CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

6.1 Concept-Jaarrekening 2020 GR IJsselmeergroep.PDF

Gemeenteraad 7 juni 2021, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 6: Jaarrekening GR IJsselmeergroep 20209.157 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

IJSSELMEERGROEP

Jaarstukken 2020

Jaarstukken 2020

Werkvoorzieningsschap IJsselmeergroep

Statutair gevestigd te Emmeloord Postadres:

Postbus 2032, 8203 AA Lelystad

Kantooradres: Vaartweg 67, 8243 PD Lelystad Telefoon

: 0320 - 800000

ínhoud Biz. Jaarverslag: -

Bericht van het bestuur

1

-

Paragrafen

3

-

Samenstelling bestuur

6

Jaarrekening: -

Balans per 31 december 2020

7

-

Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar 2020

9

-

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

10

-

Toelichting op de balans per 31 december 2020

12

-

Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2020

15

-

Overige toelichtingen

18

-

Specificatie materiële en financiële vaste activa

19

-

Taakvelden

20

Overige gegevens

21

-

22

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Bijlage: 1. Berekening gemeentelijke bijdragen

26

2. Treasuryparagraaf

27

3. Samenvatting en conclusie notitie weerstandvermogen

28

4. Overzicht baten en lasten structureel of incidenteel

29

Bericht van het bestuur 1

Doelstelling en verantwoording De Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep (GR), als bedrijfsvoeringsorganisatie, belast met de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) voor de gemeenten Lelystad, Noordoostpolder, Urk. De feítelijke uitvoering van deze wet is opgedragen aan Concern voor Werk nv (nv). Deze opdracht is verstrekt op basis van een aanwijzingsbesluit. De relatie tussen de GR en de nv is verder uitgewerkt in een raamovereenkomst en een concrete vertaling daarvan in (fictieve) aantallen en bedragen in de jaarlijks af te sluiten jaarovereenkomsten. De raamovereenkomst regelt dat alle activiteiten, die samenhangen met de uitvoering van de Wsw, worden verricht door de nv. In 2017 is een overeenkomst gesloten in het kader van de uitvoering van Beschut Werk. De GR is niet alleen opdrachtgever voor de uitvoering van de Wsw door de nv, maar is ook enig aandeelhouder van de nv. In deze jaarrekening 2020 is, conform de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling, derhalve ook het resultaat van de deelneming van de GR in de nv verwerkt. Overigens dient het bestuur van de GR de uitvoering van de Wsw te verantwoorden tegenover de deelnemende gemeenten.

2

Bestuurlijke ontwikkelingen Halverwege het verslagjaar is de organisatie opgeschrikt door het plotseling overlijden van onze bestuursvoorzitter, wethouder John van den Heuvel. In hem verliezen we een zeer betrokken en kundig bestuurder. Hij was zeer betrokken bij de dóórontwikkeling van Concern voor Werk naar een sociale onderneming en een waarachtige ambassadeur ervan. Als wethouder was het zijn ambitie dat Lelystad een aantrekkelijke en duurzame stad zou zijn. Waarbij werd ingezet op een inclusieve samenleving. Want dat was John zijn overtuiging. Iedereen heeft het recht om mee te doen, iedereen heeft recht op werk. De sociale werkvoorziening had een speciale plek in John’s hart. Juist de mensen bij ons hebben vaak de steun nodig die John hen wilde geven. Hij kwam graag bij ons en maakte vaak even tijd om met dezen en genen een praatje te maken. We zullen John herinneren als een goede voorzitter, maar vooral ook als een fijn mens. Het bestuur van de GR bestaat uit totaal drie leden. Van de drie deelnemende gemeenten elk één lid. De wethouder van de gemeente Lelystad is voorzitter, terwijl de wethouder van de gemeente Noordoostpolder de functie van vicevoorzitter bekleedt. In 2019 is een gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling opgesteld en door de relevante gemeenteraden vastgesteld. De nieuwe regeling betreft de Gemeenschappelijke Regeling 2020.

De oude Gemeenschappelijke Regeling 2009 komt hiermee te vervallen. De belangrijkste wijziging betreft de omzetting van een openbaar lichaam naar een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) genaamd het Werkvoorzieningsschap IJsselmeergroep. De BVO kent één orgaan: het bestuur. Deze treedt in werking de maand volgend op de dag van publicatie in de Staatscourant. De publicatie was 28 februari 2020. Derhalve is de omzetting naar de BVO 1 maart 2020 effectief.

3

Plaatsing Eind 2020 hadden 501 personen een Wsw-dienstbetrekking (2019: 531). Gemiddeld over 2020 waren dat 473 fte en 490 aja (in 2019 502 fte resp. 517 aja). Bij een aja, oftewel arbeidsjaar, is rekening gehouden met de handicapcategorie, waarbij een ernstig gehandicapte telt als het ware 1,25 fte. De subsidie Wsw voor de GR voor 2020 was begroot op basis van (een fictief aantal) 508,0 aja. De realisatie kwam uit op 489,5.

1

4

Financieel beleid Uitgangspunten Aangezien alle bedrijfsmatige activiteiten vanaf 1 januari 2001 plaatsvinden binnen de nv wordt in de jaarrekening uitsluitend verantwoording afgelegd over die zaken die in de GR zijn gebleven en wordt het resultaat van de deelneming in de nv, conform de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling, verwerkt. De jaarrekening 2020 is opgesteld met inachtneming van de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Resultaat boekjaar Het boekjaar 2020 is afgesloten met een voordelig resultaat van C 12.000. Dit resultaat is exclusief het positieve resultaat van de deelneming Concern voor Werk nv van C 577.000. Op grond van de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling, wordt het resultaat 2020 van de deelneming niet verantwoord in deze jaarrekening. Risico’s Op moment van schrijven van dit jaarverslag 2020 is de wereld in de greep van de uitbraak van het coronavirus. Naast het menselijk leed zal ook de economie zwaar geraakt worden. Ook ons bedrijf (met name de deelneming Concern voorWerk nv) heeft hiermee te maken. Afdelingen worden tijdelijk gesloten, bedrijven die gebruik maken van onze dienstverlening worden gesloten waardoor we noodgedwongen niet meer ons werk kunnen doen en/of onze producten niet kunnen leveren zoals we dat gewend waren.

Aanpassingen op het gebied van kostenbeheersing, in vesten ngsstops, het tijdelijk niet invullen van vacatures en zoeken naar nieuwe PMC’s waren noodzakelijk. Een en ander heeft geleid tot uiteindelijk een bevredigend resultaat. Bovendien zullen er klanten zijn die helaas een faillissement moeten aanvragen. Wat ook voor ons bedrijf grote gevolgen heeft. Kwantificering van de financiële consequenties is nu nog niet mogelijk, maar er zal hard gewerkt worden om de schade zoveel als mogelijk te beperken. Bij een dreigend liquiditeitstekort kan een beroep worden gedaan op de mogelijkheid van kortlopende kasgeldleningen via de Bank Nederlandse Gemeenten. Voor de overige risico’s zie verder op bladzijde vier, Risico’s. Het bestuur stelt, eens per twee jaar, de Nota Voorzieningen en Risico’s vast.

