CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 Ontwerpbestemmingsplan 'Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord'.pdf

Commissie Woonomgeving 28 november 2022, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 3: (Ontwerp)bestemmingsplan ‘Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord’27.157 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Gemeente Noordoostpolder NAAM PLAN

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord N AAM C M L-B ESTA N D

NLIMRO.0171.BP00695-0N01

DATUM

BLAD VAN BLADEN

FORMAAT

12-8-2022

1 VAN 1

A3

TEKENAAR

SCHAAL

I—

CO LU Gû

Best M ingenieursbureau Buiksloterdijk 338 1034ZG Amsterdam 020 6338110 www.bestm.nl

«BJZnu LH

ruimtelijke plannen en advies

Twentepoort Oost 16A 7609 RG Almelo 0546 454466 www.bjz.nu

MvL

1 :1000

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Inhoudsopgave

Regels

3

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

4 4 7

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4

Bestemmingsregels Groen - Erfsingel Wonen - Voormalige agrarische erven

8 8 9

Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

12 12 13 15 16

Hoofdstuk 4 Artikel 9 Artikel 10

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

17 17 18

BJZ.nu Bestemmingsplannen

2

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Regels

BJZ.nu Bestemmingsplannen

3

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels Begrippen

1.1 plan: het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord" met identificatienummer NL.IMRO.0171.BP00698-0N01 van de gemeente Noordoostpolder; 1.2 bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en daarbij behorende bijlagen; 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 aan huis verbonden bedrijf de in Bijlage 2 Mogelijkheden bedrijfsmatige activiteiten aan huis genoemde bedrijvigheid, dan wel naar de aard en de invloed op de omgeving daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid, die door zijn beperkte omvang in of bij een woonhuis met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend; aan huis verbonden beroep 1.6 de uitoefening van een beroep (dan wel het verlenen van diensten) op administratief, maatschappelijk, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig of een daarmee gelijk te stellen gebied, dat in of bij een woonhuis wordt uitgeoefend, waarbij in overwegende mate de woonfunctie blijft behouden en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; achtererfgebied 1.7 erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van

daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen; 1.8 ander bouwwerk een bouwwerk, geen gebouw zijnde; 1.9 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.10 bebouwingsgebied achtererfgebied alsmede de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond onder het oorspronkelijk hoofdgebouw; 1.11 bebouwingspercentage de oppervlakte van gebouwen uitgedrukt in procenten van de nader aangegeven gronden; 1.12 bestaand a. met betrekking tot bebouwing: de bebouwing als aanwezig ten tijde van het in ontwerp ter visie leggen van het plan; BJZ.nu Bestemmingsplannen

4

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

b. met betrekking tot gebruik: het gebruik ten tijde van het rechtskracht verkrijgen van het plan; 1.13 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak; 1.14 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; bevoegd gezag 1.15 bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning; 1.16 bijbehorend bouwwerk uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak; 1.17 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.18 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; bouwperceelgrens 1.19 een grens van een bouwperceel; 1.20 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.21 dak iedere bovenbeëindiging van een gebouw of bijbehorend bouwwerk; 1.22 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder

de uitstalling ten verkoop), het verkopen en/of leveren van goederen, geen motorbrandstoffen zijnde, aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.23 erf al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover een bestemmingsplan of een beheersverordening van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden. 1.24 extensieve openluchtrecreatie vormen van recreatief medegebruik door middel van al dan niet aangelegde en aanwezige voorzieningen, waarbij de recreatie geen specifiek beslag legt op de ruimte, zoals wandel-, ruiter- en fietspaden; 1.25 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; BJZ.nu Bestemmingsplannen

5

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

1.26 gemeentelijke parkeernorm de parkeernorm zoals opgenomen in Parkeernota die als Bijlage 3 bij deze regels is gevoegd, van toepassing; 1.27 hoofdgebouw gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.28 horeca een bedrijf dat is gericht op het verstrekken van maaltijden en dranken voor gebruik ter plaatse (restaurantbedrijf), waaronder ook worden verstaan lunchrooms, eethuizen, bistro's, theehuizen, broodjeszaken en dergelijke; 1.29

omgevingsvergunning

vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; 1.30 omgevingsvergunningvoor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden: een vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; 1.31 prostitutie het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander persoon tegen vergoeding; seksinrichting 1.32 de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.33 staat van Bedrijfsactiviteiten de Staat van Bedrijfsactiviteiten die van deze regels onderdeel uitmaakt; verbeelding 1.34 a. de digitale verbeelding van het bestemmingsplan; b.

de analoge verbeelding van het bestemmingsplan (plankaart); 1.35 voorerfgebied Erf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied; 1.36 woning een gebouw of een gedeelte van een gebouw, krachtens aard en indeling geschikt en bestemd voor de huisvesting van één huishouden; 1.37 woonhuis een gebouw, hetzij vrijstaand, hetzij aaneengebouwd, dat slechts één woning omvat;

BJZ.nu Bestemmingsplannen

6

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 bebouwingspercentage het deel van het bouwvlak uitgedrukt in procenten dat bebouwd mag worden; 2.2 de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.3 de dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.4 de goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.5 de hoogte van een kap vanaf de bovenkant goot, boeibord of daarmee gelijk te stellen constructiedeel tot aan het hoogste punt van de kap; 2.6 de inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.7 de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.8 het bebouwd oppervlak van een bouwperceel de oppervlakte van alle op een bouwperceel gelegen bouwwerken tezamen; 2.9 peil a.

voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang grenst aan de weg: de hoogte van de kruin van de weg; b. voor andere gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitend afgewerkte terrein ter plaatse van de bouw; c. indien de onder a en b genoemde peilen in het veld aanleiding geven tot onduidelijkheden, een door of namens burgemeester en wethouders aan te wijzen peil.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

