CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

10.2 Bijlage 2 Motivering wijzigingen verordening Wmo 2022 def.pdf

Gemeenteraad 12 december 2022, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 10: Wijzigen Verordening maatschappelijke ondersteuning 20221.872 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 2 Motivering wijzigingen verordening Wmo Motivering algemeen Huishoudelijke ondersteuning De huishoudelijke ondersteuning bestaat uit twee categorieën. Dit zijn: 1. de maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning; 2. de maatwerkvoorziening ondersteuning bij regie/ zorg over het huishouden. De wasverzorging valt onder de maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning net als onder andere het zware en lichte huishoudelijke werk, zoals stofzuigen en dweilen. Zorgvuldig onderzoek Een maatwerkvoorziening voor de wasverzorging wordt ingezet wanneer duidelijk is dat de algemene voorziening wasservice onvoldoende compensatie biedt. Biedt de wasservice voldoende compensatie, dan worden de taken waarin de wasservice voorziet uit de maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning gehaald. Bestaande cliënten die het niet eens zijn met het niet opnieuw indiceren van hun maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning (zonder wasverzorging) kunnen bezwaar maken tegen het besluit. Uitgangspunt is dat de onderzoeken voorafgaand aan de beslissing om niet meer de taak wasverzorging als maatwerkvoorziening te indiceren zorgvuldig worden uitgevoerd. In de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Noordoostpolder wordt nader uitgewerkt wanneer de wasservice voldoende compensatie biedt, maar ook wanneer niet.

Wasservice Op 25 januari 2021 stelde de raad het Beleidsplan sociaal domein ‘Krachtig Noordoostpolder 2.0’ (hierna: Beleidsplan) vast. In dit Beleidsplan is als richtinggevend doel bij het leidinggevende principe ‘passende ondersteuning wie dat nodig heeft’ opgenomen dat meer inwoners gebruik maken van eigen kracht, het eigen netwerk en algemene voorzieningen. Hierdoor worden maatwerktrajecten voorkomen, zodat het aantal maatwerktrajecten afneemt of gelijk blijft. Op 13 september 2021 stelde de raad het Deelplan Wmo en Volksgezondheid 2.0 (hierna: Deelplan) vast. In dit Deelplan is het doel verder uitgewerkt. De raad heeft middels de vaststelling hiervan ingestemd met het versterken van deze eigen kracht door het realiseren van een algemene voorziening wasservice. In 2022 is gestart met het proces voor het realiseren van de algemene voorziening wasservice. Per 1 januari 2023 is een algemene voorziening wasservice beschikbaar. Met de huidige aanbieders van de maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning is de ontwikkeling van een algemene voorziening wasservice besproken. Doelgroep wasservice Een algemene voorziening is een voorliggend en volwaardig alternatief is voor een maatwerkvoorziening (TK 2013/14, 33 841, nr. 3, p. 34).

Algemene voorzieningen kunnen ook een belangrijke bijdrage leveren aan het meer inclusief maken van de samenleving, zodat inwoners met beperkingen zoveel mogelijk in staat worden gesteld om op gelijke voet te participeren. Een wasservice is daar een voorbeeld van (TK 2013/14, 33 841, nr. 34, p. 21). Bij het treffen van algemene voorzieningen mag het college rekening houden met bepaalde persoonskenmerken. Dat wil zeggen bestemd voor inwoners die aan een bepaalde toegangseis voldoen (TK 2013/14, 33 841, nr. 64, p. 60). De wasservice is bestemd voor cliënten van wie is vastgesteld dat zij niet zelf of met hulp van anderen in staat zijn tot de wasverzorging. De wasservice is niet bestemd voor verzekerden die in een instelling op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) wonen. De Wlz-instelling is namelijk verplicht om de wasverzorging voor de persoonlijke was (kleding) voor de bewoners te organiseren. Dat kan door de Wlz-instelling zelf worden gedaan maar ook door bijvoorbeeld een commerciële partij. Daar mag de Wlz-instelling een bijdrage voor vragen; in de praktijk gebeurt dat ook. Gaat het om een te hoge bijdrage, dan kan de verzekerde daarvoor een aanvraag om bijzondere bijstand indienen (CRVB:2012:BW7543). Verzekerden met een Wlz-indicatie die thuis wonen ontvangen de wasverzorging op grond van de Wlz.

