11.1 Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark.pdf
Tekst van het document
OMGEVINGSPLAN LUTTELGEEST NIEUWLANDSEWEG ARBEIDSMIGRANTENPARK
Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Inhoudsopgave
Motivering
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging projectlocatie 1.3 Te doorlopen procedure 1.4 Leeswijzer
5 5 5 6 7
Hoofdstuk 2 Beschrijving van het project en zijn omgeving 2.1 De huidige situatie 2.2 Toekomstige situatie 2.3 Met omgevingsplan strijdige activiteiten
8 8 12 16
Hoofdstuk 3 Participatie 3.1 Participatie omgeving 3.2 Bestuurlijk vooroverleg
17 17 17
Hoofdstuk 4 Beleid 4.1 Rijksbeleid 4.2 Provinciaal beleid 4.3 Gemeentelijk beleid
19 19 19 21
Hoofdstuk 5 Thema's van de fysieke leefomgeving 5.1 Algemeen 5.2 Mer-beoordeling 5.3 Omgevingsveiligheid 5.4 Water 5.5 Luchtkwaliteit 5.6 Geluid door activiteiten 5.7 Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen 5.8 Trillingen 5.9 Bodem 5.10 Nietgesprongen explosieven 5.11 Geur 5.12 Cultureel erfgoed 5.13 Ladder voor duurzame verstedelijking 5.14 Gezondheid 5.15 Gezondheidsrisico's vanwege veehouderijen 5.16 Mobiliteit en parkeren 5.17 Ecologie: gebiedsbescherming 5.18 Ecologie: soortenbescherming 5.19 Bezonning/schaduwhinder 5.20 Windhinder 5.21 Lichthinder 5.22 Duurzaamheid en klimaatadaptatie 5.23 Spuitzones gewasbeschermingsmiddelen
25 25 26 27 29 35 36 38 40 41 42 43 44 46 49 50 50 52 54 56 57 57 58 59
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid
61 61
Hoofdstuk 7 Evenwichtige toedeling van functies aan locaties 7.1 Integrale beoordeling 7.2 Conclusie
62 62 62
Bijlagen motivering
63
2
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Bijlage 1
Principeverzoek
64
Bijlage 2
Participatielogboek
99
Bijlage 3
Overzicht bestuurlijk overleg
114
Bijlage 4
Landschappelijke inpassing
123
Bijlage 5
Situatietekening terrein
132
Bijlage 6
Beng rapportage
134
Bijlage 7
Huis- en gedragsreglement huisvesting
243
Bijlage 8
Mer-beoordeling
250
Bijlage 9
QRA
270
Bijlage 10
Digitale wateradvies Nieuwlandseweg 2
284
Bijlage 11
Omgevingsvergunning waterschap Zuiderzeeland
306
Bijlage 12
Akoestisch onderzoek
310
Bijlage 13
Verkennend bodemonderzoek
360
Bijlage 14
Verkeer en parkeren
455
Bijlage 15
Stikstofonderzoek
465
Bijlage 16
Quickscan natuurbescherming
498
Bijlage 17
Beleidsplan Natuur en Milieu (Hoogweg paprikakwekerijen)
525
Omgevingsplan (voorontwerp)
3
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
4
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Motivering Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1
Aanleiding
Aan de Nieuwlandseweg te Luttelgeest is Hoogweg Paprikakwekerijen gevestigd. Het bedrijf wil op de projectlocatie een tweede locatie voor het huisvesten van arbeidsmigranten oprichten. Op het perceel Nieuwlandseweg 4 bevindt zich al een arbeidsmigrantenpark. De huisvestiging dient plaats te bieden aan 300 arbeidsmigranten. In totaal wil de initiatiefnemer hiermee 600 arbeidsmigranten, verdeeld over twee parken, huisvesten ten behoeve van de bedrijfsvoering.
Ten behoeve van de planontwikkeling is een principeverzoek ingediend. Zie hiervoor bijlage 1. Als bijlage bij het principeverzoek is het stedenbouwkundig plan opgenomen (Bestaande situatie, Bebouwingstudie, Referenties. d.d. 18-11 2024). De gemeente heeft bij brief van 11 juni 2025 laten weten in beginsel mee te willen werken aan het verzoek.
De voorgestelde locatie ligt in het glastuinbouwgebied tussen Luttelgeest en Marknesse. Het is omsloten door kassen en grenst aan een reeds bestaand park voor de huisvesting van arbeidsmigranten. De locatie is direct ontsloten door de Nieuwlandseweg.
De ontwikkeling bevat omgevingsplanactiviteiten die in strijd zijn met het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan gemeente Noordoostpolder waarvan (onder andere) het bestemmingsplan 'Glastuinbouw Luttelgeest / Marknesse' deel uit maakt. Op basis van deze regels zijn de gronden in projectgebied bestemd als 'Agrarisch gebied'. De beoogde ontwikkeling wil hier woonactiviteiten met betrekking tot de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten mogelijk maken.
De ontwikkeling kan mogelijk worden gemaakt door middel van een omgevingsvergunning voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (hierna: BOPA). Deze aanvraag moet worden beoordeeld op basis van de beoordelingsregels die voor een BOPA gelden. Naast de evenwichtige toedeling van functies aan locaties, vormen de instructieregels, voorbereidingsbesluiten, projectbesluiten en de doorwerking van een maatwerkregel het beoordelingskader. Ook aan geldend beleid en beleidsregels wordt getoetst. In dit document wordt onderbouwd of aan deze beoordelingsregels en beleid(sregels) wordt voldaan.
1.2
Ligging projectlocatie
Het projectgebied bevindt zich in het buitengebied ten zuidoosten van Luttelgeest, gemeente Noordoostpolder, aan de Nieuwlandseweg 6. Het projectgebied bevindt zich naast een bestaand arbeidsmigrantenpark (Nieuwlandseweg 4) en wordt omringd door agrarische gronden en (bedrijfs)woningen. Het projectgebied ligt binnen de kadastrale percelen Noordoostpolder sectie B, nummer 4151, nummer 4101 en nummer 4201. De projectlocatie is aangegeven in figuur 1.1. Figuur 1.2 toont een uitsnede van de kadastrale kaart.
Nieuwlandseweg 6 is nog geen uitgegeven adres, maar de verwachting is dat dit nummer wel toegekend gaat worden.
Omgevingsplan (voorontwerp)
5
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Figuur 1.1 Ligging van het projectgebied ten opzichte van de omgeving (rode contour) (bron: Basisviewer Rho 2025)
Figuur 1.2 - Kadastrale kaart van het projectgebied (rode contour) (bron: Basisviewer Rho 2025)
1.3
Te doorlopen procedure
Een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) is een omgevingsplanactiviteit die niet voldoet aan de regels van het omgevingsplan en niet vergunningsvrij is. Het bevoegd gezag kan de omgevingsvergunning voor een BOPA verlenen als de omgevingsplanactiviteit voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) en er overeenstemming is met de instructieregels van het Rijk en de provincie. Voor het project is de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing. Dit betekent dat op een aanvraag omgevingsvergunning binnen 8 weken moet worden beslist.
6
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Bij de gemeente is het college van burgemeester en wethouders (B&W) het bevoegd gezag bij een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Er kan advies of instemming van een ander bestuursorgaan nodig zijn. Voor de voorgenomen ontwikkeling gaat het om woonactiviteiten en ruimtelijk bouwen. De gemeente Noordoostpolder heeft een lijst opgesteld met categorieën waarin de gemeenteraad geen bindend advies geeft ('Uitzonderingslijst adviesrecht raad'). Op deze lijst stond in eeste instantie ook de huisvesting van arbeidsmigranten. In de raadsvergadering van 16 december 2024 is een amendement aangenomen om de categorie 'Huisvesting arbeidsmigranten' te verwijderen van de uitzonderingslijst. De beoogde ontwikkeling valt dus niet (meer) onder een uitzondering. Er is dus advies nodig van de gemeenteraad. Adviesrecht van de raad heeft geen gevolgen voor de beslistermijn. De beslistermijn blijft 8 weken (+eventueel 6 weken wanneer de beslistermijn wordt verlengd), mits het college heeft besloten de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing te verklaren.