7

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Hoofdstuk 2 Artikel 3

3.1

Bestemmingsregels Groen - Erfsingel

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen - Erfsingel' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.

opgaande afschermende beplanting; een bebouwingsvrije onderhoudsstrook; erfsloten;

met daaraan ondergeschikt: d. e. f. 3.2

tuinen, erven en paden; waterhuishoudkundige voorzieningen; parkeervoorzieningen. Bouwregels

Binnen deze bestemming mag niet gebouwd worden.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

8

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Artikel 4

4.1

Wonen - Voormalige agrarische erven

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - Voormalige agrarische erven' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in woningen; met daarbij behorende; b. c. d. e. f. g. h.

gebouwen en bijbehorende bouwwerken; bouwwerken, geen gebouw zijnde; andere werken; tuinen, erven en paden; waterhuishoudkundige voorzieningen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen.

4.2

Bouwregels

4.2.1

Toegestane bebouwing

Op en in de gronden als bedoeld in artikel 4.1, mogen uitsluitend gebouwd worden: a. b. c.

woningen; bijbehorende bouwwerken; bouwwerken geen gebouw zijnde.

4.2.2

Woningen

Voor woningen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

een woning mag uitsluitend gebouwd worden binnen een bouwvlak; per bouwvlak mag niet meer dan één woning gebouwd worden; de inhoud van een woning, inclusief niet-functioneel ondergeschikte bijbehorende bouwwerken, mag niet meer bedragen dan 1.200 m3; de dakhelling van een woning mag niet minder dan 20° en niet meer dan 30° bedragen; de maximum goot- en bouwhoogte mag niet hoger zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)', 'maximum bouwhoogte (m)' op de verbeelding is aangegeven; in afwijking van het bepaalde onder c., d, en f. geldt voor woningen, dat afwijkingen in maten en afmetingen zoals die bestaan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan gehandhaafd mogen worden.

4.2.3

Bijbehorende bouwwerken

Voor bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.

c. d. e.

bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend gebouwd worden in het bebouwingsgebied van een woning; de oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken per woning mag niet meer dan 150 m2 bedragen, uitgezonderd niet-functioneel ondergeschikte bijbehorende bouwwerken die onderdeel uitmaken van het hoofdgebouw als bedoeld in 4.2.2, lid c.; de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3,5 m; de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 6 m; in afwijking van het bepaalde onder a., b., c., en d. geldt voor bijbehorende bouwwerken, dat afwijkingen in maten en afmetingen zoals die bestaan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan gehandhaafd mogen worden.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

9

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

4.2.4

Bouwwerken geen gebouw zijnde

Voor bouwwerken geen gebouw zijnde gelden de volgende regels: a. b. c. d.

bouwwerken geen gebouw zijnde mogen uitsluitend gebouwd worden in het bebouwingsgebied van een woning; de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouw zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m; in afwijking van lid b. mag de bouwhoogte van pergola's maximaal 3 m zijn; in afwijking van het bepaalde onder a., b. en c. gelden voor herbouw van bestaande bouwwerken geen gebouw zijnde bestaande maten, afmetingen, situering en omvang van de bebouwde oppervlakte van een bouwwerk als maximum.

4.3

Specifieke gebruiksregels

4.3.1

Voorwaardelijke verplichting erfsingel

Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 4.1 opgenomen bestemmingsomschrijving, zonder de aanplant en instandhouding van een erfsingel conform het in Bijlage 1 opgenomen inrichtingstekening met bijbehorend beplantingsplan ter plaatse van de bestemming 'Groen - Erfsingel'. 4.3.2

Strijdig gebruik

Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. b.

het gebruik van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk als zelfstandige woonruimte; het gebruik ten behoeve van een seksinrichting.

4.3.3

Geoorloofd gebruik

Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in ieder geval niet gerekend een aan huis verbonden beroep of aan huis verbonden bedrijfsactiviteit, mits: a.

b. c. a. b. c. d. e.

ten hoogste 30% van de oppervlakte van een woonhuis of de woning binnen een woongebouw en ten hoogste 60% van de toegelaten oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt ten behoeve van het aan huis verbonden beroep, met dien verstande dat de gezamenlijke oppervlakte per woning niet meer dan 75 m2 bedraagt; de uitstraling van de woning intact blijft; het gebruik geen onevenredig nadelige gevolgen heeft voor het woon- en leefmilieu; het gebruik geen onevenredig nadelige gevolgen heeft op de normale afwikkeling van het verkeer; het parkeren ten behoeve van het gebruik binnen het bestemmingsvlak op eigen terrein plaatsvindt; geen detailhandel wordt uitgeoefend; de activiteit in ieder geval door de bewoner(s) wordt uitgeoefend; in het geval van een aan huis verbonden bedrijfsactiviteit, het een activiteit betreft die genoemd is in Bijlage 2 aan huis verbonden bedrijfsactiviteiten.

4.4

Afwijken van de gebruiksregels

4.4.1

Afwijken specifieke gebruiksregels

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 4.3.1, indien de aanplant en instandhouding van een erfsingel op een andere gelijkwaardige wijze wordt aangeplant en in stand wordt gehouden dan is bepaald in de inrichtingstekening met bijbehorend beplantingsplan, zoals opgenomen in de betreffende bijlage(n) van de regels, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van landschap en beeldkwaliteit.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

10

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

4.4.2

Afwijken ten behoeve van vergroten inhoud woning

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 4.2.2 onder c, ten behoeve van het uitsluitend binnen de aaneengesloten oorspronkelijke bebouwing, vergroten van de inhoud van de woonruimte tot de totale inhoud van die aaneengesloten bebouwing, mits: a. b.

het bijdraagt aan de instandhouding van de betreffende bebouwing, en; het aantal woningen niet toeneemt.

