15.1 Perspectiefnota 2023-2026.pdf
Tekst van het document
Perspectiefnota 2023-2026
1
Inhoudsopgave Aanbiedingsbrief................................................................................................................................... 3 Financiële startpositie (structureel) ................................................................................................. 5 Financiële startpositie (incidenteel) ................................................................................................. 8 Risico’s en onzekerheden ................................................................................................................. 10 Voorlopige subsidie- en bijdrageplafonds 2023 .......................................................................... 11 Begrotingsrichtlijnen 2023 ............................................................................................................... 19
2
Aanbiedingsbrief Geachte leden van de gemeenteraad,
Aanleiding
In deze perspectiefnota 2023 – 2026 presenteren we de beleidsmatige, organisatorische en financiële uitgangspunten voor de meerjarenprogrammabegroting 2023 – 2026. We zetten een ambitie neer die recht doet aan de ontwikkeling die we nu doormaken en willen maken in de toekomst. We onderbouwen deze ambitie en geven aan hoe we die in 2023 en verder willen realiseren. De perspectiefnota sluiten we af met de geprognosticeerde indicatieve financiële inzichten die van invloed zijn op de meerjarenprogrammabegroting van 2023 – 2026, gebaseerd op de informatie over gemeentefinanciën door het ministerie per mei 2022.
Inleiding We hebben de hoeveelheid en de complexiteit van opgaven waar we als gemeente voor staan, de laatste jaren zien toenemen en die trend zet zich voort. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om jeugdzorg, informatietechnologie, energietransitie, woningbouwopgave en klimaatdoelen. Om de bestaande en nieuwe opgaven waar we als gemeenten voor staan, en onze eigen ambities daarin, te kunnen halen, is kennis en capaciteit nodig en die is steeds moeilijker te vinden. Naast de beschikbare financiële middelen, is dat een onzekere factor voor het kunnen uitvoeren van onze ambities en ook voor het kunnen laten uitvoeren van onze ambities door derden. De schaarste op de arbeidsmarkt raakt inmiddels bijna alle sectoren en dus ook de organisaties die ons helpen onze ambities te realiseren.
Houdbaarheid perspectief Het beeld dat we u met deze perspectiefnota schetsen, is voor de financiën voorlopig en beperkt houdbaar. Door middel van de maartbrief heeft het ministerie een eerste beeld gegeven van de effecten voor gemeenten van de belangrijkste maatregelen uit het regeerakkoord die betrekking hebben op de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De effecten voor gemeente Noordoostpolder hebben we in deze perspectiefnota gepresenteerd, waarbij we benadrukken dat het een voorlopig en indicatief beeld is. De concrete vertaling voor onze begroting 2023 – 2026 wordt gemaakt op basis van de meicirculaire, die naar verwachting eind mei of begin juni door het ministerie wordt gepresenteerd. Naar verwachting hebben we medio juni de effecten doorgerekend. We zullen u over de belangrijkste effecten hiervan informeren door middel van een memo. Het is niet onwaarschijnlijk dat de septembercirculaire in die mate zal afwijken van de meicirculaire, dat dit aanleiding kan vormen u de begroting aan te bieden op basis van de septembercirculaire in plaats van op de meicirculaire. De onzekerheidsmarge voor de te ontvangen algemene uitkering die zit tussen de nu aan u gepresenteerde cijfers en de septembercirculaire is op basis van de nog te nemen besluiten door het Rijk substantieel.
De crux van de gepresenteerde ramingen voor de algemene uitkering zit in de uitkering voor het begrotingsjaar 2026, omdat vanaf dat jaar het accres in die mate lager is dan in de jaren 2024 en 2025, dat dit (voor alle gemeenten) een hinderpaal vormt voor het kunnen maken van beleid met structurele financiële consequenties. Het Interprovinciaal Overleg (IPO) heeft op dit moment nog niet aangegeven hoe zij gemeenten gaan adviseren over hoe om mag worden gegaan met de trendbreuk voor de algemene uitkering per 2026. Zodra het IPO daarover een besluit heeft genomen, zullen we de raad daarover berichten.
3
Inflatie Het uitgangspunt van gemeente Noordoostpolder is dat het effect van loon- en prijsontwikkeling (inflatie), wordt geëgaliseerd via een overeenkomstige aanpassing van de algemene uitkering door het Rijk. Gezien de huidige prijsontwikkelingen in de markt voor lonen, materialen en grondstoffen, volgen we deze ontwikkeling nauwgezet en anticiperen we daarop voor het opstellen van de meerjarenprogrammabegroting 2023 – 2026.
Slot Voor ons college is dit de laatste perspectiefnota die wij aan u, als nieuwe raad, aanbieden, in de overtuiging een ondersteunend instrument te hebben geleverd voor een goede start van uw begrotingscyclus 2023-2026.
Emmeloord, 30 mei 2022.
Met vriendelijke groet, Het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder.
