CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 Programmabegroting 2024-2027.pdf

Commissie Bestuur, Financien, Veiligheid en Economie 30 oktober 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 3: Programmabegroting 2024-2027 (en Aanpassing belasting- en retributieverordeningen 2024)26.519 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Inhoudsopgave Begroting 2024 in het kort .................................................................................................................... 3 Aanbiedingsbrief ................................................................................................................................... 4 Samenstelling College ........................................................................................................................ 12 Samenstelling Gemeenteraad ............................................................................................................ 16 Programma's ........................................................................................................................................ 22 Programma 1 - Fysieke Leefomgeving .................................................................................... 23 Programma 2 - Sociale Leefbaarheid ....................................................................................... 43 Programma 3 - Economische ontwikkeling .............................................................................. 53 Programma 4 - Dienstverlening en Besturen ........................................................................... 65 Programma 5 - Financiën .........................................................................................................

75 Programma 6 - Sociaal Domein ............................................................................................... 81 Paragrafen ............................................................................................................................................ 98 Paragraaf Lokale heffingen ...................................................................................................... 99 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................................... 110 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................ 127 Paragraaf Financiering ........................................................................................................... 137 Paragraaf Bedrijfsvoering ....................................................................................................... 143 Paragraaf Verbonden partijen ................................................................................................ 154 Paragraaf Grondbeleid ........................................................................................................... 170 Openbaarheidsparagraaf Woo ...............................................................................................

180 Begroting ............................................................................................................................................ 182 Overzicht van baten en lasten ................................................................................................ 182 Financieel meerjarenperspectief 2024-2027 .......................................................................... 183 Begrotingsrichtlijnen ............................................................................................................... 184 Overzicht taakvelden .............................................................................................................. 186 Overzicht structurele en incidentele baten en lasten ............................................................. 189 Bijlagen ............................................................................................................................................... 195 Algemene dekkingsmiddelen.................................................................................................. 196 Overzicht reserves .................................................................................................................. 197 Overzicht voorzieningen .........................................................................................................

200 Geprognosticeerde balans ..................................................................................................... 201 EMU ........................................................................................................................................ 202 Investeringen .......................................................................................................................... 203 Arbeidsgerelateerde kosten.................................................................................................... 205 Verplichte indicatoren ............................................................................................................. 206 Subsidieplafonds .................................................................................................................... 225 Vaststelling......................................................................................................................................... 234

Begroting 2024 in het kort

Aanbiedingsbrief Aanbiedingsbrief Voor u ligt de (meerjaren)programmabegroting 2024-2027. De P&C stukken kunt u ook online vinden op: https://noordoostpolder.pcportal.nl/ Inleiding De voorliggende meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 kenmerkt zich door een structureel duurzaam evenwicht in baten en lasten. Of te wel: de begroting is ‘sluitend’ voor alle begrotingsjaren. Bij het opstellen van de perspectiefnota was dat nog geen vanzelfsprekendheid. Door goed te kijken naar de realisatiecijfers van de jaarrekeningen van de afgelopen vier jaren en door onverwachte meevallers, is het ondanks niet voorziene extra lasten gelukt u een duurzaam structureel sluitende meerjarenprogrammabegroting aan te bieden. De grootste positieve financiële afwijking in de begroting is een gevolg van het bijstellen van de algemene uitkering door het Rijk. Voor 2027 valt de algemene uitkering € 2,4 miljoen hoger uit dan eerder door het Rijk gecommuniceerd was. Voor de komende jaren heeft gemeente Noordoostpolder diverse grote(re) en kleine(re) ambities op de agenda staan. Voor een niet onaanzienlijk deel van deze ambities is gemeente Noordoostpolder afhankelijk van het beleid van het Rijk en van de middelen die het Rijk daarvoor beschikbaar stelt. Behoudens nieuwe opgaven en ambities, werken er ontwikkelingen vanuit 2023 door naar de begrotingen voor de komende jaren.

De oorlog tussen Rusland en Oekraïne, energieschaarste, klimaatverandering, het asielzoekersvraagstuk en wonen, zullen een stempel blijven drukken op het takenpakket van gemeenten. Bij de decemberrapportage van 2023 en volgend jaar zullen vervolgeffecten van uit 2023, waar nodig en gewenst, in aanvullingen op de begroting 2024 - 2027 aan de raad aangeboden worden op initiatief van het college dan wel als een uitwerking op een verzoek door u als raad. Zaken die we uitlichten In deze aanbiedingsbrief geven wij een aantal ontwikkelingen weer die opgevallen zijn of bijzondere aandacht verdienen. Het gaat om: 1. Chronologisch verloop van de perspectiefnota 2024 – 2027 + het raadsmemo op de Perspectiefnota 2024-2027 + raadsvoorstel ‘Opties voor aanbieden meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 naar begrotingsresultaten; 2. Begrotingsresultaten; 3. Verwerkte recente interne en externe ontwikkelingen; 4. Ontwikkelingen met positieve of negatieve effecten op de begroting; 5. ‘Ravijnjaar’ 2026; 6. Vermogenspositie 7. Reserve Beleidsplan; 8. Tarieven(beleid), inclusief afvalstoffenheffing; 9. Vooruitblik op de perspectiefnota 2025 – 2028 en de begroting 2025 – 2028; Ad 1.

Chronologisch verloop van de perspectiefnota 2024 – 2027 + het raadsmemo op de Perspectiefnota 2024-2027 + raadsvoorstel ‘Opties voor aanbieden meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 naar begrotingsresultaten Bij de behandeling van de perspectiefnota 2024 – 2027 hebben wij u aangegeven dat rekening gehouden moest worden met de mogelijkheid van een niet structureel duurzaam sluitende meerjarenprogrammabegroting. Als reactie hierop vroeg u aan het college de raad mee te nemen in het proces naar het aanbieden van de begroting. U wilde hiermee positie krijgen om het college een aanvullend kader mee te kunnen geven. Bij de bespreking van de jaarstukken 2022 legde u een relatie met de perspectiefnota 2024 – 2027. Uw vraag was, welke onderdelen van het jaarrekeningresultaat 2022 structureel waren en dus een positief effect zouden moeten hebben op de begroting 2024 – 2027. Bij het opstellen van de nieuwe budgetten zijn de realisatiecijfers van de vier voorgaande jaren betrokken om inzichtelijk te maken of en waar structureel ruimte aanwezig was en of die ruimte ook voor 2024 van toepassing zou zijn en ingezet kan worden Het aandeel van het sociaal domein in de jaarrekening 2022, had daarbij bijzondere aandacht, evenals overhead. Voor de begroting 2024 - 2027 is het structurele aandeel van het sociaal domein in

4

het rekeningresultaat ingezet om de hogere baten voor de begroting 2024 – 2027 te dekken, zonder extra middelenvraag. Voor overhead geldt dat voor deze begroting een groter aandeel doorbelast is aan de grondexploitaties, wat een verlagend effect van de lasten heeft op de begroting. Ook de Hervormingsagenda van het Rijk voor het verbeteringen van de jeugdzorg, heeft een positief effect op het begrotingsdeel van het sociaal domein. De Hervormingsagenda Jeugd bevat een groot pakket maatregelen om de jeugdzorg te verbeteren en financieel houdbaar te krijgen. Ook komt er een aanpassing van de Jeugdwet, waardoor duidelijker wordt waarvoor kinderen en ouders hulp kunnen krijgen. Gemeenten worden verplicht bepaalde specialistische zorg regionaal in te kopen om beschikbaarheid en continuïteit van zorg beter te organiseren. Er zal minder papierwerk en administratie nodig zijn, zodat medewerkers daar zo min mogelijk tijd aan kwijt zijn. Verder zullen wijkteams worden versterkt en moet betere samenwerking met bijvoorbeeld het onderwijs ervoor zorgen dat kinderen en jongeren meer met collectieve voorzieningen worden ondersteund. Uithuisplaatsingen willen we zoveel mogelijk voorkomen en terugdringen. Op de begroting is hiervoor een besparing ingeboekt van € 1,3 miljoen. Of het lukt deze besparing te realiseren, is onzeker voor zowel het tempo als het bedrag.

