn we beheerder van de wegen en civiele kunstwerken in onze openbare ruimte. Een aantal wegen en civiele kunstwerken is aan het einde van de technische levensduur en dus aan vervanging toe. Dat vraagt om een goede vervangingsstrategie en een meerjarenvervangingsplan. Op 13 januari 2025 zijn drie strategische keuzes met commissie Woonomgeving besproken en is door de commissie een eerste richting aangegeven voor deze keuzes en de prioritering van mobiliteitsopgaven en -doelstellingen. Deze keuzerichting is gebruikt voor de weging per doelstelling in het besliskader van Voorzien in infra en de scenariokeuzes. Het nu voorliggende rapport beschrijft de belangrijkste opgaven en keuzes voor de vervangingsopgave van wegen en civiele kunstwerken. Met het aanbieden van dit rapport met drie scenariokeuzes vragen we de raad een richtinggevende uitspraak te doen over de aanpak van de opgaven.
De keuzes die de raad maakt worden verwerkt in het Uitvoeringsplan Voorzien in infra. Toelichting scenario’s De scenario’s zijn opgebouwd uit twee bouwstenen: de technische vervangingsopgave per asset als basis en daarnaast de combinatie met ambities vanuit Mobiliteitsvisie en Mobiliteitsplan. Met name de mobiliteitsopgaven vanuit de Mobiliteitsvisie geven richting aan de opgestelde scenario’s. Deze beleidsopgaven zijn vertaald naar de zeven Assetmanagement doelstellingen: 1. Veilige infra (verkeersveiligheid en technische veiligheid); 2. Betaalbare infra (passend binnen de budgetten); 3. Beschikbare infra (functioneel, robuust en passend bij het gebruik); 4. Compliant infra (voldoet aan geldende wetgeving); 5. Toekomstvaste infra (passend of voorbereid op toekomstig gebruik); 6. Duurzame infra (robuust, onderhoudsarm en minimalisering van milieu-impact); 7. Positief imago (deze komt ook terug in bovenstaande doelstellingen, bijvoorbeeld veiligheid). Doelstellingen 1 tot en met 4 zijn vooral gekoppeld aan Mobiliteitsopgave 1: Effectiever beheer van veilige infrastructuur’. De overige doelstellingen zijn vooral gekoppeld aan de ambities uit het Mobiliteitsplan 2030. Elk scenario heeft een andere weging tussen de technische waardescore en de ambitie waardescore.
De technische waardescore is gebaseerd op de huidige en toekomstige gebruiksintensiteit, ernst van de schade, de gebruiksfunctie, etc. Dit dient als basis voor het bepalen van het optimale vervangingsmoment. De ambitie waardescore wordt bepaald door de mate van toekomstvastheid en duurzaamheid, de bijdrage aan een positief imago en de bijdrage aan de mobiliteitsdoelen uit de Mobiliteitsvisie. Bijvoorbeeld: een weg die binnen een superblock vooral dient voor lokaal bestemmingsverkeer draagt weinig bij aan de mobiliteitsdoelen. Een weg met een belangrijke ontsluitingsfunctie of een belangrijke route voor fietsverkeer of landbouwverkeer draagt meer bij en krijgt dus een hogere waardescore. De afweging van de technische waardescore, de ambitie waardescore (de toegevoegde waarde) en de kosten resulteren per scenario in een andere prioritering en deels in andere technische maatregelen.
No. 25.0000367-2 De scenario’s zijn als volgt: • +1 scenario Technisch: Alleen de technische score weegt mee en alles wordt vervangen volgens de huidige rehabilitatie eisen. Dit scenario heeft daardoor de hoogste investeringskosten en in mindere mate een koppeling met de mobiliteitsdoelen. De vraag is hoe toekomstvast sommige maatregelen zijn, omdat bij bodemdaling niet voor de zwaarste maatregel voor rehabilitatie is gekozen. •
0 scenario Prioriteren: In dit scenario wegen de technische score en ambitiescore even zwaar en is gekeken of wegen met een lage toegevoegde waarde een gedeeltelijke functiewijziging kunnen krijgen (naar 30 km/h). Deze planning geeft de mogelijkheid om wegen met meer toegevoegde waarde eerst aan te pakken en geeft inzicht in de wegen die sterker bijdragen aan de mobiliteitsdoelen. Toekomstvastheid is meer geborgd omdat minder rehabilitatie wordt gedaan bij bodemdaling gevoelige gebieden.