1.4
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de huidige en toekomstige situatie van de projectlocatie. Hoofdstuk 3 beschrijft hoe vooroverleg en participatie hebben plaatsgevonden en hoe dit heeft bijgedragen aan het ontwerp van het project op de projectlocatie. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 het project getoetst aan het relevante beleidskader en worden de relevante provinciale instructieregels beschreven. In hoofdstuk 5 wordt het project getoetst aan de relevante thema's van de fysieke leefomgeving. Hierbij wordt het project beoordeeld op basis van de relevante beoordelingsregels en de relevante aspecten in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hoofdstuk 6 beoordeelt de economische uitvoerbaarheid van het project. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ook wel afgekort als ETFAL).
Omgevingsplan (voorontwerp)
7
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Hoofdstuk 2 Beschrijving van het project en zijn omgeving 2.1
De huidige situatie
2.1.1 Huidig gebruik In het projectgebied bevindt zich een agrarisch bedrijf ten behoeve van de teelt en verwerking van paprikas op een efficiënte, duurzame en milieuvriendelijke wijze. Inmiddels is het bedrijf, Hoogweg Paprikakwekerijen, uitgegroeid naar een organisatie met 192 hectare glas waar in moderne kassen paprikas geteeld worden. Op het perceel bevindt zich momenteel een leeg grasveld.
Ten noorden van het projectgebied bevindt zich de Nieuwlandseweg, ten zuiden en oosten bevinden zich de paprikakassen en ten westen bevindt zich een bestaand arbeidsmigrantenpark.
In figuur 2.1 is een luchtfoto van het projectgebied weergegeven. Figuur 2.2 laat een vooraanzicht van de projectlocatie in het gebied zien. In figuur 2.3 is een luchtfoto van de projectlocatie ten opzichte van de omgeving te zien.
Figuur 2.1 - Luchtfoto van het projectgebied (rood omlijnd)(bron: Basisviewer Rho 2025)
8
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Figuur 2.2 - Vooraanzicht van het projectgebied (bron: Google Streetview)
Figuur 2.3 - Omgeving van de projectlocatie (bron: Rho Basisviewer 2025) 2.1.2 Relevante regels omgevingsplan 2.1.2.1
Omgevingsplan gemeente Noordoostpolder
Het omgevingsplan van de gemeente Noordoostpolder bevat de regels voor het projectgebied. De regels zijn opgenomen in de volgende onderdelen van de wet: De besluiten genoemd in artikel 4.6, eerste lid van de Invoeringswet Omgevingswet, waaronder een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening en tevens de volgende verordeningen: 1. een regel als bedoeld in artikel 38, eerste lid, van de Monumentenwet 1988, zoals die wet luidde voor de inwerkingtreding van de Erfgoedwet; 2. een verordening als bedoeld in artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij; 3. een verordening als bedoeld in artikel 10.32a van de Wet milieubeheer en een Omgevingsplan (voorontwerp)
9
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark besluit tot aanwijzing van een gebied op grond van die verordening; De kaarten, bedoeld in artikel 3.5, tweede lid, van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet, en de besluiten, bedoeld in artikel 3.5, derde lid, van die wet; De Bruidsschat. Hierna wordt kort ingegaan op deze onderdelen uit het omgevingsplan die van belang zijn voor het voorliggende initiatief en wordt ingegaan op de strijdigheden die ontstaan met de Bopa.
2.1.2.2
Bestemmingsplan Glastuinbouw Luttelgeest/Marknesse
Op basis van de geldende planologische regeling, het omgevingsplan van de gemeente Noordoostpolder, waarvan het bestemmingsplan Glastuinbouw Luttelgeest/Marknesse (vastgesteld op 18 februari 2010) onderdeel uitmaakt, geldt ter plaatse van de projectlocatie de bestemming 'Agrarisch'.
Het project gebied valt verder binnen de functieaanduiding 'waterzuiveringsinstallatie'. Deze aanduiding maakt het mogelijk om via een afwijking van het bestemmingsplan een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) te realiseren. Het doel hiervan is om het afvalwater afkomstig van de glastuinbouwbedrijven in het gebied op een verantwoorde manier te behandelen.
Figuur 2.4 laat de uitsnede van de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan Glastuinbouw Luttelgeest/Marknesse zien.
10
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Figuur 2.4 Ligging projectgebied binnen geldende bestemmingsplan (bron: Regels op de Kaart)
2.1.2.3
Parapluplan parkeren
Voor alle geldende bestemmingsplannen binnen het grondgebied van de gemeente Noordoostpolder is op 8 juli 2019 het bestemmingsplan 'Parapluplan parkeren' vastgesteld. Met het bestemmingsplan zijn de regels op het gebied van parkeren gewijzigd voor alle bestemmingsplannen in de gemeente.
In het kader van een ETFAL moet worden aangetoond dat een ontwikkeling aan de parkeerbehoefte, in de basis, op eigen terrein kan voldoen. In paragraaf 5.16 wordt aangetoond dat aan de parkeerbehoefte wordt voldaan.
2.1.2.4
Verordeningen
Tot het tijdelijke deel van het omgevingsplan behoren ook de gemeentelijke archeologieverordening, de geurverordening en de verordening afvoer regen- en grondwater (of een Verordening fysieke leefomgeving), voor zover deze regels over voorgaande onderwerpen bevat), in het geval de gemeente een dergelijke verordening heeft vastgesteld.
Verordening fysieke leefomgeving gemeente Noordoostpolder De gemeente beschikt over de verordening fysieke leefomgeving, waar onder andere regels zijn opgenomen met betrekking tot de afvoer van hemel- en grondwater en erfgoed, monumenten & het uiterlijk van bouwwerken.
In de paragraaf over het aspect water (5.4) en de paragraaf over het aspect cultureel erfgoed (5.12) wordt aan deze verordening getoetst. Er is geen sprake van strijdigheid.
2.1.2.5
Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart
De bodemkwaliteitskaart is een door de gemeente vastgestelde kaart met daarop de bodemkwaliteit per gebied. De gemeente Noordoostpolder heeft een bodemkwaliteitskaart en een bodemfunctieklassenkaart. Deze kaarten zijn opgenomen in de Nota Bodembeheer. In paragraaf 5.9 wordt nader op dit aspect ingegaan. Er is geen sprake van strijdigheid.
Omgevingsplan (voorontwerp)
11
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
2.1.2.6
Bruidsschat
In de bruidsschat zijn verschillende regels opgenomen die relevant kunnen zijn voor een nieuwe ontwikkeling. De bruidsschat bevat voorrangsbepalingen en overgangsrecht, regels over bouwwerken, open erven en terreinen, regels over milieubelastende activiteiten, regels over aanleggen of wijzigen van wegen of spoorwegen zonder geluidproductieplafond en regels over gemeentelijke omgevingsvergunningen. Voor dit plan is er geen sprake van een specifieke strijdigheid met de Bruidsschat.
2.1.2.7
Voorbeschermingsregels
In het omgevingsplan kunnen rijks, provinciale- of gemeentelijke voorbeschermingsregels zijn opgenomen die betrekking hebben op de planlocatie en de omgevingsplanactiviteiten die met de ontwikkeling mogelijk worden gemaakt. Voorbeschermingsregels zijn tijdelijke regels die gelden voor een gebied dat mogelijk een beschermde status krijgt, zoals een monument, natuurgebied of archeologisch terrein. De ontwikkeling voorziet niet in omgevingsplanactiviteiten die strijdig zijn met de rijksprovinciale of gemeentelijke voorbeschermingsregels.
