CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

12.0 RB Rvst Zienswijzeverzoek Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland

Gemeenteraad 29 juni 2026, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 12: Zienswijzeverzoek Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland3.509 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

No. 26.0000203-1

gemeente

NOORDOOSTPOLDER Emmeloord, 17 februari 2026. Onderwerp Zienswijzeverzoek Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland Advies raadscommissie Hamerstuk

Aan de raad. Status: ter besluitvorming Voorgesteld besluit Bijgaande zienswijze te geven op: a) Hettekstvoorstel voor het aangaan van de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland; b) Het voorstel om de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland d.d. 10 december 2015 te beëindigen. Doelstelling Het doel is om met de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling een stevige en toekomstbestendige regionale governancete realiseren die zorgt voor een robuuste uitvoeringsorganisatie voor Jeugdweten Wmo-ondersteuning in Flevoland, de huidige samenwerkingsknelpunten oplost, een duidelijk en bevoegd regionaal bestuur instelt, en helderheid biedt over de verdeling van regionale en lokale verantwoordelijkheden én de rol en bevoegdheden van de gemeenteraden. Inleiding De gemeenten Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder en Urk werken samen voor de uitvoering van regionale taken op grond van de Jeugdwet en de Wmo. Sinds einde 2023 vindt met bestuurlijke en ambtelijke betrokkenheid een governance traject plaats om stevigheid en robuustheid, effectiviteit en slagkracht van de regio te optimaliseren. Belangrijk hierbij is dat de samenwerkende gemeenten ieder invloed kunnen uitoefenen op de koers, terwijl de governance ook moet passen bij de specifieke kenmerken van de regio als geheel.

De ambitie is om de robuustheid van de samenwerking te versterken en te optimaliseren wat in de huidige samenwerking reeds goed werkt. Met de herziene governance wordt tevens voldaan aan de wens van het ministerie van VWS dat de regio geoptimaliseerd wordt, zodat zij beter kan bijdragen aan een dekkend zorglandschap in de Regio. In het governancetraject spreken wij van de regio (kleine r) om het samenwerkingsverband van de gemeenten aan te duiden en van de Regio (grote R) om aan te duiden dat de regio en de gemeenten samen een infrastructuur van voorzieningen neerzetten, die samen een dekkend netwerk zijn. Governance traject In de voorgestelde tekst voor de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland wordt een bedrijfsvoeringsorganisatie op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen opgericht. leder college vaardigt een collegelid af in het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie. Het bestuur is verantwoordelijk voor de behartiging van de belangen die in de tekst van de gemeenschappelijke regeling worden genoemd, draagt zorg voor de taken die erin worden genoemd en maakt daarvoor gebruik van de bevoegdheden die worden genoemd. De secretaris van het bestuur is de regiodirecteur, die in opdracht van het bestuur de regio-organisatie aanstuurt en verantwoording aflegt aan het bestuur.

Om raadsleden actief bij de besluitvorming binnen het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie te betrekken wordt een regionaal raadsplatform sociaal domein ingesteld. Dit platform is een belangrijke sparringpartner voor het bestuur.

No. 26.0000203-2 Toelichting op de herziening van de governance Model van de bestuurlijke organisatie In de zoektocht naar de meest geschikte samenwerkingsvorm, is gekeken naar verschillende ideaaltypische modellen. e Optimaliseren huidige netwerksamenwerking: Duidelijke rolscheiding lokaal/regionaal, opdrachtgever/opdrachtnemer e _Netwerkorganisatie: één samengesteld regionaal team onder gezamenlijke bestuurlijke aansturing. e Bestuurlijke organisatie Samenwerkingsverband Sociaal Domein Flevoland: één bestuur,

ambtelijke organisatie ondergebracht bij de centrumgemeente. (Eén van de vormen van deze

e e

organisatie in de Wet gemeenschappelijke regelingen is de bedrijfsvoeringsorganisatie.) Eigen serviceorganisatie Sociaal Domein Flevoland ondergebracht bij de GGD. Eigen organisatie Samenwerkingsverband Sociaal Domein Flevoland: één bestuur en één zelfstandige ambtelijke organisatie in bedrijfsvoeringorganisatie of openbaar lichaam.