4
Financiële startpositie (structureel) Basis Vertrekpunt van de structurele financiële positie is de programmabegroting 2022-2025 waarbij de uitkomst voor het begrotingsjaar 2026 gelijk gehouden is aan de uitkomst van het jaar 2025 vermeerderd met het hogere accres voor het 2026 ten opzichte van 2025. Bij de berekening hiervan is de septembercirculaire van het jaar 2021 aangehouden. (bedragen x € 1.000)
Programmabegroting 2022-2025
2023 €
2024
118
€
2025 3
€
46
2026 €
612
Actualisatie Gemeenten hebben nu en de komende periode te maken met diverse ontwikkelingen. Te denken valt aan wereldwijde opgaven zoals klimaatopgaven, duurzaamheid en de omgang met informatietechnologie. Andere opgaven volgen uit Europese besluitvorming zoals de privacywetgeving en de stikstofproblematiek. Ook besluitvorming vanuit Den Haag over bijvoorbeeld de invoering van de Omgevingswet, Wet Open Overheid, klimaatadaptatie en de opgave om woningen (op termijn) aardgasvrij te maken (energietransitie), vraagt uitwerking van deze ontwikkelingen voor onze gemeente. Om de reguliere bedrijfsvoering op orde te houden, is aanvullende capaciteit nodig. Daarnaast is de (meerjaren)programmabegroting aangepast, op basis van de uitkomsten van de decembercirculaire 2021 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). (bedragen x € 1.000)
Aanname op basis van bovengenoemde ontwikkelingen
2023
2024
2025
2026
€ - 805
€ - 805
€ - 805
€ - 804
Herijking gemeentefonds De beheerders van het gemeentefonds hebben besloten om per 1 januari 2023 tot invoering van het nieuwe verdeelmodel van het gemeentefonds over te gaan. Daarbij geeft het Rijk aan de adviezen van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de VNG op te volgen, met uitzondering om de onderzoeken naar de maatstaven centrumfunctie, eenpersoonshuishoudens en de overige eigen middelen (OEM) te hebben afgerond voor de invoering. De minister van BZK verwacht dat de uitkomsten in het voorjaar van 2023 bekend zullen zijn. Aangezien deze onderzoeken nog niet zijn gestart dan wel afgerond, zijn er vier waarborgen ingebouwd: 1. Het ingroeipad wordt voor alle gemeenten voor het jaar 2023 op maximaal € 7,50 per inwoner gezet. Ook wordt het ingroeipad beperkt tot drie jaar. Na deze drie jaar bedraagt het maximale voor- of nadelig herverdeeleffect voor een gemeente € 37,50 per inwoner. 2. Het ingroeipad voor gemeenten met een sociaal en economisch zwakke structuur wordt aangepast. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de kritiek op het nieuwe verdeelmodel door met name Friese en Groningse gemeenten. 3. Het ingroeipad wordt aangepast voor gemeenten die tot en met het jaar 2022 in aanmerking kwamen voor de decentralisatie-uitkering Bevolkingsdaling. 4.
Het vereveningspercentage van de OZB wordt gehandhaafd op de huidige 70% voor niet-woningen en voor 80% voor woningen in plaats van deze op te hogen naar 90%. Dit kan in het nadeel zijn van zogenoemde plattelandsgemeenten omdat daar de WOZ-waarden relatief laag zijn. Hoe dit daadwerkelijk uit gaat pakken, is voor nu nog niet bekend. 5
Het beleid van Noordoostpolder is om te werken met een realistische, structureel sluitende en duurzame meerjarenprogrammabegroting. Hierbij wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele baten en lasten. In basis worden bestemmingsreserves ingezet om incidentele lasten te dekken. Voor de herijking van het gemeentefonds houdt dit in dat het door het Ministerie van BZK aangegeven structurele nadeel van in totaal € 1.571.561 in volle omvang ten laste wordt gebracht van het structurele deel van de programmabegroting en dat het incidentele voordeel van het ingroeipad voor de jaren 2023 en 2024 ten gunste worden gebracht van de reserve beleidsplan (zie ook de Financiële startpositie – incidenteel). Kanttekening hierbij is dat het Rijk peiljaar 2019 als uitgangspunt heeft gehanteerd. Bij de definitieve herverdelingseffecten wordt het jaar 2023 als peiljaar genomen. Dit leidt tot herverdelingseffecten die op een later moment bepaald worden en zullen afwijken van de totnogtoe gehanteerde bedragen hiervoor. In de (meerjaren)programmabegroting 2022-2025 is rekening gehouden met een nadelig herijkingseffect van € 522.500 vanaf 2023. De huidige berekeningen van het ministerie van BZK komen uit op een herverdelingseffect van € 1.571.561. (bedragen x € 1.000)
Herijking gemeentefonds
€
2023 - 1.572
€
2024 - 1.572
€
2025 - 1.572
€
2026 - 1.572
Herijking gemeentefonds, reeds opgenomen
€
523
€
523
€
523
€
523
Regeerakkoord/maartbrief 2022 De maartbrief 2022, afkomstig van het ministerie van BZK, geeft een eerste beeld van de gevolgen voor (individuele) gemeenten en provincies van de belangrijkste maatregelen uit het regeerakkoord die betrekking hebben op het gemeentefonds en provinciefonds. Hierbij wordt nadrukkelijk vermeld dat dit een raming betreft. De accresreeks die is opgenomen in het coalitieakkoord van het Rijk is op basis van het prijspeil van de Miljoenennota 2022 en komt bovenop het in de Miljoenennota 2022 genoemde accres. Bij de Voorjaarsnota 2022 van het Rijk, naar verwachting wordt deze verwerkt in de meicirculaire 2022, wordt het accres tot en met 2025 herrekend op basis van nieuwe standen en een nieuw macrobeeld van het Centraal Planbureau (CPB). Voor 2026 en verder is het accres vooralsnog niet berekend, maar vastgezet op een plus van € 840 miljoen. Voor Noordoostpolder geeft de vertaling van de in de Maartbrief 2022 opgenomen accressen, die in de meicirculaire van 2022 nog worden aangepast, het volgende beeld: (bedragen x € 1.000)
Accressen 2023-2026
2023 €
2.167
2024 €
4.031
2025 €
4.599
2026 €
2.190
Compensatie lasten jeugdzorg