4.4.3

Afwijken ander gebruik

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 4.1, ten behoeve van het gebruik van gebouwen uitsluitend als ondergeschikte nevenfunctie, voor: a. b. c. d. e. f. g.

het bieden van overnachtingsmogelijkheden, met een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 100 m2 per woning; horeca ten dienste van extensieve openluchtrecreatie, met een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 100 m2 per woning; opslag en stalling van caravans, campers, boten en dergelijke; kunstnijverheid, ateliers, musea en dergelijke; (kinder)dagopvang, met een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 100 m2 per woning; educatief centrum gericht op de landbouw en/of natuur; detailhandel gerelateerd aan het onder b. en d. genoemde ander gebruik tot een maximale verkoopoppervlakte van 100 m2 per woning.

Bij het afwijken op grond van artikel 4.4.3 dienen de volgende bepalingen in acht te worden genomen: a. b. c. d. e.

indien hierboven geen maximale oppervlakte genoemd is mag de nevenfunctie op ten hoogste de oppervlakte van de al bestaande bijbehorende bouwwerken plaatsvinden; het gebruik mag geen onevenredig nadelige gevolgen hebben voor nabijgelegen percelen; het gebruik mag geen onevenredig nadelige gevolgen hebben op de normale afwikkeling van het verkeer; het parkeren ten behoeve van de nevenfunctie dient binnen het bestemmingsvlak op eigen terrein plaats te vinden; er mag geen opslag van goederen ten behoeve van de nevenfunctie in de open lucht plaatsvinden.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

11

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Hoofdstuk 3 Artikel 5

Algemene regels Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

12

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Artikel 6

6.1

Algemene gebruiksregels

Gebruik

Het is verboden de gronden of opstallen te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel, strijdig met de aan de grond gegeven bestemming. 6.2

Strijdig gebruik

Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruiken of het laten gebruiken van: a. b. c. d. e.

gebouwen ten behoeve van een seksinrichting; vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige woonruimte; omzetting of verkamering van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte; gronden als staanplaats voor onderkomens; gronden als opslag-, stort- of bergplaats van al dan niet afgedankte voorwerpen, stoffen, materialen en producten, voor zo ver niet noodzakelijk in verband met het normale beheer en onderhoud van de gronden.

6.3

Parkeerregels

6.3.1

Voldoende parkeergelegenheid

a.

b.

De in het plangebied aanwezige gronden mogen slechts worden bebouwd en/of in gebruik worden genomen en/of het gebruik van deze gronden mag enkel worden gewijzigd onder de voorwaarde dat voldoende parkeergelegenheid bij, op of onder het gebouw dan wel bij, op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort worden gerealiseerd; gerealiseerde voorzieningen als bedoeld in sub a, dienen na realisering in stand te worden gehouden voor het gebruik waar de betreffende voorzieningen voor nodig zijn.

6.3.2

Voldoende laad- en losruimte

Indien het beoogde gebruik van een bouwwerk aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen uitsluitend verleend indien aan of in dat bouwwerk dan wel op het onbebouwde terrein bij het bouwwerk wordt voorzien in die ruimte. Deze bepaling geldt niet: a. b.

voor bestaand gebruik, waarbij de herbouw van een bouwwerk zonder functiewijziging wordt beschouwd als bestaand gebruik; voor zover op andere wijze in de nodige laad- of losruimte wordt voorzien.

6.3.3

Beleidsregels

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor de in 6.3.1 sub a genoemde gronden, past het bevoegd gezag de beleidsregels van de Parkeernota toe met inbegrip van eventuele wijzigingen van deze beleidsregels zoals die gelden ten tijde van de ontvangst van de aanvraag om een omgevingsvergunning. 6.3.4

Afwijken

a Afwijken parkeergelegenheid Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.3.1 sub a overeenkomstig de afwijkingsmogelijkheden die vastliggen in de beleidsregels als bedoeld in lid 6.3.3.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

13

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

b Afwijken laad- en losruimte Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 6.3.2 en worden toegestaan dat in minder dan voldoende laad- en losgelegenheid wordt voorzien indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit. 6.3.5

Nadere eis

Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de situering van parkeergelegenheid en laaden losruimte, als dit noodzakelijk is om een goede verkeersstructuur en/of bereikbaarheid voor een pand, perceel, straat (of deel daarvan) dan wel een andere ruimtelijke functionele structuur te waarborgen.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

14

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Artikel 7

Algemene afwijkingsregels

Bij een omgevingsvergunning kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, worden afgeweken van: a. b. c.

d. e.

f.

de bij recht in de regels gegeven maten, afmetingen, percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages, met dien verstande dat dit niet geldt voor bijbehorende bouwwerken; de bestemmingsbepalingen en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast; de bestemmingsbepalingen voor het bouwen met een geringe mate van afwijking van de plaats en richting van de bestemmingsgrenzen indien dit noodzakelijk is in verband met afwijkingen of onnauwkeurigheden ten opzichte van de feitelijke situatie of in die gevallen waar een rationele verkaveling van de gronden een geringe afwijking vergt; de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de hoogte daarvan wordt vergroot tot niet meer dan 10 m; de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de hoogte van kunstwerken en zend-, ontvang- en/of sirenemasten, wordt vergroot tot niet meer dan 40 m; het bepaalde ten aanzien van de maximale (bouw)hoogte van gebouwen en toestaan dat de (bouw)hoogte ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen, wordt vergroot mits: 1. de oppervlakte van de vergroting niet meer dan 10 m2 bedraagt; 2.

de totale hoogte niet meer dan 125 % van de toegestane (bouw)hoogte van het betreffende gebouw bedraagt.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

15

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Artikel 8

8.1

Overige regels

Werking wettelijke regelingen

De wettelijke regelingen waarnaar in de regels van dit plan wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van dit plan.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

16

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Hoofdstuk 4 Artikel 9

9.1

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. b.