Na alle gegevens te hebben verwerkt bij het opstellen van de begroting bleek het op basis van de meicirculaire niet mogelijk de raad een structureel duurzaam sluitende meerjarenprogrammabegroting aan te bieden, zonder een aanpassing van het door u vastgestelde kader. Die aanpassing van dat kader hield in dat vanaf 2027 geen rente meer toegerekend zou worden aan de reserve Beleidsplan. Deze beleidsaanpassing zou het begrotingstekort van € 1,7 miljoen opheffen. De plenaire commissievergadering om als raad een extra beoordelings- en besluitmoment te hebben, was 25 september. Het college had u de toezegging gedaan een vijftal opties uit te werken voor de wijze waarop de begroting aangeboden zou kunnen worden aan de raad en u hiervoor een raadsvoorstel voorgelegd. Op vrijdagmiddag 22 september, dus juist vóór de commissievergadering, werden de uitkomsten van de septembercirculaire bekend voor de doorwerking in de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. De tot dan toe berekende structurele begrotingstekorten veranderden in structureel positieve begrotingsresultaten. Als voorbereiding op de behandeling van dit agendapunt in de raadsvergadering van 02 oktober, heeft de plenaire commissie BFE na de presentatie unaniem besloten de raad voor te stellen het raadsvoorstel terug te geven aan het college.

Het argument van de commissie was dat de uitkomst van de septembercirculaire van dien aard is, dat een debat over de vijf opties ‘nutteloos’ zou zijn. De commissie vond een ter plekke als ‘optie zes’ betitelde optie de enige juiste: de optie waarin de septembercirculaire in de begroting verwerkt is. Dit advies nam u over, wat betekent dat de begroting opgesteld is op basis van de septembercirculaire. De door het college voorgestelde beleidswijziging, om vanaf 2027 geen rente meer toe te rekenen aan de reserve Beleidsplan, was daarmee niet meer aan de orde.

5

Ad 2. Begrotingsresultaten In onderstaande tabel zijn de totalen voor de begrotingsresultaten van de perspectiefnota weergegeven, de resultaten op basis van de meicirculaire en de definitieve begrotingsresultaten op basis van de uitkomsten van de septembercirculaire. Omschrijving Gepresenteerd begrotingsresultaat na verwerking meicirculaire in de memo bij de perspectiefnota Voorlopige uitkomst begroting 2024 2027 op basis van structurele baten en lasten per 25 september 2023 Gepresenteerde uitkomsten meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 na verwerking septembercirculaire

2024

2025

2026

2027

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€ 1.700.000-

€

€ 822.000 positief

€ 824.000 positief

€ 814.000 positief

824.000 positief

Ad 3. Verwerkte recente interne en externe ontwikkelingen; Tussen de perspectiefnota die in de raadsvergadering van 10 juli behandeld is en het opstellen van deze begroting, heeft het college onderstaande punten van ingezet beleid uitgewerkt inclusief de bijbehorende middelen, zoals in de perspectiefnota was opgenomen. Voor de duidelijkheid zijn er aparte tabellen opgenomen voor ontwikkelingen met structurele consequenties en voor ontwikkelingen die als incidenteel aan te merken zijn. Structureel Keuze(s) en maatregelen Inflatiepercentage verlagen Begrotingsuitgangspunt hanteren van 50.000 inwoners Groot onderhoud gebouwen/wegen Kostendekkendheid leges Toerekening overhead aan Grondexploitaties Wet inburgering (uren toerekenen)

2024 €

p.m. 380.000

p.m. € 300.000 € 260.000 € 100.000 € 1.040.000

Nieuw opgevoerde punten bij de perspectiefnota Herstraten/asfalteren begraafplaatsen € (kapitaallasten) Herstraten/asfalteren begraafplaatsen € (dekking tarieven) Camerabewakingssysteem gemeentelijke € gebouwen (investering € 120.000) Digitale weerbaarheid op peil houden € 230.000

€

p.m. 380.000

2026 €

p.m. 365.000

2027 €

p.m. 350.000

p.m. € 300.000 € 260.000 € 100.000 € 1.040.000

p.m. € 300.000 € 260.000 € 100.000 € 1.025.000

p.m. € 300.000 € 260.000 € 100.000 € 1.010.000

€

1.600

€

3.200

€

4.800

€

1.600-

€

3.200-

€

4.800-

€

12.000

€

12.000

€

12.000

€

230.000

€

230.000

€

230.000

€

300.000

€

300.000

€

300.000

Noodzakelijk doorontwikkeling naar de Cloud

€

Bedrijfsvoering en personeel (vaste formatie)

€ 2.000.000

€ 2.000.000

€ 2.000.000

€ 2.000.000

Regionale samenwerking sociaal domein en jeugdhulp Flevoland Integraal dashboard Sociaal Domein

€

50.000

€

50.000

€

50.000

€

50.000

€

25.000

€

25.000

€

25.000

€

25.000

Totaal

150.000

2025

€ 2.455.000

€ 2.617.000

€ 2.617.000

€ 2.617.000

6

Incidenteel Renovatie en versterken Kadoelerbrug * Klimaatadaptatie Opgave duurzaamheid Externe veiligheid / omgevingsveiligheid Onderhoud wegen Uitvoeringsagenda Waterloopbos e.o. Renovatie atletiekbaan Voorzien in Vastgoed Arbeidsmarkt en structurele samenwerking met bedrijfsleven Digitale weerbaarheid op peil houden Noodzakelijk doorontwikkeling naar de Cloud Datamigratie Regionale samenwerkingen Bedrijfsvoering en personeel (tijdelijk) Treasury (tijdelijk uitzetten liquide middelen) Regionale samenwerking sociaal domein en jeugdhulp Jeugdzorg – Scheiden zonder schade Huisartsentekort in Noordoostpolder Maatschappelijke instellingen (van structureel naar incidenteel) Totaal

€ € € € € € € €

2024 400.000 60.000 400.000 100.000 100.000 25.000 135.000 p.m. 50.000

2025 € 6.100.000 € € € € € € p.m. € 50.000

€ € € € € € €

2026

2027

€ € € € € € €

€

p.m. 50.000

€

p.m. 50.000

€ 60.000 € 350.000 € 150.000 € 182.717 € 2.000.000 € 2.000.000€ 82.000

€ € € € € € €

250.000 150.000 213.045 82.000

€ € € € € € €

242.938 82.000

€ € € € € € €

259.539 82.000

€ 25.000 € 30.000 € 2.149.717 € 46.500

€ € € 6.845.045 € 93.000

€ € € €

374.938 -

€ € € €

391.539 -

€ 2.196.217

€ 6.938.045

€

374.938

€

391.539

* Voor dat de middelen voor dit doel aangewend mogen worden, krijgt de raad een separaat raadsvoorstel aangeboden. Dat geldt ook voor de starterslening ter grootte van € 1 miljoen. De starterslening waren opgevoerd in de meerjarenprogrammabegroting 2023 – 2026 voor het begrotingsjaar 2023 en zijn doorgeschoven naar begrotingsjaar 2024.

Ad 4. Ontwikkelingen met positieve of negatieve effecten op de begroting Tijdens het opstellen van de begroting lagen de ontwikkelingen van de meeste lasten en baten in de lijn der verwachtingen. Voor een aantal baten en lasten was dat niet het geval en kwamen positieve of negatieve afwijkingen naar voren. Hieronder is een tiental afwijkingen ten opzichte van de perspectiefnota weergegeven. Ontwikkelingen met een negatief effect op de begroting zijn: 1. Groencontract. Als gevolg van hogere inflatie voor loon- en brandstofprijzen voor een nieuw contract: € 408.000 2. Huur/onderhoud Hardware. Als gevolg van inflatie die uitstijgt boven de begrotingsrichtlijn voor inflatiecorrectie en een toename van hardware: € 286.000 3. Abonnementskosten/licenties applicaties en telecommunicatie. Als gevolg van inflatie die uitstijgt boven de begrotingsrichtlijn voor inflatiecorrectie en toename in aantal: € 281.215 4. Voorziening grootonderhoud gemeentelijke gebouwen, inclusief Schokland. Uit de analyse van de herijking van de voorziening voor grootonderhoud, blijken de extra lasten structureel. De middelen die hiervoor bij de jaarrekening 2022 voor de jaren 2024 en verder als incidenteel gereserveerd waren, vallen daarmee vrij in de reserve beleidsplan: € 497.000 5. Voorziening grootonderhoud wegen.

