Raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan Fietspad Súd Ie
Tekst van het document
Raadsvoorstel Voorstel aan de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân Jaartal + zaaknummer
: 2021 / Z319016-2021
Raadsvergadering d.d.
: 10 februari 2022 (It Debat 3 februari 2022)
Portefeuillehouder
: J. Boerema
Programma
: (4) Wurk, Bedriuw en Rekreaasje
Programmaonderdeel
: ‘een betere uitstraling als aantrekkelijke en gastvrije gemeente om te recreëren en te verblijven’
Naam opsteller
: J.D. Haagsma (E-mail: j.haagsma@noardeast-fryslan.nl)
Onderwerp
: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’.
Begrotingswijziging
: nee
Voorgesteld raadsbesluit 1. In te stemmen met de bijgevoegde en als zodanig gewaarmerkte ‘Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’ en de daarin voorgestelde bestemmingsplanwijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. 2. Het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ (NL.IMRO.1970.BpFietspadsudie-VA01) gewijzigd vast te stellen, met inachtneming van: a. de volgende wijzigingen als gevolg van een tweetal zienswijzen: o de verbinding tussen de Bergsmawei en de Súd Ie (gedeelte van deeltracé 4a), op de verbeelding te verplaatsen in westelijke richting en van dezelfde bestemmingen te voorzien; o de ‘oude’ verbinding (van het voorkeurstracé) - tussen de Bergsmawei en het punt langs de Súd Ie waar de hierbovengenoemde nieuwe verbinding bij de Súd Ie aankomt- van de verbeelding te verwijderen; o de bestemming Water, ter plaatse van het beoogde waterbelevingsstekje, eveneens in westelijke richting te verplaatsen op de verbeelding. b. de volgende ambtshalve wijzigingen: o kleine aanpassingen van bestemmings(plan)grenzen naar aanleiding van het Definitief Ontwerp; o de archeologische regels zijn in overeenstemming gebracht met de bepalingen uit de FAMKE door: ▪ in artikel 8 Waarde – Archeologie de oppervlakte genoemd in lid 8.2.1 te wijzigen in 2.500 m2; ▪ lid 8.3.2 onder d te wijzigen in: d. niet dieper gaan dan 0,30 m beneden het maaiveld; e.
een kleinere oppervlakte dan 2.500 m2 beslaan; ▪ een nieuw artikel 9 Waarde - Archeologie 2 toe te voegen ten behoeve van de verwachtingswaarde uit de Steentijd-Bronstijd, conform de FAMKE; ▪ de naamgeving van artikel 8 te wijzigen in Waarde – Archeologie 1; ▪ de artikelen 9 tot en met 14 te vernummeren tot 10 tot en met 15. 3. Voor het bestemmingsplan geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 Wro vast te stellen. Inleiding De gemeente Noardeast-Fryslân werkt sinds 2013 samen met de provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân binnen het uitvoeringsprogramma Súd Ie en Wetterfront Dokkum. Doel van het programma is het opwaarderen van recreatieve verbindingen in de regio om recreatie en toerisme gericht op cultuurhistorie, natuur, watersport en sportvisserij te bevorderen en ecologische en landschappelijke waarden te versterken. Het programma bestaat uit drie verschillende uitvoeringsfases, die elkaar beïnvloeden en versterken. De eerste twee fasen (o.a. het op diepte brengen vaarwater Súd Ie, het op hoogte brengen van bruggen en ecologische maatregelen) zijn inmiddels nagenoeg afgerond. Fase 3, de laatste fase, bestaat onder andere uit de volgende drie deelprojecten: 1. Een verhard fietspad als belevingsroute langs de vaarroute Súd Ie, tussen Oostmahorn (Lauwersmeer) en Dokkum. 2.