Inhoud wasservice De wasservice bestaat uit: het ophalen van de was bij de client, het sorteren, wassen en drogen van de was op de locatie van de wasservice en het terugbrengen van de was. De was wordt opgevouwen maar niet gestreken. Dat is in overstemming met het te voeren beleid en de rechtspraak dat geen

1

indicatie voor een maatwerkvoorziening wordt afgegeven voor strijken, tenzij dat om gezondheidsredenen noodzakelijk is. In de afgelopen jaren heeft de jurisprudentie zich zodanig ontwikkeld dat strijkvrije kleding als algemeen gebruikelijke voorziening kan worden aangemerkt (CRVB:2019:2585, RBMNE:2020:1866). De taak strijken is uit de maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning gehaald. Het staat de inwoner vrij om de aanbieder van de wasservice te vragen de kleding te strijken (of te stomen). Deze kosten zijn voor rekening van de inwoner. Ingangsdatum wasservice De vraag of de algemene voorziening wasservice een geschikte oplossing is, onderzoekt de klantmanager Wmo nadat een cliënt zijn ondersteuningsvraag (opnieuw) heeft gemeld. Deze beoordeling wordt gedaan bij aanvragen die op of ná 1 januari 2023 worden ingediend. Het kan gaan om nieuwe cliënten (die nog geen maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning hebben) en cliënten waarvan de indicatie maatwerkvoorziening schoonmaakondersteuning afloopt en die om verlenging vragen van de indicatie. Evaluatie wasservice Van andere gemeenten vernemen we dat het voorkomt dat de inwoner geen gebruik maakt van de algemene voorziening wasservice, terwijl het wel een passende oplossing is. In de praktijk blijkt dat het netwerk van de cliënt de werkzaamheden rondom de wasverzorging oppakt, al dan met enige hulp van de cliënt zelf.

Zo wordt het opgelost in het netwerk en aldus op eigen kracht van cliënt. Dit sluit aan bij het beter benutten van eigen kracht en de inzet van het sociale netwerk zoals beschreven in het Beleidsplan en het Deelplan. Het gebruik van de wasservice wordt vanaf 2023 gemonitord en medio 2023 wordt de wasservice geëvalueerd. Overige wijzigingen Verordening Verder wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om een paar zaken te verduidelijken. De verordening wordt voor wat betreft beschermd wonen in overeenstemming gebracht met de nieuwe verordening van Almere, die bij mandaat het beschermd wonen en opvang uitvoert voor de regio. Cliënten die gebruik maken van 24-uurs maatschappelijke opvang zijn daarvoor een bijdrage in de kosten verschuldigd. Ook wordt het mogelijk gemaakt om een aanvraag mondeling te kunnen indienen. Motivering aanhef verordening Gelet op de invoering van een bijdrage in de kosten voor de wasservice is de bevoegdheidsgrondslag van artikel 2.1.4 van de Wmo 2015 toegevoegd. Motivering artikel I A (gewijzigd artikel 3.1) Artikel 4:1 van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat een aanvraag schriftelijk wordt ingediend, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Een verordening is zo’n wettelijk voorschrift. In de huidige verordening staat in het tweede lid van artikel 3.1 dat een ondertekend onderzoeksverslag als aanvraag wordt aangemerkt.

In de uitvoeringspraktijk is gebleken dat er situaties voorkomen op grond waarvan het wenselijk is om in de verordening ook de mogelijkheid te creëren om een aanvraag mondeling te kunnen doen. Genoemd wordt de situatie wanneer het volstrekt helder is dat er recht bestaat op de gevraagde maatwerkvoorziening en dat het moeten retourneren van een ondertekend onderzoeksverslag (lees: de aanvraag) tot verwarring over de verdere procedure kan leiden bij de cliënt. Motivering artikel I B (gewijzigd artikel 9.7) Artikel 2.1.3, tweede lid onderdeel b, van de Wmo 2015 bepaalt dat de verordening voorschrijft op welke wijze de hoogte van het persoonsgebonden budget wordt vastgesteld. Het huidige artikel 9.7 is strikt genomen onvoldoende concreet. In de regio is dan ook afgesproken om het bepaalde hieromtrent (zoveel als nodig) over te nemen uit de nieuwe verordening van de gemeente Almere. De gemeente Almere is gemandateerd voor het beslissen op aanvragen om beschermd wonen (zie ook art. 1.2 van de huidige verordening). Echter in juridische zin blijft Noordoostpolder verantwoordelijk voor verordeningsbepalingen die betrekking hebben op cliënten die in Noordoostpolder wonen en hun indicatie voor beschermd wonen wensen te ontvangen in de vorm van een persoonsgebonden budget.

