13.6 Proces na de raadsbehandeling PN naar Begroting met opties.pdf
Tekst van het document
Memo: proces van perspectiefnota 2024–2027 naar meerjarenprogrammabegroting 2024–2027 1. Aanleiding De essentie van de meerjarenprogrammabegroting 2024 - 2027 is de interpretatie en vertaling van het Rijksbeleid voor de onbepaaldheid van de financiering vanaf 2026. De onbepaaldheid voor de hoogte van de algemene uitkering vanaf 2026 refereert aan onzekerheid als spanning ten aanzien van verwachtingen, financiële druk en beroering, onvoorspelbaarheid van de haalbaarheid van de ambitieplanning en gebrek aan erkenning en waardering door het Rijk voor de positie, rol, taken en verantwoordelijkheid van gemeenten. Kortom, het Rijk doet daarmee een beroep op het scheppend vermogen van gemeenten voor zowel het totstandkomingsproces als voor de inhoud van de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. Hierbij ontkomen we niet aan een voorbeschouwing van het proces en de inhoud van de perspectiefnota 2025 - 2028 en meerjarenprogrammabegroting 2025 – 2028. Daarbovenop werken wij blijvend aan invloeduitoefening bij de provincie, VNG en het Rijk om de belangen van gemeenten te behartigen om ook in de toekomst van uit de gemeentelijke positie onze rol te kunnen blijven pakken, onze taken uit te kunnen blijven voeren, en onze verantwoordelijkheid te kunnen blijven nemen. Wij willen dat onze inwoners en bedrijven erop kunnen vertrouwen dat dit beschermd en geborgd is. 2.
Inleiding 2.1 Algemeen De behandeling van de perspectiefnota in de raad biedt de raad de mogelijkheid om zich uit te spreken over de gepresenteerde opmaat naar de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. De uitkomsten van de behandeling in de commissie en raadsvergadering vormen voor het college aanvullend informatie en kaderstelling voor het op- en samenstellen van de meerjarenprogrammabegroting 2024-2027. Het college informeert de raad begin september over de uitkomsten van die integrale afweging van het college om te komen tot een plan voor het aanbieden van de meerjarenbegroting 2024 – 2027 aan de raad. Het college wil het doorlopen proces en de uitkomsten technisch graag toelichten in een beeldvormende avond voor de raad. Het is aan de raad om te bepalen of, en op welke wijze, de raad vanaf dat moment zijn reactie kenbaar wil maken. Bij behoefte kan de griffie in samenspraak met het college zorgen voor een planmoment en een agenda. Het is technisch, procesmatig en procedureel niet haalbaar om uw eventuele ‘wensen en bedenkingen’ dan nog te verwerken in de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027, want deze wordt u 29 september aangeboden.
De uitkomsten van de beeldvorming kunnen afhankelijk van de vorm en inhoud uiteraard wel meegenomen worden in moties en amendementen op de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 in de raadvergadering van 13 november 2023 of bij de perspectiefnota 2025 – 2028. 2.2 Financiële positie Voor dat de procesgang naar de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 en perspectiefnota 2025 – 2028 geschetst wordt, geeft het college u context mee voor de gepresenteerde resultaten voor de exploitatie (structureel) en financiële positie.
Exploitatie. De in de memo op de perspectiefnota gepresenteerde resultaten voor de exploitatie van negatief € 1,4 miljoen, zijn de uitkomsten van de informatie die beschikbaar was voor de perspectiefnota in relatie tot het bestaande beleid en de (nieuwe) ambities. De werkelijke resultaten worden gerealiseerd door: - het actualiseren van de meerjarenschijven 2024 – 2027 van de huidige meerjarenprogrammabegroting 2023 – 2026 (waarvan correctie voor loon- en prijsontwikkelingen de belangrijkste component is, maar waar ook andere ontwikkelingen kunnen spelen die invloed hebben op de realisatie van het door de raad vastgestelde beleid); - het verwerken van recente raadsbesluiten; - nieuwe/aanvullende opgaven van uit het Rijk; en - economische ontwikkelingen. De bandbreedte van deze inventarisatie kan het college niet schatten, maar wij geven u mee dat deze substantieel kan zijn.
Financiële positie. Het in de memo op de perspectiefnota gepresenteerde resultaat voor de financiële positie van een vrije ruimte in de algemene reserve (reserve Beleidsplan) van € 17,4 miljoen is de uitkomst van de informatie die beschikbaar was voor de perspectiefnota in relatie tot het bestaande beleid en de nieuwe ambities en vóór de besluiten van de juni- en juliraad. De stand van de vrije ruimte voor de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027, is exclusief het effect dat raadsbesluiten op majeure projecten kan hebben op de financiële positie. De toevoeging van het rekeningresultaat 2022 aan de reserve Beleidsplan is wel verwerkt in de vrije ruimte van € 17,4 miljoen. Gepresenteerde stand financiële positie:
€ 17,4 mln.