Een tweetal waterbelevingsstekjes voor de pleziervaart als ‘eilandjes’ in het water langs de oever van de Súd Ie. 1
3. Enkele lokale toeristische overstapplaatsen langs de vaarroute Súd Ie die het aantrekkelijk maken om, via aansluitende paden, de terpdorpen en het landschap te verkennen. (hierna tezamen: ‘Fietspad Súd Ie’). Ten behoeve van de realisatie van het fietspad langs de Súd Ie heeft adviesbureau Arcadis een tracéonderzoek uitgevoerd, dat geresulteerd heeft in een voorkeurstracé. Uw raad heeft in juni 2020 met dit voorkeurstracé ingestemd. De hierboven genoemde ontwikkelingen passen niet geheel binnen de vigerende bestemmingsplannen. Om de voorgenomen plannen juridisch-planologisch mogelijk te maken, dient daarom een nieuw bestemmingsplan te worden vastgesteld. Procedurele voorgeschiedenis - Voorontwerpfase Op 8 juni 2021 heeft het college ingestemd met een voorontwerpbestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ en dit vrijgegeven voor inspraak en wettelijk vooroverleg. Het college heeft uw raad per brief d.d. 9 juni 2021 hierover geïnformeerd. Het voorontwerpbestemmingsplan heeft van 17 juni tot en met 28 juli 2021 ter inzage gelegen voor inspraak. Tijdens de inspraakperiode is op 6 juli jl. een inloopmoment georganiseerd voor inwoners en belanghebbenden. Het voorontwerpplan is op 17 juni 2021 toegezonden de provincie Fryslân, de Brandweer en Wetterskip Fryslân.
- Ontwerpfase Op 12 oktober 2021 heeft het college ingestemd met het inspraakverslag en de beantwoording van de provinciale vooroverlegreactie. Tevens is ingestemd met het ontwerpbestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ en om dit in wettelijke procedure te brengen. Het college heeft uw raad per brief d.d. 15 oktober 2021 hierover geïnformeerd. Het ontwerplan heeft van 21 oktober tot en met 1 december 2021 ter inzage gelegen. Binnen die periode zijn 14 zienswijzen ontvangen. Beoogd effect Voorliggend raadvoorstel is gericht op de vaststelling en inwerkingtreding van het bestemmingsplan Fietspad Súd Ie, en vervolgens de uitvoering van het project. Deze ontwikkeling is concreet benoemd in het raadsprogramma 4 ‘Wurk, Bedriuw en Rekreaasje’. Met de realisatie van het fietspad langs de Súd Ie, de waterbelevingsstekjes en twee lokaal recreatieve overstappunten wordt de toeristische en recreatieve potentie van dit gebied met natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden benut. Het projecct geeft een verbetering van de recreatieve infrastructuur en een belangrijke bijdrage aan toeristische productontwikkeling. Argumenten 1.1. De zienswijzen op het ontwerp zijn betrokken bij de totstandkoming van het vast te stellen bestemmingsplan Het project en het fietspadtrace is zorgvuldig tot stand gekomen, in afstemming en overleg met betrokkenen.
De terinzagelegging van het voorontwerpplan (inspraak) en het ontwerpplan (zienswijzen) draagt bij aan verdere maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project. Tijdens de zienswijzeperiode van het ontwerpbestemmingsplan zijn 14 zienswijzen ingediend. De zienswijzen zijn in de ‘Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’ (bijlage 1)’ samengevat weergegeven en voorzien van een gemeentelijk standpunt. Twee zienswijzen geven aanleiding tot het wijzigen van het bestemmingsplan (zie argument 1.2). 1.2. Twee zienswijzen leiden in het kader van maatwerk tot een wijziging van het tracedeel Bergsmawei-Súd Ie ten opzichte van het voorkeurstracé Twee zienswijzen zijn ingebracht door eigenaren van een agrarisch erf met omliggende landerijen aan de Bergsmawei. Daarin wordt een concreet alternatief voor het tracedeel Bergsmawei-Súd Ie aangedragen. In de figuur hieronder is links het voorkeurstrace in het geheel weergegeven. Rechts is het gedeelte tussen de Bergsmawei en de Súd Ie weergegeven, met daarbij het voorkeurstracé in het geel en het ingebrachte alternatief in het blauw.