In het regeerakkoord is een besparing van € 100 miljoen in 2024 en € 500 miljoen in 2025 en verder ten opzichte van het advies van de Commissie van Wijzen opgenomen. Dit wordt onderbouwd door te stellen dat er ten opzichte van de Hervormingsagenda Jeugd extra maatregelen worden ingevoerd van de behandelduur en de invoering van de eigen bijdrage. Met andere woorden: de gemeenten kunnen deze besparing zelf opvangen door maatregelen te nemen voor wat betreft deze twee benoemde items (behandelduur en eigen bijdrage) zodat dit per saldo en op macroniveau budgetneutraal kan worden ingevoerd. Voor Noordoostpolder houdt dit in dat, zonder rekening te houden met een kortere behandelduur of het invoeren van een eigen bijdrage, de structureel opgenomen 6
aanvullende bate ad € 1.040.000 (zie perspectiefnota 2022-2025) ter compensatie van de hoge lasten jeugdzorg (op basis van de eerdere adviezen van de Commissie van Wijzen en voor 75% vanwege de hoge mate van onzekerheid), vooralsnog voor de jaren 2026 (en structureel vanaf 2027) te hoog zijn opgenomen. Voor 2026 is dit een nadeel van € 254.712 en vanaf het jaar 2027 € 398.075 structureel. Overigens heeft het kabinet besloten1 om zelf de verantwoordelijkheid te dragen voor de extra bezuinigingen op de jeugdzorg uit het coalitieakkoord. Hierdoor ligt het risico voor deze extra bezuiniging bij het Rijk en niet (meer) bij de gemeenten. Hierbij denkt het kabinet onder andere aan de invoering van een eigen bijdrage en het normeren van de behandelduur zoals al eerder genoemd in het coalitieakkoord van het Rijk. Of en op welke wijze dit invloed heeft of krijgt op de gemeentelijke (structurele) financiële positie, is voor nu niet bekend. Vooralsnog is uitgegaan van de informatie uit het coalitieakkoord van het Rijk. (bedragen x € 1.000)
2023 €
Compensatie jeugdzorg
2024 -
€
2025 -
€
2026 -
€
- 255
Samenvatting financiële startpositie (structureel) (bedragen x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
Programmabegroting 2022-2025
€
118
€
3
€
46
€
612
Aanname op basis van bovengenoemde ontwikkelingen Herijking gemeentefonds
€
- 805
€
- 805
€
- 805
€
- 804
€
- 1.572
€
- 1.572
€
- 1.572
€
- 1.572
Herijking gemeentefonds, reeds opgenomen Accressen 2023-2026
€
523
€
523
€
523
€
523
€
2.167
€
4.031
€
4.599
€
2.190
Compensatie jeugdzorg
€ €
- 255
2.180
€ €
€
431
€ €
€
694
Bijgestelde financiële startpositie
2.791
De structurele financiële positie bedraagt op basis van de nu bekende informatie op basis van de huidige programmabegroting, actualisatie van de huidige programmabegroting, herijking van het gemeentefonds, doorwerking van de accressen uit het coalitieakkoord van het Rijk en bezuinigingen op de compensatie van lasten jeugdzorg ad € 431.000 voor 2023 en sluitend op € 694.000 voor 2026. De bijgestelde financiële startpositie voor de jaren 2023 – 2026 is de basis geweest voor het opstellen van het Coalitieakkoord voor de jaren 2023 – 2026. In het Coalitieakkoord 2022 – 2026 heeft de coalitie de onderdelen ‘Dorpen compenseren windmolenparken’, ‘Duurzaamheidspilots’ en ‘Grotere zichtbaarheid BOA’s (+0,5 fte)’en de ‘Decentralisatie-uitkering Rijk BOA’s’ aan de uitgangspunten voor de begrotingsopzet 2023 – 2026 toegevoegd.
1 Bron: Ministerie van VWS, kamerbrief over visie op stelsel jeugdzorg en noodzakelijke hervormingen, 13 mei 2022
7
Financiële startpositie (incidenteel) Uitgangspunt van Noordoostpolder is dat bestemmingsreserves worden ingezet om incidentele lasten in de programmabegroting te dekken. De reserve beleidsplan wordt ingezet om incidentele lasten uit het Coalitieakkoord, perspectiefnota, begrotingswijzigingen en programmabegroting te dekken. De reserve beleidsplan wordt gevoed door onder andere rekening resultaten, toevoegingen van rentebaten en incidentele overige baten. In het Coalitieakkoord 2022 – 2026 heeft de coalitie voor de incidentele middelen de startpositie van 2023 als uitgangspunt genomen voor alle jaren van de begrotingsperiode 2023 – 2026. De begrote toevoegingen en onttrekkingen zoals deze in de huidige meerjarenbegroting zijn opgenomen, zijn in deze perspectiefnota ongewijzigd overgenomen. Aanvullend zijn de algemene uitkeringscomponenten die incidenteel van aard zijn en als zodanig verwerkt. Hiermee wordt voldaan aan de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) voor het scheiden van incidentele en structurele lasten en baten in de begroting en jaarrekening. De aanvullende componenten betreffen de opschalingskorting en het incidentele deel van de herijking van het gemeentefonds.
In het kader van de actualisatie van de huidige meerjarenprogrammabegroting, op basis van het vastgestelde beleid, zijn de ramingen voor de meerjarenbegroting 2023 en 2024 aangepast. De resultaten van het vorenstaande overzicht zullen tezamen met de financiële gevolgen van het Coalitieakkoord 2022 – 2026 in de meerjarenprogramma-begroting 2023 – 2026 verwerkt worden, die u in uw vergadering van 14 november 2022 behandelt.
Niet-beklemde ruimte binnen de reserve beleidsplan De niet-beklemde ruimte binnen de reserve beleidsplan voor 2023 is op basis van een op dat moment bekend resultaat over het boekjaar 2021 gepresenteerd. De bepaling van het uiteindelijke resultaat over het boekjaar 2021 en de hieruit voortvloeiende resultaatbestemming, vindt plaats nadat de accountantscontrole is afgerond en de raad het resultaat over 2021 heeft bestemd. Daarnaast omvat deze geprognosticeerde stand per 2023 de geoormerkte beklemmingen op basis van eerder genomen besluiten door de gemeenteraad en de onttrekkingen c.q. stortingen via de programmabegroting 20222025 in het jaar 2022 opgenomen budgetten.
Ramingen meerjarenbegroting In de meerjarenbegroting 2023-2025 zijn budgetten opgenomen die een incidenteel karakter hebben. Deze budgetten worden in overeenstemming met de programmabegroting 2022-2025 onttrokken aan c.q. gestort in de reserve beleidsplan.
