CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

3.2.1 Bijlage A. Foto van de leefomgeving NOP.pdf

Commissie Woonomgeving 12 februari 2024, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 3: Ontwerp-Omgevingsvisie Noordoostpolder 205015.866 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Foto van de leefomgeving

Opgesteld door: Gemeente Noordoostpolder (2022)

1

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................................................ 3

2

3

4

1.1

Foto van de Leefomgeving ...................................................................................................... 3

1.2

Het vertrekpunt ....................................................................................................................... 3

1.3

Scoringstabel ........................................................................................................................... 6

Wonen, erfgoed en landschap ........................................................................................................ 7 2.1

Wonen ..................................................................................................................................... 7

2.2

Landschap & ruimtelijke kwaliteit ......................................................................................... 11

2.3

Erfgoed .................................................................................................................................. 13

Gezonde leefomgeving & Leefbaarheid ........................................................................................ 15 3.1

Gezondheid ........................................................................................................................... 15

3.2

Economie ............................................................................................................................... 18

3.3

Recreatie en toerisme ........................................................................................................... 20

3.4

Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid ............................................................................... 22

Duurzaamheid ............................................................................................................................... 26 4.1

Energietransitie ..................................................................................................................... 26

4.2

Afval en circulair grondstoffengebruik .................................................................................. 30

4.3

Klimaatadaptatie ................................................................................................................... 32

4.3.1 Hittestress............................................................................................................................. 32 4.3.2 Wateroverlast ....................................................................................................................... 34 4.3.3 Droogte ................................................................................................................................. 36 5

6

7

Natuur en milieu............................................................................................................................ 37 5.1

Biodiversiteit.......................................................................................................................... 37

5.2

Luchtkwaliteit ........................................................................................................................ 39

5.3

Geluidshinder ........................................................................................................................ 40

5.4

Lichthinder............................................................................................................................. 42

5.5

Openbaar groen .................................................................................................................... 44

5.6

Externe veiligheid .................................................................................................................. 45

Bodem en water ............................................................................................................................ 49 6.1

Grond en oppervlaktewater .................................................................................................. 49

6.2

Bodem en ondergrond .......................................................................................................... 52

Bronnen ......................................................................................................................................... 55

2

1 Inleiding 1.1 Foto van de Leefomgeving De Foto van de Leefomgeving vormt het startpunt van de beoordeling op doelbereik en milieueffecten. Voor iedere opgave die terugkomt in de Omgevingsvisie is op basis van beschikbare informatie en expert judgement beoordeeld in welke mate anno 2022 voldaan wordt aan de voor die opgave gestelde ambitie. Hoewel de beoordeling op doelbereik en milieueffecten afgezet wordt tegen de referentiesituatie in 2050, is het toch van belang om de huidige situatie expliciet te beoordelen. Reden hiervoor is dat er voor veel opgaven (semi)kwantitatieve gegevens beschikbaar zijn en dat de huidige situatie hierdoor scherp in beeld gebracht kan worden. Volgend op de beschrijving van de huidige situatie zijn ook autonome ontwikkelingen die naar verwachting plaats zullen vinden in de periode tot 2050 in beeld gebracht. Hierbij is uitgegaan van ongewijzigd, vigerend beleid. Er wordt rekening gehouden met externe ontwikkelingen op het gebied van onder andere klimaat, energie en demografie. Voor de referentiesituatie die hieruit volgt is voor iedere opgave bepaald of in vergelijking met de huidige situatie een verbetering, verslechtering of geen verschil op zal treden en tot welke beoordeling dit leidt

1.2 Het vertrekpunt Inleiding De cultuurhistorisch-landschappelijke waarde van de Noordoostpolder is groot. Tegelijkertijd is er heel duidelijk de behoefte om te blijven verbeteren. Bovendien willen we als gemeente ruimte bieden aan nieuwe ontwikkelingen, die zorgvuldig een plek moeten krijgen in het landschap. Het is daarom belangrijk eerst aan te geven hoe de Noordoostpolder is opgebouwd en wat de belangrijkste kenmerken en kwaliteiten zijn die moeten worden behouden of versterkt. Vervolgens is het ook van belang een analyse te maken van de zaken die om verbetering vragen.

Figuur 1: Algemeen beplantingsplan Noordoostpolder van Pieter Verhagen

Drooglegging De Noordoostpolder was de tweede Zuiderzeepolder die werd drooggemalen. De polder werd direct na de Tweede Wereldoorlog ingericht en geschikt gemaakt voor landbouwproductie. De idealen in de wederopbouwperiode hebben sterke invloed gehad op de vormgeving van de polder. In deze paragraaf wordt beschreven in welke ruimtelijke kenmerken het 'wederopbouwkarakter' tot uitdrukking komt. De Directie van

3

de Wieringermeer kon bij het maken van de plannen voor de Noordoostpolder al voortbouwen op de ervaringen die werden opgedaan met de aanleg van de Wieringermeerpolder. De dijk rond de Noordoostpolder werd in 1940 aangelegd en in 1942 werd de polder drooggemalen. Tijdens de oorlog werd al hier en daar in de polder gewoond en werd aan de ontginning van de polder gewerkt, maar de feitelijke inrichting werd pas in 1962 afgesloten. Modulair systeem als basis Net als bij de overige Zuiderzeepolders wordt de basis van de Noordoostpolder gevormd door een regelmatig raster dat gebaseerd is op de in die tijd meest rationele agrarische verkaveling: een kavelmaat van 300 meter langs de weg en 800 meter in de diepte. Die verkaveling leidde tot agrarische bedrijven van 12 tot 48 hectare, dus variërend van een halve tot twee kavels. Twee derde van de polder werd als akkerbouwbedrijf uitgegeven en de rest van het gebied als gemengd bedrijf. Verder omvatte het plan 200 fruit- en groenteteeltbedrijven. Reageren op de ondergrond De bodemgesteldheid was in de polder niet overal gelijk. Toch heeft men geprobeerd om de vaste kavelmaat zoveel als mogelijk was toe te passen. Slechts aan de oostkant varieert de lengte van de kavels bij de aansluiting op het oude land.

Alleen op zeer beperkende bodemkundige omstandigheden is bij de inrichting van de polder gereageerd, door bosaanleg op zandige gronden langs de rand met het 'oude land' die ongeschikt waren voor de landbouw (het Kuinderbos en het Voorsterbos) en op het keileem (Urkerbos en Schokkerbos). In delen van de polder waar de ondergrond niet uit vruchtbare klei bestond, werd veeteelt in plaats van akkerbouw bedreven. Concentrische opbouw Naast deze functionele agrarische onderlegger voor de polder, speelde de maatschappelijke opvatting over het maken van nieuw woongebied een rol. Aan het polderconcept voor de Noordoostpolder ligt de behoefte ten grondslag een overzichtelijke wereld te maken, met een zekere beslotenheid en beschutting. De keuze om de polderranden in de inrichting relatief dicht te maken, komt deels voort uit de ondergrond en het zoeken van beschutting tegen de wind, maar is evenzeer een cultureel bepaalde keuze. Rondom hoofdplaats Emmeloord werden tien dorpen ontwikkeld in de polder. Van groot naar klein waren dit: Marknesse, Ens, Luttelgeest, Nagele, Tollebeek, Rutten, Creil, Kraggenburg, Bant en Espel. Tussen Nagele en Ens ligt bovendien het dorpje Schokland, op het gelijknamige voormalige eiland dat in de polder kwam te liggen na de drooglegging.

