4.1 Bestemmingsplan Emmeloord, Emmelhage - fase 2b.pdf
Tekst van het document
Anti-dubbeltelregel (Artikel 5)
Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. ^
Algemene gebruiksregels (Artikel 6)
Deze regel is opgenomen om aan te geven welk gebruik in elk geval strijdig is met de aan de grond gegeven bestemming; ^
Algemene afwijkingsregels (Artikel 7)
In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken. ^
Overige regels (Artikel 8)
In dit artikel is aangegeven dat de wettelijke regeling waarnaar in de regels van het plan wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan. Daarnaast zijn er regels opgenomen omtrent parkeren.
7.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregels wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
7.3
Verantwoording van de regels
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Hierbij zullen de bestemmingen in dezelfde volgorde als in de regels worden behandeld.
Verkeer (Artikel 3) De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen en straten, voet- en rijwielpaden, kunstwerken, nutsvoorzieningen evenementen. Verder zijn de hierbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bruggen, viaducten en landhoofden daar onder begrepen, andere-werken, watergangen en waterhuishoudkundige voorzieningen, groenvoorzieningen en parkeervoorzieningen toegestaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
47
Bestemmingsplan "Emmeloord, Emmelhage - fase 2b" Vastgesteld
Binnen de bestemming 'Verkeer' mogen geen gebouwen worden opgericht. Bouwwerken, geen gebouw zijnde zijn wel toegestaan. Voor licht- en vlaggenmasten en bruggen en viaducten gelden aparte bouwhoogten.
Woongebied (Artikel 4) De voor 'Woongebied' aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor het wonen in woningen, water en waterberging, verkeersvoorzieningen en nutsvoorzieningen. Hieraan ondergeschikt zijn tuinen, erven en paden, waterhuishoudkundige voorzieningen en wegen en parkeervoorzieningen. Als hoofdgebouwen mogen uitsluitend woonhuizen worden gebouwd. Het aantal hoofdgebouwen mag niet meer dan 159 bedragen. Een hoofdgebouw dient binnen een bouwvlak te worden gebouwd. Door middel van aanduidingen is op de verbeelding per bouwvlak aangegeven welk type woningen er zijn toegestaan. Daarnaast is door middel van aanduidingen de maximale goot- en bouwhoogte aangegeven. Ter plaatse van de beoogde rug-aan-rugwoningen is de aanduiding 'afwijkende maatvoering' opgenomen. In de regels is bepaald dat ter plaatse van de betreffende aanduiding de goothoogte over een breedte van niet meer dan 50% van de gevel van het hoofdgebouw 9 m mag bedragen. Bijbehorende bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan bij woonhuizen en dienen minimaal 1 meter achter de voorgevel van de woning te worden gebouwd. De maximale oppervlakte bedraagt 50% van het bij de woning behorende achtererfgebied met een maximum van 100 m2. De oppervlakte van binnen het bouwvlak gebouwde bijbehorende bouwwerken telt niet mee in de bepaling van de gezamenlijke oppervlakte.
Verder is ten behoeve van de beoogde rug-aan-rugwoningen een specifieke bepaling opgenomen ten aanzien van het realiseren van bergingen. De betreffende bergingen dienen te worden gebouwd binnen de aanduiding 'specifieke vorm van woongebied - bergingen'. Het gaat hierbij om maximaal 18 bergingen ten behoeve van het wonen. De oppervlakte per berging mag niet meer dan 25 m2 bedragen. Verder mag de bouwhoogte niet meer dan 3,5 meter bedragen. Bij een woning mag onder voorwaarden een aan huis verbonden beroep- of bedrijfsactiviteit worden uitgevoerd. Ter plaatse van de specifieke gebiedsaanduiding 'wetgevingszone - afwijkingsgebied' kan onder voorwaarden middels een omgevingsvergunning worden afgeweken van de ter plaatse toegestane woningtypen. De afwijking voorziet in het toestaan van aaneen gebouwde woningen, daar waar wij recht uitsluitend vrijstaande en twee-onder-één-kapwoningen zijn toegestaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
48
Bestemmingsplan "Emmeloord, Emmelhage - fase 2b" Vastgesteld
Hoofdstuk 8
Economische uitvoerbaarheid
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. In het kader van het uitwerkings- en wijzigingsplan "Emmeloord - Emmelhage, fase 2b" is voor de gronden binnen het plangebied reeds een grondexploitatiebegroting vastgesteld. Hieruit is gebleken dat het plan economisch uitvoerbaar is. Ten aanzien van de beoogde rug-aan-rugwoningen wordt opgemerkt dat eventuele planschade voor rekening komt van de initiatiefnemer. Ten behoeve van deze ontwikkeling is een planschadeovereenkomst met de initiatiefnemer gesloten. Hiermee is het kostenverhaal anderszins verzekerd en is op grond van artikel 6.12 Wro geen exploitatieplan nodig.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
49
Bestemmingsplan "Emmeloord, Emmelhage - fase 2b" Vastgesteld
Hoofdstuk 9 9.1
Vooroverleg
9.1.1
Het Rijk
Vooroverleg, inspraak en zienswijzen
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk.
9.1.2
Provincie Flevoland
In het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro is voorliggend bestemmingsplan voorgelegd aan de provincie Flevoland. De vooroverlegreactie van de provincie is opgenomen in bijlage 13 van deze toelichting. Zover relevant is de reactie van de provincie verwerkt in het voorliggende bestemmingsplan.
9.1.3
Waterschap Zuiderzeeland
Zoals beschreven in paragraaf 6.3.2 is in kader van het uitwerkings- en wijzigingsplan 'Emmeloord Emmelhage, fase 2b' het waterschap Zuiderzeeland geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets. De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de normale procedure van toepassing is. De uitgangspuntennotitie (bijlage 11) bevat de voor het plan relevante waterhuishoudkundige streefbeelden, strategieën en randvoorwaarden. Aanvullend op de digitale watertoets heeft afstemming plaatsgevonden met het waterschap Zuiderzeeland. Aangezien er in het kader van het uitwerkings- en wijzigingsplan 'Emmeloord - Emmelhage, fase 2b' reeds afstemming heeft plaatsgevonden met het waterschap en de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in grote mate consoliderend is, wordt het voeren van vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro met het waterschap niet noodzakelijk geacht.