Af mogelijk effecten van raadsbesluitvorming: - Nog in onderzoek zijnde plannen en ambities waarvoor nu alleen onderzoeksbudget in de perspectiefnota 2024 – 2027 gevraagd wordt - Actualisatie Voorzien in Vastgoed (indicatie): - Nieuwbouw VSO (waarop negatief geadviseerd was door het college): - Cultuurbedrijf/theater - Bezoekerscentrum Erfgoed Schokland - Poldertoren (actuele schatting aanvullend benodigd krediet) - Duurzaamheid/energietransitie, uitvoeringsbudgetten - Risico loon- en prijsstijging/aanbesteding majeure projecten
€ p.m. € 16 mln. € 17 mln. € p.m. € p.m. € 1,1 mln. € p.m. € p.m.
Het eigen vermogen van € 150 miljoen per jaarrekening 2022 bestaat uit de volgende componenten: 1. Algemene reserve € 20 mln. 2. Bestemmingsreserves € 120 mln. 3. Gerealiseerd resultaat € 10 mln. Ad 1. Algemene reserve Gemeente Noordoostpolder hanteert voor de algemene reserve een omvang van tenminste 15% van het begrotingsresultaat vóór resultaatsbestemming en exclusief grondexploitatie. De functie van de reserve is het opvangen van nadelige exploitatiesaldi en onvoorzienbare risico’s, zonder dat de reguliere bedrijfsvoering daaronder lijdt. De algemene reserve heeft dan ook een bepaald minimumniveau, en is niet vrij aanwendbaar. Het minimumniveau is door de gemeenteraad vastgesteld. Ad 2. Bestemmingsreserves De bestemmingsreserves hebben een door gemeenteraadsbesluit vastgestelde bestemming. Als voeding van de reserve beleidsplan gelden positieve incidentele componenten van de begroting en rekeningresultaten. De bestemminsreserves zijn niet meer vrij aanwendbaar. Zowel het doel als de benodigde middelen zijn bekend. De grootste groep bestemmingsreserves zijn de afschrijvingsreserves, die nu € 35 miljoen bedragen. De vrije ruimte in de reserve beleidsplan is na de voorgestelde toevoeging aan het rekeningresultaat € 17,4 miljoen. 3.
Procesgang Hieronder de procesgang in 5 stappen: Stap 1: Het college stelt op basis van de perspectiefnota 2024 – 2027, de aanvullende memo naar aanleiding van de meicirculaire 2023 en de behandeling er van in de commissievergaderingen en raadsvergadering de begroting 2024 - 2027 op. Nieuwe onontkoombare ontwikkelingen en de raadsbesluiten van de julivergadering worden ook verwerkt in de begroting 2024 – 2027. Stap 2: In september biedt het college de raad door middel van een informatiememo de uitkomsten van de het op- en samenstellen van de begroting 2024 – 2027 aan de raad aan. In dit memo presenteert het college beargumenteerd aan de raad ook de gekozen lijn voor het aanbieden van de begroting 2024 – 2027. Uitgangspunt is een begroting die gedragen wordt door de gemeenteraad en de goedkeuring zal krijgen van de provincie.
Stap 3: Vervolgens organiseren wij in september een beeldvormende raadsbijeenkomst over de memo van het college. Deze avond worden vooral de technische toelichtingen van het college op de overwegingen en keuzen van het college om te komen tot een door de raad vast te stellen en door de provincie goed te keuren meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. Stap 4: 29 september worden de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 aan de gemeenteraad aangeboden. Stap 5: Het college stelt een procesgangmemo op voor de totstandkoming van de perspectiefnota 2025 – 2028, met daarin de momenten waarop de raad betrokken wordt. De memo wordt na verwerking van de informatie van de septembercirculaire aan de raad aangeboden. Het college houdt open dat er effecten van de septembercirculaire uit kunnen gaan die van dien aard zijn dat die in belangrijke mate bepalend is voor de procesgang. De verzenddatum is zo spoedig mogelijk na het verwerken van de uitkomsten van de septembercirculaire. Wij stellen u daarvan zo spoedig mogelijk op de hoogte. Op die manier kan de raad deze memo betrekken bij de raadsbehandeling van de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027. Conclusie: het college zet alles op alles om u als raad op een zorgvuldige manier in positie te brengen voor de behandeling van de perspectiefnota 2024 – 2027, de begroting 2024 – 2027 en de perspectiefnota 2025 -2028.