9.2

gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Afwijken

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 9.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 9.1 met maximaal K^. 9.3

Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken

Lid 9.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.4

Overgangsrecht gebruik

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 9.5

Strijdig gebruik

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 9.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 9.6

Verboden gebruik

Indien het gebruik, bedoeld in 9.4, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 9.7

Uitzondering op het overgangsrecht gebruik

Lid 9.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

17

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord ontwerp

Artikel 10

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord'.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

18

4jį!flBJZ.nu

Bestemmingsplan

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord

Wijzigingsplannen Uw specialist in Bestemmingsplannen Rood voor Rood - Ruimte voor Ruimte Ruimtelijk edvies

BJZ.nu - Ruimtelijke plannen en advies

16 augustus 2022

Vestiging Almelo

Status: Ontwerp

Twentepoort Oost 16a 7609 RG Almelo

Vestiging Zwolle Dr. van Wiechenweg 2 8025 BZ Zwolle

T 0546 454 466

E info@bjz.nu

Vestiging Utrecht Euclideslaan 265 3584 BV Utrecht

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Bestemmingsplan "Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord"

Plan:

Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord

Plantype:

Bestemmingsplan

IMRO-nummer: NL.IMRO.0171.BP00698-ON01 Status:

Ontwerp

.1

S I

ÉBJZ.nu ruimtelijke plannen en advies

Vestiging Almelo Twentepoort Oost 16 7609 RG ALMELO T: E: I:

0546-45 44 66 info@bjz.nu www.bjz.nu

Vestiging Zwolle Dr. Van Wiechenweg 2 8025 BZ ZWOLLE

Vestiging Utrecht Euclideslaan 265 3584 BV UTRECHT

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Toelichting

BJZ.nu Bestemmingsplannen

3

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding................................................................................................................................................ 6 Ligging van het plangebied........................................................................................................................6 De bij het plan behorende stukken..............................................................................................................7 Huidige planologische regime....................................................................................................................7 Leeswijzer................................................................................................................................................. 8

Hoofdstuk 2 2.1 2.2

Gewenste situatie..........................................................................12

Planbeschrijving..................................................................................................................................... 12 VERKEER Ä PARKEREN................................................................................................................................. 13

Hoofdstuk 4 4.2 4.3

Huidige situatie.............................................................................10

Landschap en omgeving........................................................................................................................... 10 Het plangebied........................................................................................................................................ 10

Hoofdstuk 3 3.1 3.2

Inleiding..........................................................................................6

Beleidskader................................................................................. 14

Provinciaal beleid................................................................................................................................... 15 Gemeentelijk beleid.................................................................................................................................. 20

Hoofdstuk 5 Milieu- en omgevingsaspecten..................................................... 24 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9

Geluid (Wet geluidhinder).......................................................................................................................24 Bodemkwaliteit.......................................................................................................................................25 Luchtkwaliteit........................................................................................................................................ 26 Externe veiligheid....................................................................................................................................27 Milieuzonering.......................................................................................................................................29 Geur....................................................................................................................................................... 31 Ecologie.................................................................................................................................................. 32 Archeologie ä Cultuurhistorie...............................................................................................................35 Besluit milieueffectrapportage...............................................................................................................38

Hoofdstuk 6 6.1 6.2 6.3

Algemeen................................................................................................................................................40 Beleidskaders..........................................................................................................................................40 Watertoetsproces...................................................................................................................................41

Hoofdstuk 7 7.1 7.2 7.3

Wateraspecten..............................................................................40

Juridische aspecten en planverantwoording............................... 41

Inleiding.................................................................................................................................................. 42 Opzet van de regels.................................................................................................................................42 Verantwoording van de regels................................................................................................................43

Hoofdstuk 8

Economische uitvoerbaarheid...................................................... 45

Hoofdstuk 9

Vooroverleg, inspraak en zienswijzen.......................................... 46

9.1 9.2

Vooroverleg...........................................................................................................................................46 Zienswijzen..............................................................................................................................................46

Bijlagen bij de toelichting..................................................................................... 47 Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3

Beeldkwaliteitsplan........................................................................................................................48 Erfinrichtingsplan..........................................................................................................................49 Akoestisch onderzoek......................................................................................................................50

BJZ.nu Bestemmingsplannen

4

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6

Bodemonderzoek......................................................................................................................................................................... 51 Quickscan Natuurwaardenonderzoek...............................................................................................................................52 Watertoetsresultaat................................................................................................................................................................ 53

BJZ.nu Bestemmingsplannen

5

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Aan de Bomenweg 6 te Emmeloord, gelegen in het buitengebied van de gemeente Noordoostpolder, bevindt zich een voormalig agrarisch erf. De agrarische bedrijfsactiviteiten ter plaatse zijn beëindigd en worden in de toekomst niet opnieuw hervat. Op het erf bevinden zich een voormalige agrarische bedrijfswoning en twee voormalige agrarische schuren. Eén van deze schuren, in het zuidwesten van het plangebied, betreft een schuur met een oppervlakte van circa 280 m2 die in 1954 is vergund. Daarmee valt deze koelschuur onder 'oorspronkelijke bebouwing'. Op basis van de gemeentelijke beleidsuitwerking 'Mogelijkheden voor extra woningen op vrijkomende agrarische erven (2015)' bestaat de mogelijkheid om een woning toe te voegen in oorspronkelijke bebouwing, om zodoende het erfgoed te behouden. Het voornemen is om een levensloopbestendige schuurwoning te realiseren in deze bestaande koelschuur. Echter, aangezien de huidige constructie van de koelschuur aantoonbaar zeer slecht is, heeft de gemeente Emmeloord aangegeven onder voorwaarden toe te staan de huidige constructie af te breken en het volume als nieuwbouw terug te plaatsen. De ontwikkeling bestaat in hoofdlijnen uit: ^