5

Voorstel verwerking resultaat Het voordelig resultaat 2020 bedraagt C 12.000. Het voorstel verwerking resultaat wordt gespecificeerd op pagina 17.

6

Vaststelling jaarrekening Aldus vastgesteld te Lelystad op 8 april 2021 Het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep.

de secretaris, A. van Eijk

de voorzitter D. de Vreede

2

Paragrafen 1

Inleiding Weerstandsvermogen, risico’s en bedrijfsvoering Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep (GR) in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit aanpassing van het beleid vereist. Daarnaast vormt ook de algemene reserve een buffer tegen onverwachte financiële tegenvallers. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het vermogen van de GR om risico's op te vangen die niet in de jaarrekening zijn verwerkt. Als risico's worden beschouwd alle redelijk voorzienbare risico's, die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal c.q. het eigen vermogen en de omvang van het programma, c.q. het programmaresultaat. Het weerstandsvermogen, inclusief bestemmingsreserves, bedraagt ultimo 2020 C 3.401.000 positief. Voor verdere details verwijzen wij u naar de jaarrekening. Elke organisatie dient zich met enige regelmaat te beraden op haar vermogenspositie respectievelijk op de vraag welk ijkpunt zij moet hanteren voor het toetsen van haar huidige (financiële) situatie. Dat geldt zeer zeker ook voor de GR die in een omgeving opereert die continue aan veranderingen onderhevig is. Hierbij valt te denken aan de veranderende wet- en regelgeving (Participatiewet per 1 januari 2015), politieke ontwikkelingen bij de deelnemende gemeenten en de markt.

In dit kader is aan het bestuur een notitie weerstandsvermogen voorgelegd. Naar aanleiding hiervan heeft het bestuur besloten, inzake het weerstandsvermogen, een solvabiliteitsratio te hanteren van 350Zo. In 2015 is, op voorspraak van het bestuur, in overleg getreden met de financieel verantwoordelijken van de deelnemende gemeenten, om te bezien of het hier voorgenoemde van 3507o dient te worden aangepast naar een naar het oordeel van het bestuur realistischer percentage. Het bestuur heeft besloten dit percentage naar 270fo te brengen. Voor samenvatting van deze notitie verwijzen wij naar pagina 28.

2

Weerstandsvermogen In de paragraaf Weerstandsvermogen dienen de risico's te worden geïnventariseerd. Als risico’s van de GR kunnen worden genoemd: Sinds 1 januari 2001 heeft de GR een aandeel in Concern voorWerk nv (nv) van C 2.250.000. De waardering van de deelneming wordt conform de richtlijnen van de BBV gesteld op de verkrijgingsprijs of de lagere marktwaarde. Hierdoor bedraagt de balanswaarde van de nv ultimo 2020 C 2.250.000. Tevens bestaat er een verhuurverplichting van een bedrijfsgebouw aan de nv. Het relevante contract heeft een looptijd voor onbepaalde tijd. De GR beschikt over reserves. Het exploitatierisico van de nv is een feitelijke en directe verantwoordelijkheid van de GR en in het verlengde daarvan van de deelnemende gemeenten. Een eventueel tekort, in het licht van de meerjarenraming, welke niet gedekt kan worden vanuit de overige reserve, komt in principe voor rekening van de deelnemende gemeenten, overeenkomstig de Gemeenschappelijke Regeling.

3

Onderhoud kapitaalgoederen Tot en met de jaarrekening 2018 was een voorziening verantwoord om noodzakelijk groot onderhoud te bekostigen. Met ingang van 2019 is, na vaststelling jaarstukken, hiervoor een bestemmingsreserve gevormd. Naar verwachting zal een deel van het dak, van het pand in eigendom, in 2021 worden vervangen. Hierdoor zal de reserve grotendeels bestemd zijn.

4

Financiering Voor de financiering verwijzen wij u naar de Treasuryparagraaf die in bijlage 2 van dit jaarrapport is opgenomen.

3

5

Bedrijfsvoering Subsidieresultaat Het subsidieresultaat, het verschil tussen loonkosten en de subsidie Wsw, kan per jaar sterk fluctueren als gevolg van landelijke factoren, afspraken met het ministerie over compensatie loonkosten en nieuwe wetgeving. Schommelingen in de subsidie kunnen het ene jaar leiden tot een overschot en het andere jaar tot een tekort. De resultaten van de nv staan de komende járen, als gevolg van bovengenoemde zaken en gewijzigde regelgeving, onder druk. Middels de voorgenomen dienstverlening vanuit de nv aan lokaal georganiseerde werkbedrijven wordt geacht het oplopende subsidietekort te compenseren. Voor zover de reserves niet toereikend zijn, komt een eventueel programmatekort voor rekening van de deelnemende gemeenten. Jaarlijks terugkerende arbeidskosten, gerelateerde verplichtingen Volgens het BBV dienen de verplichtingen die gerelateerd zijn aan de jaarlijks terugkerende arbeidskosten niet als verplichting in de balans te worden opgenomen. Dit geldt voor de verplichtingen inzake vakantiegeld en verloftegoeden. Risico's De deelneming Concern voor Werk nv opereert op de commerciële markt door producten en diensten aan derden aan te bieden. Hierdoor heeft de nv te maken met het normale ondernemersrisico, zoals het debiteuren- en voorraadrisico. Concern voor Werk nv is op terreinen afhankelijk van enkele grote afnemers.

Risico's die van invloed op de toekomstige cijfers zijn: -

de economische omstandigheden in de markten waar de nv actief is; de transitie naar brede werkvoorziening onder de Participatiewet (Social Firm); teruggang beschikbare subsidie. Duidelijk is geworden dat, met de inwerkingtreding van de Participatiewet de subsidie over de periode 2015 - 2020 drastisch zal afnemen; bezuinigingen bij de lagere overheden op het gebied van onderhoud openbare ruimten en re-integratie; uitkomsten van cao-onderhandelingen; rol van de nv in het gemeentelijk activerend arbeidsmarktbeleid c.q. politiek beleid waarbij er een afbreukrisico ligt met betrekking tot verwachte omzetten en activiteiten.

De risico’s zijn geïnventariseerd en gekwantificeerd. Deze risico-inventarisatie zal jaarlijks tweemaal worden geüpdatet. Bij het opstellen van de begroting en het jaarrapport. Indien het coronavirus niet op korte termijn onder controle is, kan het verstrekkende gevolgen hebben voor het operationeel resultaat en het welzijn van onze medewerkers. Kijkend naar de markten waarop de nv opereert, kunnen we daarnaast het volgende vaststellen. 1.

2. 3. 4. 5. 6.