Uit de analyse van de herijking van de voorziening voor grootonderhoud wegen, blijken de lasten structureel. De middelen die hiervoor bij de jaarrekening 2022 voor de jaren 2024 en verder als incidenteel gereserveerd waren, vallen daarmee vrij in de reserve beleidsplan: € 78.000 6. Salarisbegroting. Een effect van een hoger bedrag aan indexatie van salarissen: € 100.000

7

Ontwikkelingen met een positief effect op de begroting zijn: 1. Gemeentefonds. De actualisatie van de maatstaven, aanpassing van het inflatiecorrectiepercentage en het volumeaccres: € 2.400.000 2. OZB (areaaluitbreiding 2022 + 2023). Naar aanleiding van jaarrekening 2022 en kohier 2023 kan de opbrengst naar boven bijgesteld worden: € 607.000 3. Toerekening overhead aan grondexploitaties. Als gevolg van het meer toerekenen van salariskosten aan grondexploitaties en een gewijzigde verhouding voor overhead als gevolg van groter aandeel inhuurmedewerkers die direct toegerekend wordt aan de producten: € 740.000 4. Toeristenbelasting. Het was de verwachting dat de opbrengst toeristenbelasting zou afnemen vanwege het inschrijven van arbeidsmigranten in de basisregistratie personen (BRP). Een analyse leert dat zowel de inschrijvingen in het BRP als het aantal verblijven voor de toeristenbelasting toeneemt als gevolg van het aantal arbeidsmigranten € 300.000 Ad 5. ‘Ravijnjaar’ 2026 Als gevolg van een nieuwe bekostigingssystematiek krijgen gemeente per 2026 minder algemene uitkering. Voor een deel repareert het Rijk dat door gemeenten incidenteel geld te geven. De uitkering per 2026 is zoveel lager dan 2025, dat 2026 in gemeenteland als Ravijnjaar betiteld wordt.

De oorzaak van de lagere uitkering wordt gevonden in de gewijzigde berekening van het accresdeel (= aangroeideel) van de algemene uitkering. Hoe de financiering van gemeenten er vanaf 2026 uitziet, is nog niet duidelijk. Mogelijk krijgen gemeenten de beschikking over een groter eigen belastinggebied, maar daarover is nog weinig bekend. Gemeenten weten dit al een aantal jaren en gaan verschillend om met het verval per 2026. Een gemeente moet begroten volgens het principe dat structurele lasten gedekt worden door structurele baten. Dat betekent dat wanneer de baten in het laatste jaar van de begroting (2027) het laagst zijn van alle begrotingsjaren van de voorliggende begroting, dat laagste niveau ook geldt voor het eerste begrotingsjaar (2024). Immers in 2024 kan niet voor meer aan verplichtingen aangegaan worden dan dat er in 2027 aan structurele baten ontvangen wordt. Gemeenten hebben voor hun begrotingen verschillende manieren gehanteerd voor het omgaan met het lagere niveau van de algemene uitkering per 2026. Zo zijn er gemeenten die bezuinigd hebben om hun begroting structureel in evenwicht te houden. Andere gemeenten hebben niets gedaan en het niveau tot en met 2025 ook aangehouden voor 2026 en verder.

De ene gemeente heeft dat gedaan in de hoop of verwachting dat het Rijk alsnog zou terugkomen op de verlaging en een andere gemeente heeft dat gedaan omdat zij hiermee een signaal zouden willen afgeven aan het kabinet. Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft zich in deze discussie gemengd en gemeenten geadviseerd hun begroting van 2024 – 2027 ‘sluitend’ aan te bieden voor 2024 en 2025 en voor 2026 en 2027 met een tekort, als dat van toepassing zou zijn. Gemeente Noordoostpolder heeft het beleid om het Besluit Begroting en Verantwoording aan te houden en een structureel duurzaam sluitende begroting vast te stellen voor alle begrotingsjaren. Vandaar dat gemeente Noordoostpolder het fenomeen Ravijnjaar niet kent, want het begrotingssaldo van 2026 is bij het opstellen van de meerjarenbegroting 2023 – 2026 als laagste structurele niveau van de baten gehanteerd voor het niveau van de lasten. Anders gesteld: gemeente Noordoostpolder heeft vorig jaar reeds geanticipeerd op de lagere algemene uitkering per 2026. Ad 6. Vermogenspositie Gemeenten, zo ook Noordoostpolder, hebben moeite om hun meerjarenbegroting structureel duurzaam sluitend te krijgen, met in achtneming van de taken die het Rijk bij gemeenten belegd heeft en voor de eigen ambities.

Tot en met 2025 heeft het Rijk extra uitgaven begroot, waarvan gemeenten nog meeprofiteren vanwege de relatie tussen Rijksuitgaven en de het niveau van de algemene uitkering. In verband met de nieuwe financieringssystematiek van het Rijk voor gemeenten stopt die relatie per 2026. Door de trap-op/trap-af systematiek hebben gemeenten de laatste jaren extra (=incidenteel) geld gekregen, wat tussentijds per begrotingsjaar ook nog werd en wordt bijgesteld, in positieve zin. Deze incidentele middelen hebben bijgedragen aan de positieve rekeningresultaten en vermogenspositie. Een andere ontwikkeling sinds enkele jaren is dat het Rijk gemeente extra incidenteel geld geeft om problemen en crises op te lossen, waarbij er niet een directe relatie lag en ligt met de lasten. Te denken valt aan Covid-19 en aan de opvang van Oekraïners. Het Rijk heeft voor

8

deze wijze van financieren gekozen om administratieve lasten te besparen, zowel voor het Rijk als voor gemeenten. Voor de vermogenspositie dient onderscheid gemaakt te worden tussen de verschillende soorten reserves. De hoofdindeling is: algemene reserve, bestemmingsreserve en het vrije deel van de algemene reserve in de vorm van de reserve Beleidsplan. De raad heeft aan de bestemmingsreserves al een bestemming gegeven en zijn niet meer vrij in te vullen, tenzij de raad de bestemming nog kan en wil wijzigen. Daar is dan een nieuw raadsbesluit voor nodig. De functie van de reserve Beleidsplan is het dekken van lasten van ambities met een eenmalig karakter of ambities die een langjarig karakter hebben, maar door de aard van de investering als eenmalig aangemerkt kunnen worden. Een voorbeeld hiervan is een afschrijvingsreserve. Door de reserve Beleidsplan efficiënt en effectief in te zetten, wordt beoogd het effect van de (te) lage structurele algemene uitkering van het Rijk zoveel mogelijk op te heffen. De lagere algemene uitkering per 2026 en het opdrogen van de incidentele middelenstroom van uit het Rijk die totnogtoe toegevoegd worden aan de reserve Beleidsplan betekenen een inperking van de structurele middelenstroom van gemeente Noordoostpolder en daarmee als een inperking van de voeding van de reserve Beleidsplan.