•
-1 scenario Budgetteren: In dit scenario is geoptimaliseerd naar het (toekomstige) gebruik van de wegen. De ambitiescore weegt daarom zwaarder mee in de eindscore, waardoor goed duidelijk wordt welke wegen een functiewijziging kunnen krijgen (naar fietscorridor of naar 30 km/h). De wegen met functiewijziging vereisen minder investeringen, omdat minder rehabilitatie wordt gedaan vanwege een andere functie. Daardoor kan meer worden bijgedragen aan de mobiliteitsdoelen. Een functiewijziging kan wel betekenen dat een deel van de huidige weggebruikers en aanwonenden niet gelukkig is met deze wijziging, wat onder andere een negatief effect op het imago kan hebben.
Scope en afbakening Voorzien in infra Voorzien in infra gaat over de vervangingsopgave van wegen en civiele kunstwerken voor de komende jaren. Ook levensduurverlengend onderhoud (LVO) valt binnen de scope, omdat daarmee de levensduur van objecten wordt verlengd en vervanging wordt uitgesteld. Regulier onderhoud valt buiten de scope, al is er wel een directe relatie tussen goed onderhoud en het moment van vervangen. Incidentele middelen, zoals het jaarbudget van € 400.000 voor Veilige buitenwegen vanuit het Coalitieakkoord 2022-2026, vallen buiten de scope. Dit specifieke budget wordt, volgens de door het college vastgestelde ‘gereedschapskist’, besteed aan ambities zoals bermverharding, passeerstroken, snelheidsremmende maatregelen of bermonderhoud, níét aan regulier onderhoud of vervanging. Beleidsreferentie • Mobiliteitsvisie 2050 • Mobiliteitsplan 2030 • Beleidsplan Openbare Ruimte 2014-2024 (met aanpassingen 2021) • Coalitieakkoord 2022-2026, Ruimte voor elkaar • Omgevingsvisie Noordoostpolder • Verkenning groeiambitie Noordoostpolder Financiën Onderstaande tabel geeft een overzicht van beschikbare en benodigde vervangingsbudgetten per onderdeel en per scenario. NB. De budgetten zijn gebaseerd op ‘1 op 1 vervanging’ van de bestaande infra, ofwel gelijkwaardige vervanging.
Ambities die zonder meerkosten gerealiseerd kunnen worden, zoals snelheidsremmende maatregelen, worden direct meegenomen. Ambities met aanzienlijke meerkosten, zoals aanleg van bermverharding langs een weg of verbreding van fietspaden op een brug, passen niet binnen de vervangingsbudgetten en deze lasten moeten dus op een andere wijze gedekt worden. Dit kan mogelijk vanuit het budget Veilige Buitenwegen, subsidies voor verkeersveiligheid of afzonderlijke budgetaanvragen.
