Publiekssamenvatting - Transitievisie Warmte Noardeast-Fryslân
Tekst van het document
Samenvatting
1
Transitievisie Warmte
Gemeente Noardeast-Fryslân wordt in de toekomst aardgasvrij. Dat betekent dat woningen en andere gebouwen niet meer met aardgas worden verwarmd, maar op een duurzame manier. Dit past in het landelijk beleid (onder andere het Klimaatakkoord) om te zorgen voor minder uitstoot van het broeikasgas CO2 en klimaatverandering tegen te gaan. Daarnaast stopt de aardgasproductie in Groningen om aardbevingen tegen te gaan. Ook wil de Nederlandse overheid minder afhankelijk zijn van aardgas vanuit het buitenland. Deze overstap naar een aardgasvrije manier van verwarmen noemen we de warmtetransitie. Elke gemeente in Nederland maakt hiervoor uiterlijk in 2021 een plan: de Transitievisie Warmte. Voor u ligt de Transitievisie Warmte van de gemeente Noardeast-Fryslân. In deze visie beschrijven we wat de warmtetransitie inhoudt, wat de alternatieven voor aardgas zijn en hoe de warmtevraag en het warmteaanbod het beste op elkaar afgestemd kunnen worden in onze gemeente.
De opgave: een aardgasvrije gebouwde omgeving De Transitievisie Warmte gaat over de ‘gebouwde omgeving’. Dat zijn alle woningen, winkels, kantoren, scholen en andere gebouwen. In de gemeente Noardeast-Fryslân staan ongeveer 26.000 woningen en 3.300 andere gebouwen. Bij elkaar verbruiken we in de gemeente ruim 49 miljoen kubieke meter aardgas. Alle bestaande gebouwen in Noardeast-Fryslân moeten uiterlijk in 2050 aardgasvrij zijn.
Onze uitgangspunten Deze uitgangspunten staan voorop bij de warmtetransitie in Noardeast-Fryslân:
De eerste stappen: isoleren, ventileren en elektrisch koken Wat je niet gebruikt, hoef je ook niet op te wekken. Daarom is de eerste stap isoleren. Bovendien is isoleren vaak nodig om een woning of gebouw comfortabel zonder aardgas te verwarmen. In een geïsoleerd huis is goede ventilatie belangrijk voor een prettig klimaat. Tot slot is het ook nodig om over te stappen van koken op gas naar elektrisch koken om een woning aardgasvrij te maken. Op de volgende pagina staan voorbeelden van isolatiemaatregelen.
We streven naar een haalbare en betaalbare transitie: de gemeente streeft er naar de woonlasten neutraal te houden en geeft extra aandacht aan inwoners met een smalle beurs. We benutten de energie vanuit de Mienskip: eigen initiatieven worden vanuit de gemeente gestimuleerd en (financieel) ondersteund. Goede voorbeelden inspireren en helpen ons verder op weg. We haken aan op natuurlijke momenten: door aan te haken op natuurlijke momenten zoals een verhuizing of een verbouwing verminderen we de kosten en overlast van de overstap op een duurzame warmtebron. We werken samen met woningcorporaties: woningcorporaties zijn een belangrijke partner in de warmtetransitie. Doordat zij veel vergelijkbare woningen in hun bezit hebben kunnen we sneller een grotere stap zetten. Ook inspireren we hiermee andere woningeigenaren. We streven naar een zo optimaal mogelijke CO₂reductie: we streven naar oplossingen met de laagste kosten voor het besparen van een ton CO₂. We pakken de warmtetransitie stap voor stap aan: de eerste stap zijn ‘no-regret’ maatregelen*. Vervolgens bekijken we per stap welke technieken haalbaar en bewezen zijn om toe te passen. (*maatregelen die iedere inwoner kan zetten, zonder dat bekend is op welk duurzaam warmtealternatief de woning over gaat.) We werken samen met andere gemeenten en leren van elkaar: door samen te werken met andere gemeenten, o.a.
in het opstellen van de Transitievisiewarmte en in ANNO- en RESverband, besparen we kosten en leren we van elkaar.