Door Emmeloord midden in de polder te lokaliseren en er een ring van dorpen omheen te leggen, ontstond een bewust vormgegeven concentrische opbouw van de polder met een rand en een middelpunt. Ieder dorp kreeg zijn eigen voorzieningen (kerken, scholen, sportvoorzieningen, winkels) om daardoor per dorp een sociale gemeenschap te laten groeien. Het maatschappelijk ideaal om hechte sociale verbanden te smeden, komt ook tot expressie in de keuze om de agrarische erven te groeperen in clusters van twee, drie of vier erven en om ook de arbeiderswoningen verspreid over het landelijk gebied aan deze ervenclusters te koppelen. De dorpen kregen een groene omlijsting van bos, die moest zorgen voor de nodige beschutting. Ook de agrarische erven werden voorzien van een brede groene rand van hoog opgaande erfbeplanting. Het idee van de concentrische opbouw is daarmee op verschillende schaalniveaus ruimtelijk vertaald: in de polderrand, in de dorpenring, in de omlijsting van de dorpen en in de omzoomde erven. Hiërarchisch systeem Om het concentrische systeem goed te laten functioneren was een zekere hiërarchie nodig in voorzieningen, wegen en waterlopen. Door die hiërarchie ontstaat bovendien een goede oriëntatiemogelijkheid in de polder, die zo uitgestrekt is dat alleen een raster niet voldoet om een herkenbaar landschap te maken. De

4

verbindingen vanuit deze besloten nieuwe wereld met het 'oude land' kregen de vorm van vier monumentale radiale lijnen: het assenkruis. Drie radiale lijnen bestaan uit een hoofdvaart (die uitmondt in een sluis en poldergemaal) en een verbindingsweg. De vierde lijn, via Ens naar Zwolle, heeft geen hoofdvaart maar alleen een verbindingsweg. Van deze vier basisprincipes voor de inrichting (modulair, ondergrond, concentrisch, hiërarchisch) zijn vooral het modulaire systeem en de concentrische opbouw essentieel voor de cultuurhistorische waarde van de Noordoostpolder: de concentrische opbouw is de weerslag van de maatschappelijke opvattingen in de periode van de aanleg van de polder. Het modulaire systeem, in de vorm van een regelmatig verkavelingsraster en een regelmatige spreiding van agrarische erven, geeft de toenmalige stand van de techniek weer. De ring van dorpen Karakteristiek aan de tien dorpen in de Noordoostpolder is dat de dorpskernen in dezelfde periode zijn ontworpen en gebouwd. Uitgebreid sociografisch en planologisch onderzoek leidde ertoe dat de dorpen volgens een ideaal schema werden ontwikkeld, waarbij de onderlinge afstand en een zekere mate van zelfvoorziening per dorp leidende uitgangspunten waren. Er ontstond een herkenbare familie van polderdorpen.

Alle dorpen (inclusief Schokland, maar met uitzondering van Rutten) liggen aan of op de dorpenring, de rondweg door de polder. In de oorspronkelijke plannen voor de dorpen is men uitgegaan van een brink, drie kerken, drie scholen, een dorpsbos en een winkel- of voorzieningencentrum. De samenhang tussen de dorpen is groot, al hebben alle dorpen wel een eigen karakteristiek. De ligging in de polder, de manier waarop het dorp aan de dorpenring ligt en de verschillende architecten die aan de dorpen hebben gewerkt, dragen hieraan bij. Vooral Nagele heeft een duidelijke eigen architectonische identiteit: functioneel modern ontworpen naar de ideeën van 'Het Nieuwe Bouwen', met veel groene/onbebouwde ruimte en woningen met enkel platte daken, simpele rechthoekige vormen, grote ramen, industriële materialen en geveldelen en witte kleuren. De overige dorpen kennen allemaal de stijl van de Delftse School (rode bakstenen huizen met rode pannendaken). De twee stromingen hebben lange tijd naast elkaar bestaan en hebben elkaar beïnvloed. De specifieke kenmerken per dorp en van Emmeloord staan respectievelijke beschreven in 'DNA van de dorpen' en in 'DNA van Emmeloord'

5

1.3 Scoringstabel De onderstaande scoringstabel geeft een overzicht van alle thema’s die in deze foto van de leefomgeving worden behandeld. Iedere thema wordt beoordeeld op basis van een schaallat. Aan het begin van ieder paragraaf wordt de schaallat voor de desbetreffende thema toegelicht. De huidige situatie geeft globaal genomen de situatie rond 2022 aan. De autonome ontwikkeling schetst hoe een thema zich zal gaan ontwikkelen in de komende jaren, volgens de huidige trends.

Tabel 1: Scoringstabel

Thema

Wonen Landschap en ruimtelijke kwaliteit

Erfgoed Gezondheid Economie Recreatie en toerisme Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid

Energietransitie Afval en circulair grondstoffengebruik

Hittestress Wateroverlast Droogte Biodiversiteit Luchtkwaliteit Geluidshinder Lichthinder Openbaar groen Externe veiligheid Grond en oppervlakte water Bodem en ondergrond

Huidige situatie

Autonome ontwikkeling

Trend

+/+/+/+/++ +/+/+/-+ + +/++ + + +/+ + +

+/+/+/+ + + +/+/-+/+/+/+/+/-

= = = + + = ++ ------

6

2 Wonen, erfgoed en landschap 2.1 Wonen Inleiding De afgelopen jaren heeft de woningmarkt grote veranderingen doorgemaakt. Van de crisis waarin de huizenmarkt zich tien jaar geleden in bevond, is al lang geen sprake meer. Woningprijzen stijgen en nieuwbouwprojecten raken snel verkocht. De vraag naar woningen is zeer groot. Zelfs zodanig dat het woningaanbod in de bestaande voorraad sterk is afgenomen. Het aantal voorzieningen voor bewoners van dorpen en steden hangt sterk samen met de groei of krimp van de regio. Deze paragraaf gaat in op de kwantitatieve en kwalitatieve woningvraag en -aanbod en het voorzieningenniveau. Daarbij is de demografische ontwikkeling van de gemeente van belang. Wonen Schaallat kwaliteitsniveaus ++

Het aanbod is voor alle woningtypen in balans met de vraag

+

Het aanbod voldoet voor één woningtype niet aan de vraag

+/-

Het aanbod voldoet voor één of meerdere woningtypen niet aan de vraag

-

Het aanbod voldoet voor de meeste woningtypen niet aan de vraag

--

Het aanbod voldoet voor alle woningtypen niet aan de vraag

Fase

Beoordeling

Toelichting

Huidige situatie

+/-

Er is een woningtekort in de gemeente en daarnaast past het kwalitatieve aanbod niet bij de vraag. Om het huidige woningtekort in te lopen zijn ca 400 woningen nodig. Daarnaast is er een afname van gezinnen en een toename in het aandeel 1 en 2 persoonshuishoudens. Er is behoefte aan passende (levensloopgeschikte) woningen voor senioren.

Autonome ontwikkeling

+/-

Verandering in huishoudensgrootte, vergrijzing en individualisering zorgen voor een veranderende woningvraag. De lokale woningmarkt moet zich aanpassen om te voldoen aan deze vraag.

Huidige situatie Er is een woningtekort in de gemeente en daarnaast past het kwalitatieve aanbod niet bij de vraag. Om het huidige woningtekort in te lopen zijn ca 400 woningen nodig. Daarnaast is er een afname van gezinnen en een toename in het aandeel 1 en 2 persoonshuishoudens. Er is behoefte aan passende (levensloopgeschikte) woningen voor senioren. In Noordoostpolder wonen iets meer dan 48.000 inwoners.

7

Tabel 2: Woningvoorraad Noordoostpolder

Inwoners naar leeftijdscategorie 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% 0 tm 14

15 tm 24

25 tm 44

Flevoland

45 tm 64

65+

Noordoostpolder

Figuur 2: Inwoners naar Leeftijdscategorie

Deze zijn verdeeld over ruim 19.500 huishoudens. Als we kijken naar de leeftijdsverdeling ten opzichte van Flevoland, is het aandeel 65+ hoger (18,5 % tegen 15%) en het aandeel 25 -64 lager dan gemiddeld in Flevoland (24,6% tegen 27%).