Onderdeel Wegen Civiele kunstwerken (excl. bruggen) Onderdeel Vaste bruggen
Beweegbare bruggen
Beschikbaar budget voor vervanging Beschikbaar budget voor vervanging Jaarlijkse storting van € 400.000 in bestemmingreserve ‘vervanging bruggen’ -
Extra benodigd budget per scenario 2026 t/m 2030 (afgerond, gemiddeld bedrag per jaar) +1 technisch 0 prioriteren -1 budgetteren 2.776.000 2.462.000 2.228.000 206.000
206.000
132.000
Toelichting De huidige storting is voldoende voor ‘1 op 1 vervangingen’ van vaste bruggen tot en met 2035. De bestemmingsreserve bedroeg per 31 december 2023 € 7.058.174,-. Voor noodzakelijke vervangingen wordt incidenteel budget aangevraagd via de Perspectiefnota
No. 25.0000367-3
Lasten De investeringen in levensduur verlengend onderhoud (LVO) of vervangingen moeten worden geactiveerd. Dat betekent dat de jaarlijkse afschrijvingslasten van de vaste activa opgenomen worden in jaarlijkse exploitatielasten. De lasten worden meegenomen in de (startpositie van de) Perspectiefnota 2026-2029. Argumenten 1. Het rapport geeft inzicht in de technische vervangingsopgave, kaders en scenariokeuzes Het rapport omschrijft de verwachte vervangingsopgave op de korte en middellange termijn van wegen en civiele kunstwerken. De wettelijke, financiële en beleidskaders zijn uitgewerkt en vormen samen met toekomstige ontwikkelingen de richting voor scenariokeuzes. De drie scenario’s geven keuzemogelijkheden in technische oplossingen, kosten en waardecreatie door beleidsambities te realiseren. 2.1 Scenario ‘0-Prioriteren’ past het beste bij de opgaven en de ambities In scenario ‘0 - Prioriteren’ wegen de technische score en de ambitiescore even zwaar mee. Dit geeft een optimale afweging en prioritering in de technische oplossing en de bijdrage aan mobiliteitsdoelen. Scenario +1 omvat de beste technische oplossing en legt daarmee het grootste beslag op de financiële middelen, terwijl de bijdrage aan mobiliteitsdoelen beperkt is. In scenario ‘-1 Budgetteren’ weegt de ambitiescore zwaarder mee dan de technische opgave.
Dat betekent dat wegen die laag scoren op ambities minder ingrijpend worden aangepakt en een functiewijziging noodzakelijk kan zijn om de veiligheid te borgen. 2.2 Dit biedt de basis voor het Uitvoeringsplan Voorzien in infra Het gekozen scenario vormt de basis voor de uitwerking van het meerjarenvervangingsplan van wegen en civiele kunstwerken. De scenariokeuze bepaald de prioritering van projecten, de omvang van de technische maatregelen en de bijdrage aan de hogere mobiliteitsdoelen. In het plan worden onderhoudsmaatregelen (vanuit Voorziening wegenonderhoud) afgestemd op vervangingsmaatregelen (vanuit budget Voorzien in infra) en eventuele rioleringswerkzaamheden tot een integraal plan. Kanttekeningen 1. Het Uitvoeringsplan Voorzien in infra omvat alleen vervangingsinvesteringen Het Uitvoeringsplan voorziet in de technische maatregelen voor vervanging en/of levensduur verlengd onderhoud (LVO) van wegen en civiele kunstwerken. Toevoeging van ambities aan bestaande wegen en objecten, zoals de aanleg van bermverharding als ambitie uit het Mobiliteitsplan, vallen buiten deze vervangingsinvesteringen. Hiervoor moet dus apart budget worden aangevraagd. Maatregelen zonder meerkosten, zoals de aanleg van drempels in te rehabiliteren wegen, passen wel binnen de vervangingsinvestering. 2.
Het Uitvoeringsplan staat in nauwe relatie met regulier onderhoud volgens het BOR Er is voldoende onderhoudsbudget nodig om te zorgen dat wegen en objecten hun technische levensduur behalen, zodat eerdere vervanging niet nodig is. De reguliere onderhoudsniveaus voor de openbare ruimte worden vastgesteld in het Beleidsplan Openbare Ruimte (BOR). Dit wordt in het najaar ter vaststelling aan u aangeboden.
Planning/uitvoering Na besluitvorming over de scenariokeuze, stelt het college het Uitvoeringsplan Voorzien in infra op en informeert u daarover. Bijlagen 1. Voorzien in infra – inzicht in vervangingen voor wegen en kunstwerken
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester,
Portefeuillehouder Steller
: R van Amersfoort : de heer A. Leijenhorst, (0527) 63 35 97; a.leijenhorst@noordoostpolder.nl
No. 25.0000367-4
De raad van de gemeente Noordoostpolder, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 maart 2025, no. 25.0000367; gelet op artikel 15 en 16 van de Wegenwet B E S L U I T: 1. 2.
Het rapport ‘Voorzien in infra – inzicht in vervangingen voor wegen en kunstwerken’ vast te stellen als basis voor het te kiezen scenario. Te kiezen voor scenario ‘0 - Prioriteren’ als uitgangspunt voor het Uitvoeringsplan Voorzien in infra.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 12 mei 2025. De griffier, de voorzitter,