2
V 1.0
Het alternatief is aangevoerd vanuit het oogpunt dat dit de weidevogels ontziet. Het alternatief maakt geen inspanningen van indieners ongedaan zoals de aanleg van plas-drasgronden, nestbescherming en rustperiodes (verlate maaidatum). Door het aangedragen alternatief te hanteren zal de verstoring die uitgaat van het fietspad meer samenvallen met bestaande verstoring vanaf de Bergsmawei, waardoor de feitelijke verstoring minder zal toenemen. Het nieuw aan te leggen fietspad wordt met ongeveer een halve kilometer verminderd, en het oppervlakteverlies van landbouwgronden is ter plaatse minder ingrijpend. Sinds uw raadsbeslissing over het voorkeurstracé heeft verdere planuitwerking door Programmabureau Súd Ie plaatsgevonden en is de planologische procedure opgestart. Vanuit uw raad is daarbij opgeroepen tot een gemeentelijke inzet om verder draagvlak te creëren bij partijen door constructief naar de mogelijkheden voor optimalisatie te kijken en naar maatwerkoplossingen te zoeken. Dit echter altijd vanuit de oorspronkelijk doelstelling van het fietspad in relatie tot het Programma Súd Ie. Het voorgedragen alternatief is beschouwd vanuit de oorspronkelijke doelstelling van een fietspad als belevingsroute van de Súd Ie tussen de recreatieve speerpunten Dokkum en Oostmahorn/Lauwersmeer.
Het alternatief is in verband gebracht met de integrale beoordeling en afweging zoals die door Arcadis eerder heeft plaatsgevonden met betrekking tot het voorkeurstracé (zie bijlage 5 van de toelichting van het bestemmingsplan). Voor het effect op ecologie is een apart rapport door Arcadis opgesteld (zie bijlage 9 van de toelichting van het bestemmingsplan). Hieruit volgt dat het aangedragen alternatief leidt tot minder verstoring van goed weidevogelgebied, gelet op de verstoringsoppervlakte en waarnemingscijfers van weidevogels. Op basis van de integrale beoordeling kan worden geconcludeerd dat het aangedragen alternatief beter scoort ten opzichte van het eerder vastgestelde voorkeurstracé. De voordelen in de beoordelingsmatrix komen naar voren rondom ecologie, agrarisch grondgebruik, de financiën en het draagvlak van de eigenaren én omgeving. Het alternatief geeft daarmee invulling aan uw raadsoproep om daar waar mogelijk maatwerk toe te passen. De tracéwijziging betreft een planoptimalisatie en is zelf ingebracht door de grondeigenaren (van zowel een deel van het voorkeurstracédeel als van het alternatief). De tracéwijziging is procedureel in te voegen via een gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan. 1.3. Met de provincie zijn goede afspraken gemaakt op het gebied van ecologie De provincie Fryslân heeft per brief d.d. 29 november 2021 een zienswijze ingediend.
Verwezen wordt naar de ‘Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’. In de Verordening Romte van de Provincie Fryslân zijn beschermingsregimes opgenomen voor ‘weidevogelkansgebieden’ en ‘Natuur buiten de EHS’. De aanleg van het fietspad leidt tot aantasting en verstoring van deze gebieden. Binnen de Verordening Romte kan onder voorwaarden toch medewerking worden verleend, indien sprake is van een noodzakelijke ruimtelijke ingreep van openbaar belang. Dit is voor het project Fietspad Súd Ie nadrukkelijk het geval. Voorwaarden zijn dat de natuurwaarden worden afgewogen ten opzichte van de ruimtelijke ingreep, en dat de schade aan natuurwaarden door mitigerende maatregelen zoveel wordt beperkt als fysiek-ruimtelijk en wat betreft uitvoerbaarheid van de beoogde ontwikkeling redelijkerwijs mogelijk is. Bij een resterende aantasting en verstoring geldt voor de weidevogels een geldelijke compensatie door storting van een bedrag in een weidevogelfonds. Bij een resterende aantasting en verstoring van ‘Natuur buiten de EHS’ geldt dat dit zoveel is gecompenseerd als fysiekruimtelijk en wat betreft uitvoerbaarheid van de beoogde ontwikkeling redelijkerwijs mogelijk is.
