CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

17.1 Ruimtelijke onderbouwing.pdf

Gemeenteraad 31 januari 2022, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 17: Verklaring van geen bedenkingen (VVGB) bouwplan hoek Koningin Julianastraat/Onder de Toren te Emmeloord18.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ruimtelijke onderbouwing

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren

November 2021

Status: Definitief

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Ruimtelijke onderbouwing Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren

Plannaam: Plantype: Datum:

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing ten behoeve van een omgevingsvergunning November 2021

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

1

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 3 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

AANLEIDING ............................................................................................................................................... 3 LIGGING VAN HET PROJECTGEBIED ................................................................................................................... 3 HUIDIG PLANOLOGISCH REGIME ...................................................................................................................... 4 EISEN AAN EEN RUIMTELIJKE ONDERBOUWING ................................................................................................... 7 LEESWIJZER ................................................................................................................................................ 8

HOOFDSTUK 2 PLANBESCHRIJVING ....................................................................... 9 2.1 2.2 2.3

HUIDIGE SITUATIE PROJECTGEBIED................................................................................................................... 9 GEWENSTE SITUATIE ................................................................................................................................... 10 VERKEER EN PARKEREN ............................................................................................................................... 15

HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER ........................................................................... 20 3.1 3.2 3.3

RIJKSBELEID .............................................................................................................................................. 20 PROVINCIAAL BELEID .................................................................................................................................. 22 GEMEENTELIJK BELEID................................................................................................................................. 26

HOOFDSTUK 4 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN ................................................... 34 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9

GELUID .................................................................................................................................................... 34 BODEM.................................................................................................................................................... 35 LUCHTKWALITEIT ....................................................................................................................................... 36 EXTERNE VEILIGHEID ................................................................................................................................... 38 MILIEUZONERING ...................................................................................................................................... 39 ECOLOGIE................................................................................................................................................. 41 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE .............................................................................................................. 44 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE .............................................................................................................. 45 WATERASPECTEN....................................................................................................................................... 47

HOOFDSTUK 5 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID .................................................. 51 HOOFDSTUK 6 VOOROVERLEG ........................................................................... 52 6.1 6.2 6.3 6.4

HET RIJK .................................................................................................................................................. 52 PROVINCIE FLEVOLAND ............................................................................................................................... 52 WATERSCHAP ZUIDERZEELAND ..................................................................................................................... 52 OMGEVINGSTRAJECT .................................................................................................................................. 52

BIJLAGEN BIJ DE RUIMTELIJKE ONDERBOUWING ......................................................... 53 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8

WELSTANDSADVIES ............................................................................................................................ 54 BEZONNINGSSTUDIE ........................................................................................................................... 55 AKOESTISCH ONDERZOEK ..................................................................................................................... 56 VERKENNEND BODEMONDERZOEK ......................................................................................................... 57 AERIUS-BEREKENING......................................................................................................................... 58 NATUURWAARDENONDERZOEK ............................................................................................................ 59 AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R. BEOORDELING ................................................................................. 60 PARKEERONDERZOEK .......................................................................................................................... 61

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

HOOFDSTUK 1 1.1

INLEIDING

Aanleiding

Sinke Groep (in het vervolg initiatiefnemer) is voornemens om op de hoek van de Koningin Julianastraat en de weg Onder de Toren een woon-werkgebouw (kantoor en wonen) te realiseren. Concreet ziet het voornemen toe op een gebouw met 16 appartementen, een kantoorruimte met 995 m² (bruto)vloeroppervlak en een bijbehorende parkeergarage onder het beoogde gebouw. De voorgenomen ontwikkeling is niet (volledig) in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan “Emmeloord, de Deel - Stadshart”, waarin de te bebouwen gronden niet volledig beschikken over passende gebruiks- en bouwmogelijkheden. In voorliggend geval kan van het geldende bestemmingsplan worden afgeweken en medewerking aan de ontwikkeling worden verleend via een omgevingsvergunning conform artikel 2.12 eerste lid onder a, sub 3 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (uitgebreide voorbereidingsprocedure). Deze afwijking van het bestemmingsplan moet gemotiveerd worden met een ruimtelijke onderbouwing, waarin wordt aangetoond dat de ontwikkeling in overeenstemming is met ‘een goede ruimtelijke ordening’. Voorliggende ruimtelijke onderbouwing voorziet hierin.

1.2

Ligging van het projectgebied

Het projectgebied ligt ten westen van het centrum van de kern Emmeloord. Het gaat om (een deel van) de percelen die kadastraal bekend staan als: gemeente Noordoostpolder, sectie AZ met nummers 12838 en 13117. In afbeelding 1.1 is de ligging van het projectgebied in de kern Emmeloord en ten opzichte van de directe omgeving met respectievelijk de rode ster en de rode cirkel indicatief aangegeven.

Afbeelding 1.1

Ligging van het projectgebied (Bron: PDOK)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

1.3

Huidig planologisch regime

1.3.1

Algemeen

Het projectgebied ligt binnen de begrenzing van de bestemmingsplannen “Emmeloord, de Deel – Stadshart” en het “Parapluplan parkeren”. Deze plannen zijn respectievelijk op 28 maart 2013 en 8 juli 2019 vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Noordoostpolder. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding behorend bij het vigerende bestemmingsplan “Emmeloord, de Deel – Stadshart” opgenomen. Met de rode omlijning is de begrenzing van het projectgebied indicatief aangegeven.

Afbeelding 1.2

1.3.2

Uitsnede vigerend bestemmingsplan (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Beschrijving bestemmingen

Op basis van het geldende bestemmingsplan “Emmeloord, de Deel – Stadshart” zijn de gronden binnen het bestemmingsplan voorzien van de bestemmingen ‘Groen’, ‘Kantoor’ en ‘Verkeer’. Ook is ter plaatse een aantal aanduidingen van kracht. Hierna wordt per bestemming nader ingegaan op het vigerend planologisch regime. Bestemming ‘Groen’ De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor onder andere groenvoorzieningen met daarbij behorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouw zijnde, andere werken en in- en uitritten ten behoeve van aangrenzende percelen. Bestemming ‘Kantoor’ De voor ‘Kantoor’ aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor het bedrijfsmatig uitoefenen van administratieve werkzaamheden ten behoeve van derden, met bijbehorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijn, tuinen, erven en parkeervoorzieningen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing In de bouwregels is bepaald dat gebouwen binnen een bouwvlak moeten worden gebouwd en dat ter plaatse van de aanduidingen ‘maximale bouwhoogte’ de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan is aangegeven op de verbeelding. Binnen het projectgebied is bepaald dat de maximale bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 15,5 meter. Door middel van de aanduiding ‘plat dak’ is bepaald dat ter plaatse van het projectgebied uitsluitend een gebouw met een plat dak is toegestaan. Bestemming ‘Verkeer’ De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen en straten, voet- en rijwielpaden en ter plaatse van de aanduiding ‘parkeerterrein’ (deze aanduiding is ter plaatse van het projectgebied opgenomen), tevens voor een parkeerterrein. 1.3.3

