CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

13.2 Memo effecten meicirculaire als aanvulling op de Perspectiefnota.pdf

Gemeenteraad 10 juli 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 13: Perspectiefnota 2024-20271.774 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo: effecten meicirculaire op de perspectiefnota 2024 – 2027 Van college van burgemeester en wethouders Aan: gemeenteraad Datum: 20 juni 2023 Aanleiding Aanleiding van de memo is de aard van de uitkomsten van de meicirculaire 2023 op de perspectiefnota 2024 – 2027 en daarmee op de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 die een standpuntinname van het college vraagt op vier onderdelen en opvolging van de toezegging zoals deze door het college is gedaan in de perspectiefnota. Inleiding Bij de aanbieding van de perspectiefnota hebben we op pagina zes aangekondigd u via een raadsmemo te informeren over de informatie en effecten van de meicirculaire op de meerjarenbegroting 2024-2027. Door middel van deze memo geven wij opvolging aan de aankondiging. € 1 miljard incidenteel 2026 wordt structureel In de septembercirculaire heeft het Rijk voor 2026 een incidenteel bedrag van € 1 miljard beschikbaar voor de algemene uitkering. Voor de beeldvorming: dat lijkt goed nieuws, maar dat is het niet. Het is een lagere structurele korting op de algemene uitkering. In de perspectiefnota is deze € 1 miljard toevoeging aan de algemene uitkering omgerekend naar het aandeel van gemeente Noordoostpolder ook voor 2027 en verder reeds verwerkt. Naar aanleiding van de meicirculaire verandert de perspectiefnota voor dit onderdeel dus niet.

Systematiek bepaling niveau algemene uitkering Met ingang van 2023 heeft het Rijk de trap-op-trap-af-methodiek afgeschaft voor de periode 20232025. De reden was dat diverse gemeente aangaven het lastig vonden om met de uitwerking van deze systematiek te werken, waarin de omvang van de algemene uitkering tussen de mei- en septembercirculaire nogal kon fluctueren. In de nieuwe systematiek (vanaf 2026) is er sprake van minder fluctuatie en meer zekerheid over de hoogte van de algemene uitkering. Een effect van zekerheid willen hebben is dat dit geld kost en dat is ook voor de omvang van de algemene uitkering van toepassing. Vooruitlopend op een nieuwe systematiek die per 2027 ingaat, heeft het Rijk vorig jaar besloten om de jaarlijkse groei van de algemene uitkering te splitsen in een ‘volumedeel’ en een ‘loon- en prijsontwikkelingendeel (LPO-deel). De omvang van het volumedeel voor de komende jaren staat vast. Het LPO-deel groeit evenredig mee met de omvang van de inflatie. Dat betekent dat wanneer de inflatie hoger uit valt, ook het LPO-deel mee stijgt. Wanneer de inflatie lager uit valt, daalt de uitkering voor dit onderdeel evenredig mee. De index die hiervoor gebruikt wordt, is een gemiddelde van drie indices: de loonvoet van de sector overheid (60%), de index van materiële overheidsconsumptie (20%) en de index overheidsinvesteringen (20%).

De kern van deze systematiek is dat de ontwikkeling van de algemene uitkering voor de jaren tot en met 2025 zich beperkt tot het effect loon- en prijsontwikkelingen. Deze systematiek geeft voor de komende jaren (t/m 2025) zekerheid voor de omvang van de algemene uitkering, ook wanneer de uitgaven van het Rijk achterblijven dan wel hoger zijn bij de ramingen). Op dit moment is het effect van de nieuwe systematiek dat gemeenten € 2 miljard minder algemene uitkering ontvangen dan de voorheen gehanteerde systematiek van trap-op-trap-af. Ceteris paribus (dus als alle andere variabelen gelijk blijven) komt dat voor gemeente Noordoostpolder neer op een negatief effect van € 4,5 - 5 miljoen structureel. Met ingang van 2027 indexeert het Rijk de algemene uitkering op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. Voorlopig heeft het Rijk hiervoor een aanvullend budget gereserveerd van € 150 miljoen voor 2027 en € 300 miljoen voor 2028. Wat de effecten voor de algemene uitkering van gemeente Noordoostpolder voor 2027 zal zijn, wordt met de meicirculaire van 2026 bekend gemaakt. Het effect voor 2028 wordt met de meicirculaire van 2027 bekend gemaakt.