3
V 1.0
De provincie stelt in haar zienswijze dat er overleg heeft plaatsgevonden tussen het projectbureau Súd le en de provincie, maar dat er naar de inzichten van de provincie nog wat meer helderheid dient te komen over de mitigerende en compenserende maatregelen en het te betalen compensatiebedrag in het kader van het Weidevogelkansgebied. Ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan en de binnenkomst van de provinciale zienswijze was het overleg over natuurcompensatie nog gaande. Dit overleg is voortgezet en inmiddels afgerond. Verwezen wordt naar de provinciale brief d.d. 21 december 2021 (bijlage 8 toelichting bestemmingsplan). De gevraagde helderheid is gegeven. Daarbij is rekening gehouden met de voorgenomen tracéwijziging (zie argument 1.2). Gemotiveerd is dat binnen de integrale belangenafweging van het project fietspad het natuurbelang zorgvuldig is meegewogen, en zoveel als redelijkerwijs mogelijk is gedaan om natuurverstoring te voorkomen, mitigeren of te compenseren. Voor wat betreft de compensatie van verstoring van natuur buiten de EHS is daarbij mede in ogenschouw genomen dat, als onderdeel van het Programma Súd Ie, natuuropgaven zijn uitgevoerd binnen en nabij de twee natuurgebieden buiten de EHS, de Aenjumer Kolken en de Jouswiersterpolder.
Er is daarmee overeenstemming bereikt met de provincie over de omvang van verstoring, de wijze van compenseren van natuur buiten de EHS en de financiële compensatie van verlies aan weidevogelareaal, groter dan 0,5 ha, zoals de provinciale verordening voorschrijft. De gemeente zal het financiële compensatiebedrag, voorafgaand aan vaststelling van het bestemmingsplan door de raad in het provinciaal weidevogelfonds storten. 1.4. Het bestemmingsplan is door middel van ambtshalve wijzigingen verder vervolmaakt. Het gaat om ambtshalve aanpassingen op de volgende onderwerpen: -
-
Ondergeschikte aanpassing bestemmings(plan)grenzen naar aanleiding van Definitief Ontwerp Het (technisch) ontwerp van het fietspad is doorontwikkeld tot definitief ontwerp. Deze concretiseringsslag heeft tot enkele kleine verschuivingen in de begrenzing van het tracé geleid. De begrenzing van de bestemmingen en de bestemmingsplangrens zijn hierop aangepast. Archeologie De archeologische regels zijn in overeenstemming gebracht met de bepalingen uit de FAMKE door: o in artikel 8 Waarde – Archeologie de oppervlakte genoemd in lid 8.2.1 te wijzigen in 2.500 m2; o lid 8.3.2 onder d te wijzigen in: d. niet dieper gaan dan 0,30 m beneden het maaiveld; e. een kleinere oppervlakte dan 2.500 m2 beslaan; o een nieuw artikel 9 Waarde - Archeologie 2 toe te voegen ten behoeve van de verwachtingswaarde uit de Steentijd-Bronstijd, conform de FAMKE; o de naamgeving van artikel 8 te wijzigen in Waarde – Archeologie 1; o de artikelen 9 tot en met 14 te vernummeren tot 10 tot en met 15. In het ontwerpbestemmingsplan was de archeologische dubbelbestemming enkel neergelegd op de locaties met een verwachtingswaarde waar een sloot zal worden gegraven. Na informeel overleg met de provincie is ervoor gekozen de twee dubbelbestemmingen op de gehele gronden van de betreffende verwachtingswaarden van FAMKE neer te leggen.
2.1. Het voorstel past binnen het gemeentelijk beleid en gemeentelijke doelen. Het project past binnen de regionale visie op Toerisme en Recreatie in Noordoost-Fryslân 2020-2030 (2019), wat onderdeel uitmaakt van de Agenda Netwerk Noordoost II (ANNO). Ook sluit het project naadloos aan op de regionale Waterrecreatievisie Noordoost Fryslân 2025 (2013) en de mobiliteitsvisie voor Noordoost-Fryslân (2020) (Ferbining). Het project voorziet in de realisatie van een recreatief fietspad langs een aantrekkelijke route. Het fietspad betreft een vitale schakel in het regionale fiets- en wandelroutenetwerk. Door het vergroten van de recreatieve routestructuren in de regio draagt het project bij aan een prettige leefomgeving en het welbevinden van inwoners. Het project draagt ook concreet bij aan een gemeentelijk kerndoel vanuit het raadsprogramma 4 ‘Wurk, Bedriuw en Rekreaasje’, namelijk ‘een betere uitstraling als aantrekkelijke en gastvrije gemeente om te recreëren en te verblijven’. Speerpunten daarbij zijn o.a. recreatieve infrastructuur en toeristische voorzieningen. Binnen dit kerndoel is de ‘uitvoering Sûd Ie 3e fase (route Dokkum-Lauwersmeer/Oostmahorn)’ als een concrete activiteit benoemd. Het fietspad Súd Ie zorgt voor een betere benutting van de recreatieve en toeristische potentie van het gebied tussen de recreatiespeerpunten Dokkum en het Lauwersmeer. 2.2.
