Raadsvoorstel installatie raadsleden
Tekst van het document
Raadsvoorstel Voorstel aan de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân Jaartal + zaaknummer
: 2022-115022
Raadsvergadering d.d.
: 25 mei 2022
Portefeuillehouder
: J.G. Kramer
Programma
: (1) Ynwenner en Bestjoer
Programmaonderdeel
:-
Naam opsteller
: S.K. Dijkstra (E-mail: s.dijkstra@noardeast-fryslan.nl)
Onderwerp
: Installatie raadsleden
Begrotingswijziging
:-
Voorstel Op 14, 15 en 16 maart 2022 zijn de raadsleden voor de raad van Noardeast-Fryslân gekozen door de stemgerechtigde inwoners. Op 21 maart 2022 heeft het centraal stembureau de uitslag van de verkiezingen vastgesteld. Door de benoeming op 19 mei jl. van de raadsleden A.J. Soepboer, A. Koonstra, J.D. de Vries, S. Keizer en P.L. Braaksma tot wethouder, kunnen deze niet langer hun functie als raadslid uitoefenen. De functie van wethouder is niet verenigbaar met het raadslidmaatschap. De voorzitter van het centraal stembureau heeft ter vervanging dhr. J. Andringa te Dokkum, dhr. F. Breeuwsma te Dokkum, dhr. M. de Boer te Kollumersweach, dhr. J. Nutma te Dokkum en mevr. J.M. van Midlum-Huisman te Nijewier benoemd verklaard tot lid van de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân. Zij hebben alle vijf laten weten deze benoeming te aanvaarden. De raad dient in de raadsvergadering de geloofsbrieven van de benoemde leden te onderzoeken. Daarbij wordt nagegaan of de benoemden aan de vereisten voor het lidmaatschap voldoen en geen met het lidmaatschap onverenigbare betrekking vervullen. Op grond van het Reglement van Orde wordt hiertoe door de raad een commissie ingesteld bestaande uit drie leden van de raad. Voorgesteld wordt de volgende leden daarin te benoemen: mevr. E. Vellinga-Zeilstra, dhr. S.J. Vogelzang en dhr. J.H. Lammering.
Op basis van het onderzoek door die commissie dient de raad te beslissen of de benoemden als lid van de raad worden toegelaten. Alvorens de functie van raadslid te kunnen uitoefenen, dienen de benoemden in de raadsvergadering, in handen van de voorzitter, ten slotte de volgende eed of belofte af te leggen: "Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de raad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de raad naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!" (Dat verklaar en beloof ik!") Wanneer de eed (verklaring en belofte) in de Friese taal wordt afgelegd, luidt de tekst van de eed (verklaring en belofte) als volgt: “Ik swar (ferklearje) dat ik, om ta lid fan 'e rie beneamd te wurden, streekrjocht noch midlik, ûnder wat namme of wat ferlechje ek, hokker jefte of geunst dan ek jûn of ûnthjitten haw.
1
Ik swar (ferklearje en ûnthjit) dat ik, om eat yn dit amt te dwaan of te litten, streekrjocht noch midlik hokker geskink of hokker ûnthjit dan ek oannommen haw of oannimme sil. Ik swar (ûnthjit) dat ik trou wêze sil oan 'e Grûnwet, dat ik de wetten neikomme sil en dat ik myn plichten as lid fan 'e rie yn alle oprjochtens ferfolje sil. Sa wier helpe my God Almachtich!” (Dat ferklearje en ûnthjit ik!”).
Kollum, 23 mei 2022 De griffier van Noardeast-Fryslân, Dhr. mr. S.K. Dijkstra
2
V 1.0