Personeel

Dronten

Noordoastpolder

Personeel

Bestuur

Personeel

=>

(

|

Directeur

BVO

|

Sociaal Domein Flevoland

len

En fn en er

In het governancetraject is bestuurlijke en ambtelijke consensus bereikt over het voorkeursmodel voor de toekomstige governance. Uit de 5 modellen is gekozen voor model 3, Bestuurlijke organisatie. Het modelis in onderstaan plaatje weergegeven:

4

— „Personeel _

/…— ————------ el

De belangrijkste argumenten hiervoor waren: e _Om kwetsbare jeugd en hun (kwetsbare) gezinnen het beste te ondersteunen en bestuurlijke slagkracht te tonen is een robuuste en stevige structuur gewenst met financiële duidelijkheid met een vastgestelde begroting volgens de P&C-cyclus van de Wgr, en de wettelijke controle- en beïnvloedings-instrumenten van de raden; e Dit model biedt de beste kans om knelpunten op te lossen door duidelijk eigenaarschap en bevoegdheden. Hoewel relationele governance niet automatisch wordt verbeterd, helpen de institutionele veranderingen om dit te realiseren. De kans op een effectieve verandering in de aanpak is groter dan bij de andere modellen. e Het voorkeursmodelvoldoet het beste om die bestuurlijke slagkracht te realiseren: o _erkomt een regionaal bestuur, met voldoende mandaat en besluitvormende bevoegdheid; o er komt een regionale begroting die door dat bestuur wordt vastgesteld (na zienswijze door de raden); o er komt een regionale ambtelijke structuur waarbij de regiodirecteur als secretaris van het bestuur de regionale ambtelijke organisatie aanstuurt conform zijn opdracht vanuit het regionale bestuur. e Het model is niet te zwaar, is efficiënt en benut bestaande infrastructuur. e Het model is vooral een bestuurlijke organisatie, met organisatorische inbedding op de huidige manier.

No. 26.0000203-3 e

Er wordt maximaal efficiënt gebruik gemaakt van de bestaande infrastructuur en huidige organisatorische inbedding, doordat de regioambtenaren in dienst blijven bij Almere (of een andere gemeente) en stafdiensten/bedrijfsvoering vanuit Almere (of een andere gemeente) worden geleverd.

Op basis van deze argumenten is gekozen voor de bestuurlijke organisatie, en wel de bedrijfsvoeringsorganisatie, een van de modellen genoemd in de Wet gemeenschappelijke regelingen. Leidende principes, intentieovereenkomst en deelnemende gemeenten In het governance-traject zijn de belangrijkste uitgangspunten en randvoorwaarden voor de voortzetting van de bestaande samenwerking in een nieuwe governance uitgewerkt in leidende principes. De leidende principes zijn opgenomen in een intentieovereenkomst die in december 2025 is ondertekend door de vertegenwoordigers van de colleges van B&W van de gemeenten Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder en Urk. De leidende principes en de intentieovereenkomst zijn als bijlages bij dit raadsvoorstel gevoegd. Wet Gemeenschappelijke Regelingen De opgestelde concepttekst die voor zienswijze wordt aangeboden, voldoet aan de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).Per 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen (War) gewijzigd. Doel van de wetswijziging is om de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van raden te versterken. Hieronder geven wij een toelichting op deze wijzigingen en de instrumenten die de Wor biedt. Een aantal van de wijzigingen in de Wgr hebben geleid tot instrumenten die direct uit de wet voortvloeien.

Bij die instrumenten zijn verder geen keuzes mogelijk over de vraag hoe deze worden ingepast in de GR. Andere wijzigingen van de Wgr geven de deelnemers de vrijheid om te kiezen of, en zo ja op welke manier zij de wijzigingen implementeren in de eigen GR. Onderstaande tabel maakt inzichtelijk welke wijzigingen verplicht zijn en welke wijzigingen ruimte laten voor een keuze bij GR-en die gesloten worden tussen gemeentelijke bestuursorganen.

Wettelijk bepaalde instrumenten Zienswijze van raden over ontwerpregeling, wijziging regeling of toe- en uittredingals raden geen deelnemerzijn aan de GR Reactie van (dagelijks) bestuur op zienswijze begroting

Art. 35 lid 4 Wgr

Aanpassing termijnen in de begrotingscyclus

Art. 34, 34b en 35 Wor

Gezamenlijke enquête naar gevoerde bestuur als raden geen deelnemer zijn

Art. 155 e.v.

Uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamertot onderzoek naar het

gevoerde bestuur van het samenwerkingsverband

Bt 1 lid 3 Wgr

Gemeentewet

Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur Actieve informatieplicht door bestuur

Gemeenschappelijke adviescommissie (NB: alleen mogelijk voor openbare lichamen, dus niet voor een bedrijfsvoeringsorganisatie of een

gemeenschappelijk orgaan)

Evaluatie van de GR

Voorwaardenen gevolgen van uittreding, waaronder de gevolgen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan

Art. 10 lid 6 Wor Art. 10 lid 7 en 8 Wor Art. 17 Wor Art. 24a Wor

Art. 11 Wor

Art. 9 Wor

—

bestuursorganen deelnemen.

Hieronder worden de onderdelen van de Wgr waarbij geen keuze gemaakt kan worden ten aanzien van de toepassing van het instrument kort toegelicht: a)

Gewijzigde procedure totstandkoming GR wijziging

|

Art. 184 Gemeentewet

Wijzigingen met een keuze

Participatie van inwoners en belanghebbenden _

|

No. 26.0000203-4 Een eerste belangrijke wijziging ziet op het proces tot de totstandkoming van GR, waaronder ook een wijziging van een GR wordt verstaan. Bij alle GR-en waar raden niet aan deelnemen, is het vanaf 1 juli 2022 verplicht om zienswijze over de concept-(gewijzigde) regeling te vragen aan de raden. Pas nadat gemotiveerd op deze zienswijzen is gereageerd en aanpassingen in een concept-GR zijn doorgevoerd, kan aan de raden toestemming worden gevraagd voor het aangaan of wijzigen van een GR. Voor toekomstige wijzigen van de GR is de zienswijze opgenomen in artikel 32 van het tekstvoorstel. b) Reactie van (dagelijks) bestuur op zienswijze begroting Al jaren is in de Wgr de verplichting opgenomen dat raden hun zienswijze op de begroting kunnen geven. Nieuw is dat nadat de raden in de gelegenheid zijn gesteld hun zienswijze op de begroting te geven, het (dagelijks) bestuur gemotiveerd moet reageren op de binnen gekomen zienswijzen en moet aangeven welke conclusies het aan de zienswijzen verbindt. c) Aanpassing termijnen begrotingscyclus Wat betreft de gewijzigde termijnen geldt dat deze vanaf 1 juli 2022 in werking zijn getreden. Omdat het uiterste termijnen betreft, behoeft hier in beginsel geen keuze te worden gemaakt.

Het doel van de wijziging van deze termijnen is dat het voor gemeenten eenvoudiger moet zijn om de P&C-cyclus van een GR af te stemmen op de P&C-cyclus van de gemeentelijke organisatie.

Dagelijks bestuur zendt algemene financiële 15 april Y-1 30 april Y-1 en beleidsmatige uitgangspunten aan raden (art. 34b Wgr) Dagelijks bestuur zendt ontwerpbegroting 8 weken voor 12 weken voor aanbieding aan raden (art. 35 lid 1 Wgr) aanbieding aan het aan het algemeen bestuur algemeen bestuur Raden kunnen zienswijzen indienen bij het 8 weken na aanbieding 12 weken na aanbieding dagelijks bestuur (art. 35 lid 3 Wor) door dagelijks bestuur door dagelijks bestuur Algemeen bestuur stelt begroting vast (art. Y-1 (datumnietnader Y-1 (datum niet nader 34 lid 1 Wgr) bepaald) bepaald) Dagelijks bestuur zendt vastgestelde Binnen 2 weken na Binnen 2 weken na begroting aan gedeputeerde staten (art. 34 vaststelling, maar vóór vaststelling, maar vóór 15 lid 2 Wgr) 1 augustus Y-1 september Y-1 Dagelijks bestuur zendt voorlopige 15 april Y+1 30 april Y+1 jaarrekening naar gemeenteraden (art. 34b Wor) Algemeenbestuurstelt jaarrekening vast Y+1(datumnietnader Y+1 (datum niet nader (art. 34 lid 3 Wgr) bepaald) bepaald) Dagelijks bestuur zendt vastgestelde Binnen 2 weken na Binnen 2 weken na jaarrekening aan gedeputeerde staten (art.