9.2
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 17 maart 2022 tot en met 27 april 2022 voor eenieder ter inzage gelegen. Tijdens deze inzageperiode is één zienswijze op het bestemmingsplan binnengekomen. De zienswijze is samengevat er beantwoord in het in bijlage 14 opgenomen zienswijzennota. De binnengekomen zienswijze heeft geen aanleiding gegeven tot het doorvoeren van aanpassingen in de regels en op de verbeelding. Wel is in de toelichting afbeelding 2.1 geactualiseerd. Omdat er geen wijzigingen zijn doorgevoerd in de het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan (regels en verbeelding), is het bestemmingsplan ongewijzigd vastgesteld.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
50
Bestemmingsplan "Emmeloord, Emmelhage - fase 2b" Vastgesteld
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1
Matenplan Emmelhage fase 2b
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
51
Bestemmingsplan "Emmeloord, Emmelhage - fase 2b" Vastgesteld
Bijlage 2
Beeldkwaliteitsplan Emmelhage fase 2b
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
52
Beeldkwaliteitsplan Emmelhage fase 2b
(h)eerlijk in de polder
Gemeente Noordoostpolder februari 2020
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Inhoudsopgave 1. Inleiding........................................................................................................... 3 Toelichting 2. Stedenbouwkundig ontwerp............................................................................... 4 2.1. ruimtelijke structuur 2.2. verkeer en parkeren 2.3. verkaveling en flexibiliteit 3. Beeldkwaliteit.....................................................................................................8 3.1. waarom? 3.2. openbare ruimte en speelplekken 3.3. algemene uitgangspunten voor de beeldkwaliteit van bebouwing Deelgebieden en criteria 4. Beeldkwaliteitseisen............................................................................................ 12 4.1. deelgebieden met criteria A. noordrand, modern en licht B. west- en zuidrand, eigentijds en donker C. midden met accent, kleurrijk en warm 4.2. terreininrichting Procedure 5. Procedure......................................................................................................... 25 5.1. een beeldkwaliteitsplan 5.2. hoe gebruikt u dit beeldkwaliteitsplan 5.3. wanneer vervalt dit beeldkwaliteitsplan 5.4. een hardheidsclausule
Pagina 2 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
1. Inleiding Dit beeldkwaliteitsplan beschrijft de gewenste beeldkwaliteit van de geplande woningbouw en inrichting van 'Emmeloord, Emmelhage - fase 2b'. Dit plan vormt een aanpassing en een uitwerking van het beeldkwaliteitsplan Emmeloord, Emmelhage - fase 2'. Dit document bevat richtlijnen voor de beeldkwaliteit die gelden voor de te ontwikkelen kavels in fase 2b. Dit document bestaat uit drie delen: » Een beschrijvend deel waarin de opzet van het plan en de beoogde ruimtelijke kwaliteit wordt toegelicht (hoofdstuk 2 en 3) » Een deel dat de deelgebieden toelicht en criteria bevat voor de toetsing van bouwinitiatieven (hoofdstuk 4) » Een deel waarin de procedure en wijze van toetsing wordt toegelicht (hoofdstuk 5)
Fase j 2b
Pagina 3 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Toelichting
2. Stedenbouwkundig ontwerp 2.1. Ruimtelijke structuur
Emmelhage fase 2 is het vervolg op, maar ook de afronding van de eerste fase. De ruimtelijke hoofdstructuur uit fase 1 is doorgezet naar fase 2. De structuurbepalende lijnen die gevormd worden door Jeanne d'Arclaan, het Abel Tasmanpad en de John Daltonhage lopen door. Tegelijk wordt in fase 2 gebroken met de diagonale en gebogen opzet. Dit is gedaan op de grens van de oorspronkelijke (halve)kavel. Het levert een as op van zuid naar noord die via een hoofdzakelijke groene inrichting refereert aan deze oorspronkelijke (halve)kavelgrens. De westelijke rand van fase 2 eindigt op de oorspronkelijke (hele) kavelgrens. Tussen deze 'groene' as en de westelijk rand liggen haaks op de verkaveling korte oost-west gerichte woonblokken. De geplande ligging van fase 2 borduurt voort op de westelijke grens van Emmelhage. Het neemt als nieuwe westelijke grens de oorspronkelijke kavelsloot en als noordelijke grens de Onderduikerstocht. Als zuidelijke grens is ervoor gekozen om afstand te bewaren tot de oorspronkelijke erven aan de Espelerweg. Het geheel beslaat daarmee ongeveer een hele oorspronkelijke landbouwkavel. De begrenzing van fase 2b komt overeen met de halve kavel (12 ha) Door te kiezen voor deze begrenzing respecteert de uitbreiding het modulaire systeem van verkaveling van de polder en maakt dit na realisatie ook beleefbaar.
Deze oorspronkelijke verkaveling bestaat uit een regelmatig raster dat gebaseerd is op de in die tijd meest rationele agrarische verkaveling: Een kavelmaat van 300 meter langs de weg en 800 meter in de diepte. Die verkaveling leidde tot agrarische bedrijven van 12 tot 48 hectare, dus variërend van een halve tot 2 kavels. De kavels zijn aan de achterzijde begrensd door een tocht, in dit geval de Onderduikerstocht. Het erf van ca. 1 ha. is gesitueerd aan de weg in de hoek van de kavel, naast de kavelsloot, alleen of in clusters van 2, 3 of 4 erven. Deze modulaire opbouw vormt een basisontwerpprincipe van de Noordoostpolder In de stedenbouwkundige opzet van fase 2 is er bewust voor gekozen om de erven aan de Espelerweg een vrije ligging te geven. Hiermee blijft de oorspronkelijke verkaveling en opzet zichtbaar en beleefbaar ook naar de toekomst. Uit het aantal erven aan de Espelerweg en de omvang van deze erven valt ook af te lezen hoe groot het bedrijf oorspronkelijk (bij uitgifte) was. Bedrijven met minder dan 24 hectare kregen een boerenerf van 0,7 tot 0,8 hectare. Voor bedrijven van 24 hectare en groter werden erven van 0,9 tot 1,0 hectare ingepland. Dit was bovendien gebaseerd op een functionele analyse van de inrichting van het boerenerf door landschapsarchitect Bijhouwer.
Kortom de grootte van de erven hier zegt iets over de oorspronkelijke omvang en uitgifte van het bedrijf. In dit geval erven van 0,7 ha met bedrijfsomvang van 12 ha., halve kavels dus. Fase 2b beslaat zo'n halve kavel.
Deze structuurlijnen leveren de bebouwingsstructuur op. Het resulteert in een aantal woonblokken en lanen die een logische samenhang vertonen. Deze samenhang vormt het vertrekpunt voor een beeldkwaliteit die deels voortborduurt op de eerdere fases en tegelijk ook ruimte biedt voor vernieuwing.
Pagina 4 van 26
Pa8fna s
26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
2.2. Verkeer en parkeren
Het gehele woongebied van fase 2 krijgt een nieuwe ontsluiting op de Espelerweg. Deze ontsluiting sluit direct aan op de wijkontsluitingsweg Jeanne d'Arclaan. Fase 2a is hoofdzakelijk ontsloten vanaf de Jeanne d'Arclaan. Fase 2b krijgt aan de westelijk rand een nieuwe wijkontsluitingsweg die doorloopt in noordelijke richting en daar aantakt op (het verlengde van) de John Daltonhage.
Ontsluitingsstructuur Fase 2
In aanleg was er tevens een noord-zuid verbinding gepland tussen fase 2a en 2b. Deze is als bouwweg ook gerealiseerd. Bij nader inzien is besloten deze bouwweg op termijn te verwijderen. Dit zorgt voor aanzienlijk minder doorgaand verkeer in de wijk en biedt kansen voor een groenere inrichting met een fiets- en voetpad en speelvoorzieningen. Op die manier willen we de woonkwaliteit vergroten. Meer groen, ruimte om te spelen en minder verharding. Voor alle woningcategorieën geldt een parkeernorm. Deze norm verschilt per woningtype. Het streven is om bij de inrichting het parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein te laten plaatsvinden en het verplichte parkeren in de openbare ruimte te beperken. Daar waar haaks parkeren wordt toegepast, zal dit in principe aan één zijde van de straat gebeuren en waar mogelijk aan de achterzijde.
Pagina 6 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Tip parkeren: door aan- en uitbouwen minimaal 4 m achter (het verlengde van) de voorgevel te situeren onstaat ruimte voor twee auto's achter elkaar op het erf. Zo is er geen zicht vanuit de woning op uw op straat geparkeerde auto.
Parkeren ingepakt in het groen of opgelost aan de achterzijde
2.3. Verkaveling en flexibiliteit
Voorgaande onderdelen zijn vertaald in een verkaveling. Deze is hieronder weergegeven en geeft een mogelijke invulling aan de verschillende bebouwingskamers. De verkaveling geeft hiermee een eerste indruk van het type woning (vrijstaand, tweekapper, rij), de situering, de grootte van de kavels en de oriëntatie op de straat. Flexibiliteit
De verkaveling is zo opgezet dat hier een verschillend woningbouwprogramma in kan worden ondergebracht. Het bestemmingsplan regelt dit en maakt het mogelijk om vrijstaand om te zetten naar tweekappers èn rijwoningen om te zetten naar tweekappers en andersom.