Actualisatie programmabegroting 2022-2026 Om de ontwikkelingen waar gemeenten nu en de komende periode voor staan, is naast hetgeen is opgenomen bij de structurele financiële startpositie ook incidenteel budget nodig, bijvoorbeeld voor de Omgevingswet. Om de reguliere bedrijfsvoering op orde te houden, is aanvullende incidentele capaciteit nodig voor de jaren 2023 en 2024.
Opschalingskorting Het Rijk heeft aangekondigd in het Regeerakkoord (coalitieakkoord) en de daaropvolgende Maartbrief 2022 dat deze kabinetsperiode de oploop van de opschalingskorting wordt geschrapt. Voor de jaren 2023-2025 betekent dit een incidentele bate van in totaal € 4,1 mln. Door deze incidentele middelen aan de reserve beleidsplan toe te voegen, ontstaat er ruimte voor incidentele uitgaven.
Herijking gemeentefonds De nieuwe verdeling van het gemeentefonds gaat per 1 januari 2023 in. In de Maartbrief 2022 van het ministerie van BZK is aangekondigd dat het ingroeipad in het eerste jaar € 7,50 maximaal per inwoner is, en dan in jaarlijkse stappen van € 15 per inwoner. 8
Aangezien voor het structurele deel van de begroting rekenschap gehouden is met de (voor nu bekende) omvang van het nadeel per inwoner van € 33,55 , ontstaat er incidentele ruimte voor de jaren 2023 en 2024 van in totaal € 1,7 mln.
Samenvatting financiële startpositie (incidenteel) Inclusief de voorgestelde toevoegingen en onttrekkingen aan de niet-beklemde ruimte binnen de reserve beleidsplan (RBP) ziet het verloop van de niet-beklemde ruimte binnen de reserve beleidsplan, vóór het Coalitieakkoord 2022-2026, er als volgt uit: (bedragen x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
Niet-beklemde ruimte binnen RBP
€
12.300
€
12.722
€
13.707
€
15.002
Ramingen meerjarenbegroting
€
- 1.011
€
- 594
€
- 430
€
-
Actualisatie programmabegroting 2022-2026 Opschalingskorting gemeentefonds
€
- 792
€
- 298
€
-
€
-
€
1.005
€
1.360
€
1.725
€
-
Herijking gemeentefonds
€
1.220
€
517
€
-
€
-
€
12.722
€
13.707
€
15.002
€
15.002
Bijgestelde financiële startpositie
9
Risico’s en onzekerheden Inflatie (loon- en prijsontwikkeling) Uitgangspunt van het gemeentelijk beleid is dat het Rijk in voldoende mate de loon- en prijsontwikkeling compenseert via het gemeentefonds. Elk jaar is er een kans dat de compensatie vanuit het Rijk onvoldoende is om de werkelijke loon- en prijsontwikkeling te vergoeden. Gezien de inflatieontwikkeling vanaf 2021 lijkt de onzekerheid voor afdoende compensatie via de algemene uitkering dit jaar groter dan normaal. Daarnaast zijn de effecten van de huidige loon- en prijsontwikkelingen op de lopende majeure projecten zoals de renovatie van het Bosbad, de nieuwbouw van de VO-campus en overige projecten in het kader van het project Voorzien in Vastgoed voor dit moment niet te schatten.
Ontwikkelingen economie De oorlog tussen Oekraïne en Rusland heeft gevolgen voor onze economie vanwege aanhoudende onzekerheid en de daaraan gekoppelde economische risico’s, onder andere door een daling van het consumentenvertrouwen en onrust op de financiële markten. Door marktwerking worden zowel grondstoffen, energie, materialen als arbeid op diverse terreinen meer schaars en duurder waardoor de reguliere bedrijfsvoering en voorgenomen investeringen onder druk komen te staan. In hoeverre deze ontwikkelingen incidenteel zijn, kan de markt op dit moment niet schatten. Het beeld is diffuus.
Gemeentefonds Het Rijk heeft in de maartbrief 2022 een eerste beeld geschetst van de gevolgen van het regeerakkoord voor het gemeentefonds. Bij de Voorjaarsnota 2022 van het Rijk en de vertaling daarvan in de mei- en septembercirculaire wordt het beeld bijgesteld op basis van nieuwe doorrekeningen en verwachtingen. Het definitieve beeld zal afwijken van het gepresenteerde beeld van de structurele en incidentele middelen. Het is de vraag (onzekerheid) of het kabinet de gepresenteerde plannen voor de komende drie jaar ook kan uitvoeren of dat er sprake zal zijn van een onderbesteding. Deze onderbesteding van het Rijk heeft directe gevolgen voor de omvang van het gemeentefonds en de (groei van de) algemene uitkering die hieraan gekoppeld is. Deze wordt alsdan in negatieve zin bijgesteld.
Bedrijfsvoering Alhoewel de contactbeperkende maatregelen bijna allemaal zijn losgelaten betekent niet dat corona voorbij is. Het coronavirus is nog steeds onder ons en het blijft onzeker of nieuwe virusvarianten opnieuw zullen leiden tot maatregelen.
10
Voorlopige subsidie- en bijdrageplafonds 2023 De vermelde subsidie- en bijdrageplafonds zijn indicatief en exclusief de in de begrotingsrichtlijnen opgenomen (en in de programmabegroting 2023-2026 op te nemen) correctie voor inflatie.
