Raadsvoorstel It Beslút 15 februari - Gevolgen inwerkingtreding Omgevingswet
Tekst van het document
Raadsvoorstel Voorstel aan de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân Jaartal + zaaknummer
: 2023 / 242140
Raadsvergadering d.d.
: 15 februari 2024
Portefeuillehouder
: Bert Koonstra
Programma
: (1) Ynwenner en Bestjoer en (5) Wenjen en Omjouwing
Programmaonderdeel
: 101.3; 503
Naam opsteller
: Wieteke Dijkman (E-mail: w.dijkman@noardeast-fryslan.nl)
Onderwerp
: Gevolgen inwerkingtreding Omgevingswet
Begrotingswijziging
: Ja
Voorgesteld raadsbesluit De benodigde financiële middelen voor gevolgen van de inwerkingtreding van de Omgevingswet uit de Algemene Reserve te dekken zijnde € 1.326.243. Inleiding Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. In de afgelopen jaren was het programma Invoering Omgevingswet erop gericht om op deze datum te voldoen aan de minimale eisen, zoals gesteld door de VNG in overleg met het Rijk. Nu we voldoen aan de minimale eisen, kunnen (en moeten) wij ons richten op de gevolgen van de inwerkingtreding van de Omgevingswet, te weten: 1. Implementatie zaaksysteem CLO; 2. Beleidscyclus Omgevingswet proof; 3. Voorbereiding transitiefase definitief omgevingsplan; 4. Beheersen van geluid door lokale wegen (BGE). Beoogd effect - Voldoen aan onze nieuwe wettelijke verplichtingen. - De dienstverlening op peil houden. - Uw raad in staat stellen om aan de hand van verzamelde gegevens te beoordelen of de doelen die worden gesteld in de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s worden behaald. Argumenten Wij vragen u middelen beschikbaar te stellen om de onderstaande werkzaamheden uit te kunnen voeren. De financiële vertaling van deze werkzaamheden staat in de financiële paragraaf. 1.1 Het zaaksysteem CLO moet verder ingericht worden om aan de wettelijke verplichte doorlooptijden te kunnen voldoen. De Omgevingswet introduceert het Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO).
In het DSO kunnen burgers en bedrijven aanvragen indienen voor omgevingsvergunningen. Bevoegd gezagen moeten hun systemen koppelen aan het digitale stelsel, zodat zij deze aanvragen kunnen ontvangen en afhandelen. Om aan deze verplichting te voldoen, heeft de gemeente de applicatie Centric Leefomgeving (CLO) aangeschaft. Op 1 januari 2024 kunnen we omgevingsvergunningen uit het DSO ontvangen en beschikkingen publiceren. We voldoen hiermee aan onze minimale wettelijke verplichtingen. Ook begint hiermee de daadwerkelijke implementatie van de applicatie in de werkprocessen. De inrichting van de applicatie moet geoptimaliseerd worden, de werkprocessen moeten aangepast worden, werkafspraken moeten op papier gezet worden en medewerkers moeten vertrouwd raken met de applicatie. Met als doel dat wij aan onze wettelijke verplichte doorlooptijden voldoen. Deze werkzaamheden zijn begroot onder de noemer Implementatie zaaksysteem CLO. 1.2 De instrumenten uit de Omgevingswet moeten op elkaar doorwerken. Om de Omgevingswet in de praktijk uit te voeren, heeft de gemeente 4 kerninstrumenten tot haar beschikking: de omgevingsvisie, het omgevingsprogramma, het omgevingsplan en de omgevingsvergunning. Het is de bedoeling dat deze kerninstrumenten op elkaar doorwerken. Om deze doorwerking te effectueren, moeten wij onze beleidscyclus optimaliseren. Wij moeten (1) nadrukkelijker 1
verbanden tussen doelstellingen en realisatie leggen en (2) data verzamelen om tijdig bij te kunnen sturen en plannen aan te kunnen passen aan veranderende omstandigheden. Dit laatste noemen we “monitoring”: het op systematische wijze gegevens verzamelen over de fysieke leefomgeving of onderdelen daarvan. Deze gegevens kan uw raad gebruiken om te beoordelen of de doelen die uw raad heeft gesteld, worden behaald. Het inrichten van “monitoring” is verplicht. Deze werkzaamheden zijn in de financiële paragraaf begroot onder de noemer Beleidscyclus Omgevingswet proof. 1.3 Omgevingsdocumenten moeten via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB) beschikbaar gesteld worden. De gemeente moet omgevingsdocumenten, zoals de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s, via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB)1. Hiervoor moeten omgevingsdocumenten voldoen aan verschillende eisen. Zo moeten de documenten voldoen aan nieuwe publicatiestandaarden en moeten omgevingsdocumenten machine leesbaar gemaakt worden. Deze werkzaamheden zijn in de financiële paragraaf begroot onder de noemer Beleidscyclus Omgevingswet proof. 1.4 De gemeente moet het tijdelijk omgevingsplan omzetten naar een definitief omgevingsplan. De bedoeling van de Omgevingswet is om de regels voor de ruimte waarin we wonen en werken eenvoudiger te maken.