Pagina 7 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
3. Beeldkwaliteit 3.1. Waarom?
Een goede visuele kwaliteit van uw toekomstige woonomgeving bestaat uit meer dan alleen het samenvoegen van alle individuele woningen. Het vraagt om een visie op de gewenste kwaliteit van het wonen en de openbare ruimte en spelregels die dit bewaken. Het uiteindelijke doel voor iedereen is toch een woonbuurt met een herkenbare samenhang en hoogwaardige uitstraling. Een bijzondere wijk is een kapstok voor sociale verbondenheid. Dit beeldkwaliteitsplan voorziet in de spelregels die dit moeten bereiken. Het geeft inzicht in de gewenste inrichting van de openbare ruimte en de beoogde beeldkwaliteit van de bebouwing. Criteria over situering, vormgeving en kleur/materiaal en detaillering van bebouwing zijn er vooral om een bouwplan een positieve bijdrage te laten leveren aan de kwaliteit van de woonomgeving. De criteria zijn in eerste instantie bedoeld om u of uw ontwerper te laten zien wat de gemeente belangrijk vindt om samenhang in beeldkwaliteit te krijgen, een inspiratiebron. Wij gaan daartoe bij voorkeur in een zo vroeg mogelijk stadium met u in gesprek. De fase van idee of schets is hèt moment om samen te kijken in hoeverre uw wensen en ideeën aansluiten bij hetgeen de gemeente voor de woonomgeving beoogd. Wij denken graag met u en uw ontwerper mee. 3.2. Openbare ruimte
Voor fase 2b geldt het uitgangspunt dat de kwaliteit van de inrichting van de openbare ruimte moet aansluiten op fase 1 en 2b. Dit geldt zeker voor de doorgaande lanen vanuit de eerdere fases; de Jeanne d'Arclaan, het Abel Tasmanpad en de John Daltonhage. Zij vormen de herkenbare verbindende elementen in Emmelhage en vragen daarom om eenzelfde uitstraling (profiel, vormgeving, kleur en materialisatie).
Profiel laan
Pagina 8 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Profiel laan t.p. v. inrit
Voor de woonstraten in het midden van het plangebied die aansluiten op fase 2a willen we volstaan met minder brede profielen en een inrichting met minder verharding en meer groen. Dit kan omdat we de Piet Moddermanhage en de Theodoor Karel van Lohuizenhage hebben laten vervallen als doorgaande weg en hebben vervangen door een wandel en fietspad. Dit levert 'doodlopende' woonstraatjes op die daardoor meer verblijfskwaliteit krijgen.
Profiel dwarsstraatje
Profiel dwarsstraatje t.p.v. inrit
Pagina 9 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Profiel Piet Moddermanpad Speelplekken
Daar waar de diagonale structuur uit fase 2a samenkomt bij de rechthoekige structuur van fase 2b ontstaan centraal in het plan een tweetal open ruimten. Het zijn plekken die relatief veilig bereikbaar zijn en zich daardoor lenen voor een aangename verblijfsruimte en/of speelplekken. 3.3. Algemene uitgangspunten voor de beeldkwaliteit van bebouwing
In algemene zin is bij de vormgeving van de bebouwing een aantal aspecten van belang. Voortzetting en afronding architectuurbeeld eerdere fases.
De gerealiseerde bebouwing van de eerste fase kan voor een groot deel getypeerd worden als het zogeheten jaren '30 wonen. Karakteristiek hiervoor zijn de donkere, rode baksteen, de duidelijke witte dakoverstekken en de donkere, geglazuurde gebakken dakpan. Het zijn woningen met een flink volume die een zekere degelijkheid uitstralen. De randen van fase 2a geven hier nog een logisch vervolg aan en ronden dit tegelijkertijd af. In fase 2b willen we proberen te breken met die typerende jaren '30 bouwstijl. We concluderen dat deze trend op zijn retour is en dat de vraag naar andersoortige architectuur toeneemt. Steeds vaker wordt gevraagd naar modernere stijlen waarin natuurlijke kleuren en materialen als ook een modernere en creatieve vormgeving de overhand hebben. Daarnaast merken we een toegenomen aandacht voor de kwaliteit van de woonomgeving (lees groene woonomgeving) waarbij duurzaamheid en klimaatadaptatie een rol spelen. Met fase 2b proberen we in te spelen op deze vraag. Hoekoplossingen
Vanwege de opzet van de verkaveling en royale maat van de lanen zijn vrijwel alle hoeksituaties bepalend voor de kwaliteit van het straat- en bebouwingsbeeld. Een goede vormgeving hiervan is daarom belangrijk. Om die reden hanteren we als uitgangspunt dat kopgevels voorzien zijn van enkele gevelopeningen en zo mogelijk een entree ’om de hoek' hebben in de kopgevel. Ook een volume-accent of een andere dakhelling kan hier aan bijdragen.
Pagina 10 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Voorbeeld hoekoplossing Samenhang deelgebieden
Woningen die liggen binnen de deelgebieden hebben qua ontwerp onderling een relatie. Ze zijn onderdeel van een compositie. Dit betekent niet dat alle woningen hetzelfde hoeven te zijn, maar wel dat de architectuur, massa, kleur en materiaal op elkaar afgestemd moeten worden.
Ook dakvorm, nokrichting en eventueel de dakhelling zijn manieren om onderlinge samenhang te bereiken. Voor het deelgebied Midden (zie hoofdstuk 4) geldt als uitgangspunt een projectmatige vorm van uitgifte. Dit vergroot de samenhang, brengt rust in het straatbeeld en geeft meer identiteit en eenheid. Kleurgebruik
Ook belangrijk voor het creëren van samenhang en eigenheid is het bepalen van het kleurgebruik. De basis vormt een beperkt palet aan (gedekte) kleuren: roden, bruinen en zwart/antraciet (aardtinten). Dit is een kleine accentverschuiving ten opzichte van het kleurgebruik van fase 1 en 2a. Een duidelijke wijziging betreft de rand aan de westzijde. In fase 2a is nog aangegeven dat dit een voortzetting zou zijn van de rand à la de John Daltonhage waar ook stuc of keimwerk en licht kleurgebruik de boventoon zou moeten voeren. Dit worden nu (donkere) aardtinten.
Vanwege de afronding van de wijk aan de zijde van het open landschap, de westzijde, is dit van belang. Aardtinten sluiten over het algemeen beter aan bij de overwegend agrarisch omgeving en blijven mooi bij veroudering. Ook in fase 1 is met uitzondering van de noordrand hoofdzakelijk van deze kleuren gebruik gemaakt. Incidenteel zijn uitzonderingen toegestaan waar deze de bijzondere positie of ligging van een gebouw of ensemble ondersteunen en daar waar het een logische voortzetting betreft van fase 1 en 2a. Bij de beschrijving van de deelgebieden (hoofdstuk 4) worden deze uitgangspunten concreet gemaakt.
Pagina 11 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Energie
De woningen in fase 2b worden zonder gasaansluiting gebouwd. Voor alle woningen is de oriëntatie van het dakvlak optimaal voor het opwekken van zonne-energie. Wij vragen om te nemen duurzaamheidsmaatregelen zoals zonnepanelen en/of luchtwarmtepompen onderdeel te laten zijn - en een eenheid te vormen met - de architectuur. Technische installaties zoals een luchtwarmtepomp vragen wij om buiten het zicht van de openbare weg te plaatsen. Het gaat daarbij om bouwbesluitplichtige maatregelen omdat die onderdeel zijn van de vergunningaanvraag. Na inwerkingtreding van de Omgevingswet vallen dergelijke maatregelen onder het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Klimaatadaptie/ toekomstbestendig ontwerpen
Wij zien bij nieuwe ontwikkelingen graag toekomstbestendige maatregelen terug zoals circulair bouwen, klimaatadaptieve gebouwen en terreininrichting, als ook energiezuinige architectuur. Per 1 januari geldt de BENG-norm (Bijna Energie Neutrale gebouwen). Klimaatverandering is een feit. De kwetsbaarheid voor de effecten hiervan is afhankelijk van de mate waarin we als samenleving in staat zijn om te reageren op de effecten, ofwel de klimaatbestendigheid. Maatregelen die we nemen om deze effecten te beperken of op te vangen in onze dagelijkse woonomgeving vatten we samen als klimaatadaptief. Een duidelijk voorbeeld van een maatregel is het minder verharden van tuinen. Bij circulair bouwen valt te denken aan hergebruik van materialen, materialen afkomstig van duurzame bronnen, alsook materialen met weinig aanleverkilometers.