vaststelling, maar vóór vaststelling, maar vóór 15 34 lid 4 Wgr) 15 juli Y+1 juli Y+1 a) Gezamenlijke enquête naar gevoerde bestuur als raden geen deelnemerzijn Bij GR-en waaraan raden niet deelnemen, kan een raad gezamenlijk met andere raden onderzoek doen naar het gevoerde bestuur van een GR. Dat gebeurt door het gezamenlijk instellen van een onderzoekscommissie. Een dergelijk onderzoek wordt gedaan op voorstel van één van de vertegenwoordigende bestuursorganen van de deelnemers aan een GR. b) Uitbreiding bevoegdheid rekenkamers In de Wgr is nu expliciet opgenomen dat rekenkamers ook onderzoek mogen doen naar het gevoerde bestuur van een GR als een van de bestuursorganen van de eigen gemeente deelneemt aan een GR. De betreffende rekenkamer moet op dat moment wel de rekenkamers van de andere gemeenten, waarvan een bestuursorgaan deelneemt in de GR waar het onderzoek wordt uitgevoerd, op de hoogte stellen. Hierna worden de wijzigingen van de Wgr waarbij een keuze gemaakt kan worden ten aanzien van de toepassing van het instrument kort toegelicht.

No. 26.0000203-5 a) Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur In een GR moet worden opgenomen welke bestuursbesluiten, voorafgaand aan het nemen ervan, voor het geven van een zienswijze moeten worden voorgelegd aan de raden van de gemeenten. Er is een aantal verplichte besluiten waarvoor zienswijze gegeven moet worden. Naast deze wettelijk verplichte zienswijze-procedures, is het verplicht om iets op te nemen over de bestuursbesluiten die voor zienswijze aan de raden voorgelegd worden. Dit betekent dat ook mag worden opgenomen dat naast de wettelijke verplichte besluiten geen andere besluiten ter zienswijze worden voorgelegd. In artikel 12 is opgenomen dat in beginsel geen bestuursbesluiten voorzienswijze aan de raden worden voorgelegd. Wel kan het bestuur in concrete gevallen besluiten om dit wel te doen. De regiovisie wordt vastgesteld door de afzonderlijke raden op voorstel van het bestuur. Voorafgaand aan dat voorstel wordt een versie voor consultatie voorgelegd aan de raden. Dit gebeurt ook in dit traject en is voor de toekomst eveneens opgenomen in artikel 12. b) Participatie van inwoners en belanghebbenden In een GR moet opgenomen worden op welke wijze de ingezetenen (van de gemeenten waarvan bestuursorganen deelnemen aan een GR) en belanghebbenden betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.

De wetgever heeft bepaald dat het niet mogelijk is op te nemen dat geen ruimte wordt gegeven voor participatie. Er moet, met andere woorden, in elke GR een minimale variant van participatie worden opgenomen. Dit is gedaan in artikel 13 van het tekstvoorstel. Het bestuur kan in concrete gevallen besluiten tot een participatietraject. Voor het overige verloopt participatie via de afzonderlijke gemeenten, bijvoorbeeld via adviesraden sociaal domein. c) Actieve informatieplicht door het bestuur Sinds 1 juli 2022 moet ook in GR-en opgenomen worden op welke wijze inlichtingen door het bestuur van een GR worden verstrekt aan de raden van gemeenten. Dit is bepaald in artikel 17 van de gewijzigde Wgr. In een GR wordt daarom opgenomen op welke manier (keuzemogelijkheid) dit gebeurt. In artikel 14 van het tekstvoorstel is opgenomen dat het bestuur zowel reactief als proactief alle benodigde informatie verstrekt aan de raden. Ook het raadsplatform sociaal domein Flevoland (zie volgend kopje) is een belangrijk instrument om de raden proactief te betrekken. d) Gemeenschappelijke adviescommissie Bij elke GR waarbij een openbaar lichaam is ingesteld, bestaat de mogelijkheid om een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. In dit geval wordt echter een bedrijfsvoeringsorganisatie opgericht, waarbij die mogelijkheid niet bestaat.