2.2
Toekomstige situatie
2.2.1 Ontwikkeling Het initiatief betreft de bouw van een arbeidsmigrantenpark met plaats voor 300 arbeidsmigranten aan de Nieuwlandseweg 6 te Luttelgeest ten behoeve van de paprikakwekerijen.
De huisvesting vindt plaats in meerdere gebouwen, zoals te zien is in het stedenbouwkundig ontwerp, zie figuur 2.5. Het stedenbouwkundig ontwerp gaat uit van 8 rijen huisjes, bestaande uit een rij van 3, een van 2 en een van 3 (3, 2 en 3). De rijtjes van drie bestaan uit 20 huisjes voor 2 personen, wat samen 40 personen kan huisvesten. Er zijn 6 van zulke rijtjes, wat optelt tot 120 huisjes die 240 personen kunnen huisvesten. De twee middelste rijtjes zijn iets korter en bestaan uit 16 huisjes voor 2 personen, wat samen 32 personen kan huisvesten. Deze twee samen kunnen 64 personen huisvesten.
In het voorste rijtje van 3 worden twee huisjes samengevoegd voor de beheerderswoning. In totaal zijn dus 150 huisjes bestemd voor arbeidsmigranten. Eén (dubbele) woning is bestemd voor de beheerder. Op deze wijze wordt huisvesting geboden aan 300 arbeidsmigranten en 1 beheerder.
De 150 stuks 2-persoonshuizen zijn voorzien van 2 slaapkamers en een woonkamer/keuken/badkamer. De oppervlakte bedraagt ca. 50 m2 per huisje. De huisjes worden per kamer verhuurd met gezamenlijk verbruik van woonkamer, keuken en badkamer. De hoogte van de huisjes met een met slaapkamer beneden bedraagt 3,20 meter. De hoogte van de huisjes met een slaapkamer boven bedraagt 6,0 meter. Het gaat om een zogenoemde 'beneden-bovenwoning', waarbij op de begane grond en op de verdieping een woning is, met entree op de begane grond. In figuur 2.6 is een impressie van de woningen weergegeven.
Er zijn twee huisjes met woonkamer en slaapkamers beneden (type A) en twee huisjes met woonkamer beneden en slaapkamers boven (type B). Omdat deze slaapkamers deels boven andere kamers zijn, zijn alle woonblokken van 4
12
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark huisjes met een gelijke hoogte.
Medewerkers komen met eigen auto, gezamenlijk in een auto en met openbaar vervoer naar de huisvestingslocatie. Vanaf de huisvestingslocatie naar het werk gaan (de meeste) personen op de fiets. Bij iedere slaapplaats zit daarom ook standaard een fiets als voorziening erbij en de meeste werklocaties zijn of op korte afstand (< 1 km) van de huisvesting aan de Nieuwlandseweg of op goed fietsbare afstand (< 3 km) aan de Baarloseweg. Op de tekening van het stedenbouwkundig plan is te zien dat er 4 separate fietsenbergingen worden gerealiseerd. Er worden verder circa 190 parkeerplaatsen gerealiseerd. Zie ook de memo Verkeer en parkeren, die als bijlage 14 aan deze onderbouwing is bijgevoegd.
De toekomstige woningen voldoen daarnaast aan de benodigde Bijna Energieneutrale Gebouwen-normen (BENG-normen), zoals opgenomen in bijlage 6 aan deze onderbouwing.
Figuur 2.5 Stedenbouwkundig ontwerp projectgebied (bron: Wubben Chan 2025)
Omgevingsplan (voorontwerp)
13
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Figuur 2.6 Impressie van de woningen (bron: Wubben Chan 2024) 2.2.2 Landschappelijke inpassing Door de ligging, ingeklemd door de bebouwing van de kassen en het bestaande complex met arbeidsmigrantenwoningen, en het feit dat de kassen licht nodig hebben (en hier opgaand groen niet wenselijk is) dient zorgvuldig gekeken te worden hoe deze locatie toch landschappelijk ingepast kan worden. In dit landschappelijk inpassingsplan passen we daar waar mogelijk opgaande beplanting toe, welke zal bestaan uit inheemse soorten, passend op zware kleigrond. Daarnaast wordt verwezen naar de landschappelijke principes voor de inpassing van de boerderijen in de Noordoostpolder. In figuur 2.7 is het schetsontwerp van de landschappelijke inpassing weergegeven. In bijlage 4 is het volledige landschappelijk inpassingsplan te vinden.
Er wordt een natuurlijke afscheiding gerealiseerd, bestaande uit een groenstrook en een aarden wal. De situatietekening van het terein is als bijlage 5 opgenomen. Op deze situatietekening is de ligging van de groenstrook en aarden wal aangegeven.
14
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Figuur 2.7 Schetsontwerp landschappelijke inpassing (bron: Rho Adviseurs, 2024)
Inheemse beplanting De bodem rond Luttelgeest bestaat uit kleigrond. De toe te passen beplanting zal hierop aansluiten en passend zijn bij het landschap ter plekke. Ook is het wenselijk om soorten te kiezen die een positief effect hebben op natuurlijke vijanden van plaagsoorten. Daar waar mogelijk worden bomen toegepast. Hierbij wordt rekening gehouden met de schaduwwerking op de kassen.
Noordoostpolder De boerderijen in de Noordoostpolder, en de erven van deze boerderijen, kenmerken zich door een robuuste erfbeplanting rondom de erven. De boerderijen liggen per 2 of 4 geclusterd aan een doorgaande weg. De erfbeplanting kenmerkt zich door een opening aan deze weg. Dit principe is, als verwijzing en knipoog naar de historie van de Noordoostpolder, doorgezet in het plangebied. Er is hierbij niet gekozen voor een opgaande, dichte brede beplantingsstrook met bomen en struiken, maar voor een gemengde haag van ongeveer 1 à 1.5 meter hoog. Dit principe wordt zowel bij de parkeerplaats als bij de woningen toegepast. Daarnaast worden lage haagjes (circa 0.5 m) toegepast. Toe te passen soorten zijn onder andere veldesdoorn, meidoorn, sleedoorn en hondsroos.
Kalenbergertocht en waterberging Het plangebied grenst aan de noord(west)zijde aan de Kalenbergertocht, een ongeveer 10 meter brede vaart, die bij Marknesse uitmondt in de Zwolse vaart. In overleg met Waterschap Zuiderzeeland is onderzocht of er mogelijkheden zijn om het talud van de tocht te verflauwen. Dit blijkt helaas niet mogelijk omdat het Waterschap een 5 meter brede onderhoudsstrook nodig heeft. Zo mogelijk worden oeverplanten aangeplant, en ook zal riet worden toegepast. Hierdoor zal de biodiversiteit in het gebied toenemen. In paragraaf 5.4 wordt nader ingegaan op de waterberging in het projectgebied.
Omgevingsplan (voorontwerp)
15
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Groenstroken en parkeerterrein Er zijn in totaal 7 groenstroken in het plangebied aanwezig. Elke strook krijgt een laagte (in verband met waterberging). Ook krijgt elke strook een picknicktafel en een lage haag rondom. Om te zorgen voor een goede afwatering worden de parkeervakken met grasbetonstenen ingericht. De paden op het terrein (ca 3.5 m breed) zijn zowel voor fiets-, wandel, step en incidenteel autoverkeer. Deze worden in klinkers aangelegd. Langs de kas wordt de weg (circa 5 meter breed) in asfalt aangelegd. Rondom het parkeerveld komt een hogere haag (zie landschappelijke inpassing). Ook worden hier zoveel mogelijk bomen toegevoegd.