Het is goed om hier rekening mee te houden, omdat gemeente Noordoostpolder nog een aantal ambities heeft in de vorm van investeringen, die nog niet in de begroting of door een beslag op de reserve Beleidsplan financieel vertaald zijn of ambities en investeringen die nog een onzekerheid kennen. Ad 7. Reserve beleidsplan De reserve Beleidsplan is de reserve waar het surplus op de algemene uitkering in ondergebracht wordt. De voeding van deze reserve vindt plaats door toevoeging van rente en positieve jaarrekeningresultaten. Periodiek kunnen van uit andere bestemmingsreserves niet meer benodigde of vrijgevallen delen overgebracht worden naar de reserve Beleidsplan. Gemeente Noordoostpolder heeft het beleid dat de benodigde lasten van ambities die incidenteel van aard zijn, te dekken door een onttrekking aan de reserve Beleidsplan. Op basis van de programmabegroting 2024 – 2027 is de stand van de vrije ruimte na het verwerken van alle mutaties voor de jaren 2024 tot en met 2027 € 23.762.387. Tabel: Ontwikkeling bruto stand reserve Beleidsplan (financiële positie) en de vrije ruimte daarin. Omschrijving Startpositie meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 Waarvan vrije ruimte

2024 € 38.448.416

2025 € 33.494.796

2026 € 29.092.449

2027 € 23.762.387 € 23.762.387

Ad 8. Tarieven gemeentelijke heffingen De heffingen, waarbij de gebruiker betaalt voor een voorziening of dienst, zijn gebaseerd op het beleid van kostendekkende tarieven. De OZB-tarieven stijgen met +3,9% als gevolg van de inflatiecorrectie die het Rijk hanteert voor het bepalen van het rekentarief WOZ 2024. De OZB wordt berekend naar een percentage van de WOZ-waarde van de onroerende zaak. De WOZ-waarde die voor het belastingjaar 2024 geldt, heeft als waardepeildatum 1 januari 2023 en is voor woningen ten opzichte van 1 januari 2022 gemiddeld met +7,2% gestegen. Bij de niet-woningen is ten opzichte van vorig jaar sprake van een waardestijging van gemiddeld +1,05%. Bij de categorie agrarische objecten is er een waardedaling van gemiddeld -1,5%. De categorie courante niet-woningen (o.a. winkels en kantoren) laat een waardestijging zien van gemiddeld +0,13%. Als gevolg van het toegepaste correctiecijfer voor de inflatie en de lichte waardestijging van de niet-woningen zijn de tarieven licht gestegen ten opzichte van 2023. De tarieven voor de afvalstoffenheffing waren voor 2022 niet kostendekkend en dat is ook voor de tarieven voor 2023 het geval. De reden hiervoor was tweeërlei: de afvalinzamelaar en -verwerker gaf voor de jaren 2022 en 2023 een ingroeikorting als gevolg van een nieuwe dienstverleningsovereenkomst en u besloot huishoudens een korting op de tarieven te geven.

9

Gemeente Noordoostpolder kent voor de afvalstoffenheffing drie tarievensoorten: • het vastrecht eenpersoonshuishoudens; • het vastrecht meerpersoonshuishoudens, en; • het variabele tarief. Het vastrecht is een vast bedrag dat elk huishouden moet betalen. Het variabele tarief is afhankelijk van het aantal keren dat een minicontainer met restafval aan de weg gezet wordt of van het aantal keren dat er restafval in de ondergrondse container gestort wordt. Voor 2024 stijgt de afvalstoffenheffing voor zowel meerpersoonshuishoudens als éénpersoonshuishoudens met +4,9%. Het tarief voor een meerpersoonshuishouden wordt € 386,80 (was € 368,77) en voor een éénpersoonshuishouden € 328,77 (was € 313,44). Het basistarief rioolheffing voor 2024 bedraagt € 180,84 (was € 174). Dit is een stijging met +3,9%, die noodzakelijk is om de kosten te kunnen dekken (watertakenplan en kostendekkingsplan). Voor het belastingjaar 2024 doen zich geen noemenswaardige wijzigingen voor ten aanzien van het kwijtscheldingsbeleid. De tarieven voor leges voor 2024 zijn trendmatig verhoogd met +3,9%. Voor zowel het rijbewijs als de diverse reisdocumenten gelden wettelijk maximumtarieven. De nieuwe tarieven voor 2024 zijn op dit moment nog niet bekend. De voorlopige tarieven, gebaseerd op 2024 zijn wel in de legesverordening en de daarbij behorende tarieventabel vermeld.

Nadat de wettelijke maximumtarieven voor 2024 zijn bekend gemaakt, worden de nieuwe tarieven voor 2024, indien deze afwijken, in de tarieventabel behorende bij de legesverordening, aangepast. Dat is een bevoegdheid van het college. Met ingang van 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. De tarieventabel behorende bij de Legesverordening 2024 is zodanig ingericht dat rekening gehouden is met de Omgevingswet. Ook de tarieven voor Liggeld (woonschepen), lijkbezorgingsrechten (kostendekkend), marktgelden, reclamegelden en de toeristen- en watertoeristenbelasting zijn met +3,9% verhoogd. Ad 9. Vooruitblik op de perspectiefnota 2025 – 2028 en de begroting 2025 – 2028; In de perspectiefnota 2024 – 2027 is vanwege het zich ontwikkelende tekort, het opvoeren van een aantal ambities uitgesteld. Voor een aantal andere ambities is aangegeven dat nader onderzoek en onderzoeksbudget nodig is om te bepalen wat er nodig is voor het realiseren van die doelen wat het daarvoor benodigde budget of investering is. Dat gaat soms om kleine(re) bedragen en in andere gevallen om grote(re) bedragen. De ambities die niet opgevoerd zijn, de posten waarvoor in deze begroting alleen een onderzoeksbudget meegenomen is voor nieuw te formuleren beleid en voor een aantal investeringen, zullen in de integrale afweging van de perspectiefnota 2025 – 2028 (op)nieuw beoordeeld worden.

Voorbeelden hiervan zijn Werelderfgoed/cultuurhuisvesting, Voorzien in Vastgoed, duurzaamheid/ energietransitie, meerjaren investeringsplan sportaccommodaties, klimaatadaptatie, visie ‘Vervanging Infrastructuur’, visie buitenwegen en doorstart (herformulering opdracht) in verband met afstemming met Omgevingsvisie/-programma's en Mobiliteitsplan, Uitvoeringsagenda Waterloopbos e.o., Arbeidsmarkt en structurele samenwerking met bedrijfsleven, digitale weerbaarheid op peil houden, noodzakelijk doorontwikkeling naar de Cloud, datamigratie en regionale samenwerkingen. Het college heeft de raad toegezegd om een memo met de procesopzet voor de totstandkoming van de perspectiefnota 2025 – 2028 tijdig te verzenden, zodat de raad dit, waar nodig, ook kan betrekken bij de behandeling van deze meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027.

10

Slot Het proces naar de oplevering en het aan u aanbieden van de meerjarenprogrammabegroting kenmerkte zich door een aantal onzekerheden die we deels vooraf kenden en deels ook niet. Het lastigste onderdeel was dit jaar wederom het bepalen van de hoogte van de algemene uitkering. De momenten waarop het Rijk daarover duidelijkheid geeft, sluiten niet aan bij de behoeften van gemeenten om hun begroting op een ordentelijke manier op te stellen en de raad weloverwogen keuzen te kunnen laten maken. Het uitgangspunt van het college is daarbij steeds om geen onomkeerbare beslissingen te nemen, dan wel aan u voor te leggen, wanneer er tekorten dreigen. Tot slot wil het college nog aanhalen, tevreden te zijn over de prettige samenwerking met de raad naar de totstandkoming van deze begroting.

Burgemeester en wethouders van Noordoostpolder, de secretaris, de burgemeester,

11

Samenstelling College

Het college van burgemeester en wethouders vormt het dagelijks bestuur van de gemeente en handelt binnen de door de raad vastgestelde kaders. Het college telt 5 personen, de burgemeester en 4 wethouders. Het college vergadert elke dinsdagmorgen. De vergaderingen van het college zijn niet openbaar. Wat het college in die vergaderingen heeft besproken en besloten leest u in de openbare besluitenlijsten.