Het voorstel past binnen rijks-, provinciaal, waterschapsbeleid Het project is in overeenstemming met verscheidene visie- en beleidsdocumenten en geldende wet- en regelgeving op deze (overheids)niveau’s. Nationale, provinciale en waterschapsbelangen worden geborgd in het bestemmingsplan.
4
V 1.0
2.3. Het ontwerpbestemmingsplan Fietspad Súd Ie voldoet aan een goede ruimtelijke ordening Het fietspadtracé is zorgvuldig na integrale afweging van alle betrokken belangen tot stand gekomen. Het project en het nu voorliggende gewijzigd vast te stellen bestemmingsplan (bijlage 2) kan op goede wijze worden verantwoord op basis van alle aspecten die betrekking hebben op ruimtelijke ordening. Voor ecologie gelden aanvullende argumenten (1.3 en 2.4) Op het gebied van maatschappelijke uitvoerbaarheid geldt een aandachtspunt (zie kanttekening 1.2). 2.4. Ecologisch gezien kan het Fietspad Súd Ie worden verantwoord Kortheidshalve wordt verwezen naar argument 1.3. Daarin is het fietspad verantwoord in relatie tot de verstoring op ‘weidevogelkansgebieden’ en ‘natuur buiten de EHS’ (Verordening Romte, provincie Fryslân). Aanvullend hieraan zijn de ganzenfourageergebieden (Wet natuurbescherming) van belang, die gekoppeld zijn aan de nabijgelegen Natura 2000-gebieden 'Lauwersmeer’ en ‘Waddenzee’. Door de aanleg en het gebruik van het fietspad Súd Ie zal verstoring van een gedeelte ganzenfoerageergebied plaatsvinden. Omdat er in principe voldoende alternatieve foerageergebieden voor ganzen en smienten in de omgeving aanwezig zijn, zijn er geen significant negatieve effecten op de Natura2000-instandhoudingsdoelen van deze soorten. Voor deze verstoring geldt geen verdere compensatieregeling.
Het is aan de provincie als bevoegd gezag om zo nodig ter compensatie nieuwe ganzenfoerageergebieden aan te wijzen. Qua soortenbescherming is in het eerder ecologisch onderzoek van Altenburg & Wymenga (A&W-rapport 20432, mei 2021) geconcludeerd dat de aanwezigheid van leefgebied van de beschermde Waterspitsmuis binnen het plangebied niet kon worden uitgesloten. Om die reden heeft Altenburg & Wymenga in december 2021 aanvullend onderzoek uitgevoerd naar de Waterspitsmuis. Hieruit is geconcludeerd dat het plangebied geen leefgebied vormt van de Waterspitsmuis. Daardoor ontstaat er geen conflict met de Wet natuurbescherming ten aanzien van deze soort. Voor wat betreft de overige soortenbescherming was in het onderzoek van mei 2021 al geconcludeerd dat er geen conflict is met de Wet natuurbescherming. 2.4. Het fietspad Súd Ie is verkeersveilig ingericht Sweco heeft in 2021 een quickscan uitgevoerd over een verkeersveilige inrichting van de recreatieve fietsverbinding die deels over bestaande paden en wegen loopt (bijlage 14 van de toelichting van het bestemmingsplan). Voor het thema verkeersveiligheid is met name de verkeersafwikkeling over de bestaande wegen en de kruisingen en aansluitingen van de fietspaden met wegen belangrijk.