Strijdigheid

De voorgenomen ontwikkeling ziet toe op een gecombineerd kantoor- en woongebouw. Een woonfunctie is ter plaatse van het projectgebied niet toegestaan. Daarnaast is het beoogde bouwplan beperkt buiten het geldende bouwvlak geprojecteerd en wordt met een beoogde bouwhoogte van 17,05 meter niet voldaan aan de toegestane maximale bouwhoogte van 15,5 meter. Tevens wordt het gebouw niet voorzien van een plat dak, terwijl deze op basis van het geldende bestemmingsplan uitsluitend is toegestaan. Ook wordt opgemerkt dat binnen de geldende bestemming ‘Groen’ een in- en uitrit ten behoeve van een ondergrondse parkeergarage behorende bij het kantoor- en woongebouw is beoogd. Binnen de bestemming ‘Groen’ is in de regels van het bestemmingsplan “Emmeloord, de Deel – Stadshart” tevens de aanduiding ‘parkeergarage’ opgenomen (niet opgenomen ter plaatse van het projectgebied). Ter plaatse van deze aanduiding is een toegang ten behoeve van een ondergrondse parkeergarage toegestaan. Het ontbreken van deze aanduiding ter plaatse van het projectgebied, impliceert dat een dergelijke toegang ter plaatse van het projectgebied niet is toegestaan. Hierbij wordt opgemerkt dat binnen de bestemming ‘Groen’ wel in- en uitritten ten behoeve van aangrenzende percelen zijn toegestaan. Tot slot is ter plaatse van het projectgebied een parkeergarage (stallinggarage) voorzien.

Op de verbeelding in het geldende bestemmingsplan is geen functieaanduiding ‘parkeergarage’ opgenomen. Voor het gebouw ten zuiden gesitueerd van het voorgenomen bouwplan, het wooncomplex 'Residence De Deel', is op de verbeelding wel expliciet een functieaanduiding ‘parkeergarage’ van toepassing. Omdat voor die locatie wel deze bewuste functieaanduiding is opgenomen op de verbeelding, is te concluderen dat de parkeergarage in het voorgenomen project, een strijdigheid binnen de bestemming ‘Kantoor’ is. In afbeeldingen 1.3 en 1.4 is, vooruitlopend op de nadere beschrijving van de voorgenomen ontwikkeling, weergegeven dat het bouwplan slechts beperkt afwijkt van respectievelijk het bouwvlak en de maximale bouwhoogte.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 1.3

Bouwplan t.o.v. het geldende bouwvlak (Bron: ruimtelijke plannen, bewerkt door BJZ.nu)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 1.4

Weergave afwijking van de maximale toegestane bouwhoogte (Bron: Heeren 3 Architecten)

Gelet op het vorenstaande past het bouwplan zowel qua gebruiks- alsook de bouwmogelijkheden niet binnen de geldende bestemmingen. Om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken wordt via een omgevingsvergunning afgeweken van het geldende bestemmingsplan ex artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 30 van de Wet algemene bepaling omgevingsrecht (uitgebreide voorbereidingsprocedure). In deze ruimtelijke onderbouwing wordt aangetoond dat het voorgenomen initiatief in overeenstemming is met een ‘goede ruimtelijke ordening’.

1.4

Eisen aan een ruimtelijke onderbouwing

Een op artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 30 Wabo gebaseerde zelfstandige instructie voor de inhoud en inrichting van deze ruimtelijke onderbouwing ontbreekt in het Besluit omgevingsrecht (Bor). Artikel 5.20 van het (Bor) verklaart voor de inhoud van het besluit de artikelen 3.1.2, 3.1.6 en 3.3.1, eerste lid, van het Besluit ruimtelijke ordening van overeenkomstige toepassing. Voorliggende ruimtelijke onderbouwing belicht alle relevante aspecten vanuit de ruimtelijke ordening en toont aan dat voorliggende ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Hieronder is verwoord waaraan een ruimtelijke onderbouwing moet voldoen. In een goede ruimtelijke onderbouwing zijn neergelegd: 1. 2. 3.

een verantwoording van de gemaakte keuzen; een beschrijving van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding; Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 4.9; de uitkomsten van het in artikel 3.1.1 bedoelde overleg; Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 6;

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing 4.

5.

6.

de uitkomsten van het met toepassing van artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht verrichte onderzoek; verwezen wordt naar de gehele ruimtelijke onderbouwing waaruit blijkt dat met alle relevante feiten en af te wegen belangen rekening is gehouden; een beschrijving van de wijze waarop burgers en maatschappelijke organisaties bij de voorbereiding zijn betrokken; het ontwerpbesluit wordt voor een ieder ter inzage gelegd. Er wordt gelegenheid geboden om zienswijzen in te dienen; de inzichten over de uitvoerbaarheid van het plan; Verwezen wordt naar hoofdstuk 5.

Voor zover bij het project geen milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer wordt opgesteld, waarin de hierna volgende onderdelen zijn beschreven, worden in de ruimtelijke onderbouwing ten minste neergelegd: 7. 8.

9.

1.5

een beschrijving van de wijze waarop met de in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden; Verwezen wordt naar paragraaf 4.7. voor zover nodig een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met overige waarden van de in het besluit begrepen gronden en de verhouding tot het aangrenzende gebied; In hoofdstuk 4 is aandacht besteed aan relevante aspecten; een beschrijving van de wijze waarop krachtens hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer vastgestelde milieukwaliteitseisen bij het besluit zijn betrokken; het betreffende hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer heeft betrekking op luchtkwaliteitseisen. Deze zijn beschreven in paragraaf 4.3.

Leeswijzer

Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 allereerst ingegaan op de huidige en gewenste situatie ter plaatse van het projectgebied. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie Flevoland en de gemeente Noordoostpolder beschreven. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op alle relevante milieu- en omgevingsaspecten. Hoofdstuk 5 staat in het teken van de economische uitvoerbaarheid. Tot slot gaat hoofdstuk 6 in op het vooroverleg.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

HOOFDSTUK 2 2.1

PLANBESCHRIJVING

Huidige situatie projectgebied

Het projectgebied ligt aan de westrand van het centrum van Emmeloord. De omgeving rondom het projectgebied bestaat enerzijds uit woonfuncties en anderzijds uit centrumfuncties. De noordzijde van het projectgebied wordt begrensd door de Koningin Julianastraat. Aan de westzijde vormt de straat Onder de Toren de begrenzing. Aan de zuidzijde en de oostzijde wordt het projectgebied begrensd door openbare groen- en verblijfsvoorzieningen. Het projectgebied zelf is op dit moment onbebouwd en is ingericht als gazon/grasveld. De huidige situatie ter plaatse van het projectgebied (rode omlijning) wordt in afbeelding 2.1 en 2.2 met respectievelijk een luchtfoto en een straatbeeldfoto weergegeven.

