6.1 Bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3.pdf
Tekst van het document
Er is een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat de realisatie en ingebruikneming van de woningen uitsluitend is toegestaan indien en voor zover ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van groen - windhaag' een windhaag met dichte opgaande beplanting gerealiseerd en in stand gehouden wordt met een breedte van ten minste 2 m en een hoogte van ten minste 3 m. Voor de windhaag dient een bladhoudende, in de winter groenblijvende, plantensoort toegepast te worden.
In het bestemmingsplan is de mogelijkheid voor twee huishoudens in een vrijstaande woning opgenomen. Dit is geregeld met afwijkend gebruik, zodat nog een toets moment kan plaatsvinden. Tussen deze twee huishoudens moet sprake zijn van een familierelatie (of daaraan gelijk te stellen samenlevingsverband) in de eerste of tweede graad. Verder moet het gaan om een locatie waar een vrijstaande woning staat of mag worden gebouwd. Voor de meergeneratiewoning mag ook aangebouwd worden. De bouwregels voor één vrijstaande woning zijn hierop van toepassing. Bijvoorbeeld de bouwhoogte van de aanbouw moet 200Zo lager zijn dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw. De massa van de meergeneratiewoning moet ogen als één woning. Het parkeren voor het meergeneratie wonen moet op eigen terrein plaatsvinden.
54
bestemmingsplan (vastgesteld)
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
6.1.1 Vooroverleg Het bestemmingsplan is in het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. lid 1 Besluit ruimtelijke ordening voorgelegd aan Waterschap Zuiderzeeland en Provincie Flevoland. De reactie op het vooroverleg is opgenomen in bijlage 8.
6.1.2 Inspraak Het bestemmingsplan heeft voor zes weken, van 21 december 2023 tot en met 31 januari 2024, ter inzage gelegen. In deze periode zijn zes zienswijzen ingediend. De zienswijzen zijn getoetst op ontvankelijkheid, geanonimiseerd en voorzien van een reactie. In bijlage 9 is de reactienota bijgevoegd.
6.2
Economische uitvoerbaarheid
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. Het eigendom van gronden in het plangebied is in gemeentelijke handen en om die reden kan worden afgezien van vaststelling van een exploitatieplan. Voor dit planvoornemen is daarom een grondcomplex ingesteld met bijbehorende grondexploitatie. Hierin is de verantwoording van de kosten en opbrengsten opgenomen. De exploitatie is sluitend. Het plan is dan ook economisch uitvoerbaar. Hiermee is het kostenverhaal anderszins verzekerd en is op grond van artikel 6.12 Wro geen exploitatieplan nodig. Dit brengt met zich mee dat vaststelling van een exploitatieplan achterwege kan blijven.
bestemmingsplan (vastgesteld)
55
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
56
bestemmingsplan (vastgesteld)
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
Bijlagen bij de toelichting
bestemmingsplan (vastgesteld)
57
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
Bijlage 1
58
Beeldkwaliteitsplan
bestemmingsplan (vastgesteld)
Beeldkwaliteitsplan Creil-Oost Fase 3 Inleiding Bij de ontwikkeling van het plan is gekozen voor kwaliteit. De woningmarkt in Creil moet niet alleen in kwantitatieve zin worden aangevuld, maar ook in kwalitatieve zin. Er wordt gestreefd naar een samenhang tussen de stedenbouwkundige planopzet, de architectuur van de te realiseren woningen en de inrichting van de openbare ruimte. Het resultaat is een woongebied met een eigen identiteit waarbij voldoende ruimte is voor creativiteit, variatie en individuele smaak. In deze paragraaf wordt kort ingegaan op de aspecten die bepalend zijn voor de beeld- en ruimtelijke kwaliteit van het plangebied. Over de beeldkwaliteit van de te realiseren bebouwing wordt opgemerkt dat er drie categorieën randvoorwaarden zijn. Er zijn randvoorwaarden die: 1. 2.
als welstandscriteria door de welstandscommissie kunnen worden gehanteerd; niet publiekrechtelijk zijn af te dwingen, maar wens of suggesties zijn vanuit het stedenbouwkundig beeld;
3.
opgenomen worden in de bestemmingsplanregels; dit heeft betrekking op onder meer de maatvoering en situering van de te realiseren bebouwing.
Per type woning wordt een beschrijving gegeven. De welstandscriteria zijn aan het einde van deze paragraaf opgesomd. Deze criteria worden te zijner tijd opgenomen dan wel vertaald naar de gemeentelijke beleidsregel uiterlijk bouwwerken. De systematiek en de terminologie van het vastgestelde beleidsplan zijn bij het formuleren van de criteria waar relevant, gehanteerd.
Creil-Oost De uitbreidingen van het dorp Creil vinden plaats aan de oostzijde van het oorspronkelijk ontworpen dorp. Inmiddels zijn fase 1 en 2 gerealiseerd. Met fase 3 wordt een nieuwe ‘kamer’ toegevoegd aan de noordzijde van de voorgaande fases. De te verwachten eindsituatie is dat aan de noordzijde nog twee kamers gerealiseerd worden tot aan de Noorderringweg.
1
Het originele totaal plan ‘Creil-Oost’ met het bestaande dorp.
De hoofdopzet van het totale plan is de doorgaande laan die gevormd worden door de Pauluspotter, Philip de Koninck, Adam Pynacker en nu verder noordwaarts wordt verlengd. Haaks hierop worden de kamers ontsloten en afgebakend met open groene zones. Om samenhang tussen de ‘kamers’ en de verschillende fases te waarborgen sluiten de beeldkwaliteitseisen aan op dat wat gerealiseerd is, met uitzondering van Albert Cuyp 24. Deze markante woning staat binnen het geheel als één solitair kenmerkend gebouw binnen het uitbreidingsplan. De openbare inrichting van deze nieuwe ‘kamer’ sluit aan op de reeds gerealiseerde ‘kamers’. De bossingel aan de oostzijde wordt hierom ook verlengd. De groenstrook aan de zuidzijde krijgt een klimaat adaptieve invulling. De noordzijde krijgt opgaande beplanting en een nieuwe kavelsloot op de grens met het agrarisch perceel. Het stedenbouwkundig plan is gebaseerd op de verkavelingsstructuur van de voorgaande fases. Per definitie is de parkeergelegenheid voor elke woning op het eigen perceel. Parkeren voor bezoekers vindt plaats langs de openbare weg. Hiervoor worden aparte openbare parkeerplaatsen aangelegd. Voor de bewoners van de rijwoningen en de rug-aan-rug woongebouwen worden collectieve openbare parkeerstroken voorzien.
2
De verschillende woningtypologieën; wel of geen beeldkwaliteit Op het onderstaande stedenbouwkundige plankaart staan de diverse bouwvelden aangegeven en de beoogde woningtypologieën die daar wenselijk zijn. De beeldkwaliteitseisen zijn alleen van toepassing voor de bouwvelden die projectmatig worden ontwikkeld. Dit geldt voor bouwvelden: A, B, C en eventueel E. Voor de bouwkavels die particulier worden ontwikkeld geldt dat hier ruimte wordt geboden voor vernieuwing, variatie en individuele expressie. De bouwplannen op particulier uitgegeven bouwkavels worden niet getoetst op beeldkwaliteit. De bouwvelden D, eventueel E, F, G en H bestaan uit bouwkavels die bestemd zijn voor vrijstaande woningen en/of twee-onder-één-kap woningen. Deze worden verder niet behandeld.