De tuinbouwsector en de relaties van onze Kwekerij verkeren in zwaar weer. Dit heeft in 2020 niet alleen geleid tot een tijdelijke bedrijfssluiting, maar ook tot het vernietigen van een groot gedeelte van de voorraad gereed product. Deze situatie zou ook in 2021 kunnen optreden. Toestroom van nieuwe opdrachten is grotendeels stilgevallen. Schoonmaakwerkzaamheden zijn nog steeds maar beperkt mogelijk omdat veel van de objecten zijn gesloten. Het uitvoeren van groenwerkzaamheden heeft te maken met aangepaste omstandigheden. Betalingen van uitstaande (private) vorderingen kunnen wellicht in 2021 onder druk komen te staan. Door de 1,5-meterhuishouding is het niet altijd mogelijk gemaakte afspraken met WerkCorporatie Noordoostpolder/Werkbedrijf Lelystad na te komen op het gebied van arbeidsmarkttoeleiding.

In 2020 is er vanuit de overheid, middels een verhoging van de Wsw-subsidie, financiële steun gegeven die voor 2020 en wellicht 2021 belangrijke dekking zal zijn voor de negatieve gevolgen van de coronapandemie.

4

De verwachting is dat de continuïteit van de Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep niet in gevaar zal komen. (zie ook bladzijde 3, punt 2 Weerstandsvermogen) 6

Verbonden partijen Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee de GR een bestuurlijke en/of financiële band heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie of het hebben van stemrecht. Van een financieel belang is sprake wanneer de GR middelen ter beschikking heeft gesteld en die kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op de GR. Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep is als gemeenschappelijke regeling een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten. Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep heeft een lOOo/o deelneming in Concern voor Werk nv. Voor nadere informatie verwijzen wij u naar de jaarstukken van Concern voor Werk nv.

7

T reasuryparagraaf De per 1 januari 2001 ingevoerde Wet FIDO verplicht decentrale overheden een Treasuryparagraaf op te nemen in zowel de begroting als in de jaarrekening. Deze is opgenomen in bijlage 2 van dit jaarrapport.

8

Kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenten en ook gemeenschappelijke regelingen voortaan een basisset van financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening. Doel van deze kengetallen is op een eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie. De volgende kengetallen zijn van toepassing op de gemeenschappelijke regelingen: - Nettoschuldquote - De solvabiliteitsratio - Structurele exploitatieruimte

Een overzicht van de kengetallen: Kengetal Nettoschuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Rekening 2020 0,1 “/o

Rekening

66,60/0

67,0“Zo

O.io/o

0,80/0

2019 1,60/0

Toelichting Nettoschuldquote Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.

Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio geeft het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal weer

Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.

5

Samenstelling bestuur per 31 december 2020

Bestuur Gemeenschappelijke Regeling Naam

Functie

Gemeente

De heer D. de Vreede Mevrouw A. van Eijk De heer H. Wijnants De heer N. Middelkoop

Voorzitter Secretaris Lid/vicevoorzitter Lid

Lelystad

6

Noordoostpolder Urk

Jaarrekening 2020

Balans per 31 december 2020 Voor resultaatbestemming (xč 1.000)

ACTIVA

2020

2019

1.196

1.259

Vaste activa

Materiële vaste activa -Investeringen met een economisch nut

Financiële vaste activa -Kapitaalverstrekking aan deelnemingen -Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer

2.250

2.250

3^

3 2.253

2.253

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar -Vorderingen op openbare lichamen -Rekening-courantverhoudingen met nietfinanciële instellingen

4

132

1.658

Totaal

7

640 1.662

772

5.111

4.284

2019

2020

PASSIVA

Vaste passiva

Eigen vermogen -Algemene reserve

1.628

1.542

-Bestem m i ngsreserves

1.761

1.095

-Gerealiseerde resultaat

12

235 3.401

2.872

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar -Overige schulden

678

-Banksaldi

1.021 ”

Overlopende passiva

Totaal

166 1.235 1.699

1.401

11

11

5.111

4.284

Waarborgen en garanties C 3.000.000

Aldus opgesteld:

Aldus vastgesteld:

Datum: 8 april 2021

Datum: 8 april 2021

Voorzitter,

Voorzitter,

Secretaris,

Secretaris,

8

Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar 2020 (xC 1.000)

Omschrijving

Realisatie 2020

Begroting 2020

Realisatie 2019

90

88

Bedrijfsopbrengsten Overige opbrengsten

90

Bedrijfslasten Loonkosten Wsw Kosten begeleid werken Wsw Subtotaal af: doorbelaste loonkosten Wsw Totaal Loonkosten ambtelijk personeel af: kosten ambtelijk personeel voor gemene rek. nv Ambtelijk personeel ten laste van GR Bijdrage GR in nv Afschrijvingen Saldo financieringsfunctie Overige bedrijfskosten Totaal

13.821 264 14.085 -14.085 0 434 -430

Subsidie Wsw af: doorbetaalde subsidie Wsw Totaal Gemeentelijke bijdrage Mutatie waardering deelneming

0

14.461 274 14.735 -14.735 "

4

710 82 -3 ____ 84 " "

873

746 89 -1 -60 845

'

"

-758

-787 14.425 -13.973 ..........

5

3 736 14 20 ____ 75 "

0

500 -495

430 -427

'

Bedrijfsresultaat

14.644 275 14.919 -14.919 "

774

-691 13.562 -13.554

12.933 -12.933 452

"

8

710 ______ 0

758 -477

746 ______ 0

Resultaat uit gewone bedrijfsoefening

375

-477

_____ 63

Diverse baten

154

0

172

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten

529

-477

235

(Toevoegingj/onttrekking aan reserves

-517

477

0

12

0

235

Totaal baten

29.894

29.127

29.798

Totaal lasten

29.365

29.604

29.563

Gerealiseerde resultaat

In de totale lasten 2020 is voor een bedrag van č 59.000 aan overheadkosten opgenomen. In de begroting 2020 bedraagt de overhead f 57.000. In 2019 bedroegen de overheadlasten ē 74.000.

9

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding Onderstaande samenvatting van de grondslagen, waarop de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling is gebaseerd, is bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzich­ ten. De jaarrekening voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording.

Uitzettingen De uitzettingen worden gewaardeerd tegen de no­ minale waarde. Voor het risico dat vorderingen oninbaar zijn, wordt een voorziening in mindering gebracht.

Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening

Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen nominale waarde opgenomen.

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders vermeld, worden activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Voorzover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voorzover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit: - Algemene reserve: De algemene reserve dient als buffer om toekomstige tegenvallers te kunnen opvangen. De algemene reserve wordt gevormd vanuit de resultaten. - Bestemmingsreserve:

Balans

Onder bestemmingsreserve wordt verstaan een reserve waaraan door het bestuur een bepaalde bestemming is gegeven. De onttrekkingen aan de bestemmingsreserve komen ten gunste van de resultatenrekening.