Bestaande wegen die worden gebruikt, zijn de Esonbuorren, de Hjellingswei, de Weardwei, de Kleasterwei, de Keechsdyk, de Reidswal, de Bergsmawei, de Mellemawei, en de Tichelwei. In het ontwerp van het fietspad is rekening gehouden met een verkeerveilige situatie op het gehele tracé en met name op deze bestaande wegen, aansluitingen en kruisingen. Onderdeel van de ontwerp is dan ook de aanleg van vergevingsgezinde bermen, het verbeteren van zichtlijnen en de aanleg van passeerplaatsen en fietswachtplaatsen. De Saatsenbrêge wordt verhoogd zodat motorboten onder de brug door kunnen varen. Aan de zuidkant van de brug komt een paperclipconstructie zodat fietsers ongelijkvloers de brug kunnen kruisen. Op de Saatsenbrêge zelf wordt het fietsverkeer van het fietspad Súd Ie gescheiden van het wegverkeer door een geleiderail. Gelet op voorgaande heeft de aanleg van het fietspad geen negatief effect op de verkeers(veiligheids)-situatie en is het qua verkeersveiligheid te verantwoorden. 3.1. Het vaststellen van een exploitatieplan is niet noodzakelijk omdat het geen ‘bouwplan’ betreft. Op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening dient voor gronden waar een bouwplan is voorgenomen een exploitatieplan te worden vastgesteld.
De voorgenomen aanleg van het fietspad en de recreatieve voorzieningen betreft geen bouwplan in de zin van het Besluit ruimtelijke ordening, zodat een exploitatieplan niet nodig is. Om deze reden wordt geen exploitatieplan vastgesteld. Ten overvloede wordt opgemerkt dat het verhaal van exploitatiekosten niet aan de orde is c.q. anderszins verzekerd is doordat de gemeente tezamen met de andere partijen binnen het uitvoeringsprogramma Súd Ie het project ontwikkelt en uitvoert. Kanttekeningen en risico’s 1.1. Voorgestelde tracéalternatieven tussen Mellemawei – Súd Ie kunnen niet worden overgenomen Ook deze alternatieven zijn beschouwd vanuit de oorspronkelijke doelstelling van het fietspad als belevingsroute van de Súd Ie. De alternatieven zijn ook nu in verband gebracht met de integrale beoordeling en afweging zoals die door Arcadis eerder heeft plaatsgevonden met betrekking tot het voorkeurstracé. Zo is gekeken naar de effecten op ecologie en agrarisch grondgebruik en de recreatieve potentie. Op basis van die integrale beoordeling is gebleken dat de aangedragen alternatieven ongunstiger zijn dan het voorkeurstracé. De alternatieven doorsnijden weidevogelkans- en ganzenfoerageergebied over een grotere lengte dan het voorkeurstracé. Ook hebben de aangedragen alternatieven een negatiever effect op het agrarisch grondgebruik dan het voorkeurstracé.
Daarnaast is er geen draagvlak voor de alternatieven bij de 5
V 1.0
grondeigenaar en pachter. Hieruit blijkt dat integraal beschouwd de voorgedragen alternatieven met betrekking tot het tracédeel Mellemawei – Súd Ie niet wenselijker zijn ten opzichte van het vastgestelde voorkeurstracé. Bovenstaande geeft aan dat elk aangedragen alternatief zorgvuldig is beoordeeld aan de hand van de integrale criteria met betrekking tot het fietspadtracé. Elke specifieke situatie leidt daarbij tot een eigen integrale beoordeling, ten opzichte tot het voorkeurstracé. Precedentwerking naar aanleiding van de overgenomen tracéwijziging tussen Bergsmawei – Súd Ie (zie argument 1.2). is daardoor niet zonder meer aan de orde. 1.2. Er zal geen volledig draagvlak kunnen worden verkregen voor het project Dit blijkt onder andere uit de eerdere inspraak en uit de ontvangen zienswijzen. Betrokkenen (bijvoorbeeld grondeigenaren of omwonenden) zullen na gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan moeite blijven houden met het project. In dat verband kan beroep worden ingesteld tegen het vastgestelde bestemmingsplan. De gemeente heeft bij de bepaling van het fietspadtracé, de projectuitwerking en de inspraak en zienswijzeperiode zorgvuldig alle betrokken belangen met betrekking tot dit project in ogenschouw genomen en afgewogen. Daarbij kan helaas niet voor een ieder een bevredigend resultaat worden gegarandeerd. Financiën Het project is economisch uitvoerbaar.