A.
Rijwoningen
B.
Rué-aan-rug woongebouwen
C.
Levensloopbestendige woningen
D.
Vrijktaande woningen -n twee-onder-éen-kap woningen *
E.
Vrijstaande woning en en twee-onder-é én-kap woningen * of projectmatige rijwoningen
F.
Vrijstaande woningen en twee-onder-áńn-kap woningen *
G. Vrijstaande woningen pn twee-onder-één-kap woningen * H.
Vrijntaande woningen *
*) Géén beeldkwaliteitseisen van toepassen
3
Rijwoningen (bouwveld A) In het verlengde van de huidige Kiekendiefstraat zijn twee blokken met rijwoningen opgenomen in het stedenbouwkundig plan. Deze worden seriematig gebouwd en hebben twee bouwlagen met een kap. Elke afzonderlijke woning heeft alleen een voortuin en achtertuin. Alleen in de achtertuin is het toegestaan om een bijbehorend bouwwerk te realiseren. Vanwege de seriematige bouw wordt dit in één keer in het ontwerp meegenomen. Dit geldt ook voor een uniforme erfafscheiding aan beide zijden. Hierbij geldt dat een bladhoudende erfafscheiding wenselijk is voor het beoogd straatbeeld. Het is onwenselijk om parkeergelegenheid op eigen perceel te realiseren. Aan de voorzijde van de twee hoofdvolumes wordt voldoende parkeergelegenheid gerealiseerd ten behoeve van de bewoners.
Rijwoningen Bergerhof, Renkum
Rijwoningen Hendrick Avercamp
Rug-aan-rug woongebouwen (bouwveld B) Grenzend aan het groenperk van de Buizerdstraat zijn twee woongebouwen opgenomen met betaalbare woningen voor één- of tweepersoonshuishoudens. Beide woongebouwen worden projectmatig gerealiseerd en zijn sterk identiek aan elkaar. Deze worden daarom vanuit één ontwerp gebouwd. De afzonderlijke woning is grondgebonden en heeft sowieso één verdieping. De woongebouwen hebben één bouwlaag met kap als verschijningsvorm. Het bouwvolume heeft één dominante vorm met eventueel één accent. Gedacht wordt aan één grote schuur als metafoor. Met een tweezijdige oriëntatie hebben alle woningen op de begane grond een voorgevel die aansluit op een eigen buitenruimte. Deze buitenruimte is compact waardoor bijbehorende bouwwerken en/of overkappingen niet mogelijk zijn. Aan de zijgevels kunnen individuele bergruimtes geplaatst worden die passend of integraal mee ontworpen zijn met het hoofdvolume. De parkeergelegenheid vindt uitsluitend collectief plaats in het openbaar gebied, langs de aangrenzende straat. Dit geldt ook voor een gezamenlijk punt voor afvalinzameling voor deze straat. De erfafscheiding is rondom beide woongebouwen uniform. Hierbij geldt ook dat een bladhoudende erfafscheiding wenselijk is voor het beoogd straatbeeld.
4
Rug-aan-rug Zwartebroek
Rug-aan-rug Hierdenhof, Speuld
Levensloopbestendige woningen (bouwveld C) Op bouwveld C zijn compacte kavels die specifiek bestemd zijn voor een woonvorm die aansluit bij een doelgroep die opzoek is naar een nieuwbouwwoning waarbij ook een slaap- en badkamer op de begane grond mogelijk is. Deze doelgroep heeft vaak ook de wens dat het huis en de bijhorende tuin compact is zodat het onderhoudsarm kan worden ingericht. Deze woningen worden projectmatig ontwikkeld vanuit één basisontwerp. De gewenste verschijningsvorm is één bouwlaag met kap. Binnen ligt hier de nadruk op de begane grond maar de verdieping kan ingericht worden met extra slaapkamers, bergruimte en/of technische voorzieningen. De wijze van onderlinge schakeling van deze vier woningen is vrij. De parkeergelegenheid is voor elke woning op het eigen perceel. Volgens onze parkeernorm is dit 2 parkeerplaatsen per woning. Dit dient zorgvuldig te worden ingepast en te worden ontworpen, hiervoor hebben wij bewust de schakeling van de woningen open gehouden. Een optie is om de parkeergelegenheid (deels) op te nemen in het hoofdvolume waarbij een deel van het doorlopende dak als een carport functioneert. Vanwege de ontwerpuitdaging om compacte levensloopbestendige woningen te realiseren staan wij toe om een bergruimte aan de straatzijde mogelijk te maken. Dit kan bijvoorbeeld dienen als entreeportaal of als bergruimte voor fietsen of een scootmobiel.
De bergruimte is integraal mee ontworpen met het hoofdgebouw en de breedte is duidelijk ondergeschikt aan die van de voorgevel van het hoofdgebouw. Het is wenselijk dat de erfafscheidingen aan alle zijden uniform zijn. Hierbij geldt ook dat een bladhoudende erfafscheiding wenselijk is voor het beoogd straatbeeld.
Levensloopbestendig Vledder-Noord (Broekman)
Seniorenwoningen, Heerde (KHVArch.)
5
Projectmatige rijwoningen (bouwveld E) Binnen het bestemmingsplan is het mogelijk om op bouwveld E projectmatig rijwoningen te ontwikkelen. Alleen voor een projectmatige ontwikkeling gelden beeldkwaliteitseisen en wordt hierop getoetst. De gewenste verschijningsvorm is één bouwlaag met kap. De woningen zijn verdeeld in te minste twee hoofdvolumes die sterke gelijkenissen met elkaar hebben. De percelen zijn hier in verhouding breder dan gebruikelijk is bij rijwoningen. Wij hebben hier niet een traditionele gezinswoning voor ogen, maar staan open voor bijzondere woonvormen dat aanspreekt bij een breed publiek die graag in het dorp wil (blijven) wonen. Dit kunnen levensloopbestendige woningen zijn, maar ook patiowoningen en/of meergeneratiewoningen. Elke afzonderlijke woning heeft alleen een voortuin en achtertuin. Alleen in de achtertuin is het toegestaan om een bijbehorend bouwwerk te realiseren. Vanwege de projectmatige bouw wordt dit in één keer in het ontwerp meegenomen dat passend is bij het hoofdgebouw. Dit geldt ook voor een uniforme erfafscheiding aan beide zijden. Hierbij geldt ook dat een bladhoudende erfafscheiding wenselijk is voor het beoogd straatbeeld. Afwijkend op de algemene beeldkwaliteitseisen kan de voorgevel niet op de voorgevelrooilijn staan zoals deze is aangegeven in het bestemmingsplan. Dit komt door de dubbelbestemming van dit bouwvlak.
Bij de plaatsing van de voorgevel mag worden afgeweken met die verstande dat er zorg wordt besteed aan een gewenste aansluiting van de voorgevel, de entree met het openbaar toegankelijk voetpad. Uit de positionering moet blijken dat de woningen een uitnodigende entree hebben maar dat de privacy ook op een redelijke wijze gewaarborgd kan worden. De erfafscheiding en andere zaken in de voortuin mogen maximaal 1 meter hoog zijn. Het is niet wenselijk om parkeergelegenheid op eigen perceel te realiseren. Aan de voorzijde wordt voldoende parkeergelegenheid gerealiseerd ten behoeve van de bewoners met een collectieve parkeerstrook. De parkeerstrook krijgt een gelijkmatige opzet en uitstraling als die aan de noordzijde van het plangebied.