Afbeelding 2.1

Luchtfoto ligging projectgebied (Bron: PDOK)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 2.2

Straatbeeldfoto projectgebied, gezien vanaf het noordwesten (Bron: Google Streetview)

2.2

Gewenste situatie

2.2.1

Algemeen

De voorgenomen ontwikkeling ziet toe op de realisatie van een woon-werk gebouw ter plaatse van het projectgebied. De beoogde bebouwing moet ruimte bieden aan 16 middendure koop- en/of huurappartementen en een kantoorruimte met een brutovloeroppervlak van 995 m². Het gebouw bestaat uit vijf bovengrondse bouwlagen, waarbij elke bouwlaag over het algemeen deels wordt ingericht ten behoeve van de kantoorfunctie en deels ten behoeve van de appartementen. Onder het te realiseren gebouw wordt een ondergrondse parkeergarage met 18 parkeerplaatsen en bergingen voor de appartementen gerealiseerd. 2.2.2

Stedenbouwkundig

Het te realiseren gebouw is in feite verticaal in tweeën gesplitst. De noord- westzijde wordt grotendeels ingericht voor kantoorruimte en de zuid- oostzijde voor de appartementen. Enkel ter plaatse van de bovenste verdieping is dit niet het geval, deze wordt volledig ingericht voor de appartementen. Bij de uitwerking van het stedenbouwkundige uitstraling is nadrukkelijk gekeken naar de bestaande bebouwing in de omgeving. Zo heeft het te realiseren gebouw een soortgelijke uitstraling als het woongebouw (‘Residence De Deel’) ten zuiden van het projectgebied. Het te realiseren gebouw is verder van het naastgelegen (aan de zuidzijde) gebouw gepositioneerd dan het bestemmingsplan toestaan. Ten opzichte van het vigerende planologisch regime (bouwvlak) scheelt dat circa een meter. Het gebouw komt aan de noord- en oostzijde 1 meter buiten het bouwvlak te liggen. Het bouwen binnen het bouwvlak is namelijk niet mogelijk in verband met de afstand die aangehouden moet worden tot de bestaande hoofdwaterleiding die langs het perceel loopt en de afstand tot de recent aangelegde rotonde. Voor de hoofdwaterleiding geldt een aan te houden afstand ten behoeve van het onderhoud aan deze leiding.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing Daarmee is het verdedigbaar om op dit punt de voorgestelde bouwmassa iets op te schuiven waardoor aan de oostzijde het plan deels buiten het bouwvlak wordt gesitueerd. Dit komt ook ten goede aan het woongenot van de bewoners van het appartementencomplex 'Residence De Deel'. Er ontstaat namelijk meer ruimte tussen het appartementencomplex 'Residence De Deel' en het nieuw te bouwen pand. Dit is een situatie waar een rationele verkaveling van de gronden een geringe afwijking vergt. Vanwege het vorenstaande wordt dichter op de Koningin Julianastraat gebouwd. Om het gebouw (optisch) niet te dicht op de Koningin Julianastraat te bouwen, is het te realiseren gebouw ter hoogte van de kruising van de weg Onder de Toren en de Koningin Julianastraat voorzien van een ‘inham’. De eerste twee bouwlagen zijn niet over de volledige footprint tot de grond doorgetrokken. Door deze architectonische verbijzondering blijft er ter hoogte van de kruising/rotonde een overzichtelijke situatie. In afbeeldingen 2.3 en 2.4 is een impressie van de gewenste bebouwing weergegeven. In afbeelding 2.5 is een impressie van de beoogde in- en uitrit voor de ondergrondse parkeergarage weergegeven.

Afbeelding 2.3

Impressie gewenste bebouwing vanaf Onder de Toren (Bron: Heeren 3 Architecten)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 2.4

Impressie gewenste bebouwing vanaf de rotonde ter hoogte van de Koningin Julianastraat (Bron: Heeren 3 Architecten)

Afbeelding 2.5

Impressie in- en uitrit ondergrondse parkeergarage (Bron: Heeren 3 Architecten)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing 2.2.3

Ruimtelijke uitwerking op de omgeving ten opzichte van het geldende planologisch regime

2.2.3.1 Algemeen De voorgenomen ontwikkeling voorziet in een bouwplan dat qua bouw- en gebruiksmogelijkheden beperkt afwijkt van het vigerende planologisch regime. In deze paragraaf wordt ingegaan op de ruimtelijke uitwerking van de voorgenomen ontwikkeling op de omgeving. Dit wordt beschouwd vanuit het gegeven dat ter plaatse van het projectgebied reeds een kantoorpand mag worden gebouwd. 2.2.3.2 Het straat- en bebouwingsbeeld Het voorgenomen bouwplan wijkt qua positionering en qua maximale bouwhoogte af van de bouwregels uit het geldende bestemmingsplan. Zoals beschreven wordt het te realiseren gebouw vanwege de ligging van een hoofdwaterleiding beperkt verschoven ten opzichte van het geldende bouwvlak. Deze wijziging brengt met zich mee dat de afstand van het te bouwen gebouw, in vergelijking met het geldende planologisch regime, ten opzichte van ‘Residence De Deel’ en de gebouwen aan de Onder de Toren met één meter wordt vergroot en ten opzichte van de woningen aan de Koningin Julianastraat met één meter wordt verkleind. In onderstaande tabel is weergegeven wat de planologisch toegestane afstand van het gebouw tot de omliggende bebouwing is en wat de feitelijke afstand wordt: Locatie

Bebouwing langs de Koningin Julianastraat Bebouwing langs de Onder de Toren Résidence de Deel

Afstand tot grens bebouwing in het projectgebied Planologisch toegestaan 31,5 meter

Afstand tot grens bebouwing in het projectgebied Bouwplan 30,5 meter

36,5 meter

37,5 meter

13,5 meter

14,5 meter

Hoewel het beoogde gebouw dichter op de bebouwing langs de Koningin Julianastraat wordt gebouwd, heeft dit geen negatieve gevolgen voor de woon- en leefsituatie van de bewoners aan de Koningin Julianastraat. Hier wordt in subparagraaf 2.2.3.3 nader op ingegaan. Naast de geringe ‘verplaatsing’ van het gebouw, wordt het gebouw 1,55 meter hoger dan reeds planologisch is toegestaan. Deze geringe afwijkingen hebben echter geen negatieve invloed op het straat- en bebouwingsbeeld ter plaatse. De hogere bouwhoogte wordt als het ware gebroken door de bovenste verdieping van het gebouw met een terugliggende gevel uit te voeren. Op die manier is het aangezicht van de beoogde bebouwing (nog) minder hoog dan hetgeen planologisch is toegestaan. Het projectgebied ligt daarnaast in een gebied (centrumgebied) waar sprake is van een afwisseling van functies en daarmee ook een afwisseling van hoogtes, vormgeving, volumes en uitstraling. Gelet op het vorenstaande wordt in het bouwplan rekening gehouden met de uitstraling van bestaande bebouwing in de omgeving, en sluit hierop aan. Eén en ander wordt tevens onderschreven door een positief welstandsadvies van het Oversticht (d.d. 13 juli 2018) (zie bijlage 1).