Programma 1 – Fysieke leefomgeving Taakveld 7.4 – Milieubeheer Uitvoerende Pioniers van de Toekomst Taakveld 8.3 – Bouwen en wonen Uitvoerende Regeling: Subsidieregeling voor het groot onderhoud van kerktorens in de gemeente Noordoostpolder --> (https://lokaleregelgeving. overheid.nl/CVDR39754/1)
Wat Stimuleren duurzaamheid
Code P295
€
Wat Beheer kerktorens
Code P454
Bedrag € 15.000
Code P567 P567 P567 P567 P589
€ € € € €
Taakveld 5.7 Openbaar groen en (open lucht recreatie) Uitvoerende Wat Subsidieregeling Bijdrage dorpsbelang Oud en nieuw viering Lustrumviering wijk & dorp Bewonersinitiatieven Kinderboerderij Exploitatie kinderboerderij
Bedrag 15.000
Bedrag 22.500 5.350 7.500 20.750 39.154
Programma 2 – Sociale leefbaarheid Taakveld 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Het aanbieden van het basisaanbod peuteropvang als goede voorbereiding op het basisonderwijs. En een aanbod voor- en vroegschoolse educatie voor peuters met een (taal)achterstand, om hen goed voor te bereiden op het basisonderwijs. Daarnaast het bieden van ondersteuning in verschillende vormen ter versterking van de opvoedvaardigheden van ouders. Het stimuleren van lees- en taalontwikkeling voor zowel kinderen, jongeren als volwassenen. En het voorkomen van schooluitval door de inzet van schoolmaatschappelijk werk en jeugdartsen in het voortgezet onderwijs. Uitvoerende Flevomeer bibliotheek Stichting Humanitas Stichting Carrefour Regeling** Subsidieregeling peuteropvang gemeente Noordoostpolder --> (https://lokaleregelgeving. overheid.nl/CVDR636552)
Wat Boekenpret Homestart Opstapje & Opstap Peuteropvang en VVE
Code P562 P562 P562 P562 P603
Bedrag € 24.151 € 67.585 € 263.407 € 700.000
Instandhouding VVE
P562
€
10.000 11
Deskundigheidsbevordering VVE Peuterspeelzaal op AZC Schakelklas HBO Coach Voorkomen voortijdig schoolverlaten Volwasseneneducatie
Regeling Stichting Kinderopvang Startpunt Stichting Aves Stichting Kinderopvang Startpunt Stichting Aandacht plus
P562
€
P562 P562 P603 P598
€ 102.251 € 80.000 € 85.281 € 35.000
20.000
Speciaal en voortgezet christelijk P553 € 6.545 onderwijs Huis voor Taal Taalonderwijs P553 € 92.080 **Betreft openeinderegeling voor ouders – bijdrage wordt verwerkt door en verstrekt aan aanbieders
Taakveld 5.1 - Sportbeleid Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Het bevorderen van sport en bewegen in relatie tot het voorkomen van gezondheidsrisico’s van jongeren. Waarbij aandacht wordt besteed aan het ontwikkelen/ verbeteren van structureel gezond-, beweeg- en pedagogisch beleid. Hierbij is er extra aandacht voor kwetsbare doelgroepen. Daarnaast het bevorderen en instandhouding van paard- en ponyrijden voor mensen met verstandelijke e/o lichamelijke handicap, gericht op revalidatie & recreatie. En de instandhouding van een overdekte en openluchtzwemvoorziening in de gemeente Noordoostpolder. Uitvoerende Balansruiters Stichting Carrefour*** Stichting Carrefour*** Regeling
Wat Gehandicapten(paardrijd)sport JOGG Brede regeling Combinatiefuncties Sportactiviteiten Grotere sportevenementen
Code P594 H1810 P594 P594 P594
Bedrag 12.750 nnb € 189.788 €
€ €
15.000 15.000
*** Let op! Voor deze regelingen geldt dat deze eindigen in 2022. Medio 2022 wordt naar verwachting een nieuwe/vervolg regeling gepubliceerd. Dit heeft mogelijk invloed op de hoogte van deze plafonds.
Taakveld 5.2 - Sportaccommodaties Uitvoerende Wat Bosbad BV Exploitatiebijdrage zwembad
Code P600
Bedrag € 473.171
Taakveld 5.3 - Cultuurpresentatie Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Het faciliteren van professionele podia, een erfgoedcentrum, actieve receptieve kunsteducatie, exposities en een kunstuitleen. Voorts stimuleren van de amateurkunstbeoefening door repetitieruimten beschikbaar te stellen tegen gereduceerde tarieven en het bieden van cultuureducatie voor het basis- en voortgezet onderwijs. En amateurkunstbevordering door verenigingen en activiteiten in het kader van amateurkunst incidenteel subsidie te verstrekken. Daarnaast het stimuleren van het vertellen van het verhaal van de polder en het stimuleren van het onderhoud van monumenten.
12
Uitvoerende Stichting Cultuurbedrijf
Wat Talentontwikkeling, theater, museum
Stichting Cultuurbedrijf*** Stichting Cultuurbedrijf***
Cultuurcoach Cultuurcoach (activiteitenbudget) Cultuuractiviteiten / visitekaartjes
Regeling Subsidieregeling culturele activiteiten gemeente Noordoostpolder --> (https://lokaleregelgeving. overheid.nl/CVDR469479)
Code P653 P654 P656 P594 V028
Bedrag € 2.235.852 € €
42.900 10.000
P653
€
42.925
*** Let op! Voor deze regelingen geldt dat deze eindigen in 2022. Medio 2022 wordt naar verwachting een nieuwe/vervolg regeling gepubliceerd. Dit heeft mogelijk invloed op de hoogte van deze plafonds.