Pagina 12 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Deelgebieden en criteria
4. Beeldkwaliteitseisen 4.1. Deelgebieden met criteria
Per deelgebied wordt via een korte toelichting de hoofdlijn geschetst van de kwaliteit die wordt beoogd en de aspecten waarin samenhang wordt gezocht. Daarna volgen de specifieke criteria onderverdeeld naar situering, vormgeving en detail, kleur en materiaal. De onderscheiden deelgebieden krijgen elk een eigen kleurthema dat de leidraad vormt voor de beeldkwaliteit van deze deelgebieden. De referentiebeelden vormen een inspiratie voor de denkrichting. Het zijn geen beelden waar rechten aan ontleend kunnen worden. Tijdens de ontwikkeling wordt in samenspraak een optimum gezocht tussen beoogde kwaliteit en het geheel van wensen vanuit de bouwers.
A. noordrand, modern en licht B. west- en zuidrand, eigentijds en donker C. midden, kleurrijk en warm C* midden, accent in lichtere kleurstelling
Overzicht deelgebieden
Pagina 13 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
A. NOORDRAND (MODERN EN LICHT)
De noordrand borduurt voort op de architectuur aan de John Daltonhage van fase 1 en 2a. Hier komen vrijstaande woningen in lichte kleurstelling. Wel brengen we een accentverschil aan, namelijk een moderne vormgeving. De woningen krijgen elk een modern element dat de onderlinge samenhang en herkenbaarheid versterkt. We doen dit met behulp van veel glas op de begane grond in de voorgevel èn een entreeportaal (risaliet) en/of een modern bloemkozijn. Daarnaast kiezen we voor drie mogelijke kapvormen; een lessenaarsdak (eventueel verspringend), zadeldak (eventueel doorgetrokken als gevelbekleding) of plat dak. De (eventuele) nokrichting is haaks op de straat. De nokhoogte bedraagt maximaal 10 m. Bij een woning met plat dak gelden minimaal 2 bouwlagen. Een eventueel 3e bouwlaag ligt teruggerooid ten opzichte van de weg om een te grootte massaliteit te voorkomen. Tip parkeren: door aan- en uitbouwen minimaal 4 m achter (het verlengde van) de voorgevel te situeren onstaat ruimte voor twee auto's achter elkaar op het erf. Zo is er geen zicht vanuit de woning op uw op straat geparkeerde auto.
Voorbeeld van een moderne entree (risaliet) en bloemkozijn
Visualisatie transparantie gevels begane grond
Pagina 14 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Referentie kleurspectrum
Referentiebeelden diverse moderne typologiën
CRITERIA
Situering - Het hoofdgebouw oriënteert zich op de straatzijde - Bijbehorende bouwwerken zijn zo gesitueerd dat zij ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw. - Een installatie die nodig is om te voldoen aan het Bouwbesluit of het Besluit bouwwerken leefomgeving is uit het zicht van de openbare weg geplaatst en/of onopvallend onderdeel van de architectuur. Vormgeving - De woning heeft een moderne vormgeving. - Aan- en uitbouwen worden in samenhang met de woning ontworpen of in de bouwmassa opgenomen. - De woning is voorzien van een lessenaarsdak, een verspringend lessenaarsdak, een zadeldak of plat een dak.
Pagina 15 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
-
Een woning met plat dak heeft minimaal 2 bouwlagen. Een eventuele derde bouwlaag ligt minimaal 1,5 m teruggerooid aan de straatzijde. De plaats afmetingen en verhoudingen van raam- en deuropeningen in de gevel moeten goed op elkaar afgestemd zijn.
Materiaal, kleur en detail - De woning heeft een hoge mate van transparantie in de naar de straat gekeerde gevel(s). Circa 400Zo glas in de naar de weg gekeerde gevel van de begane grond. - Een hellend dakvlak is voorzien van een antraciete of zwarte keramische pan òf riet. - De woning kent een moderne toevoeging in de vorm van bijvoorbeeld een modern entreeportaal (risaliet), kader en/of een modern bloemkozijn (zie referentiebeelden). - De gevels bestaan uit baksteen en/of stucwerk (geen keimwerk) in het kleurenspectrum: wit - beige - licht bruin. Een ondergeschikte toevoeging van hout of ander natuurlijk ogend materiaal als gevelbekleding al dan niet in enigszins donkerder tinten is toegestaan. - Het doortrekken van de dakbedekking op de gevel is toegestaan.
Pagina 16 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
B. WEST- EN ZUIDRAND (EIGENTIJDS EN DONKER)
De west- en zuidrand is een nieuwe rand met een eigentijdse architectuur. Hier kiezen we voor moderne vormgeving vergelijkbaar met de noordrand, maar dan in een andere kleurstelling, namelijk donkere gedekte aardtinten in het kleurenspectrum: bruinen en zwart/antraciet (aardtinten). De zuidrand sluit daarmee goed aan op de ingezette lijn vanuit fase 2a en geeft een mindere harde overgang naar de landelijke omgeving ten westen van de woningen. De woningen, vrijstaand en tweekappers krijgen ook hier een terugkerend modern element dat de onderlinge samenhang en herkenbaarheid versterkt. We doen dit met behulp van veel glas op de begane grond in de voorgevel en een enteeportaal (risaliet) en/of een modern bloemkozijn. Daarnaast kiezen we voor drie mogelijke kapvormen; een lessenaarsdak (eventueel verspringend), zadeldak (eventueel doorgetrokken als gevelbekleding) of plat dak. Gelet op de importantie van de laan kiezen we voor wandvorming aan straatzijde met minimaal 2 bouwlagen met kap (zonder indien plat afgedekt). De nokrichting is haaks op de straat en de hoogte bedraagt maximaal 12 m. Belangrijk aandachtspunt talud achtererf:
Het achtererf grenst aan het landelijk gebied èn aan water. Verrommeling ligt hier op de loer omdat iedereen logischerwijs een ander idee heeft over de inrichting van het achtererf. Toch is het belangrijk om te beseffen dat hier achter in de toekomst mogelijk nog een uitbreiding van het wonen volgt. Om verrommeling tegen te gaan is in de koopovereenkomst en het bestemmingsplan opgenomen dat het talud gehandhaafd blijft en niet bebouwd mag worden. Een vlonder is onder voorwaarden toegestaan (zie hiervoor de regels van het bestemmingsplan en de koopovereenkomst). Bedenk dat uw erf onderdeel is van de gehele westrand en wij de kwaliteit van beleving van het geheel op deze wijze willen bewaken. Tip parkeren: door aan- en uitbouwen minimaal 4 m achter (het verlengde van) de voorgevel te situeren onstaat ruimte voor twee auto's achter elkaar op het erf. Zo is er geen zicht vanuit de woning op uw op straat geparkeerde auto.
Woning met bloemkozijn en woning met risaliet en bloemkozijn
Pagina 17 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Visualisatie transparantie gevels begane grond
I
I I
I Referentie kleurspectrum
Pagina 18 van 26
I
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Referentiebeelden typologie en dakvorm
CRITERIA
Situering - Het hoofdgebouw oriënteert zich naar de straatzijde - Een woning op een hoekkavel heeft een tweezijdige oriëntatie met ontwerpoplossingen en gevelopeningen die deze oriëntatie ondersteunen. - Bijbehorende bouwwerken zijn zo gesitueerd dat zij ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw. - Een installatie die nodig is om te voldoen aan het Bouwbesluit of het besluit bouwwerken leefomgeving, is uit het zicht van de openbare weg geplaatst en/of onopvallend onderdeel van de architectuur. Vormgeving - De woning heeft een moderne vormgeving. - De aan- en uitbouwen worden in samenhang met de woning ontworpen of in de bouwmassa opgenomen. - De woningen is voorzien van een lessenaarsdak, een verspringend lessenaarsdak, een zadeldak of een plat dak. - De gevel aan de straatzijde bestaat uit minimaal twee bouwlagen. - Bij een woning met plat dak is een eventuele derde bouwlaag minimaal 1,5 m teruggerooid aan de straatzijde. - Bij hoekwoningen zijn kopgevels voorzien zijn van gevelopeningen en zo mogelijk een entree 'om de hoek'. - De plaats, afmetingen en verhoudingen van raam- en deuropeningen in de gevel moeten goed op elkaar afgestemd zijn. Materiaal, kleur en detail - De woning heeft een hoge mate van transparantie in de naar de straat gekeerde gevel(s).
