Toelichting vaststellingsversie Bestemmingsplan Sud Ie_12 jan 2022 - geanonimiseerd
Tekst van het document
Vaarwegen De Súd Ie komt in de toekomst in beheer en onderhoud bij de provincie. Daarom wenst de provincie bij alle werkzaamheden binnen de beheerstrook van 5 meter naast de vaarweg te worden betrokken.
47 (49)
Reactie:
Voor de planvorming en uitwerking is het Projectbureau Súd Ie ingesteld. In dit bureau is ook de provincie vertegenwoordigd. Voor de toekomstige overdracht van beheer en onderhoud naar de provincie is deze betrokkenheid een voordeel. Ook in de toekomst zullen we de provincie, als beheerder van de vaarweg, uiteraard blijven betrekken.
6.3 Van ontwerp naar vaststellingsversie Na het verwerken van de inspraak- en overlegreacties is het ontwerp van dit bestemmingsplan overeenkomstig afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode heeft eenieder zienswijzen kunnen indienen tegen het plan. De terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan Fietspad Súd Ie heeft plaatsgevonden van 21 oktober tot en met 1 december 2021. Dit conform artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Door 14 personen en instanties is gebruik gemaakt van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. De ingekomen zienswijzen zijn inhoudelijk beoordeeld en voor zover hier wijzigingen uit voortvloeien, zijn deze verwerkt in de plannen. In de Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen (bijlage 16) staat het verslag van de gemeentelijke reactie op de ingediende zienswijzen. Het plan is hiermee klaar voor vaststelling door de gemeenteraad, waarbij de raad de ingekomen zienswijze betrekt bij de besluitvorming. Het bestemmingsplan zal na de vaststelling weer zes weken ter inzage worden gelegd. Er is dan gelegenheid beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Na de beroepstermijn treedt het plan in werking en is onherroepelijk als er geen beroep wordt ingesteld.
Als er wel beroep wordt ingesteld wordt het plan pas na de uitspraak van de Raad van State onherroepelijk maar kan wel eerder in werking treden.
48 (49)
7
Uitvoerbaarheid
7.1 Financiële uitvoerbaarheid Bij een ontwikkeling moet de economische uitvoerbaarheid aangetoond worden. In dit kader kan worden gemeld dat het project wordt gefinancierd door gemeente in combinatie met een bijdrage van het Waddenfonds en ook vanuit de provinciale cofinanciering Waddenfonds. Met betrekking tot de ontwikkeling die dit bestemmingsplan mogelijk maakt, is het nodig gronden te verwerven. In dit verband heeft de gemeenteraad bij de beslissing over het voorkeurstracé van het fietspad de grondstrategie bepaald voor verwerving van de gronden langs minnelijke weg, met schadeloosstelling. Verder zijn er rij- en werkstroken nodig tijdens de aanleg. Deze stroken maken deel uit van dit bestemmingsplan. Ook voor deze stroken zijn contractuele afspraken met de eigenaren nodig. In de onderhandelingen wordt dit meegenomen. Naast de gemeente nemen meerdere partijen deel aan het project en de financiering. Partijen hebben middelen gereserveerd waarmee financiële dekking is geborgd. Ook de financiering van de compensatie van weidevogel- en/of ganzenfoerageergebied maakt hier deel van uit. Geen exploitatieplan Op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening dient voor gronden waar een bouwplan is voorgenomen een exploitatieplan te worden vastgesteld.
De voorgenomen aanleg van het fietspad en de recreatieve voorzieningen betreft geen bouwplan in de zin van het Besluit ruimtelijke ordening, zodat een exploitatieplan niet nodig is. Om deze reden wordt geen exploitatieplan vastgesteld. 7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Zoals te lezen is in het hoofdstuk beleid is de fietsverbinding Súd Ie een langgekoesterde wens. In hoofdstuk 2 is het belang van het fietspad voor de regio beschreven. Uit de communicatie voorafgaand aan de planvorming is gebleken dat er veel draagvlak in het gebied is voor de realisatie van de fietsverbinding Súd Ie tussen Dokkum en Oostmahorn aan het Lauwersmeer. Ook zijn er kritische geluiden van een aantal direct belanghebbenden die graag een iets aangepaste route zien op grotere afstand van hun woning, landbouwbedrijf of landbouwpercelen. In de aanloop naar het raadsbesluit over een voorkeurstracé voor het fietspad is afstemming gezocht met de direct belanghebbenden. In de weken voorafgaand aan de raadsbeslissing daarover zijn er veel vragen gesteld met een uitgebreide reactienota en bestuurlijke antwoorden richting betrokkenen. Dat communicatietraject heeft sindsdien bij de verdere planuitwerking door Programmabureau Súd Ie een vervolg gekregen.
Inzet hierbij is geweest het creëren van draagvlak bij partijen door constructief naar de mogelijkheden voor optimalisatie te kijken en naar maatwerkoplossingen te zoeken. Hieraan is concreet invulling gegeven bij de optimalisatie van tracédeel 4a, zoals beschreven in paragraaf 2.4 en in de Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen (bijlage 16).
49 (49)