2.3
Met omgevingsplan strijdige activiteiten
Het project is in strijd met het omgevingsplan op de volgende onderdelen; de beoogde ontwikkeling maakt de functie wonen - huisvesting arbeidsmigranten mogelijk; de beoogde ontwikkeling omvat de bouwactiviteiten voor 152 woningen met een bouwhoogte van 6.279 cm en een goothoogte van 3.279 cm.
16
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Hoofdstuk 3 Participatie De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie van belanghebbenden bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit. In dit hoofdstuk wordt daarom aandacht besteed aan dit onderdeel van het besluitvormingsproces.
3.1
Participatie omgeving
Voor het participatie traject is gekozen voor een uitvoering zoals aangegeven in de Participatieroute in Noordoostpolder, Van idee naar realisatie in 10 stappen van de gemeente Noordoostpolder. Het project vindt plaats binnen het eigen bedrijfsterrein, op afstand van de buren. Het project heeft een beperkte impact op de omgeving Het project heeft invloed op de samenleving en draagt bij aan het terugdringen van het woningentekort. Gezien deze punten is niveau 2 het passende participatie-niveau.
Per ondernomen activiteit is het participatielogboek ingevuld. Het participatielogboek geeft een duidelijke beschrijving van hoe de omgeving betrokken is bij het initiatief. Het participatielogboek is opgenomen als bijlage 2.
Alle omwonenden zijn per mail uitgenodigd voor een bijeenkomst op 21-10-2024. Hier zijn veel punten besproken. De buren waren positief over de plannen. Een uitgebreid verslag van deze bijeenkomst is opgenomen als bijlage bij het participatielogboek. Om aan te sluiten bij het stappenplan is ook het participatielogboek voor deze bijeenkomst van 21-10-2024 ingevuld en als bijlage opgenomen bij het participatielogboek.
Twee buurbewoners hebben naar aanleiding van het overleg van 21-10-2024 om extra overleg gevraagd en om een aanpassing van de plannen. Naar aanleiding van dit extra overleg (d.d. 26-11-2024 en 8-4-2025) zijn de plannen aangepast en zijn er aanvullende voorzieningen (groenstrook en aarden wal) in het plan opgenomen. Hiermee was voor hen ook het plan akkoord. De verslagen van deze overleggen zijn opgenomen als bijlage bij het participatielogboek.
Met dorpsbelang Luttelgeest en dorpsbelang Marknesse is een overleg geweest op 15-2025. Hier zijn de plannen van de huisvesting en de procedure voor de vergunningsaanvraag besproken. Uit dit gesprek kwamen geen wijzigingen naar voren en de afvaardiging was positief over de plannen. Een verslag van dit overleg is eveneens opgenomen als bijlage bij het participatielogboek.
3.2
Bestuurlijk vooroverleg
Bij de voorbereiding van deze omgevingsvergunning voor de BOPA zijn verschillende overlegpartners op de gebruikelijke wijze geconsulteerd. Het gaat dan om onder andere de provincie, het waterschap en de Veiligheidsregio Flevoland. In bijlage 3 zijn de overlegreacties bijgevoegd. De hoofdpunten zijn:
1. Wateradvies en procedure De aanvraag betreft het oprichten van een tweede locatie voor huisvesting van arbeidsmigranten (Nieuwlandseweg 6), met in totaal 600 personen verdeeld over twee parken. De normale procedure voor de weging van het waterbelang is van toepassing, vanwege de impact op de waterhuishouding. De beleidsthemas Voldoende water en Schoon water zijn relevant. Opmerking is relevant en verwerkt in de waterparagraaf (5.4 Water)
Omgevingsplan (voorontwerp)
17
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark De initiatiefnemer moet een aangepaste waterparagraaf en een aanmeldnotitie m.e.r. aanleveren voor een positief wateradvies. Hierin moeten onder andere de effecten op wateroverlast, oppervlaktewaterkwaliteit en afvalwaterafvoer worden uitgewerkt. Opmerking is relevant en verwerkt in de waterparagraaf (5.4 Water)
2. Provinciaal advies De provincie Flevoland geeft een positief advies voor het initiatief. Zij hebben hebben in dit stadium geen opmerkingen van provinciaal belang over dit initiatief en daarom geven zij een positief advies. Dit betekent dat, zover het de provincie betreft, de omgevingsvergunning voor de BOPA verleend kan worden. Op het moment dat er sprake is van een wijziging van de voorliggende BOPA dient deze alsnog aan de provincie te worden voorgelegd. Wij willen wel het volgende aan u kenbaar maken. Bij dit aan ons voorgelegde initiatief is, zoals in de haalbaarheidsfase aangegeven, het aspect stikstof van belang. Er is een nieuwe stikstofberekening gemaakt. Wij lezen daarin dat in de berekening van de stikstofdepositie (AERIUS-berekening) alleen is gekeken naar het effect van de toevoeging van de huisvestingslocatie voor arbeidsmigranten en niet naar de effecten van alle activiteiten van het gehele bedrijf Hoogweg Paprikakwekerijen. Het bedrijf dient in zijn geheel beoordeeld te worden. Reactie: Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 bestaat het inrichtingenbegrip, zoals dat in de Wet milieubeheer werd gehanteerd, niet meer. Het realiseren en gebruiken van de huisvestingslocatie voor arbeidsmigranten is een op zichzelf staande (milieu belastende) activiteit en kan onafhankelijk van de teeltactiviteiten van Hoogweg plaatsvinden.
De toekomstige bewoners zullen bovendien niet allemaal werkzaam zijn bij Hoogweg paprikakwekerijen, zodat ook hierom geen directe binding tussen de activiteit en Hoogweg aanwezig is. Om die reden is er geen stikstofberekening voor het gehele bedrijf nodig en is uitsluitend de gevraagde activiteit van belang. Bovenstaande is besproken met de provincie Flevoland en die laten weten dat de bovenstaande lijn wordt gedeeld. Dat betekent dat - in tegenstelling tot hetgeen in het advies van 30 juli 2025 wordt gesteld - geen aanvullende stikstofberekening hoeft op te stellen voor het gehele bedrijf. 3. Advies Omgevingsdienst Er zijn aandachtspunten rondom geluid: het is onduidelijk of de migrantenwoningen als geluidgevoelige gebouwen moeten worden beschouwd. Dit moet worden opgehelderd en gemotiveerd in de stukken. Opmerking is relevant en verwerkt in paragraaf 5.6 en 5.7 Het akoestisch onderzoek industriegeluid mist gegevens en een beschrijving van het geluidmodel, waardoor het niet volledig beoordeeld kan worden. De ontbrekende gegevens zijn opgenomen in het geluidmodel en het geluidmodel is gedeeld met de omgevingsdienst. Voor omgevingsveiligheid zijn de motivering en mer-beoordeling in orde, maar het onderwerp ontplofbare oorlogsresten moet elders worden behandeld en niet onder omgevingsveiligheid.
Opmerking is verwerkt in paragraaf 5.3 en ontplofbare oorlogsresten is verplaats naar paragraaf 5.10. Over luchtkwaliteit, geur en bodem zijn geen bezwaren; bodemkwaliteit vormt geen beperking voor de ontwikkeling. Ter kennisgeving aangenomen.
18
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Hoofdstuk 4 Beleid De verschillende overheden hebben beleidskaders die relevant zijn voor ontwikkelingen. In de hierna volgende paragrafen wordt de ontwikkeling aan deze beleidskaders getoetst.
4.1
Rijksbeleid
4.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Met de NOVI wordt richting gegeven aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende 30 jaar ingrijpend zullen veranderen. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo kunnen in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes worden gemaakt.
Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio's; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3.
Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. 4.1.2 Conclusie rijksbeleid De NOVI is van een dusdanig schaal- en abstractieniveau, dat er geen specifieke uitspraken uit volgen die voor deze ontwikkeling relevant zijn. De strekking, de omvang en de (tijdelijke) aard van de ontwikkeling staan de belangen uit de NOVI niet in de weg.