6
Beeldkwaliteitscriteria Zoals reeds aangegeven dient deze ‘kamer’ of fase aansluiting te hebben op de twee die reeds gerealiseerd zijn direct ten zuiden van het plangebied. Hier gelden dus dezelfde eisen aan de gewenste architectuur, beeldkwaliteit en de randvoorwaarden die gesteld worden vanuit het openbare gebied. In bijzonder gaat aandacht uit naar de bebouwing aan de weerszijden van de noord-zuid lopende hoofdontsluiting. Deze laan moet een voorname uitstraling krijgen dat laan waardig is.
Situering ^ ^
Ieder bouwvolume heeft een eenvoudige opzet en een heldere hoofdvorm; Bijgebouwen zijn zodanig gesitueerd dat ze ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw en dat ze het straatbeeld niet verstoren;
^
De voorgevel van het hoofdgebouw staat in de voorgevelrooilijn.
Vormgeving ^
Elk hoofdgebouw is voorzien van een kap;
^
Extra aandacht wordt besteed aan de vormgeving van zijgevels en achtergevels die zichtbaar zijn vanaf het openbaar gebied;
^
Aandacht voor verbijzondering van de eindwoningen bij rijwoningen;
^
Daar waar de perceelsgrenzen aan de openbare gebied grenzen worden erfafscheidingen projectmatig aangebracht dat passend is bij het hoofdvolume;
^
Er wordt gestreefd naar een samenhang in architectuur tussen de stedenbouwkundige ‘kamers’.
Detaillering, kleuren en materialen ^
Het gebruik van natuurlijke kleuren wordt nagestreefd, in een matte uitvoering;
^
In de gevel wordt reeds veel metselwerk toegepast. Voortzetten is wenselijk, evt. verbijzonderd met verduurzaamd hout, accentelementen of een tweede tint baksteen;
^
Dakkapellen aan de voorzijde is mogelijk mits deze ondergeschikt zijn mee ontworpen;
^
Bijhorende bouwwerken die zichtbaar zijn vanaf het openbaar gebied in samenhang met het hoofdvolume mee ontwerpen;
^
Zonnepanelen en/of andere technische installaties integraal mee ontworpen en/of zijn in één aansluitend vlak uitgelijnd.
7
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
Bijlage 2
66
Stedenbouwkundig plan
bestemmingsplan (vastgesteld)
WINDHAAG
NIEUWE KAVELSLOOT
Kiekendiefstraat
6
8
n 4x21nļ
5į4x23,5|(ii
17x10,5m i
11x31m
WATERRETENTIE ca. 63 m:
8x26,5m
11x31m
11x31m
22x31m
17x30m
I 7x10,5m I
WATERRETENTIE cãľ 755 m:
Jan Asselijn
TENTIE ca. 630 m:
'Ádam''Ryi]aeKer
CO
6
Creil-Oost Fase III Stedenbouwkundig plan loudlaan
Oostelijke uitbreidingen, Creil
Albert Cuyp
gemeente NOORDOOSTPOLDER
Schaal: Getekend
1:1.000 R.R. Cruiming
Formaat: Datum:
A3 22-11-202;
Aan deze afbeelding kunnen geen rechten worden ontleend.
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
Bijlage 3
68
Stikstof berekening
bestemmingsplan (vastgesteld)
RHO ADVISEURS-MEMO
PROJECT
Creil
20230316.001
OPDRACHTGEVER
Gemeente
P.J.
ONDERWERP
Berekening stikstofdepositie
DATUM
21-09-23
KENMERK VAN
(Remco)
Brandsma
uitbreiding woonwijk bestemmingsplan fase 3
Noordoostpolder
1. MEMO STIKSTOFBEREKENING CREIL UITBREIDING WOONWIJK FASE 3 INLEIDING In
de gemeente
daarom
het
Noordoostpolder en
bestaande dorp Creil
woonwijk wordt ten
liseerd
De
bestaande
beoogde
noordoosten
het
Natura
van
plaats Creil
verder uitbreiden
van Creil op
ontwikkeling dient getoetst te
legen gebied
afstand
de
uit rug-aan-rug woningen,
volgen voor de stikstofdepositie
van
in
binnen
2000-netwerk zien.
aan de eisen
2000 een
Natura
dit
Natura
2000-gebied tot
liggen
het plangebied
op grotere
uit de Wet
spelen.
2000-gebieden
met vermesting- en/of verzuringsgevoelige
stofgevoelige habitats
rol
De gemeente
nieuwe woonwijk aangrenzend
habitats
bedraagt
Noordoostpolder wil
bebouwde kom.
57 woningen
laat de
ligging van
kilometer.
Figuur 1 Ligging plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden (bron: Aerius Calculator)
mogelijke ge
Het
meest
2000-gebied Weerribben.
De andere
afstand.
de
het plangebied ten opzichte
zijn gevoelig voor stikstofdepositie.
Natura
Deze
gerea
en vrijstaande woningen.
natuurbescherming, waarbij
Figuur 1
betreft het
15
aan de
Op deze gronden worden
rijtjeswoningen, twee-onder-een-kappers
worden
alle
met een
naar woningen.
landbouwgrond gerealiseerd.
Natura
Niet
is een grote vraag
Natura
nabijge
De minimale
2000-gebieden
met stik-
RHO ADVISEURS
Met
het
rekenmodel Aerius (versie 2022.2)
voor de stikstofdepositie
ring van
de
binnen
Natura
beoogde ontwikkeling)
gangspunten,
de
resultaten en
zijn
2000
berekeningen
in
beeld te
beschouwd.
de conclusie.
In
De
deze memo
invoer-
uitgevoerd
brengen,
en
om
daarbij
wordt
de mogelijke gevolgen van
zijn
de ontwikkeling
de realisatiefase en gebruiksfase (na opleve
achtereenvolgens ingegaan
uitvoergegevens vanuit Aerius zijn
op
de gehanteerde
opgenomen
in
een
uit
aparte
bijlage.
2. TOETSINGSKADER Wet
natuurbescherming
De Wet
^
natuurbescherming:
verankert
de
Europese gebiedsbescherming van
grond van
de Europese Vogel- en
^
vormt de wettelijke
^
legt de
Voor
^
rol van
Natura
^
in
2000,
de
bevoegd gezag voor verlening van vergunningen
dient
gelden
onder
ervoor te zorgen
dat de
kwaliteit van
de
combinatie
passende
stemming voor het
bied
niet worden
Als een
cant
plan
plan
plannen
of project
om
op
meestal
bij de provincies.
houdt
of projecten
de gevolgen
nadat zij
habitats en
met of nodig
is voor het
significante gevolgen
voor het gebied.
de zekerheid
de
verstoring optreden
Bevoegde
hebben verkregen
habitats van
beheer van
kan
soorten
voor de soorten
in de speci
waarvoor de zones
het gebied,
maar afzonder
hebben voor zo'n gebied, wordt
nationale
dat de
instanties geven
natuurlijke
een
slechts toe
kenmerken van
het ge
aangetast.
of project om
negatieve
genomen
met andere
direct verband
beoordeling gemaakt van
(SBZ's)
wetgeving;
natuurlijke
aangewezen.
niet
Beschermingszones
meer de volgende verplichtingen:
zijn
of project dat
uit Speciale
instandhoudingsdoelstellingen;
beschermingszones niet verslechtert. Tevens mag er geen
lijk of in
bestaande
Nederlandse
met
ale
Voor elk plan
^
Habitatrichtlijn,
basis voor de aanwijzingsbesluiten
2000-gebieden
De overheid
Natura
effecten
dwingende
niet kunnen
te waarborgen
reden van groot
worden
openbaar belang toch
uitgesloten,
dat de algehele
moeten
samenhang van
het
alle
moet worden gerealiseerd, terwijl
nodige compenserende
Europees ecologisch
maatregelen
netwerk
(Natura
signifi
worden
2000)
bewaard
blijft.