Net als voor andere maatwerkvoorzieningen worden de tarieven opgenomen in het Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Noordoostpolder (hierna: Besluit).. Met het gewijzigde artikel 9.7 is een en ander op juiste wijze geborgd.

2

Motivering artikel I C (wijziging artikel 10.2) Bijdrage opvang (artikel 10.2, derde lid, nieuw) In de huidige verordening is opgenomen dat cliënten een bijdrage in de kosten verschuldigd zijn voor beschermd wonen. Deze bepaling is nog niet opgenomen voor de 24-uurs verblijfsvoorzieningen maatschappelijke opvang en wordt toegevoegd. Het gaat om cliënten die in Noordoostpolder één etmaal of langer gebruik maken van deze maatwerkvoorziening. Er is geen sprake van een wijziging van beleid maar de verordening wordt juridisch gezien in overstemming gebracht met de bestendige uitvoeringspraktijk en de nieuwe verordening van Almere. Motivering artikel I D (wijziging artikel 10.3) Kostprijs (art. 10.3, derde lid, nieuw) De verordening moet verder bepalen op welke wijze de kostprijs wordt berekend. Voor de algemene voorziening wasservice is dat ook van belang. Dit uit het oogpunt van rechtszekerheid voor inwoners. De bijdrage in de kosten die de inwoner verschuldigd is, mag niet meer bedragen dan de kostprijs. Daar is overigens geen sprake van omdat cliënten een bijdrage betalen die gebaseerd is op gebruikskosten voor de was die elk huishouden heeft. De kosten voor de was thuis vervallen en daarvoor in de plaats worden de kosten voor de was betaald aan de aanbieder die de was bij de cliënt ophaalt, buiten de deur uitvoert en weer terugbrengt.

De gemeente betaalt het overige deel van de kostprijs, de kosten van het vervoer (halen en brengen van de was) en de eenmalige opstartkosten en administratiekosten per cliënt die de aanbieder vraagt. Motivering artikel I E (nieuw artikel 10.5) Bijdrage wasservice (nieuw art. 10.5) Artikel 2.1.4 van de Wmo 2015 schrijft voor dat als de cliënt een bijdrage in de kosten voor een algemene voorziening verschuldigd is, dat in de verordening moet worden vastgelegd. Dat geldt ook voor de hoogte van die bijdrage, tenzij de verordening op objectieve wijze voorschrijft op grond waarvan de bijdrage in de kosten wordt bepaald. Dat is het geval bij de bijdrage voor de wasservice. De kosten voor wassen en drogen zijn gebaseerd op de Nibud prijzengids 2022-2023. Het Nibud is een onafhankelijk kennis- en adviescentrum op het gebied van huishoudfinanciën. Dat is ook de reden waarom gebruik mag worden gemaakt van een delegatiebepaling. Dat wil zeggen: in de verordening staat de opdracht aan het college om de Nibudbedragen vast te stellen in het Besluit. Dat maakt ook het doorvoeren van wijzigingen van die bedragen efficiënter; als daar aanleiding voor is. Want alle bedragen staan in het Besluit opgenomen.

Motivering artikel I F (gewijzigd artikel 15.2) In het huidige artikel 15.2 staat dat de indexering van bedragen wordt gedaan aan de hand van de prijsindex voor de gezinsconsumptie, zoals bepaald in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 (landelijk). In dat uitvoeringsbesluit wordt deze index voorgeschreven voor onder meer de inkomens- en vermogensnormen, maar het is niet verplicht om die index ook toe te passen voor de bedragen als bedoeld in artikel 15.2. De bedragen in het Besluit zijn gebaseerd op de verordening (delegatie). Verhoging of verlaging van die bedragen volgens de prijsindex voor de gezinsconsumptie is niet voor alle bedragen een juiste index. Voor diensten is het in ieder geval geen juiste index. Daarvoor is bijvoorbeeld de index Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling (OVA) meer geschikt. Ook voor bepaalde financiële tegemoetkomingen is de prijsindex voor de gezinsconsumptie niet geschikt. Daarom wordt de tekst aangepast en wordt volstaan met de bevoegdheid om bedragen te verhogen of verlagen. De toelichting bij dit artikel behoeft geen aanpassing. Artikel II Overgangsrecht De beoordeling of de algemene voorziening wasservice een passende oplossing is, geldt pas voor aanvragen die op of ná 1 januari 2023 zijn ingediend. Artikel III Inwerkingtreding Deze wijzigingsverordening treedt in werking op 1 januari 2023.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/1976/documents/32778