Tabel 3: Bevolkingssamenstelling Noordoostpolder Kerncijfers wijken en buurten 2022 Aantal inwoners Emmeloord Bant

26470 1515

0 tot 15 jaar 4640 285

Marknesse Kraggenburg

3800 1470

590 225

15 tot 25 jaar 3220 205

25 tot 45 jaar 6305 400

45 tot 65 jaar 6875 395

460 175

865 360

1065 460

65 jaar of ouder 5430 230 825 255

8

Ens

3160

575

400

780

850

545

Nagele Tollebeek

1965 2495

340 635

220 380

480 640

600 585

325 260

Espel Creil

1575 1730

315 320

205 225

450 440

405 480

200 270

Rutten Schokland

1660 5

290 0

210 0

360 0

485 0

315 0

Bron: CBS

Inwoners van de Noordoostpolder zijn over het algemeen tevreden over de sportvoorzieningen binnen de gemeente. Alle dorpen en Emmeloord geven hiervoor een voldoende. Speelvoorzieningen kunnen ook overal op een voldoende rekenen. Wanneer het om zorg, welzijn of openbaar vervoer gaat ontstaat er een groot verschil tussen de kleinere dropen, de grotere dorpen en Emmeloord. Als het om gezondheidsvoorzieningen gaat, geven Espel, Kraggenburg en Bant alle drie en onvoldoende. Welzijnsvoorzieningen krijgen net wel een voldoende maar het verschil met Emmeloord is groot. Op gebied van openbaar vervoer is duidelijk te zien dat Luttelgeest, Nagele, Espel, Creil en Rutten allemaal niet in de buurt liggen van de hoofdinfrastructuur (A6 & N50). Het openbaar vervoer in Emmeloord zelf vindt men over het algemeen ook onvoldoende, behalve de wijken nabij het busstation. Tabel 4: Tevredenheid over voorzieningen In hoeverre bent u tevreden of ontevreden over het aanbod van ... Kern

Emmeloord Centrum Emmeloord Revelsant Emmeloord Espelervaart Emmeloord de Zuidert Emmeloord de Erven Emmelhage of Waterland Emmeloord Bedrijventerreinen Bant (kern) Luttelgeest (kern) Marknesse (kern) Kraggenburg (kern) Ens (kern) Nagele (kern) Tollebeek (kern) Espel (kern) Creil (kern) Rutten (kern) Buitengebied (incl. Schokland) Noordoostpolder totaal

(gezondheids-) zorgvoorzieningen (huisartsenpost, gezondheidscentrum , consultatiebureau / centrum voor jeugd en gezin, verzorgingstehuis, etc.) 8,0

welzijnsvoorzieningen (buurtwerk, jongeren/ ouderenvoorzieningen etc.)

speelvoorzieninge n (kinderen tot 12 jaar)

sportvoorzieningen

openbaar vervoer

7,1

6,7

7,9

7,4

7,9

6,5

6,2

6,7

5,3

7,7

7,0

7,4

7,2

5,0

7,5

7,1

7,1

6,9

7,0

7,4

6,5

7,1

7,4

4,4

6,8

6,5

6,9

6,8

6,1

7,8

5,5

5,5

7,8

5,5

5,5 5,8 7,9 5,2 6,6 7,3 6,9 4,9 7,3 6,1 7,3

5,6 6,9 6,3 5,9 6,2 5,7 5,7 5,7 6,9 6,1 6,5

6,3 6,7 6,2 6,2 6,8 7,6 6,4 7,6 6,2 8,3 6,3

7,3 7,9 7,6 6,9 7,4 7,4 6,9 7,1 7,1 8,5 6,8

6,2 5,1 7,3 5,9 5,9 4,5 6,4 4,1 4,3 4,2 4,6

7,2

6,5

6,8

7,2

5,6

9

Autonome ontwikkeling De autonome behoeft tot 2050 is 2100 – 3300 woningen (verkenning groeiambitie). De groei van het aantal huishoudens vindt met name plaats tot 2035. In de onderstaande tabel staat de bevolkingsprognose 2021. Het aantal 65+ neemt tot 2035 toe. Als we kijken naar huishoudens, komt de groei van het aantal huishoudens volledig voor rekening van de groep senioren, die tot 2040 sterk groeit. De andere leeftijdsgroepen worden iets kleiner, maar zijn feitelijk redelijk stabiel. In 2040 zijn er 2800 65+ huishoudens meer dan vandaag (Woonvisie Noordoostpolder). Dat betekent dat zonder nieuwe toevoegingen en aanpassingen aan de voorraad een steeds groter tekort zal ontstaan aan levensloopgeschikte woningen. Dat tekort doet zich vooral voor in de koopsector. Schaalvergroting in de landbouw zal voor een toename van vrijkomende agrarische erven zorgen. De gronden worden verkocht en blijven veelal in agrarisch gebruik. Maar het erf met (een deel van) de bebouwing blijft wel bestaan en heeft dan niet altijd meer een agrarische functie. Dit kan tot frictie leiden met de agrarische sector doordat agrarische bedrijven in hun mogelijkheden worden beperkt wanneer er meer mensen in het buitengebied gaan wonen. Tabel 5: Bevolkingsontwikkeling Noordoostpolder

Bouwstenen voor de Omgevingsvisie -

De autonome behoefte tot 2050 is 2100 – 3300 woningen. De groei van het aantal huishoudens vindt met name plaats tot 2035; Inspelen op de markt en ruimte bieden voor experimenten en nieuwe woonvormen. Dit draagt bij aan de variatie in het woonaanbod, waardoor Noordoostpolder aantrekkelijker wordt voor meer mensen. De toenemende vergrijzing vraagt om een levensloopbestendiger woningaanbod. Een randvoorwaarde voor de groeiambitie is dat voorzieningen (zorg, onderwijs, ontmoeting, dagelijkse voorzieningen) en bereikbaarheid op orde zijn.

10

2.2 Landschap & ruimtelijke kwaliteit Aan de hand van de indicatoren architectuur, historische-geografische structuren en archeologische vondsten zijn de huidige situatie, trends en ontwikkelingen en de aandachtspunten voor het thema cultureel erfgoed beschreven. Landschap / ruimtelijke kwaliteit Schaallat kwaliteitsniveaus ++

Oorspronkelijk ontwerp/element volledig aanwezig en gaaf

+

Oorspronkelijk ontwerp/element overwegend intact en herkenbaar aanwezig

+/-

Oorspronkelijk ontwerp/element aanwezig maar aangetast

-

Oorspronkelijk ontwerp/element aangetast en moeilijk zichtbaar/herkenbaar

--

Oorspronkelijk ontwerp/element verdwenen

Inschatting kwaliteit indicatoren: Openheid

+

Groene eilanden

+-

Modulaire verkaveling

++

Concentrische opbouw

+-

Assenkruis

-

Inrichting volgt bodem

+/-

Hiërarchie in opbouw

+

Architectuur

+-

Fase

Huidige situatie

Autonome ontwikkeling

Beoordeling

Toelichting

+/-

Het oorspronkelijke ontwerp van het landschap is nog altijd goed zichtbaar, maar staat in toenemende mate onder druk.

-

Individualisering, korte termijn planning, fysieke verschijning transities, schaalvergroting, boomziektes, fysieke ouderdom oorspronkelijke bebouwing, verdozing, nieuwe infrastructuur zetten de herkenbaarheid van het oorspronkelijk functioneel ontworpen landschap onder druk.

Huidige situatie In het landelijk gebied onderscheiden we deelgebieden met een eigen karakter. Ook de tien dorpen en Emmeloord bezitten verschillende identiteiten. Dit is enerzijds een gevolg van het inrichtingsconcept voor de polder ‘zoals het bedoeld was’ en anderzijds het resultaat van de ruimtelijke ontwikkelingen die de afgelopen halve eeuw hebben plaatsgehad. Het landschap in de Noordoostpolder kent een rationele, optimaal op de landbouw afgestemde, inrichting en structuur. Kenmerkend is een ring van dorpen rondom Emmeloord, van waaruit een assenstelsel van wegen en watergangen met begeleidende beplanting is aangelegd. De bebouwing bestaat uit een hoofdkern (Emmeloord) omgeven door dorpen. Deze centrale ligging wordt nog eens benadrukt door de poldertoren, welke boven de bebouwing van Emmeloord uitsteekt en in de wijde omgeving goed zichtbaar is. De dorpen in de Noordoostpolder zijn gescheiden van het omliggende land door groensingels en hebben elk een dorpsbos. Karakteristiek is de groepering van boerderijen langs de wegen, omgeven door dichte erfbeplanting, in een repeterend patroon met twee of vier gegroepeerde boerderijen. Kenmerkend zijn verder de rijtjes arbeiderswoningen met omringende beplanting. Die huizen waren bedoeld voor de arbeiders op de

11

boerderijen. De percelen tussen de wegen en watergangen zijn uniform 24 ha groot (800 x 300 m). Om zoveel mogelijk grond te bestemmen voor de landbouw, is gekozen voor smalle weg- en slootprofielen.