Bij
de beoordeling van
de gevolgen van
plannen,
projecten
en
handelingen voor de
instandhoudingsdoelstellingen spelen
onder andere de ecologische effecten van verzuring en vermesting door een eventuele toename van
rol.
Uit jurisprudentie volgt dat
van
significante negatieve effecten.
2/5
in
een
In
overbelaste situatie al
dat geval
is
een
bij
passende
een
kleine toename van
stikstofdepositie een
stikstofdepositie sprake
beoordeling noodzakelijk.
kan
zijn
RHO ADVISEURS
3. UITGANGSPUNTEN
3.1
Bouwfase
Voor de
bouwfase
graafmachines en
reden
van
is
de
een
is 2024
als
kranen)
en transporten.
rekenjaar aangehouden. Gedurende de
aantal aannames gedaan
om
beoogde ontwikkeling is uitgegaan
ting depositie woningbouwprojecten
Op dit moment
te
komen tot
van
(RIVM,
het
bruikbare
kental van
2019).
Deze
bouwfase
is er nog geen
3
kg
is er sprake van
gedetailleerde
inzet van
informatie
uitgangspunten voor de
ingevoerd
(zoals
Om
deze
berekeningen. Voor de bouw
NOx per woning zoals voorgesteld
is als vlakbron
materieel
beschikbaar.
met een
in
Methode inschat
emissie van
(3*57)
171
kg
NOx
per jaar.
Binnen
dit
van
naar de
en
lager zijn).
kental
valt de
inzet van
bouwlocatie
(bij gebruik van
Er wordt alsnog worst-case
ontwikkeling van 57 woningen
(25*57)
1.425
zware
verkeersbeeld'.
Volgens de
stopgedrag
zich
ook de verhouding
ring in Aerius
mastraat
De
om
3.2
-
150 lichte
houtskeletbouw en
de bouwmaterialen
modulair bouwen -
als de werknemers
kan
de depositie
zware
bewegingen
per woning. Voor de
komt de verkeersgeneratie voor de realisatie
op
(150*57)
8.550 lichte
bewegingen en
per jaar.
plan
wordt
in
de
berekeningen
'instructie gegevensinvoer Aerius'
meer onderscheidt van
de
uitgegaan
op jaarbasis zijn
materieel
materialen
van
zowel
25
hoeveelheid
in
het extra verkeer opgaat
wil
'het extra verkeer door zijn
dit zeggen
dat
extra
verkeer en
het
op de
betrokken
weg
de
Kiekendiefstraat,
de
het
Flevolaan,
'heersende
snelheid
bevindt.
reeds op de weg aanwezige verkeer.'
afgewikkeld via
in
Hierbij
en
weegt
Bij
de
de
Iglo Tade-
modelle
het verkeer op de Galamalaan.
ingevoerd
is ingevoerd
meegenomen tot
het overige verkeer dat zich
dat het verkeer wordt
vervolgens op te gaan
het overige
het transport van
en
mee tussen
is er van
uitkomsten
van
niet
lichte
uitgegaan
en
bewegingen
bewegingen
De verkeerstoename door het
rijen
mobiele werktuigen
in
Aerius Calculator.
als vlakbron
aangezien
De verkeersbewegingen
dit
materieel op
het
zijn
ingevoerd
hele terrein
als
werkzaam
lijnbron.
zal
De
inzet
zijn.
Gebruiksfase
Voor de gebruiksfase is 2024 als
Wanneer een
rekenjaar aangehouden.
rekenjaar verder in
de toekomst
Dat
ligt, worden
rekenjaar genereert voor het verkeer de
de emissies lager door een toename van
hoogste emissies.
elektrisch
rijden
en
schonere technieken.
Ter bepaling van
(publicatie 381,
plangebied.
In
de
gebruikt.
deze situatie
'weinig stedelijk'.
3/5
hoeveelheid verkeer dat door deze
2018)
In Tabel
ligt
3-1
De omvang van
het
plangebied
wordt
de
ontwikkeling wordt gegenereerd,
de verkeersgeneratie wordt
in
het
'rest
bebouwde kom'
input voor de verkeergeneratie
worden
kencijfers van
onder andere bepaald
en
is sprake van
weergegeven.
door de
het CROW
locatie van
een stedelijkheidsgraad
het
van
RHO ADVISEURS
Tabel 3-1 Verkeersgeneratie toekomstige situatie
verkeersge neratie mvt/etmaal
Berekening verkeersgeneratie
kencijfer CROW programma weekdag
functiegroep
functìetype
1
Wonen
Koop,
huis,
vrijstaand
2
Wonen
Koop,
huis,
4
Wonen
Koop,
huis,
per
per
4
woning
8,2
woning
32,8
twee-onder-een-kap
18
woning
7,8
woning
140,4
tussen/hoek (rug-aan-rug)
37
woning
7,4
woning
273,8
totale verkeersgeneratie 447
* nog onduidelijk welk type woning daarom van de hoogste verkeersgeneratie uitgegaan.
De verkeerstoename door een
plan
verkeersbeeld'.
op
2022
(januari,
Dit is
2023),
twee uitvalswegen
gaan
in
het geval
zich
Voor de
Koninck,
de
dertig
tot
is via
de Galamalaan.
is aangenomen
procent zich
de
berekeningen
dat
enkele
de
meegenomen tot
het aan- en
de
procenten van
Kiekendiefstraat,
Brabantsestraat,
dat zeventig
afwikkelt via de Adam
het
de
om
procent van
het extra verkeer opgaat
afrijdende verkeer, conform
De tweede uitvalsweg gaat
Hendrick Avercamp,
berekeningen
straat en
de eerste
in
moment
heeft verdund
kennen,
het verkeer op
Philip de
wordt
het
de
reeds aanwezige verkeer.
Flevolaan, de
richting het
De
nieuwe
Iglo Tademastraat
industriegebied
vervolgens op te gaan
in
in
het
'heersende
Instructieregels voor Aerius
om
locatie gaat
vervolgens op te
over de Adam
het verkeer op
de
het gegenereerde verkeer zich afwikkelt via
Pynacker,
Hertogstraat.
de
Kiekendief
Pynacker route.
4. RESULTATEN EN CONCLUSIE In
de Aerius berekening
kening
is worst case de totale
met Aerius Calculator (2022.2)
hoger dan
0,00
mol/ha/jr.
de
berekening zijn
realisatie- en gebruiksfase uitgesloten.
De
beoogde
4/5
één
voor de realisatie- en gebruiksfase blijkt
basis van
tuurbescherming.