12

Burgemeester Roger de Groot

Portefeuille:  Algemene, ambtelijke en bestuurlijke aangelegenheden  Openbare orde en veiligheid  AZC  UNESCO siteholderschap  Public affairs & (Inter)regionale betrekkingen (waaronder lobby Lelylijn, N50)  Gebiedsmarketing  Overheidsparticipatie  IGW  Project Dienstverlening

Wethouder Toon van Steen

Portefeuille:  Bouwen en wonen o Volkshuisvestingsbeleid  Ruimtelijke Ordening  Vernieuwing wijken en dorpen o Stads- en dorpsvernieuwing o Herinrichting / inbreiding  Grondbeleid & grondexploitaties o Grondexploitaties o Kavelverkoop / grondaankoop  Stadshart Emmeloord  Programma Omgevingswet  Project Dokter Jansenpark  Cultuur & erfgoed (inclusief cultuurhuisvesting en Schokland) o Kunst, cultuur en bibliotheek o Erfgoed  Dorpen: Marknesse, Kraggenburg, Luttelgeest

13

Wethouder Sacha Werkman

Portefeuille:  Financiën  WMO en volksgezondheid  Toegang sociaal domein  Welzijn  Recreatie en toerisme  Toezicht & handhaving  Voorzien in Vastgoed  Project Zorgplein  Wijken Emmeloord

Wethouder Linda Verduin

Portefeuille:  Economie en bedrijvigheid  Markten  Onderwijs o Onderwijstaken, volwasseneneducatie en onderwijshuisvesting o Kinderopvang en peuteropvang  Participatiewet o Re-integratiebeleid o Uitstroombevordering o Sociale werkvoorziening  Jeugdzorg o Jeugdzorgbeleid o Jeugdzorg  Taalbeleid  Project MITC  Project VO Campus  Project Grip op het sociaal domein  Dorpen: Bant, Creil, Rutten, Espel

14

Wethouder René van Amersfoort

Portefeuille:  Sport & bewegen o Bevorderen sport en bewegen  Energie, duurzaamheid, milieu en afval o Duurzaamheid/milieu o Energietransitie o Afvalinzameling  Mobiliteit & infrastructuur o Infrastructuur (wegen) o Bereikbaarheid en mobiliteit (inclusief Openbaar Vervoer)  Beheer en onderhoud openbare ruimte o Openbare ruimte en Groen(beheer)  Armoedebeleid  Inburgering en minderhedenbeleid  Gebiedsvisie Waterloopbos  Project Bosbad  Dorpen: Nagele, Ens, Tollebeek

15

Samenstelling Gemeenteraad De gemeenteraad wordt rechtstreeks gekozen door de inwoners. Daarmee vertegenwoordigen de 29 raadsleden de inwoners van Noordoostpolder. De gemeenteraad stelt de grote lijnen vast (kaders voor het beleid), neemt de beslissingen over de belangrijkste plannen voor Noordoostpolder en controleert of het college de maatregelen uitvoert zoals de gemeenteraad heeft besloten. De gemeenteraad wordt ondersteund door de raadsgriffie. De gemeenteraad vergadert doorgaans op een maandagavond 19.30 uur in het gemeentehuis. Deze vergaderingen zijn openbaar. Het vergaderrooster vindt u op de website raad.noordoostpolder.nl . De agenda's en de opnames van de vergaderingen kunt u daar ook downloaden, evenals de achterliggende voorstellen. Wilt u contact opnemen met één van de plaatselijke politieke partijen? Op de website van de gemeenteraad vindt u alle contactgegevens.

16

17

18

19

20

21

Programma's

22

Programma 1 - Fysieke Leefomgeving Programma omschrijving Dit programma gaat over de zorg voor de fysieke leefomgeving. Programma doelstelling Een bruisende, veilige en duurzame leefomgeving.

Portefeuillehouder Roger de Groot

Portefeuille Openbare orde en veiligheid IGW

Toon van Steen

Bouwen en Wonen Ruimtelijke Ordening Vernieuwing wijken en dorpen Grondbeleid & grondexploitaties Stadshart Emmeloord Programma Omgevingswet Project Dokter Jansenpark

Sacha Werkman

Toezicht en handhaving Project Zorgplein

René van Amersfoort

Energie, duurzaamheid, milieu en afval Mobiliteit & infrastructuur Beheer en onderhoud openbare ruimte

Wat zijn de belangrijkste trends en ontwikkelingen? Invoering van de Omgevingswet De Omgevingswet is een nieuwe wet voor de fysieke leefomgeving. Hij treedt op 1 januari 2024 in werking. De Omgevingswet vraagt een andere manier van werken van de gemeente: meer integraal, meer afwegingsruimte voor bestuur, flexibiliteit in de aanpak (maatwerk) en denken in mogelijkheden (ja mits gedachte). En ook: versnellen en vergemakkelijken van besluitvorming én meer aandacht voor participatie.

23

In 2024 werken we conform de eisen uit de dan vigerende Omgevingswet:  Rond de daadwerkelijke invoering van de Omgevingswet bieden we intern en extern extra ondersteuning aan initiatiefnemers en medewerkers.  Medio 2024 ronden we de Omgevingsvisie af. In de Omgevingsvisie komt de strategie voor ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving op de lange termijn.  In 2024 vertalen we de Omgevingsvisie in omgevingsprogramma’s. Met als doel de uitgangspunten en ambities uit de Omgevingsvisie om te zetten naar maatregelen en concrete acties.  In 2024 werken we voor het eerst met het omgevingsplan. Het omgevingsplan vervangt de huidige bestemmingsplannen. In het omgevingsplan staan regels over de gehele fysieke leefomgeving. Daarmee heeft het een bredere reikwijdte dan de huidige bestemmingsplannen. Het gaat dan bijvoorbeeld om woningbouwlocaties en bedrijventerreinen. Het omgevingsplan is het toetsingskader voor omgevingsvergunningen.  Alle initiatieven waarover een ruimtelijk besluit nodig is, behandelen we via het nieuwe integrale werkproces. Het fysieke en sociale domein komen daarin samen. Participatie heeft een belangrijke plek, evenals het denken in kansen en mogelijkheden.  Door middel van het nieuwe integrale werkproces kunnen we sneller dan voorheen de formele vergunningverlening verzorgen (veelal 8 weken in plaats van 26 weken). We zetten ons hiervoor in.

 We gaan door met het aanbieden van opleiding en trainingen voor medewerkers, als dat nodig en wenselijk is.  Voor het handhaven van het ambitieniveau 'leidende principes' is een budget beschikbaar van € 750.000 per jaar (dit is inclusief het gemis aan leges als gevolg van de invoering van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen).  Voor het actualiseren van het nieuwe landelijke register externe veiligheidsrisico’s (REV) stellen we € 100.000 beschikbaar. Invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is een nieuwe wet voor de toetsing van en het toezicht op bouwwerken bij het verlenen van omgevingsvergunningen. Deze wet gaat naar verwachting stapsgewijs in op 1 januari 2024. De veranderingen uit de Wkb gelden (naar verwachting) tot en met 2028 alleen voor eenvoudige bouwwerken. Dit zijn bijvoorbeeld eengezinswoningen en kleinere bedrijfspanden. Daarna volgen de andere bouwwerken. Hierdoor kunnen bouwbedrijven en gemeenten stap voor stap ervaring opdoen met het nieuwe toezicht in de bouw. Met deze wet wordt de preventieve toetsing van een bouwwerk door de gemeente vervangen door een toetsing op de bouwplaats. Die toetsing gebeurt door een kwaliteitsborger (een onafhankelijke partij). De vergunningplicht verandert voor bouwwerken die vallen onder de Wkb daarbij in een meldingsplicht.

Ontwikkelingen woningmarkt De afgelopen jaren is het aantal te koop staande woningen in de gemeente afgenomen. Prijsstijgingen zijn ook in onze gemeente aan de orde; onder € 200.000 is vrijwel niets meer te koop en de duurdere segmenten worden duidelijk groter. Er is een landelijk woningtekort. Dit heeft mede te maken met problemen rondom gestegen bouwkosten, stikstof en personeelstekort in de bouwsector. Dit is ook merkbaar in onze gemeente. Daarnaast is er sprake van een bevolkingsgroei. Dit komt onder andere door de toename van bijzondere doelgroepen (waaronder vluchtelingen, statushouders en arbeidsmigranten). Vanuit Flevoland en vanuit Regio Zwolle ligt de vraag om, naast onze autonome groei, bij te dragen aan het oplossen van het woningtekort. Hat accent op wonen is veranderd; van een woonhuis naar een leefhuis. Een huis moet ook mogelijkheden bieden om te kunnen werken, te vergaderen, te relaxen en zorg te ontvangen. De afstand tussen werk en woning lijkt minder van belang te zijn.

