Raadsvoorstel Geen Lachgasverbod in APV
Tekst van het document
Raadsvoorstel Voorstel aan de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân Jaartal + zaaknummer
: 2021 / Z312754-2021
Raadsvergadering d.d.
: 7 juli 2021
Portefeuillehouder
: J.G. Kramer
Programma
: (1) Ynwenner en bestjoer
Programmaonderdeel
: Feiligens
Naam opsteller
: B. Jager (E-mail: bernd.jager@noardeast-fryslân.nl)
Onderwerp
: Lachgasverbod APV
Begrotingswijziging
: ja
Voorgesteld raadsbesluit De raad wordt voorgesteld het volgende besluit te nemen: geen expliciet lachgasverbod-artikel op te nemen in de Algemene Plaatselijke Verordening. Inleiding Op 15 april 2021 heeft uw raad een motie aangenomen met betrekking tot een lachgasverbod. In deze motie wordt het college verzocht om initiatieven te nemen en plannen te ontwikkelen die op korte termijn leiden tot een lachgasverbod in de gemeente Noardeast-Fryslân. De raad verzoekt om daartoe een voorstel aan de gemeenteraad te presenteren voor het opnemen van een lachgasverbod in de APV. Tenslotte is het college verzocht om actief de schadelijke gevolgen van lachgasgebruik onder de aandacht te brengen via voorlichting, in samenwerking met scholen en jeugdwerk. Beoogd effect Met voorliggend voorstel wordt beoogd om de motie van de gemeenteraad af te handelen én de problematiek rondom lachgasgebruik in Noardeast-Fryslân aan te pakken. Argumenten 1.1. Het college herkent de problematiek In de motie is uitgebreid omschreven waarom er een lachgasverbod in de gemeente Noardeast-Fryslân zou moeten komen. Het college onderschrijft deze motivatie van harte. Ook in onze gemeente lijkt het gebruik van lachgas aan populariteit te winnen. Dit is onder meer terug te zien in het aantal overlastregistraties van de politie, waarbij lachgas een rol speelt.
Het afgelopen jaar zijn er vanuit de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) regelmatig berichten binnengekomen over de mogelijkheden om het oneigenlijk gebruik en de verkoop van lachgas aan te pakken. Uit de meest recente ledenbrief van 12 mei 2021 (bijlage I) blijkt onder meer dat een landelijk verbod m.b.t. lachgas niet eerder dan in het voorjaar van 2022 wordt verwacht. 1.2. Een expliciet lachgasverbod blijkt niet handhaafbaar Door zowel het uitblijven van landelijke besluitvorming als toename van de problematiek, heeft inmiddels ruim de helft van de Nederlandse gemeenten iets in de APV geregeld met betrekking tot een verbod op lachgas. Medio 2020 heeft de VNG de Nederlandse gemeenten dan ook voorzien van een voorbeeldartikel om oneigenlijk lachgasgebruik tegen te gaan (bijlage II). Echter, uit de meest recente VNG-ledenbrief blijkt dat het voorgestelde lachgasverbod in de APV stuit op diverse praktische handhavingsknelpunten, zoals problemen met de bewijsvoering en het ontbreken van een zgn. feitcode. Ofwel: er kan niet op worden gehandhaafd. De VNG heeft dan ook besloten om de voorbeeldbepaling alsnog te schrappen uit de model-APV en adviseert gemeenten deze bepaling ook uit de lokale APV te halen dan wel te houden. Er wordt echter wel een alternatief artikel voorgesteld om te kunnen handhaven op lachgas, namelijk de opname van een verbod op ‘openlijk drugsgebruik’. 1
1.3. Met reeds bestaand APV artikel kan per 1 juli 2021 handhavend worden opgetreden In artikel 2:74a van de APV van Noardeast-Fryslân is, conform de model-bepaling van de VNG, het volgende verbod opgenomen met betrekking tot ‘openlijk drugsgebruik’: “Het is verboden op of aan de weg, op een andere openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw middelen als bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen voorhanden te hebben.” Uit de recente VNG-ledenbrief blijkt dat bij “daarop gelijkende waar” kan worden gedacht aan middelen die al wel worden gebruikt, die nog niet op de lijsten van de Opiumwet voorkomen en waartegen wel moet worden opgetreden. Lachgas wordt hierbij expliciet als voorbeeld genoemd. Per 1 juli 2021 wordt er dan ook een feitcode opengesteld om op deze bepaling (in relatie tot lachgas) te handhaven. Het reeds in onze APV opgenomen verbod op openlijk drugsgebruik strekt dus ook tot het tegengaan van het gebruik van lachgas. Ofwel: het lachgasverbod waar de motie toe oproept staat al in onze APV. 1.4.