Behoud van de oorspronkelijke koelschuur (circa 280 m2) in het zuidwesten van het plangebied door middel van sloop en nieuwbouw van een levensloopbestendige schuurwoning ter plaatse, op basis van het beleid 'Mogelijkheden voor extra woningen op vrijkomende agrarische erven' (2015);

^

Behoud van de schokbetonschuur (in het zuidoosten van het plangebied) en de agrarische bedrijfswoning;

^

Het zorgvuldig landschappelijk inpassen van het geheel, waarbij de erfsingel wordt behouden en waar nodig hersteld.

Voorliggend plan voorziet in de gewenste juridisch-planologische kader ten behoeve van bovengenoemde situatie. In dit plan zal worden aangetoond dat de herziening van het bestemmingsplan in overeenstemming is met een 'een goede ruimtelijke ordening' en vanuit ruimtelijk en planologisch oogpunt verantwoord is.

1.2

Ligging van het plangebied

Het plangebied ligt aan de Bomenweg 6, in het buitengebied van Emmeloord (gemeente Noordoostpolder). De kern Emmeloord bevindt zich op circa 1,1 kilometer afstand ten noordwesten van het plangebied. De ligging van het plangebied ten opzichte van de kern Emmeloord (rode ster) en de directe omgeving (rode omlijning) wordt weergegeven in afbeelding 1.1.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

6

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Afbeelding 1.1

1.3

Ligging van het plangebied (Bron: PDOK, bewerkt)

De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord" bestaat uit de volgende stukken: ^ ^

verbeelding (NL.IMRO.0171.BP00698-ON01) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen).

Op de verbeelding is de bestemming van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.

1.4

Huidige planologische regime

1.4.1

Algemeen

Het plangebied is gelegen binnen de begrenzing van de beheersverordening "Landelijk gebied", welke op 21 maart 2016 door de gemeenteraad is vastgesteld. Deze beheersverordening regelt in principe dat de planologische kaders zoals vervat in het voorheen geldende bestemmingsplan 'Landelijk gebied 2004' en wijzigingen daarop van kracht blijven, totdat een nieuw bestemmingsplan of omgevingsplan is vastgesteld. Het bestemmingsplan "Landelijk gebied 2004" is het basisplan dat binnen het verordeningsgebied van toepassing is. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de plankaart van dit bestemmingsplan opgenomen. Het plangebied is daarbij indicatief aangegeven met een rode omlijning.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

7

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

1.4.2

Beschrijving bestemmingen en aanduiding

Op basis van het geldend bestemmingsplan zijn de gronden in het plangebied bestemd als 'Agrarisch gebied'. Gronden met deze bestemming zijn hoofdzakelijk bestemd voor agrarische bedrijvigheid in de vorm van een grondgebonden agrarisch bedrijf en een intensieve veehouderij, uitsluitend als tweede tak. Binnen elk op de plankaart aangegeven bebouwingsvlak mag uitsluitend de bij een agrarisch bedrijf behorende bebouwing worden gebouwd. Onder die bebouwing zijn begrepen kassen, ten hoogste één woning, zijnde de bedrijfswoning, en daarbij behorende bijgebouwen. Buiten bebouwingsvlakken mogen uitsluitend andere bouwwerken worden gebouwd, waaronder niet begrepen bouwwerken voor mestopslag, sleufsilo's en andere silo's of boogkassen.

1.4.3

Strijdigheid

Op grond van het geldende bestemmingsplan is het niet toegestaan om gronden met de bestemming 'Agrarisch gebied' te gebruiken als woonerf. De agrarische bestemming wordt door middel van voorliggende bestemmingsplan herzien naar de bestemming 'Wonen - Voormalige agrarische erven'. Door gebruik te maken van het beleid 'Mogelijkheden voor extra woningen op vrijkomende agrarische erven (2015)' wordt het mogelijk gemaakt om een extra woning te realiseren op het erf. Deze extra woning wordt gerealiseerd in het zuidwestelijke deel van het erf, ter plaatse van de oorspronkelijke koelschuur.

1.5

Leeswijzer

Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie in het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 betreft een beschrijving van de gewenste situatie. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie Flevoland en de gemeente Noordoostpolder beschreven. In hoofdstuk 5 passeren alle relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue. Hoofdstuk 6 gaat in op de wateraspecten waaronder de watertoets. BJZ.nu Bestemmingsplannen

8

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

In de hoofdstukken 7 en 8 wordt respectievelijk ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de economische uitvoerbaarheid van het project. Hoofdstuk 9 gaat in op het vooroverleg en de inspraak.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

9

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Hoofdstuk 2 2.1

Huidige situatie

Landschap en omgeving

De Noordoostpolder heeft een uniek landschap. De inrichting van de polder is na de drooglegging volledig gericht op de landbouw. Dit heeft een bijzonder landschap opgeleverd met een grootschalige opbouw en een grote mate van openheid. Dit landschap is nu circa 70 jaar oud en het concept van de oorspronkelijke inrichting is nog altijd herkenbaar aanwezig. Het ontwerp van de polder en de uniciteit van het landschap wordt internationaal hoog gewaardeerd. Kenmerkend voor het polderlandschap is het regelmatige kavelpatroon en de structuurbepalende beplantingselementen zoals de erfsingels en wegbeplanting. In de omgeving van het plangebied zijn de karakteristieke elementen voor het polderlandschap duidelijk herkenbaar. De rechtlijnige, lineaire structuren en de openheid zijn duidelijk zichtbaar in het landschap. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van de omgeving weergegeven, het plangebied is indicatief aangegeven met de rode cirkel.