In plaats daarvan is in de GR gekozen voor een raadsplatform sociaal domein Flevoland, waarmee de raden alsnog een platform wordt geboden om actief betrokken te zijn bij de besluitvorming binnen het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie. Het platform ziet er met name op toe dat de afzonderlijke raden goed zijn aangehaakt op belangrijke ontwikkelingen binnen Sociaal Domein Flevoland. Dit is geregeld in artikel 19 van het tekstvoorstel. e) Evaluatie van een gemeenschappelijke regeling Een GR moet bepalingen over de evaluatie van de regeling bevatten. Uit de wetsgeschiedenis van de wijziging van de Wgr volgt dat verplicht is om in elke regeling iets op te nemen over evaluatie maar dat dit ook betekent dat mag worden opgenomen dat er geen evaluatie plaats zal vinden. Wordt er niet geëvalueerd dan wordt dat opgenomen in de GR en hoeven er geen verdere keuzes gemaakt te worden. Dit is geregeld in artikel 28 van het tekstvoorstel. Dat artikel voorziet er ook in dat de taakuitvoering waaronder het samenspel met de gecontracteerde aanbieders regelmatig wordt geëvalueerd. f) Voorwaarden en gevolgen uittreding uit een GR Alhoewel de verplichting al bestond om in alle GR-en (voor onbepaalde tijd) bepalingen op te nemen over de wijze waarop deelnemers kunnen uittreden, is het sinds de wetswijziging van 1 juli 2022 verplicht om deze bepalingen uit te breiden.

Uit de bepaling moet in ieder geval duidelijk worden welke gevolgen uittreding heeft voor het vermogen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan de bestuursorganen deelnemen in de GR. In elke regeling moet daarom worden opgenomen op welke wijze (qua proces en qua inhoud) wordt bepaald wat de gevolgen van de uittreding zijn en op welke manier het vermogen van de deelnemers wordt beïnvloed. Dit is geregeld in artikel 30. Artikel 29 reguleert toetreding door nieuwe deelnemende colleges.

No. 26.0000203-6 Beëindigen van de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland Om na verwerking van de zienswijzen en besluitvorming over de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein de nieuwe GR in werking te laten treden, dient het besluit te worden genomen om de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland d.d. 10 december 2015 te laten vervallen. Beleidsreferentie Beleidsplan Sociaal Domein - Krachtig Noordoostpolder 2.0 Doen wat werkt! Deelplan jeugd - Krachtig Noordoostpolder voor de Jeugd Deelplan Wmo & Volksgezondheid 2.0 Regionale visies (Jeugdhulp, huiselijk geweld en kindermishandeling, VMO) Hervormingsagenda jeugd 2023-2028

Argumenten 1.1. De huidige centrumregeling is verouderd en voldoet niet aan de vereisten van de nieuwe Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg De Centrumregeling is in afwachting van de aanpassing van de wetgeving niet tussentijds aangepast aan de nieuwe regio-indeling en wijzigingen in de regionale ambities. In de nieuwe wetgeving worden nadere eisen gesteld aan de governance waaraan de Centrumregeling niet voldoet. Om die reden is in de intentieovereenkomst van december 2025 afgesproken om een nieuwe GR aan te gaan. De versterking en aanpassing van de governance wordt niet alleen noodzakelijk geacht door de colleges van de regiogemeenten, maar komt ook voort uit de vereisten die onder andere vanuit de Hervormingsagenda Jeugd worden gesteld aan regionale samenwerking. Het ministerie van VWS heeft aan de colleges van Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder en Urk duidelijk gemaakt dat de huidige governance niet volstaat om een dekkend zorglandschap voor de jeugd te realiseren. Het niet aanpassen van de Gemeenschappelijke Regeling is om die reden geen optie. 1.2. De GR sluit aan bij de afspraken in de intentieovereenkomst De voorgestelde gemeenschappelijke regeling sluit aan bij de afspraken die de vijf Flevolandse gemeenten eerder hebben vastgelegd in de intentieovereenkomst.