Flankerend beleid energiearmoede en aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden Het kabinet stelt voor 2023 en 2024 nog incidenteel middelen beschikbaar om stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. In 2023 wordt in totaal € 50 miljoen via de algemene uitkering beschikbaar gesteld. Aandachtgebieden zijn vroegsignalering en het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. In een latere circulaire wordt meer informatie verstrekt over de middelen voor 2024 en ook hoe deze middelen verdeeld worden over de gemeenten. Verder heeft het Rijk incidenteel middelen beschikbaar gesteld voor aanpak van geldzorgen, armoede en schulden. Hiervan is € 40 miljoen beschikbaar gesteld via de algemene uitkering voor de investering in betere dienstverlening op het gebied van armoede en schulden. Voor gemeente Noordoostpolder gaat het om circa € 200.000. Het gaat om nieuwe informatie die nog niet opgenomen is in de perspectiefnota. Commissie van Wijzen: compensatie Jeugdzorg en besparingsopgave € 1 miljard De Commissie van Wijzen concludeerden dat gemeenten gecompenseerd moesten worden voor de hogere kosten van de jeugdzorg dan zij daarvoor ontvingen via de algemene uitkering. Gemeenten moesten ook zelf een aantal maatregelen treffen om kosten te reduceren.

Het gaat macro om een bedrag van € 1 miljard minder compensatie en voor gemeente Noordoostpolder is dat circa € 1 miljoen structureel. De operationalisering van de Rijksmaatregel vindt plaats door de budgetten Jeugd vanaf 2024 met € 1 miljoen structureel te verlagen. In het coalitieakkoord staat dat het kabinet in latere jaren een bezuiniging van € 500 miljoen moet realiseren aanvullend op het compensatiebedrag dat door de arbitragecommissie is vastgesteld. De Eerste Kamer ging niet accoord met deze bezuiniging. Het kabinet liet weten dat zij een deel van de jeugdzorg wil centraliseren, om invulling te geven aan bezuinigingen. Gemeenten en Rijk hebben nu een principeakkoord bereikt over het financiële kader voor de Hervormingsagenda Jeugd. Het kabinet verzacht het ingroeipad voor de besparingen en het kabinet schrapt de extra besparing van € 100 miljoen in 2024. Per saldo komt voor de jaren 2024 en 2025 in totaal € 385 miljoen extra ter beschikking voor jeugdzorg. Het Kabinet heeft meer tijd nodig voor de invulling en realisatie van de aanvullende besparingsopgave van € 500 miljoen vanaf 2025 en wacht voor de invulling hiervan de uitwerking van de Hervormingsagenda af. De beleidslijn van het Rijk wordt gevolgd en de € 1 miljoen budgetverlaging Jeugd wordt integraal verwerkt in de meerjarenprogrammabegroting 2024 - 2027.

Deze budgetverlaging is niet verwerkt in de perspectiefnota, maar is wel verwerkt in de geactualiseerde verwachte begrotingsresultaten na de meicirculaire in de matrix aan het einde van deze memo. Abonnementstarief WMO wordt afgeschaft voor alle WMO-voorzieningen Als gevolg van het Integraal Zorgakkoord wordt met ingang van 2025 een bedrag van € 110 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. Dit is een compensatie voor gemeenten voor de hogere kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief in de Wmo. In het regeerakkoord staat dat het abonnementstarief in de Wmo afgeschaft wordt en de inkomensafhankelijke eigen bijdrage van de Wmo heringevoerd wordt. In tegenstelling tot de afspraken in het regeerakkoord verdwijnt het abonnementstarief niet alleen voor de huishoudelijke hulp, maar voor alle Wmo-voorzieningen waarop het abonnementstarief nu van toepassing is. Als gevolg van het terugdraaien van de eigen bijdrage huishoudelijke hulp, wordt € 95 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. De invoering van de bredere eigen bijdrage leidt naar verwachting tot een meeropbrengst van € 225 miljoen. Hiermee wordt de algemene uitkering verlaagd. Voor gemeente Noordoostpolder betekent dit een positief effect (lees: minder tekort) op de begroting 2026 en verder van € 250.000 structureel.