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1 Omgevingsvisie provincie Flevoland Algemeen De Omgevingsvisie FlevolandStraks geeft de langetermijnvisie van de provincie Flevoland op de toekomst van dit gebied. Het gaat over de periode tot 2030 en verder. Het geeft aan welke kansen, opgaven en uitdagingen er voor Flevoland liggen. Er zijn drie kernopgaven: het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving); krachtige Samenleving (sociaaleconomische omgeving); ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving).
Omgevingsplan (voorontwerp)
19
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Deze opgaven vormen de kern voor alle ontwikkelingen waar de provincie Flevoland bij betrokken is. Zowel voor de strategische opgaven uit de Omgevingsvisie, als andere vraagstukken van de provincie Flevoland. In de strategische opgaven staan de belangrijkste vraagstukken en ambities voor de toekomst beschreven. Het gaat om de volgende opgaven; duurzame Energie; regionale Kracht; circulaire Economie; landbouw: Meerdere Smaken. Toetsing De beoogde ontwikkeling gaat uit van het realiseren van een arbeidsmigrantenpark bij een paprika kwekerij. Hiermee wordt een investering gedaan in het economisch perspectief in het buitengebied en een bijdrage geleverd aan de voedselzekerheid in het gehele land. Gelet op vorenstaande sluit het voornemen goed aan bij de uitgangspunten van de Omgevingsvisie FlevolandStraks (specifiek Landbouw: Meerdere Smaken). 4.2.2 Omgevingsverordening provincie Flevoland Algemeen Elke provincie moet een Omgevingsverordening vaststellen waarin zij instructieregels kan opnemen voor andere bestuursorganen. In het Bkl staan instructieregels over de onderwerpen die in de provinciale omgevingsverordening moeten worden opgenomen. Deze instructieregels kan de provincie in haar verordening uitwerken naar direct werkende regels.
De provincie kan er ook voor kiezen om de uitwerking van haar beleid met een instructieregel aan de gemeente door te leggen naar regels in het omgevingsplan.
De provincie Flevoland heeft in haar Omgevingsverordening in totaal zeven instructieregels opgenomen die van toepassing zijn op het omgevingsplan van de gemeente Noordoostpolder: stiltegebieden; grondwater (waaronder brijnwater); windmolens; zonne-energie; Natuurnetwerk Nederland; geitenhouderijen; schaliegas. Toetsing Geen van de zeven instructieregels is relevant voor deze ontwikkeling. Het projectgebied valt niet binnen de specifieke gebieden en richt zich niet op dergelijke activiteiten. 4.2.3 Flevolandse Programma Landelijk Gebied (FPLG) Algemeen Het FPLG is de regionale invulling van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Hierin staan alle kaders en doelen beschreven waaraan het provinciale gebiedsprogramma moet voldoen als het gaat om natuur, stikstof, water, bodem en klimaat. Ook in Flevoland hebben intensief land- en watergebruik en de verandering van het klimaat een grote weerslag hebben op de kwaliteit van de natuur, de bodem, ons drinkwater en de lucht. Daarom ligt in het FPLG de nadruk op toekomstbestendige landbouw en herstel van biodiversiteit. Tegelijk staat de provincie ook voor de belangen van de mensen die er
20
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark wonen en werken én voor de (internationale) betekenis die Flevoland heeft als landbouwen natuurgebied van wereldklasse. De balans die hiervoor nodig is, vraagt om intensieve samenwerking en kennisuitwisseling tussen alle gebiedspartners en de provincie.
Flevoland maakt werk van toekomstbestendige landbouw. Het landelijk beleid heeft dit in haar landbouwvisie samengevat in de term kringlooplandbouw. Samengevat richt zich dit op de volgende pijlers: 1. Een verbeterde sociaaleconomische positie van boeren (verdienvermogen, diversiteit). 2. Herstel en behoud van de omgevingskwaliteit (bodem, water, biodiversiteit). 3. Een robuust en weerbaar productiesysteem (klimaatrobuust, minder afhankelijk van niet-hernieuwbare bronnen). 4. Duurzaam voedselsysteem (gezonde voeding, voedselverspilling, materialenverspilling).
Toetsing De beoogde ontwikkeling van een arbeidsmigrantenpark draagt bij aan de diversiteit en internationale betekenis van Flevoland en haar belangen bij de mensen die wonen en werken op het gebied van landbouw. Uit de toetsing van hoofdstuk 5 blijkt verder dat er voldoende rekening wordt gehouden met het herstel en behoud van de benoemde omgevingskwaliteiten. Gelet op vorenstaande sluit het voornemen goed aan bij de Flevolandse Programma Landelijk Gebied. 4.2.4 Conclusie provinciaal beleid Geconcludeerd wordt dat de voorliggende ontwikkeling past binnen het provinciale beleid.
4.3
Gemeentelijk beleid
4.3.1 Omgevingsvisie Algemeen De omgevingsvisie is de routekaart naar de toekomst van Noordoostpolder, tot stand gekomen samen met inwoners die op verschillende manieren participeerden. De doelen tot 2050 staan beschreven in de drie kernopgaven: groei en bloei van dorpen en wijken; vitaal landelijk gebied; aantrekkelijke regio. Deze drie kernopgaven zijn vertaald naar veertien deelopgaven. Om de doelen in de omgevingsvisie te realiseren maakt de uitvoeringsagenda de deelopgaven concreet.
Ambities Kernopgave 1: Groei en bloei van dorpen en wijken De sociale kracht is van oorsprong sterk in de Noordoostpolder. Tegelijkertijd is er een woningbehoefte, staan voorzieningen onder druk en moet er blijvend worden gewerkt aan kansengelijkheid en perspectief voor alle inwoners. Hierom wordt ingezet op de menselijke maat: nieuwe woonbuurtjes, die zorgen voor versterking van bestaande en nieuwe voorzieningen, prettige omgangsvormen en individuele ontplooiing.
Kernopgave 2: Vitaal landelijk gebied
Omgevingsplan (voorontwerp)
21
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
De Noordoostpolder heeft van meet af aan ten dienste gestaan van de landbouw- en voedselproductie in de regio en het land. Tegelijkertijd spelen uitdagingen zoals bodemdaling, stikstofopgave en duurzame energieopwekking. Om deze reden wordt ruimte geboden voor (agrarisch) ondernemen, passend bij een goed en duurzaam woon- en leefklimaat, een gezond bodem- en watersysteem, een vitale natuur, het kenmerkende landschap en een aantrekkelijk recreatie- en toerismeaanbod.
Kernopgave 3: Aantrekkelijke regio De Noordoostpolder biedt veel voor huidige en toekomstige inwoners, voor ondernemers, voor bezoekers. Hierom wordt er gewerkt aan het bieden van voorwaarden en voorzieningen om een aantrekkelijke, toekomstbestendige en unieke regio te zijn.
Toetsing Het projectgebied ligt bij Luttelgeest en sluit aan bij de kernopgaven van de gemeente Noordoostpolder. De bouw van 150 woningen voor arbeidsmigranten draagt bij aan de woningbehoefte en de kansengelijkheid en perspectief voor alle inwoners. Daarnaast spelen de 300 arbeidsmigranten die gehuisvest kunnen worden een belangrijke rol in de landbouw en- voedselproductie van de Noordoostpolder. Uit hoofdstuk 5 blijkt dat de ontwikkeling geen negatieve impact heeft op de fysieke leefomgeving en past binnen het landschap. De beoogde ontwikkeling past binnen de omgevingsvisie van de gemeente Noordoostpolder. 4.3.2 Beleidsregel uiterlijk bouwwerken Algemeen De gemeente Noordoostpolder kiest voor het verminderen van eisen voor het uiterlijk van bouwwerken. Hoewel hierdoor bestuurlijk minder wordt gestuurd op esthetische kwaliteiten van bebouwing, is flankerend beleid nodig. De gemeente Noordoostpolder wil met de Beleidsregel Uiterlijk Bouwwerken sturen op het behoud en het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente.