Circa 400Zo glas in de naar de weg gekeerde gevel van de begane grond (zie visualisatie hierboven) - Een hellend dakvlak is voorzien van een antraciete of zwarte keramische pan - De woning kent een moderne toevoeging in de vorm van bijvoorbeeld een modern entreeportaal (risaliet), kader en/of een modern bloemkozijn (zie referentiebeelden). - De gevels bestaan uit baksteen en/of hout in het kleurenspectrum: bruinen zwart/antraciet (aardtinten). Een ondergeschikte toevoeging van een ander natuurlijk ogend materiaal als gevelbekleding is toegestaan. - Het doortrekken van de dakbedekking op de gevel is toegestaan.
Pagina 19 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
C. MIDDEN MET ACCENT (KLEURRIJK EN WARM)
Het gaat hier om de woonblokken gelegen tussen de Jeanne d'Arclaan en het verlengde van de John Daltonhage. Deze woonblokken zijn ontsloten vanaf de westelijke noord-zuid verbinding en liggen allemaal aan een doodlopende straat. Een tweetal woonblokken met rijwoningen is georiënteerd op de Moddermanhage en twee blokken rijwoningen liggen aan weerszijde van het Abel Tasmanpad. Het doel is om dit middengebied een eigen identiteit te geven waarbij de twee blokken rijwoningen aan het Abel Tasmanpad een licht (kleur-)accent vormen. Een belangrijk middel om deze eigenheid te bereiken is een projectmatige uitgifte van het middengebied. Het gezamenlijk thema is modern, kleurrijk, warm. Dit komt tot uiting in de kleuren van de gevels met een gevelsteen of stucwerk in het kleurspectrum oker, oranje en (donker)rood en (donker)bruin. Grote kleurvlakken in de gevels, kaders, afwijkend metselwerk, reliëf en geleding maken het geheel levendig. Ook hout in donkere tinten is toegstaan. Daarnaast zijn alle woningen plat afgedekt, voorzien van een lessenaarskap of zadeldak. Daarbij geldt als uitgangspunt dat woningen gelegen aan dezelfde straatzijde ook dezelfde architectuur krijgen. De gevels aan de straatzijde bestaan uit minimaal 2 bouwlagen.
In het uitwerkings- Z wijzigingsplan is een voor het noordelijke middengebied een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid opgenomen om levensloopbestendige rijwoningen mogelijk te maken. Indien gebruik gemaakt wordt van deze mogelijkheid dan is bij uitzondering één bouwlaag toegestaan. In dat geval is deze hoogte maatgevend voor alle woningen aan dezelfde zijde van de betreffende straat. De hoekwoningen van de rij en de woningen op de kopse kanten van de straat zijn de blikvangers vanuit de openbare ruimte en aanpalende straten. Dit vraagt om hoekoplossingen zoals ramen en/of een entree 'om de hoek', een volume accent of een andere dakhelling èn mee-ontworpen (groene) erfafscheidingen. Accent aan Abel Tasmanpad
Aan weerszijde van het Abel Tasmanpad kiezen we, vanwege de prominente ligging van deze rijwoningen, voor minimaal twee recht opgetrokken bouwlagen aan de voorzijde met een lessenaarskap aan de achterzijde. Deze woningen krijgen als accent binnen de buurt een lichte kleurstelling in zandtinten. Donkere accenten afgestemd op het midden zijn denkbaar. De blokken hebben een duidelijk hoekaccent door middel van een groter volume, afwijkende dakvorm en duidelijk tweezijdige oriëntatie.
Pagina 20 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Referentie typologie en kleurspectrum gevel.
CRITERIA
Situering - Het hoofdgebouw oriënteerd zich naar de straat. - Een woning op een hoekkavel heeft een tweezijdige oriëntatie met ontwerpoplossingen en gevelopeningen die deze oriëntatie ondersteunen. - Bijbehorende bouwwerken zijn zo gesitueerd dat zij ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw. - Een installatie die nodig is om te voldoen aan het Bouwbesluit of het Besluit bouwwerken leefomgeving is uit het zicht van de openbare weg geplaatst en/of onopvallend onderdeel van de architectuur. Vormgeving - De woning heeft een moderne vormgeving. - De woning heeft geen traditioneel vormgegeven dakgoot. - De aan- en uitbouwen worden in samenhang met de woning ontworpen of in de bouwmassa opgenomen.
Pagina 21 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
-
De gevel aan de straatzijde bestaat uit minimaal twee bouwlagen. Indien toepassing wordt gegeven aan de afwijkingsmogelijkheid om levensloopbestendige rijwoningen mogelijk te maken dan vervalt deze voorwaarde. De woning is voorzien van een zadeldak, een lessenaarsdak of een plat dak. Bij een woning met een plat dak is een eventuele derde bouwlaag minimaal 1,5 m teruggerooid aan de straatzijde. Bij hoekkavels zijn kopgevels voorzien zijn van gevelopeningen en zo mogelijk een entree 'om de hoek'. Hoekwoningen bij rijwoningen hebben een volume-accent en andere dakhelling. De plaats afmetingen en verhoudingen van raam- en deuropeningen in de gevel moeten goed op elkaar afgestemd zijn.
Materiaal, kleur en detail - Een hellend dakvlak is voorzien van een grijze, antraciete of zwarte keramische pan of een groendak. - De gevels hebben een verbijzondering van de gevels door grote kleurvlakken in de gevels, kaders, afwijkend metselwerk, reliëf en geleding in een willekeurig ritmiek. - De gevels bestaan uit baksteen en/of stucwerk in het kleurenspectrum: donkere okers - oranje - (donker)rood - (donker)bruin. Ook hout in donkere tinten is toegestaan. Accenten mogen in donkere of juist lichtere nuances van deze kleuren. - Het doortrekken van de dakbedekking op de gevel is toegestaan. UITZONDERINGEN CRITERIA DEELGEBIED C* ABEL TASMANPAD
De hierboven opgenomen criteria voor deelgebied C zijn onverminderd van toepassing met dien verstande dat voor de woongebouwen aan weerszijde van het Abel Tasmanpad geldt dat: Voor vormgeving geldt dat: - De gevels van deze rijwoningen bestaan uit drie bouwlagen aan de straatzijde. - Deze rijwoningen een lessenaarskap aan het Abel Tasmanpad hebben. Hoekwoningen zijn hiervan uitgezonderd. Voor materiaal, kleur en detail geldt dat: - De gevels van deze rijwoningen het kleurspectrum van zandtinten beslaat waarbij accenten in donkere nuances van deze kleuren mogelijk zijn.
Pagina 22 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
4.2. Terreininrichting
Hoewel de terreininrichting strikt genomen geen deel uitmaakt van de welstandstoets, zijn onderdelen van de terreininrichting mede bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit van het geheel. Erfafscheidingen tussen openbare ruimte en privétuinen
Erfafscheidingen dragen bij aan de samenhang tussen bebouwing en openbare ruimte.
Voor de voorzijde en afscherming van zijtuinen volstaat in veel gevallen een groene afscheiding dit levert een groen omgevingsbeeld. Wij zien graag dat deze mee-ontwerpen worden met de woning. Ingeval van projectmatige ontwikkeling vormen de erfafscheidingen ook een integraal onderdeel van het ontwerp en zijn deze hoofdzakelijk groen ingevuld.