24

Bouwen aan een samenleving Wonen is meer dan een huis, het gaat om leefbaarheid én wonen. Leefbaarheid geeft aan hoe goed de omgeving aansluit bij onze wensen en eisen. Het bouwen aan een leefbare en toekomstbestendige samenleving vraagt nadrukkelijker aandacht dan voorheen. Diverse thema’s zijn aan leefbaarheid verbonden. Zoals een gezonde en fijne woonomgeving, goed economisch klimaat, sociale inclusie, wonen met zorg, voorzieningen, bereikbaarheid (Lelylijn/N50), etc. Het fysieke en sociale domein komen hier bijeen. Klimaatverandering Het klimaat verandert. Dit betekent in de toekomst: hogere temperaturen, een sneller stijgende zeespiegel, nattere winters, heftigere buien en kans op drogere zomers. De kans op wateroverlast en gezondheidsproblemen door oververhitting, neemt dan toe. We willen onze bewoners ook in de toekomst laten wonen en werken in een veilige, gezonde én groene omgeving. Het klimaatbestendig inrichten vraagt om ruimte in nieuwe en bestaande wijken en de noodzakelijke investeringen. Inmiddels loopt ons water- en bodemsysteem tegen haar grenzen. Het vraagt om een samenhangende aanpak bij het omgaan met wateroverlast en droogte. We moeten water meer de ruimte geven en inzetten op stedelijk groen door de bodem zo weinig mogelijk af te dekken en te zorgen voor een goede bodemkwaliteit. We sturen op water en bodem.

Om daaraan de gevraagde sturing te geven heeft het Rijk de “Maatlat voor een klimaat adaptieve groene gebouwde omgeving” opgesteld. Deze maatlat geeft aan overheden en de bouwsector duidelijkheid hoe we klimaatbestendig moeten bouwen in het veranderende klimaat. Het Rijk werkt daarbij toe naar een minder vrijblijvende aanpak. Voor nu is de maatlat nog geen wettelijke verplichting, maar het Rijk verkent de mogelijkheden voor een juridische borging. Energietransitie Vanuit het Klimaatakkoord zetten we ons in om de energietransitie plaats te laten vinden. Doel is het reduceren van CO2 uitstoot. Congestie op het elektriciteitsnet vergroot deze uitdaging. Vooral bedrijven hebben hier last van. Sommige bedrijven proberen door innovaties en experimenten de netcapaciteit het hoofd te bieden. Zij vragen medewerking van de gemeente. Dit is vaak nieuw terrein waar nog geen beleid voor bestaat. Netbeheerders werken tegelijkertijd aan het vergroten van de netcapaciteit, onder andere door extra infrastructuur aan te leggen. Voorbeelden zijn de verzwaring aan het middenspanningsnet door Liander en de plannen van EZK en TenneT voor extra hoogspanningslijnen van en naar het verdeelstation Ens. De hoge energieprijzen zorgen voor problemen bij huishouders, ondernemers en maatschappelijke organisaties.

Energie besparen, overstappen op duurzame bronnen en innovatie zijn oplossingen, maar deze zijn vaak lastig financierbaar. De rijksoverheid heeft hier instrumentarium en middelen voor, zoals het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) als onderdeel van het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW). Hierdoor groeit het takenpakket van de gemeente. Er is grote schaarste aan menskracht om de energietransitie uit te voeren. Dit geldt voor de overheid, het bedrijfsleven en netbeheerders. Hierdoor lopen projecten regelmatig vertraging op. Circulaire economie Het Rijk streeft naar een volledig circulaire economie in 2050, met als tussendoel 50% minder verbruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) in 2030. En onze provincie wil dat Flevoland in 2030 bekend staat als grondstoffenleverancier voor de circulaire economie. Om deze doelen te bereiken, komen er landelijke en provinciale transitieagenda’s met concrete programma’s op het gebied van biomassa & voedsel, kunststoffen, maakindustrie, bouw en consumptiegoederen. Meer aandacht voor kwaliteit van de natuur Er is steeds meer aandacht voor behoud en versterking van de biodiversiteit. Daarnaast zijn de stikstofopgave en de bodem- en waterkwaliteit aandachtspunten geworden. Niet alleen in de Noordoostpolder, maar ook provinciaal, landelijk en internationaal.

Er liggen kansen om de natuur en de biodiversiteit te behouden en versterken. Bijvoorbeeld door meer variatie en meer verbindingen te maken in (openbaar) groen. Daarnaast ontwikkelt de landbouw zich richting een toekomstbestendige

25

bedrijfstak, met aandacht voor het bedrijfsmodel maar ook met aandacht voor een evenwichtig gebruik van natuurlijke bronnen. In de afgelopen jaren zijn programma’s en plannen gemaakt, zoals het Deltaplan Biodiversiteitsherstel en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). In 2024 volgt daaruit het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (FPLG). Gemeente Noordoostpolder voedt de provincie met kennis van en ervaringen met ons gebied. Zo wordt bepaald welke maatregelen nodig zijn. Of en hoeveel middelen voor de Noordoostpolder beschikbaar komen, is nog niet bekend. Cofinanciering vanuit gemeente is hierbij wel een vereiste. Meer behoefte aan toezicht en handhaving in de openbare ruimte In onze veranderende samenleving stijgt de vraag naar toezicht en handhaving in de openbare ruimte. Denk aan afval(dumpingen), Mulderfeiten (o.a. parkeren van recreatievoertuigen) en jongerenoverlast. Daarom wordt steeds vaker een beroep gedaan op de buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s). Hun plek in het veiligheidsbeleid, de samenwerking met de politie en hun eigen veiligheid, vragen daarbij serieuze aandacht. Landelijk wordt gewerkt aan het herijken van het beleid voor de boa’s. Toepassing Wet Bibob wordt uitgebreid Met de invoering van de Omgevingswet, zal het toepassingsbereik van de wet Bibob (een wet die gemeenten helpt om criminele activiteiten uit te sluiten) worden uitgebreid.

Gemeente Noordoostpolder hanteert de Wet Bibob als instrument bij de aanpak van ondermijning (het vermengen van onder- en bovenwereld). Verplichtend karakter van de brandweer Landelijk is er de laatste jaren discussie over het huidige brandweerstelsel, dat gebaseerd is op een combinatie van vrijwillige en beroepsbrandweer. Elementen uit de rechtspositie van de brandweervrijwilligers blijken in strijd met Europese regelgeving en met jurisprudentie van het Europese hof van Justitie. Hierdoor kan de huidige situatie niet ongewijzigd in stand blijven. Landelijke besluitvorming op dit dossier blijft nog uit. Het is nog niet duidelijk wat de exacte impact zal zijn op de Veiligheidsregio Flevoland en de gemeente Noordoostpolder – zowel organisatorisch als financieel. Reguliere bedrijfsvoering Inzameling huishoudelijk afval Afval van bewoners wordt huis-aan-huis opgehaald. Daarnaast kunnen inwoners hun afval wegbrengen naar de milieustraat. De gemeente biedt deze voorzieningen aan. Dat is een wettelijke taak. Vanzelfsprekend werken wij ook in de komende jaren door aan het verminderen van restafval en aan het verbeteren van de afvalscheiding. De aandacht ligt daarbij steeds meer op afvalscheiding, hergebruik en circulariteit.