Het project wordt gefinancierd door gemeente in combinatie met een bijdrage van het Waddenfonds en ook vanuit de provinciale cofinanciering Waddenfonds. De grondstrategie betreft verwerving van de gronden langs minnelijke weg ter voorkoming van onteigening, met volledige schadeloosstelling. Er is voldoende financiële dekking voor de uitvoering van het project. Vervolg en planning Ingeval van gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan volgt (minimaal 6 weken) na de vaststelling van het bestemmingsplan een kennisgeving van het gewijzigd vastgesteld bestemmingsplan ‘Fietspad Sud Ie’ in het huis-aan-huisblad en het gemeenteblad. Het gewijzigd vastgesteld bestemmingsplan ligt daarna 6 weken ter inzage met de mogelijkheid om beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen. Communicatie + Participatie - In de voorbereiding van het project is met betrokkenen (eigenaren, pachters, omwonenden) gesproken. Iedereen heeft tijdens de planologische procedure via inspraak op het voorontwerpbestemmingsplan en via een zienswijze op het ontwwerpbestemmingsplan kunnen reageren op het plan. Vanwege het aantal ingediende zienswijzen is op 3 februari 2022 in It Debat bespreking van het fietspadproject en -procedure geagendeerd, met ruimte voor inspraak van de indieners.
Op 10 februari 2022 volgt via It Beslút raadsbesluitvorming over de vaststelling van het bestemmingsplan. - De zienswijzen zullen worden betrokken bij de vaststelling van het bestemmingsplan door de raad. Indieners van zienswijzen zullen per brief worden voorzien van een gemeentelijke reactie en worden geïnformeerd over het raadsbesluit. - Ingeval van gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan krijgt de provincie na de vaststelling van het bestemmingsplan 6 weken de gelegenheid om te reageren op de aangebrachte wijzigingen. Daarna volgt een kennisgeving en terinzagelegging van 6 weken van het gewijzigd vastgesteld bestemmingsplan ‘Fietspad Sud Ie’ met de mogelijkheid om beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen. Bijlagen 1. Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’ 2. Bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ (NL.IMRO.1970.BpFietspadsudie-VA01) incl. bijbehorende bijlagen. Dokkum, 11 januari 2022 Burgemeester en wethouders van de gemeente Noardeast-Fryslân,
de secretaris, H.J.C.M Verbunt MBA
de burgemeester, mr. J.G. Kramer
6
V 1.0
Raadsbesluit 2021 / Z319016-2021
De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 11 januari 2022; gelet op het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening en de Algemene wet bestuursrecht; overwegende dat: • de gemeente Noardeast-Fryslân sinds 2013 samenwerkt met de provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân binnen het uitvoeringsprogramma Súd Ie en Wetterfront Dokkum; • doel van het programma het opwaarderen van recreatieve verbindingen in de regio is om recreatie en toerisme gericht op cultuurhistorie, natuur, watersport en sportvisserij te bevorderen en ecologische en landschappelijke waarden te versterken; • het programma bestaat uit drie verschillende uitvoeringsfases, die elkaar beïnvloeden en versterken; • de eerste twee fasen (o.a. het op diepte brengen vaarwater Súd Ie en ecologische maatregelen) inmiddels voor het grootste deel zijn afgerond; • fase 3, de laatste fase, onder andere bestaat uit de realisatie van een verhard fietspad langs de vaarroute Súd Ie, tussen Oostmahorn (Lauwersmeer) en Dokkum.
Daarnaast gaat het om de realisatie van twee waterbelevingsstekjes voor de pleziervaart, en twee lokale toeristische overstapplaatsen langs de vaarroute Súd Ie; • ten behoeve van de realisatie van het fietspad langs de Súd Ie door adviesbureau Arcadis een tracéonderzoek is uitgevoerd, dat geresulteerd heeft in een voorkeurstracé; • de gemeenteraad van Noardeast-Fryslân op 4 juni 2020 met dit voorkeurstracé heeft ingestemd; • de hierboven genoemde ontwikkeling met betrekking tot het fietspad, de waterbelevingsstekjes en de lokale toeristische overstapplaatsen niet geheel past binnen de vigerende bestemmingsplannen; • om de voorgenomen ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk te maken, een nieuw bestemmingsplan dient te worden vastgesteld; • op 8 juni 2021 het college heeft ingestemd met een voorontwerpbestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ en dit vrij te geven voor inspraak en wettelijk vooroverleg; • het voorontwerpbestemmingsplan van 17 juni tot en met 28 juli 2021 ter inzage heeft gelegen voor inspraak. Tijdens de inspraakperiode is op 6 juli jl. een inloopmoment georganiseerd voor inwoners en belanghebbenden.