Op
bouwfase en gebruiksfase in
dat er geen
significant negatieve
herontwikkeling
berekening bij
effecten
elkaar gevoegd.
toename
op
Natura
is derhalve uitvoerbaar in
het
is van
Uit de
bere
stikstofdepositie
2000-gebieden
kader van
in
de
de Wet
na
RHO ADVISEURS
BIJLAGE 1 - STIKSTOFDEPOSITIE BEREKENING AERIUS
5/5
AERIUS*
Projectberekening
CALCULATOR
Dit document geeft een overzicht van de invoer en
rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS
Calculator. De berekening is
stikstofgevoelige
die overlappen
uitgevoerd binnen
Natura 2000-gebieden,op rekenpunten
met habitattypen en/of leefgebieden die
aangewezen zijn in
het kader van de Wet
natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort,
of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar
tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste
situatie voor stikstof.
"
Overzicht
"
Samenvatting situaties
"
Resultaten
"
Détailgegevens per emissiebron
Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
AERIUS* CALCULATOR
Contactgegevens Rechtspersoon
RHO adviseurs
Inrichtingslocatie
-Creil
Activiteit Omschrijving
Crei I won i n guitb reid i n g fase 3
Toelichting
Crei I won i n guitb reid i n g fase 3
Berekening AERIUS kenmerk
RywE4UQt6CWx
Datum berekening
21 november 2023,14:08
Rekenconfiguratie
Wnb-rekengrid
3
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH
Emissie NO*
Beoogd-Beoogd
2024
1,1 kg/j
200,7 kg/j
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Beoogd-Beoogd
Gekarteerd oppervlak met toename (ha)
Gekarteerd oppervlak met afname (ha)
Grootste toename
Grootste afname
RywE4UQt6CWx (21 november 2023)
2/7
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR Beoogd
(Beoogd),
rekenjaar2024
3
Emissie NH
Emissiebronnen
^9
Anders... ļ Anders... ļ
Bouwfase -
^
Verkeersnetwerk
RywE4UQt6CWx (21 november 2023)
1,1
kg/j
Emissie NO*
171,0
kg/j
29,7 kg/j
3/7
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
]
Habitatrichtlijn
]
Vogelrichtlijn
]
Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn
]
Niet
Grootste toename (projectberekening)
Grootste afname (projectberekening)
bepaald
Hoogste totaal (achtergrond +
project be re ke ni ng)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RywE4UQt6CWx (21 november 2023)
4/7
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Beoogd" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie
Berekend (ha
Hoogste totale
Met toename
Grootste
Met afname (ha
Grootste afname
gekarteerd)
depositie (mol
(ha gekarteerd)
toename (mol
gekarteerd)
(mol N/ha/jr)
N/ha/jr)
Totaal
RywE4UQt6CWx (21 november 2023)
-
N/ha/jr)
-
-
-
-
-
5/7
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR Beoogd,
Rekenjaar2024
^9 Wegverkeer Weg ļ
Naam
Gebruiksfase ontsluiting west
Locatie
X:173687,87Y:530889,16
Typescherm
-
-
NO
Lengte
506,00 m
Hoogte
-
-
NH
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
Om
Afstand tot de weg
Links Rechts NO*
15,2 kg/j
2
2,4 kg/j
3
0,6 kg/j
-
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
in file
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
313,0/etmaal
O.Oo/o
Middelzwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 0,0 0,0
/etmaal
O.Oo/o
/etmaal
O.Oo/o
/etmaal
O.Qo/o
O Anders... Anders... ļ
Bouwfase
Locatie
Oppervlakte
0.0 m
X:173910,97
Warmteinhoud
0.000 MW
Y:530882,96
Spreiding
0 m
*
171,0 kg/j
4,36 ha
Wijze van ventilatie
Niet geforceerd
Temporele variatie
Continue Emissie
^9 Wegverkeer Weg ļ
Naam
Bouwfase werkverkeer
Locatie
X: 173687,67 Y:530888,79
Lengte
505,16 m
Hoogte
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
0
Links Rechts
NO*
4,0 kg/j
2
Typescherm
NO
NH3
-
m
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
In file
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
8.550,0/jaar
O.Oo/o
0,0 0 0,0 0
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
1.425,0/jaar
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0
/jaar
/ū
/ū
O.Qo/o
/jaar
O Wegverkeer Weg ļ
Naam
Gebruiksfase ontsluiting zuid
Locatie
X: 173832,93 Y:530586,39
Typescherm
Links Rechts NO*
NO
Lengte
818,98 m
Hoogte
NH3
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
0
2
-
m
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
134,0/etmaal
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
RywE4UQt6CWx (21 november 2023)
10,5 kg/j
0,0 0,0 0,0
/etmaal
/etmaal
/etmaal
In file
0,0 0 0,0 0 0,0 0 0,0 0
/ū
/ū
/ū
/ū
6/7
Projectberekening
AERIUS* CALCULATOR
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de Ínhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie
2023.0.1-20231106-3125d8b3cl
Database versie
2023.0.1-3125d8b3cl-calculatorjiLstable
Voor meer informatie over de gebruikte methodieken data zie: https://www.aerius.nl/
RywE4UQt6CWx (21 november 2023)
7/7
AERIUS*
Projectberekening
CALCULATOR
Dit document geeft een overzicht van de invoer en
rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS
Calculator. De berekening is
stikstofgevoelige
die overlappen
uitgevoerd binnen
Natura 2000-gebieden,op rekenpunten
met habitattypen en/of leefgebieden die
aangewezen zijn in
het kader van de Wet
natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort,
of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar
tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste
situatie voor stikstof.