Materiële vaste activa. De waardering van deze vaste activa is gebaseerd op de verkrijgings- of vervaardigingprijs, verminderd met de afschrijvingen. Bij de waardering van de materiële vaste activa wordt rekening gehouden met een vermindering van hun waarde indien deze naar verwachting duurzaam is. In het boekjaar heeft een dergelijke vermindering niet plaatsgevonden. Met ingang van 2015 stond het pand in de verkoop en de verwachte directe opbrengstwaarde ligt boven de huidige boekwaarde. Derhalve werd er niet meer afgeschreven op het bedijfspand. In 2019 is het pand uit de verkoop gehaald en wordt er weer afgeschreven. Hierdoor zal de afschrijvingstermijn met vier jaar toenemen. Dit is een schattingswijziging.

Netto-vlottende schulden De netto-vlottende schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Deze verplichtingen omvatten de binnen één jaar vervallende schulden.

Investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in járen: Gronden en terreinen nvt Woonruimten nvt Bedrijfsgebouwen 30 Vervoermiddelen nvt Machines, apparaten en installaties 20 Overige materiële vaste activa nvt Financiële vaste activa Waardering vindt plaats op basis van de verkrijgingsprijs verminderd met eventuele duurzame waardeverminderingen. Gerealiseerde resultaten in de deelneming die leidt tot een waardering boven de verkrijgingsprijs zullen niet worden opgenomen.

10

Het overzicht van baten en lasten

Gemeentelijke bijdrage

Bedrijfsopbrengsten

De omvang van de gemeentelijke bijdrage is vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling.

Overige opbrengsten

Resultaat na bestemming

Dit betreft de bij de Concern voor Werk nv in rekening gebrachte huur voor het gebruik van de onroerende zaken (afschrijving/rente), in eigendom toebehorend aan de GR en eventuele diverse baten.

Conform de gemeenschappelijke regeling wordt een nadelig resultaat exclusief de overeengekomen gemeentelijke bijdrage ten laste van de algemene reserve (egalisatiefonds gemeenten) gebracht. Ingeval dit fonds ontoereikend is vindt een extra bijdrage van de deelnemende gemeenten plaats. Een voordelig resultaat wordt bestemd overeenkomstig de voorschriften in het belang van de uitvoering van de sociale werkvoorziening. Een overschot op de gemeentelijke bijdrage wordt gereserveerd overeenkomstig de gemeenschappelijke regeling.

Bedrijfslasten Loonkosten Wsw Hieronder wordt verstaan het bruto bedrag van de uitbetaalde lonen aan de WSW-medewerkers, vermeerderd met de vakantiegeldrechten alsmede de sociale lasten betreffen ter zake van de werknemersverzekeringen verschuldigde werkgeverslasten en het werkgeversaandeel in de pensioenvoorziening. De ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden eveneens onder deze post verantwoord. Kosten begeleid werken Wsw-werknemers Dit betreft de verstrekte loonkostensubsidie op basis van de vastgestelde loonwaarde aan de werkgever van de begeleid werkende, alsmede de begeleidingskosten. Verschil loonkosten/subsidie Wsw. Dit verschil wordt verrekend met de nv. Loonkosten ambtelijk personeel Hieronder wordt verstaan de over het jaar ver­ schuldigde salarissen, het betaalde vakantiegeld en de daarmee samenhangende sociale lasten en pen­ sioenpremie van het ambtelijk personeel; deze kosten voor gemene rekening worden voor 990A doorberekend aan de nv. Bijdrage GR in de nv. Dit betreft de aan de nv verschuldigde vergoeding voor de uitvoering van de WSW-activiteiten. De bijdrage wordt jaarlijks nader vastgesteld op een bedrag per Wsw-werknemer (fte). Rentekosten De rentelasten bestaan uit de rentelast van de langlopende geldleningen en de rentelast inzake rekening-courantkrediet en kasgeldleningen. De rentebaten betreft de in rekening gebrachte rente aan derden.

Overige bedrijfskosten Hieronder zijn onder meer verantwoord de bestuurskosten, advieskosten en accountantskosten. De algemene kosten worden berekend op basis van historische kosten. Subsidie Wsw Betreft de subsidie Wsw die van de gemeenten wordt ontvangen voor de medewerkers van de voormalige Wsw.

11

Toelichting op de balans per 31 december 2020 (xC 1.000) 2020

2019

Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

Boekwaarde per 1 januari (Des)investeringen Afschrijvingen

1.259 19 -82

1.348 0 -89

Boekwaarde per 31 december

1.196

1.259

De afschrijvingssystematiek is lineair. Rekening houdend met een restwaarde. Met ingang van boekjaar 2015 is er niet meer afgeschreven op het bedrijfsgebouw Produktieweg 5 te Emmeloord daar het pand in de verkoop stond en de verwachte opbrengstwaarde boven de boekwaarde lag. Er vond nog wel afschrijving op de installaties plaats. In 2019 is besloten het pand uit de verkoop te halen en weer volledig voor eigen werkzaamheden te gebruiken. Hierdoor wordt, met ingang van 2019, weer afgeschreven op het gebouw. Er heeft geen inhaalafschrijving plaatsgevonden over de periode 2015-2018. Vooreen specificatie van de materiële vaste activa zie pagina 19. Financiële vaste activa

Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2020 wordt in het hierna opgenomen overzicht weergegeven: 31-12-2020 31-12-2019 Kapitaalverstrekkingen aan: deelnemingen Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Totaal

2.250

2.250

3

3

2.253

2.253

De waardering van de 100oZo deelneming aandelenkapitaal vindt plaats volgens de verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde. Het eigen vermogen van de deelneming ultimo 2020 bedraagt ē 4.030.000 en het vreemd vermogen C 7.499.000. Voor nadere informatie zie de jaarstukken van Concern voor Werk nv. Vooreen specificatie van de financiële vaste activa zie pagina 19. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Nog te ontvangen

_______ 4^ _____ 132

Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen aan te houden bij het Rijk. Dit heet schatkistbankieren (SKB). Dit houdt in dat zij de publieke gelden aanhouden bij het ministerie van Financiën. Publiek geld verlaat de schatkist niet eerder dan noodzakelijk is voor de uitvoering van die publieke taak. Er is wel sprake van een drempelwaarde: bedragen onder deze waarde mogen we buiten de schatkist houden. De drempelwaarde is 0,750Zo van het begrotingstotaal met een minimum van C 250.000. Onze drempelwaarde was in 2020 C 250.000. Ultimo 2020 was er geen sprake van een overschrijding.

12

Overzicht gelden buiten 's Rijks schatkist aangehouden

Kwartaal 1 Kwartaal 2 Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedraçI

Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen

18 250 232

17 250 233

Kwartaal 3 Kwartaal 4 73 250 177

56 250 194

-

-

2020

2019

- Concern voor Werk nv

1.658

640

Saldo per 1 januari als volgt gespecificeerd: Algemene reserve Wsw-doelen bestemming resultaat

1.542 86

1.386 156

Saldo per 31 december

1.628

1.542

Stand per 1 januari

1.000

1.000

Stand per 31 december

1.000

1.000

Eiaen vermoqen Algemene reserve

Bestemmingsreserves:

Sociale lasten 2007-2010

De bestemmingsreserve is gevormd ter dekking van een eventuele teruggave van sociale lasten over de periode 2007-2010.