Het voorontwerpplan is op 17 juni 2021 toegezonden de provincie Fryslân, de Brandweer en Wetterskip Fryslân; • de inspraak en het wettelijk vooroverleg niet heeft geleid tot een essentiële wijziging van het voorontwerpplan; • het college op 12 oktober 2021 heeft ingestemd met het ontwerpbestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ (NL.IMRO.1970.BpFietspadsudie-ON01); • het ontwerpbestemmingsplan van 21 oktober tot en met 1 december 2021 ter inzage heeft gelegen en gedurende deze termijn het voor een ieder mogelijk was een zienswijze in te dienen; • er gedurende bovengenoemde terinzagetermijn 14 zienswijzen zijn binnengekomen; • de zienswijzen in de ‘Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’ (bijlage)’ samengevat zijn weergegeven en voorzien van een gemeentelijk standpunt; • dat er als gevolg van twee zienswijzen aanleiding ontstaat om wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan door te voeren; • dat er tevens aanleiding is om ambtshalve wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan door te voeren; • bij de vaststelling van het bestemmingsplan voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van de ondergrond ‘basisregistratie grootschalige topografie (BGT)’ 2021-10-04; • het plan geen ‘bouwplan’ ex art. 6.2.1. Besluit ruimtelijke ordening betreft en daarnaast het kostenverhaal anders verzekerd is;
7
V 1.0
Besluit: 1. In te stemmen met de bijgevoegde en als zodanig gewaarmerkte ‘Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’ en de daarin voorgestelde wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. 2. Het bestemmingsplan ‘Fietspad Súd Ie’ (NL.IMRO.1970.BpFietspadsudie-VA01) gewijzigd vast te stellen, met inachtneming van: a. de volgende wijzigingen als gevolg van een tweetal zienswijzen: o de verbinding tussen de Bergsmawei en de Súd Ie (gedeelte van deeltracé 4a), op de verbeelding te verplaatsen in westelijke richting en van dezelfde bestemmingen te voorzien; o de ‘oude’ verbinding (van het voorkeurstracé) - tussen de Bergsmawei en het punt langs de Súd Ie waar de hierbovengenoemde nieuwe verbinding bij de Súd Ie aankomt- van de verbeelding te verwijderen; o de bestemming Water, ter plaatse van het beoogde waterbelevingsstekje, eveneens in westelijke richting te verplaatsen op de verbeelding. b. de volgende ambtshalve wijzigingen: a. kleine aanpassingen van bestemmings(plan)grenzen naar aanleiding van het Definitief Ontwerp; b. de archeologische regels zijn in overeenstemming gebracht met de bepalingen uit de FAMKE door: ▪ in artikel 8 Waarde – Archeologie de oppervlakte genoemd in lid 8.2.1 te wijzigen in 2.500 m2; ▪ lid 8.3.2 onder d te wijzigen in: d. niet dieper gaan dan 0,30 m beneden het maaiveld; e.
een kleinere oppervlakte dan 2.500 m2 beslaan; ▪ een nieuw artikel 9 Waarde - Archeologie 2 toe te voegen ten behoeve van de verwachtingswaarde uit de Steentijd-Bronstijd, conform de FAMKE; ▪ de naamgeving van artikel 8 te wijzigen in Waarde – Archeologie 1; ▪ de artikelen 9 tot en met 14 te vernummeren tot 10 tot en met 15. 3. Voor het bestemmingsplan geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 Wro vast te stellen. Aldus besloten door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering d.d. 10 februari 2022. De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
Signed By: Dijkstra, Sytze <s.dijkstra@noardeast-fryslan.nl> {{Signer1}} 11/02/2022 13:36:42 CET
Signed By: Kramer, Johannes <j.kramer@noardeast-fryslan.nl> {{Signer2}} 11/02/2022 14:30:59 CET
ID: 37792363-0458-43db-9ed6-84dc7015e243 Auth: Scribble
ID: 37792363-0458-43db-9ed6-84dc7015e243 Auth: Scribble
mr. S.K. Dijkstra
mr. J.G. Kramer
Bijlage: gewaarmerkte ‘Nota van beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Fietspad Súd Ie’
8
V 1.0