2.2.3.3 De woonsituatie van omwonenden Privacy De invloed van het te realiseren gebouw, alsmede het toevoegen van woningen (kantoorruimte is reeds toegestaan), kan invloed hebben op het gevoel van privacy van omwonenden. In voorliggend geval wordt op voorhand uitgesloten dat er sprake is van een onevenredige aantasting van de privacy van omwonenden. Hierbij gaat het voornamelijk om de privacy ter plaatse van het ten zuiden van het projectgebied staande woongebouw, Résidence de Deel. Aan de zijde van dit woongebouw wordt immers hoofdzakelijk de functie van het gebouw gewijzigd.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing Aan de zijde van ‘Résidence de Deel’ worden woningen gerealiseerd. In het geldende planologische regime, is ter plaatse een kantoorfunctie toegestaan. Bij een reële vergelijking van beide functies, kan worden gesteld dat bij een woonfunctie de aanwezigheid van mensen in de avonduren hoger is dan bij een kantoorfunctie. Bij een kantoorfunctie is de aanwezigheid van mensen in de avonduren echter niet uitgesloten. Zo bezien zijn er in feite geen andere effecten dan effecten die zouden kunnen optreden op basis van het geldende bestemmingsplan. Daarnaast ligt het projectgebied in een stedelijk gebied in het centrum van Emmeloord. In een dergelijke omgeving is enige inkijk in woningen inherent aan het wonen in een dergelijke omgeving. Om inkijk tot een minimum te beperken, is op de bovenste verdieping van het te realiseren gebouw bewust terugliggend geprojecteerd. Zodoende kan vanuit de bovenste verdieping nagenoeg niet worden gekeken naar Résidence de Deel. Tevens wordt met de grotere afstand van het te realiseren gebouw, eveneens bijgedragen aan het minimaliseren van de eventuele effecten op de woonsituatie van ‘Résidence de Deel’.

Schaduwhinder Om inzicht te verkrijgen of de voorgenomen ontwikkeling resulteert in onevenredige schaduwhinder voor de omliggende bebouwing, is door Heeren 3 Architecten een bezonningsstudie uitgevoerd. Het rapport behorende bij de bezonningsstudie is opgenomen in bijlage 2. Hierna wordt op de bevindingen ingegaan. In de bezonningsstudie is voor verschillend seizoenen en verschillende tijden weergegeven wat de schaduwwerking is van het planologisch toegestane gebouw en het concrete bouwplan. In afbeelding 2.6 is de schaduwwerking in september weergegeven.

Afbeelding 2.6

Bezonningstudie september (Bron: Heeren 3 Architecten)

Op basis van de bezonningsstudie is zichtbaar dat het te realiseren gebouw ten opzichte van de planologisch toegestane situatie niet resulteert in een onevenredige toename van schaduwwerking op de bestaande bebouwing rondom het projectgebied. De schaduwwerking is nagenoeg hetzelfde danwel minder, ten opzichte van de planologisch toegestane situatie. Milieu- en omgevingsaspecten In hoofdstuk 4 wordt vanuit milieukundig oogpunt onder andere ingegaan op de invloed van de voorgenomen ontwikkeling op de omgeving.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

14

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

2.3

Verkeer en parkeren

2.3.1

Parkeerbehoefte

2.3.1.1 Algemeen Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie die ontstaat. De gemeente Noordoostpolder heeft in de ‘Nota Parkeernormen Noordoostpolder’ normen en voorwaarden ten aanzien van parkeervoorzieningen opgenomen. Hiertoe is een stappenplan opgenomen, namelijk: 1. 2. 3. 4.

Bepalen parkeerbehoefte; Aantonen parkeren op bijbehorend terrein; Onderzoek gebruik bestaande parkeerplaatsen in de openbare ruimte; Onderzoek realiseren nieuwe parkeerruimte in de openbare ruimte.

2.3.1.2 Parkeerberekening Stap 1: Bepalen parkeerbehoefte Het projectgebied bevindt zich in een gebied dat wordt aangemerkt als ‘Emmeloord centrum’. In een dergelijk gebied gelden de volgende parkeernormen voor de in voorliggend geval relevante functies: Functie Koop, etage, midden

Kantoor (met baliefunctie) Totaal

Parkeernorm per woning / per 100 m² 1,4 (waarvan 0,3 voor bezoekers) 2,1

Aantal beoogde woningen / per 100 m² 16 woningen

995 m²

Parkeerbehoefte 22,4 (waarvan 4,8 voor bezoekers) 20,9 43,3

Op basis van de Nota Parkeernormen Noordoostpolder 2016 is ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling sprake van een parkeerbehoefte van afgerond 44 parkeerplaatsen. Het voornemen vindt echter plaats op gronden die op basis van het geldende bestemmingsplan volledig mogen worden bebouwd ten behoeve van kantoorfuncties. Hierbij is er sprake van een bouwvlak van 800 m² dat volledig mag worden bebouwd met een gebouw met een bouwhoogte van 15,5 meter. In een realistisch scenario kan zodoende een gebouw met vier bouwlagen met een bruto vloeroppervlak per bouwlaag van circa 650 m² worden gerealiseerd. Zodoende kan een kantoorpand met een bruto vloeroppervlak van 2.600 m² worden gebouwd. Bij een kantoorpand met een bruto vloeroppervlak van 2.600 m² behoort een parkeerbehoefte van afgerond 55 parkeerplaatsen. Gelet op het vorenstaande resulteert de voorgenomen ontwikkeling per saldo niet in een toename van de parkeerbehoefte ten opzichte van de planologisch toegestane situatie. Desondanks wordt hierna nader onderbouwd dat er in en om het projectgebied sprake is van voldoende parkeergelegenheid. De Nota Parkeernormen schrijft voor dat bij de ontwikkeling van meerdere (verschillende) functies gebruik gemaakt mag worden van in de Nota opgenomen aanwezigheidspercentages. Op basis hiervan kan het dubbelgebruik van parkeerplaatsen worden bepaald.

Op basis van de percentages afkomstig uit de Nota Parkeernormen ontstaat er het volgende beeld (de getallen staan voor de parkeerbehoefte):

