CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

3.3 Memo geluidszone NLR

Commissie Woonomgeving 24 augustus 2026, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 3: Bindend advies Voorsterweg 31 te Marknesse (NLR) - Oordeelsvormend1.097 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

3 alinea's met “advisering”: 2 4 7

1 van 4 MEMO Aan : College van burgemeester en wethouders gemeente Noordoostpolder Van : Alfred Kerkhoven, Vakspecialist geluid, Cluster Leefomgeving Datum : 23 juni 2026 Onderwerp : Tijdelijke hantering aangepaste geluidszone industrieterrein NLR 1. Aanleiding In het omgevingsplan is voor het industrieterrein NLR (Voorsterweg 31 te Kraggenburg) een geluidzone opgenomen met een grenswaarde van 50 dB(A). Buiten deze zone mag de geluidbelasting vanwege het industrieterrein niet hoger zijn dan 50 dB(A). Gebleken is dat de juridisch vastgelegde geluidzone niet overeenkomt met de feitelijke en beoogde ligging van de zone ten opzichte van de begrenzing van het industrieterrein. De in het omgevingsplan opgenomen zone is gedeeltelijk binnen de grens van het industrieterrein gelegen, terwijl deze daarbuiten behoort te liggen. Door de ontwikkeling en intensivering van activiteiten op het industrieterrein is de feitelijke 50 dB(A)-contour inmiddels verder naar buiten komen te liggen dan de vigerende geluidzone. Uit recente akoestische onderzoeken en het zonebeheer blijkt dat: - de actuele 50 dB(A)-contour buiten de juridisch geldende geluidzone ligt; - de huidige geluidzone beperkend werkt voor ontwikkelingen op het NLR-terrein; - de huidige planologische situatie niet langer aansluit bij de feitelijke akoestische situatie.

Momenteel wordt gewerkt aan een wijziging van het omgevingsplan waarin de geactualiseerde geluidzone planologisch wordt vastgelegd. 2. Probleemstelling De discrepantie tussen de juridisch geldende geluidszone van 50 dB(A) en de feitelijke ligging van de 50 dB(A)-geluidscontour leidt tot: - risico op het toestaan van een verdere groei van de feitelijke geluidscontour met het risico dat (toekomstige) geluidgevoelige functies onvoldoende beschermingsniveau hebben; - risico op het beperken van ontwikkelruimte voor initiatieven op het NLR-terrein; - inconsistentie in vergunningverlening en advisering richting de omgevingsdienst (OFGV); - verhoogde kans op juridische procedures en aantasting van de uitvoerbaarheid van besluiten. Hierdoor ontstaat een spanningsveld tussen: - de vigerende formeel-juridische situatie (geldend omgevingsplan), en - de actuele, feitelijke en gewenste akoestische situatie. 2 van 4 3. Juridisch kader 3.1 Omgevingswet De gemeenteraad stelt op grond van de Omgevingswet het omgevingsplan vast en draagt zorg voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Voor gezoneerde industrieterreinen blijft de Wet geluidhinder, inclusief de daarbij behorende zoneringssystematiek, van toepassing zolang voor het industrieterrein nog geen geluidproductieplafonds (GPP's) als omgevingswaarde zijn vastgesteld.

Het bestaande wettelijke regime blijft op grond van het overgangsrecht van kracht. De gemeente vervult daarbij de wettelijke rol van zonebeheerder en dient erop toe te zien dat ontwikkelingen binnen en buiten het industrieterrein passen binnen de geldende geluidruimte. 3.2 Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Bij het toelaten van nieuwe geluidgevoelige gebouwen of locaties moet rekening worden gehouden met: - de geluidbelasting op geluidgevoelige gebouwen; - een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; - cumulatie van geluid indien relevant; - actuele en representatieve akoestische gegevens. De Omgevingswet verlangt dat besluiten worden gebaseerd op een actuele en deugdelijke beoordeling van de fysieke leefomgeving. 3.3 Algemene wet bestuursrecht (Awb) Op grond van de Algemene wet bestuursrecht gelden onder meer de volgende eisen: - artikel 3:2 Awb (zorgvuldigheidsbeginsel): besluiten worden voorbereid met de nodige kennis van de relevante feiten en belangen; - artikel 3:46 Awb (motiveringsbeginsel): besluiten moeten berusten op een draagkrachtige motivering. Dit betekent dat het bevoegd gezag bij besluitvorming rekening moet houden met actuele en objectief vastgestelde akoestische gegevens.