Door de GR conform deze afspraken vorm te geven, wordt de gezamenlijk gekozen koers bestuurlijk geborgd en wordt uitvoering gegeven aan de gedeelde ambitie om de regionale samenwerking binnen het sociaal domein duurzaam te versterken. 1.3. In art. 1 lid 2 en art. 9 Wgr is opgenomen dat voor het aangaan en/of ontbinden van een GR een zienswijze aan de raad wordt gevraagd Het aangaan van de GR en het vragen van een zienswijze op het ontwerp en de beëindiging van de eerdere regeling zijn wettelijke vereisten. Aan alle colleges van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd de ontwerp GR voor een zienswijze toe te zenden aan de raad. 1.4 De voorgestelde GR versterkt de regionale governance De voorgestelde Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland is noodzakelijk om de regionale governance te versterken. Met deze regeling kunnen bestaande knelpunten in de samenwerking worden opgelost, ontstaat bestuurlijke slagkracht en worden verantwoordelijkneden helder en eenduidig belegd. Daarnaast brengt de regeling de gemeenteraden duidelijk in positie door hun rol en bevoegdheden expliciet te borgen. Tegelijkertijd is de gekozen governancevorm proportioneel: zij is efficiënt ingericht, sluit aan op de bestaande regionale infrastructuur en introduceert geen onnodig zware bestuurlijke lagen.

Kanttekeningen Geen Participatie Bestuurlijke afstemming en voorbereiding van de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland heeft plaatsgevonden in het Bestuurlijk Overleg Sociaal Domein Flevoland (BOSD).

No. 26.0000203-7 Begin mei wordt in een technische raadsessie aan de gezamenlijke gemeenteraden in de regio een toelichting gegeven op de voorgestelde Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland. Regiovisie De Hervormingsagenda vereist ook dat elke regio een door alle individuele gemeenteraden vastgestelde regiovisie heeft. In de regio Sociaal Domein Flevoland wordt dit jaar aan deze regiovisie gewerkt. Deze wordt naar verwachting in het komende najaar aan de gemeenteraden aangeboden ter bespreking en besluitvorming. Financieel Er zijn geen directe specifieke gevolgen van de oprichting van de nieuwe regio-organisatie sociaal domein anders dan reeds meegenomen in de begroting 2026 van de regionale samenwerking Sociaal Domein Flevoland. Te zijner tijd zal voor de begroting 2027 de door de Wgr voorgeschreven procedure worden gevolgd, met zienswijze door de raden. Dit kan echter pas na oprichting gebeuren

in 2027.

Planning/uitvoering Door middel van dit raadsvoorstel wordt aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten gelijktijdig het verzoek gedaan tot het geven van hun zienswijze op de concepttekst van de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland en op het voorstel om de bestaande centrumregeling op te heffen. De zienswijzen van de gemeenteraden worden door de colleges teruggestuurd aan het Bestuurlijk Overleg Sociaal Domein Flevoland (BOSD) en daar in behandeling genomen. De reactie op de zienswijzen wordt bijgevoegd bij de definitieve stukken die na het zomerreces aan de colleges en raden worden aangeboden voor besluitvorming. Daarin zal aan de raden gevraagd worden om instemming te verlenen aan de colleges om de definitieve Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland aan te gaan en de bestaande Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland te beëindigen. De planning is dat de colleges van de deelnemende regiogemeenten de Gemeenschappelijke Regeling voor 31 december 2026 kan worden ondertekend. Bijlagen e Concepttekst Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland e _Intentieovereenkomst regionale samenwerking Sociaal Domein Flevoland d.d. december 2025 (leidende principes’) e _Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland d.d. 10 december 2015 Het college-van burgemeester en wethouders, cretaris, deburgemeester, ad 2

wre

2

7

C

L

zj

gm

Portefeuillehouder Steller

: mevr. L. Verduin : de heer M. Bron, (0527) 63 39 32; m.bron@noordoostpolder.nl

¢

No. 26.0000203-8

+ gemeente

&

NOORDOOSTPOLDER RAAD

De raad van de gemeente Noordoostpolder, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 februari 2026, no. 26.0000203; gelet op artikel In art. 1 lid 2 en art. 9 Wor;

BESLUIT: Bijgaande zienswijze te geven op: a) Het tekstvoorstel voor het aangaan van de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Flevoland; b) Het voorstel om de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland d.d. 10 december 2015 te beëindigen. Aldus besloten in de openbare vergadering van 29 juni 2026. De griffier,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2321/documents/44988