De beleidsregel geldt voor de hele Noordoostpolder, maar spitst zich toe op een aantal specifieke gebieden en objecten. Daarnaast geldt voor sommige gebieden een beeldkwaliteitsplan, waarin eisen zijn gesteld voor het uiterlijk van bouwwerken in dat specifieke gebied, maar spitst zich toe op een aantal specifieke gebieden en objecten. Het kan zijn dat een toets aan uiterlijk van de bouwwerken noodzakelijk is of advies op beeldkwaliteit.
Bij ruimtelijke ontwikkelingen die niet gelegen zijn in de aanwezen gebieden, maar die wel een grote impact hebben op de omgeving kan de gemeenteraad een beeldkwaliteitsplan vaststellen voor dat gebied. Nu de gemeente voor grote gebieden geen specifieke regels stelt, zoals in het buitengebied, ligt het voor de hand dat het voorschrijven van een beeldkwaliteitsplan terughoudend wordt ingezet. Een beeldkwaliteitsplan kan worden ingezet bij in- en uitbreidingslocaties en entreegebieden.
Toetsing Het projectgebied ligt buiten de zones waar bouwwerken getoetst moeten worden. In figuur 4.1 staat het aangewezen gebied in Luttelgeest dat alleen de oude kern en niet het buitengebied omvat, waar het projectgebied zich bevindt. Verder zijn er geen regels of beeldkwaliteitsplan van toepassing op het projectgebied. Daarom geldt er geen welstand en is er geen esthetische toets vereist.
22
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Figuur 4.1 - Centrum en oude schil van Luttelgeest, roze toets uiterlijk van bouwwerken (bron: bijlage 4 beleidsregel uiterlijk bouwwerken, gemeente Noordoostpolder) 4.3.3 Beleidsregel huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder Algemeen De gemeente Noordoostpolder heeft op 30 maart 2024 de Beleidsregel huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder' vastgesteld. Het initiatief valt in de derde categorie, namelijk huisvesting voor 300 arbeidsmigranten. Van deze categorie worden maximaal 6 locaties mogelijk gemaakt in de Noordoostpolder (categorie grote locatie).
Deze maximalisatie betekent dat sommige huisvestings-categorieën schaars zijn. Daarom hanteert de gemeente specifieke verdelingsnormen. Als overheid creëert de gemeente een gelijk speelveld met voldoende mededingingsruimte voor potentiële gegadigden. Dit doen we door potentiële gegadigden expliciet in de gelegenheid te stellen om hun belangstelling voor arbeidsmigrantenhuisvesting kenbaar te maken door middel van het indienen van een formele aanvraag.
Het college van burgemeester en wethouders heeft op 22 april 2025 besloten dat het onderhavige initiatief aan de Nieuwlandseweg te Luttelgeest in aanmerking komt voor het vervolgtraject.
Toetsing De volledige toetsing aan de beleidsregel voor de huisvesting van arbeidsmigranten is opgenomen in bijlage 1. Hieruit is gebleken dat de beoogde ontwikkeling in lijn is met het vastgestelde beleid.
Omgevingsplan (voorontwerp)
23
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
4.3.4 Conclusie Geconcludeerd wordt dat de voorliggende ontwikkeling past binnen het gemeentelijk beleid.
24
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Hoofdstuk 5 Thema's van de fysieke leefomgeving 5.1
Algemeen
5.1.1 Beoordelingskader In dit hoofdstuk worden de gevolgen voor de fysieke leefomgeving beoordeeld. Een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit kan alleen worden vergund met het oog op een 'evenwichtige toedeling van functies aan locaties' (ETFAL).
Daarnaast zijn in het Bkl de volgende beoordelingsregels opgenomen: instructieregels rijk; instructieregels provincie; instructies rijk en instructies provincie; voorbereidingsbesluiten; projectbesluiten; maatwerkregel. De instructieregels van het Rijk staan in hoofdstuk 5 van het Bkl. Hieronder wordt de toetsing van het plan aan het beoordelingskader beschreven. Op de relevante onderdelen van het beoordelingskader wordt uitgebreider ingegaan.
5.1.2 Afweging instructiegels Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Voor de volgende thema's wordt in tabel 5.1 voor de ontwikkeling aangegeven of zij relevant zijn of niet:
Tabel 5.1: Instructieregels Bkl Thema
Afdelingen en paragrafen Bkl
Dienstenrichtlijn
§ 5.1.1. bepalingen artikel 5.1a.
Omgevingsveiligheid
§ 5.1.2. Waarborgen van de Ja, zie paragraaf 5.3 veiligheid
Water
§ 5.1.3. Beschermen van de Ja, zie paragraaf 5.4 waterbelangen
Luchtkwaliteit
§ 5.1.4.1. Kwaliteit van de Ja, zie paragraaf 5.5 buitenlucht
Geluid door activiteiten § 5.1.4.2. activiteiten
Relevant voor de ontwikkeling
Algemene Nee, het plan voorziet niet in (de huisvesting van) diensten anders dan diensten die als beroep of bedrijf aan huis worden uitgevoerd en binnen iedere reguliere woning zijn toegestaan.
Geluid
door Ja, zie paragraaf 5.6
Geluid door § 5.1.4.2a. Geluid door Ja, zie paragraaf 5.7 (spoor)wegen en wegen, spoorwegen en industrieterreinen industrieterreinen Geluid rond luchthavens § 5.1.4.3. luchthavens
Omgevingsplan (voorontwerp)
Geluid
rond Nee, de planlocatie ligt niet binnen de geluidcontour van een luchthaven.
25
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Trillingen Slagschaduw windturbines
§ 5.1.4.4. Trillingen
Ja, zie paragraaf 5.8
van § 5.1.4.4a. Slagschaduw van Nee, in de omgeving van de windturbines planlocatie komen geen windturbines voor.
Bodemkwaliteit
§ 5.1.4.5. Bodemkwaliteit
Ja, zie paragraaf 5.9
Geur
§ 5.1.4.6. Geur
Ja, zie paragraaf 5.11
Cultureel erfgoed § 5.1.5. Beschermen van Ja, zie paragraaf 5.12 (aardkunde, archeologie landschappelijke of en cultuurhistorie) stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed Landschappelijke kwaliteiten PKB-Waddenzee Waddengebied
§ 5.1.5. Beschermen van Nee, de planlocatie ligt niet Kust, landschappelijke of binnen of nabij de kust, en stedenbouwkundige waarden PKB-Waddenzee en en cultureel erfgoed Waddengebied
Ladder voor duurzame § 5.1.5.4. Ladder voor Ja, zie paragraaf 5.13 verstedelijking duurzame verstedelijking Nationale belangen § 5.1.6. Behoud van ruimte Nee, de ontwikkeling raakt geen binnen de fysieke voor toekomstige functies; nationale belangen. leefomgeving § 5.1.7. Behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten Aanwijzing § 5.1.7a. woningbouwcategorieën bouwwerken Toegankelijkheid openbare buitenruimte
Gebruik
van Ja, zie paragraaf 5.13
§ 5.1.8. Bevorderen van de Nee, de ontwikkeling heeft geen toegankelijkheid van de invloed op openbare buitenruimte. openbare buitenruimte voor personen
De omgevingsvergunning wordt geweigerd voor de aangevraagde omgevingsplanactiviteit als de omgevingsplanactiviteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond van een instructieregel tenzij ontheffing is verkregen van de instructieregel.