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

15

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Functie

Werkdagochtend

Werkdagmiddag

Werkdagavond

Koopavond

Werkdagnacht

Zaterdagmiddag

Zaterdagavond

Zondagmiddag

Woningen bewoners

8,8

8,8

15,84

14,08

17,6

10,56

14,08

12,32

Woningen bezoekers

0,48

0,96

3,84

3,36

0

2,4

4,8

3,36

Kantoor

20,9

20,9

1,045

0

0

0

0

0

Totaal

30,18

30,66

20,725

18,485

17,6

12,96

18,88

15,68

In voorliggend geval is het maatgevende moment de middag op een werkdag. Op dat moment is er sprake van een parkeerbehoefte van 31 parkeerplaatsen. De Nota Parkeernomen schrijft voor dat een bouwplan in beginsel op eigen terrein aan de parkeerbehoefte moet voldoen. In voorliggend geval worden op eigen terrein 18 parkeerplaatsen in de vorm van een parkeergarage gerealiseerd. Binnen het projectgebied zelf is verder geen ruimte om in meer parkeerplaatsen te kunnen voorzien. Om kostenredenen en fysieke beperkingen is het niet reëel te verwachten dat er meer parkeerplaatsen ondergronds worden gerealiseerd. Gelet op het vorenstaande dient aan stap 2 van de ‘Nota Parkeernormen Noordoostpolder’ te worden voldaan. Wederom wordt opgemerkt dat ter plaatse van het projectgebied reeds een kantoorfunctie is toegestaan, waarbij bij een reële invulling sprake is van een parkeerbehoefte van 55 parkeerplaatsen. Als gevolg van het voornemen neemt de parkeerdruk ter plaatse van het projectgebied op het maatgevend moment af met 24 parkeerplaatsen (55 – 31). Stap 2: Aantonen parkeren op bijbehorend terrein Om aan te tonen of bestaande openbare parkeerplaatsen in de omgeving van het projectgebied kunnen worden benut, is in november 2021 door BonoTraffics een parkeeronderzoek uitgevoerd. Het volledige onderzoeksrapport in bijlage 8 bij deze ruimtelijke onderbouwing opgenomen.

Hierna wordt ingegaan op de bevindingen. Tijdens dit parkeeronderzoek in november 2021 is op de zaterdagmiddag met een bezetting van 66% van de beschikbare parkeerplaatsen, de hoogste parkeerbezetting geregistreerd. Uitgaande van een maximale bezettingsgraad / parkeerdruk van 80% in het centrum van Emmeloord, is er op de zaterdagmiddag, het maatgevende moment, nog restcapaciteit beschikbaar van 48 parkeerplaatsen. Op basis van 100% capaciteit zijn er dan nog 118 parkeerplaatsen beschikbaar binnen het onderzoeksgebied. De voorgenomen ontwikkeling heeft op basis van stap 1 de grootste parkeervraag op de werkdagmiddag. Ten tijde van het parkeeronderzoek zijn er op de werkdagmiddag 159 van de in totaal 352 parkeerplaatsen beschikbaar. Uitgaande van het 80% criterium voor het centrum is er op de werkdagmiddag nog een restcapaciteit beschikbaar van 123 parkeerplaatsen. De zaterdagmiddag als drukste onderzoek moment en de dinsdagmiddag als maatgevend moment vanuit de parkeerbalans geven ten tijde van het onderzoek nog restcapaciteit. Geen van de onderzoek momenten komt in de buurt van de 80% bezetting.

Stap 3: onderzoek gebruik bestaande parkeerplaatsen in de openbare ruimte Als in de omgeving parkeerplaatsen voorhanden zijn die ooit zijn aangelegd voor een doel of functie die niet meer bestaat of als er sprake is van overcapaciteit aan parkeerruimte, is te onderzoeken of deze ruimte mag worden meegeteld bij de parkeerverplichting voor het initiatief. Dit is alleen mogelijk als de parkeerdruk in de openbare ruimte op het maatgevende moment, met toevoeging van de ontwikkeling, onder de 80% blijft in het centrum van Emmeloord (waar het projectgebied toe behoort).

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

16

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing Voor de onderbouwing van deze stap wordt verwezen naar de onderbouwing in stap 2 en het parkeeronderzoek van BonoTraffics dat in bijlage 8 van deze ruimtelijke onderbouwing is opgenomen. Geconcludeerd wordt dat binnen acceptabele loopafstanden voldoende parkeerplaatsen aanwezig zijn. De parkeerdruk op de openbate parkeerplaatsen komt als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling tevens niet boven de 80% danwel 90%. Stap 4: onderzoek realiseren nieuwe parkeerruimte in de openbare ruimte De parkeerbehoefte van de voorgenomen ontwikkeling is op te vangen op de aanwezige openbare parkeerplaatsen. Stap 4, het onderzoeken van nieuwe parkeerruimte in de openbare ruimte, is niet aan de orde. Fietsparkeren In de nota Parkeernormen Noordoostpolder 2016 zijn naast normen voor het parkeren van auto’s, tevens parkeernormen voor fietsparkeren opgenomen. In de onderstaande tabel is de behoefte van fietsparkeerplaatsen uiteengezet. Functie Kantoor medewerkers Kantoor bezoekers Appartement bewoners Appartement bezoekers Totaal afgerond

Parkeernorm fiets 1,7 per 100 m² bvo 5,0 per 100 m² bvo 0,75 per appartement 0,5 per appartement

Gewenste situatie 995 m² bvo

Fietsparkeernorm 66,7

16 appartementen

20 87

Gelet op het vorenstaande is er sprake van een fietsparkeerbehoefte van 87 fietsparkeerplaatsen. Ter hoogte van de van de hellingbaan van de parkeergarage in het projectgebied, is ruimte gereserveerd voor in ieder geval 67 fietsparkeerplaatsen. Dit is in afbeelding 2.8 weergegeven. Daarnaast wordt per appartement, binnen de bebouwing, een berging gerealiseerd waar tevens een of twee fietsen kunnen worden gestald. Uitgaande van 1 fiets per berging, wordt in het projectgebied minimaal voorzien in (67+16) 83 fietsparkeerplaatsen. Het precieze aantal is afhankelijk van de doelgroep bewoners.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

17

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 2.8

Fietsparkeerplaatsen in het projectgebied (Bron: Heeren 3 Architecten)

Met het realiseren van 83 fietsparkeerplaatsen, is sprake van een tekort van vier plaatsen. Indien voor het fietsparkeren ook wordt gerekend met het aanwezigheidspercentage als opgenomen in paragraaf stap 1 (voor autoparkeren), wordt voldaan aan de fietsparkeerbehoefte. Ten aanzien van het parkeren van auto’s zorgt dubbelgebruik ervoor dat circa 56% van de berekende parkeerbehoefte maatgevend is (31/55*100). Indien hetzelfde percentage wordt toegepast op de fietsparkeerbehoefte, is er sprake van (87*56%) een fietsparkeerbehoefte van afgerond 50 fietparkeerplaatsen. Hier wordt ruimschoots aan voldaan. Resumé Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat in het projectgebied in voldoende mate wordt voorzien in (fiets)parkeerplaatsen. 2.3.2

Verkeersgeneratie

2.3.2.1 Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de extra verkeersgeneratie die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. De gemeentelijke parkeernota gaat niet in op de concrete verkeersgeneratie die ontstaat in verband met ruimtelijke ontwikkelingen. Op basis van de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren’ (publicatie 381, december 2018) van het CROW kan de verkeersgeneratie van de ontwikkeling berekend worden. Het CROW ontwikkelt en publiceert kennis op onder andere het gebied van verkeer en parkeren. Specifiek voor verkeersgeneratie en parkeren heeft het CROW de publicatie, ‘Toekomstbestendig parkeren’ opgesteld. Deze kencijfers zijn gebaseerd op literatuuronderzoek en praktijkervaringen van gemeenten. De kencijfers zijn landelijk (en juridisch) BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

18

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeergeneratie en het benodigde aantal parkeerplaatsen. Overigens wordt opgemerkt dat bij iedere functie, in de CROW-publicatie, een maximum en minimum wordt genoemd. Dit is de bandbreedte. Veelal wordt bij nieuwe ontwikkelingen het gemiddelde gehanteerd. 2.3.2.2 Verkeersgeneratie Voor voorliggende ontwikkeling in het centrum van Emmeloord wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten: • • •

Type: Koop, appartement, midden + Kantoor; Verstedelijkingsgraad: matig stedelijk (bron: ‘Nota Parkeernormen Noordoostpolder 2016’); Stedelijke zone: centrum.