Figuur 3: Grondgebruik Noordoostpolder

De rationele structuur wordt op een aantal locaties doorbroken : · · ·

Emmeloord, als centrale stad; Urk en Schokland in het zuidelijk deel van de Noordoostpolder: ingepolderde eilanden met een kleileemkern die hun oorspronkelijk landschappelijke structuur hebben behouden; Bosgebieden op voor de landbouw minder interessante gronden: Voorster-, Kuinder- en Urkerbos.

Verder is in de huidige situatie sprake van een aantasting van de oorspronkelijke karakteristieke landschapsstructuur door: · · · ·

de doorsnijding door de A6: relatief onopvallend gelegen in het landschap door bundeling met een bestaande structuur, namelijk de Lemstervaart; de doorsnijding van de N50; het bos rond de Casteleynsplas; de hoge voormalige stortplaats De Terp en de inrichting van de ecologische verbindingszone die de strakke lijn van de Burchttocht gedeeltelijk laat verdwijnen. De Terp krijgt ook in de referentiesituatie een groene afwerking als golfbaan met extensieve recreatiemogelijkheden;

Stedenbouwkundige waarden van de Noordoostpolder: · ·

de eenheid in bebouwingsstijl van boerderijen en vormgeving van erven (erfbeplanting); de stedenbouwkundige en bouwkundige stijlkenmerken van de Delftse School in de dorpen, gebaseerd op een kruispunt van (vaar)wegen, omgeven door een dorpsbos;

12

· ·

de opbouw van het dorp Nagele, opgezet volgens het stedenbouwkundig plan van de architectengroep 'de 8', met een open middengebied; stedenbouwkundige opzet van Emmeloord; verstening in de kern, naar buiten toe open.

Autonome ontwikkeling De gemeente heeft geen specifiek vastgesteld beleid ten aanzien van het landschap anders dan de huidige Structuurvisie Noordoostpolder 2025. Wel is er beleid dat invloed uitoefent op de verschijningsvorm van het landschap. Denk aan uitbreiding van erven, woningbouw, infrastructuur en mobiliteit, beheer openbare ruimte, beleid zon, visie buitenwegen. De woningbouwopgave en mogelijk grote infrastructurele projecten zoals de Lelylijn en nieuwe hoogspanningsmasten vormen de grootste bedreiging voor het landschap. Ook het Welstandsbeleid is van invloed op de architectuur in de polder; de fysieke verschijningsvorm van (de naar de weg gekeerde zijde van) bebouwing (als onderdeel van het landschap) De transitie naar circulaire landbouw zal de komende dertig jaar gaan spelen in de Noordoostpolder. De vraag is wat de verschijningsvorm hiervan zal zijn en wat voor impact de transitie zal hebben op het landschap. Trends zoals voedselbossen zullen bijvoorbeeld de openheid van de polder aantasten. De Noordoostpolder is relatief leeg en daardoor nog altijd aantrekkelijk en geschikt voor grootschalige ontwikkelingen die ergens anders in Nederland niet zijn in te passen wegens gebrek aan ruimte. Denk aan energievoorziening, datavoorziening, distributievoorziening of grootschalige huisvesting van vluchtelingen.

Op gebied van grootschalige datavoorziening en distributie centra is op provinciaal niveau een strategie uitgedacht de zogenaamde ‘Dozenstrategie’. De mogelijke komst van de Lelylijn en het verzwaren van de bestaande energie infrastructuur zullen ook een impact hebben op het landschap, dit vraagt om zorgvuldige inpassing door zoveel mogelijk te sturen op ontwikkelingen langs de bestaande landschappelijke structuren.

2.3 Erfgoed Aardkundige waarden, Cultureel erfgoed en Archeologie Schaallat kwaliteitsniveaus ++

Het beleid voldoet voor de omstandigheden.

+

Het beleid voldoet voor één onderdeel niet aan de omstandigheden.

+/-

Het beleid voldoet voor één of meerdere onderdelen niet aan de omstandigheden.

-

Het beleid voldoet voor de meeste onderdelen niet aan de omstandigheden.

--

Het aanbod voldoet voor alle onderdelen niet aan de omstandigheden. Fase

Beoordeling

Toelichting

Uitwerking van regels omtrent beschermd dorpsgezicht Werelderfgoed Schokland in gang gezet. Hiervoor is een aanpassing in de Omgevingswet noodzakelijk. Huidige situatie

+/-

Beleid voldoet op grote lijnen voor de omstandigheden. er is nog een aanpassing noodzakelijk met betrekking tot regels voor beschermd dorpsgezicht Werelderfgoed Schokland We zijn bezig met uitwerking van een Kerkenvisie en uitbreiding monumentenlijst en het up-to-date maken van de erfgoedverordening.

Autonome ontwikkeling

-/+

Onze gebouwen, het erfgoed wordt allemaal ouder. Daarnaast verliezen sommige gebouwen hun functie (kerk). Actief beleid kan er voor zorgen dat het erfgoed behouden wordt. Doen we niks dan is de kans dat (een deel van) ons erfgoed verdwijnt. Voor archeologie zijn bodemdaling en bodemingrepen een bedreiging.

13

Huidige situatie Cultuurhistorie Erfgoed in de Noordoostpolder gaat over een bijzondere verhaal. Het verhaal van het geloof in een maakbare samenleving. “Gemeente Noordoostpolder kent een unieke (cultuur)historie. Voordat de gemeente ontstond was het gebied Zuiderzee met daarin het eiland Schokland. Schokland is Werelderfgoed. Na de drooglegging is Noordoostpolder ingericht op basis van de centrale plaatsen theorie van Christaller. De idealen van de Wederopbouwperiode zoals de modernisering van de landbouw en de heersende opvattingen over het inrichten van nieuw land hebben een sterke invloed gehad op de inrichting van de Noordoostpolder. Het belangrijkste doel van de inpoldering was het uitbreiden van het landbouwareaal en daarmee de voedselvoorziening. Daarnaast was er de maatschappelijke opvatting over het maken van een nieuw woongebied met hechte sociale verbanden. Noordoostpolder in zijn geheel en Nagele zijn door het Rijk beide aangewezen als wederopbouwgebied. Nagele is tevens een beschermd dorpsgezicht. Schokland geniet van de hoogste beschermingsstatus namelijk UNSECO werelderfgoed. Archeologie In de bodem van Noordoostpolder liggen verschillende scheepswrakken en andere archeologische sporen. Het uitgangspunt is behoud in situ. Dat er scheepwrakken in de bodem liggen is door Flevolandschap beleefbaar gemaakt door het plaatsen van Markeringspalen.

Op de onderstaande provinciale kaart zijn in het geel, oranje en rood gebieden aangegeven met een middel(geel) of hoge (oranje) of zeer hoge (rood) verwachtingswaarde. De bescherming van erfgoed in de Noordoostpolder is vastgelegd in landelijke, provinciale en gemeentelijke regelgeving. Zo kent de Noordoostpolder zeven beschermde archeologische monumenten. Vijf daarvan liggen op Schokland en twee in het Kuinderbos. Daarnaast zijn er 47 plekken in de Noordoostpolder waarvan bekend is, dat ze archeologisch waardevol zijn.

Figuur 4: Archeologische verwachtingswaarde

Werelderfgoed Schokland en omgeving: Het Werelderfgoed Schokland is in grote lijnen goed beschermd en beheerd. Er wordt gewerkt aan een omschakeling van landbouw naar natuur in bepaalde delen, dit om de archeologische waarden in de bodem op

14

de lange termijn goed te kunnen beschermen en behouden. Daarnaast wordt gewerkt aan nieuwe faciliteiten voor bezoekend publiek. Aardkundige waarden: Deze zijn middels de Erfgoedverordening en de omgevingsverordening goed beschermd. Via de Archeologische beleid en advieskaart (2018) wordt binnen de aanvragen omgevingsvergunning getoetst op deze elementen. Autonome ontwikkeling De komende jaren zal het behoud van erfgoed onder druk komen te staan. De invulling van de woningbouwopgave zal impact hebben op de oorspronkelijke ‘wederopbouw’ karakter van de Noordoostpolder. Het risico is dat er onvoldoende rekening wordt gehouden met de cultuurhistorische waarde en archeologische verwachtingswaarde. De geplande verzwaring van het elektriciteitsnet en de Lelylijn kunnen impact hebben op de UNESCO-status van Schokland wanneer er onvoldoende rekening wordt gehouden met inpassing. Woningbouw in de dorpen kan ook te koste gaan van de dorpsbossen. Het is daarom van belang dat erfgoed en het behoud daarvan goed wordt meegenomen in het afwegingsproces bij grote ontwikkelingen.