5.2
Mer-beoordeling
5.2.1 Instructieregels In Bijlage V van het Omgevingsbesluit (Ob) is aangegeven welke projecten in het kader van een omgevingsplan of buitenplanse omgevingsplanactiviteit project-merplichtig of mer-beoordelingsplichtig zijn. Plannen die zijn genoemd in kolom 1 zijn mer-plichtig als wordt voldaan aan de drempelwaarden uit kolom 2 en mer-beoordelingsplichtig in gevallen als genoemd in kolom 3. In kolom 4 staat aangegeven bij welk besluit de mer-(beoordelings)plicht geldt.
Voor mer-beoordelingsplichtige activiteiten moet worden onderzocht of deze aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben. De criteria om dit vast te stellen zijn genoemd in bijlage III van Richtlijn 2011/92/EU (richtlijn m.e.r.). Samengevat zijn dit de kenmerken van een plan, de locatie van een plan en soort en kenmerken van de verschillende milieueffecten.
26
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
De initiatiefnemer van een in Bijlage V aangewezen plan moet daarvan mededeling doen bij het bevoegd gezag, doorgaans het college van B&W. In die mededeling (de aanmeldingsnotitie) is een beschrijving van het plan, de locatie en de mogelijke milieueffecten opgenomen. Het bevoegd gezag beslist binnen zes weken of sprake is van aanzienlijke milieueffecten. 5.2.2 Toetsing De ontwikkeling waarvoor een omgevingsvergunning voor een BOPA wordt aangevraagd, betreft een activiteit uit kolom 1 van Bijlage V van het Ob en valt onder categorie J11 Stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen. Kolom 2 is daarbij niet van toepassing. Wel is kolom 3, gevallen waarin de mer-beoordelingsplicht geldt, van toepassing. Voor de ontwikkeling is een aanmeldingsnotitie opgesteld waaruit blijkt dat, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten, geen aanzienlijke milieugevolgen optreden. De aanmeldnotitie is opgenomen in bijlage 8. 5.2.3 Conclusie De kenmerken van het 'stedelijk ontwikkelingsproject', de plaats van de beoogde ontwikkeling en de aard van de milieueffecten geven geen aanleiding om een mer-procedure te doorlopen. Er worden geen belangrijke nadelige milieugevolgen verwacht.
5.3
Omgevingsveiligheid
5.3.1 Instructieregels De instructieregels met betrekking tot het waarborgen van de veiligheid in § 5.1.2 Bkl gaan in de eerste plaats over de veiligheidsrisico's van branden, rampen en crises (artikel 5.2). Deze zijn voor iedere ontwikkeling van belang. Voor deze risico's dient in een aanvraag voor een omgevingsvergunning rekening gehouden te worden met het belang van het voorkomen, beperken en bestrijden daarvan, de mogelijkheden voor personen om zich daarbij in veiligheid te brengen en de geneeskundige hulpverlening.
Daarnaast kunnen door een ontwikkeling veiligheidsrisico's ontstaan voor zogenaamde (zeer of beperkt) kwetsbare gebouwen en (beperkt) kwetsbare locaties (zie bijlage VI bij het Bkl hoe deze begrippen zijn gedefinieerd). Of dit zo is blijkt uit het Portaal Atlas Veiligheid.
Afhankelijk van het type gebouw of locatie zal de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico van een activiteit in acht genomen moeten worden of wordt rekening gehouden met een standaardwaarde voor het plaatsgebonden risico van een activiteit.
Daarnaast kennen activiteiten met een extern veiligheidsrisico een brand-, explosie- en/of een gifwolkaandachtsgebied. Bij het toelaten van kwetsbare gebouwen of locaties binnen een aandachtsgebied, zal moeten gekeken of een branden/of explosievoorschriftengebied moet worden vastgesteld. Tevens zal in deze gevallen rekening gehouden moeten worden met het groepsrisico.
Omgevingsplan (voorontwerp)
27
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
5.3.2 Toetsing Aan de hand van de veiligheidskaarten van de Atlas Leefomgeving is een inventarisatie verricht van risicobronnen in en rond het plangebied. Op deze kaarten staan meerdere soorten risico's, zoals ongevallen met brandbare, explosieve en giftige stoffen, grote branden of verstoring van de openbare orde. In figuur 5.1 is de veiligheidskaart weergegeven.
Figuur 5.1 - uitsnede veiligheidskaart met het projectgebied (blauw omlijnd) (bron: Atlas leefomgeving)
Hieruit blijkt dat er in de directe omgeving van het plangebied geen gevaarlijke stoffen worden vervoerd over de weg, het spoor, het water of door leidingen. Ook bevinden er zich geen risicovolle activiteiten in de nabijheid van het plangebied. Het plangebied ligt dan ook niet binnen een plaatsgebonden risicocontour of aandachtsgebied van een risicobron.
Wel bevinden zich aan de Nieuwlandsweg 1 (op circa 700 meter afstand van het plangebied) twee opslagtanks. Per tank wordt 230 m3 geogas opgeslagen. In het verleden is al een kwantitatieve risicoanalyse (QRA) uitgevoerd voor dit aardgasopslagsysteem. De uitkomst is dat deze tanks geen gevaar vormen. De QRA (d.d. 3 april 2023) is opgenomen als bijlage 9.
Een nadere verantwoording van het groepsrisico is op basis van bovenstaande niet aan de orde. Met de beoogde ontwikkeling worden tevens geen risicovolle activiteiten mogelijk gemaakt.
28
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
5.3.3 Conclusie In de directe omgeving van het plangebied worden geen gevaarlijke stoffen vervoerd over de weg, het spoor, het water of door leidingen. Ook bevinden er zich geen risicovolle activiteiten in de nabijheid van het plangebied. Het plangebied ligt niet binnen een plaatsgebonden risicocontour of aandachtsgebied van een risicobron. Met de beoogde ontwikkeling worden geen risicovolle activiteiten mogelijk gemaakt. Er is dan ook geen sprake van knelpunten ten aanzien van omgevingsveiligheid. Het aspect omgevingsveiligheid vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Aan de relevante instructieregels van het Bkl is voldaan.
5.4
Water
5.4.1 Algemeen Het watertoetsproces dat sinds november 2003 wettelijk verplicht is door de verankering in het Besluit op de ruimtelijke ordening, komt onder de Omgevingswet terug als 'Weging van het waterbelang'. De weging van het waterbelang is een proces dat ervoor zorgt dat bij alle ruimtelijke plannen de waterhuishouding voldoende toekomstbestendig is ingericht en alle waterbelangen gewogen worden. In de waterparagraaf van het ruimtelijk plan staat hoe er binnen het plan omgegaan wordt met de waterhuishouding. Uit de waterparagraaf blijkt de betrokkenheid van de waterbeheerder in het planproces en de wijze waarop het wateradvies van de waterbeheerder is meegenomen in de uitwerking van het plan. In deze afweging worden de gevolgen van het plan voor het beheer van het watersysteem aangegeven en de benodigde maatregelen bepaald voor een toekomstbestendige waterhuishouding, waarin onder andere aspecten als waterveiligheid, waterkwantiteit en waterkwaliteit geborgd zijn. Er zijn drie mogelijke procedures voor de weging van het waterbelang. De effecten van het plan op de waterhuishouding bepalen welke procedure geldt. Bij de procedure geen waterschapsbelang kan de weging volledig digitaal doorlopen worden. De korte procedure is voor ruimtelijke plannen met beperkte gevolgen voor de waterhuishouding.
De normale procedure is gericht op ruimtelijke plannen met relatief vergaande consequenties voor de waterhuishouding. Bij de korte en normale procedure is informeel vooroverleg met Waterschap Zuiderzeeland nodig. 5.4.2 Beleidskader De belangrijkste wet- en regelgeving en beleid op het gebied van water is hier samengevat opgenomen.