Taakveld 5.5 – Cultureel erfgoed Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Behoud van cultureel erfgoed zowel materieel als immaterieel. Uitvoerende Bijdrage Regeling
Wat Commissie Van der LijnBoelens-Hellinga Verhaal van de polder Monumenten
Code P658
€
Bedrag 1.100
P645 P298
€ €
20.000 15.000
Monumenten: Subsidieverordening instandhouding van gemeentelijke monumenten --> (https://lokaleregelgeving. overheid.nl/CVDR368847) Nadere regels voor de instandhouding van gemeentelijke monumenten --> https://lokaleregelgeving. overheid.nl/CVDR369259/1
Taakveld 5.6 - Media Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Het in stand houden van een basisbibliotheek in Noordoostpolder. En een lokale omroep met een toegekende zendmachtiging (Commissariaat v/d Media) en voldoen aan de Mediawet 2008. Uitvoerende Stichting Flevomeer Bibliotheek Stichting Lokale Omroep
Wat Bibliotheekwerk Lokale Omroep
Code P584 P657
Bedrag € 1.158.575 € 26.000
13
Programma 3 – Economische ontwikkeling Taakveld 3.4 – Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Uitvoerende Stichting Centrummanagement Verordening op de heffing en invordering van een BIZ-bijdrage voor de bedrijveninvesteringszone centrumgebied Emmeloord 2018 --> (https://lokaleregelgeving. overheid.nl/CVDR479109?&showwti=false)
Wat BIZ-regeling Doel: Activiteiten die zijn opgenomen de uitvoeringsovereenkomst
Code P157
Bedrag € p.m. *
Reclamecommissie weekmarkt Emmeloord
Reclamegeldregeling
P412
€
p.m. *
*Het plafond is afhankelijk van de werkelijk geïnde inkomsten, conform de verordening / afspraken
Taakveld 3.4 - Economische promotie Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Het stimuleren van toeristische en recreatieve mogelijkheden in Noordoostpolder door de bekendheid en aantrekkelijkheid van het gebied voor toeristisch en recreatief gebruik te vergroten. En het gericht bijdragen aan de landelijke bekendheid en het vergroten van de aantrekkelijkheid van Noordoostpolder als woon-, werk- en recreatiegebied door het organiseren van publieksevenementen voor nieuwe en bestaande inwoners, nieuwe en bestaande toeristen/recreanten en nieuw en bestaand bedrijfsleven. Uitvoerende Wat Code Bedrag STEP Noordoostpolder Polder activiteiten P059 € 102.050 Visit Flevoland B.V. Polder promotie P381 € 90.938* *Plafond inclusief BTW
Programma 4 – Bestuur Taakveld 0.1 - Bestuur Uitvoerende N.n.b.
Wat Bijdrage activiteiten Koningsdag en Bevrijdingsdag
Code P065
Bedrag € 10.000
Programma 6 – Krachtig Noordoostpolder Voor de subsidieplafonds binnen programma 6 geldt nadrukkelijk dat het hervormingsproces van het “voorliggend veld” van invloed kan zijn op de hoogte van de definitieve plafonds. Bijvoorbeeld als gevolg van verschuivingen tussen aanbieders of het wegvallen van middelen. Eventuele wijzigingen worden geleidelijk en naar redelijkheid en billijkheid geëffectueerd. En worden met betrokken partijen besproken, voordat definitieve publicatie van de subsidieplafonds volgt.
14
Taakveld 6.1 – Samenkracht en burgerparticipatie Wat is het doel van de subsidieverstrekking? Er is sprake van een breed scala van subsidies, deze zijn opgedeeld in verschillende thematische onderdelen.
Preventief jongerenwerk Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Preventief jongerenwerk richt zich op kwetsbare jongeren. Het jongerenwerk werkt aan het vroegtijdig opsporen van problemen bij jongeren en stimuleren jongeren iets aan deze problemen te doen. Het jongerenwerk sluit aan bij de leefomgeving van de jongere. Dit betekent ook dat het jongerenwerk wordt aangeboden op de plekken waar jongeren zijn, zoals op straat of op school. Jongeren kunnen middels een groepsaanpak worden geholpen, maar ook waar nodig middels een individuele – één-op-één – aanpak. Voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Het jongerenwerk richt zich op jongeren en jongvolwassenen in een kwetsbare positie met een leeftijd van 10 tot en met 23 jaar. Dit is een richtlijn en geen harde leeftijdsgrens. Voor de inzet van het jongerenwerk staat niet in de eerste plaats de leeftijd, maar de vraag of behoefte van de jongere centraal. Uitvoerende Stichting Carrefour Jongerencentrum de Klos Stichting Youth for Christ, Heelal Tactus verslavingszorg Stichting Vakantieactiviteiten
Wat Preventief jongerenwerk
Code P800 P800 P800 P800 P800
Bedrag € 225.664 € 4.000 € 61.965 € 44.280 € 8.073
Opvoed- en opgroeiondersteuning & ondersteuning school en gezin Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Opgroei- en opvoedondersteuning is gericht op kortdurende, individuele ondersteuning om ouders en/of opvoeders te ondersteunen bij vragen over ontwikkelen, opgroeien en opvoeden. Ouders en/of opvoeders kunnen na deze kortdurende interventie zelfstandig verder. De hulpverlening sluit aan en vindt plaats in de leefomgeving van het gezinssysteem. Voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Opgroei- en opvoedondersteuning richt zich op kwetsbare gezinssystemen waarbij sprake is van een ondersteuningsvraag rondom de ontwikkeling of opvoeding van kinderen. Het gaat om een gezinssysteem dat leerbaar is en na een kortdurende interventie zelfstandig verder kan. Dit zijn veelal gezinnen die geen of te beperkt ondersteuning uit het eigen sociale netwerk kunnen ontvangen. Uitvoerende Stichting Aandacht+ Stichting Carrefour
Wat Opvoed- en opgroeiondersteuning
Code P800 P800
Bedrag € 13.750 € 134.033
Integratie en participatie minderheden Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Integratie en participatie minderheden richt zich op inwoners die zonder hulp niet integreren in hun kracht te zetten en te werken aan emancipatie, integratie en 15
participatie in de samenleving. Er is extra aandacht voor statushouders die zich vanuit een AZC vestigen in de gemeente. Voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Integratie en participatie minderheden richt zich op een brede doelgroep. Het zijn veelal inwoners met een allochtone achtergrond. Vluchtelingen, gezinsmigranten en arbeidsmigranten. Maar het gaat ook om inwoners met een Nederlandse achtergrond die moeite hebben met participeren. Uitvoerende Bureau Gelijke Behandeling Flevoland Stichting Vrouwencentrum NOP Vluchtelingenwerk Stichting Mannencentrum NOP
Wat Bevorderen welzijn minderheden
Code P828
Bedrag € 36.639
P571 P571 P571
€ 33.023 € 20.000 € 13.229