Voor de gemeente betekent dit dat wij alle regels voor de fysieke leefomgeving bundelen in één omgevingsplan. Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, heeft iedere gemeente direct een omgevingsplan van rechtswege. We noemen dit het “tijdelijk” omgevingsplan. Dit plan bevat de huidige bestemmingsplannen, beheerverordeningen en een deel van de gemeentelijke verordeningen. Ook omvat het tijdelijk omgevingsplan ongeveer 600 regels voor activiteiten die eerder door het Rijk gereguleerd werden. In de wettelijk bepaalde transitiefase tot 2032 moet het tijdelijk omgevingsplan worden omgebouwd naar één omgevingsplan dat voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Deze werkzaamheden zijn in de financiële paragraaf begroot onder de noemer Transitie definitief omgevingsplan. 1.5 De gemeente moet het geluid door lokale wegen beheersen. Met het invoeren van de Omgevingswet wordt de basisgeluidemissie (BGE) geïntroduceerd. Hierdoor krijgen gemeenten de verplichting om het geluid door lokale wegen te beheersen. Om aan deze verplichting te voldoen, moeten wij voor lokale wegen de een basisgeluidemissie vastleggen. En vervolgens de ontwikkeling van het geluid monitoren. 2026 is het laatste zogenoemde basisjaar. In dat jaar moeten wij een basisstelling uitvoeren. Ter voorbereiding op deze basisstelling moeten een verkeersmodel en monitoringsmethodiek ontwikkeld worden.
Deze werkzaamheden zijn in de financiële paragraaf begroot onder de noemer Beheersen van geluid door lokale wegen (BGE). 1.6 De gevolgen van de Omgevingswet moeten geborgd worden in de P&C cyclus. De verwachting is dat werken onder de Omgevingswet consequenties heeft voor de benodigde formatie. De praktijk moet uitwijzen of dit daadwerkelijk zo is. Daarom vragen we nu incidentele formatie aan, en zullen we op basis van de ervaringen in het begin van 2024 via de reguliere P&C-cyclus van 2024 structurele aanvullende formatie aanvragen, indien nodig. Kanttekeningen en risico’s 1.1 Waarom zijn de middelen niet via de kadernota aangevraagd? In de voorgaande jaren heeft het programmateam Omgevingswet in kaart gebracht welke veranderingen als gevolg van de Wet doorgevoerd moesten worden. Waar mogelijk werden deze wijzigingen doorgevoerd, maar herhaaldelijk uitstel van de invoeringsdatum leidde ertoe dat ook de implementatie van deze veranderingen werd uitgesteld. Uiteindelijk werd de programmaorganisatie afgeschaald (zoals in veel gemeenten). In juli 2023 is een doorstart gemaakt met het programma Omgevingswet. Op dat moment lag de prioriteit bij het per 1 januari voldoen aan de minimale eisen. We hadden op dat moment nog onvoldoende zicht op de omvang van de opgave die ons na de inwerkingtredingsdatum te wachten stond.
1.2 Wat gebeurt er als het voorstel niet wordt aangenomen? Als het raadsvoorstel niet wordt aangenomen dan ▪ is de verwachting dat het dienstverleningsniveau omlaag gaat; ▪ lopen we het risico dat vergunningen niet binnen de gestelde termijn afgehandeld kunnen worden;
1 Via de LVBB komen omgevingsdocumenten automatisch terecht in het Omgevingsloket van het DSO.
2
V 1.0
▪ ▪ ▪ ▪ ▪
voldoen we niet aan de in de Omgevingswet vastgelegde verplichting om te monitoren of we de in de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s gestelde doelen bereiken; voldoen we niet aan de wettelijke verplichting om de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s conform de nieuwe digitale standaarden te publiceren; lopen we het risico dat wij niet tijdig (voor 2032) kunnen voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt met betrekking tot het omgevingsplan; lopen we het risico dat wij per 1 januari 2025 niet in staat zijn om via de nieuwe digitale standaarden omgevingsplan wijzigingen te kunnen publiceren, waardoor we dan geen wijzigingen meer ter inzage kunnen leggen of kunnen publiceren; lopen we het risico dat wij niet tijdig (voor 2026) kunnen voldoen aan onze wettelijke BGE verplichting.