In de onderstaande tabel is de verkeersgeneratie per functie weergegeven. Functie Koop, appartement, midden Kantoor Totaal

Verkeersgeneratie per woning / per 100 m² 5,1

Aantal beoogde woningen / m² 16

Verkeersgeneratie per weekdag 81,6

5,2

995 m²

51,74 133,34

De totale verkeersgeneratie in verband met de voorgenomen ontwikkeling bedraagt afgerond 134 verkeersbewegingen per weekdagetmaal. Hierbij wordt eveneens opgemerkt dat op basis van het vigerende planologisch regime een kantoorpand ter plaatse van het projectgebied is toegestaan. Met vergelijkbare uitgangspunten als beschreven in paragraaf 2.3.1.2, zou een volledig kantoorpand resulteren in een verkeersgeneratie van afgerond 136 verkeersbewegingen per weekdag. De voorgenomen ontwikkeling resulteert (vanuit planologisch oogpunt) in een reductie van het aantal verkeersbewegingen. Het beoogde bouwplan en de daarbij behorende parkeergarage wordt ontsloten op het reeds gerealiseerde parkeerterrein ten oosten van het projectgebied. Dit parkeerterrein wordt vervolgens op verkeersveilige wijze ontsloten op de Koningin Julianastraat. De Koningin Julianastraat betreft een belangrijke verkeersader in Emmeloord, die over ruim voldoende capaciteit beschikt om de geringe verkeersgeneratie op te kunnen vangen. 2.3.3

Conclusie

Het aspect ‘verkeer en parkeren’ vormt geen belemmering voor de in deze ruimtelijke onderbouwing besloten ontwikkeling.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

19

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

HOOFDSTUK 3

BELEIDSKADER

Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit projectgebied geldende uitgangspunten weergegeven.

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is op 13 maart 2012 vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geeft een totaalbeeld van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en vervangt de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de MobiliteitsAanpak en de Structuurvisie voor de Snelwegomgeving. Tevens vervangt het een aantal ruimtelijke doelen en uitspraken in onder andere de Agenda Landschap en de Agenda Vitaal Platteland. Daarmee wordt de SVIR het kader voor thematische of gebiedsgerichte uitwerkingen van rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. In de SVIR heeft het Rijk drie rijksdoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): • • •

3.1.2

Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; Het verbeteren, instandhouden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

De borging van de uitspraken uit de SVIR heeft in juridische zin plaatsgevonden in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Deze is op 30 december 2011 in werking getreden. In het Barro zijn de verschillende nationale belangen vastgelegd die doorwerking moeten krijgen bij lagere overheden. Het gaat om de volgende nationale belangen: rijksvaarwegen, project Mainportontwikkeling Rotterdam, kustfundament, grote rivieren, Waddenzee en waddengebied, defensie, Natuur Netwerk Nederland erfgoederen van universele waarden, hoofdwegen en hoofdspoorwegen, elektriciteitsvoorziening, buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen, primaire waterkeringen buiten het kustfundament en het IJsselmeergebied. 3.1.3

Ladder voor duurzame verstedelijking

In de SVIR wordt de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

20

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´ Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit).

3.1.4

Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten in het rijksbeleid

De Ladder is van toepassing op ruimtelijke plannen die worden aangemerkt als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Op voorhand wordt opgemerkt dat de kantoorfunctie ter plaatse van het projectgebied qua gebruik reeds is toegestaan. Ten aanzien van de te realiseren kantoorfunctie wordt op voorhand gesteld dat daardoor geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De te realiseren 16 appartementen betreffen een nieuwe functie dat nader moet worden beschouwd in het kader van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Bij het bepalen of en hoe de Ladder moet worden toegepast, zijn de volgende vragen van belang: Is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Er is geen ondergrens bepaald voor wat een ‘stedelijke ontwikkeling’ is. Op basis van jurisprudentie blijkt dat de vraag of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van die ontwikkeling, in relatie tot de omgeving. Voor wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. • •

11 woningen geen nieuwe stedelijke ontwikkeling (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921) 12 woningen wel een nieuwe stedelijke ontwikkeling (ABRvS 25 maart 2015; ECLI:NL:RVS:2015:953).

Doordat in voorliggend geval sprake is van het toevoegen van 16 woningen, wordt het voornemen beschouwd als nieuwe stedelijke ontwikkeling in het kader van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Artikel 3.1.6 lid 2 van de Bro geeft aan dat de toelichting van een ruimtelijk plan, dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet voldoen aan een aantal voorwaarden: • •

er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte; indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

Beschrijving behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling In paragraaf 3.3.2 wordt de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan het actuele woonbeleid van de gemeente Noordoostpolder. Hieruit volgt dat de voorgenomen ontwikkeling zowel kwantitatief als kwalitatief voorziet in woningen waar de komende tijd behoefte aan is in de gemeente Noordoostpolder. Op deze plaats wordt dan ook gesteld dat de behoefte hiermee voldoende is aangetoond. Ligt de stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied? De voorgenomen ontwikkeling vindt plaats in het centrum van Emmeloord. Daarnaast is het projectgebied reeds grotendeels voorzien van een stedelijke bestemming. Op basis van het vorenstaande wordt dan ook gesteld dat er sprake is van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de gewenste ontwikkeling in overeenstemming is met de Ladder voor duurzame verstedelijking.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

21

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing 3.1.5

Conclusie toetsing aan het rijksbeleid

Geconcludeerd wordt dat er geen sprake is van strijd met het rijksbeleid.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie FlevolandStraks

De Omgevingsvisie FlevolandStraks geeft de langetermijnvisie van de provincie Flevoland op de toekomst van dit gebied. Het gaat over de periode tot 2030 en verder. Het geeft aan welke kansen, opgaven en uitdagingen er voor Flevoland liggen. Er zijn drie kernopgaven: • • •

Het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving), Krachtige Samenleving (sociaal-economische omgeving), Ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving).