Social Firm

Stand per 1 januari - Onttrekking

95 21

95 0

Stand per 31 december

74

95

De bestemmingsreserve is gevormd ter dekking van kosten ter zake de transitie naar een social firm.

Groot onderhoud

Stand per 1 januari - Toevoeging

0 164

0 0

Stand per 31 december

164

0

De bestemmingsreserve is gevormd ter dekking van uitgaven groot onderhoud onroerend goed.

Covid-19

Stand per 1 januari -Toevoeging

0 523

0 0

Stand per 31 december

523

0

De bestemmingsreserve is gevormd ter dekking van eventuele tekorten bij de deelneming Concern voorWerk nv naar aanleiding van Covid-19. Conform bestuursbesluit de dato 3 december 2020. De toevoegingen aan de overige bestemmingsreserves komen uit de resultaatverwerking 2019. Gerealiseerde resultaat

Resultaat boekjaar

12

Het eigen vermogen bedraagt totaal f 3.401.000 positief.

13

235

2019

2020 Netto-vlottende schulden met een rentetvoische looptijd van korter dan één iaar Overiae schulden -Schulden aan openbare lichamen -Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen

Banksaldi

Nog te betalen

30

112

- Lavora bv - CasKon bv

148 500

54 0

648

54

1.021

1.235

11

11

Bank Nederlandse Gemeenten

De kredietfaciliteit bij de BNG bedraagt C 1.300.000. Overlopende passiva

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

Niet uit de balans blijkende rechten Gebeurtenissen na balansdatum

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotings­ jaar tot betaling komen.

In de balans zijn niet de verplichtingen tot uitdrukking gebracht met betrekking tot de betaling van vakantiegeld en vakantiedagen per 31 december 2020. Deze verplichting bedraagt ē 1.209.000. De 100^0 dochter van de deelneming Concern voor Werk nv, Caskon bv heeft een restant lening van 6 3.000.000 per balansdatum. Het betreft hier een, door de Gemeenschappelijke Regeling, gewaarborgde lening. De hoofdsom bedroeg C 8.000.000, het rentepercentage 4,60Zo en het saldo per begin boekjaar ē 3.400.000. De Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep handelt, voor wat betreft de omzetbelasting, als een fiscale eenheid met de deelneming Concern voor Werk nv Voorts is het bedrijfsgebouw, voor onbepaalde tijd, verhuurd aan de NV. De huuropbrengsten 2021 zullen f 91.000 bedragen. Het uitbreken van het coronavirus kan in 2021 verregaande gevolgen hebben voor het financieel resultaat van de deelneming. Kijkend naar de markten waarop de nv opereert, kunnen we daarnaast het volgende vaststellen: 1. De tuinbouwsector en de relaties van onze Kwekerij verkeren in zwaar weer. Dit heeft niet alleen geleid tot een tijdelijke bedrijfssluiting, maar ook tot het vernietigen van een groot gedeelte van de voorraad gereed product. Ook het opstarten na de bedrijfssluiting heeft geruime tijd geduurd. 2. Toestroom van nieuwe opdrachten is grotendeels stilgevallen. 3.

Schoonmaakwerkzaamheden zijn nog maar beperkt mogelijk omdat veel van de objecten zijn gesloten. 4. Het uitvoeren van groenwerkzaamheden heeft te maken met aangepaste omstandigheden. 5. Betalingen van úitstaande (private) vorderingen kunnen wellicht in 2021 onder druk komen te staan. 6. Door de 1,5-meterhuishouding is het niet altijd mogelijk geweest gemaakte afspraken met WerkCorporatie Noordoostpolder/Werkbedrijf Lelystad na te komen op het gebied van arbeidsmarkttoeleiding. De verwachting is dat de continuïteit niet in gevaar zal komen. Een eventueel tekort, in het licht van de meerjarenraming, welke niet gedekt kan worden vanuit de overige reserve, komt in principe voor rekening van de deelnemende gemeenten, overeenkomstig de Gemeenschappelijke Regeling.

14

Toelichting op het overzicht van baten en lasten (xē 1.000) 2020

begroting 2020

2019

Bedrijfslasten Loonkosten Wsw

Samenstelling: Brutolonen Sociale lasten Pensioenpremie Totaal loonkosten Wsw

11.203 1.664 954 13.821

11.513 2.095 1.036 14.644

11.556 1.911 994 14.461

De daling van de totale loonkosten Wsw bedraagt i 640.000 ^ 4,43 “/o) en is een resultante van: -bijdrage van het LagelnkomensVoordeel á 1304.000. -afname personeelsbestand met 29,1 fte. -lagere sociale lasten en pensioenpremie. -reguliere periodieken/ functieaanpassingen 2020. Kosten begeleid werken Wsw

Begeleiding/loonkostensubsidie Wsw-werknemers

264

275

274

Betreft gemiddeld aantal van 21,7 fte.

Verschil loonkosten­ subsidie Wsw

De Wsw-loonkosten worden doorberekend aan de nv onder aftrek van de subsidie Wsw. Als volgt samengesteld: De volledige loonkosten Wsw incl. kosten begeleid werken Aftrek subsidie Wsw boekjaar Doorberekende loonkosten Wsw

Loonkosten ambtelijk

Samenstelling: Brutolonen Sociale lasten Pensioenpremie Totaal loonkosten ambtelijk

14.085 -13.973 -112

14.919 -12.933 -1.986

14.735 -14.074 -661

330 50 54 434

333 50 47 430

383 58 59 500

De daling van de totale loonkosten ambtelijk bedraagt C 66.000 ^ IS.2%) De belangrijkste oorzaak is: -afname personeelsformatie met 1,4 fte.

Doorberekende kosten ambtelijk personeel

Samenstelling als hiervoor minus 1 “/o

______ -430

_____ -427

______ -495

Betreft de ambtelijke loonkosten voor gemene rekening t.l.v. de nv (9907o).

Bijdrage GR aan nv

Vergoeding Wsw-activiteiten

_______ 710

______ 736

_______ 746

Betreft de aan de nv verschuldigde vergoeding voor de uitvoering van de Wsw-activiteiten. De bijdrage is, conform begroting, vastgesteld op f 1.501 per Wsw-werknemer (fte). Gerealiseerd aantal fte Wsw voor deze bijdrage: 472,7.