Voorlichting en preventie lachgasgebruik vindt reeds plaats Enkele jaren terug is door de toenmalige gemeenten, de politie en het voortgezet onderwijs in de regio het convenant ‘Mei fêste hân’ afgesloten. Binnen dit convenant werken de partners samen om onder schoolgaande jongeren het gebruik van alcohol en drugs en grensoverschrijdend gedrag tegen te gaan. Het gebruik van lachgas en de schadelijke gevolgen ervan maken onderdeel uit van de voorlichtingsactiviteiten die in het kader van ‘Mei fêste hân’ op de scholen worden gegeven. Ook bespreken het jongerenwerk en Verslavingszorg Noord Nederland dit regelmatig met jongeren. Kanttekeningen en risico’s 1.1. Er wordt geen expliciet besluit genomen Het besluit van verschillende gemeenteraden om een expliciet lachgasverbod op te nemen in de APV, heeft de afgelopen tijd geregeld tot lokale media-aandacht geleid. Dit versterkt de aandacht voor de problematiek en het bespreken hiervan onder bv. jongeren en met hun ouders. Het APV-verbod heeft hiermee dus ook een belangrijke preventieve werking. Het ‘uitblijven’ van een besluit om over te gaan tot een lachgasverbod (omdat dit er feitelijk al is) kan ervoor zorgen dat er niet / nauwelijks media-aandacht voor is.
Het college zal hierom de mogelijkheden verkennen om alsnog in communicatieve zin aandacht te besteden aan het verbod op openlijk drugsgebruik, met in het bijzonder het gebruik van lachgas. Financiën Niet van toepassing. Vervolg en planning De gemeenteraad zal in het najaar van 2021 door middel van een raadsbrief geïnformeerd worden over de voortgaan rondom de handhaving van het gebruik van lachgas. Communicatie + Participatie Gezien de constateringen en overwegingen uit uw motie, gaat de burgemeester spoedig in overleg met (onder andere) de politie om de handhaving van het openlijk drugsgebruik / lachgasverbod door te spreken. Hoewel uit de recente VNG-ledenbrief blijkt dat de handhaving van het lachgasverbod veel tijd van de politie in beslag neemt, is de inschatting dat op het niveau van onze plattelandsgemeente hier geen capaciteitsknelpunten in ontstaan. Bijlagen I. VNG ledenbrief 12 mei 2021 m.b.t. lachgas; II. Passage ledenbrief VNG 14 juli 2020 m.b.t. artikel lachgasverbod.
Dokkum, 8 juni 2021 Burgemeester en wethouders van de gemeente Noardeast-Fryslân, 2
V 1.0
de secretaris, H.J.C.M Verbunt MBA
de burgemeester, mr. J.G. Kramer
3
V 1.0
Raadsbesluit 2021 / Z312754-2021
De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 8 juni 2021; Besluit: geen expliciet lachgasverbod-artikel op te nemen in de Algemene Plaatselijke Verordening. Aldus besloten door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering d.d. 7 juli 2021. De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
Signed By: Dijkstra, Sytze <s.dijkstra@noardeast-fryslan.nl> {{Signer1}} 08/07/2021 14:56:31 CEST
Signed By: Kramer, Johannes <j.kramer@noardeast-fryslan.nl> {{Signer2}} 08/07/2021 18:09:12 CEST
ID: 1d955da8-6f46-44dc-a5ca-5fa678f60642 Auth: Scribble
ID: 1d955da8-6f46-44dc-a5ca-5fa678f60642 Auth: Scribble
mr. S.K. Dijkstra
mr. J.G. Kramer
4
V 1.0