Afbeelding 2.1

2.2

Luchtfoto ligging plangebied in de omgeving (Bron: PDOK)

Het plangebied

Het plangebied is gelegen binnen het agrarische perceel aan de Bomenweg 6 te Emmeloord. Het perceel is niet langer in gebruik ten behoeve van een agrarisch bedrijf. De directe omgeving van het plangebied bestaat voornamelijk uit agrarische gronden en agrarische bedrijfspercelen. Het voormalig agrarische bedrijfsperceel aan de Bomenweg 6 is omgeven door een forse groensingel die de bebouwing op het perceel aan het zicht onttrekt. Binnen de begrenzing van het plangebied zijn een bedrijfswoning en twee schuren aanwezig. De gronden zijn gedeeltelijk voorzien van erfverharding, de rest van de gronden zijn in gebruik als tuin. In afbeelding 2.2 is een luchtfoto opgenomen van de huidige situatie in het plangebied. De rode contour betreft een indicatieve weergave van het plangebied.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

10

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Afbeelding 2.2

Huidige situatie plangebied en directe omgeving (Bron: PDOK, bewerkt)

BJZ.nu Bestemmingsplannen

11

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Hoofdstuk 3 3.1

Gewenste situatie

Planbeschrijving

Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de herziening van de bestemming 'Agrarisch gebied' naar 'Wonen Voormalige agrarische erven' en het toevoegen van één extra woning op het erf ter plaatse van de oorspronkelijke koelschuur op basis van het beleidsstuk 'Mogelijkheden voor extra woningen op vrijkomende agrarische erven (2015)'. Hiertoe wordt de koelschuur in het zuidwesten van het plangebied gesloopt en wordt ter plaatse een nieuwe schuurwoning gebouwd. Opgemerkt wordt dat de bestaande agrarische bedrijfswoning en schokbetonschuur in het zuidoosten van het plangebied behouden blijven conform de bestaande situatie. Voor de toevoeging van de extra woning is het beleid 'Mogelijkheden voor extra woningen op vrijkomende agrarische erven (2015)' van de gemeente Noordoostpolder van toepassing. Op basis van dit beleid is het mogelijk om een woning toe te voegen in oorspronkelijke bebouwing, om zodoende het erfgoed te behouden. In voorliggend geval wordt ter plaatse van de oorspronkelijke koelschuur een tweede woning toegevoegd door sloop en nieuwbouw. Aangezien de huidige constructie van de koelschuur aantoonbaar zeer slecht is, heeft de gemeente Emmeloord aangegeven onder voorwaarden toe te staan de huidige constructie af te breken en het volume als nieuwbouw terug te plaatsen.

De te bouwen schuurwoning wordt teruggebouwd met dezelfde karakteristieken als de oorspronkelijke koelschuur (locatie, oppervlak, hoogte, positie en richting van de nok). In het beeldkwaliteitsplan (bijlage 1) worden de beeldkwaliteitseisen van de toe te voegen woning beschreven. In afbeelding 3.1 is door middel van een uitsnede van het erfinrichtingsplan de gewenste situatie in het plangebied weergegeven. Dit erfinrichtingsplan is opgesteld ten behoeve van een goede landschappelijke inpassing van het plangebied en om het behoud en waar nodig herstel van de erfsingel te waarborgen.

Bcplantingsplan Locatie: Bomenweg 6 Emmeloord Schaal: 1:500 Formaat: A3 Datum: 14 december 2021

Afbeelding 3.1

Erfinrichtingstekening plangebied (Bron: BJZ.nu)

BJZ.nu Bestemmingsplannen

12

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

3.2

Verkeer & parkeren

3.2.1

Algemeen

Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de publicatie 'Toekomstbestendig parkeren, publicatie 381 (december 2018)' van het CROW. In de CROW publicatie wordt uitgegaan van minimale en maximale normen, dit is de brandbreedte. Bij de berekening van de parkeernormen wordt uitgegaan van het gemiddelde van de minimale en maximale norm. De gemeente Noordoostpolder heeft in 2016 het 'Parkeerbeleid Noordoostpolder' vastgesteld. De gemeente Noordoostpolder sluit qua parkeernormen aan bij de hiervoor genoemde CROW publicatie. De volgende uitgangspunten gelden voor het plangebied: ^ ^ ^ ^ ^

3.2.2

functie: wonen, koop, vrijstaand; verstedelijkingsgraad: weinig stedelijk Z gemeente Noordoostpolder (bron CBS Statline); stedelijke zone: buitengebied; parkeerbehoefte: 2,4 parkeerplaatsen per woning; verkeersgeneratie: 8,2 vervoersbewegingen per woning.