Inrichting en beheer openbare ruimte Groenvoorzieningen, wegen, bruggen, waterpartijen, bossen, riolering en alles wat daarbij hoort (straatverlichting, verkeersborden etc.) zijn onderdelen van de openbare ruimte. De gemeente legt die voorzieningen aan en onderhoudt ze. Maatregelen treffen ten behoeve van de verkeersveiligheid Samen met andere partijen maken we verkeersdeelnemers bewust van veiligheid in het verkeer. Bijvoorbeeld door verkeersexamens voor scholieren met Veilig Verkeer Nederland en overleg met de ouderenbonden. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor een veilige inrichting van de infrastructuur en worden er jaarlijks verbeteringen doorgevoerd ten behoeve van de verkeersveiligheid. Regisseren van het lokale veiligheidsbeleid Als gemeente regisseren we het veiligheidsbeleid. We werken daarbij nauw samen met partners op het gebied van veiligheid, zorg en ondermijning. Dat doen we lokaal, maar ook in regionaal verband zoals in het Zorg- en Veiligheidshuis, de Veiligheidsregio Flevoland en met het Regionaal Informatie en Expertise Centrum. Met onze eigen boa’s en gebiedsregisseurs hebben we “ogen en oren” in de

26

wijk. We kunnen daardoor snel (signalen van) overlast oppakken en aanpakken. Dat doen we in nauwe samenwerking met de wijkagenten en jongerenwerkers. Doorlopend besteden we aandacht aan preventie, bijvoorbeeld door informatie te geven over woninginbraak of middelengebruik. Indien nodig zetten we het bestuurlijk instrumentarium in om overlast en/of criminaliteit aan te pakken. Uiterlijk begin 2024 zal aan de gemeenteraad het nieuwe integraal veiligheidsbeleid worden voorgelegd ter vaststelling. Crisisbeheersing Onder regie van de veiligheidsregio bevorderen we de fysieke veiligheid van onze inwoners. De veiligheidsregio zet met het ’Regionale beleidsplan 2021-2024’ de koers van de afgelopen jaren voort. Vergunningen verlenen, toezicht houden en handhaven openbare orde en veiligheid Wij behandelen vergunningen en houden toezicht op naleving van regels die de openbare orde en veiligheid beschermen, zoals de regels uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Ook behandelen we aanvragen voor verschillende soorten activiteiten (evenementen, horeca, etc.). Het (laten) opstellen van het eerste (deel)omgevingsplan In 2024 werken we voor het eerst met het omgevingsplan. We blijven hier doorlopend aan werken. Het omgevingsplan vervangt de huidige bestemmingsplannen. In het omgevingsplan staan regels over de gehele fysieke leefomgeving.

Daarmee heeft het een bredere reikwijdte dan de huidige bestemmingsplannen. Het gaat dan bijvoorbeeld om woningbouwlocaties en bedrijventerreinen. Het omgevingsplan is meestal het toetsingskader voor omgevingsvergunningen. Omgevingsvergunningen verlenen, toezicht houden en handhaven Voor het bouwen/gebruiken van een bouwwerk of het gebruiken van gronden is meestal een omgevingsvergunning nodig. De omgevingsvergunning kan bestaan uit verschillende activiteiten, waaronder bouwen, milieu, natuur en ruimte. De aanvragen worden in de meeste gevallen door de gemeente behandeld. De Omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vechtstreek (OFGV) behandelen de aanvragen met de activiteit milieu. Wij houden toezicht op verleende omgevingsvergunningen en waar nodig handhaven we. De OFGV houdt toezicht op de omgevingsvergunningen voor de activiteit milieu en waar nodig handhaven zij. Prestatieafspraken maken met woningcorporaties Wij maken afspraken met woningcorporaties over de uitvoering van het woonbeleid. Dit is een wettelijke taak vanuit de Woningwet. Woningcorporaties richten zich vooral op hun kerntaak: mensen met een laag inkomen goed en betaalbaar kunnen laten wonen. De afspraken gaan over kwaliteit, kwantiteit, betaalbaarheid, duurzaamheid, bijzondere doelgroepen en leefbaarheid. Geografische informatie op orde houden Wij houden geografische informatie bij.

Die informatie gebruiken we voor besluiten en andere activiteiten. Dat doen wij met digitale plattegronden en luchtfoto’s. Dit gebeurt volgens de wettelijke regels, zoals de Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) en Wet Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT). Verstrekken van leningen voor de woningmarkt We geven verschillende leningen om bewoners op de woningmarkt te helpen. Zo biedt de starterslening starters op de koopwoningmarkt de mogelijkheid om op een verantwoorde manier extra geld te lenen. De starterslening overbrugt het verschil tussen de prijs van het huis en de (eerste) hypotheek bij de bank. De blijverslening is bedoeld voor eigenaren die hun woning bijvoorbeeld levensloopgeschikt willen maken. Bouw- en woonrijp maken van woningbouwgronden en bedrijventerreinen Nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen waarvan de grond in ons eigendom is, maken wij klaar om te gebruiken. Dat betekent: grondwerk, (bouw)wegen aanleggen e.d. en in een latere fase: bestrating, verlichting en groen aanleggen.

27

Gronduitgifte Voor nieuwe woningbouw en bedrijventerreinen is grond nodig. Die wordt aangekocht en daarna in kavels verkocht. Meestal doen wij dat zelf en soms laten wij dat aan de markt over. Dan doet een (project)ontwikkelaar dit. In dat geval maken we afspraken over de woningbouwprogrammering, de openbare ruimte etc. Dat doen we in een overeenkomst. Beleidsreferentie · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · · ·

DNA voor de dorpen Beleid arbeidsmigranten Noordoostpolder Structuurvisie Noordoostpolder 2025 DNA Emmeloord Woonvisie Noordoostpolder: Kansen Grijpen Prestatieafspraken over sociale huurwoningen Strategische Opgaven en Strategische Koers Omgevingsvisie Ontwikkelperspectieven woningbouw Noordoostpolder 2021-2026 Verkenning groeiambitie Noordoostpolder Beleidsplan VTH Noordoostpolder 2020-2023 Beleidsplan Openbare Ruimte 2014-2024 (BOR), met aanvulling van 2021 Regionale Veiligheidsstrategie Midden-Nederland 2023-2026 Visie op detailhandelsstructuur Mobiliteitsvisie 2050 Mobiliteitsplan 2030 Watertakenplan 2019-2024 Koersdocument ‘Op naar 60 kg restafval in 2025’ Integraal Veiligheidsbeleid Dronten, Noordoostpolder en Urk 2020-2023 Regionaal Beleidsplan 2021-2024 veiligheidsregio’s Flevoland en Gooi & Vechtstreek Managementplan Werelderfgoed Schokland en omgeving 2020-2025 Erfgoednota Visiedocument Noordoostpolder Energieneutraal RES 1.0 Flevoland Energie met beleid Nota Verbonden Partijen Nota Regionale Samenwerking en Public Affairs Transitievisie Warmte Beleidskader Zon in de polder (partiële herziening structuurvisie)

Verbonden partijen GR IJsselmeergroep GR Omgevingsdienst Flevoland en Gooi & Vechtstreek GR Veiligheidsregio Flevoland GR GGD Flevoland Huisvuilcentrale Noord-Holland N.V.

28

Wat zijn onze ambities? 1. We maken werk van wonen Omschrijving De Noordoostpolder is klaar voor groei en daar bieden we ruimte aan. We werken toe naar een woningmarkt met een goed evenwicht tussen vraag en aanbod, in alle dorpen en in Emmeloord. Niet alleen in het aantal woningen, maar ook in variatie. Zo is er voldoende aanbod voor verschillende doelgroepen en stimuleren we de doorstroming. Een goede mix van woningen in dorpen en wijken versterkt de leefbaarheid. We willen dat woningen duurzaam en levensloopbestendig zijn en dat ze in een groene, gezonde en klimaatbestendige leefomgeving staan.