Maatschappelijk welzijn Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Maatschappelijk welzijn richt zich op het aanjagen, ondersteunen en faciliteren van activiteiten en initiatieven die een bijdrage leveren aan de zelfredzaamheid en/of participatie van inwoners of de samenredzaamheid van een groep inwoners. Door de zelfredzaamheid en samenredzaamheid te vergroten voorkomen we dat inwoners in zwaardere hulp en/of ondersteuning terecht komen. De ondersteuning vindt zowel plaats op individueel niveau als op groepsniveau. Voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Maatschappelijk welzijn richt zich op de zelfredzaamheid en vitaliteit van inwoners en de samenredzaamheid van een groep inwoners. Enerzijds richt het welzijn zich op de kwetsbaren in de samenleving. De samenredzaamheid draagt er toe bij dat ‘de zwakkere’ beter weet te participeren in de samenleving. Anderzijds is de inzet van het welzijnswerk gericht op de doelgroep die bijdraagt aan de samenredzaamheid. Je ondersteunt deze groep mensen en stelt hen in staat een effectieve ondersteuningsstructuur op te bouwen en/of te onderhouden. Uitvoerende Stichting Carrefour Stichting Carrefour Stichting Carrefour Stichting Present Noordoostpolder Stichting Carrefour Stichting Carrefour Stichting Carrefour Stichting Carrefour Stichting Carrefour Stichting DMW Voedselbank Zonnebloem regio Noordoostpolder
Wat Informele hulp Mantelzorg Vrijwilligerswerk Vrijwilligerswerk
Code P827 P827 P827 P827
Bedrag € 45.686 € 253.291 € 223.355 € 5.000
Cliëntondersteuning Sociaal Netwerk Beweegcoaches Buurtwerk Buurtbemiddeling Voedselbank Dagactiviteiten
P827 P827 P830 P830 P830 P830 P830
€ 171.135 € 45.686 € 152.288 € 406.100 € 35.534 € 6.541 € 2.000
16
Maatschappelijke zorg Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Maatschappelijke zorg is individuele hulpverlening ter voorkoming van zwaardere inzet van zorg. Het gaat om vaak acute problemen die zijn ontstaan door een tijdelijke disbalans in draagkracht en draaglast. Deze disbalans is ontstaan het samenkomen van problemen op meerdere vlakken. Het samenkomen van deze problemen is vaak door een life-event geïnitieerd. Het gaat om een kortdurende inzet van maatschappelijke zorg. Het doel van de kortdurende interventie is het stabiliseren van de situatie, waardoor men zelf verder kan en maatschappelijke zorg niet langer nodig is. Voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Maatschappelijk zorg is gericht op (psychisch) kwetsbare mensen die op één of meerdere vlakken tijdelijk niet zelfredzaam zijn. Uitvoerende Zorggroep ONL
Zorggroep ONL Zorggroep ONL Zorggroep ONL Zorggroep ONL Zorggroep ONL Stichting Slachtofferhulp
Wat Algemeen Maatschappelijk Werk 0 – 100 (incl. financiën en jongeren) Bemoeizorg GGZ Preventie huisuitzetting Steunpunt huiselijk geweld Calamiteitendienst KIES-training Slachtofferhulp
Code P560
€
Bedrag 449.729
P560 P560 P560 P560 P560 P560
€
10.671
Preventieve schulddienstverlening Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Preventieve schulddienstverlening richt zich op het voorkomen van schuldenproblematiek. Dit wordt gedaan door voorlichting en trainingen op het gebied van financiën. Ook wordt ingezet op vroegsignalering, zodat schuldhulpverlening wordt voorkomen. Tijdelijke lichte ondersteuning bij het op orde krijgen en leren houden van de financiële administratie, zodat inwoners (weer) zelfredzaam zijn op dat gebied, is een preventieve maatregel. Richtlijn bij deze trajecten is dat ze gemiddeld zes maanden tot maximaal één jaar duren. Voor welke doelgroep is dit aanbod bedoeld? Preventieve schulddienstverlening richt zich specifiek op laaggeletterden, statushouders en mensen met een laag inkomen die daardoor rond de armoedegrens leven. Verder richt het zich op huishoudens bij wie sprake is van een verhoogd risico op problematische schulden. Dit verhoogde risico wordt vaak geïnitieerd door een life-event. Uitvoerende Stichting Humanitas
Wat Preventieve schulddienstverlening
Code P560
Bedrag € 118.456
Taakveld 6.81 – Geëscaleerde zorg 18+ Wat is het doel van de subsidieverlening? Het in stand houden van een GGZ inloopvoorziening in Noordoostpolder. Uitvoerende Wat Code Stichting Kwintes Inloop GGZ P820 Aanvullende P820 weekendopstelling
Bedrag € 178.000 € 51.688
17
Taakveld 7.1 - Jeugdgezondheidszorg Wat verstaan we onder dit subsidiethema? Het doel van de jeugdgezondheidszorg (JGZ) is bijdragen aan een gezonde en veilige opgroeisituatie van jeugdigen. Dit doet de JGZ door de uitvoering van de wettelijke basistaken dat onder andere bestaat uit voorlichting geven, vroegtijdig signaleren, waar nodig aanvullende hulp bieden en het coördineren van zorg. Daarbij ligt de nadruk op het versterken van het gewone leven. De JGZ hanteert een risicogerichte aanpak. Dit betekent dat de focus van de werkzaamheden ligt op de risicokinderen/kwetsbare gezinnen. Bij de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg 0-19 jaar is een doorgaande lijn van belang. Voor wie is dit aanbod bedoeld? In het kader van deze subsidie gaat het om de jeugdgezondheidszorg gericht op 0 tot 4jarigen waarbij de focus ligt op kwetsbare gezinnen. Uitvoerende Zorggroep ONL
Wat Jeugdgezondheidszorg 0 – 4 jaar, inclusief vaccinatieprogramma, Integrale vroeghulp en stevig ouderschap Incidenteel ten behoeve van flexibilisering
Code P556
Bedrag € 745.719
P556
€
27.124
18
Begrotingsrichtlijnen 2023 Voor het opstellen van de meerjarenprogrammabegroting 2023-2026 worden voor het komende begrotingsjaar de volgende richtlijnen voorgesteld: Beleid De huidige meerjarenraming 2023-2025 van de vigerende meerjarenprogrammabegroting 2022-2025 vormt de basis voor het opstellen van de meerjarenprogrammabegroting 2023-2026 waarbij het jaar 2025 wordt geëxtrapoleerd naar het jaar 2026. Het coalitieakkoord 2022-2026 alsmede eerder vastgestelde perspectiefnota’s en de uitkomsten van deze perspectiefnota 2023-2026 worden verwerkt in de meerjarenprogrammabegroting 2023-2026. Raadsbesluiten genomen tot en met de raadsvergadering van juli 2022 worden verwerkt in de meerjarenprogrammabegroting 2023-2026 (hierna: programmabegroting 2023-2026). Raadsbesluiten genomen van augustus 2022 tot en met december 2022 met meerjarige (structurele) gevolgen worden verwerkt in wijzigingen op de primitieve programmabegroting 2023-2026. De meicirculaire 2022 wordt gebruikt voor het opstellen van de programmabegroting 2023 - 2026, tenzij substantiële verlagingen of verhogingen in de septembercirculaire 2022 worden gepresenteerd die het geheel aan gemeentelijke beleidsdoelen in een ander daglicht stelt.