5.4.2.1
Internationaal
De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) heeft als doelstelling het bereiken van een goede ecologische en chemische toestand voor alle oppervlaktewaterlichamen en het beschermen en herstellen van alle grondwaterlichamen (verbinding infiltratie- en kwelgebieden).
5.4.2.2
Nationaal
Het rijksbeleid gaat over ruimte voor water, over het beheer van oppervlaktewater en grondwater, en verbetert ook de samenhang tussen waterbeleid en ruimtelijke ordening. Zo is de kern van Waterbeleid 21ste eeuw (WB21) dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. Hierin worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd: Vasthouden, bergen en afvoeren en Schoonhouden, scheiden en zuiveren. Omgevingsplan (voorontwerp)
29
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
De Omgevingswet vervangt vele wetten en gaat uit van een integrale benadering van alle aspecten van de fysieke leefomgeving, zoals ruimtelijke ordening, milieukwaliteit, natuur, bodem én water. Alle ambities en keuzes over het beheer, beschermen en benutten van de leefomgeving staan in omgevingsvisies en omgevingsplannen die gemeenten en provincies opstellen. Deze komen in de plaats van de bestaande structuurvisies en bestemmingsplannen. Belangrijk onderdeel van het ruimtelijk proces is de participatie van alle belanghebbenden.
De Waterwet stelt integraal waterbeheer op basis van de 'watersysteembenadering' centraal. Hierin zijn de verantwoordelijkheden in het oppervlaktewater- en grondwaterbeheer van Rijk, provincie, waterschappen en gemeenten vastgelegd. De Waterwet is nagenoeg geheel opgegaan in de Omgevingswet.
Het beleid dat in omgevingsvisies over water en ruimte is opgenomen worden door het Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten uitgewerkt in programma's. Hierin staan vastgestelde korte termijnmaatregelen om de gewenste kwaliteit van de fysieke leefomgeving te bereiken. Waar in de omgevingsvisie vooral een integrale benadering van belang is, richten programma's zich vaak op slechts één of enkele onderdelen van de fysieke leefomgeving. Centraal staat het werken aan schoon, veilig en voldoende water, dat klimaatadaptief en toekomstbestendig is.
5.4.2.3
Regionaal
De Noordoostpolder is gelegen binnen het plangebied van de Stroomgebiedsvisie Flevoland. In de watervisie voor 2015 wordt het plangebied aangeduid als een gebied met een vitaal watersysteem. Voor de gemeente Noordoostpolder zijn de wateropgaven onderverdeeld in een aantal generieke maatregelen en in de resterende wateropgave. De generieke maatregelen houden onder andere in: afvoerblokkering in natuurgebieden; vasthouden van water in natuurgebieden en landbouwgebied; realisatie van duurzame oevers. Oplossingsrichtingen voor de resterende wateropgave zijn onder andere bergen in open water en efficiënt uitmalen.
5.4.2.4
Waterschap Zuiderzeeland
Waterschappen nemen regels over waterstaatswerken op in de Waterschapsverordening. Hierin is aangegeven wat wel en niet mag bij waterkeringen en wateren, de zogenaamde waterstaatswerken. Ook bevat het regels over het beheer en onderhoud. Vanaf januari 2024 heeft deze de Keur en de Algemene regels bij de Keur vervangen.
In haar Watervisie verbindt Waterschap Zuiderzeeland waterthema's en maatschappelijke opgaven met elkaar. Hierin staan een waterrobuuste, klimaatbestendige inrichting centraal. Voor een gezonde en duurzame ontwikkeling van het gebied is het nodig om het natuurlijke systeem (bodem en water) en de ruimtelijke en economische ontwikkelingen met elkaar te verbinden in een gezamenlijke aanpak. Niet met maakbaarheid als vertrekpunt, maar toekomstbestendigheid. Het Waterbeheerprogramma 2022-2027 bevat de strategische en tactische doelen voor de komende planperiode en beschrijft op hoofdlijnen welke maatregelen het waterschap neemt om deze doelen te behalen. Het beheergebied wordt waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. Investeringen in het watersysteem zorgen ook in de toekomst
30
Omgevingsplan (voorontwerp)
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark voor voldoende water bij langdurige droogte én voldoende bescherming bij hoogwater.
5.4.2.5
Gemeente Noordoostpolder
De watervisie van de gemeente Noordoostpolder is opgenomen in het Stedelijk Waterplan Noordoostpolder (d.d. april 2006). Als aanvulling op dit plan hebben waterschap Zuiderzeeland en de gemeente Noordoostpolder een bestuurlijke 'Maatwerkovereenkomst stedelijk water' ondertekend. Hierin staan afspraken over de invulling van de gezamenlijke taakuitoefening voor het beheer en onderhoud van het stedelijk water. Waterschap Zuiderzeeland en de gemeente Noordoostpolder hebben begin 2019 samen het Watertakenplan Noordoostpolder 2019-2024 vastgesteld. 5.4.3 Situatie plangebied Voor deze ruimtelijke ontwikkeling is een digitale watertoets uitgevoerd. Zie bijlage 10. Er zijn drie mogelijke procedures voor de weging van het waterbelang. De effecten van het plan op de waterhuishouding bepalen welke procedure geldt. Bij de procedure geen waterschapsbelang kan de weging volledig digitaal doorlopen worden. De korte procedure is voor ruimtelijke plannen met beperkte gevolgen voor de waterhuishouding. De normale procedure is gericht op ruimtelijke plannen met relatief vergaande consequenties voor de waterhuishouding. Bij de korte en normale procedure is informeel vooroverleg met Waterschap Zuiderzeeland nodig. Voor het ruimtelijk plan zijn drie beleidsthemas van toepassing: Waterveiligheid, Voldoende water en Schoon water. Deze worden per beleidsthema nader uitgewerkt.
Op basis van inhoudelijke beoordeling van de ontwikkeling is de normale procedure van toepassing voor de weging van het waterbelang.
Thema waterveiligheid Het plangebied ligt niet in een beschermingszone van een primaire, regionale of overige waterkering. Voor deze onderdelen zijn geen uitgangspunten voor het thema veiligheid van toepassing.
Thema voldoende water Wateroverlast Streefbeeld: Het watersysteem, zowel in landelijk als in stedelijk gebied, is op orde. Het hele beheergebied voldoet aan de vastgestelde normen.
Uitgangspunten Het waterschap streeft naar een robuust watersysteem dat de effecten van toekomstige klimaatveranderingen en bodemdaling kan opvangen. De planontwikkeling is gelegen in een watersysteem dat voldoet aan de normering voor wateroverlast.
Het verharden van grond met bebouwing of bestrating leidt tot een versnelling van de afvoer van neerslag naar het watersysteem. Waar het verharde oppervlak als gevolg van een ruimtelijke ontwikkeling toeneemt, dienen compenserende maatregelen te worden genomen om piekafvoeren te verwerken. Afwenteling op omliggende gebieden wordt voorkomen en de bergingsruimte in het watersysteem blijft behouden.
Omgevingsplan (voorontwerp)
31
Omgevingsplan Luttelgeest Nieuwlandseweg arbeidsmigrantenpark
Het plangebied is gelegen in een peilgebied waarbij 4% van de netto toename aan verharding als open water moet worden gecompenseerd. Deze bergingsnorm geldt op grond van de Beleidsregel Compensatie toename verharding en versnelde afvoer.
Bij de hantering van de bergingsnorm gaat het om het benodigde oppervlak open water op streefpeil. Oplossingen voor eventuele waterhuishoudkundige problemen worden bij voorkeur in het eigen plangebied gevonden. Als dit niet mogelijk is, wordt dichtbij het projectgebied compensatie gezocht. Dit moet binnen hetzelfde peilgebied zijn of eventueel benedenstrooms. De compensatie wordt vóór aanleg van de verharding gerealiseerd. De reeds aanwezige ruimte voor berging mag niet afnemen.