Hiernaast afgebeeld de erfafscheidingen die vanwege het (uit)zicht bepalend zijn voor de ruimtelijke kwaliteit en daarmee beleving van de wijk. Legenda afbeelding: ——
Representatieve erfafscheiding
----------
Hoofdzakelijk groene erfafscheiding
---------
Erfafscheiding voorzijde:
lage haag of mee-ontworpen met woning
Pagina 23 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
Pagina 24 van 26
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
5. Procedure 5.1 Een beeldkwaliteitsplan
Voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen kan de gemeenteraad een beeldkwaliteitsplan vaststellen. Met een beeldkwaliteitsplan kan een bepaalde uitstraling van een te ontwikkelen gebied worden bereikt. Voor Emmelhage fase 2b is ook gekozen voor beeldkwaliteitsplan. We doen dit omdat het gebied direct grenst aan de bestaande wijk (fase 1 en 2a) en bepaalde routes uit deze wijk doorlopen. Het is logisch om ook de architectuur door te zetten langs deze routes. Dit draagt bij aan de herkenbaarheid van Emmelhage als één geheel. Tegelijk willen wij de nieuwe wijk toch ook een eigen identiteit geven. We doen dit door een eigen verkaveling, maar ook door aan te sluiten bij nieuwe trends in architectuur en deze een plek te geven. Dit samen moet bijdragen aan een voor de bewoners herkenbare eigen woonomgeving die ook prettig oogt. En tenslotte geeft het nieuwe en toekomstige bewoners enig houvast in welk type woning er gerealiseerd kan en mag worden. 5.2 Hoe gebruikt u dit beeldkwaliteitsplan
De in dit document per deelgebied geformuleerde criteria vormen uiteindelijk het formele toetsingskader bij de vergunningaanvraag. Bij voorkeur zien wij bouwplannen echter zo vroeg mogelijk, zoveel mogelijk in het stadium van idee of schets! Dat is hèt moment om samen te kijken in hoeverre wensen en ideeën aansluiten bij de intentie van de beoogde beeldkwaliteit of wellicht enige bijstelling behoeven. Wij denken graag mee met de initiatiefnemer en de ontwerper. 5.3 Wanneer vervalt dit beeldkwaliteitsplan
De algemene lijn is dat de welstandscriteria uit het beeldkwaliteitsplan hun werking verliezen voor een individueel bouwwerk, nadat deze is gerealiseerd. Dit zal per beeldkwaliteitsplan nader worden bepaald. Voor deze lijn is gekozen omdat na realisatie de hoofdkenmerken van bebouwing en stedenbouwkundige structuur grotendeels vastliggen. De welstandscriteria kunnen dan vervallen. Dit sluit bovendien aan bij het ingezette selectieve welstandsbeleid. Voor dit beeldkwaliteitsplan is bepaald dat deze na realisatie van een individuele woning zijn werking verliest. Na realisatie van de woning is volgens ons het belangrijkste motief voor het beeldkwaliteitsplan in hoofdzaak bereikt.
Pagina 25 van 26
«I
gemeente
NOORDOOSTPOLDER
5.3. Hardheidsclausule
Indien het uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk door bijzondere vormgeving, constructie, materiaalgebruik en kleurstelling kwaliteit toont, kan de welstandscommissie burgemeester en wethouders adviseren om af te wijken van de voor het bouwwerk geldende criteria. Dit advies wordt gemotiveerd door de welstandscommissie.
Pagina 26 van 26
Bestemmingsplan "Emmeloord, Emmelhage - fase 2b" Vastgesteld
Bijlage 3
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
53
Gemeente Noordoostpolder
Bestemmingsplan
Akoestisch onderzoek
Omdat we ons verplaatsen
adviseurs mobiliteit
Goudappel Co/feng
adviseurs mobiliteit
Goudappel Co/Zeng Gemeente Noordoostpolder
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
Akoestisch onderzoek
Datum Kenmerk Eerste versie
www.goudappel.nl goudappel@goudappel.nl
13 juli 2017 NOP053^mi^0246.01
Documentatiepagina
www.goudappel.nl
Opdrachtgever(s)
Gemeente Noordoostpolder
Titel rapport
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a Akoestisch onderzoek
Kenmerk
NÜP053^m^0246.01
Datum publicatie
13 juli 2017
Projectteam opdrachtgever(s)
De heer K.H. de Jong
Projectteam Goudappel Coffeng
De heren K.D. Koopmans en J.Y. Keizer
Projectomschrijving
Akoestisch onderzoek ten behoeve van bestemmingsplangebied Emmelhage, fase 2
Trefwoorden
Wet geluidhinder, wegverkeersgeluid, nieuwbouw, rotonde
Inhoud
1
Inleiding
1
2 2.1 2.1.1 2.1.2 2.2
Wettelijk kader Wettelijk kader Zonering Geluidscriteria Het plan in relatie tot het wettelijk kader
3 3 3 3 4
3 3.1 3.2 3.3
Uitgangspunten Rekenmethode Verkeersgegevens Omgevingskenmerken
6 6 6 8
4 4.1 4.2 4.3 4.4
Resultaten Nieuwe woningen 30 km/h-wegen Gevolgen elders Doorkijk fase 2b: Rotonde Espelerweg
9 9 10 10 11
5
Resumé
13
Bijlage 1
www.goudappel.nl
Pagina
Geluidsbelasting t.g.v. Espelerweg
1 Inleiding
De gemeente Noordoostpolder werkt aan de realisatie van nieuwe woningen in plange bied Emmelhage, aan de noordzijde van Emmeloord. Binnen fase 1 van Emmelhage is in middels een groot deel van de woningen gerealiseerd. Er wordt nu gewerkt aan de voor bereidingen voor fase 2 van Emmelhage. Een impressie van de ligging van fase 2 is indi catief weergegeven in figuur 1.1.
Figuur 1.1: indicatieve ligging fase 2 van het plangebied Emmelhage
De ontwikkeling van Emmelhage fase 2, vindt stappen plaats. Het betreft: ^ Fase 2a: in deze fase worden circa 140 woningen mogelijk gemaakt en worden deze ontsloten via de bestaande ontsluiting. ^ Fase 2b: in deze fase worden naast extra woningen, mogelijk ook nog extra ontwik kelingen zoals een supermarkt mogelijk gemaakt. Onderdeel van fase 2b is ook een aansluiting van het plangebied op de Espelerweg.
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
Ten behoeve van de bestemmingsplanprocedure is akoestisch onderzoek benodigd. De gemeente Noordoospolder heeft Goudappel Coffeng BV opdracht verleend voor het uit voeren van het benodigde onderzoek. In voorliggende rapportage zijn de uitgangspun ten, resultaten en bevindingen van het akoestisch onderzoek beschreven. Hierbij ligt de nadruk op de ontwikkelingen in fase 2a. Tevens is een doorkijk gegeven naar de geluids situatie voor fase 2b. Lees wijzer In hoofdstuk 2 is het wettelijk kader rond akoestisch onderzoek beschreven en is de rela tie met de plannen gelegd. De uitgangspunten van het onderzoek zijn uiteengezet in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 zijn de resultaten gepresenteerd. De rapportage sluit af met de conclusies in hoofdstuk 5.
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
2.1
Wettelijk kader
2.1.1
Zonering
In de Wet geluidhinder is bepaald dat zich langs alle wegen een geluidszone bevindt. Uit zonderingen hierop zijn de wegen: ^ die zijn gelegen binnen een als woonerf aangeduid gebied; ^ waarvoor een maximum snelheid geldt van 30 km/uur. De breedte van de geluidszone hangt af van het aantal rijstroken en de ligging van de weg in stedelijk dan wel buitenstedelijk gebied (zie tabel 2.1). wegligging binnen
wegligging buiten
stedelijk gebied
stedelijk qebied
aantal rijstroken 2
200 m
250 m
3 of 4
350 m
400 m
5 of meer
n.v.t.