Bouwstenen voor de omgevingsvisie -

Kaders opstellen om cultuurhistorische waarde en archeologische verwachtingswaarde te kunnen beschermen. Richtlijnen formuleren voor het landschappelijk inpassen van grote ontwikkeling in de Noordoostpolder. Dorpsbossen naar aard en schaal laten meegroeien met woningbouwontwikkelingen om zo de schaal van de dorpen in het landschap te behouden.

-

3 Gezonde leefomgeving & Leefbaarheid 3.1 Gezondheid Gezondheid Sociaal domein Schaallat kwaliteitsniveau ++

Alle kwetsbaren hebben passende ondersteuning en doen mee aan de samenleving

+

Bijna alle kwetsbaren hebben passende ondersteuning en doen mee aan de samenleving

+/-

Zoveel mogelijk mensen zijn passend ondersteund en doen mee aan de samenleving, maar dit vraagt constante inspanning.

-

Minder dan gemiddeld helpen wij kwetsbaren die dat nodig hebben en er zijn al mensen afgehaakt.

--

Bijna niemand die dit nodig heeft krijgt passende ondersteuning en steeds meer mensen haken af. Fase

Beoordeling

Toelichting

Huidige situatie

+/-

Het sociaal domein in Noordoostpolder scoort over het algemeen bovengemiddeld goed op verschillende indicatoren, maar scoort soms ook slechter dan gemiddeld.

Autonome ontwikkeling

+/-

Behouden van kwalitatief goed aanbod en betaalbaar houden van zorg is uitdaging voor de toekomst.

15

De kaart van de Leefbaarometer geeft een inschatting van de leefbaarheid in buurten en wijken. Hiervoor is gebruik gemaakt van 100 indicatoren die onderverdeeld zijn in vijf dimensies, namelijk wonen, bewoners, voorzieningen, veiligheid en fysieke omgeving. De score loopt van zeer onvoldoende (1) tot uitstekend (9). Dit is een totaalscore ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De Leefbaarometer toont op groot schaalniveau een tamelijk positief beeld met als minimaal oordeel een “Ruim voldoende”. Lokaal zijn er grote verschillen. Als gedeelde negatief oordeel kan het voorzieningenniveau benoemd worden. Hiernaast is veiligheid plaatselijk een issue. Op wijkniveau presteert alleen de woonkern van Nagele onvoldoende. De score komt tot stand doordat Nagele op twee indicatoren lager scoort dan het Nederlands gemiddelde: voorzieningen en veiligheid, waarvan het gebrek aan voorzieningen voor de grootste afwijking zorgt. Alleen de indicator fysieke leefomgeving scoort iets beter dan het gemiddelde en sociale samenhang is van vergelijkbaar niveau als het landelijk gemiddelde.

Figuur 5: Kaart Leefbarometer

16

Figuur 6: Scoring Noordoostpolder

De Noordoostpolder krijgt als gemeente een voldoende. Alleen op gebied van voorzieningen scoort de Noordoostpolder ronduit slecht. Gezien dat alle overige indicatoren positief uitslaan. Dit heeft ermee te maken dat veel dagelijkse voorzieningen zijn gecentreerd in Emmeloord, en dat er maar een paar overblijven in de dorpen. Van alle wijken en buurten in de Noordoostpolder scoort alleen een enkele wijk in het centrum van Emmeloord positief op gebied van voorzieningen. De score is ten opzichte van de vorige leefbaarometer uit 2018 ook op geen enkele plek in de Noordoostpolder verbeterd. Op de andere onderwerpen is er een duidelijk contrast tussen de dorpen en Emmeloord zichtbaar. Op gebied van sociale samenhang scoren de dorpen boven het landelijk gemiddelde en grote delen van Emmeloord scoren onder gemiddeld. De woning voorraad scoort iets beter in de dorpen maar het verschil is hier aanzienlijk kleiner. Op gebied van overlast scoort de hele gemeente op een enkele wijk na, Emmeloord centrum Oost positief. De fysieke omgeving scoort juist in de dorpen en in Emmeloord positief maar scoort zeer negatief in het buitengebied. Dit is terug te zien in de onderstaande kaart waar de beweegvriendelijkheid van de omgeving wordt weergegeven.

Figuur 7: Beweegvriendelijkheid

17

Autonome ontwikkeling Het aandeel van de bevolking dat voldoet aan de landelijke beweegnorm zal waarschijnlijk licht stijgen. Een aandachtspunt voor de gezondheid en vitaliteit van de inwoners van de Noordoostpolder wordt gevormd door de toenemende vergrijzing. Ouderen zijn slechter ter been en hebben over het algemeen meer zorg nodig. Ook het zorgaanbod en de bereikbaarheid hiervan zal in de komende jaren een rol gaan spelen. De toegankelijkheid van de openbare ruimte vormt vanuit de boogde groei van de Noordoostpolder een aandachtspunt. Denk hierbij aan het bereikbaar houden van zorg en voorzieningen in de nieuwbouwwijken. Bouwstenen voor de Omgevingsvisie -

De fysieke leefomgeving zodanig inrichten dat men wordt uitgenodigd om meer te bewegen Levensloopbestendige nieuwbouw Stimuleren sport- en beweging. Meer sport- en beweegmogelijkheden in de openbare ruimte

-

Groen en grijs: minder jongeren en meer senioren betekent dat de voorzieningen aanpassen aan jong en oud. (o.a. goed onderwijs aanbod; faciliteiten voor jeugd, passend woningaanbod; mobiliteit; sport & bewegen)

3.2 Economie Economie Schaallat kwaliteitsniveaus ++

Het aanbod van werk is in balans met de vraag

+

Het aanbod van werk voldoet maar de vraag neemt toe

+/-

Het aanbod voldoet voor één of meerdere sectoren niet aan de vraag

-

Het aanbod voldoet voor de meeste sectoren niet aan de vraag

--

Het aanbod voldoet voor alle sectoren niet aan de vraag Fase

Huidige situatie

Autonome ontwikkeling

Beoordeling

Toelichting

++

De werkloosheid is laag en er is zelfs sprake van krapte op de arbeidsmark. Er zijn verspreid over Noordoostpolder voldoende terreinen en locaties voor economische ontwikkelingen beschikbaar.

+

De economie van Noordoostpolder beweegt mee met de landelijke economische ontwikkelingen. De land- en tuinbouw met het aan haar gerelateerd bedrijfsleven kent haar eigen dynamiek die mede afhankelijk is van de internationale ontwikkelingen. Door de ligging van Noordoostpolder, nabij Urk en binnen regio Zwolle, zal de economische ontwikkeling ook meebewegen met wat er in de regio gebeurd.

Huidige situatie Kenmerken van de economie De economie in Noordoostpolder floreert, de werkloosheid is laag en er is zelfs sprake van krapte op de arbeidsmarkt. Er zijn verspreid over Noordoostpolder voldoende terreinen en locaties voor economische ontwikkelingen beschikbaar. In Emmeloord komt in 2022 circa 40 hectare aan extra werklocaties beschikbaar. Emmeloord is het economisch centrum van de gemeente met een deels regionale functie. Onderwijs, winkelaanbod en zorg zijn in Emmeloord geconcentreerd. Binnen de gemeente Noordoostpolder heeft de agrarische sector een groot aandeel in de werkgelegenheid. Daarnaast is de handel en horeca een grote sector.

18

Op de kleinschalige bedrijventerreinen in de nabijheid van de dorpen en de grotere bedrijventerrein nabij Emmeloord, Urk en Ens zorgen voor werkgelegenheid binnen de polder. De grondgebonden landbouw- en veeteeltbedrijven liggen verspreid over de polder. Landbouwbedrijven voeren de boventoon in de Noordoostpolder. Op de minder vruchtbare gronden zijn veeteeltbedrijven gesitueerd.