Financiën Wij vragen u middelen beschikbaar te stellen voor gevolgen van de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden, zijn onderverdeeld in 4 onderwerpen. Per onderwerp zijn de benodigde middelen in kaart gebracht. Implementatie zaaksysteem CLO Personeelskosten* Ondersteuning door leverancier Centric Opleiden medewerkers Totaal
€ 230.741 € 27.750 € 10.000 € 268.491
Beleidscyclus Omgevingswet proof Personeelskosten* Monitoringsoftware Opleiden medewerkers Adviesbureau Totaal
€ 204.512 € 35.000 € 7.000 € 50.000 € 296.512
Transitie definitief omgevingsplan Personeelskosten* Inhuur Toepasbare regelanalist Ondersteuning adviesbureau Totaal
€ 430.920 € 50.000 € 100.000 € 580.920
Beheersen van geluid door lokale wegen (BGE) Opstellen verkeersmodel Aanvullende verkeersmetingen Geluidsbelasting kaart opstellen Personeelskosten* Totaal
€ 100.000 € 25.000 € 15.000 € 40.320 € 180.320
* De inzet wordt grotendeels gepleegd door interne mensen, om zo de kennis te borgen in de organisatie. Het genoemde budget bij personeelskosten wordt ingezet om tijdelijke capaciteit in te huren om de reguliere werkzaamheden doorgang te kunnen laten vinden.
Totaal gevraagd budget: € 1.326.243 In 2024 stelt het Rijk budget beschikbaar voor de gevolgen van de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Het is nog onbekend wat de hoogte is van dit bedrag. Daarom vragen we u € 1.326.243 beschikbaar te stellen vanuit de algemene reserve. Het budget dat we in 2024 verkrijgen via het gemeentefonds, zal terugvloeien in de algemene reserve. Het risico bestaat dat we minder vergoed krijgen, dan wordt voorgefinancierd uit de algemene reserve. Toelichting budget 2023 Het voor 2023 beschikbare budget is nagenoeg uitgenut. In de decembercirculaire 2023 heeft het Rijk nog € 495.000 beschikbaar gesteld aan de gemeente voor de Omgevingswet. Dit budget is ingezet om in de
3
V 1.0
maanden na de inwerkingtreding het dienstverleningsniveau op peil te houden. Gezien de omvang van de Omgevingswet en de beperkte gebruiksvriendelijkheid van het digitale stelsel, verwachten we na de inwerkingtreding van de Wet veel vragen. Vragen van initiatiefnemers, medewerkers en ketenpartners. Ook de Wkb is nieuw, en zal tot de nodige vragen leiden. Al deze veranderingen kunnen impact hebben op onze dienstverlening. Om deze impact te beperken richten we een team van experts in: het serviceteam. Het serviceteam is tijdelijk en wordt ingericht voor het eerste half jaar van 2024, of korter indien mogelijk. Het team heeft als opdracht de kennis van de uitwerkingen van Omgevingswet te borgen in de organisatie. Financiële consequenties Dit voorstel heeft het volgende effect voor de algemene reserve (maal € 1.000): Stand reserve Stand 1 januari Mutaties Mutatie Omgevingswet Stand per 31 december
2023 21.538 3.714 25.252
2024 25.252 -13.179 -1.326 10.747
2025 10.747 5.331
2026 16.078 -2.860
2027 13.218 -4.578
16.078
13.218
8.640
Vervolg en planning Wanneer u instemt met het beschikbaar stellen van de financiële middelen, worden de genoemde projecten ondergebracht in het programma Omgevingswet. Over de voortgang van het programma zullen wij u halfjaarlijks informeren middels een collegebrief. Ook via de reguliere P&C cyclus zal over het programma worden gerapporteerd. Daarnaast zullen per project, waar nodig, inhoudelijke besluiten aan u voor worden gelegd. Communicatie + Participatie De uit te voeren werkzaamheden zijn sterk intern gericht. Onze communicatie is gericht op de medewerkers, met als doel dat iedereen het werken onder de Omgevingswet volledig beheerst. Bijlagen 1. Roadmap CLO; 2. Plan van Aanpak Voorbereiding transitiefase definitief omgevingsplan; 3. Plan van Aanpak Beleidscyclus Omgevingswet proof; 4. Memo kostenraming BGE kaart (BGE). Dokkum, 16 januari 2024 Burgemeester en wethouders van de gemeente Noardeast-Fryslân,
de secretaris, H.J.C.M Verbunt MBA
de burgemeester, mr. J.G. Kramer
4
V 1.0
Raadsbesluit 2023 / 242140
De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 januari 2024; gelet op het bepaalde in de artikelen uit de: - Omgevingswet • Hoofdstuk 2 • Hoofdstuk 3 • Hoofdstuk 4 • Hoofdstuk 5 • Hoofdstuk 20 - Bkl •
artikel 3.27 lid 5;
Besluit: de benodigde financiële middelen voor gevolgen van de inwerkingtreding van de Omgevingswet uit de Algemene Reserve te dekken zijnde € 1.326.243.
Aldus besloten door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering d.d. 15 februari 2024. De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
{{Signer1}}
{{Signer2}}
mr. S.K. Dijkstra
mr. J.G. Kramer
5
V 1.0