Duurzame warmte: de opties Als de isolatie op orde is, kunnen we aan de slag met een alternatief voor verwarmen op aardgas. Er zijn verschillende oplossingen mogelijk, waarbij we onderscheid maken in drie soorten: ‘all-electric’ oplossingen, warmtenetten en duurzame gassen. Allelectric houdt in dat een woning of gebouw volledig elektrisch wordt verwarmd, bijvoorbeeld met een warmtepomp. Bij een warmtenet stroomt er warm water door buizen in de grond naar de woningen. Dit kan van een fabriek zijn (hoge temperatuur warmte), maar ook van bijvoorbeeld warmte uit het Lauwersmeer (lage temperatuur; in combinatie met een warmtepomp). Duurzaam of hernieuwbaar gas vraagt de minste aanpassingen in woningen, maar is in de vorm van groen gas of waterstofgas beperkt beschikbaar. Ook is een hybride oplossing mogelijk, waarbij een woning verwarmd wordt door een combinatie van een warmtepomp met een cv-ketel voor de koude winterdagen. De gemeente houdt in de gaten welke nieuwe technieken in de toekomst beschikbaar komen.
Welke mogelijkheden zien we in NoardeastFryslân? De bouwjaren van de woningen, de bouwdichtheid van een dorp of stad en de aanwezigheid van warmtebronnen bepalen welke oplossingen voor duurzame warmte in Noardeast Fryslân het meest voor de hand liggen. Aangezien de gemeente een relatief lage bouwdichtheid heeft, verwachten we dat veel woningen en andere gebouwen overgaan op individuele (‘all electric’ of hybride) technieken op lage temperatuur. Daarnaast zien we in Hallum, Kollum, Dokkum, Burdaard, Marrum en Oostmahorn verschillende kansen voor een laagtemperatuur warmtenet uit oppervlaktewater, afvalwater of restwarmte. In Oudwoude en Anjum zijn kansen voor een hoogtemperatuurwarmtenet. Tot slot zien we kansen voor groengas en kleinschalige collectieve oplossingen zoals warmtekoudeopslag (WKO) of bodemlussen.
Hoe en waar willen we starten? De warmtetransitie vindt niet van de één op de andere dag plaats. We doen dit gezamenlijk en op een zorgvuldige manier. Stap voor stap. Communiceren, informeren en samenwerken met inwoners en ondernemers staan hierin centraal. Daarnaast zetten we vol in op het isoleren van gebouwen. In Anjum en Dokkum liggen concrete kansen en aanknopingspunten om te starten met een (wijk)uitvoeringsplan (WUP).
In Anjum willen we starten omdat daar energie zit in de Mienskip, hier is al een energiecoöperatie actief. 2 Meerdere buurten in Dokkum zijn Transitievisie geschikt om Warmte te starten omdat de warmtetransitie hier relatief goed scoort op haalbaarheid en betaalbaarheid van de transitie. Daarom wijzen we deze twee gebieden aan als zogenoemde startbuurten. Dit betekent dat de gemeente samen met de inwoners en de belangrijkste partners, zoals de woningcorporaties, de communicatie en samenwerking (intensief) oppakt en onderzoekt wat de mogelijkheden zijn voor de verschillende duurzame warmtealternatieven. In de uitvoering van deze Transitievisie Warmte volgen wij drie sporen: Communicatie met inwoners en ondernemers, creëren bewustwording en activeren om zelf aan de slag te gaan Starten met een intensief communicatie- en participatieproces, onderzoeken en het opstellen van een WUP in Anjum en Dokkum Samenwerking tussen de partners: gemeente, netbeheerders, woningcorporaties, energiecoöperaties en belangenvertegenwoordigers
Wat als mijn wijk nog niet aan de beurt is? Wilt u zelf aan de slag met de voorbereidingen op een aardgasvrije woning? Isoleren en elektrisch koken zijn altijd goede stappen om te zetten. Maak daarbij gebruik van logische momenten. Kies bijvoorbeeld voor een inductie kookplaat als u toch uw keuken vervangt. En ga voor HR++/+++ glas als u toch kozijnen gaat schilderen of vervangen. Het Duurzaam Bouwloket informeert u over de mogelijkheden voor verduurzaming, de financiering hiervan en welke initiatieven er binnen de gemeente lopen. Ook kunt u via het Duurzaam Bouwloket gratis energieadvies aan huis aanvragen.
Verder werken aan een aardgasvrij Noardeast-Fryslân Deze Transitievisie Warmte is een eerste versie. Hiermee gaan we aan de slag om zoveel mogelijk woningen voldoende te isoleren. Daarbij benutten we ook instrumenten die landelijk ontwikkeld worden, zoals subsidies en financieringen. In de startbuurten gaan we in gesprek met inwoners en ondernemers en voeren we onderzoeken uit, zodat we samen een keuze kunnen maken welk alternatief voor aardgasvrij het beste is. Rond 2025 gaan we de Transitievisie actualiseren. Dan nemen we de geleerde lessen en nieuwe ontwikkelingen mee en maken we opnieuw de balans op.