15

begroting 2020

2020

Afschrijvingen

Afschrijving materiële activa

82

2019

14

89

Voor een specificatie van de materiële activa zie pagina 19. Saldo financieringsfunctie

Overige bedrijfskosten

Samenstelling: Rentekosten (+J en -baten (-) Totaal saldo financieringsfunctie

-3 -3

20 20

-1 -1

Samenstelling: Overige bedrijfskosten Totaal overige bedrijfskosten

84 84

75 75

-60 -60

Onder de overige bedrijfskosten worden de externe advieskosten, de accountantskosten en de bestuurskosten verantwoord. In 2019 is de voorziening groot onderhoud geheel vrijgevalllen ten gunste van de overige bedrijfskosten ten bedrage van 6 164.000. Bedrijfsopbrengsten Overige opbrengsten

Huurbaten Totaal overige opbrengsten

90 90

90 90

88 88

Het pand aan de Produktieweg 5 te Emmeloord is eigendom van de Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep. Deze wordt, voor onbepaalde tijd, verhuurd aan Concern voorWerk nv. De huur wordt jaarlijks geïndexeerd. Subsidie Wsw

Subsidie boekjaar, incl. afrekeningen

14.425

12.933

13.562

De subsidie Wsw 2020 is toegekend op basis van de septembercirculaire 2020. De realisatie kwam uit op 489,5 aja. De reguliere subsidie is ten opzichte van 2019 afgenomen met ê 254,000 (1,87 “/o) o.a. ais gevolg van de geschatte afname aantal aja. De overheidssteun vanwege de coronacrisis bedroeg C1.034.000. Aantal Wsw-ers per 31 december Gemiddeld aantal fte Wsw Gemiddeld aantal aja Wsw Gemiddelde subsidie Wsw per aja* * Exclusief extra overheidssteun Gemeentelijke bijdrage

501,0 472,7 489,5 27.187

520,0 490,0 508,0 25.458

531,0 501,8 517,3 27.207

710

758

746

De gemeentelijke bijdrageregeling is vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling. Deze regeling behelst dat het totaal van gemeentelijke bijdragen schapsgericht zal zijn en van jaar tot jaar zoveel mogelijk gelijk. Mutatie waardering deelneming

0

-477

Het resultaat van de deelneming bedraagt C 577.000 positief. Op grond van de waarderingsgrondslagen wordt dit resultaat niet verwerkt in het resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep en vindt er geen mutatie plaats in de balanspositie van de deelneming. Zie voor een nadere toelichting de jaarstukken 2020 Concern voor Werk nv.

16

0

Diverse baten Incidentele baten

Totaal incidentele baten

Realisatie begrotingsjaar

Raming begrotingsjaar ná wijziging

Raming begrotingsjaar vóór wijziging

154

0

0

154

0

0

De incidentele bate betreft de uitbetaling van een overschot bonus Beschut Werk vanuit het ministerie van SZW. Gerealiseerde resultaat

Resultaat boekjaar

Voorstel resultaatverwerking

Voorgesteld wordt om het voordelig resultaat, ná gemeentelijke bijdragen, ad f 12.000 conform onderstaande specificatie te bestemmen.

12

Gerealiseerde resultaat 2020

0

_______ 12

Toevoeging aan een bestemmingsreserve groot onderhoud

12

Toevoeging aan de algemene reserve

0

12 Dit voorstel is nog niet in de jaarrekening verwerkt.

17

235

Overige toelichtingen Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen Naam

functie

J. van den Heuvel1 H. Wijnants 2 D. de Vreede 3 N. Middelkoop 4 G. Post5

Voorzitter Bestu u rsl id/vicevoorzitter Voorzitter Bestuurslid Bestuurslid

Bovenstaand overzicht betreft de periode 1 januari 2020 tot en met 31 december 2020. De functionarissen hebben geen recht op bezoldiging vanuit de Gemeenschappelijke Regeling IJsselmeergroep.

1 Overleden 27 juni. 2 Per 27 juni voorzitter tot 3 december. 3 Voorzitter per 3 december. 4 Bestuurslid met ingang van 3 december. 5 Bestuurslid tot 28 september.

18

N-

o

CD

CM

LD

CM CO

03

O

o 05 CM "O o

O- o 0 CM O CM CM Tİ

-iċ T“

-o įra ^

CŨ

CŨ

m CM CO i ro

cm

8 CO

o

CO

O LD CM CNİ

CO

LD CM CM

0

8 w

c

0 O) c 0

'l. p

n? 0 ■fe

73 co

c 0 O) c

h* N-

CM

c

0 05

c

0

» c

c

0

05

şç

ral

CO

c

0

O

O)

c

0

0

05

05

ç

c ‘ľ—

*L— 0

0

co

CO 0 > c

0

c>

LO 0

CD

^ 05 0 jr ■O O į- CM CO

CM

LD 0

Q- 05

0 ZT 1 8

CM

1 ï

g co

0 co

CÛ

CŨ

(O

o n

«

re

1

0) 4-« (0

n >

o

:®

'Ō C

re c c

re re :re

■c

re re

c ^ 0 ^ 05 ?So 5,^ f g

re

o

o

re

■o

rco

hCM T—

e

T“

05

CO

CM

re

co h-

0 .c

co

co 'o.

o

o

>

re

0 c 0

re re

C 0

■B

u.

İ

re

o

5

o

2 O

Cľ CD c CD T3

a

v­ S

o t­

co

CD

co

CO

0

re

CO C30

V"

>

c

re

00 co

5!

re

■5 re o s?

TT— CO T“

Š S '

C CD C ‘cd

E

CM CM

-Q

■o

L-

L—

cz

o

c CD c '0

c. 0 03

O) c

‘c

0

'K O o

>

c i D O -Q 0 O) C/5

"O 0 CÛ

0 0 -t—

c

C 0 c 0 0 l—

® ĨI E o

03 03

O) Ç 0 "O

03

Q. Q. 0 s!

.E .0 o s 0

C/5

^

C

0

c

3 0

o1 ca ns

ra

o Lm 0 >

0

'o. 19

O) c 0

c 0 O) c

'E 0 .c 0 0 Q

0 O) -?5, .9 c e -re

re *re

n •4—’ Lľ

■5

g

D) ľ5, *L- 4-» re Q> o

O

o

re re

Taakvelden

(UL-

C

QJ

(U

fü 4-J > Ä 4-i J2

cŝ

>

1S

3

ra ra

«-8

*5 ^ ra

fc 3

o Ŝ

ÍD 5 Ŝ

C tn qj QJ 4-*

o »

20

Begroting

Begroting na wijziging '

Realisatie

Verschil Begroting na wijziging met

Overige gegevens Controleverklaring van de onafhankelijke accountant De controleverklaring is op de volgende pagina's opgenomen.

21

HZG ACCOUNTANTS A ADVISEURS

CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT Aan het bestuur van de gemeenschappelijke regeling IJsselmeergroep

A. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2020 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2020 van de gemeenschappelijke regeling IJsselmeergroep te Emmeloord gecontroleerd. Naar ons oordeel: « Geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening, een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2020, als van de activa en passiva van de gemeenschappelijke regeling IJsselmeergroep op 31 december 2020, in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). » Zijn de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2020, in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, waaronder de eigen verordeningen zoals opgenomen in het normenkader dat is vastgesteld door het bestuur op 3 december 2020. De jaarrekening bestaat uit: 1. Het overzicht van baten en lasten over 2020. 2. De balans per 31 december 2020. 3. De toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. 4. De bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.