Wat gaan we in 2024 hiervoor doen? 1.1 We bieden ruimte om woningen te bouwen We voeren de huidige in- en uitbreidingsplannen voor de dorpen en Emmeloord uit. Dit geeft ruimte voor woningbouw. In Emmeloord worden woningen toegevoegd in Emmelhage, Emmeloord Centrum, de centrumschil en wordt kavel Oud Espelerweg voorbereid. Dit gebeurt op initiatief van de gemeente en/of in samenwerking met marktpartijen. Ook bieden we ruimte voor andere vormen van woningbouw. Het gaat bijvoorbeeld om seniorenhofjes, vriendenerven, tiny houses, kangoeroewoningen en rug-aan-rug-woningen en woningen voor starters en jongeren. Dit doen we zodat meerdere doelgroepen hun woonwensen kunnen realiseren. CPO zetten we ook als pilot in een aantal dorpen in om meer vraag gestuurd te ontwikkelen en omdat dit bijdraagt aan meer variatie van ons woningbestand. Specifiek voor jongeren en starters gaan we samen met de raad werken aan kaders waarbinnen woningbouw initiatieven uitvoering kunnen krijgen. Per dorp wordt een gedifferentieerd woningbouwprogramma toegevoegd voor verschillende doelgroepen. We pakken de lokale, regionale en landelijke woningbouwopgave programmatisch aan. Dit doen we middels het programma Leefbaarheid & Wonen. We bouwen verder aan een hechte en inclusieve samenleving waar het fijn wonen, leven en werken is.

Onderwerpen die in samenhang worden opgepakt, zijn een gezonde, klimaatbestendige en leefbare omgeving. Maar ook versterking van de economie, bereikbaarheid, voorzieningen onder andere gericht op zorg en welzijn, onderwijs, wateren bodemkwaliteit en aantrekkelijkheid van het landschap (zie ook andere ambities met betrekking tot deze onderwerpen). We laten zien hoe we de ambities uit de Omgevingsvisie gaan realiseren en betrekken de samenleving (participatie). Voor dit programma is t/m 2026 per jaar € 300.000 beschikbaar. Een deel van deze middelen wordt ingezet voor de regionale samenwerkingen. 1.2 We spannen ons in om meer woningen op erven mogelijk te maken We zetten een ervenconsulent in. Deze gaat aan de slag om de regeling 'Mogelijkheden voor wonen op erven’ bij de provincie structureel te maken en te verruimen. Vervolgens gaat de ervenconsulent initiatiefnemers adviseren over verschillende woonvormen die mogelijk zijn op erven. Bij de ontwikkeling op de erven houden we aandacht voor de agrarische bedrijvigheid en de kenmerkende landschappelijke structuur van de Noordoostpolder, want die is onderdeel van ons erfgoed. Wonen op erven wordt ook onderdeel van onze Omgevingsvisie. Vanuit het coalitieakkoord is hier incidenteel € 80.000 voor vrijgemaakt tot en met 2026. We rapporteren aan de raad over de voortgang.

29

1.3 We zorgen voor een nette, veilige en groene openbare ruimte Het groen in de openbare ruimte beheren we volgens de vastgestelde onderhoudsniveaus. Naast reguliere werkzaamheden, zoals maaien en snoeien, vraagt dit soms plaatselijk om extra ingrepen die niet binnen de bestaande budgetten passen. Bijvoorbeeld voor het verbeteren van de ondergrondse groeiruimte van de bomen en voor het renoveren van heestervakken. Daarnaast nemen de kosten van het regulier beheer toe door o.a. droogte en veranderingen in contracten voor beheer en onderhoud. Dit geldt bijvoorbeeld voor het bestrijden van reuzenberenklauw en Japanse duizendknoop, ecologisch (berm)beheer en boominspecties die nodig zijn vanwege de veiligheid. 1.4 We maken nieuw beleid voor de openbare ruimte Het Beleidsplan Openbare Ruimte 2014-2024 loopt af en er zijn ontwikkelingen die om nieuwe beleidskeuzes vragen. Bijvoorbeeld de Omgevingsvisie en de aandacht voor klimaatadaptatie. Daarom gaan we daarmee aan de slag. In het nieuwe beleidsplan maakt de raad keuzes voor de inrichting en het beheer van de openbare buitenruimte in de komende jaren, en over de inzet van de financiële middelen daarvoor. Vanzelfsprekend zoeken we voor dit plan een goede aansluiting met de instrumenten uit de Omgevingswet, en ligt er een verbinding met het programma Leefbaarheid & Wonen en het programma Klimaat & Energie.

1.5 We stellen extra geld beschikbaar om de woningmarkt te stimuleren Voor de maatregelen die we in 2023 hebben ingezet om de mogelijkheden voor starters op de woningmarkt te verbeteren, onderzoeken we in 2024 of we deze specifieker kunnen inzetten voor starters die een band hebben met de Noordoostpolder. Vanuit het coalitieakkoord is hier incidenteel € 1.000.000 extra voor vrijgemaakt. In 2024 starten we met het verhogen van het fonds van de starterslening, om méér leningen te kunnen verstrekken. We monitoren jaarlijks of dit voldoende is. 1.6 We hebben aandacht voor de huisvesting van vluchtelingen, statushouders en arbeidsmigranten De gemeente krijgt een taakstelling om vluchtelingen en statushouders te huisvesten. We gaan proactief aan de slag om hier geschikte huisvesting voor te realiseren. Ook voor de grote groep arbeidsmigranten gaan we in 2024 werken met nieuw gemeentelijk beleid. Voor de aandachtsgroepen wil de gemeente breed kijken naar het verbeteren van leefomstandigheden en locaties aanwijzen voor de ontwikkeling van huisvesting voor deze doelgroepen. Flexwoningen kunnen hier een oplossing bieden. 1.7 We zetten een meldpunt op voor de huursector In het kader van de Wet Goed Verhuurderschap moet de gemeente vanaf 1 januari 2024 een meldpunt hebben opgezet voor woningzoekenden, huurders en arbeidsmigranten.

Hier kan informatie worden gevraagd en/of misstanden worden gemeld over sociale en private huurwoningen en verblijfsruimten. Dit geldt voor het gehele verhuurproces; van inschrijving tot en met de verhuring. 1.8 We zetten in op direct contact met inwoners over participatie en initiatieven We informeren en stimuleren de inwoners over de mogelijkheid om zelf met ideeën en initiatieven te komen in de wijken, bijvoorbeeld door middel van het uitdaagrecht. Dit naar verhouding van de grootte van de wijk. Dit doen we aan de hand van de ervaringen die Wijkbeheer heeft uit Emmelhage. Voorbeelden van deze initiatieven zijn onder andere het vergroenen van de wijk, aanleggen van gemeenschapstuinen, het aanpakken van te hard rijden in de straat en het stimuleren van activiteiten.

30

Wat zijn onze ambities? 2. Veilige wegen en goede bereikbaarheid Omschrijving Veilige buitenwegen en goede bereikbaarheid zijn onze doelen voor de komende 10 jaar. We willen dat de Noordoostpolder beter bereikbaar wordt, in alle vormen.

Wat gaan we in 2024 hiervoor doen? 2.1 We maken werk van de verbreding van de N50 Veel inwoners van de Noordoostpolder maken gebruik van de N50. Het is een van de belangrijkste ontsluitingswegen voor onze gemeente. Het stuk provinciale weg zou verbreed worden, maar door de stikstofcrisis is dat uitgesteld. Volgens het Ministerie van I&W zouden de werkzaamheden op z’n vroegst in 2028 kunnen beginnen. In 2024 worden nog wel enkele maatregelen doorgevoerd om de verkeersveiligheid te vergroten. Gezien de blijvende risico’s op onveilige situaties is het onwenselijk dat pas in 2028 wordt gekeken naar verbreding van de rijbanen, hetgeen wij in alle gremia bespreekbaar maken. 2.10 We onderzoeken met de provincie hoe de aansluitingen op de A6 veiliger kunnen worden Uit onderzoek vanuit provincie en gemeente blijkt dat de aansluiting 14 (Hannie Schaftweg) en 15 (Muntweg) het verkeer in de spitsperioden niet meer voldoende kunnen afwikkelen. Bovendien ligt er een verhoogd risico op ongevallen op de op- en afritten van deze aansluitingen. Samen met de provincie wordt gekeken naar de mogelijkheden om deze op- en afritten duurzaam veilig te herinrichten. Uit dit onderzoek moet blijken welke eventuele extra middelen er nodig zijn om deze projecten sluitend te krijgen vanuit zowel de provincie en de gemeente.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2089/documents/36066