600 m
Tabel2.1: Breedte geluidszone per wegtype
2.1.2
Geluidscriteria
Er kunnen zich verschillende situaties voordoen waarbij akoestisch onderzoek uitgevoerd dient te worden. In tabel 2.2 zijn de geluidscriteria weergegeven waaraan in deze verschillende situaties moeten worden voldaan. binnenstedelijke situatie
buitenstedelijke situatie
maximale woning
www.goudappel.nl
maximale
weg
streefwaarde
ontheffing
streefwaarde
nieuw
nieuw
48 dB
58 dB
48 dB
53 dB
bestaand
nieuw
48 dB
63 dB
48 dB
58 dB
bestaand
in reconstructie
48 dB
68 dB
48 dB
68 dB
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
ontheffing
binnenstedelijke situatie
buitenstedelijke situatie
maximale
maximale
woning
weg
streefwaarde
ontheffing
streefwaarde
ontheffing
nieuw
bestaand
48 dB
63 dB
48 dB
53 dB
Tabel 2.2: Situaties, zoals beschreven in de Wet geluidhinder
2.2
Het plan in relatie tot het wettelijk kader
Nieuwe woningen De exacte situering van de nieuwe woningen is nog niet bekend. Een deel van het plan gebied ligt binnen de formele geluidszone van de Espelerweg. De geluidszone van de Espelerweg bedraagt 250 meter voor een buitenstedelijke situatie. Wanneer de wonin gen binnen de bebouwde kom worden gerealiseerd is er sprake van een binnenstede lijke situatie en is daarmee sprake van een geluidszone van 200 m. Voor nieuwe woningen geldt in deze situatie geldt in beginsel een voorkeursgrens waarde van 48 dB. Wanneer de geluidsbelasting op de gevels van de nieuwe woningen hoger is dan de voorkeursgrenswaarde, dient de toepassing van geluidsreducerende maatregelen te worden onderzocht. Wanneer geluidsreducerende maatregelen niet wor den toegepast, bijvoorbeeld vanwege stedebouwkundigde, verkeerskundige, technische of financiële bezwaren, of wanneer deze maatregelen onvoldoende effect sorteren, is ontheffing voor een hogere waarde mogelijk. Er geldt in deze situatie een maximale ontheffingswaarde van 63 dB (ervan uitgaande dat de nieuwe woningen binnen de be bouwde kom gerealiseerd worden). Planinterne 30 km/h-wegen De wegen binnen het plangebied betreffen 30 km/h-wegen. Dergelijke wegen zijn vol gens de Wet geluidhinder niet gezoneerd en behoeven daarmee geen formele toetsing aan de normen uit de Wet geluidhinder.
In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan het echter wenselijk zijn de geluidsbelasting ten gevolge van het verkeer op 30 km/h-wegen wel te beschouwen. Reconstructie van bestaande wegen In fase 2b wordt een rotonde in de Espelerweg gerealiseerd om te voorzien in een extra aansluiting op plangebied Emmelhage. De aanleg van een rotonde betreft een fysieke wijziging aan de weg. Daarom is een zogenaamd reconstructieonderzoek in de zin van de Wet geluidhinder benodigd. In voorliggende rapportage is een doorkijk gegeven naar de te verwachten geluidssituatie na de realisatie van de rotonde. De beoogde rotonde is (in dicatief) weergegeven in figuur 2.1
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
Figuur 2.1: Beoogde nieuwe rotonde Espeierweg (indicatief) Emmernage fase 2b
Bij een reconstructieonderzoek dient de geluidsbelasting in de toekomstige plansituatie te worden vergeleken met de geluidssituatie in de huidige situatie, óf met een eerder vastgestelde hogere waarde. De laagste van deze twee waarden is bepalend. Er is sprake van een reconstructiesituatie in de zin van de Wet geluidhinder wanneer de geluidsbelas ting met 2 dB of meer toeneemt als gevolg van de plannen. In dat geval dient de toepas sing van geluidsreducerende maatregelen te worden onderzocht. Bij een reconstructiesi tuatie geldt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB als ondergrens. De maximale ontheffingswaarde bedraagt 68 dB. Gevolgen elders Ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling kan er langs wegen in de omgeving sprake zijn van een toenemende geluidsbelasting door gewijzigde verkeersstromen. In navolging van de Wet geluidhinder is sprake van deze indirecte plangevolgen, of gevol gen elders, wanneer de geluidsbelasting toeneemt met 2 dB of meer in de plansituatie ten opzichte van de toekomstige situatie zonder ontwikkelingen. De toekomstige situatie zonder ontwikkelingen wordt in voorliggend onderzoek de referentie situatie genoemd. Van een toename van 2 dB of meer is sprake wanneer de verkeersintensiteit toeneemt met 400Ai of meer (bij een gelijkblijvende verkeersverdeling).
De Wet geluidhinder stelt geen eisen aan eventuele geluidsreducerende maatregelen in dien er sprake is van gevolgen elders. In het kader van een goede ruimtelijke ordening kunnen maatregelen echter wel wenselijk zijn. Dit is ter afweging aan het bevoegd ge zag.
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
3 Uitgangspunten
3.1
Rekenmethode
Het onderzoek is uitgevoerd met behulp van Standaard Rekenmethode II uit het Reken en Meetvoorschrift Geluidhinder (RMG2012). De berekeningen zijn uitgevoerd met het programma GeoMilieu, versie 3.11. Conform artikel 110g van de Wet geluidhinder en artikel 3.4 van het RMG2012 is op de ge luidsbelasting, een correctie toegepast van -5 dB voor wegen met een representatieve snelheid van minder dan 70 km/h en -2 dB voor de wegen met een snelheid van 70 km/h of hoger. In artikel 3.5 van het RMG2012 is aangegeven dat, voor wegen met een representatieve snelheid van 70 km/h of hoger, een correctie mag worden toegepast voor stille banden. Voor conventionele asfaltverharding geldt hiervoor een correctie van -2 dB en voor afwij kende asfaltverhardingen zoals ZOAB betreft de correctie -1 dB. In voorliggend onderzoek is uitgegaan van de toe te passen correctie conform artikel 3.5 van het RMG2012.
3.2
Verkeersgegevens
De gehanteerde verkeersgegevens zijn ontleend aan het verkeersmodel gemeente Noordoostpolder. Tabel 3.1 geeft een overzicht van de gehanteerde etmaalintensiteiten (weekdaggemiddelde). De situering van wegvakken is weergegeven in figuur 3.1. wegvak
www.goudappel.nl
huidige situatie Autonome situa
plansituatie
plansituatie
2015 (mvt/etm)
tie 2026
2026 fase 2a
2026 fase 2b
(mvt/etm)
(mvt/etm)
(mvt/etm)
1. Espelerweg
3.700
4.000
3.900
4.300
2. Espelerweg
4.550
5.350
5.200
5.400
3. Espelerweg
6.650
7.300
7.150
7.950
4. Espelerweg
6.650
8.300
8.150
7.900
5. Nieuwlandenlaan
2.850
2.700
2.600
2.550
6. Jeanne d'Arclaan
1.050
2.250
2.650
1.450
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
wegvak
huidige situatie Autonome situa-
plansituatie
plansituatie
2015 (mvt/etm)
tie 2026
2026 fase 2a
2026 fase 2b
(mvt/etm)
(mvt/etm)
(mvt/etm)
n.v.t.
n.v.t.
3.150
7. nieuwe ontslui-
n.v.t.
tingsweg fase 2b
Tabel3.1: weekdaggemiddelde etmaaľrntensiteiten (afgerond op 50-tallen)
Figuur 3.1: Situering wegvakken
Verkeersverdeiing Voor geluidsberekeningen is de verkeersverdeiing van belang. Deze gegevens zijn ont leend aan het eerder uitgevoerde akoestisch onderzoek uit 2013 (gebaseerd op telcijfers c.q. het actuele verkeersmodel van de gemeente). In tabel 3.2 zijn de verkeersverdelingen weergegeven. dagperiode
avondperiode
nachtperiode
lichte motorvoertuigen
91,00Zo
95,00
89,50
middelzware motorvoertuigen
3,90/0
1,60/0
3,60
zware motorvoertuigen
5,Wo
3,40/0
6,90
Tabel3.2: Gehanteerde verkeersverdeiing
Wat betreft de geluidsberekeningen is verder rekening gehouden met een gemiddelde uurintensiteit (t.o.v. het etmaal) van 6,50 voor de dagperiode (7-19h), 3,50 voor de avondperiode (19-23h) en 1,00 voor de nachtperiode (23-7h). Maximum snelheden Voor de gehanteerde snelheden is aangesloten op de geldende maximum snelheden. Ter hoogte van het plangebied is voor de Espelerweg uitgegaan van een maximum snelheid van 60 Km/h.