De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het controleprotocol dat is vastgesteld door het bestuur op 18 juni 2020 en de Regeling Controleprotocol WNT 2020 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling IJsselmeergroep, zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met de Regeling Controleprotocol WNT 2020 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6aWNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd.

Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.

2021.080

LAAN CORPUS DEN HOORN 200 - POSTBUS 8006 - 9702 KA GRONINGEN - 050 21 13 660 HZG ACCOUNTANTS 8. ADVISEURS IS EEN HANDELSNAAM VAN HOFSTEENGE ZEEMAN GROEP B.V. KVK NR. 55667945

CONTROLEVERKLARING

HZG ACCOUNTANTS A ADVISEURS

Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op 6 153.000. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten IVo en voor onzekerheden 30A van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 Iid1 Bado. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in de Regeling controleprotocol WNT 2020. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado. Wij zijn met het bestuur overeengekomen dat wij aan het bestuur tijdens onze controle geconstateerde afwijkingen boven de C 7.600 melden alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve, of WNT-redenen relevant zijn.

B. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken andere informatie, die bestaat uit: » Het jaarverslag, waaronder de programmaverantwoording en de paragrafen. Op grond van onderstaande werkzaamheden van mening dat de andere informatie: » Met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. » Alle informatie bevat die op grond van het BBV is vereist. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de relevante vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag, in overeenstemming met het BBV.

C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het bestuur voor de jaarrekening Het bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening, in overeenstemming met het BBV. Het bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder de eigen verordeningen, zoals opgenomen in het normenkader, vastgesteld door het estuur 3 december

2020

.

In dit kader is het bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude.

2021.080

CONTROLEVERKLARING

2 van 4

HZG ACCOUNTANTS A ADVISEURS

Bij het opmaken van de jaarrekening moet het bestuur afwegen of de financiële positie voldoende is om de gemeenschappelijke regeling in staat te stellen de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen. Het bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de risico’s kunnen worden opgevangen toelichten in de jaarrekening. Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht, dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate, maar geen absolute mate van zekerheid, waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fouten of fraude en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.

Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het controleprotocol dat is vastgesteld door het bestuur op 18 juni 2020, de Regeling Controleprotocol WNT 2020, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: » Het identificeren en inschatten van de risico’s - dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude; - dat baten en lasten alsmede de balansmutaties als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen. Het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing. » Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden.

Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling. « Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan. » Het vaststellen dat de door het bestuur gehanteerde afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de risico’s vanuit de reguliere bedrijfsvoering financieel op te vangen aanvaardbaar is. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s kan opvangen. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening.

2021.080

CONTROLEVERKLARING

3 van 4

HZG ACCOUNTANTS A ADVISEURS

» »

Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de gemeenschappelijke regeling haar financiële risico’s niet kan opvangen. Het evalueren van de presentatie, structuur en ínhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen. Het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.

Wij communiceren met het bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Groningen, 8 april 2021 Hofsteenge Zeeman Groep B.V. Was getekend: drs. E. Vriesen RA

2021.080

CONTROLEVERKLARING

4 van 4

Bijlage 1

05 CO o

co r^co co C\l X—

co CNJ LO 05 O h-

in

O x— T— Csj CNJ

LO CO 1^

CNJ CD 05 LO CNJ i

O

CD 05 O

CNJ

T”

CO CO CNJ CNİ

00 o LO d

LO CNJ N. T—"

CD 05 CO co

00 CNI LO 05 T—

CNI x— O 00 ^—

CO T— LO ^—"

hCNJ CO CO

5 CD CO h-.

CNJ LO O co 1^

1^ CD O

05 CNJ

CNJ

co LO CNJ

CO LO CNJ

is. 00 LO LO CNJ CO

CNJ CO |s05

\—

I :ľ c c co CD -C CD CD w

c CD f— L. O

00 co

fs. CNJ csi

o 05

Q

CD "O o 5 CD CD N

k—

1 co . o ^ O ® T3 P 1 a

t—

T— V1

co 'Nř Ns}i

Berekening gem eentelijke bijdragen 2020 fin C)

z Tj CO to

5 co LO

"0 —J

co

LO

CNJ i

o o k. O) S -O > o c 0 05 CO L— !5 0

c 05 05 CO -Q CO c 0

0 c 0 0 E 0 05 lō CO o H

GĴ 3

o H

05 .C O 05 0

Sí

05 c o -C o co 1— o A > 0

Cû

c 0 "c 0 0 P E 0 05 0 E c 0 c 0 0 i0 > 0 H

26

Treasuryparag raaf

Bijlage 2

De per 1 januari 2001 ingevoerde Wet FIDO verplicht de decentrale overheden een Treasuryparagraaf op te nemen in zowel de begroting als in de jaarrekening. Daartoe is een treasurystatuut ontwikkeld en vastgesteld In de vergadering van het bestuur van 6 december 2001 (gereviseerd 20 februari 2020) Aan de hand hiervan wordt het treasurybeleid gevoerd. Hier beperken wij ons tot de beheersing van de renterisico-normen, te weten: de kasgeldlimiet (korte schuld) en de renterisiconorm (lange schuld). ■ 1.000

Kasgeldimiet

Omschrijving

1. Toegestane kasgeldlimiet Begrotingstotaai 1 januari ^grondslag) Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag Kasgeldlimiet in een bedrag 2. Omvang vlottende korte schuld Schulden in rekening-courant Opgenomen gelden korter dan 1 jaar Overige geldleningen, niet zijnde vaste schuld Totaal vlottende schuld

1e kw

2e kw

3e kw

4e kw

2020

2020

2020

2020

C 13.781

13.781

8,27o 1.130 ë

ë 13.781 8,270 8,270 1.130 ë 1.130

753 1.167 1.919

ë ë ë

538 1.000 1.538

ë ë ë

-

ë ë ë ë

39

ë ë ë

ë

1.130

ë

ë

139 667 129 935

ë ë ë

57

ë ë ë

e

ë ç

ë

3. Vlottende middelen Tegoeden in rekening courant Contante in kas Overige uitstaande gelden korter dan I jaar Totaal vlottende middelen

ë ë ë ë

689 746

4. Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende schuld Toegestane kasgeldlimiet Ruimte (-) c.q. overschrijding J+)

ë ë ë

189 ë 1.130 e (941) e

xC 1.000

t 13.781

C

e.2%

-

1.965 1.965

e

c

(46) ë 1.130 ë (1.176) ë

-

1.324 1.363

ë

ë

804 667 10 1.481

1.451 1.451

175 ë 30 1.130 ë 1.130 (955) ë (1.100)

Renterisiconorm 2021

2020

1. Renteherziening Renteherziening op vast schuld o/g Renteherziening op vaste schuld u/g Netto renteherziening op vaste schuld