Deze opgaven vormen de kern voor alle ontwikkelingen waar de provincie Flevoland bij betrokken is. Zowel voor de strategische opgaven uit de Omgevingsvisie, als andere vraagstukken van de provincie Flevoland. In de strategische opgaven staan de belangrijkste vraagstukken en ambities voor de toekomst beschreven. Het gaat om de volgende opgaven: • • • • 3.2.2

Duurzame Energie Regionale Kracht Circulaire Economie Landbouw: Meerdere Smaken Omgevingsprogramma Provincie Flevoland

3.2.2.1 Algemeen In de komende jaren treedt de Omgevingswet in werking. Op dat moment moet elke provincie beschikken over een Omgevingsvisie, een of meer programma's en een Omgevingsverordening. Het op 27 februari 2019 door de Provinciale Staten van de provincie Flevoland vastgestelde Omgevingsprogramma Flevoland vindt haar grondslag dan ook in de Omgevingswet. Daarnaast is de grondslag te vinden in diverse vigerende wetten, zoals de Waterwet, de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder en de Wet natuurbescherming. Het Omgevingsprogramma omvat daarmee de op dit moment verplichte plannen: het milieubeleidsplan, het regionale waterplan en het verkeer- en vervoersplan. In 2017 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie FlevolandStraks vastgesteld. Hierin is in hoofdlijnen de strategische visie op de toekomst van Flevoland weergegeven. In dit (eerste) Omgevingsprogramma Flevoland is er voor gekozen al het bestaande beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud van de fysieke leefomgeving te bundelen in één programma dat digitaal beschikbaar is. Met de vaststelling van het Omgevingsprogramma is dan ook een groot aantal beleidsnota's komen te vervallen Op deze wijze zijn de provinciale beleidskeuzes compact beschreven en is de samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen het beste gewaarborgd.

De provincie streeft ernaar om dit programma jaarlijks te actualiseren en waar nodig aan te vullen met overig provinciaal beleid. Zo kunnen in volgende versies onderwerpen worden toegevoegd die betrekking hebben op bijvoorbeeld economisch of sociaal beleid. Ook kunnen programma's worden toegevoegd met een meer gebiedsgebonden of thematische aanpak. In voorliggend geval is met name hoofdstuk 1 ‘Ruimte’ van het Omgevingsprogramma van belang.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

22

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing 3.2.2.2 Ruimte Algemeen Het belangrijkste doel van de provincie is een goede woon-, werk- en leefomgeving in heel Flevoland. Daarbij moet verstedelijking worden ingepast in een hoogwaardig landschap en passen bij de gerealiseerde en de geplande infrastructuur. Aantrekkelijke woongebieden in een groen-blauwe omgeving maken Flevoland concurrerend met andere gebieden. Er is sprake van overloop uit de drukke, dure Randstad naar een ruimer, goedkoper Flevoland (push factor). Ook kiezen mensen bewust voor het attractieve woonmilieu van Flevoland (pull factor). De provincie wil verdere grootschalige ontwikkelingen mogelijk maken en deze deels zelf ter hand nemen, samen met partners. De provincie is bereid om ruimte te reserveren voor functies waarvoor in omliggende regio's onvoldoende ruimte is. De voorwaarde daarvoor is een evenwichtige ontwikkeling. Samen met partners binnen en buiten het gebied biedt de provincie zicht op oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken, die het tempo van de ruimtelijke ontwikkelingen in Flevoland met zich meebrengt. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om achterblijvende bereikbaarheid, voorzieningenniveau en werkgelegenheid.

Stedelijk gebied Het projectgebied maakt binnen het thema ‘Ruimte’ onderdeel uit van het ‘stedelijk gebied’ zoals te zien is in afbeelding 3.1. Het projectgebied is indicatief met rode omlijning aangegeven.

Afbeelding 3.1

Ligging projectgebied binnen de kaart ‘Ruimte’ (Bron: Omgevingsprogramma provincie Flevoland)

Het verstedelijkingsbeleid is gericht op de ontwikkeling van vitale steden en dorpen. Het beleid maakt behoud en versterking van de kwaliteit van de fysieke omgeving mogelijk. Het gaat hierbij om efficiënt ruimtegebruik, kwaliteitsverbetering en herstructurering van het stedelijk gebied en versterking van het draagvlak voor voorzieningen. Deze doelen worden gediend door de stedelijke ontwikkeling van de kernen te bundelen. Nieuwe bebouwing wordt geconcentreerd in of aansluitend aan het bestaande bebouwde gebied. Dit ondersteunt de optimale benutting van infrastructuur en centrumvorming rondom belangrijke vervoerknooppunten.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

23

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing Het provinciale bundelingsbeleid is gebaseerd op enkele principes waarvan onderstaande in voorliggend geval het meest van belang zijn: • • •

De specifieke ruimtelijke kwaliteiten van steden en dorpen worden benut door de kwaliteit van deze kenmerken te behouden en te versterken. Stedelijke uitbreiding moet aansluiten bij bestaande ruimtelijke structuren, zodat de vitaliteit van de kernen wordt ondersteund. De omvang van nieuwe ruimte voor wonen, werken en voorzieningen moet in verhouding staan tot de grootte van de kern en de positie ervan in de stedelijke en groen-blauwe hoofdstructuur.

Van de gemeenten wordt verwacht dat zij het provinciale bundelingsbeleid vertalen in lokaal beleid en in concrete (ruimtelijke) plannen. Verstedelijking (wonen) In de afgelopen decennia is in Flevoland onvoldoende gedifferentieerd gebouwd. De nadruk lag op ruime eengezinswoningen. Hoewel Flevoland een opvangtaak voor andere delen van Nederland behoudt, komt de woningbehoefte van de huidige inwoners steeds nadrukkelijker op de voorgrond te staan. Hierbij moet rekening worden gehouden met de specifieke behoeften van ouderen, alleenstaanden en starters, omdat de bestaande woningvoorraad daar onvoldoende aan tegemoet komt. Naast de bouw van nieuwe woningen wordt kwaliteitsbehoud van de bestaande woningvoorraad steeds belangrijker. Een deel van het bebouwde gebied is toe aan herstructurering. Vooral in oudere wijken moeten de bestaande woningvoorraad en de zorginfrastructuur worden aangepast. De combinatie van uitbreidingsopgave en herstructureringsopgave biedt de mogelijkheid om in te spelen op de veranderende, meer gedifferentieerde behoefte aan woningen en andere functies. Kernpunten zijn onder meer: • • • •

Huisvesting voor kleinere huishoudens; voldoen aan de behoefte aan goedkopere betaalbare (huur-)woningen voor starters, statushouders en andere groepen met een krappe beurs; differentiatie van woonmilieus; menging van wonen, voorzieningen en werken.