Kostenontwikkeling Het uitgangspunt van gemeente Noordoostpolder is dat de correctie voor inflatie en salariskosten inclusief premies worden opgevangen door een bijstelling van de algemene uitkering van het gemeentefonds. Hierbij wordt rekening gehouden met het feit dat de precieze hoogte en totale omvang van het gemeentefonds op dit moment onzeker is. In de programmabegroting 2023-2026 wordt het prijspeil in de materiële sector gelijkgesteld aan het prijspeil 2022, +3,0% zijnde de prijsontwikkeling Bruto Binnenlands Product (bron: CPB-maart 2022). In het algemeen geldt het prijspeil van 2022, +3,0% correctie voor inflatie voor subsidies, gemeenschappelijke regelingen en dergelijke tenzij deze rechtstreeks zijn gekoppeld aan (bepaalde) personeelskosten of onder budgetfinanciering vallen, exclusief zogenoemde waarderingssubsidies. In het geval op een specifieke subsidie wordt bezuinigd, vindt deze bezuiniging plaats voordat de inflatiecorrectie voor 2023 wordt toegepast. Salariskosten en afgeleiden hiervan worden voor de vastgestelde begrotingsuitvoering geraamd op het niveau van 2022 +3,6% correctie voor salarisniveau en premies op basis van de toegestane formatieomvang (bron: CPBmaart 2022). Voor de salariskosten van gesubsidieerde instellingen wordt een stijgingspercentage gehanteerd +3,6%.
Voor het berekenen van de hoogte van de subsidies aan grote gesubsidieerde instellingen wordt uitgegaan van een gewogen gemiddelde van de inflatiecorrectie voor materiële budgetten en correctie voor salarisontwikkelingen, namelijk +3,45%. Er wordt reëel geraamd en afwijkingen op onder andere prijsontwikkelingen worden toegelicht en gemotiveerd. Per 1 januari 2022 wordt een inwonertal gehanteerd van 48.500. De gevolgen van areaalvergroting alsmede overige ontwikkelingen worden reëel geraamd en geacht begrepen te zijn in de areaal-uitbreidingseffecten van de algemene uitkering. De tarieven voor OZB stijgen maximaal met de inflatiecorrectie die het Rijk hanteert voor het bepalen van het rekentarief (inkomstenmaatstaf 19
onroerendezaakbelasting niet-woningen eigenaren en gebruikers en woningen eigenaren), voor nu bedraagt deze correctie +3,0%. De tarieven voor gemeentelijke belastingen, retributies, rechten en gebruiksvergoedingen worden bij het aanbieden van de begroting ter besluitvorming aangeboden waarbij het uitgangspunt kostendekkende tarieven en/of huidige tarieven 2022 gecorrigeerd met inflatie van +3,0%. De overhead wordt extracomptabel toegerekend aan producten die tariefgerelateerd zijn over het totaal van de lasten per tariefgerelateerd product. Voor de grondexploitatie geldt dat de overhead intracomptabel per grondexploitatiecomplex wordt verwerkt over het totaal van de lasten. Voor reisdocumenten/rijbewijzen geldt dat de tarieven aan een wettelijk maximum gebonden zijn, die prevaleren boven het uitgangspunt van kostendekkendheid. Vervangingsinvesteringen en nieuw beleid worden geraamd in de primitieve programmabegroting 2023-2026. Voor nieuwe investeringen wordt een rentepercentage van +0% gehanteerd. Investeringen met een maatschappelijk nut worden in basis gefinancierd met gegenereerde en te genereren middelen uit vrije kasstromen en voor zover de te vormen afschrijvingsreserve kan worden gedekt uit de reserves. Voor de gebruikelijke reserves wordt een inflatiepercentage van +3,0% gehanteerd. Voor de grondexploitaties wordt een gewogen rentepercentage van + 1,14% gehanteerd.
De grondprijzen voor woningbouw en bedrijventerreinen worden door het college vastgesteld middels de grondprijzenbrief en ter informatie gestuurd aan de raad(scommissie). De uitgangspunten voor grondprijzen zijn: a. aantrekkelijkheid van de kavels; b. verhouding/aandeel grondwaarde in totale waarde gerealiseerde woning; c. verwachtingen markt versus beschikbaarheid grond.
20