ë ë ë

2. Mutatie vaste schuld Nieuwe aangetrokken vaste schuld Nieuwe verstrekte lange leningen Netto nieuw aangetrokken schuld

2022

ë ë

-

-

e

-

ë ë ë

-

-

ë ë ë

3. Betaalde aflossingen

ë

-

4. Herfinanciering (laagste van 2 en 3)

ë

5. Renterisico op vaste schuld (1 -t-4)

ë

6. Renterisiconorm Begrotingstotaai (lasten) Percentage Renterisiconorm

ë 13.781 ë 207o ë 2.756 ë

13.901 ë 13.543 ë 13.114 207o 207o 207o 2.780 ë 2.709 ë 2.623

ē 2.756 ë

2.780

7. Toets renterisiconorm Renterisiconorm Renterisico op vaste schuld (1 * 4) Ruimte

ë ë

-

-

ë ë ë

-

2023

-

-

ë ë ë

-

-

-

-

ë ë ë

-

ë ë ë

ë

-

ë

-

ë

-

-

ë

-

ë

-

ë

-

-

ë

-

ë

-

ë

-

-

2.756

ë ë

-

ë

-

2.709

e 2.780

ë

2.709

ë ë ë

-

i

2.623 -

2.623

Toelichting:

Gedurende het verslagjaar heeft er geen overschrijding plaatsgevonden van zowel het kasgeldlimiet als de renterisiconorm. IJsselmeergroep beschikt over voldoende ruimte binnen de bepalingen uit de wet FIDO.

27

Bijlage 3

6. Samenvatting en conclusie

Weerstandscapaciteit

Risico’s

e 2.640.000

C 2.375.000

Weers^^Bvermogerj

Overschot

265.000

De solvabiliteitsratio (eigen vermogen/totaal vermogen) bedraagt per 31 december 2020 520Zo (te weten ë 2.640.000 /C 5.111.000).

Het totaal aan eigen vemogen bedraagt C 3.401.000 en is derhalve C 761.000 hoger dan de hierboven genoemde weerstandcapaciteit. De correctie voor de berekening van de solvabiliteitsratio heeft plaatsgevonden doordat de bestemmingsreserves niet vrij besteedbaar zijn.. Een absoluut harde norm voor de solvabiliteit is niet te geven. Voor commerciële bedrijven wordt veelal een solvabiliteit gevraagd door stakeholders, met name banken, van tussen de 25 en 350Zo, mede afhankelijk van de branche waarin de onderneming actief is. Uit diverse benchmarks blijkt dat de gemiddelde solvabiliteit in de SW-sector tussen de 250Zo en 350Zo ligt. Uitgaande van 270Zo betekent dit voor de GR een bedrag aan benodigde weerstandscapaciteit van C 1.380.000. Duidelijk is in ieder geval dat een norm niet een absoluut bedrag, maar ‘relatief moet zijn, dat wil zeggen gerelateerd aan de actuele financiële omvang van de GR en aard en de omvang van de (bedrijfs)activiteiten. Daarbij moet ook nog worden betrokken de afhankelijke relatie met de subsidiegever en de onzekerheid over de toekomst van de Wsw, Voeg daarbij dat de flexibiliteit van de GR beperkt is omdat een zeer groot gedeelte van de kosten een vast karakter heeft.

28

Bijlage 4

1 ■M­ CM o CM

0) ŝ

3 CO

ť -Ě® ’í 5 cm

ěo- i *

^ T5 ţ- tz

«Ssí 9 QJ

o

> 0)

O. O)

E ' '

ĩ s

co

O) I

İZ 0

ŕE >

0 C

lő

> J9 0 O EBÍ 0 W ^ ŗE

O ®

w w 0 “

o įo 9- w

o

5 -ŝ « w ^ 0) 0c 2co

ûl

O O

0— c W t0 Oñ0

Ŝ B

-S JS O 0

0

.Q

S 8

0) >

3û

o

Û

X X

ra E

^ o .0) ^ ra E 1| s ē

u 9 O o)

tfí 0

o c Z g u DIB o

,® 8 i o ra .E ~ ra .ŝ ~ CO o

0 o ŝ «3 1.İ c 0E E

-Q c

0 C O) 0 C 0

IS

® ™2T3-

0 “O

C c 0 C

5? ra jz 0 3

-O3 30 CO -Q

r s Cu

0

CO ra ^

CO į-

.3 O

CD C ÍE C

8 8

•s' 8 ÍE Q

CD ŨĹ

XX

X X X X

X X

X X

ro

0O

cd

Cp O ^ r^-

co CD

m co CM

cm

Nt-

o

CM 0

LO LO co S­ CO co CM N; NO1 V

OS

O LO O O) LO O1

CO O) 1- o ^ oo 1 co r^1

CM -î CO LO LO LO cò cõ 1 ũo r^

LO

'ď co

o

477

t—

a0

LO h-

CM

D) CO CNJ M-

O) CT)

O h*CO CM ■o- ■^ř 1

0 Nt O LO CO t— CM N

co co co co 05 05 CM CM ^ V

1

CQ

m h*

CM LO

1^0 o CM

■m-

co

-517

3K Oï 05

D) 0

LO

T-

0

0

^ 0 co co ■M- 'M' 1

O CM CO M•*- oo 1 oo h-

LO co CM S05 M" CO

i

i

O) c c a 0) o 0)

0 c 0

E

Sie s? O c

z s

S2 o ra L2č 8.Ä ^ 00 ^ 0 C

U) D)

n

E

O

C

«

Q. O «

n

—

k.

ro

T3 0) m

E

u5

(0

tf)

M—

:P k.

■o 0) CÛ

ş ^

w IS 0

C O)

ro

0 0—0

o) ja 0 J2i

O r «2 ř5,

-í 0 ö o ra o O

co n 15 İ2 o ra 4z o

—I X (f) 0 l—

8 ļ aCO O) cz C 0 0'Ō 0E ofs -O0 0 ă .E 0 co m 05 C ų“ O» — 0 ZZ O ■c ra m 1 Ü T3 0 İS Sj" rä 0 < CÛ c CD O h-

E

0

ç. 0 0 O) 0

0

tū

ra

-D O)

■o 0) 0) c o 5 0) O)

to Įl)

■o 0) CÛ

29

5 5» 3oj 0 -O T3 O— 'tō o ra o3 "O rao

CO ral—

ĮH* ra

| S 0 0 0 Z3 E 3 0 3 O2

to to 3 W o

DC

C

5 O 2 to to *tõ to 0) a) ïţ 0) (0 ® T^ š m c

e|

O n

(Toevoegingyonttrekking aan reserves

LO LO TCM CD co oo oo cm o p co

DC

(xC 1.000)

Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar 2020

o ?) ç -r O C o

o

o

O

ra “ İĚ 0 -í Jť 0 S5 İ8 O) >

2 o „ 5

^ Q. C CD

o

0

ï g*

0

-O

in co CM

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/1820/documents/26638