Figuur 8: Gewaspercelen Noordoostpolder

Arbeidspotentieel en werkgelegenheid Er is een krapte op de arbeidsmarkt in de Noordoostpolder, deze wordt voor een deel opgevuld door arbeidsmigranten. Arbeidsmigranten zijn met name werkzaam in de agrarische sector. Het onderwijs aanbod en arbeidsmarkt sluiten redelijk op elkaar aan in de Noordoostpolder, dit blijft echter een aandachtspunt. Er is namelijk een overaanbod van werk op lbo niveau. Ook heeft Noordoostpolder een relatief groot deel laaggeletterden. De Noordoostpolder heeft een lagere werkloosheidspercentage dan het Nederlandse gemiddelde en ook lager dan het Flevolands gemiddelde. Tabel 6: Arbeidspotentieel Noordoostpolder 2021 (bron: CBS) Regio Noordoostpolder Flevoland Nederland

Werkloosheidspercentage % 3,5% 4,8% 4,2%

Netto Arbeidsparticipatie % 72,2% 71,4% 70.4%

Autonome ontwikkeling De economie van Noordoostpolder beweegt mee met de landelijke economische ontwikkelingen. De land- en tuinbouw met het aan haar gerelateerd bedrijfsleven kent haar eigen dynamiek die mede afhankelijk is van de internationale ontwikkelingen. De gevolgen van de stikstofproblematiek zijn nog niet te overzien. De agrarische bedrijven in de Noordoostpolder hebben vrijwel allemaal de mogelijkheid om vee te houden, in de praktijk zijn het vrijwel allemaal akkerbouwbedrijven zonder vee. Op verschillende plaatsen in Noordoostpolder zal door inklinking/vernatting van de bodem de huidige manier van agrarische bedrijfsvoering niet meer mogelijk zijn.

19

Het aantal akkerbouwbedrijven zal verder afnemen, de omvang van de bedrijven zal daarentegen toenemen. Een deel van de ondernemers zal zich blijven richten op grootschalige voedselproductie, een ander deel speelt naar verwachting in op nieuwe formules als local for local/eco/bio. De vrijkomende erven zullen een andere invulling krijgen o.a. B&B, kleine ondernemingen, wonen, combinaties van wonen en werken. In 2021 is het provinciaal inpassingsplan voor een maritieme servicehaven vastgesteld. De nieuwe haven komt deels in de gemeente Urk en deels in de gemeente Noordoostpolder te liggen. De provincie is van mening dat een dergelijke nieuwe servicehaven van belang is voor de versterking van de economie van Noordelijk Flevoland. In Marknesse wordt door NLR, DNW en RDW samen met diverse (kennis)partners het kennis- en testcentrum op het gebied van slimme mobiliteit ontwikkeld (MITC). Het kennis- en testcentrum waar voer- en vliegtuigen voor de toekomst worden ontwikkeld en getest. De komst van het MITC is planologisch nog niet onherroepelijk vastgesteld. Het MITC biedt wel kansen om gespecialiseerde bedrijven naar de Noordoostpolder te trekken. Er zijn ook kansen voor economische diversificatie met de komst van de Lelylijn. Maar de krapte op de arbeidsmarkt blijft. Ondernemers moeten meer investeren om hun personeel te ontwikkelen, bijvoorbeeld om robots te programmeren.

Een aantal banen ‘aan de onderkant’ van de arbeidsmarkt, zoals het sorteren en plukken van gewassen is overgenomen door autonome machines en robots.

Bouwstenen voor de Omgevingsvisie -

De economie is dynamische. Ook de akkerbouw, tuinbouw, fruitteelt van de toekomst is een andere dan die van nu. Dit heeft invloed op ruimte en landschap. Voor nieuwe werklocaties is ruimte nodig, in/bij Emmeloord en/of bij enkele dorpen of alle dorpen, wel/niet op de vrijkomende erven. De infrastructuur moet in lijn zijn met de behoeft. Zowel op gebied van openbaar vervoer als op gebied van internet, elektra, water, wegen en fietspaden en openbare ruimte. Opwaarderen van de N50 naar A50 en aanleg/aansluiting op de Lelylijn is noodzakelijk. Bij een groei van het aantal inwoners hoort een evenredige groei van de economie. Hiervoor zijn voldoende werklocaties nodig, zowel kwantitatief als kwalitatief.

-

-

3.3 Recreatie en toerisme Recreatie & Toerisme Schaallat kwaliteitsniveaus ++

Het aanbod van het recreatief aanbod in balans met de vraag

+

Het aanbod voldoet voor één sector niet aan de vraag

+/-

Het aanbod voldoet voor één of meerdere sectoren niet aan de vraag

-

Het aanbod voldoet voor de meeste sectoren niet aan de vraag

--

Het aanbod voldoet voor alle sectoren niet aan de vraag Fase

Beoordeling

Huidige situatie

+/-

Autonome ontwikkeling

+

Toelichting

Er zijn grote trekpleisters zoals Werelderfgoed Schokland, Rijksmonument Waterloopbos, De Orchideeën Hoeve, Wellerwaard en Netl Park. En er is een weids landschap met bos, natuur en erfgoed, voorzien van een uitgebreid fiets- en wandelroutenetwerk. Door betere samenwerking en ontwikkeling van het aanbod, lukt het De Noordoostpolder om te profiteren van de groei van het toerisme in Nederland.

Huidige situatie De Noordoostpolder heeft een unieke ontstaansgeschiedenis en een vernieuwend ontwerp dat je steeds opnieuw ontdekt in het landschap, de natuur, de gastvrijheid en het erfgoed. Het gebied ligt centraal in Nederland, tussen het Friese Merengebied, De Wieden/Weerribben en Zuidelijk Flevoland.

20

Voor bezoekers is er veel te zien, te doen en te beleven in de Noordoostpolder. De gemeente herbergt uitgestrekte natuurgebieden met een grote afwisseling in flora en fauna. Denk aan het Kuinderbos, Voorsterbos en het Rijksmonument Waterloopbos, met het unieke openlucht laboratorium voor waterwerken. Cultuur-historisch is UNESCO Werelderfgoed Schokland als ‘eiland op het droge’ een belangrijke trekpleister, maar ook het unieke architectuurdorp Nagele trekt veel bezoekers. De Noordoostpolder kent maar zeer beperkte waterrecreatie, in de vorm van een drietal kleine jachthavens langs de zuidelijke dijken. Aan de dijken in het westen en noordwesten is er vrijwel geen sprake van waterrecreatie. De Nooroostpolder kent een gevarieerd recreatief aanbod voor verblijfs- en dagrecreatie. Grote attracties zijn bijvoorbeeld De Orchideeën Hoeve en Netl Park. Maar daarnaast kenmerkt de Noordoostpolder zich door vele karakteristieke kleinschalige initiatieven zoals streekboerderijen, pluktuinen, galerieën en unieke verblijfslocaties. Uitgestrekte fiets- en wandelroutes zorgen voor een aantrekkelijk routenetwerk. Er is altijd iets te beleven in de polder, dat komt door de vele evenementen en festivals, zoals Uit-je-Tent, het Pieperfestival, Wildeburg en het Tulpenfestival. De tulpenvelden trekken jaarlijks vele toeristen van over de hele wereld.

Emmeloord is het centrale middelpunt van de Noordoostpolder en kent een aantrekkelijk centrum met een divers winkel- en horeca aanbod. Het gebied is nog relatief onontdekt land. Uit onderzoek uitgevoerd door Bureau Buhrs in 2019 blijkt dat een bezoek aan de Noordoostpolder de (negatieve) associatie van bezoekers verandert en positiever maakt. De gebiedsmarketingcampagne ‘Gemaakt in dé Noordoostpolder’ draagt bij om het verhaal van de Noordoostpolder te vertellen en de associatie positief te beïnvloeden. Op de onderstaande kaart zijn de landelijke en regionale fiets (groen) en wandelroutes (rood) te zien. De grootschaligheid van de Noordoostpolder maakt het een minder aantrekkelijk gebied voor wandelaars. Ook is werelderfgoed Schokland te zien (donkerblauw).