"
Overzicht
"
Samenvatting situaties
"
Resultaten
"
Détailgegevens per emissiebron
Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
AERIUS* CALCULATOR
Contactgegevens Rechtspersoon
RHO adviseurs
Inrichtingslocatie
~9 -Creil
Activiteit Omschrijving
Crei I won i n guitb reid i n g fase 3
Toelichting
Crei I won i n guitb reid i n g fase 3
Berekening AERIUS kenmerk
RoBvLq5zEcFi
Datum berekening
21 november 2023,14:08
Rekenconfiguratie
Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH3
Emissie NO*
Beoogd gebruiksfase - Beoogd
2025
0,8 kg/j
23,6 kg/j
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Beoogd gebruiksfase - Beoogd
Gekarteerd oppervlak met toename (ha)
Gekarteerd oppervlak met afname (ha)
Grootste toename
Grootste afname
RoBvLq5zEcFi (21 november 2023)
2/6
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR
Beoogd gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2025
Emissiebronnen ^
Verkeersnetwerk
RoBvLq5zEcFi (21 november 2023)
Emissie NH3
Emissie NO*
0,8 kg/j
23,6 kg/j
3/6
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
]
Habitatrichtlijn
]
Vogelrichtlijn
]
Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn
]
Niet
Grootste toename (projectberekening)
Grootste afname (projectberekening)
bepaald
Hoogste totaal (achtergrond +
project be re ke ni ng)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RoBvLq5zEcFi (21 november 2023)
4/6
Projectberekening
AERIUS CALCULATOR Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Beoogd gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie
Berekend (ha
Hoogste totale
Met toename
Grootste
Met afname (ha
Grootste afname
gekarteerd)
depositie (mol
(ha gekarteerd)
toename (mol
gekarteerd)
(mol N/ha/jr)
N/ha/jr)
Totaal
RoBvLq5zEcFi (21 november 2023)
-
N/ha/jr)
-
-
-
-
-
5/6
Projectberekening
AERIUS* CALCULATOR
Beoogd gebruiksfase, Rekenjaar2025 ^9 Wegverkeer Weg ļ
Naam
Geb rui ksfase on tsluiti n g west
Links Rechts NO*
Locatie
X:173687,87 Y:530889,16
Type scherm
NŨ
Lengte
506,00 m
Hoogte
nh
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
0 m
14,0 kg/j
2 3
-
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
In file
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
313,0/etmaal
O.Oo/o
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
^9 Wegverkeer Weg ļ
Naam
Geb rui ksfase ontsluiti n g zuid
Locatie
X: 173832,93 Y:530586,39
Lengte
818,98 m
Hoogte
Wegtype
Binnen bebouwde kom (doorstromend)
Afstand tot de weg
Rijrichting
Beide richtingen
Tunnelfactor
1
Typehoogteligging
Normaal
Weghoogte t.o.v. maaiveld
0 m
Links Rechts
NO*
9,7 kg/j
2
Typescherm
NŨ
NHb
-
Verkeer
Max. snelheid
Aantal voertuigbewegingen
In file
Licht verkeer
Voorgeschreven factoren
134,0/etmaal
0,0 o/o
Middelzwaarvrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
Zwaar vrachtverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
Busverkeer
Voorgeschreven factoren
0,0 /etmaal
0,0 o/o
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de Ínhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie
2023.0.1-20231106-3125d8b3cl
Database versie
2023.0.1-3125d8b3cl-calculatorjiLstable
Voor meer informatie over de gebruikte methodieken data zie: https://www.aerius.nl/
RoBvLq5zEcFi (21 november 2023)
6/6
bestemmingsplan Creil, Oost - fase 3
Bijlage 4
Quickscan Ecologie
bestemmingsplan (vastgesteld)
87
MATEBOER Milieutechniek BV
Rapport Quickscan Ecologie Jan
Kampen Ambachtsstraat 27 8263 AJ Kampen Postbus 99 8260 AB Kampen Tel.: 038-331 50 20
Almere Steurstraat 7 1317 N2 Almere Tel.: 036—530 24 10
Asselijn te Creil
Joure Madame Curieweg 29 8501 XC Joure Tel.: 0513—72 68 26
www.mateboer.nl
Zwolle Zwartewaterallee 56 8031 DX Zwolle Tel.: 038—331 50 20
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
Rapport Quickscan Ecologie Jan
Opdrachtgever:
RHO
Adviseurs
Projectnummer
Projectnummer
Mateboer:
RHO Adviseurs:
EC237048/SK rev.01
Opgesteld
door:
R.
BSc.
Asselijn te Creil
Paraaf:
Datum:
Status:
22 november 2023
Definitief
Gecontroleerd door:
Paraaf:
RG
te
Beek
S.
Kamminga
BSc.
KAMPEN
ALMERE
JOURE
ZWOLLE
Ambachtsstraat 27
Steurstraat 7
Madame Curieweg 29
Zwartewaterallee 56
BIC RABONL2U
8263 AJ Kampen
1317 NZ Almere
8501XCJoure
8031 DX Zwolle
BTW nr. NL801654920B01
Postbus 99
Tel: 036 - 530 2410
Tel.: 0513 - 72 68 26
Tel: 038 - 33150 20
KvK nr. 05051184
8260 AB Kampen
www.mateboer.nl
Tel: 038 - 33150 20
IBAN NL86 RABO 0397 3417 41
Milieutechniek BV
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
INHOUDSOPGAVE Pagina:
1
2
3
4
INLEIDING............................................................................................................................................... 3 1.1
Aanleiding en
doel........................................................................................................................................................................................................................................................................................................................3
1.2
Huidige situatie en voorgenomen
1.3
Verantwoording en gebruik gegevens................................................................................................................................................................................................................................................5
1.4
Opbouw rapport...............................................................................................................................................................................................................................................................................................................................5
plannen............................................................................................................................................................................................................................ 3
TOETSINGSKADER EN ONDERZOEKSMETHODE........................................................................................6 2.1
Toetsingskader Wet natuurbescherming....................................................................................................................................................................................................................................6
2.2
Toetsingskader Provinciaalbeleid................................................................................................................................................................................................................................................................ 7
2.3
Onderzoeksmethode..............................................................................................................................................................................................................................................................................................................7
GEBIEDSBESCHERMING........................................................................................................................... 9 3.1
Natura
2000-gebieden......................................................................................................................................................................................................................................................................................................... 9
3.2
Natuurnetwerk
Nederland.................................................................................................................................................................................................................................................................................... 10
SOORTENBESCHERMING........................................................................................................................11 4.1
Flora........................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................ 11
4.2
Vleermuizen........................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................... 11
4.3
Grondgebonden
4.4
Broedvogels........................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................... 12
4.5
Amfibieën.................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................. 12
4.6
Reptielen........................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................13
4.7
Vissen................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................... 13
4.8
Ongewervelden.............................................................................................................................................................................................................................................................................................................................13
zoogdieren............................................................................................................................................................................................................................................................................... 11
5
SAMENVATTING BELANGRIJKSTE CONCLUSIES......................................................................................14
6
GERAADPLEEGDE BRONNEN..................................................................................................................15
BIJLAGEN Bijlage
1: Verbodsartikelen soortenbescherming
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
1
INLEIDING
1.1
Aanleiding en doel
Mateboer
een
Milieutechniek
quickscan
F-2183
aan
ecologie
de Jan
De ecologische
inzichtelijk
B.V.
in verband
quickscan
maken van
de
zijn geen,
mogelijke
opdracht gekregen voor
herontwikkeling van
het
uitvoeren van
kadastraal
perceel
NOP00-
uitgevoerd
in
het
kader van
(mogelijke)
middels
Zodoende wordt
negatieve
de Wet
dit onderdeel
effecten
de Wet
op
deze
behandeld
in
natuurwaarden
natuurwaarden.
natuurbescherming,
niet
Natuurbescherming.
beschermde
beschermde
voorliggende
Met als doel
(flora,
fauna
en
Bij de
houtopstanden
rapportage.
Huidige situatie en voorgenomen plannen plangebied
akker,
is
de
is
werkzaamheden
Het
met de
potentiële aanwezigheid van
en
1.2
RHO Adviseurs
Asselijn te Creil.
natuurgebieden)
betrokken.
heeft van
met aan
is gelegen
aan
de
gras en
randen
de akker omringd
zuiden
en westen
De voorgenomen
de Jan
door sloten.
bevinden
plannen
Asselijn te
kruiden
Aan
de
Creil
(zie figuur
noord- en
(zie figuur
1.2
en
oostkant
1.1).
1.3).
Het plangebied
Met
bevinden
betreft een
uitzondering van
zich
de
noordkant
landbouwgronden. Ten
zich woonhuizen.
bestaan
uit
het
bouwrijp
maken van
het
perceel
en
het
realiseren van
een
woonwijk.
NOPOO-F-2183. Creil
Overzicntstekemng onderzoekslocatie
ř
i
NOPOO
2183
-M MATEBOER
■mm
Figuur 1.1 Ligging van
i*‘i i.i.t
het plangebied (binnen
de blauwe belijning).