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
3.3
Omgevingskenmerken
Wegdekverharding De wegen die centraal staan in dit onderzoek zijn momenteel voorzien van een normale asfaltverharding (het zogenoemde referentiewegdek in geluidsberekeningen). Dit geldt ook voor de toekomstige situatie. Hoogteiigging Zowel de wegen als de woningen (bestaand en nieuw) zijn gesitueerd op maaiveldniveau. Afscherming, reflectie en overdrachtsdemping De reflectie van de bebouwing is meegenomen in het onderzoek. De reflectie en over drachtsdemping van de omgeving is volgens de in het Reken- en Meetvoorschrift voor geschreven wijze doorgerekend. Voor plangebied Emmelhage, fase 2 is uitgegaan van een half hard/half zachte bodem (bodemfactor 0,50). Rotondecorrectie Voor de toekomstige rotonde in de Espelerweg (fase 2b) is rekening gehouden met het extra geluid als gevolg van optrekkend/afremmend verkeer op de rotonde doormiddel van een rotondecorrectie. Geluidscontouren De exacte situering van de nieuwe woningen ligt nog niet vast. Daarom is de geluidssitu atie inzichtelijk gemaakt op basis van geluidscontouren. De geluidscontouren zijn bere kend voor de waarneemhoogten 4,5 meter en 7,5 meter ten opzichte van het maaiveld. Situering van waarneempunten Ten behoeve van de beoogde aanleg van de rotonde in de Espelerweg is een doorkijk gegeven naar de te verwachten geluidssituatie.
Hierbij zijn vier maatgevende woningen rond de beoogde locatie voor de rotonde beschouwd. Op deze punten is het invallend geluidsniveau berekend op een waarneemhoogte van 1,5 meter en 4,5 meter, represen tatief voor de eerste en tweede bouwlaag van de woning. Figuur 3.2 geeft een indruk van de situering van waarneempunten.
Figuur 3.2: Situering waarneempunten
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
4.1
Nieuwe woningen
Voor de nieuwe woningen geldt ten gevolge van het verkeer op de Espelerweg een voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De maximale ontheffingswaarde bedraagt 63 dB. De exacte situering van de nieuwe woningen ligt nog niet vast. Daarom is de geluidssituatie inzichtelijk gemaakt op basis van geluidscontouren. De geluidscontouren zijn berekend voor de waarneemhoogten 4,5 meter en 7,5 meter ten opzichte van het maaiveld. De volgende geluidssituaties zijn beschouwd: ^ Emmelhage fase 2a - waarneemhoogte 4,5 meter; ^ Emmelhage fase 2a - waarneemhoogte 7,5 meter; ^ Emmelhage fase 2b - waarneemhoogte 4,5 meter; ^ Emmelhage fase 2b - waarneemhoogte 7,5 meter. De geluidscontouren zijn opgenomen in bijlage 1. Figuur 4.1 geeft een indruk van de ge luidssituatie in fase 2a, op een waarneemhoogte van 4,5 meter.
Figuur 4.1: Geluidscontouren Espelerweg - waarneemhoogte 4,5 meter (inclusief correctie artikel 110g Wgh.)
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
Binnen het groene gebied is de geluidsbelasting ten gevolge van het verkeer op de Espelerweg lager dan 48 dB. Hier vormt de geluidssituatie ten gevolge van het verkeer op de Espelerweg geen belemmering voor de realisatie van nieuwe woningen. Naar verwach ting worden alle nieuwe woningen binnen het groene gebied gerealiseerd. Tabel 4.1 geeft de afstand van de ligging van de 48 dB-contour weer ten opzichte van de rand van de Espelerweg. Planfase
Waarneemhoogte
Afstand 48 dB-contour t.o.v. rand Espelerweg
Emmelhage fase 2a
4,5 meter
75 meter
Emmelhage fase 2a
7,5 meter
85 meter
Emmelhage fase 2b
4,5 meter
80 meter
Emmelhage fase 2b
7,5 meter
90 meter
Tabel 4.1: afstand 48 dB-contour t o. v. wegrand Espelerweg
4.2
30 km/h-wegen
De wegen binnen het plangebied betreffen 30 km/h-wegen. Dergelijke wegen zijn vol gens de Wet geluidhinder niet gezoneerd en behoeven daarmee geen formele toetsing aan de normen uit de Wet geluidhinder. In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan het echter wenselijk zijn de geluidsbelasting ten gevolge van het verkeer op 30 km/h-wegen wel te beschouwen. Binnen Emmelhage is slechts sprake van geëigend bestemmingsverkeer op de 30 km/hwegen. Bovendien is de exacte situering van woningen nog niet bekend. Daarom is niet nader ingegaan op de geluidssituatie langs 30 km/h-wegen. Gezien de hoogte van de verkeersintensiteiten wordt verwacht dat er geen onacceptabele geluidssituaties langs 30 km/h-wegen ontstaan.
4.3
Gevolgen elders
Gevolgen elders Ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling kan er langs wegen in de omgeving sprake zijn van een toenemende geluidsbelasting door gewijzigde verkeersstromen. In navolging van de Wet geluidhinder is sprake van deze indirecte plangevolgen, of gevol gen elders, wanneer de geluidsbelasting toeneemt met 2 dB of meer in de plansituatie ten opzichte van de toekomstige situatie zonder ontwikkelingen. De toekomstige situatie zonder ontwikkelingen wordt in voorliggend onderzoek de referentie situatie genoemd. Van een toename van 2 dB of meer is sprake wanneer de verkeersintensiteit toeneemt met 400Ai of meer (bij een gelijkblijvende verkeersverdeling). De toename van het aantal verkeersbewegingen als gevolg van de plannen voor Emmel hage fase 2 is beperkt. In geen geval is sprake van een toename van verkeer van meer dan 400Ai. Significante geluidstoenames langs wegen in de omgeving hoeven dan ook niet verwacht te worden als gevolg van de plannen. Door de ontwikkeling van fase 2a neemt het aantal verkeersbewegingen op (een deel van) de Jeanne d'Arclaan met circa 180Ai toe ten opzichte van de autonome situatie 2026 (situatie zonder ontwikkeling fase 2). Een dergelijke toename van verkeer zorgt voor een toename van de geluidsbelasting met circa 1 dB.
www.goudappel.nl
Bestemmingsplan Emmelhage fase 2a
Dergelijke geluidstoenames zijn niet waarneembaar voor het menselijk oor. Fase 2b voorziet in een extra ontsluiting van het plangebied. Het planinterne verkeer wordt hier door meer verdeeld over het plangebied. Ten opzichte van de autonome situatie ontstaat hierdoor naar verwachting een afname van het aantal verkeersbewegingen op de Jeanne d'Arclaan (wegvak 6) binnen Fase 1 van Emmelhage.
4.4
Doorkijk fase 2b: Rotonde Espelerweg
Deelplan Emmelhage fase 2b voorziet in de aanleg van een rotonde in de Espelerweg. Hiermee is sprake van de aanpassing van een bestaande weg. Daarom dient een reconstructieonderzoek in de zin van de Wet geluidhinder te worden uitgevoerd. In voorlig gend onderzoek is alvast een doorkijk gegeven naar de te verwachten effecten. Wanneer de plannen verder zijn uitgewerkt, dient een gedetailleerd reconstructieonderzoek te worden uitgevoerd. Voor de maatgevende woningen op de meest korte afstand van de rotonde is bepaald of sprake is van een reconstructiesituatie in de zin van de Wet geluidhinder. Hiervan is sprake indien de geluidsbelasting ten gevolge van het verkeer op de Espelerweg in de plansituatie met 2 dB of meer toeneemt ten opzichte van de huidige situatie1. De situe ring van waarneempunten is weergeven in figuur 4.2. De geluidsbelastingen ten gevolge van het verkeer op de Espelerweg zijn gepresenteerd in tabel 4.2.
Figuur 4.2: Situering waarneempunten
waarneem-
waarneem-
geluidsbelas
geluidsbelas-
punt
hoogte (m)
ting huidige
ting plansitu-
situatie (dB)
atie (dB)
00^A
1,5
53,03
53,84
00^B
4,5
54,28
002_A
1,5
47,91
002_B
4,5
003_A
1,5
003_B 004_A
verschil (dB)
afgerond ver schil (dB)
+0,81
+1
55,09
+0,81
+1
48,81
+0,90
+1
49,62
50,52
+0,90