Figuur 9: Landelijke en regionale fiets en wandelroutes

Autonome ontwikkeling Gemeente Noordoostpolder heeft de ambitie het de toeristisch recreatieve sector te ontwikkelen tot een belangrijke economische pijler. Een hoger aantal bezoekers in de Noordoostpolder wordt bereikt door de bekendheid en aantrekkelijkheid van het gebied te vergroten en het unieke verhaal van de Noordoostpolder meer zichtbaarheid en beleefbaar te maken. Bijvoorbeeld door meer ruimte te beiden voor recreatieve initiatieven op vrijkomende erven, zoals beschreven in de huidige structuurvisie. Door de vrijkomende

21

agrarische erven is het aannemelijk dat het aanbod B&B’s in de Noordoostpolder zal toenemen. Naast overnachting beiden de vrijkomende erven ook mogelijkheden voor het vergroten van het recreatief aanbod. Het (al dan niet) openen van Lelystad Airport/komst Lelylijn zal ook invloed hebben op het aantal toeristische bezoeken aan Noordoostpolder. Het door ontwikkelen van fiets en wandelroutes kan ook bijdragen aan meer bezoeken aan de Noordoostpolder. Ook liggen er kansen om het water in en rond de Noordoostpolder te ontwikkelen. Bijvoorbeeld door recreatieve vaarroutes, aanmeerlocaties, horecapaviljoens en dag- en verblijfsrecreatie. Bouwstenen voor de Omgevingsvisie De Noordoostpolder is uniek vanwege de bijzondere ontstaansgeschiedenis en het vernieuwende ontwerp. Versterken en beschermen van het cultuurhistorisch erfgoed zodat het verhaal van de Noordoostpolder beter zichtbaar, herkenbaar en beleefbaar wordt.

3.4 Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid Schaallat kwaliteitsniveaus ++

De ontsluiting is optimaal, OV-aanbod is uitgebreid en sluit aan op de behoefte van inwoners en het netwerk voor fiets en voet is optimaal ingericht.

+

De ontsluiting, OV-aanbod en wegennetwerk voldoen, maar zijn niet volledig passend bij de behoefte

+/-

De ontsluiting, OV-aanbod en het wegennetwerk voldoen op één of meerdere plekken niet bij de behoefte van inwoners.

-

De ontsluiting, OV aanbod en het wegennetwerk voldoet voor de meeste inwoners niet aan de vraag.

--

De ontsluiting, OV-aanbod en het wegennetwerk voldoet voor alle inwoners niet aan de vraag

Fase

Beoordeling

Toelichting

Huidige situatie

+/-

De ontsluiting is redelijk goed geregeld met de directe verbindingen op de A6 en N50. Echter zitten hier knelpunten en zijn ontwikkelingen nodig. Het OV-aanbod is niet overal optimaal en hierdoor zijn de dorpskernen niet goed verbonden met de regio. De Lelylijn is een goede ontwikkeling waar we op inzetten. Het wegennetwerk vraagt om een snelheidsverlaging voor verkeersveiligheid en leefbaarheid, maar kent ook een grote investeringsopgave. Duurzame mobiliteit moet nog een plek krijgen binnen de gemeente.

Autonome ontwikkeling

+

De woningbouwopgave, Lelylijn, nieuwe 30 en de richting die we opgaan met de mobiliteitsvisie geven concrete handvaten welke passen bij de ontwikkeling van de gemeente.

Huidige situatie Bereikbaarheid De Noordoostpolder kenmerkt zich door een hoge verplaatsing van woon-werk verkeer. Er is een vervoerrelatie met de Randstad, Regio Zwolle en het noorden. Het gebied wordt regionaal ontsloten door de rijkswegen A6; richting het noorden en zuiden, en de N50; richting het oosten. Verder kent het gebied veel provinciale Nwegen zoals de N351, N331, N351, N352, N712, N714, N715 en de N718. Deze provinciale N-wegen verbinden de dorpen met elkaar en Emmeloord.

22

De gemeente heeft geen treinverbinding. Wel zijn er meerdere buslijnen aanwezig, welke de dorpen en Emmeloord verbinden met de regio. Emmeloord kent een as, de Noordverbinding richting het centrum is de Espelerlaan, de Oostverbinding; Marknesserweg/Lange dreef, de zuidverbinding de Nagelerstraat, de westverbinding Urkerweg/Korte dreef. Deze komen samen bij De Deel; het centrale plein in Emmeloord. Hier zie je een hoge verkeersintensiteit welke de komende jaren zal toenemen door de woningbouwontwikkelingen binnen de gemeente. Ook in Marknesse, het grootste dorp van de gemeente, zit een knelpunt op de Sluis. Dit is de enige verbinding tussen het noorden en zuiden van het dorp. Hier zit een hoge intensiteit van voet, fiets en gemotoriseerd verkeer. De Noordoostpolder kent een groot buitengebied. Dit gebied wordt ontsloten door erftoegangswegen. Standaard zijn deze wegen 80km/u. Echter past dit niet bij de verblijfsfunctie, de inrichting van de weg en veiligheid van de weggebruikers. Begin van de eeuwwisseling is de gemeente begonnen wegen terug te brengen naar 60km/u. Met als resultaat dat er aan de west- en zuidkant van de gemeente erftoegangswegen van 60km/u te vinden zijn. Hier is na politieke vragen een halt gebracht aan het terugbrengen van de wegen naar 60km/u. Dit heeft op dit moment wel de focus, om het volledige buitengebied terug te brengen naar 60km/u.

Om veiligheid te vergroter en het passend te maken bij de verblijfsfunctie. Het ontwerp van de Noordoostpolder ging uit van kernen op fietsafstand van het voorzieningscentrum Emmeloord. Hierdoor kent de gemeente een fiets netwerk wat langs de verbindingen tussen de dorpen en Emmeloord loopt. De auto heeft echter de hoofdrol overgenomen. Ca 21% van alle verplaatsingen van inwoners gebeurt met de fiets. Daarmee behoren de gemeente tot 1/3 van de groep Nederlandse gemeenten waar het minst wordt gefietst. Bovendien is 40% van de autoritten korter dan 7,5km en 60% korten dan 15km. Vooral de auto heeft in tijd een veel groter bereik. Zie voorbeeldkaartje. Daarnaast ervaren veel inwoners het als minder veilig om te fietsen in het buitengebied, en reizen zij daarom met de auto. Er is in feite sprake van een vicieuze cirkel: de auto is niet alleen een aantrekkelijk alternatief voor de fiets, maar vermindert ook de aantrekkelijkheid van de fiets.

Figuur 10: 30 minuten reistijd vanuit Tollebeek per fiets (links), OV (midden) en auto (rechts) (bron: Keuzenota Mobiliteitsvisie)

Bekende knelpunten voor fiets in Emmeloord zijn de Espelerlaan/Meldestraat, de Boslaan/Peppellaan, Moeras Andijviestraat/Europalaan/Zwin. Voor het buitengebied zijn dit drukke scholierenroutes zoals de Karel Doormanweg, Kleiweg, Luttelgeesterweg, Noordermiddenweg en de Weg van Ongenade. Ook de Sluis in Marknesse is een bekend knelpunt. Voor het gemotoriseerd verkeer is de aansluiting op de A6 een knelpunt. Hier ontstaat filevorming op de afritten. Zowel bij aansluiting 14 (Hannie Schaftweg) als aansluiting 15 (Muntweg). De gemeente staat voor een grote vervangingsopgave van wegen en bruggen. Doordat de Noordoostpolder in één keer is aangelegd zorgt dit ook voor een grote opgave om wegen te vervangen. Hier ligt een grote investeringsopgave.

23

Figuur 11: Buslijnen Noordoostpolder (bron: Mobiliteitsvisie)

Duurzame Mobiliteit De gemeente is aangesloten bij MRAe en via deze concessie worden publieke laadpalen geplaatst voor elektrisch vervoer. Dit is vraaggestuurd en op die manier faciliteert de gemeente laadpalen. Op dit moment heeft de gemeente nog geen visie elektrisch vervoer of vastgesteld beleid. Begin 2023 zal dit worden vastgesteld. De keuze die men moet maken is hoe de openbare ruimte passend moet worden ingericht waarbij elektrisch vervoer genoeg mogelijkheden heeft om op te laden, maar ook of de gemeente aanbod gestuurd laadpalen wil plaatsen. De Noordoostpolder kent nog geen groot deelmobiliteit netwerk. Op dit moment zijn er enkele deelauto’s beschikbaar binnen de gemeente. Autonome ontwikkeling De provincie Flevoland is aangewezen als een van de locaties voor veel nieuwbouw gekoppeld aan de woningbouwopgave. Ook Noordoostpolder levert hierin een bijdrage. De verwachte autonome groei van de gemeente is +3.300 woningen tot 2050. Gekoppeld aan de Lelylijn zijn dit er nog eens +5.000. Dit betekent dat de woningvoorraad potentieel met 40% toeneemt. Deze ontwikkelingen leiden tot meer druk op het gemeentelijke en regionale wegennetwerk. De ontsluiting en ontwikkelingen verdienen daardoor extra aandacht. Het is daarbij belangrijk in goed overleg met de provincie te kijken waar mogelijkheden liggen voor het wegennetwerk.