Situatie plangebied

In de gewenste situatie bevinden zich twee vrijstaande woningen in het plangebied. Al met al is dan ook sprake van een parkeerbehoefte van afgerond 5 parkeerplaatsen (2 * 2,4 parkeerplaatsen per woning). Het parkeren ten behoeve van de extra woningen vindt plaats op eigen terrein. Hier is op het terrein voldoende ruimte voor aanwezig. Verwacht wordt dat het aantal verkeersbewegingen planologisch gezien af zal nemen, dit omdat de verkeersbewegingen behorend bij het op dit moment planologisch toegestane agrarisch bedrijf komen te vervallen. De extra verkeersgeneratie als gevolg van de ontwikkeling van één vrijstaande woning bedraagt gemiddeld 8,2 vervoersbewegingen per weekdagetmaal. De verkeerssituatie blijft overzichtelijk en de ontwikkeling heeft geen invloed op de verkeersveiligheid. Gezien de afname van de verkeersgeneratie, de overzichtelijke en veilige ontsluiting van het erf en de capaciteit van de Bomenweg wordt gesteld dat het voornemen met betrekking tot de verkeersgeneratie en parkeren geen belemmeringen oplevert.

3.2.3

Conclusie

Gelet op vorenstaande wordt geconcludeerd dat er vanuit verkeerskundig oogpunt geen bezwaren zijn tegen de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

13

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Hoofdstuk 4

Beleidskader

Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven.

4.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

4.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving.

4.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie

Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2.

Duurzaam economisch groeipotentieel

Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3.

Sterke en gezonde steden en regio's

Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4.

Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied

Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

14

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

4.1.1.3 Ladder voor du urzame verstedelijkin g In de SVIR (voorganger NOVI) is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. stedelijke ontwikkeling: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'.

4.1.2

Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten van het rijksbeleid

De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) laat zich niet specifiek uit over dergelijke lokale ontwikkelingen. De voorgenomen ontwikkeling raakt geen rijksbelangen als opgenomen in de NOVI. Wat de "Ladder voor duurzame verstedelijking" betreft is een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van belang. Hierin is uitgesproken dat met de realisatie van 11 woningen niet wordt voorzien in een woningbouwlocatie of andere stedelijk ontwikkeling als bedoeld in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (ABRS 16 september 2015, 201501297/1/R4). Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het toevoegen van één woning. Gelet op de hiervoor genoemde uitspraak van de Afdeling is in voorliggend geval dan ook geen sprake van een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in het Besluit ruimtelijke ordening. Geconcludeerd wordt dat geen verdere toetsing plaats hoeft te vinden aan de "Ladder voor duurzame verstedelijking" en dat het initiatief voldoet aan het rijksbeleid.

4.2

Provinciaal beleid

4.2.1

Omgevingsvisie FlevolandStraks

4.2.1.1 Algemeen De Omgevingsvisie FlevolandStraks geeft de langetermijnvisie van de provincie Flevoland op de toekomst van dit gebied. Het gaat over de periode tot 2030 en verder. Het geeft aan welke kansen, opgaven en uitdagingen er voor Flevoland liggen. Er zijn drie kernopgaven: ^ ^ ^

Het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving), Krachtige Samenleving (sociaal-economische omgeving), Ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving).

Deze opgaven vormen de kern voor alle ontwikkelingen waar de provincie Flevoland bij betrokken is. Zowel voor de strategische opgaven uit de Omgevingsvisie, als andere vraagstukken van de provincie Flevoland. In de strategische opgaven staan de belangrijkste vraagstukken en ambities voor de toekomst beschreven. Het gaat om de volgende opgaven: ^ ^

Duurzame Energie Regionale Kracht

BJZ.nu Bestemmingsplannen

15

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

^ ^

Circulaire Economie Landbouw: Meerdere Smaken

4.2.1.2 Toetsing van het initiatief aan de Omgevingsvisie FlevolandStraks De voorgenomen ontwikkeling gaat uit van het omzetten van een agrarische bestemming naar een woonbestemming en het toevoegen van een extra woning in bestaande bebouwing. Karakteristieke elementen blijven behouden en wordt versterkt, denk hierbij aan de erfsingel en de (bedrijfs)woning. Gelet op vorenstaande sluit het voornemen goed aan bij de uitgangspunten van de Omgevingsvisie FlevolandStraks (specifiek 'Het Verhaal van Flevoland').

4.2.2

Omgevingsprogramma Provincie Flevoland

4.2.2.1 Algemeen Per 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Op dat moment moet elke provincie beschikken over een Omgevingsvisie, een of meer programma's en een Omgevingsverordening. Het op 27 februari 2019 door de Provinciale Staten van de provincie Flevoland vastgestelde Omgevingsprogramma Flevoland vindt haar grondslag dan ook in de Omgevingswet. Daarnaast is de grondslag te vinden in diverse vigerende wetten, zoals de Waterwet, de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder en de Wet natuurbescherming. Het Omgevingsprogramma omvat daarmee de op dit moment verplichte plannen: het milieubeleidsplan, het regionale waterplan en het verkeer- en vervoersplan. In 2017 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie FlevolandStraks vastgesteld. Hierin is in hoofdlijnen de strategische visie op de toekomst van Flevoland weergegeven. In dit (eerste) Omgevingsprogramma Flevoland is ervoor gekozen al het bestaande beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud van de fysieke leefomgeving te bundelen in één programma dat digitaal beschikbaar is. Met de vaststelling van het Omgevingsprogramma is dan ook een groot aantal beleidsnota's komen te vervallen. Op deze wijze zijn de provinciale beleidskeuzes compact beschreven en is de samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen het beste gewaarborgd.

De provincie streeft ernaar om dit programma jaarlijks te actualiseren en waar nodig aan te vullen met overig provinciaal beleid. Zo kunnen in volgende versies onderwerpen worden toegevoegd die betrekking hebben op bijvoorbeeld economisch of sociaal beleid. Ook kunnen programma's worden toegevoegd met een meer gebiedsgebonden of thematische aanpak. In voorliggend geval is met name hoofdstuk 1 'Ruimte' van het Omgevingsprogramma van belang.