3.4 Juridische uitgangspunten Bij besluitvorming geldt in algemene zin dat: - gebruik wordt gemaakt van actuele, representatieve en controleerbare milieugegevens; - feitelijke omstandigheden en akoestische onderzoeken moeten worden betrokken bij de belangenafweging; - de beoordeling van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties centraal staat; - besluiten zorgvuldig moeten worden gemotiveerd wanneer sprake is van een verschil tussen de juridisch vastgelegde situatie en de actuele feitelijke situatie. 4. Voorgestelde werkwijze In afwachting van de formele wijziging van het omgevingsplan wordt voorgesteld om bij vergunningverlening, planvorming en advisering rekening te houden met de geactualiseerde geluidzone zoals deze volgt uit de meest recente akoestische onderzoeken en het zonebeheer. De juridisch geldende geluidzone blijft daarbij onverkort van kracht. De geactualiseerde geluidzone wordt aanvullend gebruikt als beoordelings- en afwegingskader om te waarborgen dat besluiten zorgvuldig worden voorbereid en voorzien zijn van een actuele akoestische onderbouwing. 3 van 4 5.

Uitwerking in de praktijk 5.1 Vergunningverlening en zonebeheer - aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de meest recente akoestische gegevens; - ontwikkelingen die leiden tot een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat worden niet toegestaan zonder aanvullende maatregelen of nadere onderbouwing; - het zonebeheer wordt gebaseerd op de geactualiseerde akoestische situatie. 5.2 Planvorming en initiatieven - nieuwe geluidgevoelige functies worden beoordeeld aan de hand van de actuele geluidcontour; - initiatiefnemers worden hierover in een vroeg stadium geïnformeerd. 5.3 Motivering van besluiten In relevante besluiten wordt expliciet gemotiveerd: - dat de juridisch geldende geluidzone niet aansluit bij de actuele akoestische situatie; - dat gebruik is gemaakt van recente akoestische onderzoeken en zonebeheergegevens; - dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties; - dat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt gewaarborgd. 5.4 Interne afstemming Deze werkwijze wordt afgestemd met: - OFGV; - team Vergunningen; - team Ruimtelijke Ontwikkeling; - overige betrokken vakdisciplines. 6.

Juridische borging Voor een juridisch houdbare toepassing is van belang dat: - de actuele akoestische situatie per besluit inzichtelijk wordt gemaakt; - wordt verwezen naar de meest recente akoestische onderzoeken en zonebeheergegevens; - de belangenafweging expliciet wordt gemotiveerd; - wordt onderbouwd dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties; - een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt gewaarborgd. 7. Risico’s en aandachtspunten 7.1 Juridisch risico De huidige geluidzone blijft juridisch van kracht totdat het omgevingsplan is gewijzigd. Besluiten moeten daarom zorgvuldig worden gemotiveerd en voorzien zijn van een actuele akoestische onderbouwing. 4 van 4 7.2 Consistentie Een uniforme toepassing binnen de gemeentelijke organisatie en door de OFGV is noodzakelijk om rechtsongelijkheid en tegenstrijdige besluitvorming te voorkomen. 7.3 Communicatie Initiatiefnemers, adviseurs en andere betrokken partijen moeten tijdig worden geïnformeerd over deze werkwijze. 7.4 Tijdelijkheid De wijziging van het omgevingsplan dient zo spoedig mogelijk te worden afgerond om juridische en bestuurlijke risico's te beperken. 8.

Conclusie Gelet op: - de aantoonbare discrepantie tussen de huidige geluidzone en de feitelijke akoestische situatie; - de beschikbaarheid van geactualiseerde akoestische gegevens; - de eisen van zorgvuldige besluitvorming; - de verplichting tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties; is het verdedigbaar en wenselijk om bij vergunningverlening, planvorming en advisering tijdelijk uit te gaan van de geactualiseerde geluidzone als aanvullend beoordelingskader, vooruitlopend op de formele wijziging van het omgevingsplan. 9. Beslispunten Het college wordt voorgesteld om in te stemmen met: - het tijdelijk hanteren van de geactualiseerde geluidzone als aanvullend beoordelingskader bij vergunningverlening, planvorming en advisering; - het toepassen van deze werkwijze in afstemming met de OFGV; - het voortzetten en zo spoedig mogelijk afronden van de procedure tot wijziging van het omgevingsplan waarin de geactualiseerde geluidzone juridisch-planologisch wordt vastgelegd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2322/documents/45130