De Noordoostpolder ervaart de invloed van de Randstad, en ziet ook groei binnen de gemeente. Voor de kern Emmeloord liggen kansen voor het opvangen van stedelijke woonmilieus in hogere aantallen, gekoppeld aan een Lelylijn als hoogwaardige OV-verbinding met de Randstad en het noorden. Bijgaande kaart laat een mogelijke uitwerking zien van het lange termijn OV - netwerk voor de Noordoostpolder. Het polder -assenkruis wordt ingevuld met de verbindende HOV -verbindingen Lelystad -Urk -Tollebeek -Emmeloord -Bant - Groningen, Kampen -Ens -Emmeloord -Tollebeek -Urk en Emmeloord Marknesse - Zwolle. Deze structuur sluit ook aan op het Regionale Toekomstbeeld OV voor Noord -Holland en Flevoland, met planhorizon 2040. Invulling van bijgaande mogelijke uitwerking hangt uiteraard mede af van de keuzes rondom de Lelylijn.

24

Figuur 12: Mogelijke HOV- verbindingen (bron: Mobiliteitsvisie)

De provincie gaat een nieuwe ontsluitingsweg naar Urk aanleggen tussen de Staartweg en Domineesweg, het definitieve tracé moet nog worden vastgesteld, in de onderstaande figuur staat een mogelijk tracé. Voor Noordoostpolder is dit een kans doordat de dorpen Tollebeek, Espel en Creil een betere verbinding krijgen naar de A6. Het wegennet in de gemeente heeft last van de klimaatverandering. Door de vaker voorkomende laagwaterstanden droogt de veenlaag onder wegen uit. Hierdoor zakt de weg in en krijg je veel hobbels en scheuren in de weg. De oplossing is om een volledig nieuwe fundering aan te leggen.

Figuur 13: Mogelijk tracé rondweg Urk

Bouwstenen voor de Omgevingsvisie • • •

Er ligt een grote vervangingsopgave klaar voor de gemeente. Dit betekent dat de gemeente op veel wegen groot onderhoud moet uitvoeren waar niet direct middelen voor zijn. De Lelylijn en verbreding van de N50 geven een impuls aan de ontsluiting van de gemeente, hoe gaat de gemeente deze ontwikkelingen verbinden met het de gemeentelijke wegennet. OV-aanbod zal de komende jaren afnemen en duurder worden door de grote spreiding van het gebied en niet rendabele lijnen voor de OV aanbieder. Hoe gaat de gemeente zorgen dat de dorpskernen voorzien blijven van een goede verbinding met de regio?

25

4 Duurzaamheid 4.1 Energietransitie In het gebruik en het opwekken van energie wordt de komende jaren een transitie doorgegaan. Mondiale klimaatafspraken maken het van belang dat er op nationaal en lokaal niveau slimmer moet worden omgegaan met de energie verbruik. Het totaal bekend energieverbruik van de gemeente Noordoostpolder was in 2017 9874 TJ.1 Energietransitie en warmtetransitie Schaallat kwaliteitsniveaus ++

Hoeveelheid duurzame energie is ruim voldoende om energietransitie te laten slagen en energie te exporteren.

+

Hoeveelheid duurzame energie is voldoende voor eigen gebruik.

+/-

Hoeveelheid duurzame elektriciteit of warmte is niet voldoende voor energietransitie

-

Hoeveelheid duurzame energie is onvoldoende voor eigen gebruik

--

Hoeveelheid duurzame energie is onvoldoende voor de energietransitie. Fase

Huidige situatie

Autonome ontwikkeling

Beoordeling

Toelichting

+/-

Met 89 windmolens en 200ha vergunde zonneparken is de opwek van elektriciteit groot. Warmtetransitie en isolatie gebouwde omgeving gaat langzaam. Wel landelijke proeftuin aardgasvrij in Nagele. Industrie en akkerbouw hebben nog flinke stappen te zetten, glastuinbouw gaat voortvarend door geothermie.

+/-

Warmtetransitie moet gestaag doorgaan om doelen uit Klimaatakkoord te halen. Energieinfrastructuur moet verbeterd. Meer focus op energieopslag en -conversie nodig. Weinig ruimte voor verdere grootschalige energie opwek. Komst 380kV hoogspanningsverbinding Diemen - Ens – Vierverlaten

Huidige situatie Energietransitie De gemeente heeft als ambitie om in 2030 energieneutraal te zijn: net zoveel energie opwekken als er wordt gebruikt. Voor grootschalige opwek van elektriciteit zijn 89 windmolens in bedrijf langs de dijken en op het IJsselmeer (grootste windmolenpark op land in Nederland). Het windpark produceert 1,4 miljard kWh aan elektriciteit. Hiermee wordt 3x zoveel elektriciteit opgewekt als wat er in de Noordoostpolder wordt verbruikt. Verder zijn er voor 250ha aan zonneparken vergund.

1

Regionaal klimaatmonitor

26

Figuur 14: Hernieuwbare energie (Bron: Regionale kilmaatmonitor)

Samen met de andere gemeenten in Flevoland, de provincie en het Waterschap Zuiderzeeland is de RES1.0 vastgesteld. Hierin is het bestaande beleid opgesomd wat tot 2030 moet leiden tot 5,81TWh opgewekte energie. In de RES2.0 (2023) wordt een ruimtelijke potentiestudie gedaan naar verdere mogelijkheden voor grootschalige opwek. Momenteel is windenergie uitgesloten in noordelijke Flevoland. Onlangs heeft provincie Flevoland zonneparken op landbouwgrond uitgesloten. Dit beperkt de mogelijkheden voor grootschalige opwek. Momenteel wordt er gezocht naar een tracé voor een nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Ens en Vierverlaten (Groningen)(zie paragraaf externe veiligheid) Zon op dak blijft mogelijk, maar netcongestie maakt het de komende jaren vrijwel onmogelijk opgewekte elektriciteit aan het net te leveren. In de tussentijd word gekeken naar andere manier om de dakpotentie te gebruiken: zon-thermisch of via omzetting van elektriciteit in bijvoorbeeld waterstof. De netbeheerder vergroot de capaciteit van het elektriciteitsnet zodat er rond 2026 weer voldoende geleverd en teruggeleverd kan worden.2

2

https://www.liander.nl/uitbreiding-netverzwaring-noordelijkflevoland

27

Figuur 15: Windmolens in de Noordoostpolder

Warmtetransitie In de Transitievisie Warmte staat beschrijft hoe de gemeente het Klimaatakkoord wil volgen en in 2050 de gebouwde omgeving aardgasvrij gaan verwarmen. Momenteel is er een landelijke proeftuin in Nagele, waar via een zon-thermische oplossing woningen collectief worden verwarmd. Verder zijn er nog geen concrete plannen in wijken, mede omdat er niet veel bronnen aanwezig zijn. In Emmeloord wordt de haalbaarheid van aquathermie onderzocht en in Luttelgeest en Marknesse de haalbaarheid van geothermie (bestaande bronnen glastuinbouw). Verder wordt de haalbaarheid van uitbreiding van de bestaande (kleine) warmtenetten onderzocht. Waar dit niet mogelijk is zet de gemeente in op hernieuwbaar gas gecombineerd met hybride warmtepompen. De gemeente richt zich momenteel vooral op bewustwording en energiebesparing door isolatie van woningen. Meer dan de helft van de 20.000 woningen komt uit de periode 1945-1980. Nieuwbouw wordt sinds 2020 aardgasvrij uitgevoerd. Veel woningen hebben nog geen geldige energielabel. Vaak zijn dit oudere woningen. Van de 20.000 woningen in de Noordoostpolder hebben er maar 11.290 een geldige label.

Tabel 7 Geldige energielabels

Geldige energielabels woningen 2019 A t/m A++++ B C D E F G

2365 2110 2490 920 785 325 155

2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2119/documents/37417