De beleidslijn van het Rijk wordt gevolgd en de € 250.000 wordt integraal als een bate verwerkt in de meerjarenprogrammabegroting 2024 - 2027. Deze baten zijn niet verwerkt in de perspectiefnota, maar wel verwerkt in de geactualiseerde verwachte begrotingsresultaten na de meicirculaire in de matrix aan het einde van deze memo. Maatstaf OZB: WOZ-waardering en aanpassing rekentarieven De waardeontwikkeling tussen 1 januari 2022 en 1 januari 2023 bij woningen wordt, op basis van informatie van de Waarderingskamer, geschat op 3%. Voor niet-woningen wordt de waardeontwikkeling over dezelfde periode geschat op 2%. De inflatie in die periode bedraagt volgens de ramingen van het CPB 7%.

Het rekentarief voor de berekening van de algemene uitkering worden voor eigenaren woningen komt na aanpassing op 0,0890%, voor eigenaren niet-woningen op 0,2933% en voor gebruikers nietwoningen op 0,2231%. Het effect op de algemene uitkering is dat dat de korting voor door gemeenten te genereren OZB toeneemt met 7%. Bij het opstellen van de perspectiefnota was bij de begrotingsrichtlijnen nog 3,9% aangehouden. Conform het bestaande beleid en voor een budgettair neutraal effect op de algemene uitkering, dienen de OZB-tarieven met 7% verhoogd te worden. In de perspectiefnota is rekening gehouden met 3,9% voor de verhoging van de OZB-tarieven. Dit houdt in dat dat we € 740.000 structureel tekort komen. Aangepaste standen van de perspectiefnota voor structureel en incidenteel 2024 - 2027 In de hieronderstaande tabellen zijn de effecten van de meicirculaire op de perspectiefnota 2024 – 2027 en daarmee voor de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 weergegeven. Het gaat om de positieve en negatieve effecten van de items die in deze memo toegelicht zijn én de effecten van de meicirculaire als geheel.

Structureel Uitgangspositie per jaar Ontwikkelingen en ambities perspectiefnota 2024 - 2027 Berekende begrotingsresultaat zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 -2027 Totaal aan ‘besparingen’ (= maatregelen) zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 – 2027 Berekende begrotingsresultaat, zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 – 2027 Geactualiseerd begrotingsresultaat na verwerking meicirculaire*

2024 € 145.679 € 2.501.500-

2025 € 307.679 € 2.701.000-

2026 € 307.679 € 2.617.000-

2027 € 307.679 € 2.617.000-

€ 2.355.821-

€ 2.402.321-

€ 2.309.321-

€ 2.309.321-

€

1.040.000

€ 1.040.000

€ 1.025.000

€ 1.010.000

€ 1.315.821-

€ 1.362.321-

€ 1.284.321-

€ 1.284.321-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

€ 1.406.085-

*) De verklaring van de verschillen tussen ‘Berekende resultaten begroting, zoals gepresenteerd in de perspectiefnota’ en ‘Geactualiseerde resultaten begroting na verwerking meicirculaire’, wordt gevonden in de veranderde verhouding tussen het incidentele deel van de algemene uitkering en het aangepaste niveau van de structurele algemene uitkering door het Rijk. De resultaten zijn voor alle begrotingsjaren gelijk opgenomen, omdat het laagste niveau van de algemene uitkering (in 2027) als structureel geldt. De verschillen met de algemene uitkering van de andere jaren (2024 – 2026) worden verwerkt in de reserve Beleidsplan. Incidenteel (reserve Beleidsplan) Uitgangspositie per jaar Ontwikkelingen en ambities perspectiefnota 2024 - 2027 Berekende stand ultimo jaar, zoals gepresenteerd in de perspectiefnota 2024 - 2027 Geactualiseerde stand na verwerking meicirculaire**

2024

2025

2026

2027

€ 26.783.000 € 2.149.717-

€ 30.819.478 € 6.845.045-

€ 20.588.485 € 374.938-

€ 19.827.964 € 391.539-

€ 26.246.661

€ 23.974.433

€ 20.213.547

€ 19.436.423 € 17.367.668

**) De verklaring van het verschil (€ 2.068.755) wordt gevonden in de veranderde verhouding tussen het incidentele deel van de algemene uitkering en het aangepaste niveau van de algemene uitkering voor incidenteel en structureel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2065/documents/35222