Verstedelijking (kantoren) De kantorenmarkt is de afgelopen jaren veranderd. Er is sprake van afnemende vraag en toenemende leegstand. Er is sprake van een vervangingsmarkt in plaats van een uitbreidingsmarkt. Het beleid richt zich op het verder terugbrengen van de planvoorraad voor kantoren. Nieuwe ontwikkelingen zijn mogelijk in gebieden met een kansrijk perspectief en na afweging langs de Ladder voor duurzame verstedelijking. De provincie richt zich op concentratie van kantoren op locaties die multimodaal ontsloten zijn bij voorkeur met hoogwaardig openbaar vervoer (HOV, centrumgebieden en stationsomgevingen). De provincie heeft met de gemeenten onderling en met het Rijk in MRA-verband afspraken gemaakt over de afstemming bij de ontwikkeling van werklocaties. Dit heeft geresulteerd in: • • • • •

Convenant Aanpak leegstand kantoren (2012) – convenant Rijk – IPO Convenant bedrijventerreinen (2009) – convenant Rijk – IPO – VNG Convenant voorraadbeheer en afstemming werklocaties (2012) - convenant provincie - Flevolandse gemeenten Retaildeal (2016) Rijk – IPO Uitvoeringsstrategie Plabeka 3.0 (2017) – vastgesteld in MRA-verband

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

24

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing 3.2.2.3 Toetsing van het initiatief aan het ‘Omgevingsprogramma Provincie Flevoland’ Het voorliggende plan voldoet aan de door de provincie voorgestane bundeling van stedelijke ontwikkeling en concentratie van nieuwe bebouwing aansluitend op bestaand bebouwd gebied. Het projectgebied maakt, vanwege de bestaande stedelijke bestemming ‘kantoor’, onderdeel uit van bestaand stedelijk gebied. Daarnaast wordt met de gewenste ontwikkeling ingezet op een gedifferentieerd woningaanbod voor de lokale behoefte. Zo wordt voorzien in betaalbare/ middendure woningen voor starters en senioren. Het aantal woningen wordt voor deze locatie als ruimtelijk passend gezien. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt eveneens het (potentiële) oppervlak aan kantoorruimte gereduceerd. Immers wordt slechts de helft van de beoogde bebouwing ingericht als kantoorruimte. Ten opzichte van de bestaande planologische situatie resulteert dit in een reductie van de planvoorraad voor kantoren. Van het oppervlak van kantoorruimte dat toch wordt gerealiseerd is al een eindgebruiker bekend (de initiatiefnemer). Het voornemen is dan ook in overeenstemming met het ‘Omgevingsprogramma Provincie Flevoland’. 3.2.3

Omgevingsverordening Provincie Flevoland

3.2.3.1 Algemeen In de Omgevingsverordening van provincie Flevoland zijn alle regels vastgelegd die de provincie hanteert op het gebied van onder andere wegen, water, milieu, bodem, natuur, wonen en ruimte. Dit kunnen zowel regels zijn voor burgers of bedrijven als (instructie-)regels voor andere overheden. 3.2.3.2 Relevante artikelen In geval van voorgenomen ontwikkeling is met name artikel 7.5 van de omgevingsverordening van belang. Artikel 7.5 (Bescherming) - Natuurnetwerk Nederland 1.

2.

Een ruimtelijk plan of besluit, voor zover het betrekking heeft op een gebied binnen of nabij de aangewezen het Natuurnetwerk Nederland: a. strekt mede tot bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden van dat gebied; b. maakt activiteiten alleen mogelijk als die ten opzichte van het ten tijde van de inwerkingtreding van deze titel van de verordening geldende bestemmingsplan, mits die per saldo niet leiden tot een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden, of tot een significante vermindering van de oppervlakte van die gebieden, of van de samenhang tussen die gebieden. Voor zover een bestemmingsplan strijdig is met de bescherming en de mogelijkheden bedoeld in het eerste lid stelt de gemeenteraad binnen drie jaar na het inwerkingtreden van deze titel dat plan opnieuw vast met inachtneming van de bepalingen in het eerste lid.

3.2.3.3 Toetsing van het initiatief aan artikel 7.5 van de Omgevingsverordening De locatie waar voorgenomen ontwikkeling betrekking of heeft ligt op ruim 500 meter afstand van gronden die tot het Natuurnetwerk Nederland (NNN) behoren. Zoals wordt aangegeven in paragraaf 4.6.2.3 worden er gelet op de afstand tot het NNN en de aard en omvang van de ontwikkeling geen negatieve effecten verwacht op de gebieden die behoren tot het NNN. Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling in lijn is met artikel 7.5 van de Omgevingsverordening Flevoland. 3.2.4

Toetsing aan het provinciaal beleid

Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met de uitgangspunten uit het provinciaal beleid. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

25

Omgevingsvergunning Emmeloord, Koningin Julianastraat – Onder de Toren Ruimtelijke onderbouwing

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1

Structuurvisie Noordoostpolder 2025

3.3.1.1 Algemeen De Structuurvisie Noordoostpolder 2025 is in december 2013 vastgesteld door de gemeenteraad. De Structuurvisie is een integrale ruimtelijke visie, die de huidige en gewenste waarden en kwaliteiten beschrijft. De visie heeft als doel de verschillende belangen, zoals voor het landschap, de kernen en de gemeenschap, zorgvuldig af te wegen en hieruit een integrale ontwikkelingsrichting te bepalen voor de periode tot 2025. De Structuurvisie Noordoostpolder 2025 is vooral gericht op behoud en verbetering van de bestaande ruimtelijke, economische en sociale kwaliteiten en daarmee op het versterken van het landschap en leefbaarheid in de gemeente Noordoostpolder. De Structuurvisie is een document voor de langere termijn. Daarom kent de Structuurvisie Noordoostpolder 2025 een zekere mate van globaliteit en abstractie. De visie vormt de basis voor het toekomstig beleid. Ter uitwerking van de structuurvisie zijn gebiedsvisies, masterplannen, uitwerkingsplannen, bestemmingsplannen en beleidsplannen nodig om concrete (plan)ontwikkelingen in gang te zetten. 3.3.1.2 Ambitie Bevolking en wonen De gemeente Noordoostpolder streeft naar een aantrekkelijke, uitnodigende fysieke wonen leefomgeving en daarbij richt de gemeente zich vooral op (tijdelijke) inwoners van de gemeente Noordoostpolder.

De gemeente zet in op een afwisselend woningaanbod en voegt bijzondere woonmilieus toe, zoals in de Wellerwaard. Er zijn mogelijkheden voor het realiseren van landgoederen en woningen in vrijkomende agrarische bebouwing. De aandacht verschuift van kwantiteit (veel bouwen) naar kwaliteit (dat wat er al is behouden, verbeteren en/of transformeren). Er zijn mogelijkheden voor het realiseren van landgoederen en wonen in vrijkomende agrarische bebouwing. Vernieuwen van binnenuit De gemeente Noordoostpolder vindt het belangrijk dat (nieuwe) inwoners kunnen kiezen uit verschillende woonmilieus en dat tijdelijke inwoners adequaat en legaal gehuisvest kunnen worden. Er wordt daarom gestreefd naar een gevarieerde woningvoorraad waar ruimte is voor diverse leeftijds-, huishoudens- en inkomensgroepen. De unieke kwaliteiten die het wonen in de polder aangenaam maken, wil men hierbij benutten voor de bestaande bewoners, waaronder jongeren/starters en senioren, maar ook om nieuwkomers naar de gemeente te trekken. De onzekerheid op de woningmarkt en de afnemende woningbehoefte maakt een zorgvuldige, stapsgewijze ontwikkeling noodzakelijk. Het accent ligt op vernieuwing van binnenuit, op inbreiding in plaats van alleen maar uitbreiding.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/1884/documents/29459