4.2.2.2 Ruimte Algemeen Het belangrijkste doel van de provincie is een goede woon-, werk- en leefomgeving in heel Flevoland. Daarbij moet verstedelijking worden ingepast in een hoogwaardig landschap en passen bij de gerealiseerde en de geplande infrastructuur. Aantrekkelijke woongebieden in een groen-blauwe omgeving maken Flevoland concurrerend met andere gebieden. Er is sprake van overloop uit de drukke, dure Randstad naar een ruimer, goedkoper Flevoland (push factor). Ook kiezen mensen bewust voor het attractieve woonmilieu van Flevoland (pull factor). De provincie wil verdere grootschalige ontwikkelingen mogelijk maken en deze deels zelf ter hand nemen, samen met partners. De provincie is bereid om ruimte te reserveren voor functies waarvoor in omliggende regio's onvoldoende ruimte is. De voorwaarde daarvoor is een evenwichtige ontwikkeling. Samen met partners binnen en buiten het gebied biedt de provincie zicht op oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken, die het tempo van de ruimtelijke ontwikkelingen in Flevoland met zich meebrengt. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om achterblijvende bereikbaarheid, voorzieningenniveau en werkgelegenheid.

BJZ.nu Bestemmingsplannen

16

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

Landelijk gebied Het plangebied maakt binnen het thema 'Ruimte' onderdeel uit van het 'Landelijk gebied' zoals hieronder is te zien in afbeelding 4.1.

De provincie wil de vitaliteit van het landelijk gebied vergroten en de gebruiksmogelijkheden ervan meer afstemmen op de maatschappelijke behoeften. Het landelijk gebied moet vitaal blijven. Ook in Flevoland is sprake van verdergaande schaalvergroting en herstructurering van de landbouw. De provincie wil agrarische bedrijvigheid die zich in de eerste plaats richt op duurzame productie en verwerking van landbouwproducten optimale ontwikkelingskansen geven. Bovendien wil de provincie ruimte bieden aan nieuwe functies in het landelijk gebied om het economisch draagvlak te verbreden en deze te verweven met de bestaande landbouwfunctie. In de beleidsregel kleinschalige ontwikkelingen in het landelijk gebied zijn de voorwaarden en maatvoering concreter uitgewerkt. Verder moet er voldaan worden aan een goede ruimtelijke ordening, waaronder een landschappelijke inpassing en een goede verkeersafwikkeling. De komende jaren wordt een forse leegstand van agrarische bedrijfslocaties verwacht. Door de schaalvergroting in de landbouw komen veel agrarische bouwpercelen vrij. In Flevoland is tussen nu en 2030 sprake van 400 tot 600 bedrijfsbeëindigingen. Recente berekeningen van Alterra laten zien dat er tot 2030 naar verwachting in Flevoland zo'n 1,3 miljoen vierkante meter agrarische bebouwing beschikbaar komt: in totaal een grotere oppervlakte dan de nu leegstaande kantoren.

Zo'n 70% hiervan bevindt zich in de gemeente Noordoostpolder. Door ruimte te bieden voor invulling van vrijkomende agrarische bebouwing wil de provincie de unieke structuur van Flevoland behouden. De vrijgekomen boerderijwoningen kunnen worden gebruikt voor algemene bewoning, waarbij wordt uitgegaan van één woning per (voormalig) agrarisch bouwperceel. Om het economisch draagvlak te verbreden wil de provincie ruimte bieden aan nieuwe functies in het landelijk gebied en deze verweven met de bestaande landbouwfunctie. Vestiging van activiteiten die bij uitstek thuishoren op een bedrijventerrein of aansluitend aan het bebouwde gebied worden in principe niet toegestaan. De activiteiten moeten in principe kleinschalig van karakter zijn. De bebouwingsmogelijkheden dienen hierop te zijn afgestemd. Effecten die milieu hygiënisch, landschappelijk en verkeerskundig (veiligheid

BJZ.nu Bestemmingsplannen

17

Bestemmingsplan Landelijk gebied, Bomenweg 6 te Emmeloord Ontwerp

en verkeersaantrekkende werking) ongewenst zijn, moeten worden voorkomen. Zo mogen nieuwe functies de landschappelijke en cultuurhistorische kern- en basiskwaliteiten van het gebied niet aantasten. De provincie ziet erop toe dat de mogelijkheden van verstedelijking in het landelijk gebied afdoende gemotiveerd zijn boven het gebruik maken van mogelijkheden in het stedelijk gebied. Zo ziet de provincie ook toe op een goede omgang met de Ladder voor duurzame verstedelijking van het Rijk.

4.2.2.3 Toetsing van het initiatief aan het 'Omgevingsprogramma Provincie Flevoland' In voorliggend geval is sprake van een kleinschalige ontwikkeling in de vorm van een functiewijziging van agrarisch naar wonen en de toevoeging van één extra woning in bestaande (te herbouwen) bebouwing. De 'oorspronkelijke bebouwing' zal worden gebruikt voor bewoning. De bestaande erfbeplanting blijft behouden en wordt versterkt, zoals vastgelegd middels een erfinrichtingsplan (zoals weergegeven in bijlage 2 bij deze toelichting). Er is sprake van een planologische afname van de verkeersbewegingen vanwege de beëindiging van de agrarische bedrijfsmogelijkheden. Als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling wordt de leegstand van agrarische bedrijfsbebouwing tegengegaan, aangezien met het herbouwen van de koelschuur tot schuurwoning wordt een nieuwe invulling gegeven aan de oorspronkelijke bebouwing. Op basis van het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in lijn is met het 'Omgevingsprogramma Provincie Flevoland'.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/1966/documents/32464