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
3
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
Figuur 1.2 Overzichtsfoto van het plangebied.
jļgllÉÄ w*
Figuur 1.3 Overzichtsfoto van
het plangebied.
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
4
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
1.3
Verantwoording en gebruik gegevens
Voorliggend
onderzoek
gekwalificeerd voor
Dit
rapport
geldig in
is
originele
geen
Databank
andere wijze
In
het algemeen
een
het door
en
mag
Hij
is door opleiding,
door de opdrachtgever.
Ieder ander dan
risico.
aanzien van
Mateboer
betreffende
Fauna
BSc.
ervaring en
zelfstudie
de opdrachtgever,
Mateboer
mogelijke
Milieutechniek
B.V.
de verspreiding van
die
Het rapport
het
Milieutechniek
beslissingen
is alleen
rapport gebruikt
B.V.
accepteert op
die de opdrachtgever
neemt
uitgevoerde onderzoek.
soorten
is
deels afkomstig
niet zonder toestemming worden verstrekt
aan
uit de
derden
Nationale
of op enige
openbaar gemaakt worden.
drie jaar, tenzij
Wet
Beek
onderzoek.
doet dit op eigen
aansprakelijkheid ten
en
R. te
ecologisch
en volledige vorm.
informatie
Flora
door
samengesteld voor gebruik
referentie,
naar aanleiding van
De gebruikte
uitgevoerd
het doen van
uitsluitend
zonder specifieke
voorhand
is
kan
in
gesteld worden
deze
periode
natuurbescherming of de
project met meer dan
dat een
ecologisch
onderzoek geldig
de ecologische omstandigheden
inzichten
hieromtrent
zijn
drie jaar wordt aanbevolen
de
is voor een
wezenlijk zijn
gewijzigd.
resultaten
Bij
uitstel van
van
periode van
veranderd
de
en/of de
uitvoering van
de quickscan
opnieuw te
toetsen.
1.4 In
Opbouw rapport
hoofdstuk
2 wordt
een
korte toelichting gegeven
beschreven welke onderzoeksmethode
beschermde
natuurgebieden
belangrijkste conclusies
bronnen
en
in
is toegepast.
hoofdstuk 4
is te vinden
in
op de Wet
natuurbescherming en
Vervolgens wordt
in
hoofdstuk 3
op de soortenbescherming.
hoofdstuk 5.
Afgesloten
wordt
met
Een
wordt
ingegaan op
samenvatting van
hoofdstuk 6 waarin
de
de
de
staan vermeld.
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
5
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
2
TOETSINGSKADER EN ONDERZOEKSMETHODE
2.1
Toetsingskader Wet natuurbescherming
In
Nederland
is de
bescherming van
natuurbescherming.
provincie
voor
is
(in
Natura
de
Deze wet
regelt de
meeste gevallen)
2000-gebieden
belangen
én voor
zijn gemoeid,
natuurbescherming
Zorgplicht
De Wet
(artikel
is te vinden
natuurbescherming
nemen voor de
voor
directe
leefomgeving.
van toepassing,
2000
beschermd
Europees
middels
de Wet
uit de
voor een
een
kunnen
»
beoordeling
blijkt
zorgplicht.
Deze
uitvoering van
en
ingrepen
De wettekst van
houdt
in
in
dat
het wild
handelingen
zorgt zij tevens
waarmee grote
de Wet
iedereen voldoende
levende
dienen
beperkt of ongedaan te worden
beschermde
de flora
nodig
natuurgebieden
Deze wet
en fauna
biedt een
binnen
kwaliteit van
de
op
soorten,
mogen
dat geen
niet
dieren
en
zorg in
planten,
negatieve gevolgen
gemaakt.
acht
alsmede
zoveel
De zorgplicht is
de
niet
effecten
nodig.
Zijn
op
deze gebieden.
habitatten
optreden
dan
is
moet zijn
voldaan voor
in
Nederland
De wet
bepaalt dat
kunnen verslechteren
plaatsvinden
hun gevolgen
(significant)
en wordt
beschermingskader voor de
of die een
zonder vergunning.
voor de
Natura
het aanvragen van
negatieve effecten
(bijvoorbeeld een voortoets en/of passende
waaraan
(hoofdstuk
natuurbescherming
het vaststellen van
niet
2000-gebieden.
een vergunning
uit te sluiten
beoordeling).
een
plan
of
dan
Artikel
is
2.8
het verlenen
3)
kent drie
categorieën van
beschermde
soorten:
Soorten van de Vogelrichtlijn (artikel 3.1) nature
Vogelrichtlijn.
nest
en
in
Nederland
in
het wild
levende vogels,
Deze groep wordt vaak onderverdeeld
soorten
waarvan
voeren van jongen
»
Daarmee
De
met gevolgen
vergunning.
Alle van
»
houtopstanden.
https://wetten.overheid.nl/.
beoordeeld te worden
project of handeling
Soortenbescherming
De Wet
ruimtelijke
die de
hebben
plannen
de voorwaarden
een
Bij
en
de Wet
handelingen
plantensoorten.
bevoegd gezag.
natuurbescherming.
handelingen
nadere beoordeling
bevat
van
soorten
in
2)
andere
Als
Rijk
netwerk van
beschermde gebieden
effect
ontheffingen.
dan wel
projecten
Zodoende dienen
gebieden,
dier- en
natuurgebieden en
aangewezen
verstorend
en
het
Bij de
(hoofdstuk
is een
en
2017 geregeld
ongeacht vrijstelling of ontheffing.
Gebiedsbescherming
Natura
beschermde
kent een
beschermde
mogelijk te worden voorkomen,
altijd
bescherming van
1 januari
1.11)
moet
hun
is
op
sinds
bevoegd gezag voor de toetsing van
voor de verlening van vergunningen
nationale
natuurwaarden
in
het
het
nest
nest)
alleen
in
beschermd
in
zoals genoemd
soorten
het broedseizoen
in
artikel
1
met een jaarrond
(nestopbouw,
ei-leg,
van
de
beschermd
broeden
en
is;
Soorten van de Habitatrichtlijn (artikel 3.5) Soorten,
niet zijnde vogels,
bijlage
en
II
van
het Verdrag van
de
Bonn
Habitatrichtlijn
bijlage
bijlage
IV onderdeel
a,
het Verdrag van
Bern
I;
Overige soorten (artikel 3.10) Soorten
bijlage
die vanuit
bij
artikel
nationaal
3.10.
oogpunt
bescherming behoeven,
Hieronder vallen
ook de soorten
genoemd
waarvoor
in
onderdeel
A van
provincies vrijstelling
de
hebben
verleend.
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
6
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
De verbodsbepalingen voor vogel- en
habitatrichtlijnsoorten
en
beschermde soorten gelden verbodsbepalingen
Habitatrichtlijn.
geïnspireerd
zijn
zijn
op de
beoordeling
vervolgstappen
niet
verbodsartikelen,
aanvragen
2.2
van
Leidt
het
letterlijk overgenomen
opzichten
uit de Vogel
die
minder streng zijn.
In
bijlage
1
op
hun
gevolgen
de
ingreep
voor beschermde
overtreden
dan
is
het
(mogelijk) wel tot het overtreden van
nemen van vervolgstappen
(bijvoorbeeld
soorten.
Als
uit
nemen van
de
aanvullend onderzoek of het
nodig.
Toetsingskader Provinciaalbeleid Nederland
Natuurnetwerk
Nederland
natuur(gebieden).
dieren
zich
hieruit
(artikel
leiden tot
Tenzij,
(NNN)
2.10.4.,
eerste
(significante)
sprake
lid,
een
worden gecompenseerd.
hebben
Plannen/ingrepen
beoordeling
in
vervolgstappen
niet
omtrent
het
blijkt
NNN
nodig.
2.3
wel
De
het
de
en
bestaande en
De
er geen
maken,
bescherming van
activiteiten worden
waarden,
belang,
en waarden,
oppervlakte
reële
uitgewerkt
beoordeeld
ingreep
in
het
NNN
planten
of tot een
bestaat
zijn
en
per saldo
(significante)
of samenhang van
alternatieven
en
het
NNN.
negatieve
bescherming van
het
provinciale verordeningen.
te worden
op
negatieve effecten
hun
gevolgen voor het
optreden
dan
(mogelijk) wel tot (significante)
(bijvoorbeeld
nieuw aan te
kunnen
mogelijk gemaakt die
provincies zijn verantwoordelijk voor de
(significante)
Leidt
netwerk van
natuurgebieden te
de wezenlijk kenmerken
NNN
dienen
dat geen
nemen van vervolgstappen
vergunning)
dat geen
groot openbaar
NNN.
beleid
Nederlandse
over meer gebieden.
kenmerken
effecten
Zij
het
Barro):
aantasting van
de wezenlijke
is van
is
Door verbindingen tussen
makkelijker verspreiden
vermindering van
het
sommige
verbodsartikelen worden
ontheffing) wel
leggen
de
in
beoordeeld te worden
nodig.
is
maar
zijn
per regime weergegeven.
dat geen
dan
een
Natuurnetwerk
Het
dienen
blijkt
nationaal
Habitatrichtlijn,
de verbodsbepalingen
Plannen/ingrepen
de
Voor de
aanvullend onderzoek of
is
het
NNN.
Als
uit
nemen van
negatieve effecten,
het aanvragen van
dan
is
een
nodig.
Onderzoeksmethode
Het onderzoek
is
uitgevoerd
middels een
bureauonderzoek en
een
veldbezoek.
Bureauonderzoek
Middels
een
beschermde
bekend
zijn
bureauonderzoek is
in
natuurgebieden
Tevens
in
het
plangebied
verspreidingsgegevens uit de
verspreidingsatlassen
en
ligt.
en
beeld
gebracht of het
is
directe omgeving.
Nationale
plangebied
nagegaan welke
Databank
kennisdocumenten.
Hiervoor
Flora
en
in
of
beschermde
in
de directe omgeving van
planten- en
is gebruik gemaakt van
Fauna
De geraadpleegde
(NDFF)
via
bronnen
diersoorten
actuele
Quickscanhulp1,
zijn te vinden
in
Hoofdstuk
6.
1 Quickscanhulp.nl stelt gegevens uit de
beschikbaar voor ecologen
makkelijke
een
manier een
plangebied.
De
en
NDFF (Nationale
andere professionals.
Databank
Flora
en
Fauna) op een
Met de geleverde gegevens
inschatting worden gemaakt van
NDFF verzamelt natuurgegevens in
kan
de aanwezige beschermde flora
Nederland
en
praktische manier
op een snelle en
en fauna
in
en
nabij
bevat uitsluitend gevalideerde gegevens
(ndff.nl).
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
7
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
Veldbezoek
De
informatie
april
als
2023
de
uit
(10
het
bureauonderzoek is
lichte
directe omgeving
soorten.
Daarbij
neerslag,
hiervan
is ook aandacht
beschermde
natuurgebieden.
Op
het
basis van
plangebied.
besteed
bureauonderzoek en
en gebieden
aanvragen
en
van
Vervolgens
of het
een
is
nemen
basis
half bewolkt,
onderzocht
aanwezigheid van geschikt habitat
het
als
en
op
aan
3
mogelijke
aanwezigheid
relatie tussen
welke effecten
(zoals
het
inzicht verkregen
de daarbij te verwachten
van vervolgstappen
nodig
het veldbezoek dat
in
beschermde
kunnen
het
is
dit veldbezoek is zowel
(mogelijke)
het veldbezoek is
beoordeeld
ontheffing)
bij
Bft). Tijdens
de
de
gebruikt
optreden
uitvoeren van
van
uitgevoerd
het
plangebied
en
(mogelijke)
soorten
op
25
beschermde
plangebied
de
op
in
of rondom
beschermde soorten
vervolgonderzoek of het
is.
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
8
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
3
GEBIEDSBESCHERMING
In
dit hoofdstuk worden
natuurgebieden
noodzakelijk
3.1 Het
de
mogelijke effecten
beschreven.
Daarnaast wordt
van
de voorgenomen
beschreven
plannen
op
nabijgelegen
of een vervolgtraject (zie ook
hoofdstuk 2)
is.
Natura 2000-gebieden plangebied
gebied.
Het
ligt
meest
niet
in
de
directe
nabijgelegen
hemelsbreed ten westen
van
nabijheid van
Natura
het
een gebied
2000-gebied
plangebied
betreft
dat aangewezen
IJsselmeer op
is
circa 4
als
Natura
2000-
kilometer afstand
(figuur 3.1).
Overzichtstekening onderzoekslocatie Natura 2000
NOPOO-F-2183, Creil
Legenda
IJsselmeer
Figuur 3.1 Ligging van
Gezien
het plangebied ten opzichte van
de tussenliggende
afstand
externe werking2
op
stikstofdepositie,
geluidsoverlast
plannen
en
Natura
berekening
2 Van
als gevolg van
2000-gebieden.
de tussenliggende
het dichtstbij gelegen
kan,
Natura
Natura 2000-gebied
Externe
de voorgenomen
negatieve
en grondwateronttrekking.
afstand
is
IJsselmeer
effecten
Gezien
alleen
kunnen
de aard van
het onwaarschijnlijk dat deze
2000 gebied
ingreep,
een
IJsselmeer. Voor het onderdeel
sprake zijn van
ontstaan
door
de voorgenomen
negatief effect
stikstof dient
hebben
op
een AERIUS-
uitgevoerd te worden.
externe werking is sprake als een activiteit niet
negatieve effecten
op
plaats vindt binnen
een
Natura
2000-gebied,
maar er wel
heeft.
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
9
M MATEBOER
Projectontwikkeling BV Bouw BV Milieutechniek BV
3.2 Het
Natuurnetwerk Nederland plangebied
uitmaakt van
ligt
het
niet
NNN.
in
de
De
directe
nabijheid
ligging van
het
(circa
3
kilometer) van
plangebied ten
een
opzichte van
het
gebied
NNN
dat onderdeel
is weergegeven
in
figuur 3.2.
Figuur 3.2 De ligging van
Gezien
het onderzoekgebied ten opzichte van
de tussenliggende
negatieve
aanzien
effecten
van
het
op de
NNN
is
afstand zijn
kenmerken
niet
als gevolg van
het Natuurnetwerk Nederland
de voorgenomen
en waarden van
het
plannen
NNN te verwachten.
geen
(significante)
Vervolgonderzoek ten
nodig.
Quickscan Ecologie, Jan Asselijn Creil, EC237048/SK rev.01
10